You are on page 1of 28

Asterix Project

Docentenhandleiding
Inleiding

Iedereen van jullie heeft wel eens gehoord van Asterix en Obelix.
Ondanks dat dit een stripverhaal is kun je hier een heleboel van
leren. Asterix en Obelix hebben niet echt bestaan, maar de
Romeinen en het volk van de Galliërs wel.
Jullie gaan kijken of de zaken die Asterix zegt waar zijn, door
bronnen met elkaar te vergelijken.
Nu gaan jullie in Asterix boeken op zoek naar de “echte”, de
“ware” zaken.
Het onderzoek dat jullie gaan doen bestaat uit:
• Hoofdvraag (die je kunt uitwerken door eerst de deelvragen
te beantwoorden)
• Drie deelvragen (geven dus antwoord op de hoofdvraag!)

Tijd Activiteit
8.30 – 9.00 • De groepjes worden gemaakt (5 leerlingen in groepjes
op alfabetische volgorde; zie leerlingenlijst)
• Ieder groepje krijgt een thema ter verwerking
• Uitdelen werkmateriaal: posterpapier en bronnen

9.00 – 10.10 Uitleg van de opdracht:


• Iedere leerling leest de opdracht door
• Leerlingen verdelen deelvragen over elkaar en
beantwoorden samen de hoofdvraag
• Leerlingen zetten zelf de antwoorden netjes, leesbaar
op het bijgevoegde antwoordvel
• De antwoorden kun je vinden in de opgenoemde
bronnen

10.10 – Pauze
10.30
10.30 – • De leerlingen kunnen nog verder werken aan de
11.00 hoofd- en deelvragen

11.00 – • Beginnen met de poster. Gebruik eigen


12.10 meegebrachte kleuren!! Je maakt een poster, die aan
de volgende eisen moet voldoen:
1. Titel (thema)
2. Namen van de werkgroepleden + klas
3. Datum
4. Antwoord op hoofdvraag (op poster schrijven)
5. Het moet in stripvorm
6. Gebruik het hele vel papier
7. Gebruik veel en felle kleuren
Denk eraan Asterix is de hoofdfiguur!!
12.10 – Pauze
12.40
12.40 – • Poster afmaken
13.45 • Spullen opruimen

13.45 – • Iedere groep krijgt 5 minuten de tijd om zijn poster


14.20 aan de anderen te presenteren. Je wordt beoordeeld
op de poster en de presentatie daarvan. IEDERE
leerling moet presenteren. Presenteren = de klas
aankijken!!
• De aanwezige docent beoordeelt de presentatie met
goed – voldoende of onvoldoende.

Veel werkplezier
Asterix Project

Handleiding
Thema 1
Inheemse boerderijen en Romeinse villa’s
Iedereen van jullie heeft wel eens gehoord van Asterix en Obelix.
Ondanks dat dit een stripverhaal is kun je hier een heleboel van
leren. Asterix en Obelix hebben niet echt bestaan, maar de
Romeinen en het volk van de Galliërs wel.
Jullie gaan kijken of de zaken die Asterix zegt waar zijn, door
bronnen met elkaar te vergelijken.
Nu gaan jullie in Asterix boeken op zoek naar de “echte”, de
“ware” zaken.
Het onderzoek dat jullie gaan doen bestaat uit:
• Hoofdvraag (die je kunt uitwerken door eerst de deelvragen
te beantwoorden)
• Drie deelvragen (geven dus antwoord op de hoofdvraag!)

Tijd Activiteit
9.00 – 10.10 Uitleg van de opdracht:
• Iedere leerling leest de opdracht door
• Leerlingen verdelen deelvragen over elkaar en
beantwoorden samen de hoofdvraag
• Leerlingen zetten zelf de antwoorden netjes, leesbaar op
het bijgevoegde antwoordvel
• De antwoorden kun je vinden in de opgenoemde bronnen

10.10 – Pauze
10.30
10.30 – • De leerlingen kunnen nog verder werken aan de hoofd- en
11.00 deelvragen

11.00 – • Beginnen met de poster. Gebruik eigen meegebrachte


12.10 kleuren!! Je maakt een poster, die aan de volgende eisen
moet voldoen:
1. Titel (thema)
2. Namen van de werkgroepleden + klas
3. Datum
4. Antwoord op hoofdvraag (op poster schrijven)
5. Het moet in stripvorm
6. Gebruik het hele vel papier
7. Gebruik veel en felle kleuren
Denk eraan Asterix is de hoofdfiguur!!

