You are on page 1of 36
De Eerste Münsterse Oorlog (1665-1666) Eenmalig magazine, neem mee De eerste inval van Bommen Berend

De Eerste Münsterse Oorlog (1665-1666)

Eenmalig magazine, neem mee
Eenmalig
magazine,
neem
mee

2 // MOW Magazine

Waar gaat dit magazine over?

Meer dan 350 jaar geleden, op 20 september 1665, valt de Prins Bisschop van Münster, Bernhard von Galen, inmiddels bekend als Bommen Berend, het oosten van Nederland binnen. De Republiek der Nederlanden heeft op dat moment haar handen al vol aan zeeslagen tegen de Engelsen. Een geheim bondgenootschap tussen Münster en de Engelsen moet de jonge Republiek op haar knieën dwingen. Gesteund met Engels geld start de Prins Bisschop twee veldtochten. Wat later de Eerste Münsterse Oorlog gaat heten, begint.

Wat later de Eerste Münsterse Oorlog gaat heten, begint. Contemporaine kaart met beschrijving oorlog | LWL-Museum

Contemporaine kaart met beschrijving oorlog | LWL-Museum für Kunst und Kultur Münster

Beide veldtochten eindigen in het oosten van Groningen, in Westerwolde en het Oldambt. Een klein Nederlands contingent slaat de eerste opmars al na een kleine week terug met een verrassingsaanval bij Jipsinghuizen, on- danks de veel grotere Münsterse overmacht. De tweede veldtocht, gelijktijdig met de eerste begonnen in Twente, verzandt in de nabijheid van Winschoten. De opperbe- velhebber van het Nederlandse landleger isoleert de Münsterse troepen en hongert deze uit. Wat begint als een opmars van duizenden vijandelijke soldaten, histori- sche bronnen spreken van 12.000 tot 20.000 man, eindigt

in een door pest en honger geplaagde aftocht. Na drie maanden oorlog ligt een groot deel van Groningen onder water en zijn vele plaatsen, ook in Twente en Drenthe, geplunderd dan wel platgebrand. Talloze mensen zijn op de vlucht.

Een bijna vergeten geschiedenis

Ondanks de schaal van de oorlog en de impact ervan op het oosten van Nederland en speciaal Groningen, geldt de Eerste Münsterse Oorlog als een bijna vergeten ge-

Onder Vuur // 3

schiedenis. Zo is de gelijktijdige zeeoorlog met de Engelsen veel bekender. Denk alleen al aan Michiel de Ruyter. Ook het rampjaar 1672 waarbij de Prins Bisschop samen met de Fransen opnieuw huis houdt, staat in het nationale geheugen gegrift. In de regionale overlevering vindt alleen de Slag bij Jipsinghuizen nog enige weer- klank. Ook hier raakte de veel grotere omvang en bete- kenis van de Eerste Münsterse Oorlog buiten beeld.

Deze publicatie wil hierin verandering brengen. In dit magazine vind je de belangrijkste feiten over deze oor- log op een rij én meer. Wat dreef de Prins Bisschop, hoe verliepen de beide veldtochten, hoe maakte Nederland deel uit van het Europese krachtenveld, wat kenmerkte oorlogvoering in de 17 e eeuw en hoe verdedigde de Re- publiek der Nederlanden zich, zijn enkele van de vragen die aan bod komen.

Deze publicatie is een voor MOW afsluitend onderdeel van een veelomvattend project ter herdenking van de oorlog, met als titel Onder Vuur. In 2015 en een deel van 2016 waren in het kader van dit project drie samenhan- gende exposities te zien in MOW in Bellingwolde, SHC De Oude Stelmakerij in Sellingen en Vestingmuseum Oude- schans. Verder verscheen onder meer een publicatie over de Slag bij Jipsinghuizen, van de hand van Jochem Abbes.

Onder Vuur was een initiatief van Cultuurhistorisch Centrum Oldambt, Historische Vereniging Westerwolde, MOW en Vestingmuseum Oudeschans. Tal van verdere partners, zowel in Nederland als in Duitsland, maakten het project mogelijk. We noemen: Gemeente Belling- wedde, Groninger Museum, RHC de Groninger Archie- ven, Kath. Kirchengemeinde St Mariä Himmelfahrt Vechta, LWL-Museum für Kunst und Kultur Münster, Mauritshuis in Den Haag, Museum im Zeughaus Vechta, Ostfriesisches Landesmuseum Emden, Domverwaltung St.-Paulusdom Münster, Rijksmuseum Amsterdam, Stadt- museum Münster, Stichting J.B. Scholten/ H.S. Kamminga fonds, Streek Historisch Centrum Stadskanaal/SHC De Oude Stelmakerij, Verhuisbedrijf Allround Belling- wolde, Gemeente Vlagtwedde, Wolter Stam en alle meewerkende vrijwilligers.

Colofon

Historisch onderzoek (archief én objecten), beeldresearch en teksten: Tjarko van Dijk Inleiding, redactie en deel beeldresearch: Obby Veenstra

Op verzoek kan je bij MOW een digitale literatuur- en bronverantwoording en/of een uitgebreide beeldverant- woording opvragen. Mail hiervoor naar info@museumde- oudewolden.nl.

Uitnodiging tot onderzoek

Tijdens de research voor het project kwam naar voren dat relevante historische bronnen nog nauwelijks onder- zocht zijn, terwijl er wel veel voor handen is. Onder Vuur nodigt dan ook nadrukkelijk uit tot verder onderzoek. Het project geeft een eerste aanzet, die hopelijk verder opgepakt gaat worden. De thematiek verdient het: het is niet alleen het verhaal van de inval, maar ook van de rol van Groningen in de verdediging van de Republiek, de mate waarin Europese verhoudingen doorwerken in de eigen regio én andersom. Hoe lokale tegenstellingen op scherp komen te staan door dreiging van buitenaf maar ook hoe dit de uitkomst van een conflict mede bepaalt.

Kijk voor meer informatie op

www.ondervuur1665.nl

bepaalt. Kijk voor meer informatie op www.ondervuur1665.nl Ruitergevecht 1629 | Rijksmuseum Amsterdam Afbeeldingen uit

Ruitergevecht 1629 | Rijksmuseum Amsterdam

Afbeeldingen uit de collecties van het Groninger Museum, RHC de Groninger Archieven, Kath. Kirchen- gemeinde St Mariä Himmelfahrt Vechta, LWL-Museum für Kunst und Kultur Münster, Mauritshuis in Den Haag, Domverwaltung St.-Paulusdom Münster en Rijksmuseum Amsterdam. Afbeelding voorkant: Rijksmuseum Amsterdam

Vormgeving: Sytske Veenstra

Dit magazine is een publicatie van MOW | Museum de Oude Wolden © 2016

4 // MOW Magazine

Legers in de 17 e eeuw

Oorlog in de 17 e eeuw is niet te vergelijken met oorlog nu. Een belangrijk verschil is dat de legers van toen grotendeels bestonden uit huur- soldaten. Zij hadden weinig binding met het land waarvoor zij vochten, maar vooral met de partij die hun betaalde. Huursoldaten wis- selden dan ook gemakkelijk van partij, zeker waar het rondtrekkende legers betrof.

Voor soldaten van staande legers, bijvoorbeeld de bezet- ting van de Schansen, gold dat minder. Zij waren langer in dienst en woonden vaak langdurig in de vestingen die zij moesten verdedigen, al rouleerde men ook. Hun be-

roep stond in hoger aanzien dan dat van rondtrekkende soldaten, zeker waar het officieren betrof.

Voor veel van deze soldaten was het beroep een kwestie van ondernemerschap. Commandanten waren bijvoor- beeld verantwoordelijk voor het in stand houden van de voorgeschreven compagnieën, binnen de financiën die zij daarvoor ontvingen. Deden zij dit efficiënt en met handelsgeest, dan was de winst voor hen. Ook een groot deel van de (wapen)uitrusting betaalden soldaten vaak zelf. Door het langdurige verblijf in de vesting maakten soldaten en officieren deel uit van de bevolking van de vesting en hadden zij een veel betere verhouding met die bevolking dan de soldaten van de rondtrekkende legers, die voor de plattelandsbevolking een ware plaag waren.

Het staande leger bood meer structuur dan het rond-

Onder Vuur // 5

een soldaat heeft drie boeren nodig:

één voor zijn voedsel, één voor zijn vrouw en één om zijn plaats in de hel in te nemen …

gezegde uit de Dertigjarige oorlog (1618-1648)

trekkende leger, dat vaak speciaal voor een veldtocht was verzameld. Dit leger kan je meer kan zien als een gemeenschap op zichzelf, inclusief handelaren, vrouwen en kinderen. Deze soldaten waren voor een groot deel niet bijzonder getraind of gedisciplineerd. Veel soldaten en zeker het voetvolk rekruteerde men uit de arme lagen van de bevolking. Mensen leerden al doende vechten. Het militaire bestaan was chaotisch en hard.

Voor het gebied waar de legers doorheen trokken, was de overlast groot. Plunderingen kwamen veelvuldig voor, zeker wanneer de betaling van de soldij uitbleef. Dorpen en steden moesten bovendien betalen voor bescherming.

Bij dit alles kwam dat communicatie in die tijd langzaam ging, met koeriers te paard als snelste optie en niet veel begaanbare wegen.

Wachtlokaal met soldaten 1647 | Rijksmuseum Amsterdam

Soorten soldaten

De rondtrekkende legers van de 17 e eeuw bestonden uit voetsoldaten, ruiters en kanonniers. Elk had zijn functie en eigen wapentuig. Hieronder volgt een klein overzicht.

Voetsoldaten: musketiers en piekeniers

Voetsoldaten hanteerden musketten (musketiers) of pieken (piekeniers). Musketten zijn kleine handvuurwa- pens, pieken lange lansen met een scherpe punt. Soldaten gebruikten de pieken om vijandelijke ruiters op afstand tegen te houden.

Ruiterij: kurassiers, lansiers en dragonders

De ruiterij bestond uit kurassiers, genoemd naar het beschermende kuras, het borstharnas, dat zij droegen. Uitgerust met een pistool en een zwaard moesten zij met charges de vijandelijke linies doorbreken.

