You are on page 1of 1

P.

1 = het gezegde leg uit hoe zin eruit ziet met schema

onderwerp + gezegde + voorwerp + bepaling = bwb


Lv=wie/wat Wr=plaats/wnr=tijd/wrm=
reden/hoe=wijze/Waarmee
Mv=aan wie/aan wat =middel

Wwg = altijd zelfstandig Nwg altijd koppel . koppel =zwobbel

Er kan nooit lv in nwg staan


!!!!!
Pv .z of pv.hulp (h) Pv.k of pv h

Pvh +wwa Pvh+nwwa Pvh +nwwa

VD=ge AD = op maken =hij maakt zich op Ad = op maken=hij maakt zich op

Inf=wb.vorm Wkvn= bv: hij wast zich Wkvn= bv: hij wast zich

Nd Uitdr=bv: met vuur spelen Nd uitdr=bv met vuur spelen