12.10 – Pauze
12.40
12.40 – • Poster afmaken
13.45 • Spullen opruimen

13.45 – • Iedere groep krijgt 5 minuten de tijd om zijn poster aan de


14.20 anderen te presenteren. Je wordt beoordeeld op de poster
en de presentatie daarvan. IEDERE leerling moet
presenteren.
• De aanwezige docent beoordeelt de presentatie met goed
– voldoende of onvoldoende.
Veel werkplezier
Thema 1
Inheemse boerderijen en Romeinse villa’s

Hoofdvraag: Welke invloed hadden de Romeinse boerderijen (of villa) op


de
leefwijze van de inheemse bevolking?

Bronnen:
• Geschiedenis van Limburg – Deel 1 – p.59t/m61 + p. 64
• Asterix: De lauwerkrans van Caesar
• Asterix: de Belgen
• Thermenmuseum: De Villa

Bekijk de bronnen goed, als het moet meerdere keren en beantwoord de


deelvragen:

Deelvraag 1: Hoe zagen de Romeinse villa’s eruit? Denk bijvoorbeeld


aan welke gebouwen er omheen stonden

Deelvraag 2: Hoe zagen de inheemse boerderijen eruit?

Deelvraag 3: Zijn de inheemse boerderijen, huizen en villa’s veranderd


door de
komst van de Romeinen? Kijk naar verschillen tussen
Romeinse en Gallische nederzettingen wat betreft bouwstijl,
gebruikte materialen, wegen tussen de gebouwen.

Let op!
Voordat je de hoofdvraag kunt beantwoorden moet je eerst de drie
deelvragen beantwoorden alvorens je overgaat tot beantwoording van de
hoofdvraag. Nu maak je hiervan een poster over Asterix, waarin Asterix
ons vertelt over jullie thema, de hoofd- en deelvragen
Antwoordvel:

Namen groepsleden en Klas:

Deelvraag 1:

Deelvraag 2:

Deelvraag 3:

Hoofdvraag:
Asterix Project

Handleiding
Thema 2
Badhuizen oftewel thermen
Iedereen van jullie heeft wel eens gehoord van Asterix en Obelix.
Ondanks dat dit een stripverhaal is kun je hier een heleboel van
leren. Asterix en Obelix hebben niet echt bestaan, maar de
Romeinen en het volk van de Galliërs wel.
Jullie gaan kijken of de zaken die Asterix zegt waar zijn, door
bronnen met elkaar te vergelijken.
Nu gaan jullie in Asterix boeken op zoek naar de “echte”, de
“ware” zaken.
Het onderzoek dat jullie gaan doen bestaat uit:
• Hoofdvraag (die je kunt uitwerken door eerst de deelvragen
te beantwoorden)
• Drie deelvragen (geven dus antwoord op de hoofdvraag!)

Tijd Activiteit
9.00 – 10.10 Uitleg van de opdracht:
• Iedere leerling leest de opdracht door
• Leerlingen verdelen deelvragen over elkaar en
beantwoorden samen de hoofdvraag
• Leerlingen zetten zelf de antwoorden netjes, leesbaar op
het bijgevoegde antwoordvel
• De antwoorden kun je vinden in de opgenoemde bronnen

10.10 – Pauze
10.30
10.30 – • De leerlingen kunnen nog verder werken aan de hoofd- en
11.00 deelvragen

11.00 – • Beginnen met de poster. Gebruik eigen meegebrachte


12.10 kleuren!! Je maakt een poster, die aan de volgende eisen
moet voldoen:
1. Titel (thema)
2. Namen van de werkgroepleden + klas
3. Datum
4. Antwoord op hoofdvraag (op poster schrijven)
5. Het moet in stripvorm
6. Gebruik het hele vel papier
7. Gebruik veel en felle kleuren
Denk eraan Asterix is de hoofdfiguur!!

