You are on page 1of 2

Kunstdisciplines wat waren zo ook al

weer?
Les 1 Kiezen waar je hart ligt en het verstand overwint en laat je daarbij inspireren.
Maak snel een keuze uit de disciplines

Kunst omringt ons, zowel thuis, als op straat. Ook binnen onze school vinden we
kunst en wordt er aandacht besteed aan de kunstvakken. Tegenwoordig zijn ook
literatuur en audiovisueel opgenomen in het totaal van kunstdisciplines.
Theater
Theater is de verzamelnaam voor drama, het maken van theater en theaterbezoek. Bij theater en dus
ook bij drama gaat het om het vormgeven van de verbeelding door middel van het daadwerkelijk
handelend optreden in een doen-alsof-situatie. Bij theater/drama komen de volgende spelvormen aan
bod:
  Spelvormen vanuit taal: klankspelen, dialoogspelen, associatiespelen en
voordrachtspelen
  Spelvormen vanuit beweging: pantomime en tableau
  Spelvormen vanuit dramatisch spel: improvisatiespelen, afspreekspelen, productiespel en
spelen
met materiaal
Bij onderwijs in theater/drama gaat het erom dat kinderen de expressieve mogelijkheden van
stem, taal, houding, beweging en mimiek leren kennen en toepassen. In spel verbeelden ze
gevoelens, ideeën, gebeurtenissen en personages. Bij het bezoeken van een voorstelling
maken kinderen kennis met door anderen gespeeld theater en de daarbij horende begrippen.
Muziek
Muziek is de verzamelnaam voor een verscheidenheid van muzikale tradities, soorten, genres
en stijlen. Muziek bestaat uit klanken met een lengte (ritme), hoogte (melodie), sterkte
(dynamiek) en kleur (timbre). Door herhaling en variatie aan te brengen in de klanken ontstaat
een vorm, oftewel muziek. Bij muziek onderscheiden we de volgende gebieden:
Muziek beluisteren
Zingen en spelen van muziek
Bewegen op muziek
Spreken over muziek
Noteren van muziek
Het muziekonderwijs is erop gericht kinderen op systematische wijze kennis, inzicht en
vaardigheden op het gebied van muziek bij te brengen. Ze leren de eerste beginselen van de
taal van muziek en
ontdekken hun muzikale mogelijkheden. Muziek heeft ook raakvlakken met de kunstvormen opera,
musical en muziektheater. Bij het bezoeken van een concert of muziekvoorstelling maken kinderen
kennis met door anderen uitgevoerde muziek en de daarbij horende begrippen.
Audiovisueel/ Multimedia
Bij de discipline audiovisueel gaat het om de kunstvormen film, video en fotografie. Zij hebben een
duidelijke verwantschap, en tegelijkertijd een eigen identiteit met verschillende educatieve
toepassingen. Alle drie de kunstvormen hebben een sterk actieve component, namelijk het maken van
een foto of (video)film. Educatieve activiteiten richten zich op:
  De benodigde apparatuur en toepassingsmogelijkheden, waarbij de computer ook een rol
kan spelen
  De techniek van fotograferen en filmen, o.a. ontwikkelen, afdrukken, opnames maken en
monteren
  Het maken van hoorspelen en animaties kijken en luisteren
Daarbij gaat het ook om inhoud, oftewel datgene wat gefotografeerd of gefilmd kan worden,
zodat aan ideeën, gevoelens, waarnemingen en ervaringen vorm wordt gegeven. Alle drie de
kunstvormen hebben een receptieve component: video of film kijken, een fototentoonstelling
bekijken. Door gericht waarnemen en praten over wat ze zien en horen, leren kinderen ook de
functies en de betekenissen van beeld en geluid in hun dagelijkse omgeving te herkennen en
naar waarde te schatten.
Beeldend
Handvaardigheid en tekenen vormen één vakgebied en hebben een sterk actieve component.
Handvaardigheid (waaronder textiel) richt zich op twee- en driedimensionale vormen:
Vormen die ruimte innemen
Vormen die ruimte omvatten
Vormen die ruimte omsluiten
Vormen die de ruimte doorsteken
Bij textiel spelen ook tweedimensionale vormen een rol: toepassing van applicatie, borduur-
en sjabloontechnieken. Tekenen richt zich op tweedimensionale vormen (het platte vlak):
tekeningen, schilderijen, collages. Het onderwijs in beide vakken is erop gericht kinderen te
laten kennismaken met verschillende mogelijkheden om zich in beelden uit te drukken.
Bovendien leren ze hun ideeën, gevoelens, waarnemingen en ervaringen vorm te geven in
beeldende werkstukken. De twee vakken verschillen aanzienlijk in toegepaste technieken en
materialen. Het bezoeken van tentoonstellingen leert de leerlingen beeldende uitingen van
anderen te begrijpen en ervan te genieten. Door gericht waarnemen en praten over wat ze
zien, leren kinderen ook de functies en de betekenissen van beelden in hun dagelijkse
omgeving te herkennen en naar waarde te schatten.
Dans
Dans is een ruim begrip. Het omvat een aantal vormen die verschillen in techniek en stijl, bijvoorbeeld
klassiek ballet, volksdans, jazzdans, moderne dans, dansexpressie en hedendaagse dansvormen als
hiphop. Dans werkt met de elementen:
Kracht
Tijd
Ruimte
Dans werkt met inspiratiebronnen als een verhaal, muziek, een gedicht of een foto, en met bestaande
kinder(volks)dansen uit verschillende culturen. Onderwijs in dans leert kinderen ervaringen,
belevingen, ideeën, gevoelens en situaties door middel van dans te uiten en vorm te geven.
Leerlingen krijgen meer greep op hun eigen dansmogelijkheden. Bij dansexpressie staat zelf dansen
centraal. De eigen geaardheid van kinderen speelt een belangrijke rol. De vormgeving is telkens
uniek. Bij kinderdans leren kinderen dansen uitvoeren met min of meer vaste structuren, afkomstig uit
verschillende culturen. Ze leren reflecteren op de manier waarop anderen dansen. Bij
dansbeschouwing kijken kinderen naar verschillende soorten dans en leren ze over dans te praten.
Literatuur
Literatuur is de term voor kunsteducatie in taal en literatuur en omvat de volgende onderdelen:
Taaldrukken
Taalexpressie (vertellen)
Schrijven van gedichten, verhalen
(voor)lezen (leesbeleving)
Literatuurbeschouwing
Literaire vorming leert kinderen ervaringen, belevingen, ideeën, gevoelens en situaties door middel
van taal vorm te geven. Uitwisseling van ervaringen is een kernactiviteit binnen literaire vorming,
waarin (voor)lezen, vertellen en schrijven op een vanzelfsprekende manier met elkaar worden
verbonden. Het bezoek van een schrijver leert de leerlingen literaire uitingen van anderen te begrijpen
en ervan te genieten. Gedichten en verhalen vormen dikwijls uitgangspunten voor lessen creatief
schrijven en taaldrukken. Lezen en praten over boeken is een vorm van kunstbeschouwing. Een goed
boek is als alle literatuur gelaagd. Dat wil zeggen dat het antwoord geeft op vragen op meerdere
niveaus, van het alledaagse tot het filosofische. Lezen is niet alleen een rationele ervaring maar ook
een emotionele en esthetische ervaring.
Bron: Cultuurkompas Noord-Holland