KWARTAALREFLECTIE WERKPLEKLEREN

Naam en klas
student:

Naam SLB:
Marion Steegh

Joost van
Ginhoven
PEH15DA
Stagegroep:

3a

Naam
Werkplekbegeleid
er:
Elise Davits

Datum:
11-04-2016

Werkplek (naam
school):
Wilakkers

Kritische reflectie
Met deze reflectie borduur ik voort op mijn persoonlijke leerdoel van het vorige kwartaal,
namelijk betrokkenheid creëeren onder de leerlingen. Ik heb de manier van betrokkenheid
bevorderen bij leerlingen in dezelfde lijn doorgetrokken als bij mijn vorige groep. In mijn lessen
heb ik steeds gezocht naar uitdagende of afwisselende elementen, en ik heb daar waar
mogelijk spelelementen toegepast. Ik ben pas later in deze opdracht op onderwijsdeskundige
Ferre Laevers en zijn theorieën gestuit. Hij is gespecialiseerd in betrokkenheid creëren bij
leerlingen. Welke factoren spelen mee, en hoe pak ik dit aan voor mijn groep 3? Samenwerken
is een groot onderdeel van de OGP3 opdracht. Hiervoor heb ik veel gebruik gemaakt van de
samenwerkingsovereenkomst van Dalton. Naast bovenstaand leerdoel wilde ik graag ervaring
opdoen in de onderbouw. Het lesgeven aan de jonge kinderen die nu in mijn klas zitten is een
behoorlijke uitdaging gebleken. Ik merk dat ik een tekort heb aan ervaring in de didactische
werkmethodes die men hanteert in deze leeftijd. Bij mijn eerste lessen raakte ik het overzicht
snel kwijt. De spanningsboog van deze leerlingen is duidelijk nog niet zo ver ontwikkeld en het
was lastig om de kinderen weer brains on te krijgen. Ik vind het moeilijk om een grip te krijgen
op deze leeftijdsgroep.
Ik heb bij de overdenking gebruik gemaakt van de theorie van Capelleveen (2006). Deze theorie
gaat over sociale vaardigheden en groepsprocessen bij kinderen. De ontwikkelingsfases van
kinderen staan in een schema verwerkt. Ik heb deze theorie ook kunnen combineren met het
aandachtspunt voor samenwerken wat in de opdracht van OGP3 een belangrijk onderdeel is.
Het voelde voor mij echter wel alsof ik in een hoek werd geduwd door de opdracht, om tot
samenwerken te komen.
Het meest trots ben ik op mijn les Taal Stellen. Doordat ik nu mijn lesvoorbereidingen ook al
invoer in Gynzy, de software van het Digibord, verliep deze les heel gestructureerd. Ik heb de
kinderen zelf in teams van twee een toverdrank laten verzinnen, uiteraard met voorbereide
werkbladen en gestuurd door mij. Ik heb veel afwisseling gebruikt, om de korte spanningsboog

steeds toch behouden en ben daarin ook geslaagd. De leerlingen waren van het begin tot het
eind betrokken en enthousiast.
Het moeilijkst was voor mij dit kwartaal de tijd en structuur. Ik ben in de opdrachten erg van het
tijdspad afgeweken. In de schoolkalender vielen 3 lesdagen uit, waardoor ik flinke tijdsdruk
voelde. Het behouden van structuur in combinatie met de tijdsdruk is een zware uitdaging
gebleken. Wat ik het meest lastig vond aan deze leeftijd, was het aanpassen van niveau en
mezelf begrijpelijk maken voor deze jonge leerlingen. Dit is ook mijn slb-er en
werkplekbegeleider opgevallen. Ik heb voor mijn gevoel meer tijd nodig om te schakelen van
lesgeven naar meer begeleiden van kinderen in hun leerproces, wat in groep 3 het geval is.
Kritische handelingen van de betreffende fase.
A.1 Bespreken van en omgaan met regels
2.1 fysiek en sociaal-emotioneel veilige leeromgeving
De student maakt zichtbaar welke regels er in de groep gelden en toont aan dat hij de regels
kan hanteren ten behoeve van het realiseren van een fysiek en sociaal-emotionele veilige
leeromgeving.
Er zijn standaard klassenregels. Voordat ik begin met een les, maak ik afspraken met de
leerlingen. Ik vraag op gezette momenten hun aandacht, zodat de les gestructureerd
verloopt. In de klas hebben we één leerling met gedragsproblemen. Voor hem zijn er
door de interne begeleider aparte regels opgesteld. Hiermee houd ik rekening als ik voor
de klas sta, of hem persoonlijk begeleid.
A.3 Leiding geven aan het groepsproces
1.1 Zicht op groepjes leerlingen
1.3 effectieve leerkrachtcommunicatie
De student toont aan dat hij samenwerkend/coöperatief leren tijdens de onderwijsactiviteiten
bevordert en laat expliciet zien dat hij kinderen aanspreekt op gedrag, hen positief stimuleert en
zicht houdt op alle groepjes leerlingen.
Ik heb in zoveel mogelijk lessen gebruik gemaakt van een vorm van samenwerkend
leren. Ik heb veel rondgelopen tijdens deze lessen en persoonlijke aandacht gegeven.
Volgens mijn werkplekbegeleider had ik wel wat vaker terug het overzicht moeten
houden, omdat sommige leerlingen afgeleid raken tijdens de les, en ik dat moment dan
mis.
A.4 Interactie aangaan met de groep
3.12 feedback aan leerlingen
De student toont aan dat hij vanuit een onderzoekende houding gesprekken voert met de
leerlingen door actief te luisteren. De student evalueert de onderwijsactiviteiten met kinderen en
hij geeft feedback aan leerlingen op het samenwerkingsproces en/of op de gestelde leerdoelen
(proces-en product).