12.10 – Pauze
12.40
12.40 – • Poster afmaken
13.45 • Spullen opruimen

13.45 – • Iedere groep krijgt 5 minuten de tijd om zijn poster aan de


14.20 anderen te presenteren. Je wordt beoordeeld op de poster
en de presentatie daarvan. IEDERE leerling moet
presenteren.
• De aanwezige docent beoordeelt de presentatie met goed
– voldoende of onvoldoende.
Veel werkplezier
Thema 2
Badhuizen oftewel thermen

Hoofdvraag: Welke rol speelde het badhuis in het dagelijks leven van de
Romeinen?

Bronnen:
• Geschiedenis van Limburg – Deel 1 – p.62 en 64
• Asterix: De Gladiatoren
• Asterix: Het ijzeren schild
• Asterix: Het gouden snoeimes

Bekijk de bronnen goed, als het moet meerdere keren en beantwoord de


deelvragen.

Deelvraag 1: Wat is een badhuis? Hoe werkte het en hoe zag het eruit?
Vergelijk
Asterix met de realiteit.

Deelvraag 2: Waarvoor ging men naar een badhuis en wat deed men
daar? Kijk
wat er in Asterix staat, klopt dit?

Deelvraag 3: Wie gingen er naar de badhuizen en waar stonden ze? Kijk


ook naar
de antwoorden van de vorige vraag.

Let op!
Voordat je de hoofdvraag kunt beantwoorden moet je eerst de drie
deelvragen beantwoorden alvorens je overgaat tot beantwoording van de
hoofdvraag. Nu maak je hiervan een poster over Asterix, waarin Asterix
ons vertelt over jullie thema, de hoofd- en deelvragen
Antwoordvel:

Namen groepsleden en Klas:

Deelvraag 1:

Deelvraag 2:

Deelvraag 3:

Hoofdvraag:
Asterix Project

Handleiding
Thema 3
Sport, spel en ontspanning
Iedereen van jullie heeft wel eens gehoord van Asterix en Obelix.
Ondanks dat dit een stripverhaal is kun je hier een heleboel van
leren. Asterix en Obelix hebben niet echt bestaan, maar de
Romeinen en het volk van de Galliërs wel.
Jullie gaan kijken of de zaken die Asterix zegt waar zijn, door
bronnen met elkaar te vergelijken.
Nu gaan jullie in Asterix boeken op zoek naar de “echte”, de
“ware” zaken.
Het onderzoek dat jullie gaan doen bestaat uit:
• Hoofdvraag (die je kunt uitwerken door eerst de deelvragen
te beantwoorden)
• Drie deelvragen (geven dus antwoord op de hoofdvraag!)

Tijd Activiteit
9.00 – 10.10 Uitleg van de opdracht:
• Iedere leerling leest de opdracht door
• Leerlingen verdelen deelvragen over elkaar en
beantwoorden samen de hoofdvraag
• Leerlingen zetten zelf de antwoorden netjes, leesbaar op
het bijgevoegde antwoordvel
• De antwoorden kun je vinden in de opgenoemde bronnen

10.10 – Pauze
10.30
10.30 – • De leerlingen kunnen nog verder werken aan de hoofd- en
11.00 deelvragen

11.00 – • Beginnen met de poster. Gebruik eigen meegebrachte


12.10 kleuren!! Je maakt een poster, die aan de volgende eisen
moet voldoen:
1. Titel (thema)
2. Namen van de werkgroepleden + klas
3. Datum
4. Antwoord op hoofdvraag (op poster schrijven)
5. Het moet in stripvorm
6. Gebruik het hele vel papier
7. Gebruik veel en felle kleuren
Denk eraan Asterix is de hoofdfiguur!!

12.10 – Pauze
12.40
12.40 – • Poster afmaken
13.45 • Spullen opruimen

13.45 – • Iedere groep krijgt 5 minuten de tijd om zijn poster aan de


14.20 anderen te presenteren. Je wordt beoordeeld op de poster
en de presentatie daarvan. IEDERE leerling moet
presenteren.
• De aanwezige docent beoordeelt de presentatie met goed
– voldoende of onvoldoende.

Veel werkplezier
Thema 3
Sport, spel en ontspanning

Hoofdvraag: Welke rol speelden sport en spel in het leven van de


Romeinen?