6 // MOW Magazine

6 / / MOW Magazine Musketier & hellebaardier Piekenier Excercitie met musket Officier Verkoopster Legerkamp |

Musketier & hellebaardier

6 / / MOW Magazine Musketier & hellebaardier Piekenier Excercitie met musket Officier Verkoopster Legerkamp |

Piekenier

/ / MOW Magazine Musketier & hellebaardier Piekenier Excercitie met musket Officier Verkoopster Legerkamp | alle

Excercitie met musket

& hellebaardier Piekenier Excercitie met musket Officier Verkoopster Legerkamp | alle afbeeldingen

Officier

& hellebaardier Piekenier Excercitie met musket Officier Verkoopster Legerkamp | alle afbeeldingen Rijksmuseum

Verkoopster

Piekenier Excercitie met musket Officier Verkoopster Legerkamp | alle afbeeldingen Rijksmuseum Amsterdam De

Legerkamp | alle afbeeldingen Rijksmuseum Amsterdam

De ruiterij kende ook lansiers, die niet alleen een pistool en een zwaard maar ook een lans van 4 meter lang inzetten bij hun charges. De Republiek zette na 1597 echter geen lanciers meer in. Een soort tussenvorm van ruiterij en voetsoldaten waren de dragonders. Zij reisden wel te paard maar op het slagveld gingen zij te voet.

Artillerie: kanonnen

De artillerie, het geschut, was in de 17 e eeuw nog geen zelfstandig onderdeel van de legers zoals de infanterie (voetsoldaten) en de cavalerie (ruiterij). In het leger van Bernhard von Galen speelde de artillerie een belangrijke rol. Bekend is dat hij voor deze wapens veel belangstelling had.

Kanonnen waren er in diverse soorten en kalibers. In het leger van de Republiek kende men de hele kartouw van 48 pond, de halve kartouw van 24 pond en het veldkanon van 12 pond. Legers zetten kanonnen voor verschil- lende doelen in. De 24 ponders gebruikte men bij belegeringen van steden en de 12 ponders in veldslagen. In het leger van de Republiek bediende niet het militair personeel de kanon- nen maar omstreeks de tijd van de Eerste Münsterse oorlog komt daar verandering in.

Eenheden:

compagnieën en regimenten

De basiseenheid van de legers was de com- pagnie. Een aantal compagnieën samen is een regiment. De omvang van een compagnie verschilt per leger. In het leger van Johan Maurits van Nassau, opperbevelhebber van de landtroepen van de Republiek in de Eerste Münsterse Oorlog, bestond een compagnie uit ongeveer 60 mannen.

De tros

De rondtrekkende legers werden gevolgd door de tros, die in omvang soms groter was dan het leger zelf. De tros vervoerde oorspronkelijk en- kel bagage, maar later trokken veel handelaren daarin mee, evenals de vrouwen en de kinderen van de soldaten. Vrouwen speelden een be- langrijke rol in de tros. Zij zorgden voor de sol- daten en hun kinderen, verzorgden gewonden, hielden het kamp schoon maar plunderden ook gedode soldaten op het slagveld mee uit. Veel handelaren waren vrouw. Daarnaast werkten vrouwen bij militaire taken zoals het aanleggen van verschansingen. Hun leven was zwaar en hard. Velen van hen stierven in de veldtochten als gevolg van uitputting en ziekten.

Onder Vuur // 7

Lont in het kruit

Belegering Münster 1657 | Rijksmuseum Amsterdam

De Eerste Münsterse Oorlog kwam voort uit de Europese politieke heksenketel van de 17 e eeuw

De Europese politieke situatie kun je rond 1665 zeker explosief noemen. Europa heeft bijna een eeuw godsdienstoorlogen achter de rug, de vrede beklonken in 1648 in Münster. De Republiek der Nederlanden is nog geen twintig jaar oud. Intern bestaat strijd tussen de heersende regenten, geleid door Johan de Witt en voorstanders van het huis Oranje, de voormalige stadhouders. Op zee vecht Nederland met de Engelsen om de handelsheerschappij (Tweede Engelse Oorlog 1665-1667). Ondertussen werkt de Franse zonnekoning aan het verder uitbreiden van zijn macht.

Te midden van deze heksenketel ziet de Prins Bisschop van Münster, Bernhard von Galen, zijn kans schoon. Op 13 juni 1665 sluit hij een geheim verdrag met de Engelse koning, het Verdrag van Dover. In ruil voor finan- ciële steun zal de Prins Bisschop in Groningen, Holland en Zeeland landingsposten voor de Engelsen realiseren. Zo willen ze de republiek, die al haar handen vol heeft op zee, op haar knieën dwingen. Op 20 september 1665 komt een gezant naar Den Haag met een ultimatum over de erkenning van Borculo. Dit was een stuk Nederlands grondgebied dat van oudsher onder Münster viel. Nederland weigerde echter de recht-

matige claim van de Bisschop te erkennen. De Bisschop wacht het antwoord niet af. Dezelfde dag valt hij de republiek binnen bij Ter Apel. De dag daarop volgt Twente. De eerste Münsterse oorlog is begonnen.

De grieven van de Bisschop

Waarom bestrijdt hij de Republiek?

In 165o wordt Bernhard von Galen benoemd tot bis- schop en daarmee automatisch vorst van het bisdom Münster. Wanneer hij in 1657 echter zijn rechtmatige positie in de stad Münster opeist, stuit hij op verzet van

8 // MOW Magazine

8 / / MOW Magazine Schansen in Groningen 1673 | Rijksmuseum Amsterdam stedelijke regenten. In zijn

Schansen in Groningen 1673 | Rijksmuseum Amsterdam

stedelijke regenten. In zijn strijd om de macht belegert hij de stad twee maal. Münster weet het eerste beleg met Nederlandse hulp af te slaan. Alleen door optreden van de Franse koning laat Nederland dit bij het tweede beleg in 1660/1661 achterwege. Dit beleg is voor de Bisschop een succes.

In 1664 verjagen Nederlandse manschappen Von Galens troepen wederom op Duits grondgebied, bij de Dijler- schans. Von Galen bezet deze schans om de graaf van Oost Friesland te dwingen een achterstallige bruidsschat van 300.000 rijksdaalders te betalen. De graaf is deze nog schuldig aan zijn schoonvader, de graaf van Liech- tensteijn. De Duitse rijkshofraad machtigt Von Galen formeel voor het innen van de schuld. Oost-Friesland krijgt echter steun van Nederland, volgens Von Galen een onrechtmatige inmenging, een daad van oorlog.

Bij dit alles komt dat de Republiek Von Galens aan- spraak op het Achterhoekse Borculo, van oudsher onder- deel van het prins bisdom Münster, niet erkent. Op deze grief baseert Von Galen zijn ultimatum aan de Republiek, het formele startsein van de Eerste Münsterse Oorlog.

Al met al is Von Galens lijst met grieven tegen de Re- publiek lang. Zijn heilige strijd als Katholieke bisschop tegen het protestantisme voedt deze grieven nog verder.

Is Nederland opgewassen tegen Von Galen?

De verdediging van de oostgrens in het gewest Groningen bestaat op dat moment uit het grote onbegaanbare moeras van Bourtange en een stelsel van forten, waarin troepen van de Republiek gelegerd zijn. Die forten liggen voor een deel op het grondgebied van Groningen, zoals Nieuwe- schans, Oudeschans en Bourtange. Een verder deel bevindt zich in Duitsland, in het graafschap Oost-Friesland, waaron- der Leerort en Dielerschans. Dit laatste komt de Republiek overeen met haar bondgenoot, de graaf van Oost-Friesland. Doordat de Republiek delen van het land onder water kan zetten, beheerst het de toegang nog verder (inundatie). Deze verdedigingslinie van moeras en vestingen loopt vanaf Groningen door tot aan Blokzijl in Overijssel, de zogenaam- de Friesche Tuyn.

De regenten richten zich vooral op de handelsbelangen van de Republiek. Johan de Witt versterkt daarom de vloot, maar verwaarloost het landleger. De bezetting, bevoorra- ding, bewapening en ammunitie bij de verschillende forten is beneden peil.

Tijdens de groeiende oorlogsdreiging verzoekt het Gewest Groningen de regering van de Republiekherhaaldelijk om versterking. Die verzoeken hebben aanvankelijk geen effect. Groningen stuurt echter zelf al wel troepen naar de oostgrens.

Onder Vuur // 9

Onder Vuur / / 9 Grand Desseygn Von Galens aanvalsplan In het Verdrag van Dover belooft

Grand Desseygn

Von Galens aanvalsplan

In het Verdrag van Dover belooft Münster de Republiek aan te vallen met 20.000 infanteristen en 10.000 ruiters. Münster en Engeland spreken verder af dat deze troepen landingsplaatsen realiseren in Groningen, Holland (Am- sterdam) en Zeeland. Vanaf het begin richt Von Galen zich dan ook op twee invasies: één gericht op het wes- ten (de zuidelijke veldtocht) en één op het noorden (de oostelijke veldtocht). Een rapport aan Johan Maurits van Nassau, de opperbevelhebber van de troepen van de Republiek, noemt dit - achteraf- het Grand Desseygn, het Grote Ontwerp, van Von Galen.

Engeland stelt hier financiële steun tegenover. 200.000 rijksthaler in juni, 150.000 in juli en augustus en 50.000 voor elke maand dat de oorlog langer duurt.

Overigens verschillen Groningen en de Staten aanvanke- lijk van mening over de strategie van Von Galen. Gronin- gen verwacht een aanval op Bourtange, ter verovering van Groningen, de Staten Generaal denken dat Twente en dan Holland het doelwit is. Beiden blijken uiteindelijk gelijk te krijgen. Het betekent echter wel dat de Staten hun aandacht vooralsnog voornamelijk richten op het midden van Nederland. Groningen zal pas vanaf eind oktober versterking krijgen.

Hierna kun je zien hoe beide veldtochten verlopen. Slaagt Von Galens Grand Desseygn?

