You are on page 1of 3

OGP3

Format voor toelichting lesontwerp
Domein: Taal – Rekenen/ wiskunde – OJW– BVO*
*omcirkel wat van toepassing is

-

Voor een meer uitgebreide beschrijving van de standaarden en criteria, zie
bladzijde 2 van de OGP3-opdracht. Of via
https://www.fontys.nl/pabo/denbosch/competentieprofiel/Propedeusefase/index.html

-

Sta bewust stil bij jouw doelen voor de groep, zoals geformuleerd in de
“overdenking van de groep”
Sta in je antwoorden aan terugkoppeling naar zowel (vakspecifieke) theorie als
praktijk

B1. Leerdoelen stellen
3.4 passend leerinhouden
vanuit leerlijnen
3.11 Leerprocessen
observeren en registreren

B3. Leeractiviteiten
begeleiden
2.6 Samenwerking,
zelfredzaamheid

Welke keuze(s) heb je in dit
opzicht gemaakt?

Waarom heb je deze keuze(s)
gemaakt?

De kinderen kunnen aan het einde
van de les “Drunken sailor” zingen
in het juiste tempo en op de juiste
toonhoogte. (productdoel)

Ik mocht zelf kiezen welk liedje
ik ging behandelen voor
muziek. Ik heb in het boek
“Eigenwijs” opgezocht welke
liedjes bij groep 6 passen.

De kinderen kunnen hun
zelfbedachte tekst voor het liedje
zingen. (productdoel)

Uiteindelijk vond ik de “Drunken
Sailor”. Dit liedje sloot aan bij
een Engelse les.

De kinderen oefenen om volgens
de “weggeef-methode” mee te
zingen. (procesdoel)

Ik heb het procesdoel gekozen
omdat ik dit zelf geleerd heb op
de opleiding en dit moet kunnen
toepassen. De leerlingen
moeten daarvoor weten wat de
“weggeef-methode” is en hoe
deze gebruikt wordt.

Ik heb ervoor gekozen om de
coöperatieve werkvorm “koppen
bij elkaar” te gebruiken.

Ik heb ervoor gekozen om de
werkvorm “koppen bij elkaar” te
gebruiken, omdat de leerlingen
hierdoor leren te overleggen,
om te gaan met conflicten en
afspraken te maken. Zo
bevorder ik de samenwerking
en zelfredzaamheid tussen de
leerlingen.

Ik vertel een verhaaltje over een
dronken piraat.
Ik leer eerst het lied met een
dansje aan.

Daarna laat ik de kinderen zelf een
tekst verzinnen op de melodie.

Ik leer het lied samen met een
dansje aan, zodat de leerlingen
het sneller zullen oppikken.
Verder laat ik hun creativiteit de
vrije loop door ze zelf een tekst
bij de melodie te laten
verzinnen. Op deze manier
onthouden de leerlingen de
melodie beter.

A3. Leiding geven aan het
groepsproces
1.1 zicht op groepjes
leerlingen
1.3 effectieve
leerkrachtcommunicatie

Om zicht te hebben op de
groepjes moet ik veel rondlopen
en rondkijken. Verder ga ik bij elk
groepje langs om te kijken hoe het
gaat.
Ik ben erg nerveus om voor de
klas te zingen. Ik moet ervoor
zorgen dat ik deze zenuwen in
bedwang hou en rustig blijf
wanneer ik voor de klas sta.

A4. Interactie aangaan met
de groep

Ik laat de kinderen hun teksten
zingen.

3.13 feedback aan leerlingen

Ik geef feedback op de tekst en
samenwerking.

Ik heb het KBV-model gebruikt.
Ik zorg dat er klank (zingen),
betekenis (het verhaal en
zelfverzonnen tekst) en
beweging (de dans) zijn.
Door zicht te hebben op de
groepjes kan ik goed zien of er
gewerkt wordt of niet. Als er iets
gebeurd kan ik snel ingrijpen.
Door rustig te blijven in de klas
zal de groep ook rustig worden
en voorkom ik een drukke les.

Door de tekst te laten zingen
weet ik of de leerlingen de
melodie onder de knie hebben.
Verder weet ik ook welke
ideeën ze hebben over een
dronken piraat.
Door feedback te geven weten
de leerlingen hoe ze het
gedaan hebben.

B2 Leeractiviteiten
ontwerpen
3.6 werkvormen en
groeperingsvormen
4.5 leeromgeving inrichten

Ik heb ervoor gekozen om de
coöperatieve werkvorm “koppen
bij elkaar” te gebruiken.
Ik vertel een verhaaltje over een
dronken piraat.
Ik leer eerst het lied met een

Ik heb ervoor gekozen om de
werkvorm “koppen bij elkaar” te
gebruiken, omdat de leerlingen
hierdoor leren te overleggen,
omgaan met conflicten en
afspraken maken. Zo bevorder
ik de samenwerking en
zelfredzaamheid tussen de

dansje aan.

leerlingen.

Daarna laat ik de kinderen zelf een
tekst verzinnen op de melodie.

Ik leer het lied samen met een
dansje aan, zodat de leerlingen
het sneller zullen oppikken.

Ik zorg ervoor dat ik de blaadjes
van de tekst al klaar heb liggen.
Deze laat ik uitdelen door de
hulpjes. Verder staat de computer
al klaar om het juiste liedje af te
spelen.

Verder laat ik hun creativiteit de
vrije loop door ze zelf een tekst
bij de melodie te laten
verzinnen. Op deze manier
onthouden de leerlingen de
melodie beter.
Ik heb het KBV-model helemaal
gebruikt. Ik zorg dat er klank
(zingen), betekenis (het verhaal
en zelfverzonnen tekst) en
beweging (de dans) zijn.
Door goed voorbereid te zijn,
kom ik niet in tijdnood, heb ik
alles bij de hand en verlies ik de
aandacht niet.