You are on page 1of 2

Lieselot Leirs

Voortaak muzische vorming
In dit verslag geef ik wat meer uitleg over mijn muzische
grondhouding, wat ik nog weet uit mijn kindertijd, waar ik goed
en niet goed in ben en waarom ik muzische vorming zo belangrijk
vind in de lagere school.
Ik kan mij herinneren uit mijn lagere school ervaring dat muzische niet
veel aan bod kwam. Ik zat in de Klimop te Schepdaal. De elementen die in
de muzische lessen vooral aan bod kwamen, waren : liedjes zingen, poëzie
voordragen, een museum bezoeken en een theatervoorstelling bezoeken.
Ik kan mij helemaal niet meer herinneren dat wij zelf aangezet werden om
te experimenteren met materialen en zelf iets te maken. Meestal moesten
we dingen namaken.
Waar de school wel zeer sterk in was, is het organiseren van schoolfeesten
en musicals. Om de twee jaar werd er een musical georganiseerd waarbij
de kleding zelf gemaakt werd door de kinderen, waar alleen de kinderen
acteren. Maar ook dit kan ik geen muzische vorming noemen. Het blijft het
vanbuiten leren en het spelen van dingen.
Dat brengt mij tot de volgende stap. Namelijk hoe belangrijk ik het vind
dat er muzische vorming in scholen wordt geïntroduceerd. Muzische
vorming zorgt ervoor dat de leerlingen de wereld anders gaan bekijken,
door een andere bril. Ik vind het persoonlijk zeer belangrijk dat ze hun
zicht en mening over de wereld veel breder gaan bekijken dan dat ze de
afgelopen jaren hebben gedaan. Het zorgt voor een verrijking. Ik ben er
zeker van dat als je daar al mee begint van het moment dat het kind nog
heel jong is, dat het alleen maar voordelen met zich meebrengt.
Muzische vorming is voor mij het experimenteren van alle muzische
domeinen ( muziek, drama, beeld, beweging, woord, media). Het is
belangrijk dat je evenveel aandacht schenkt aan de verschillende
domeinen want alleen zo kan een leerling zijn visie gaan uitbreiden. Moest
ik zelf al voor een klas staan, zou ik met de leerlingen heel veel gaan
experimenteren en niet zo zeer dingen specifiek maken. Ik zou met de
leerlingen gaan beschouwen en nadien met de verschillende materialen
gaan werken om te kijken wat hun functie is, wat we ermee kunnen doen
etc.
Muzisch werken is dan ook een combinatie van een doel en een middel.
Enerzijds is het een middel om andere doelen te bereiken omdat de
leerlingen leren hoe ze moeten samenwerken, hoe ze materialen en
andere leerlingen met respect moeten behandelen, hoe ze hun

Lieselot Leirs

zelfvertrouwen en fantasie gaan ontwikkelen. Anderzijds is muzisch
werken een doel op zich. Hierin ga je echt beeldende elementen gaan
onderzoeken, de mogelijkheden van verschillende domeinen gaan
ontdekken, openstaan voor verschillende vormen van kunst,… Ook hier is
het weer belangrijk dat het mooi evenwicht is van de twee.

Als ik kijk naar mezelf dan vind ik wel dat ik muzikaal ben. Van kleins af
aan ben ik al bezig met muziek. Ik heb zeven jaar gitaar gespeeld en
zeven jaar klassieke muziek gedaan. Nu ben ik al drie jaar aan het
studeren op de muziekschool ‘Peter Benoit’ op de afdeling pop & jazz. De
vaardigheden die ik dus vooral beheers zijn : juist zingen, een instrument
bespelen, aandacht pakken van het publiek.
Ik heb in de lagere school ook één van de hoofdrollen gespeeld in de
schoolmusical dus ik kan een personage spelen en voordragen.
Als ik kijk naar mijn muzische grondhouding, dan merk ik dat ik zeer goed
ben in de sociale vaardigheden. Ik ben goed in het democratisch
overleggen met anderen, openstaan en acceptatie van dingen, feedback
durven geven aan anderen. Ik moet wel nog werken aan het nog
duidelijker communiceren naar mensen toe want soms begrijpen ze dingen
anders dan dat ik bedoel.
Ik ben een persoon dat andere ook heel goed aanvoelt. Ik merk direct als
er iets scheelt en ik wil die persoon dan ook helpen. Ze weten dat ze bij
mij terecht kunnen als ze erover willen praten maar ik vind het belangrijk
dat er niet gepusht wordt.
Waar ik helemaal niet goed in ben, is mij durven geven. Ik kan heel
enthousiast voor een klas staan maar als ik zelf iets moet doen om mijn
grenzen te verleggen, dan lukt het meestal niet. Ik ben ook een zeer
onzeker persoon waardoor ik niet rap geloof in mijn eigen mogelijkheden.
Ik denk heel vaak dat het mij niet zal lukken of dat ik het niet kan, terwijl
het mij uiteindelijk wel lukt. Daarin kunnen we dan ook concluderen dat ik
totaal geen zelfvertrouwen heb. Als ik voor de klas sta, ben ik ook altijd
heel zenuwachtig. Het voordeel hierin is dat ik mijn zenuwachtigheid wel
kan verbergen. Meestal merken de mentoren de stress niet.