Groningen Groningen Groningen Scheemda Scheemda Scheemda Winschoten Winschoten Winschoten Foxham Foxham Foxham
Groningen
Groningen
Groningen
Scheemda
Scheemda
Scheemda
Winschoten
Winschoten
Winschoten
Foxham
Foxham
Foxham
Wedde
Wedde
Wedde
Zuidlaren
Zuidlaren
Zuidlaren
Jipsinghuizen
Jipsinghuizen
Jipsinghuizen
Sellingen
Sellingen
Sellingen
Ter Apel
Ter Apel
Ter Apel
Meppen
Meppen
Meppen
Staphorst
Staphorst
Staphorst
Ommen
Ommen
Ommen
Oldenzaal
Oostelijke veldtocht
Staatse troepen
Deventer
Deventer
Deventer
Losser
Losser
Losser
Losser
Losser
Münsterse troepen
Enschede
Enschede
Enschede
Zuidelijke veldtocht
Borculo
Borculo
Borculo
Borculo
Borculo
Staatse troepen
Zutphen
Zutphen
Zutphen
Münsterse troepen

Ruitergevecht 1680-1700 | Rijksmuseum Amsterdam

oosteLijke

veLDtocht

18 september tot en met 4 oktober 1665

De oostelijke veldtocht staat onder commando van de Schotse generaal Johan Gories van Gorgas. Hij moet het noorden van de Republiek bezetten om zo landingsplaatsen voor de Engelsen te realiseren, bij het Reitdiep. Als eerste stuit hij hierbij op het nau- welijks begaanbare Bourtanger moeras, verder beschermd door een keten van forten. Gorgas weet dit echter te omzeilen door met aanwijzingen van een schaapsherder een 5 kilometer lange weg door het moeras te slaan. Hij komt met zo’n 1.800 manschappen ten zuiden van Bourtange uit. Een Nederlandse verrassingsaan- val op 26 september bij Jipsinghuizen, onder leiding van luitenant Nierop, maakt echter korte metten met Gorgas’ veel grotere troe- penmacht. Gorgas moet zich weer achter de grens terugtrekken. Van Nierop zet enkele dagen daarna de weg door het moeras in brand. In deze tijdlijn volg je het verloop van de tocht.

Een 5 kilometer lange weg door het moeras

Om in Westerwolde te komen, moeten de Münstersen door het nauwelijks begaanbare moeras. Hiervoor bouwen zij een weg, ook wel brug genoemd. De Münstersen beginnen klein, met een smal pad. Door deze brug te verster- ken moet ook zwaarder materieel zoals kanonnen er overheen kunnen.

De brug bestaat uit takkenbossen met daaroverheen vensterkozijnen en deuren en daar weer bovenop planken van vijf tot tien of zelfs meer roeden. Een roede is een oude lengtemaat, die per plaats verschilt en in Groningen ruim vier meter is. Drie paarden of vijf man kunnen naast elkaar over de weg trekken. De totale weg door het moeras is 1236 roeden lang, bijna 5 km.

Het materiaal voor de weg, zoals kozijnen, deuren en planken eisen de soldaten op bij dorpen in de omgeving.

Staph Staph Staph Deventer Deventer Deventer
Staph
Staph
Staph
Deventer
Deventer
Deventer
Staph Staph Staph Deventer Deventer Deventer Zutphen Zutphen Zutphen 12 / / MOW Magazine Staatse troepen
Staph Staph Staph Deventer Deventer Deventer Zutphen Zutphen Zutphen 12 / / MOW Magazine Staatse troepen
Staph Staph Staph Deventer Deventer Deventer Zutphen Zutphen Zutphen 12 / / MOW Magazine Staatse troepen
Staph Staph Staph Deventer Deventer Deventer Zutphen Zutphen Zutphen 12 / / MOW Magazine Staatse troepen

Zutphen

Zutphen

Zutphen

12 // MOW Magazine

Deventer Zutphen Zutphen Zutphen 12 / / MOW Magazine Staatse troepen Münsterse troepen Mei/ juni Generaal
Deventer Zutphen Zutphen Zutphen 12 / / MOW Magazine Staatse troepen Münsterse troepen Mei/ juni Generaal
Deventer Zutphen Zutphen Zutphen 12 / / MOW Magazine Staatse troepen Münsterse troepen Mei/ juni Generaal

Staatse troepen Münsterse troepen

Mei/ juni

Generaal Gorgas concentreert zijn troe- pen bij Meppen

Het Gewestelijk bestuur van Groningen (Stad en Ommelanden) krijgt lucht van de voorbereidingen. Groningen meldt de Staten Generaal, de regering van de Re- publiek, dat de toestand van de oostelijke verdedigingswerken slecht is en verzoekt om troepen. Bourtange herbergt op dat moment nog maar 50 soldaten. Groningen stuurt alvast 54 soldaten naar Bourtange. De commandanten van de Dielerschans, Leerort, Oudeschans, Nieuweschans en Bourtange trekken de verloven van alle soldaten in.

Juli

Johan Maurits van Nassau wordt op-

perbevelhebber van het Republikeinse landleger.

Groningen stuurt nog eens 3 compagnieën naar Bourtange. De grootte van compag- nieën loopt in de bronnen uiteen, je kan denken aan zo’n 60 man per compagnie.

Augustus

Groningen ontvangt bericht van kapitein Rudolph Sighers van de vesting Leerort dat 800 man Münsterse troepen richting de grens trekken. Ook hoort Groningen dat de vijand op weg is naar Bourtange. Groningen geeft opdracht de verdedi- gingswerken van Bourtange te versterken en waarschuwt voor spionnen. Kapitein Ter Ham, bevelhebber van de garde van de stadhouder van Groningen, komt naar Bourtange.

Begin september

Generaal Gorgas kwartiert het grootste deel van zijn troepen in dorpen langs de Oostgrens.

18 september

’s Morgens vroeg vertonen zich Münsterse ruiters voor Bourtange. De militie van Bourtange verdrijft hen.

Tegen het einde van de middag komt de vijand terug in grotere aantallen, zowel ruiters als infanteristen. Het weer is on- dertussen verslechterd, het regent hard. Bourtange zet kanonnen in, halve kartou- wen, en verdrijft de vijand. Of er doden of gewonden zijn gevallen, is niet bekend. Uit het dagboek van Bourtanger kapitein Gajus van Jeltinga, vernemen we dat één van de ruiters een deel van zijn degen en

Groningen Groningen Groningen Winschoten Winschoten Winschoten Jipsinghuizen Jipsinghuizen Jipsinghuizen
Groningen
Groningen
Groningen
Winschoten
Winschoten
Winschoten
Jipsinghuizen
Jipsinghuizen
Jipsinghuizen
Sellingen
Sellingen
Sellingen
Ter Apel
Ter Apel
Ter Apel
Meppen
Meppen
Meppen
orst
orst orst
Ommen
Ommen
Ommen
Oldenzaal
Oldenzaal
Oldenzaal
Losser
Losser
Losser
Enschede
Enschede
Enschede
Borculo
Borculo
Borculo

zijn mantel door een schot verloor. Ook vertelt hij dat veel boeren in Wester- wolde op de vlucht slaan.

Waarschijnlijk was deze aanval een af- leidingsmanoeuvre van generaal Gorgas. Ondertussen laat hij een weg aanleggen door het moeras, ten zuiden van Bour- tange tussen Walchum en Sellingen. Een schaapsherder uit Meppen wees de Mün- stersen op de doorwaadbare gedeelten.

20 september

In de vroege ochtend, om 5:00 uur, verjagen 500 Münsterse soldaten de 50 soldaten van het retranchement, een klein verdedigingswerk, in Ter Apel.

’s Middags verschijnt een tweede groep, van plusminus 1.800 man, over de ge-

maakte weg door het moeras. Zij trekken door naar Jipsinghuizen en richten een kampement in.

Veel inwoners van Westerwolde vluchten naar de Stad Groningen.

Groningen stuurt nog 4 compagnieën naar Winschoten, onder de commando’s van baron van Ronau, Reint Alberda, Harinxma en Jan Manninga. Groningen vraagt het Gewestelijk bestuur van Fries- land en de Staten om hulp.

De Staten sturen extra compagnieën die terecht komen in Winschoten waar kapi- tein Andolph Clant als kolonel het com- mando krijgt.

Groningen komt ter ore dat de Münstersen

de weg door het moeras versterken om kanonnen en ruiters te kunnen dragen.

26 september

Vanuit Winschoten trekken 500 à 600 sol- daten en plusminus 80 ruiters onder com- mando van kapitein Ter Ham via Wedde richting Sellingen. Zij hebben de opdracht de Münsterse troepen zoveel mogelijk afbreuk te doen.

Zij stuiten bij Jipsinghuizen op de vijand, een verrassing voor beide partijen maar voor de Münstersen nog het meest. Een fel gevecht ontwikkelt waarbij Generaal Gorgas met 1.800 man veruit de over- macht heeft.

Het verrassingselement werkt echter in het voordeel van de troepen uit Winscho- ten. Luitenant Nierop speelt hierbij een heldenrol door met een voorhoede van 104 man de Münstersen aan te vallen. De vijand verliest 300 soldaten waaronder 2 kapiteins en enkele lagere officieren.

Na deze slag vluchten de Münsterse troepen, over de weg die zij zelf door het moeras hebben aangelegd. De troepen uit Winschoten zetten de achtervolging niet in uit angst op een grote Münsterse ach- terhoede te stuiten.

4 oktober

Pas 8 dagen later zoeken Staatse eenhe- den, opnieuw onder commando van luite- nant Nierop, met een gids de wegen door het moeras op. Nierop vindt nog maar een kleine bezetting van 30 man en verjaagt die. Zijn soldaten steken vervolgens de weg door het moeras in brand.

De oostelijke veldtocht loopt zo uit op een eerste nederlaag voor de Bisschop.

25 oktober

Drie weken later probeert Generaal Gorgas met zijn troepende manschappen van de Zuidelijke veldtocht, inmiddels in Winschoten, nog te hulp te schieten. Hij bereikt hen echter niet.

manschappen van de Zuidelijke veldtocht, inmiddels in Winschoten, nog te hulp te schieten. Hij bereikt hen

14 // MOW Magazine

Een veldslag 1615 - 1650 | Rijksmuseum Amsterdam

Onder Vuur // 15

zuiDeLijke

veLDtocht

september 1665 tot en met 8 januari 1666

De zuidelijke veldtocht stond onder het commando van Von Galen zelf en generaal d’Ossery. De veldtocht had ten doel om door het oosten van het land op te rukken naar de IJssel, deze over te steken en daarna door te stoten naar Holland (Amsterdam) en Zeeland, waar de Münstersen landingsplaatsen voor het Engelse leger zouden realiseren.

De zuidelijke veldtocht met in aanvang naar waarschijnlijk- heid zo’n 15.000 man start in Twente maar strandt bij de IJssel op troepen van de Republiek. Het komt niet tot een ge- vecht. Von Galen buigt vervolgens af naar Drenthe en Gronin- gen. Het leger strandt nabij Winschoten. De opperbevelhebber van het Nederlandse landleger isoleert de Münsterse troepen en hongert deze uit.