Bronnen:
• Asterix: De gladiatoren
• Asterix: De olympische spelen
• Asterix: De kampioen

Bekijk de bronnen goed, als het moet meerdere keren en beantwoord de


deelvragen.

Deelvraag 1: Van welke sporten en spelen hielden de Romeinen? Kijk naar


de
sporten die ze zelf deden en waar ze naar keken.

Deelvraag 2: Wat gebeurde er zoal is de arena’s en renbanen? Geef


minimaal 5 voorbeelden.

Deelvraag 3: Leg het begrip “Brood en Spelen” uit.

Let op!
Voordat je de hoofdvraag kunt beantwoorden moet je eerst de drie
deelvragen beantwoorden alvorens je overgaat tot beantwoording van de
hoofdvraag. Nu maak je hiervan een poster over Asterix, waarin Asterix
ons vertelt over jullie thema, de hoofd- en deelvragen
Antwoordvel:

Namen groepsleden en Klas:

Deelvraag 1:

Deelvraag 2:

Deelvraag 3:

Hoofdvraag:
Asterix Project

Handleiding
Thema 4
Wegen en vervoersmiddelen
Iedereen van jullie heeft wel eens gehoord van Asterix en Obelix.
Ondanks dat dit een stripverhaal is kun je hier een heleboel van
leren. Asterix en Obelix hebben niet echt bestaan, maar de
Romeinen en het volk van de Galliërs wel.
Jullie gaan kijken of de zaken die Asterix zegt waar zijn, door
bronnen met elkaar te vergelijken.
Nu gaan jullie in Asterix boeken op zoek naar de “echte”, de
“ware” zaken.
Het onderzoek dat jullie gaan doen bestaat uit:
• Hoofdvraag (die je kunt uitwerken door eerst de deelvragen
te beantwoorden)
• Drie deelvragen (geven dus antwoord op de hoofdvraag!)

Tijd Activiteit
9.00 – 10.10 Uitleg van de opdracht:
• Iedere leerling leest de opdracht door
• Leerlingen verdelen deelvragen over elkaar en
beantwoorden samen de hoofdvraag
• Leerlingen zetten zelf de antwoorden netjes, leesbaar op
het bijgevoegde antwoordvel
• De antwoorden kun je vinden in de opgenoemde bronnen

10.10 – Pauze
10.30
10.30 – • De leerlingen kunnen nog verder werken aan de hoofd- en
11.00 deelvragen

11.00 – • Beginnen met de poster. Gebruik eigen meegebrachte


12.10 kleuren!! Je maakt een poster, die aan de volgende eisen
moet voldoen:
1. Titel (thema)
2. Namen van de werkgroepleden + klas
3. Datum
4. Antwoord op hoofdvraag (op poster schrijven)
5. Het moet in stripvorm
6. Gebruik het hele vel papier
7. Gebruik veel en felle kleuren
Denk eraan Asterix is de hoofdfiguur!!

12.10 – Pauze
12.40
12.40 – • Poster afmaken
13.45 • Spullen opruimen

13.45 – • Iedere groep krijgt 5 minuten de tijd om zijn poster aan de


14.20 anderen te presenteren. Je wordt beoordeeld op de poster
en de presentatie daarvan. IEDERE leerling moet
presenteren.
• De aanwezige docent beoordeelt de presentatie met goed
– voldoende of onvoldoende.

Veel werkplezier
Thema 4
Wegen en vervoersmiddelen

Hoofdvraag: Hoe belangrijk was het wegenvervoersnet in het Romeinse


rijk?

Bronnen: Geschiedenis van Limburg – Deel 1 – p. 58t/m61


• Asterix: De Helvetiërs (pag. 14, 18, 19, 20, 21)
• Asterix: De ronde van Gallië (pag. 18)
• Asterix: De Galliër (pag. 25)
• Asterix: De odyssee (pag. 29, 31, 34)
• Asterix: Corsica (pag. 35)

Bekijk de bronnen goed, als het moet meerder keren en beantwoord de


deelvragen.

Deelvraag 1: Hoe en door wie werden in het Romeinse rijk wegen


aangelegd?

Deelvraag 2: Welke rol speelden de wegen en de verschillende


vervoersmiddelen
in het Romeinse rijk voor de handel, de steden, het leger en
de bestuurders?

