© Uitgeverij De Morgen, 2003 Dit artikel mag niet gereproduceerd of verspreid worden zonder schriftelijke toestemming van Uitgeverij

De Morgen NV.

20 januari 2005, p. 23

STUDIE GODGELEERDHEID SURFT MEE OP STIJGENDE NOOD AAN ZINGEVING

Het goddelijk mysterie van de volle aula
s het De Da Vinci Code, de hoofddoeken‘kwestie’, een hernieuwde zucht naar ‘waarden en normen’ of het feit dat afbeeldingen van Maria en Jezus tegenwoordig hipper dan hip zijn? Terwijl naar de kerk gaan, bidden of zeggen dat je in God gelooft heden ten dage niet bepaald geliefde bezigheden zijn van de gemiddelde Belg, staan steeds meer studenten te trappelen om godgeleerdheid te gaan studeren aan de KU Leuven. Vorige maand nog bleek uit een groot Europees onderzoek dat België in de topvijf staat van de meest ontkerkelijkte Europese landen. Naar de mis gaan doen we nog nauwelijks en voor het gros is religie niet (meer) belangrijk in hun persoonlijke leven. Daartegenover staat dus, schijnbaar paradoxaal, het opfleurende succes van de faculteit godgeleerdheid van de KU Leuven. Die richting biedt alle aspecten van godsdienstwetenschap, van de praktische toepassing ervan over de geschiedenis en de studie van de heilige boeken en teksten tot de vergelijking van wereldreligies. De studie van de christelijke leer neemt minimaal twee derde van het curriculum in; het andere derde kan ingevuld worden met de studie van een andere godsdienst. Sinds een paar jaar neemt het aantal studenten dat voor die studie kiest almaar toe, het afgelopen jaar was die stijging zelfs spectaculair te noemen.

I

Het lijkt een goddelijk mysterie. Terwijl de kerken in ons land meer dan ooit leeglopen, trekt het aantal studenten dat zich gaat verdiepen in, bijvoorbeeld, de dogma’s van pausen uit lang vervlogen tijden, de kwestie van de goddelijke drie-eenheid of de verschillende visies van het jodendom op naastenliefde sterk aan. Professoren en studenten proberen het raadsel te ontsluieren.
DOOR BARBARA DEBUSSCHERE

deren duiken nog meer vragen op.” Of die honger naar zingeving ook te maken kan hebben met de waanzinnige populariteit van de Amerikaanse thriller De Da Vinci Code, die draait rond het idee dat Jezus een kind zou gehad hebben met Maria Magdalena en nu nog nakomelingen heeft rondlopen, is volgens de academici mogelijk, maar niet direct aan te tonen. In de VS zorgt dat boek voor een revival van bijbelstudie, maar of dat in Leuven ook zo is “valt af te wachten. Ik sluit het zeker niet uit, maar je moet de vraag ook omdraaien. Waarom heeft dat boek zo’n succes? Net door die toenemende zoektocht naar zingeving. Een tiental jaar geleden was het wellicht geen kaskraker geweest”, zegt De Tavernier. Justaert waarschuwt De Da Vinci Code-adepten een beetje: “Dat boek gaat over obscure sekten, niet direct een onderwerp dat hier in Leuven sterk belicht wordt, hoor.”

ISLAM
Dat er in de richting godgeleerdheid, net zoals bij de filosofie, heel wat mensen zitten die geen studentenleeftijd meer hebben en dat de stijging van het aantal studenten vooral voelbaar is in de enige kandidatuur, illustreert volgens De Tavernier eveneens dat meer en meer mensen via kennis de essentie van het bestaan willen doorgronden. “Het grootste aantal nieuwe studenten zijn mensen die de enige kandidatuur doen, wat wil zeggen dat ze die studie erbij doen op een jaar tijd na een andere opleiding. Dat past in de trend van ‘shoppen’ naar zingeving. Vaak zijn dat mensen die in een typische drukke, goedverdienende job zitten en die geconfronteerd worden met de paradox dat veel comfort niet per se gelukkig maakt.” Er is ten slotte ook een brandend actuele reden voor het stijgende aantal studenten godgeleerdheid, zo voeren de kenners aan. “Veel mensen willen nu wel eens weten wat de islam echt zegt over hoofddoeken, offerfeesten en heilige oorlog”, zo verwoordt Justaert het. De Tavernier: “We danken dit succes toch echt aan het feit dat we sinds 1972 ook andere godsdiensten dan de katholieke aanbieden. De buitenlandse studenten hebben ons doen beseffen dat de nood aan kennis over en de dialoog tussen de verschillende religies essentieel is. Het discours dat nu opgehangen wordt over de botsing der religies en het negatieve imago van de islam zorgen ervoor dat ook jongeren er het fijne van willen weten.” Debel vult aan: “Je hoort politici bezig over pluralisme maar eigenlijk bedoelen ze dat iedereen ‘neutraal’ moet zijn. Echt pluralisme betekent dat iedereen zijn overtuiging mag beleven. Steeds meer mensen voelen aan dat dat alleen maar kan als je, wanneer religieuze kwesties het maatschappelijke debat bepalen, tenminste weet waarover je het hebt.”