Gorgas bouwt opnieuw een weg door het moeras, dit maal bij Ter Apel om de troepen nabij Winschoten te hulp te schieten. Hij bereikt hun echter niet. Ziekte en gebrek heersen onder de Münstersen. Half november trekt het merendeel van het leger zich terug, met uitzondering van de Burcht te Wedde. Op de terugweg leggen zij Jipsinghuizen in de as. Uiteindelijk blaast op 8 januari 1666 een treurig restant van nog maar 350 door honger en pest verzwakte Münstersen de aftocht bij de Burcht. In april volgt de tekening van de Vrede van Kleef.

16 // MOW Magazine 21 september Een Münsters leger van naar waarschijn- lijkheid 15.000 man
16 // MOW Magazine
21 september
Een Münsters leger van naar waarschijn-
lijkheid 15.000 man trekt Twente binnen.
22 september
Het leger bezet Enschede en Losser.
400 soldaten
plunderen Enschede.
In Losser steken soldaten een kerk en
45 huizen in brand. Vervolgens veroveren
de Münstersen Oldenzaal, Ootmarsum,
Almelo en Diepenheim.
Staph
Staph
Staph
28 september
Borculo volgt. Hier vestigt Von Galen zijn
hoofdkwartier.
De Münsterse troepen rukken op tot de
IJssel bij Deventer, Doesburg en Zutphen.
Het lukt deze niet om de IJssel over te
steken. De Staatse troepen, onder leiding
van Johan Maurits van Nassau, staan
aan de westelijke kant. Omdat beide
partijen zich te zwak achten, komt het
niet tot een slag.
4 Oktober
Door het uitblijven van de beloofde
Engelse subsidies krijgt Von Galen pro-
blemen met de betaling van zijn troepen.
De discipline in het leger raakt zoek.
Deventer
Deventer
Deventer
Velen deserteren en zijn leger slinkt. In
Staatse troepen
Münsterse troepen
een spoedberaad op het hoofdkwartier
in Borculo besluiten Von Galen en zijn
officieren dat een opmars naar Amster-
dam niet langer haalbaar is. Zij richten
het vizier op het noorden. Von Galen
verwacht zijn troepen te kunnen betalen
door Drenthe en Groningen heffingen op
te leggen. Onbekend is of Von Galen op
dat moment op de hoogte is van de ne-
derlaag bij Jipsinghuizen.
Zutphen
Zutphen
Zutphen
week tijd door Drenthe. Op 13 oktober
valt Staphorst, de 14e Meppel, Koekan-
ge, en Ruinen en de 15e Assen.
Vervolgens wendt dit leger zich naar het
oosten en trekt langs Kropswolde, Mar-
tenshoek en Sappemeer het Oldambt in.
De Münstersen proberen de Ommer-
schans te veroveren maar dit mislukt.
Om te voorkomen dat de Münstersen
oprukken naar Delfzijl krijgt de com-
mandant van Delfzijl opdracht de Drie
Delfzijlen, de Farmsumer zijl en de Oter-
dumerzijl te openen. Aduarderzijlen en
de Termunterzijl volgen. Grote delen van
Groningen staan nu onder water.
18 oktober
Winschoten valt.
De Münstersen bezetten Beerta.
12 oktober
Meer succes hebben zij bij de schans bij
Rouveen, opgeworpen door Johan Mau-
rits van Nassau om de toegang door het
moeras richting Drenthe te bewaken. Met
8.000 man en 8 kanonnen loopt generaal
d’Ossery met zijn leger de aanwezige 280
musketiers onder de voet.
16 oktober
Groningen verwacht een aanval op de
stad maar Münster zet deze niet in. Het
leger van d’Ossery trekt langs de pas
De Groeve bij Zuidlaren. Groningse troe-
pen proberen dit te verhinderen, maar
met behulp van zijn kanonnen breekt
d’Ossery hier doorheen.
Hierop vragen de notabelen van Slochte-
ren, Schildwolde, Noordbroek, Zuidbroek,
Westerlee en Heiligerlee bij Von Galen
sauvegarde aan. Tegen betaling zijn zij
nu gevrijwaard van inval/plundering door
Münster. Zij vallen onder bescherming
van Von Galen.
De troepen trekken vervolgens in een
Tot aan de doorbraak bij Rouveen veron-
derstelt Johan Maurits van Nassau dat
het Münsterse leger enkel afleidingsma-
noeuvres maakt en dat de aanval op het

is nu

Groningen

vrij van de vijand

Groningen Groningen Groningen Scheemda Scheemda Scheemda Winschoten Winschoten Winschoten Foxham Foxham Foxham
Groningen
Groningen
Groningen
Scheemda
Scheemda
Scheemda
Winschoten
Winschoten
Winschoten
Foxham
Foxham
Foxham
Wedde
Wedde
Wedde
Zuidlaren
Zuidlaren
Zuidlaren
orst orst orst
Ommen
Ommen
Ommen
Oldenzaal
Oldenzaal
Oldenzaal
Losser
Losser
Losser
Enschede
Enschede
Enschede
Borculo
Borculo
Borculo

westen van het land gericht blijft. Hij laat zijn leger daarom bij Dieren aan de IJs- sel liggen. Na de doorbraak verplaatst hij zijn leger naar Zwolle, bezet opnieuw de pas bij Rouveen en zendt een deel van zijn leger naar Groningen.

24 oktober

Van Nassau bereikt Groningen Stad. Zijn leger komt pas later omdat het door de hoge waterstand niet naar het noorden kan trekken. Een deel van het leger, zo’n 3.000 á 4.000 man komt met schepen naar Harlingen.

Johan Maurits van Nassau bezet Scheemda, Meeden en Zuidbroek en vestigt in Zuidbroek zijn hoofdkwartier.

De staatse troepen sluiten zo de Mün-

sterse troepen in Winschoten op. Terug- trekken door Drenthe kan niet, vanwege de veenmoerassen in het zuidwesten. Naar het noorden trekken is vanwege het onder water gelopen land niet mogelijk.

De tactiek van Johan Maurits von Nassau is die van uithongeren en wachten: hij valt niet rechtstreeks aan.

25 oktober

Generaal Gorgas van de afgeslagen Oostelijke veldtocht moet de Münsterse troepen in Winschoten te hulp schieten.

Hij laat opnieuw een weg door het moe- ras aanleggen. Dit maal bij bij Ter Apel. Von Galen komt zelf naar Meppen om hierop toe te zien. De weg is twee uur gaans lang en heeft voldoende breedte

Uittocht Wedde | Rijksmuseum Amsterdam

om er met drie paarden of vijf soldaten naast elkaar overheen te trekken. Ook deze weg bestaat uit takkenbossen met daarover planken en deuren. De soldaten dwingen de bevolking van Roswinkel om hieraan mee te helpen.

De weg is dan hun enige toegang tot Winschoten. Daarbuiten waden soldaten tot borsthoogte door het water of zakken weg in het moeras.

In Winschoten krijgen de Münstersen het steeds slechter. Johan Maurits van Nassau laat vrijwel alle korenmolens in Oost-Groningen onklaar maken. Het te- kort aan meel en brood brengt honger en verzwakking. Dan breekt ook nog de pest uit. Ruim 1.000 mannen sterven.

Midden november

Von Galen trekt zijn troepen terug uit Winschoten, eerst naar Ter Apel en ver- volgens naar Münster. De troepen ste- ken Jipsinghuizen bij deze terugtocht in brand. De burcht in Wedde blijft in han- den van Münster.

19 november

De staatse troepen vallen de Burcht van Wedde aan. De Münsterse troepen slaan de aanval echter af. Wedde wordt plat- gebrand met uitzondering van de kerk van Wedde en De Burcht. Gedurende de verdere winter raakt het leger in de Burcht meer en meer ingesloten. Ziekte en gebrek heersen.

8 januari 1666

Het laatste Münsterse garnizoen in de Burcht, nog 450 man sterk, geeft zich over. Zij mogen met vaandel en wapens uit het slot vertrekken maar moeten het geschut en de munitie achterlaten.

18 // MOW Magazine

Afwikkeling en vrede

Eind 1665 is de positie van Bernhard von Galen ernstig verzwakt. Zijn veldtochten in de Republiek lopen uit op een mislukking. Frankrijk hoopt op Nederlandse hulp in de eigen strijd tegen Spanje en kiest partij voor de Republiek. De Franse koning stuurt op 10 november 1665 een leger van 4.000 soldaten en 2.000 ruiters. Dit leger trekt door het bisdom Luik naar het noorden tot aan de IJssel. Van Engeland ontvangt Von Galen nog steeds geen subsidies en ook binnen het Duitse Rijk verliest hij steeds meer steun. Frederik Willem, de keurvorst van Branden- burg, dreigt zelfs de Republiek militair te gaan steunen. De Duitse keizer wil bovendien niet dat de havens van de Republiek in Engelse handen komen. Hij keurt de aanval openlijk af.

in Engelse handen komen. Hij keurt de aanval openlijk af. Soldaten plunderen een dorp 1633 |

Soldaten plunderen een dorp 1633 | Rijksmuseum Amsterdam

In deze omstandigheden werpt de keurvorst van Branden- burg zich op als vredesbemiddelaar. Wanneer Von Galen definitief van Engeland verneemt geen financiële steun te ontvangen, kan hij niets anders doen dan ingaan op dit aanbod. De onderhandelingen vinden plaats in Kleef. Behalve Engeland nemen alle betrokken partijen deel: de Republiek, Münster, Frankrijk, de Duitse keizer en diverse vorsten uit het Duitse Rijk.

Op 18 april 1666 vind de ondertekening van het vredesver- drag plaats. Het verdrag bepaalt dat: De Münsterse troe- pen zich volledig terugtrekken van het grondgebied van de Republiek. Het leger van het Prins-Bisdom Münster wordt teruggebracht tot 3.000 man. Von Galen afziet van zijn rechten op Borculo. Alle verbonden tegen de Republiek vervallen. De Republiek geen vijandelijkheden onderneemt tegen het Prins-Bisdom Münster. Duidelijk is wie de verlie- zer is in deze oorlog: Prins-Bisschop Bernhard von Galen.

Oorlogseffecten

De bezetting en het krijgsverloop nemen hun tol op de be-

volking. Historische bronnen tonen vooral de economische gevolgen. Van de psychologische en andere gevolgen van de geweldsdreiging en -uitbarstingen van die tijd is minder goed een beeld te schetsen.