Deelvraag 3: Leg het volgende spreekwoord uit: “Alle wegen leiden naar
Rome”.

Let op!
Voordat je de hoofdvraag kunt beantwoorden moet je eerst de drie
deelvragen beantwoorden alvorens je overgaat tot beantwoording van de
hoofdvraag. Nu maak je hiervan een poster over Asterix, waarin Asterix
ons vertelt over jullie thema, de hoofd- en deelvragen
Antwoordvel:

Namen groepsleden en Klas:

Deelvraag 1:

Deelvraag 2:

Deelvraag 3:

Hoofdvraag:
Asterix Project
Handleiding
Thema 5
Het Romeinse leger

Iedereen van jullie heeft wel eens gehoord van Asterix en Obelix.
Ondanks dat dit een stripverhaal is kun je hier een heleboel van
leren. Asterix en Obelix hebben niet echt bestaan, maar de
Romeinen en het volk van de Galliërs wel.
Jullie gaan kijken of de zaken die Asterix zegt waar zijn, door
bronnen met elkaar te vergelijken.
Nu gaan jullie in Asterix boeken op zoek naar de “echte”, de
“ware” zaken.
Het onderzoek dat jullie gaan doen bestaat uit:
• Hoofdvraag (die je kunt uitwerken door eerst de deelvragen
te beantwoorden)
• Drie deelvragen (geven dus antwoord op de hoofdvraag!)

Tijd Activiteit
9.00 – 10.10 Uitleg van de opdracht:
• Iedere leerling leest de opdracht door
• Leerlingen verdelen deelvragen over elkaar en
beantwoorden samen de hoofdvraag
• Leerlingen zetten zelf de antwoorden netjes, leesbaar op
het bijgevoegde antwoordvel
• De antwoorden kun je vinden in de opgenoemde bronnen

10.10 – Pauze
10.30
10.30 – • De leerlingen kunnen nog verder werken aan de hoofd- en
11.00 deelvragen

11.00 – • Beginnen met de poster. Gebruik eigen meegebrachte


12.10 kleuren!! Je maakt een poster, die aan de volgende eisen
moet voldoen:
1. Titel (thema)
2. Namen van de werkgroepleden + klas
3. Datum
4. Antwoord op hoofdvraag (op poster schrijven)
5. Het moet in stripvorm
6. Gebruik het hele vel papier
7. Gebruik veel en felle kleuren
Denk eraan Asterix is de hoofdfiguur!!

12.10 – Pauze
12.40
12.40 – • Poster afmaken
13.45 • Spullen opruimen

13.45 – • Iedere groep krijgt 5 minuten de tijd om zijn poster aan de


14.20 anderen te presenteren. Je wordt beoordeeld op de poster
en de presentatie daarvan. IEDERE leerling moet
presenteren.
• De aanwezige docent beoordeelt de presentatie met goed
– voldoende of onvoldoende.

Veel werkplezier
Thema 5
Het Romeinse leger

Hoofdvraag: Hoe was het Romeinse leger georganiseerd?

Bronnen:
• Geschiedenis van Limburg – Deel 1 – p. 54t/m57
• Asterix: Het eerste legioen (pag. 18, 20, 21, 23, 24, 26, 27, 31,
36, 46)
• Asterix: De zoon van Asterix (pag. 24)
• Asterix: De Galliër
• Asterix: De Britten (pag. 46)
• Asterix: Cleopatra (pag. 39)
• Asterix: De grote oversteek
• Asterix: De ronde van Gallië (pag. 7, 18)

Bekijk de bronnen goed, als het moet meerdere keren en beantwoordt de


deelvragen.

Deelvraag 1: Hoe zag het leven van een Romeinse soldaat eruit?

Deelvraag 2: Welke technieken en tactieken gebruikte men in het


Romeinse
leger? Welke wapens? Welke formaties?

Deelvraag 3: Welke rol speelden de niet-Romeinen in het leger? Welke


niet-
Romeinen vochten er bijvoorbeeld mee? Hoe werden ze
behandeld?