Voordat de les begint besteed ik aandacht aan het onderwerp 'samenwerken' met de
leerlingen. Zo weten zij wat er van hen wordt verwacht, en verloopt het samenwerken
rustiger en beter. Achteraf evalueer ik met de leerlingen hoe de les is verlopen en hoe zij
het samenwerken hebben ervaren.
B.1 Leerdoelen stellen
3.4 passende leerinhouden vanuit leerlijnen
3.11 leerprocessen observeren en registreren
De student kiest in zijn lesontwerp voor passende leerdoelen (proces- en product) die
aansluiten bij leerlijnen en het bestaande onderwijsprogramma van de stagegroep. Voor elk,
aan dit OGP deelnemend, vak wordt tenminste één les ontworpen én uitgevoerd.
In mijn lesvoorbereidingen heb ik steeds rekening gehouden met de leerlijnen van Tule
SLO, passend bij mijn groep. De lesdoelen worden steeds met goed resultaat behaald
door de leerlingen tijdens mijn lessen. Ook heb ik gekeken hoe het proces van
samenwerking verliep tussen de leerlingen. Omdat ik veel heb rondgelopen heb ik hen
kunnen bijsturen daar waar nodig.
B.2 Leeractiviteiten ontwerpen
3.6 werkvormen en groeperingsvormen
4.5 leeromgeving inrichten
De student toont in het ontwerp aan dat hij coöperatieve werkvormen hanteert. De student
maakt zichtbaar dat hij voor aanvang van de lesactiviteiten benodigde materialen en
leermiddelen klaar zet.
Voor leerlingen in groep 3 is samenwerken nog redelijk nieuw. Het snel vormen van
groepjes voor het samenwerken is daarom soms een uitdaging. Er ontstaat snel onrust,
en leerlingen weten niet wat er van hen verwacht wordt. Ik zoek nog naar een manier
om dit sneller en soepeler te laten verlopen. In mijn lesvoorbereiding geef ik aan wat ik
aan materiaal nodig heb, en ik stem af met de werkplekbegeleider wat er is. Ik zorg dat
de les klaarstaat op Gynzy, zodat we meteen van start kunnen met de les.
B.3 Leeractiviteiten begeleiden
2.6 samenwerking, zelfredzaamheid
De student toont aan dat hij in staat is om in de lesuitvoering coöperatieve werkvormen te
hanteren. De student toont aan dat hij leerlingen hulp biedt bij het leerproces, rekening houdend
met de kenmerken van de groep. Hij bevordert de samenwerking tussen leerlingen en de
redzaamheid van individuele leerlingen.
Aan de hand van de uitslagen van de methodetoetsen heb ik zicht op het niveau van de
leerlingen. Een totaaloverzicht geeft me dat echter niet, daarmee wordt differentiëren
een stuk moeilijker. Het groeperen van teams op gebied van hun niveau vind ik nog erg
moeilijk. In de klas tijdens de lessen kan ik wel makkelijk ingrijpen en hulp bieden als het
nodig is. Daarnaast ben ik op de hoogte van de persoonlijke niveaus, zodat ik hulp op

maat kan bieden. De extra uitdaging in deze klas zit in de leerling met
gedragsproblemen. Hij heeft nu twee keer bij mij een woede-uitbarsting gehad, en het
reguleren van zo'n uitbarsting is erg lastig. De afspraak met de ib-er is om te wachten
tijdens zo'n uitbarsting, tot hij kalmeert.
Hoe nu verder?
Het grootste verschil tussen groep 3 en groep 5 (mijn vorige klas) is de spanningsboog van de
kinderen. Het voelt zo fijn om een les te geven waarin leerlingen betrokken zijn gedurende de
les, daarom was het erg wennen om in groep 3 de leerlingen hun energie en spanningsboog te
zien verliezen tijdens de lessen. Dit was een leermoment voor mij. Ik heb daarin een uitdaging
gevonden in de onderbouw en denk ook dat ik dat nog veel kan leren. Ik wil als doel stellen om
mezelf te focussen op differentiatie. In mijn instructies wil ik graag diverse lagen gaan
aanbrengen zodat elke leerling op zijn of haar niveau aan de slag kan en ik uiteindelijk met een
klein groepje overblijf wat mijn specifieke hulp nodig heeft.