De bezetters plunderen boerderijen en kastelen, slachten koeien en schapen, richten drinkgelagen aan en slaan de boel kort en klein. Talloze gebouwen branden af. Protes- tantse geestelijken slaan op de vlucht. Hun kerken geeft de vijand aan de katholieken. De Münsterse troepen zet- ten dorpen en steden onder druk om te betalen. Zo moet Losser van december 1665 tot april 1666 elke week 40 rijksdaalders, 35 stuivers, 20 mud haver, 2456 pond hooi én kosten voor het bestuur betalen. Dat lijkt niet veel, maar de bevolking was gering. Oldenzaal is dan de grootste stad van Twente en telt slechts 1.500 inwoners.

Maar niet alleen de vijand houdt huis. De Staatse verdedigingstactiek brengt de vernietiging van Groninger molens, dijken en wegen met zich mee. Aan het einde van de oorlog staat half Groningen onder water. Talloze inwoners van het gebied zijn op de vlucht.

Onder Vuur // 19

Onder Vuur / / 19 Medaillon Eerste Münsterse Oorlog, origineel Versailles | Rijksmuseum Amsterdam

Medaillon Eerste Münsterse Oorlog, origineel Versailles | Rijksmuseum Amsterdam

20 // MOW Magazine

vrienden en vijanden

De Eerste Münsterse oorlog kan niet begrepen worden zonder een indruk van het Europese krachtenveld van die tijd. Wie waren de hoofd- personen in dit conflict? Wat dreef hen, wat was hun politieke motivatie, wie was vriend en wie vijand? Dat laatste kon in deze tumultu- euze tijd ook nog weleens wisselen.

Wij onderscheiden 7 hoofdpersonen: de leider van de Republiek der Nederlanden, Johan de Witt en zijn militaire hoofden te land en ter zee, respectievelijk Johan Maurits van Nassau en Michiel Adriaenszoon de Ruyter. Hiernaast had je Willem de Derde, op dat moment slechts 14 jaar oud. Hij speelde geen recht-

streekse politieke rol maar gold wel als het boegbeeld van de orangisten, degenen die Johan de Witt en de zijnen uit het zadel wilde helpen. De Franse en Engelse koningen werkten beiden aan het verankeren van hun macht, terwijl Bernhard von Galen gedreven werd door zijn strijd tegen het protestantisme.

De bedreigde zwaan | Jan Asselijn

Op het schilderij zie je een zwaan haar ei verdedigen tegen een aanzwemmende hond. De bijpassende opschriften luiden de raadspensionaris, Holland en de vijand van de staat. De opschriften zijn van latere datum en geven het schilderij een politieke lading. Johan de Witt zou Holland beschermen tegen diens vijanden, waarmee mogelijk ook de orangisten bedoeld werden. Daarmee kan je het beeld ook interpreteren als Johan de Witt als beschermer van ‘de ware vrijheid’.

Jan Asselijn, de bedreigde zwaan, circa 1650, origineel Rijksmuseum, 144 x 171, olieverf op doek.

Onder Vuur // 21

johan de Witt (1625-1672)

Johan de Witt was bij het uitbreken van de Eerste Münsterse Oorlog al zo’n 12 jaar raadpensionaris van Holland. Hij gold als de onbetwiste leider van de staatsgezinden en de be- langrijkste politicus van de Re- publiek. In het buitenland zag men hem wel als “de koning van Nederland”.

m a d r e t s m A m u e s u m
m
a
d
r
e
t
s
m
A
m
u
e
s
u
m
s
R
i
j
k

Mede hierdoor concentreerde De Witt zich op het opbouwen van een sterke vloot, maar minder op het in stand houden van een goed landleger. Dit speelde de Republiek behoorlijk parten toen Münster over land de Republiek aanviel. De zuidelijke veldtocht van de Prins Bisschop verliep aanvankelijk zeer succesvol. Toen Frankrijk samen met Münster de Republiek bin- nenviel in 1672 bleek dit opnieuw en nog veel sterker.

Na de dood van stadhouder Willem II in 1650 wilde het merendeel van de 7 Ne- derlandse provinciën geen stadhouder, geen centraal gezag meer. Besluiten wer- den voortaan gezamenlijk ge-

nomen. De Witt was een groot verdediger hiervan. Hij zag dit als de ware vrijheid. Degenen die een herstel van het stadhou- derschap beoogden, de orangisten, probeerde hij dan ook buiten de macht te houden.

In datzelfde jaar werd De Witt slachtoffer van een moordaanslag. De aanslag mislukte maar schakelde hem anderhalve maand uit. Hij moest herstellen van meerdere messte-

ken en andere verwondingen.

Tijdens zijn afwezigheid werd Willem de Derde tot stadhouder benoemd. De Witt trad daarop af. Niet veel later werd De Witt samen met zijn broer Cornelis op gruwelijke wijze vermoord. Een van de aanvoerders van de lynchmeute was admiraal Cornelis Tromp, in 1665 door de Witt gepasseerd als opperbevelhebber van de vloot ten faveure van Michiel de Ruyter.

Zijn beleid richtte zich op het versterken van de han- delspositie van de Republiek. Vooral Engeland als op- komende zee- en handelsmacht zag hij als een grote bedreiging. Hiertegen zocht hij bij Frankrijk steun.

grote bedreiging. Hiertegen zocht hij bij Frankrijk steun. De gevangenneming van Johan de Witt, 1672 |

De gevangenneming van Johan de Witt, 1672 | Rijksmuseum Amsterdam

22 // MOW Magazine

johan Maurits van Nassau-siegen (1604-1679)

Vlak voordat in 1665 de Münsterse Oorlog uitbrak, benoemde de Staten Generaal Johan Maurits, graaf van Nassau-Siegen en achterneef van Willem van Oranje, tot opperbevelheb- ber van het landleger. Het was een hoogtepunt in een militaire loop- baan die hij al op 16jarige leeftijd startte.

Onder Stadhouder Frederik Hendrik nam hij in de onaf- hankelijkheidsstrijd tegen Spanje deel aan diverse veldtochten en maakte car- rière als cavalerieofficier. Zo was hij betrokken bij het beleg van Groenlo in 1627, het beleg van ’s Hertogen- bosch in 1629 en het beleg van Maastricht in 1632.

In 1636 trad hij in dienst van de West-Indische Compag- nie als gouverneur van Brazilië, kort daarvoor op de Portugezen veroverd. Acht jaar later keerde hij terug en werkte in verschil- lende functies voor de Staten Generaal.

g a a H n e D s i u h s t ir u
g
a
a
H
n
e
D
s
i
u
h
s
t
ir
u
M
a

In antwoord op de Münsterse veldtocht liet hij de achterhoek ontruimen en stelde zijn leger op achter de IJssel. Zijn tac- tiek lijkt er op gericht geweest een rechtstreeks gevecht met de vijand te vermijden. Omdat de Staten verwacht- ten dat de aanval zich op Holland zou richten, liet Jo- han Maurits zijn leger achter de IJssel liggen, ook toen de Münsterse troepen naar het noorden afbogen. Pas nadat zij via Rouveen Drenthe introk- ken, verplaatste hij zijn troepen naar Groningen. Hier isoleerde

In 1632 kocht hij van stad- houder Frederik Hendrik een perceel grond, pal naast het Binnenhof in Den Haag, waar hij in de jaren die volgden een paleis liet bouwen dat voldeed aan zijn stand:

het huidige Mauritshuis.

hij de vijand en hongerde deze

uit. Begin januari 1666 vertrokken

de laatste Münstersen. In 1672 verde- digde hij de Republiek opnieuw.

Johan Maurits bleef tot 1675 in actieve dienst, waarna hij zich in Kleef vestigde, waarvan hij sinds 1647 stadhouder was. In 1679 stierf hij en werd in het daar door hem aangelegde mausoleum bijgezet (afbeelding). Een jaar later plaatste men hem bij in de familiegrafkelder in Siegen. | Rijksmuseum Amsterdam

bijgezet (afbeelding). Een jaar later plaatste men hem bij in de familiegrafkelder in Siegen. | Rijksmuseum

Onder Vuur // 23

Michiel Adriaenszoon

de Ruyter (1607-1676)

Vlak voor het uitbreken van de oorlog benoemde Johan de Witt Michiel Adriaenszoon de Ruyter tot opperbevelhebber van de vloot van de Republiek. Hij gaf aan De Ruyter de voorkeur boven meer ervaren admi- raals omdat hij neutraal stond in de strijd tussen de staatsgezinden en de orangisten. Tussen Michiel de Ruyter en Johan de Witt ont- wikkelden zich vriendschaps- banden.

Michiel de Ruyter speelde een belangrijke rol in de Tweede Engelse oorlog (1665-1667), die voor een deel gelijktijdig met de Eerste Münsterse Oorlog

plaatsvond. Aanvankelijk verliep deze zeeoorlog slecht voor de Republiek. De Ruyter behaalde echter een overwinning op de Engelse vloot in de Vierdaagse zeeslag in 1666 (afbeel- ding). Tijdens de tocht naar Chatham in 1667 bracht hij de Engelse vloot een vernietigende slag toe. Hierop volgde een voor de Republiek gunstige vrede: de Vrede van Breda.

De Ruyter sneuvelde in 1676 bij Sicilië nadat de Republiek hem met een zwak eskader uitzond om de Spanjaar- den te ondersteunen tegen Frankrijk.

m a d r e t s m A m u e s R u
m
a
d
r
e
t
s
m
A
m
u
e
s
R
u
i
j
k
s
m
Frankrijk. m a d r e t s m A m u e s R u

Vierdaagse Zeeslag 1666 | Rijksmuseum Amsterdam

24 // MOW Magazine

Willem iii, Prins van oranje

(1650-1702)

Toen de Eerste Münsterse oorlog uitbrak, was Willem de Derde ruim 14 jaar oud. Hij speelde in deze periode nog geen rechtstreekse politieke rol. Invloed verkrij- gen op de jonge prins was echter wel een belangrijke strategie in de strijd tussen de staatsgezinden en de orangisten. Deze laatsten probeerden Willem als stadhouder erkend te krij- gen, iets dat pas in 1672 lukte. Vanzelfsprekend stelden de staatsgezinden hier het nodige tegenover.

