You are on page 1of 3

practicum 3: Pleitnota

a. opening

Geachte rechter-commissaris,
Liefde het is prachtig, maar het maakt ook vele dingen stuk. Zo ook het
hart van mijn clint Niek. Hij werd op brute wijze geconfronteerd met het
feit dat zijn vriendin Aaf , waar hij nog dol verliefd en gelukkig mee is, een
ander op het oog had. Mijn clint kwam terug van zijn werkreis met een
cadeau voor zijn geliefde, echter voor het huis van zijn vriendin zag hij zijn
ergste nachtmerrie in werkelijkheid gaan. De impact van de gebeurtenis
was zo groot dat hij zeer woedend en gefrustreerd raakte en handelde
vanuit zijn gebroken hart en zeker niet vanuit zijn hoofd.
b. feit waarvoor voorlopige hechtenis wordt opgelegd
Het strafbare feit waarvoor vordering tot bewaring is gestart is poging tot
doodslag artikel 287 jo 45 Sr. Dit is een geval waar voorlopige hechtenis voor
openstaat in de zin van artikel 67 lid 1 sub a Sv. Aangezien het hier om een
misdrijf gaat waar de wet een gevangenis straf van 4 jaar of meer op stelt. Op
doodslag staat namelijk 15 jaar celstraf, de strafverminderende omstandigheid
poging doet het op dit moment er dan nog niet toe.
c. ernstige bezwaren
Ik ben me er van bewust dat er waarschijnlijk ernstige bezwaren zijn tegen mijn
clint Niek. Ernstige bezwaren in de zin van meer dan een redelijk vermoeden
van schuld dat mijn clint een vuist heeft uitgedeeld. Hiertoe strekken de
bewijsmaterialen zoals de aangifte van Carlos Viera, de getuigenverklaring van
Aaf Klein,de verklaring van mijn clint en het medisch rapport waaruit letsel
blijkt.
d. onderzoeksgevaar
Echter is er geen grond om voorlopige hechtenis toe te passen en dat zal ik
verder aantonen in het vervolg van mijn betoog. Gezien al de bewijzen die er al
verzameld zijn is er niet veel onderzoek meer nodig. Voorlopige hechtenis is dan
ook niet noodzakelijk om de waarheid aan de dag te brengen. En in de striktere
opvatting van het EHRM is er ook gen gevaar dat mijn clint het onderzoek zal
verstoren.
e. vluchtgevaar
Er zij geen omstandigheden waaruit blijkt dat mijn clint vluchtgevaarlijk is.
Sterker nog mijn clint heeft een huis en een baan waar ze hem niet kunnen
missen. Dit laat blijken dat er geen gevaar vluchten is, ook blijkt dit uit het
reclasseringsrapport

f. ernstig geschokte rechtsorde


Het EHRM oordeelt dat voorlopige hechtenis moet worden toegepast als er
public disorder zal ontstaan indien de verdachte vrij wordt gelaten. Mijn clint
wordt wel verdacht van een feit waarop 12 jaar gevangenisstraf staat,maar naast
dit feit moet er sprake zijn van een ernstig geschokte rechtsorde. Mijn clint is in
zijn buurt bekend als een hardwerkende jongen die sterk gemotiveerd is om
buiten de criminele wereld te blijven. Vrijlating van mijn clint zal dus zeker geen
ernstig geschokte rechtsorde opleveren.
g. gevaar voor nieuwe misdrijven
En ook aan de laatste grond is niet voldaan. Namelijk dat mijn clint een misdrijf
zal plegen waar een gevangenisstraf van 6 jaren of meer is gesteld of waardoor
de veiligheid van de Staat, personen of goederen in gevaar kan worden gebracht.
Mijn clint is nooit eerder veroordeeld voor een strafbaar feit. Mijn clint zal dus
niet zo snel zo een soort misdrijf plegen. Ook zal hij niet zoals het EHRM het
formuleert verder gaan met plegen van misdrijven. Zoals eerder gezegd
handelde mijn clint uit pure frustratie en was hij de controle even kwijt nadat hij
zijn vriendin , waarmee hij al 6 jaar een relatie had, met een andere man zag.
Mijn clint is dus zeker niet iemand die geregeld misdrijven pleegt en dat zo weer
zou doen. Mijn clint heeft ook geen strafblad en risicotaxatie laat zien dat
recidivegevaar erg laag is.
h. noodzakelijkheidstoets
Ik zie geen grond om voorlopige hechtenis toe te passen en ik vind dan dat daar
ook van afgezien moet worden. Maar zelfs als u meent dat er wel zeker een grond
is, is het dan wel noodzakelijk om mijn clint in voorlopige hechtenis te houden?
Is het dan zo noodzakelijk dat mijn clint niet kan werken bij het bedrijf dat hem
zo zeer nodig heeft en daarmee zijn baan kan verliezen.
i. subsidiariteit
Mocht u toch beslissen om over te gaan op voorlopige hechtenis, dan wil ik het
subsidiariteit beginsel naar boven brengen. Dit dwingt dat de minst ingrijpende
middelen moeten worden ingezet om een doel te bereiken. Hetzelfde doel als van
voorlopige hechtenis kan worden bereikt door mijn clint een contactverbod op te
leggen met mevrouw Klein en meneer Viera. Zo kan het bevel tot voorlopige
hechtenis worden geschorst zolang het contactverbod wordt nageleefd.
j. afsluitende conclusie
Kort samengevat zie ik dus geen grond voor voorlopige hechtenis en vind ik dat
ook niet noodzakelijk. Mocht u dat wel zien en op de beslissing over gaan om
voorlopige hechtenis toe te passen dan vraag ik u te overwegen om onder
bepaalde voorwaarden de voorlopige hechtenis te schorsen. Mijn clint is van
goede wil en bereid mee te werken aan een schikking. Hij wil het liefst naar huis
om zijn rust te krijgen en zijn verdriet te verwerken.