You are on page 1of 3

OGP3

Format voor toelichting lesontwerp


Domein: Taal stellen Rekenen/ wiskunde OJW BVO*
*omcirkel wat van toepassing is

Voor een meer uitgebreide beschrijving van de standaarden en criteria, zie


bladzijde 2 van de OGP3-opdracht. Of via
https://www.fontys.nl/pabo/denbosch/competentieprofiel/Propedeusefase/index.html

Sta bewust stil bij jouw doelen voor de groep, zoals geformuleerd in de
overdenking van de groep
Sta in je antwoorden aan terugkoppeling naar zowel (vakspecifieke) theorie als
praktijk

B1. Leerdoelen stellen


3.4 passend leerinhouden
vanuit leerlijnen
3.11 Leerprocessen
observeren en registreren

Welke keuze(s) heb je in dit


opzicht gemaakt?

Waarom heb je deze keuze(s)


gemaakt?

Dit zijn de lesdoelen voor mijn les


stellen:
- Tijdens mijn les reageren de
leerlingen respectvol op elkaar en
elkaars verhalen
- Aan het einde van de les kunnen
de leerlingen aan de hand van
zelfbedachte steekwoorden en
ervaringen over het thema een
kort doorlopend verhaal stellen en
schrijven

Ik heb deze lesdoelen gekozen


omdat deze aansluiten bij de
leerlijnen en kerndoelen op tule.
Kerndoel 5
het inzetten van
schrijfstrategien wordt
aangemoedigd door de
leraar waar nodig door
hem begeleid. Bij het
orinteren komt meer
aandacht voor het doel
en publiek. Bij het
plannen maken de
leerlingen ook een
opzet voor hun tekst.
Het reflecteren en
reviseren heeft
betrekking op inhoud
(doel, publiek, opbouw
van tekst) en vorm
(opbouw van zinnen,
spelling)
verhalende teksten
schrijven
Ik vind het belangrijk dat er
tijdens de les niet vervelend op
elkaar gereageerd wordt.
Daarom heb ik al procesdoel
dat de leerlingen respectvol op

Mijn persoonlijke leerdoel is:


- Ik wil leren om een groep
betrokken te houden, dit ga ik
doen door veel vragen te stellen
en veel uit de leerlingen zelf te
laten komen.

elkaar moeten reageren.


Ik vind betrokkenheid erg
belangrijk omdat het lesverloop
dan een stuk beter is en de
leerlingen meer opnemen.
B3. Leeractiviteiten
begeleiden
2.6 Samenwerking,
zelfredzaamheid

A3. Leiding geven aan het


groepsproces
1.1 zicht op groepjes
leerlingen
1.3 effectieve
leerkrachtcommunicatie

Ik heb bij deze les geen


coperatieve werkvormen
gebruikt. De leerlingen mogen
soms zachtjes overleggen, maar
ze moeten alles zelf uitvoeren en
bedenken. Ik sta voor de klas en
de leerlingen met vragen kunnen
hun rood/groene kaartje op rood
leggen. Als ik dat zie dan kom ik
helpen.

De leerlingen zitten aan hun eigen


tafeltjes. Deze staan nu twee aan
twee. Zelf vinden de leerlingen dit
fijner dan in groepjes van vier. Ik
heb het overzicht door vooraan in
de klas te staan. Ik stimuleer de
leerlingen door complimentjes op
hun werk te geven. Ook geef ik
advies als ze daar om vragen. Ik
wil ervoor zorgen dat ik een open
houding heb en voor een veilig
klimaat in de klas zorg.