Zo bepaalden de Staten in 1666 dat de educatie van Willem door de staat geleid moest worden, met Johan de Witt als één van de opvoe- ders. Een kwestie die overi- gens al sinds 1659 speelde. Als ‘kind van de staat’ kon men hem:

“…in te planten de waere deuchden ende wetenschappen, mits- gaders om dezelve te imbueren met de kennisse van de rechten ende costumen deser landen, alsook van de aerdt ende ’t humeur van dese natie”.

m a d r e t s m A m u e s R u
m
a
d
r
e
t
s
m
A
m
u
e
s
R
u
i
j
k
s
m

(inplanten waarachtige deugden en wetenschappen en tegelijk kennis te nemen van de rechten en ge- bruiken van deze landen, alsook de aard en de gesteldheid van deze natie.)

De invloed van De Witt was tegen het zere been van Karel de Tweede, oom en later ook de voogd van Willem. Aan de andere kant voedde deze familieband met de Engelse koning het wantrouwen richting de orangisten. Zouden deze wel loyaal blijven?

richting de orangisten. Zouden deze wel loyaal blijven? Op deze afbeelding uit 1663 zie je een

Op deze afbeelding uit 1663 zie je een triomfwagen met de twaalfjarige Willem de derde. In zijn gevolg vind je de heer van Bever- weert, de admiralen Tromp en Opdam en twee vorsten van Nassau, allen min of meer bekende orangisten. De personificatie van religie heeft de teugels in handen, bijgestaan door Dapperheid en Voorzichtigheid. De provinciemaagden, let ook op de vaandels, treden de wagen tegemoet. Een duidelijke voorstelling van Willem als leider van het land. | Rijksmuseum Amsterdam.

Onder Vuur // 25

Lodewijk de veertiende (1638-1715)

Lodewijk de Veertiende, ook wel bekend als de Zonne- koning, wist meer dan zijn voorgangers de macht van de koning in Frankrijk te versterken. Hij maakte vanaf 1661 een einde aan de versnippering van de macht over de vele adellijke instellingen die uit de middeleeuwen stamden. Hij concentreerde zeggenschap zoveel mogelijk bij hemzelf, zich beroe- pend op zijn goddelijk recht, droit divin. Lodewijk was de meest succesvolle absolute vorst in het Europa van zijn tijd.

Lodewijks buitenlandse beleid was gericht op het vergroten van de macht van Frankrijk, ter meerdere eer en glorie van de koning. De katholieke vorst wilde de Spaanse Ne- derlanden toe-eigenen, uit handen van de katholieke Habsburgers. Omdat hij in Münster een Habsburgse bondgenoot zag, koos hij in

de Eerste Münsterse Oorlog zonder omwegen partij voor de protestantse Republiek. Hij verwachtte zo de positie van de Habsburgers te verzwakken om vervolgens de Spaanse Nederlanden te kunnen bezetten.

a i d e m i k i W
a
i
d
e
m
i
k
i
W

Nog maar 6 jaar later zou Lodewijk tegenover de Nederlanden een totaal tegengestelde positie innemen. Hij sloot in 1672 een bondgenoot- schap met Engeland, Keulen en Münster om de Republiek aan te vallen, nog steeds met zijn oog op de Spaanse Nederlanden. Of bondgenoten katholiek of protestants waren, was bij hem van ondergeschikt be- lang aan de uitbreiding van zijn macht. Op zijn sterfbed schijnt hij nog als zonde op- gebiecht te hebben “J’aimais trop la guerre” (ik hield te veel van de oorlog).

trop la guerre” (ik hield te veel van de oorlog). Allegorie op de macht. Lodewijk, in

Allegorie op de macht. Lodewijk, in Romeins tenue, vertrapt een mon- ster terwijl Onsterfelijkheid hem kroont en Vrede hem aan de hand neemt. Een engel wijst op een wapenuitrusting. De tekst op het doek verwijst naar een filosofisch traktaat van Charles Colbert de Croissy, één van Lodewijks be- langrijkste adviseurs. Prent: Gerard Edelinck . Origineel: Charles Le Brun, circa 1680. | Rijksmuseum Amsterdam

26 // MOW Magazine

karel de tweede (1630-1685)

De opgang van Karel de Tweede naar de troon was moeizaam. Zijn vader, Karel de Eerste, werd in 1649 onthoofd. Het Engelse parlement riep Karel wel uit tot koning maar strijd volgde met Olivier Cromwell en diens republikeinen. Na een beslissende slag vluchtte Karel in 1651 naar het Europese vasteland. Hij verbleef onder meer in de Republiek. Na de dood van Cromwell keerde hij in 1660 terug naar Enge- land als koning. Een periode van restauratie begon.

Als oom en voogd van Willem de Derde probeerde Karel hem in de Republiek als stadhouder aan de macht te helpen. Hij wantrouwde bovendien Johan de Witt omdat deze in 1664 in het geheim een vloot naar West-Afrika zond, als strafexpeditie richting de Engelsen. Overigens stond deze vloot onder leiding van Admiraal de Ruyter.

a i d e m i k i W
a
i
d
e
m
i
k
i
W

Karel was een bewonderaar van Lodewijk de Veertiende en een aanhanger van het absolutisme. Hij slaagde er echter niet in zo machtig te worden als Lode- wijk. Het Engelse Parlement confronteerde hem met weer- stand. Hij wist het parlement in 1681 te ontbinden en regeerde nog tot zijn dood in 1685. Opmerkelijk is dat hoewel Engeland formeel onder de Church of England viel, hij sterke relaties had met katholieken, waaronder zijn broer. Op zijn sterfbed schijnt hij alsnog bekeerd te zijn tot de kerk van Rome.

De Republiek verwachtte in Karel een bondgenoot te hebben. Hij vertrok in 1660 vanuit Scheveningen (zie afbeelding). De republiek gaf hem een luisterrijk afscheid, met voor die tijd ongekend hoge kosten. Het mocht niet baten. Nog geen 5 jaar later waren Engeland en de Repu- bliek in een verwoede strijd op zee verwikkelt, de Tweede Engelse oorlog (1665-1667). Als opkomende handelsnatie wilde Karel een einde maken aan de machtspositie van de Re- publiek. Ook beloofde hij Von Galen financiële steun voor zijn veldtochten.

hij Von Galen financiële steun voor zijn veldtochten. Vertrek Karel de Tweede uit Sche- veningen 1660

Vertrek Karel de Tweede uit Sche- veningen 1660 | Rijksmuseum Amsterdam

Onder Vuur // 27

christoph Bernhard von Galen

(1606-1678)

Christoph Bernhard von Galen voelde zich door de Republiek der Nederlanden uitgedaagd tot de aanvallen, zo staat op zijn grafschrift te lezen. Zijn heilige strijd tegen het protestantisme versterkte hem in zijn grieven. Zeker is dat beide oorlogen en de strijd tegen de Republiek de kern vormden van zijn buiten- landse beleid.

Opvallend hierbij is dat hij de verhoudingen binnen Europa vaak verkeerd inschatte. Zo had hij verwacht dat de koning van Frankrijk, eveneens katholiek, hem in zijn aanval in 1665 op zijn minst niet dwars zou zitten. In het verleden had Frank- rijk hem ook gesteund, on- der meer in het verzekeren van zijn claim op Münster. Nu steunde Frankrijk echter de Republiek.

Ook bleek Engeland een onbetrouwbare partner. De beloofde financiële steun bleef uit. Von Galen kon zijn soldaten niet betalen en zijn leger slonk. Hij moest zijn oorspronkelijke plan om Holland te bezetten, verlaten. Door af te buigen naar het noorden, kwam zijn leger in de val te zitten. Een tweede aanval in 1672 was meer succesvol: de Münsterse bezetting duurde dit keer ruim twee jaar.

de Münsterse bezetting duurde dit keer ruim twee jaar. In Nederland heeft Von Galen de reputatie

In Nederland heeft Von Galen de reputatie verkre- gen van oorlogsliefhebber, met als bijnaam Bommen Berend. De vraag is of hij zoveel afweek van de andere heersers van zijn tijd, veelal op jacht naar de overhand binnen het wan- kele en wisselende machts- evenwicht dat Europa heette. Wel is duidelijk dat hij zich meer dan andere heersers liet leiden door zijn religieuze over- tuigingen. Dit maakte hem blind voor de motivatie van bijvoorbeeld de veel pragmatischere Franse koning.

In 1678 stierf Von Galen, een failliet Münster achterlatend. Terwijl hij lag opgebaard werd zijn huis geplunderd | Rijksmu- seum Amsterdam

Galen, een failliet Münster achterlatend. Terwijl hij lag opgebaard werd zijn huis geplunderd | Rijksmu- seum

28 // MOW Magazine

De vier kanten van de

Don Quichot

Een bekende uitspraak is dat geschiedenis geschreven wordt door de overwinnaars. Het beeld dat ook vandaag nog in Nederland van Bernhard von Galen bestaat, is dat van een machtswellusteling die vechtend tegen de bierkaai ten onder ging. Klopt dat beeld? Hier komen de verschillende kanten van Prins-Bisschop Christoph Bernhard Freiherr von Galen, zoals zijn volledige naam luidde, aan bod.

Reputatie en overlevering

Tijdgenoten van Von Galen bepaalden het veelal nega- tieve beeld dat tot op de dag van vandaag voortleeft. Zo schetste de geschiedschrijver Simon de Vries in een biografie van 1679, Von Galen af als een onbetrouwbare, gevaarlijke agressor. Het beeld van een duivelse bisschop die net zo gemakkelijk kanonnen afschoot als de wijwaterkwast hanteerde, keerde vaak terug.

Over spotprenten

Spotprenten bestonden uit afgedrukte gravures die de draak staken met personen of politieke gebeurtenis- sen. Drukkers verkochten de prenten als pamfletten. Ze besloegen meestal een pagina met beeld en een toelichtende tekst. Gravures waren in de 17e eeuw een goedkope manier om (nieuws)beelden te verspreiden.

eeuw een goedkope manier om (nieuws)beelden te verspreiden. Het succes van spotprenten voor- onderstelde een zekere

Het succes van spotprenten voor- onderstelde een zekere mate van politieke vrijheid en een publiek, dat kon lezen en schrijven, politieke in- teresse had en bovendien welvarend genoeg om de spotprenten te kopen. De Republiek voldeed in de zeven- tiende eeuw in Europa het meest aan deze voorwaarden. Hier bevond zich een naar verhouding welvarende burgerij, die door de Vrijheidsstrijd tegen Spanje poli- tiek geïnteresseerd was, terwijl het bestuur van de Republiek een relatief hoge mate van vrijheid kende.