AVERSIE
Een ongerijmdheid? Professor Johan De Tavernier, programmadirecteur van de faculteit, drie studenten en een onderzoekster vinden van niet. Hij en zijn studenten noemen de toenemende interesse voor verschillende godsdiensten in de samenleving en binnen de faculteit, de brandend actuele discussies over de islam en het afbrokkelende taboe dat het christelijke geloof lang heeft overschaduwd als verklaringen. “Er is ten eerste een groot verschil tussen praktiserend een geloof belijden en godsdiensten bestuderen met een kritische, wetenschappelijk bril op”, zegt De Tavernier. “Zeker niet al onze studenten zijn gelovig. Sommigen weten bij aanvang zelfs opvallend weinig af van de katholieke leer. Er is wel nog altijd een groep die, vaak vanuit een christelijke opvoeding, voor deze studie kiest en die hun ‘roots’ beter willen leren kennen.” Volgens studenten Hans Debel, Ellen Vanstichel en Kristien Justaert, die zelf ongeveer aan dat profiel beantwoorden, doet het er veel toe dat het taboe rond de katholieke kerk aan het tanen is. Debel: “In ons land is er een heel proces van ontzuiling en ontkerkelijking geweest en nog bezig en dat heeft in de jaren tachtig en negentig voor een diepe aversie tegenover al wat kerk en geloof was gezorgd. Als je toen als jongere zei dat je

geloofde of godgeleerdheid wou studeren, werd je scheef bekeken. Welnu, die echte aversie zie ik minderen.” De Wereldjongerendagen in Keulen, een kerk voor jongeren in Antwerpen en allerlei enthousiaste en succesvolle initiatieven waarbij jongeren betrokken worden bij religie, illustreren dat volgens Vanstichel. “Het is niet omdat mensen niet meer naar de kerk gaan dat er per se een aversie overeind blijft.” An Verlinden, die onderzoek deed naar zingeving, bevestigt dat. “Religie, ook de katholieke leer die door de ontkerkelijking wat in het verdomdhoekje is beland, is een studie-object geworden. De godsdienstwetenschappers die ik ken zijn zeer kritisch en er zijn ook mensen bij die, net zoals ze willen weten op welke principes het boeddhisme gebaseerd is, zich ook uit pure interesse willen verdiepen in het christelijke geloof.”

ABSURDITEIT
Wat na de ontkerkelijking wél overeind blijft, zo klinkt het, is leegte, de zinloosheid en absurditeit van het bestaan die je in het gezicht kijken. En dat heeft dan weer aanleiding gegeven tot de grote maar tamelijk recente en massale zoektocht naar zingeving. Justaert: “De aversie voor katholicisme is wat gaan liggen maar antwoorden op levensvragen worden niet meer zomaar aangeboden door de kerk, je moet er zelf naar op zoek. Die zoektocht leidt mensen tegenwoordig naar heel veel verschillende filosofieën en godsdiensten, maar dus ook naar de academische studie van godsdienst. Het is niet zo dat wie worstelt met de absurditeit van het leven hier een antwoord gaat krijgen. Als je godsdienst gaat bestu-

■ Deze vijftiende-eeuwse afbeelding van Maria Magdalena met haar kind, van wie Jezus de vader is, is weer helemaal actueel door De Da Vinci Code . In die bestseller van Dan Brown wordt de theorie uitgewerkt dat er vandaag nog steeds nazaten van Jezus en zijn echtgenote op aarde rondlopen. Het boek zorgde in Amerika voor een revival van de bijbelstudie. (Foto Corbis / VPM)