Ik heb hier geen coperatieve


werkvormen gebruikt omdat ik
wilde dat de leerlingen in deze
les zelf een verhaal leren
schrijven. Ik had wel
coperatieve werkvormen
kunnen inzetten door
bijvoorbeeld in duos een
verhaal te schrijven. Toch heb
ik gekozen voor individueel een
verhaal te schrijven. De
leerlingen hebben
waarschijnlijk nog nooit zelf
(voor school) een verhaal
geschreven. Ik wil door ze dit
individueel te laten doen achter
de beginsituatie komen op het
gebied van verhalend
schrijven. Door gebruik te
maken van rood/groene
kaartjes hoeven de leerlingen
niet op te staan om vragen te
stellen. Dan wordt de klas ook
niet onrustig. Ook hoeven ze
niet vijf minuten met hun vinger
omhoog te zitten, dan kunnen
ze wel doorwerken i.p.v. niks te
doen.
Door vooraan in de klas te
staan, heb ik het overzicht op
alle leerlingen. Ik kan zien we
een vraag heeft en wie niet
doorwerkt. De leerlingen die
goed werkengeef ik
complimentjes, hierdoor wil ik
het gedrag van de andere
leerlingen positief stimuleren.
Misschien krijg ik dan ook wel
een complimentje. Dat gevoel
wil ik stimuleren. Ik wil een
open houding hebben zodat de
leerlingen zich veilig voelen bij
mij. Dan durven ze vragen te

A4. Interactie aangaan met


de groep
3.13 feedback aan leerlingen

B2 Leeractiviteiten
ontwerpen
3.6 werkvormen en
groeperingsvormen
4.5 leeromgeving inrichten

Als de leerlingen vragen hebben,


luister ik goed door actief mee te
denken aan een oplossing. Ik wil
wel nog het grootste gedeelte uit
de leerlingen zelf laten komen.
Aan het einde van de les evalueer
ik de les door te peilen via je hand
opsteken. De leerlingen die vinden
dat het procesdoel behaald is (het
gevoel dat er respectvol op elkaar
wordt gereageerd) steken hun
hand op. De leerlingen die dit niet
vinden, vraag ik waarom zij dit
vinden. Hetzelfde doe ik bij mijn
productdoel. Ook evalueer ik mijn
productdoel door zelf naar de
verhalen te kijken.

Ik heb geen coperatieve


werkvormen gebruikt in deze les.
Voordat de les begint zet ik alles
klaar wat ik nodig heb. Ik zorg dat
ik genoeg gele en groene blaadjes
heb en gekleurd papier voor
iedere leerling. Deze worden
uitgedeeld door de uitdelers van
deze week. Er veranderd niks aan
de lesopstelling.

stellen en hun verhalen te


vertellen.
Ik wil de leerlingen helpen door
goed te luisteren. Ik wil het
grootste gedeelte uit de
leerlingen zelf laten komen
omdat ze het zelf moeten
kunnen. Dan denken ze er zelf
nog over na. Ik geef ze tips om
op weg te komen. Ik evalueer
mijn lessen via handen
opsteken, omdat ik denk dat dit
de rustigste manier is. Als je
een open vraag stelt begint
iedereen te roepen, terwijl als je
je hand op moet steken is het
stil. Dan heb ik een overzicht op
de leerlingen wie het lesdoel
niet behaal hebben. Aan hun
kan ik dan nog vragen waarom
ze dat niet behaald hebben.
Niet elke leerling zal eerlijk
antwoorden, maar ik heb wel
gemerkt dat het in mijn klas
toch veelal eerlijk wordt
gedaan. Dus als ze vinden dat
ze het niet behaald hebben
steken ze hun hand ook niet op.
Ik heb geen coperatieve
werkvormen gebruikt omdat ik
wilde dat de leerlingen dit zelf
doen. Zo kan ik de beginsituatie
van de leerlingen inschatten.
Door alles van tevoren klaar te
zetten zorg ik dat ik zelf rustiger
ben voordat mijn les begint. Het
is niet handig om als de les
begint nog alles te moeten
pakken. Dat zorgt voor onrust in
de klas en dan is het moeilijker
om de aandacht terug te
krijgen. Ook kost het tijd en die
heb ik amper. Ik bereid me dus
goed voor.