Op veel spotprenten staat Von Galen als Don Quichot. Zoals deze ridder vocht tegen windmolens, die hij in zijn wanen aanzag voor reuzen, zo vocht Von Galen tegen zijn denkbeeldige vijanden van de katholieke orde.

Ook zien we hem als een ruiter op een zwijn, wat de draak stak met Münster waar de varkensteelt belangrijk was.

Weer andere spotprenten tonen Von Galen als half bis- schop, half soldaat, een verwijzing naar het dubbelzin- nige, lees onbetrouwbare, karakter van Von Galen.

dubbelzin- nige, lees onbetrouwbare, karakter van Von Galen. Spotprent midden | LWL-Museum für Kunst und Kultur

Spotprent midden | LWL-Museum für Kunst und Kultur Münster

Spotprenten overig | Rijksmuseum Amsterdam

Onder Vuur // 29

Prins Bisschop

Vorst

In het 17e eeuwse Duitse rijk was het samenvallen van een bisdom met een vorstendom niet ongebrui- kelijk en geheel volgens de wet. Von Galens opmars naar de macht was echter niet vanzelfsprekend.

Münster onder vuur

De deken van Münster, Bernhard von Mallinckrodt vocht Von Galens uitverkiezing aan. Ook het stadsbestuur van Münster, dat de vrijheden van de stad bedreigd zag, ver- zette zich. Von Galen belegerde Münster twee keer. De stad sloeg het eerste beleg (20 augustus tot en met 16 oktober 1657) af met hulp van de Nederlandse Repu- bliek. Zijn tweede beleg (22 juli 1660 tot en met 26 maart 1661) was een succes. De Republiek durfde de stad niet meer te steunen, omdat Frankrijk een dreigende houding innam. Hierna is Von Galen onbetwist heer en meester in het Prins-Bisdom.

steden. Von Galen nam als vorst al snel maatregelen om de Landdag te passeren en naar eigen goeddunken belasting te heffen. Münster kreeg eerder bij de bepa- lingen van de Vrede van Westfalen in 1648 onder meer autonomie in militaire zaken en kon voortaan zelfstandig bondgenootschappen aangaan. Aan deze zelfstandige status van de stad maakte hij in 1661 een einde.

In die zin was Bernhard von Galen een moderne 17e eeuwse vorst. Bij de meeste absolutistische heersers ging het landsbelang voor alles, bij de pragmatische Franse koning voorop. Heersers gingen bondgenoot- schappen aan op basis van wat dan het beste uitkwam.

schappen aan op basis van wat dan het beste uitkwam. Münster voor en na de beschieting

Münster voor en na de beschieting 1657 | LWL-Museum für Kunst und Kultur Münster

Modern absolutisme

Als prins streefde Von Galen naar absolutisme. Lodewijk de Veertiende was daarin zijn grote voorbeeld. Zo veel mogelijk regeringsmacht kwam hier bij de vorst te lig- gen. Hij drong de aloude macht van plaatselijke heersers terug. Vorstelijke besluiten golden nu voor heel het land. Het waren de eerste stappen op weg naar een centrale of landelijke regering.

Zo liep de belastingheffing in Münster van oudsher via de Landdag, bestaande uit leden van de adel, geeste- lijkheid, ridders en de vertegenwoordigers van dertien

Een vriend kon zo snel een vijand worden en omgekeerd. De Franse koning bijvoorbeeld steunde in 1665 de Republiek der Nederlanden om nog geen zeven jaar later Münster te steunen.

Strijd tegen het protestantisme

Von Galen richtte zich echter op een hoger doel, de strijd tegen het protestantisme. Dit maakte hem blind voor het wispelturige gedrag van andere spelers op het Europese strijdtoneel en verkleinde zijn kansen op mili- tair succes. Na twee mislukte veldtochten, liet Von Galen bij zijn dood in 1678 een berooid Münster achter.

30 // MOW Magazine

Bisschop

Von Galen nam zijn functie als bisschop ernstig op. Het was niet enkel een voorwendsel voor macht.

Kerkhervormer

Als leider van zijn bisdom streefde hij naar hervorming van de katholieke kerk. Hij gold als aanhanger van het Concilie van Trente (1545-1563). Deze kerkvergadering uit de voorgaande eeuw had regels uitgegeven voor het zuiveren van misstanden in de katholieke kerk, om zo het protestantisme te bestrijden.

Von Galen belegde in zijn bisdom diverse hervormings- synodes. Hij riep zijn geestelijken bijeen om aanwijzingen te geven over de zuivere katholieke leer, richtlijnen voor het houden van diensten en de geestelijk zorg aan pa- rochianen. De bisschop bracht onvermoeibaar visitatie- bezoeken - een soort inspecties- aan de parochies bin- nen zijn grenzen, om te kijken of deze zijn richtlijnen in praktijk brachten. Tussen 1654 en 1662 bezocht hij maar liefst 55 parochies persoonlijk.

Celibaat

Een van de problemen die de Bisschop zag, was dat veel priesters zich niet aan het celibaat hielden. Hij dwong priesters om hun vrouwen en eventuele kinderen weg te sturen, die daarmee vaak tot totale armoede ver- vielen. Priesters die weigerden hun concubinaat op te geven, liet Von Galen uit hun ambt zet- ten. Hij schrok er zelfs niet voor terug om “ri- sicovolle” vrouwen gevangen te zetten. Een harde opstelling. Herstel van de discipline in de kerk was volgens de Bisschop echter nodig. De kerken in de parochies dienden voor gelo- vigen een werkelijk geestelijk tehuis te zijn. Zijn pastorale brieven getuigen van deze opvatting.

Schenkingen

Hierbij stak de bisschop veel geld, ook uit per- soonlijke middelen, in de bouw van nieuwe ker- ken. Veel kerken waren in de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) verwoest. De zielzorg in de kerken moest van hoge kwaliteit zijn. Hiertoe gaf hij ge-

de kerken moest van hoge kwaliteit zijn. Hiertoe gaf hij ge- Rijksmuseum Amsterdam detailleerde richtlijnen, alles

Rijksmuseum Amsterdam

detailleerde richtlijnen, alles van de wijze van prediken tot de manier van zingen.

Verder steunde Von Galen parochies met geschenken. Zo gaf hij in 1655 een prachtige verzilverde en vergulde madonna aan de parochie in Vechta: de Strahlenmadonna (stra- lenkransmadonna). Nog steeds dragen katholie- ken in Vechta dit beeld mee in de processie op Hemelvaartsdag.

Strahlenmadonna | Kath. Kirchengemeinde St Mariä Himmelfahrt Vechta

Onder Vuur // 31

Mens

Bernhard werd op 12 oktober 1606 geboren te Rinkerode, niet ver van Münster. Hij was een van vier kinderen in een oud geslacht van lage landadel. Zowel zijn vader als moeder waren protes- tants, opmerkelijk in een omgeving die grotendeels katholiek was. Zijn leven getuigde van een grote discipline.

katholiek was. Zijn leven getuigde van een grote discipline. Jeugd Vader Dietrich von Galen was officier.

Jeugd

Vader Dietrich von Galen was officier. Tijdens een duel op de Domplatz doodde hij mede-officier Gerhard Mor- rien en verdween voor twaalf jaar in de gevangenis. In de jeugd van Bernhard speelde hij zo nauwelijks een rol.

In de gevangenis bekeerde Dietrich zich tot het katho- lieke geloof. Ook Bernhards moeder, Catharina von Hoerde, werd laat in haar leven katholiek, vlak voor de verkiezing van Bernhard tot bisschop in 1650.

Vanwege de gevangenschap van zijn vader en het pro- testantse geloof van zijn ouders nam de broer van zijn vader, Heinrich von Galen, Bernhard in huis. Zijn oom zorgde ervoor dat Bernhard gedegen onderwijs volgde bij de Jezuïeten. Deze katholieke kloosterorde streefde naar contrareformatie. Het protestantse geloof moest bestreden worden, onder meer door zuivering van de katholieke kerk. Voor het wereldbeeld van Bernhard was deze gedachte van grote invloed bepalend.

Student

Bernhard wilde priester worden en studeerde theologie aan verschillende universiteiten, geleid door Jezuïe- ten, in München, Keulen, Mainz en Bordeaux. Bern- hard viel op als een intelligente en ijverige student. Al snel bekleedde hij verschillende bestuurlijke functies binnen het bisdom. Vanwege zijn capaciteiten stuurde het bisdom hem als vertegenwoordiger van de kerk naar de voorbereidende besprekingen voor de Vrede van Münster van 1648. Zo was hij onderdeel van één van de bepalende mo- menten van zijn tijd.

Rijksmuseum Amsterdam

Bisschop

In 1650 koos het Domkapittel, een belangrijk bestuurs- orgaan van de katholieke kerk in Münster, Von Galen tot bisschop. De Paus bevestigde dit. Volgens de bestaande regeling voor het vorstendom Münster erkende de Duitse keizer hem vervolgens als landsheer.

Als priester/bisschop trouwde Bernhard niet. Hij stierf in 1678.

Wikimedia

de Duitse keizer hem vervolgens als landsheer. Als priester/bisschop trouwde Bernhard niet. Hij stierf in 1678.

32 // MOW Magazine

onrust in de regio

De oorlog versterkte reeds bestaande tegenstellingen in de regio, voedde wantrouwen, angst voor katholieke restauratie en meer. Als hoofdkwesties kunnen we twee zaken onderscheiden: de strijd om het gezag in t Oldambt en spanningen in de Stad zelf.

Strijd om het gezag in Oldambt

De verhouding tussen de stad Gronin- gen en het Oldambt was slecht door een conflict over de zeggenschap over het Oldambt: lag dit bij de Stad of Oldambt zelf? Aanleiding waren de plannen van de stad voor verlenging van het Herediep (sinds 1840 bekend als het Winschoterdiep).

De stad wilde dit kanaal vanaf Zuid- broek in twee richtingen verlengen, naar Winschoten en Finsterwolderzijl. De laatste aftakking liep echter dwars door de beste landerijen van meerde- re landeigenaren. Eén van hen, jonker Sebo Huninga uit Oostwold, leidde het verzet hier tegen. Toen het stad- bestuur in 1635 de aanleg doorzette, liep het conflict hoog op. De partijen bestookten elkaar met pamfletten over de vraag wie soeve-

rein was in het Oldambt. Om het verzet in het Oldambt de kop in te drukken, veroordeelde het stadsbe- stuur Sebo Huninga in 1639 bij ver- stek tot levenslange verbanning uit Stad en Lande.

