You are on page 1of 1

Gisteren = het perfectum Morgen = het futurum

Ik heb gisteren sangria gedronken Ik ga morgen sangria drinken

In het perfectum gebruiken we hebben/zijn + participium In het futurum gebruiken we gaan + infinitief
Het participium staat op het einde van de zin De infinitief staat op het einde van de zin

Hebben of zijn?
Dat moet je studeren bij het verbum

Het participium?

De vorm van het participium =


GE INFINITIEF min EN + T of D

Hoe maak ik het participium?


Een voorbeeld:

1. Infinitief min en 1. werken en = werk


2. Laatste letter? 2. Laatste letter = k
3. Staat de laatste letter in SOFT KETCHUP? 3. Ja + T

JA NEE
+T +D
= gewerkt

En gedronken en geweest dan?


Dat zijn excepties. Die moet je studeren!