Let op!
Voordat je de hoofdvraag kunt beantwoorden moet je eerst de drie
deelvragen beantwoorden alvorens je overgaat tot beantwoording van de
hoofdvraag. Nu maak je hiervan een poster over Asterix, waarin Asterix
ons vertelt over jullie thema, de hoofd- en deelvragen
Antwoordvel:

Namen groepsleden en Klas:

Deelvraag 1:

Deelvraag 2:

Deelvraag 3:
Hoofdvraag:

Asterix Project
Handleiding
Thema 6
Goden en godsdienst

Iedereen van jullie heeft wel eens gehoord van Asterix en Obelix.
Ondanks dat dit een stripverhaal is kun je hier een heleboel van
leren. Asterix en Obelix hebben niet echt bestaan, maar de
Romeinen en het volk van de Galliërs wel.
Jullie gaan kijken of de zaken die Asterix zegt waar zijn, door
bronnen met elkaar te vergelijken.
Nu gaan jullie in Asterix boeken op zoek naar de “echte”, de
“ware” zaken.
Het onderzoek dat jullie gaan doen bestaat uit:
• Hoofdvraag (die je kunt uitwerken door eerst de deelvragen
te beantwoorden)
• Drie deelvragen (geven dus antwoord op de hoofdvraag!)

Tijd Activiteit
9.00 – 10.10 Uitleg van de opdracht:
• Iedere leerling leest de opdracht door
• Leerlingen verdelen deelvragen over elkaar en
beantwoorden samen de hoofdvraag
• Leerlingen zetten zelf de antwoorden netjes, leesbaar op
het bijgevoegde antwoordvel
• De antwoorden kun je vinden in de opgenoemde bronnen

10.10 – Pauze
10.30
10.30 – • De leerlingen kunnen nog verder werken aan de hoofd- en
11.00 deelvragen

11.00 – • Beginnen met de poster. Gebruik eigen meegebrachte


12.10 kleuren!! Je maakt een poster, die aan de volgende eisen
moet voldoen:
1. Titel (thema)
2. Namen van de werkgroepleden + klas
3. Datum
4. Antwoord op hoofdvraag (op poster schrijven)
5. Het moet in stripvorm
6. Gebruik het hele vel papier
7. Gebruik veel en felle kleuren
Denk eraan Asterix is de hoofdfiguur!!

12.10 – Pauze
12.40
12.40 – • Poster afmaken
13.45 • Spullen opruimen

13.45 – • Iedere groep krijgt 5 minuten de tijd om zijn poster aan de


14.20 anderen te presenteren. Je wordt beoordeeld op de poster
en de presentatie daarvan. IEDERE leerling moet
presenteren.
• De aanwezige docent beoordeelt de presentatie met goed
– voldoende of onvoldoende.

Veel werkplezier
Thema 6
Goden en godsdienst
Hoofdvraag: Welke rol speelden de goden in het dagelijks leven van de
Romeinen? Welke rol speelde de druïde in het dagelijks leven van Asterix
en Obelix?

Bronnen:
• Geschiedenis van Limburg – Deel 1 – p. 53 en 67 en 68
• Asterix: De intrigant
• Asterix: De ziener
• Asterix: Cleopatra
• Asterix: Het gouden snoeimes (pag. 6, 7)
• Asterix: De Galliër (pag. 7, 8)
• Asterix: De Gothen (pag. 8, 12)
• Asterix: De Galdiatoren (pag. 10)

Bekijk de bronnen goed, als het moet meerdere keren en beantwoord de


deelvragen.

Deelvraag 1: Welke goden komen er in Asterix voor? Leg uit wie deze
goden
waren?

Deelvraag 2: Waartoe dienden de goden? Wat doen de goden van de


Romeinen en
de Galliërs zoal in Asterix?

Deelvraag 3: Welke rol speelden de zieners en de priesters? Welke rol


speelt
Panoramix bijvoorbeeld?

Let op!
Voordat je de hoofdvraag kunt beantwoorden moet je eerst de drie
deelvragen beantwoorden alvorens je overgaat tot beantwoording van de
hoofdvraag. Nu maak je hiervan een poster over Asterix, waarin Asterix
ons vertelt over jullie thema, de hoofd- en deelvragen

Antwoordvel:
Namen groepsleden en Klas::

Deelvraag 1:

Deelvraag 2:

Deelvraag 3:

Hoofdvraag: