You are on page 1of 8

Studiewijzer Nederlands 5 vwo 2018-2019

Zomervakantie tot en met TW-1


34, 35, 36, 37, 38, 39, 40 (max. 21 lessen)
41 = NC-Week
42 = herfstvakantie
43 & 44 = TW-1

Onderdeel Stof
Leesvaardigheid 
Herhaling argumentatie aan de hand van het
Opdrachtenboekje Argumenteren
(www.iknoemjebloemen.nl)
 Examenbundel VWO 2017/2018, deel 1: Theorie met
oefenopgaven
 Een actueel artikel wordt besproken aan de hand van
algemene tekstvragen (www.iknoemjebloemen.nl)
Schrijfvaardigheid  Je taalvaardigheid wordt bepaald aan de hand van een toets.
 In week 38 lever je een essay in van minimaal 800 woorden
naar aanleiding van de boeken die je in vwo-4 gelezen hebt.
 In week 40 lever je een betoog in van 400 of meer woorden
over het onderwerp dat bij leesvaardigheid besproken werd;
het betoog wordt besproken met en door klasgenoten en is
de basis voor het debat.
 Beide teksten worden opgenomen in het schrijfdossier en (op
een of meerder aspecten) beoordeeld door de docent. Het
betoog wordt beoordeeld op spelling en formulering.
Spreekvaardigheid Een debat naar aanleiding van het actuele onderwerp
Literatuur In 5 vwo maak je kennis met oudere letterkunde. Dat gebeurt in
projectvorm en in een groep van vier of vijf leerlingen. Je kiest (of:
krijgt toegewezen) een van de zeven projecten:
 Ridderromans
 Middeleeuws toneel
 Rederijkers en Reformatie
 De Gouden Eeuw in Amsterdam
 Opvoeding door literatuur
 Schrijvende studenten in Leiden
 Nederland als koloniale macht

Alle teksten en artikelen vind je op https://www.meneerthiel.nl/v5-


2017-2018/project-oudere-letterkunde
In periode 1 lees je de primaire en secundaire bronnen en bekijk je
de video's. Let op: iedereen leest alles. Dat is meteen het eerste
boek op je lijst van dit jaar.
Lezen In deze periode lees je de teksten bij je onderwerp oudere
letterkunde.
Cijfers in deze periode
TW-1 = Toets leesvaardigheid
50 minuten
VT-2

Stof
 Opdrachtenboekje argumenteren
 Examenbundel VWO 2017/2018, deel 1: Theorie met oefenopgaven
 Algemene kennis van leesvaardigheid uit voorgaande jaren

Vorm
Tekst met inhoudelijke en theoretische vragen
Tot en met TW-2
45, 46, 47, 48, 49, 50, 51 (max. 21 lessen)
52 & 1 = kerstvakantie
2 & 3 = TW-2

Onderdeel Stof
Leesvaardigheid  Examenbundel VWO 2017/2018, oefenexamen 1
 twee actuele artikelen worden besproken aan de hand van
algemene tekstvragen (www.iknoemjebloemen.nl)
Schrijfvaardigheid  In week 47 lever je een betoog in van 400 of meer woorden
over het onderwerp dat bij leesvaardigheid besproken werd;
het betoog wordt besproken met en door klasgenoten en is
de basis voor een debat.
 In week 51 lever je een betoog in van 400 of meer woorden
over het onderwerp dat bij leesvaardigheid besproken werd;
het betoog wordt besproken met en door klasgenoten en is
de basis voor het debat.
 Beide teksten worden opgenomen in het schrijfdossier en
(op een of meerder aspecten) beoordeeld door de docent.
 In week 51 lever je het schrijfdossier in met daarin vier
teksten. Niet complete dossiers worden niet beoordeeld.
 In deze periode werk je zelfstandig aan je taalverzorging naar
aanleiding van de analyse van je eerste taalvaardigheids-
toets.
Spreekvaardigheid  Een debat naar aanleiding van een van beide actuele
artikelen wordt beoordeeld door de docent
 Je houdt een boekenpitch van een minuut (waarin je uitlegt
welk thema of welke schrijver je kiest en waarom)
Literatuur In 5 vwo maak je kennis met oudere letterkunde. Dat gebeurt in
projectvorm en in een groep van vier of vijf leerlingen. Je kiest (of:
krijgt toegewezen) een van de zeven projecten:
 Ridderromans
 Middeleeuws toneel
 Rederijkers en Reformatie
 De Gouden Eeuw in Amsterdam
 Opvoeding door literatuur
 Schrijvende studenten in Leiden
 Nederland als koloniale macht

Alle teksten en artikelen vind je op https://www.meneerthiel.nl/v5-


2017-2018/project-oudere-letterkunde

In week 45 en 46 heb je een groepsgesprek met je docent over het


gelezen materiaal. Jullie kennis van het onderwerp, maar ook
eventuele vragen en onduidelijkheden komen daar ter sprake. Je
maakt afspraken over de scriptie. Je doet voorstellen voor een
onderzoeksvraag en een taakverdeling.

In periode 2 maken jullie een scriptie over je onderwerp. Je werkt de


afgesproken vragen uit. Je gebruikt daarbij het template dat je vindt
op: https://www.meneerthiel.nl/v5-2017-2018/project-oudere-
letterkunde/scriptie
Lezen In 5 vwo lees je drie boeken van een schrijver of over een thema. Die
boeken kies je uit op www.iknoemjebloemen.nl > VWO 5 > literatuur
V5. Met je docent kun je overleggen over een andere keuze. Twee
van de drie boeken horen op de een of andere manier bij elkaar.

In week 51 lever je het eerste boekverslag in van dit jaar, over de


eerste van die drie romans. Daarin neem je op: een uitgebreide
samenvatting van de inhoud (liefst afkomstig van uittrekselbank), de
analyses uit het Kritisch Lexicon van de Moderne Nederlandstalige
Literatuur en het Lexicon van Literaire werken (indien aanwezig),
twee bewerkte recensies van Literom, een eigen recensie van 800
woorden.

Cijfers in deze periode


TW-2 = Toets leesvaardigheid
50 minuten
VT-2

Stof
 Opdrachtenboekje argumenteren
 Examenbundel VWO 2017/2018, deel 1: Theorie met oefenopgaven en
oefenexamen 1
 Algemene kennis van leesvaardigheid uit voorgaande jaren

Vorm
Tekst met inhoudelijke en theoretische vragen

Beoordeling schrijfdossier
VT-1
In het schrijfdossier zitten vier teksten: een essay over de boeken van vwo-4 en drie
betogen van 400 woorden over actuele onderwerpen. Het gemiddelde van de
beoordelingen is je eerste deelcijfer schrijfvaardigheid.

Beoordeling spreekdossier
VT-1
Het spreekdossier is het cijfer voor het debat (mits in deze periode gedaan; anders volgt
het cijfer in periode 3 of 4).

Tot en met TW-3


4, 5, 6, 8, 9 (max 15 lessen)
10 = carnavalsvakantie
11 = mondelinge tentamens V6, docenten Netl afw.
12 & 13 = TW-3

Onderdeel Stof
Leesvaardigheid  Examenbundel VWO 2017/2018, oefenexamen 2 en 3
 Een of twee actuele artikelen worden besproken aan de hand
van algemene tekstvragen (www.iknoemjebloemen.nl)
Schrijfvaardigheid  In week 6 lever je een betoog in van 400 woorden of meer
over het onderwerp dat bij leesvaardigheid besproken werd;
het betoog wordt besproken met en door klasgenoten en is
de basis voor een debat
 De tekst wordt opgenomen in het schrijfdossier en (op een of
meerder aspecten) beoordeeld door de docent.
 In week 6 lever je de scriptie in. Vorm en taalverzorging
tellen mee in het schrijfdossier.
 Je taalvaardigheid wordt bepaald aan de hand van een toets.
Spreekvaardigheid  Een debat naar aanleiding van een van beide actuele
artikelen wordt beoordeeld door de docent
 Je houdt een pitch van twee minuten (waarin je jouw PWS-
onderwerp probeert te verkopen).
Literatuur In 5 vwo maak je kennis met oudere letterkunde. Dat gebeurt in
projectvorm en in een groep van vier of vijf leerlingen. Je kiest (of:
krijgt toegewezen) een van de zeven projecten:
 Ridderromans
 Middeleeuws toneel
 Rederijkers en Reformatie
 De Gouden Eeuw in Amsterdam
 Opvoeding door literatuur
 Schrijvende studenten in Leiden
 Nederland als koloniale macht

Alle teksten en artikelen vind je op https://www.meneerthiel.nl/v5-


2017-2018/project-oudere-letterkunde

In week 5 lever je de scriptie IN TWEEVOUD in. Je docent beoordeelt


hem inhoudelijk, op vorm en op taalverzorging.
In periode 3 werk je je scriptie om tot een les van 30 minuten. In die
les behandel je de teksten, je interpreteert ze en je schetst de
historische achtergronden erbij. Je leest er delen met de klas.
Lezen In 5 vwo lees je drie boeken van een schrijver of over een thema. Die
boeken kies je uit op uit op www.iknoemjebloemen.nl > VWO 5 >
literatuur V5. Met je docent kun je overleggen over een andere
keuze. Twee van de drie boeken horen op de een of andere manier
bij elkaar.
In week 9 lever je het tweede boekverslag in van dit jaar, over de
tweede van die drie romans. Daarin neem je op: een uitgebreide
samenvatting van de inhoud (liefst afkomstig van uittrekselbank), de
analyses uit het Kritisch Lexicon van de Moderne Nederlandstalige
Literatuur en het Lexicon van Literaire werken (indien aanwezig),
twee bewerkte recensies van Literom, een eigen recensie van 800
woorden.

Cijfers in deze periode


TW-3 = Toets leesvaardigheid
50 minuten
VT-2

Stof
 Opdrachtenboekje argumenteren
 Examenbundel VWO 2017/2018, deel 1: Theorie met oefenopgaven en
oefenexamen 1, 2 en 3
 Algemene kennis van leesvaardigheid uit voorgaande jaren

Vorm
Tekst met inhoudelijke en theoretische vragen

Beoordeling oudere letterkunde


VT-1 en ED 5%

In week 5 lever je de scriptie in. Je docent beoordeelt hem inhoudelijk, op vorm en op


taalverzorging.
Tot en met TW-4
14, 15, 19, 20, 21, 23, 24
16 = reisweek en week van het onderzoek
17 & 18 = meivakantie
22 = NC-Week
25 = TW-4

Onderdeel Stof
Leesvaardigheid  Een of twee actuele artikelen worden besproken aan de hand
van algemene tekstvragen (www.iknoemjebloemen.nl)
Schrijfvaardigheid  In week 20 lever je een betoog in van 400 woorden of meer
over het onderwerp dat bij leesvaardigheid besproken werd;
het betoog wordt besproken met en door klasgenoten en is
de basis voor een debat
 De tekst wordt opgenomen in het schrijfdossier en (op een of
meerder aspecten) beoordeeld door de docent.
Spreekvaardigheid  Een les van 30 minuten over je onderwerp oudere
letterkunde wordt beoordeeld door de docent
Literatuur In 5 vwo maak je kennis met oudere letterkunde. Dat gebeurt in
projectvorm en in een groep van vier of vijf leerlingen. Je kiest (of:
krijgt toegewezen) een van de zeven projecten:
 Ridderromans
 Middeleeuws toneel
 Rederijkers en Reformatie
 De Gouden Eeuw in Amsterdam
 Opvoeding door literatuur
 Schrijvende studenten in Leiden
 Nederland als koloniale macht

Alle teksten en artikelen vind je op https://www.meneerthiel.nl/v5-


2017-2018/project-oudere-letterkunde

In week 19 tot en met 21 worden de lessen gegeven.


Lezen In 5 vwo lees je drie boeken van een schrijver of over een thema. Die
boeken kies je uit op www.iknoemjebloemen.nl > VWO 5 > literatuur
V5. Met je docent kun je overleggen over een andere keuze.

In week 20 lever je het derde boekverslag in van dit jaar, over de


derde van die drie romans. Daarin neem je op: een uitgebreide
samenvatting van de inhoud (liefst afkomstig van uittrekselbank), de
analyses uit het Kritisch Lexicon van de Moderne Nederlandstalige
Literatuur en het Lexicon van Literaire werken (indien aanwezig),
twee bewerkte recensies van Literom, een eigen recensie van 800
woorden.
Cijfers in deze periode
TW-4 = Eindgesprek over 3 moderne romans
50 minuten
VT-1 en ED 5%

Stof
 Inhoud en achtergrond van de 3 moderne romans uit V5
 Kennis van verhaalanalyse uit voorgaande jaren

Vorm
Een groepsgesprek van 50 minuten met twee docenten en maximaal 5 medeleerlingen of
een individueel mondeling met twee docenten (vorm wordt nader bepaald).

Beoordeling schrijfdossier
VT-1
In het schrijfdossier zitten minstens 7 teksten teksten. Ook de vorm en taalverzorging van
de scriptie tellen mee. Het gemiddelde van de beoordelingen is je tweede deelcijfer
schrijfvaardigheid.

Beoordeling spreekdossier
VT-1

Het spreekdossier is de les oudere letterkunde.

TOETSOVERZICHT
TW-1 Leesvaardigheid VT-2
TW-2 Leesvaardigheid VT-2
TW-3 Leesvaardigheid VT-2
Eind periode 2 Schrijfdossier 1 VT-1
Eind periode 4 Schrijfdossier 2 VT-1
Eind periode 2 Spreekdossier 1 = debat VT-1
Eind periode 4 Spreekdossier 2 = les oudere letterkunde VT-1
Periode 3 Oudere letterkunde (beoordeling scriptie en VT-1
eindgesprek) ED5%
TW-4 Eindgesprek moderne romans VT-1
ED5%

HANDELINGSDEEL
Eind periode 2 Schrijfdossier 1
Eind periode 4 Schrijfdossier 2
Eind periode 2 Spreekdossier 1
Eind periode 4 Spreekdossier 2
Eind periode 4 Leesdossier met 7 boekverslagen