De verbanning maakte geen einde aan de spanningen. In 1648 kwam het zelfs tot een gewapend treffen bij Zuidbroek. De Staten Generaal kozen echter partij voor Groningen.

Het wantrouwen bleef evenwel be- staan. Toen de Münsterse troepen het Oldambt bezetten, vreesde Gronin- gen, dat het Oldambt gemene zaak zou maken met de Prins Bisschop. Slochteren, Schildwolde, Noordbroek, Zuidbroek, Westerlee en Heiligerlee vroegen inderdaad sauvegarde, “be- scherming”, aan bij Münster. In ruil voor het leveren van rantsoenen, zou het leger de dorpen niet plunderen.

Nadat Johan Maurits van Nassau het grootste deel van het gebied heroverde, daagde hij Noordbroek en Zuidbroek voor een krijgsraad in november 1665. De dorpen moesten zich verantwoorden voor het aan- vragen van sauvegarde. Het Gewest Groningen bestreed de zeggenschap van de krijgsraad, maar Van Nassau trok zich hier niets van aan. De krijgs- raad veroordeelde beide plaatsen tot het betalen van een boete van 5000 Carolusgulden, op te brengen binnen 24 uur. Later deelde de raad ook zware boetes uit aan Heiligerlee en Westerlee.

de raad ook zware boetes uit aan Heiligerlee en Westerlee. Graf Sebo Huninga | Ick heb

Graf Sebo Huninga | Ick heb op deser aerd gestreeden, in ge- mack en moeilikheden. Ick heb geyvert voor ’t gemeen. Nu rust ick onder desen steen.

Onder Vuur // 33

Onder Vuur / / 33 Portret Gerrit Harms Warendorp | Groninger Museum op de Grote Markt.

Portret Gerrit Harms Warendorp | Groninger Museum

op de Grote Markt. De andere bouw- meester, Gerhard Udink en de advo- caat Lucas Harckens ontvingen gra- tie. Op straffe van executie werden zij levenslang verbannen van het stedelijk grondgebied. In 1665 kwamen zij op de vlucht voor de Münsterse troepen toch terug. Beiden werden alsnog onthoofd, en wel op dermate gruwelijke wijze, dat woedende toe- schouwers de beul achter- volgden.

De zaak Schulenborg

De zaak Schulenborgh versterkte het wantrouwen in de Stad. Meester Johan Schulenborgh vertegen- woordigde Stad en Lande in de Staten Generaal. Hij haalde zich het ongenoe- gen van het stadsbestuur op

de hals, toen hij in 1661 voor het vredesverdrag met Portugal stemde. Dit was uitdrukkelijk tegen de op- dracht van de stad in, omdat het vredesverdrag voor de stad financieel nadelig was. Het bestuur schorste Schulenborg maar hij zocht steun bij de gilden. Dit kwam hem duur te staan. Nadat de regenten de opstand van de gilden onderdrukten, kreeg hij huisarrest. Verkleed als vrouw vlucht- te hij uit Groningen naar Münster, waar hij als adviseur van de Prins Bisschop optrad. Na zijn vlucht werd hij bij verstek ter dood veroordeeld.

Spanningen in de Stad Groningen

In Groningen liepen de spanningen eveneens hoog op bij het uitbreken van de oorlog. Niet alleen bestond er wantrouwen richting het Oldambt, intern was de stad ernstig verdeeld.

Angst voor katholieken

Het protestantse stadsbestuur vrees- de voor een opleving van godsdienst- oorlog en verraad van katholieken. De stad bepaalde dat alle katholie- ken hun wapens moesten inleveren en van straat dienden te blijven.

Regenten versus gilden

Daarnaast stonden regenten en gilden tegenover elkaar. De gilden probeerden in 1662 de greep van de regenten op het stadsbestuur te doorbreken. Even waren zij succesvol. Aan het einde van het jaar maakten de regenten echter al een einde aan de opstand.

Het stadsbestuur zette de leiders van de gilden gevangen. Eén van hen was de bontwever Gerrit Harms Waren- dorp, één van de twee bouwmeesters van de gilden. De bouwmeesters vertegenwoordigden de gilden in het stadsbestuur en spraken recht in kwesties tussen gilden onderling of tussen leden van hetzelfde gilde.

De stad veroordeelde Warendorp ter dood. In 1663 werd hij terecht gesteld

gilde. De stad veroordeelde Warendorp ter dood. In 1663 werd hij terecht gesteld Familie Schulenborg |

Familie Schulenborg | Groninger Museum

34 // MOW Magazine

Ruiterportret Bernhard von Galen 1674 | particulier bezit Groninger Museum

Onder Vuur // 35

tot slot

De Eerste Münsterse Oorlog liep voor de Prins Bisschop op een fiasco uit. Niettemin zou hij het enkele jaren later nog eens proberen, in 1672. Als onderdeel van een bondgenootschap met Engeland en Frankrijk rukte de Bisschop op in het oosten en belegerde de stad Groningen.Uit deze tijd stamt zijn bijnaam Bommen Berend. Twee jaar later was Von Galen opnieuw verslagen. Dit belette hem echter niet om zichzelf in 1674 te laten portretteren als machtig ruiter voor de stad Groningen. Doordat de schilder vanaf een gravure werkte, staat de stad overigens in spiegelbeeld.

Ook zijn grafschrift laat weinig aan verbeelding over:

Gewijd aan God de almachtige en aller- hoogste. De buiten- gewoon verheven en eerwaardige Vorst en Heer, Heer Christoph Bernhard,Bisschop van Münster, Abt van de abdij van Corve, Burggraaf van Stromberg, Prins van het Heilige Romeinse Rijk, Heer van Borculo, werd geboren in de burcht van Bisping op 12 oktober 1606, werd gekozen tot bisschop op 14 novem- ber 1650, werd bevestigd en gewijd in 1651, en in 1652 in een feestelijke processie in zijn ambt ingeleid. Hij heeft de zedelijke levenswandel van de geestelijkheid hersteld. Hij heeft de kerken weer toegerust. Hij heeft het vaderland weer veiligheid ge- bracht.

Hij heeft het vaderland weer veiligheid ge- bracht. Grafmonument | Domverwaltung St.-Paulusdom Münster recht in

Grafmonument | Domverwaltung St.-Paulusdom Münster

recht in ambten in het Eemsland, in Vechta, Cloppenburg en Bevergern heeft hij in de handen gelegd van de Kerk van Münster. De graaf van Bentheim en verschillende anderen heeft hij tot het ware geloof bekeerd. Veel heeft hij voortreffelijk gegrondvest, ingericht, nagelaten en gesticht.

In het aangaan van bondgenoot- schappen en het voeren van oorlo- gen overtrof hij al zijn voorgangers. Münster heeft hij teruggeleid naar

gehoorzaamheid. In Hon- garije voerde hij de legers aan van het Keizerrijk in de strijd tegen de Turken. In het Stift Corvey heeft hij Höxter bevrijd. Daar- toe uitgedaagd voerde hij twee maal oorlog met de Bataven en bezette daarbij heel Overijssel en een deel van Gelderland, Friesland en Groningen. Nadat hij weer vrede had gesloten met de Bataven, stuurde hij vele duizen- den bewapende mannen als hulptroepen voor de Keizer en het Rijk naar Duitsland. Wildeshausen heeft hij ook heroverd. De her- togdommen Bremen en Verden heeft hij heroverd op Zweden

Toen hij zijn legers als hulptroepen ten behoeve van de koning van Spanje in België beproefde,

en in het Noorden ten be- hoeve van de Deense koning en hij thuis de rust van het platteland genoot, werd hij in de burcht Ahaus getroffen door koorts en stierf hij roemrijk, zacht en vroom tot onme- telijk verdriet van zijn ondergeschik- ten en van wie hem na stonden op 19 september in het Heilsjaar 1678 op de leeftijd van 72 jaar na een ambtsperiode van 28 jaar.

Coesfeld heeft hij van soldaten uit Hessen, Bevergern van soldaten uit Orange, Vechta van soldaten uit Zweden bevrijd. Het hele bisdom heeft hij bevrijd van vijandelijke bezettingstroepen. Hij heeft burchten gebouwd in Münster, Coesfeld en in Vechta. Coesfeld, Warendorf, Rheine, Vechta en Meppen heeft hij versterkt.

Het bisschoppelijk benoemings-

Schrik voor zijn vijanden. Bescher- mer van zijn vrienden Vernieuwer, behoeder en vergroter van de Kerk en het Vorstendom.

MOW | Museum de Oude Wolden te Bellingwolde is al sinds 1973 een museum. Van
MOW | Museum de Oude Wolden te Bellingwolde is al sinds 1973 een museum. Van
MOW | Museum de Oude Wolden te Bellingwolde is al sinds 1973 een museum. Van

MOW | Museum de Oude Wolden te Bellingwolde is al sinds 1973 een museum. Van het begin af aan richt het museum zich op kunst en ge- schiedenis. Sinds 2012 kent MOW nog maar twee vaste presentaties, een opstelling rond fijnschilder en magisch realist Lodewijk Bruckman en 24K, met wisselende expositie- ruimte voor regionale kunstenaars.

www.lodewijkbruckman.nl

Het museum programmeert twee tot drie keer per jaar een nieuwe, omvangrijke hoofdexpositie waarbij zowel artistieke als streekhistori- sche onderwerpen aan bod komen. Verder is het onderzoeken van het eigene van de streek, en dan met name Westerwolde, een apart thema. MOW is zo steeds opnieuw een heel nieuw museum. Kijk op de website van MOW voor het actuele programma.

artistieke objecten is hierbij een ver- trek- maar niet een eindpunt. Achter de schermen werkt het museum aan het beschrijven en toegankelijk ma- ken van deze collectie.

Verder organiseert MOW educatieve activiteiten voor jong en oud en werkt het museum aan een groeiend evenementenprogramma.

MOW zoekt in zijn programmering

MOW | Museum de Oude Wolden Hoofdweg 161

naar verrassing en een net wat

9695

AE Bellingwolde

andere blik op soms alledaagse

0597

- 53 15 09

zaken. De eigen collectie van ette-

info@museumdeoudewolden.nl

lijke duizenden streekhistorische en

www.museumdeoudewolden.nl