Güstav Ferdinand SCHRÖDER

Johanna Adelie Magdalena (oma Dela) MÜHLNICKEL was born on 26 Sep 1874 in Batavia, Nederlands Oost Indie and died on 17 Aug 1964 in Utrecht, Nederland at age 89. Johanna married Güstav Ferdinand SCHRÖDER (b. 31 May 1868, d. 5 Jul 1927) on 26 Sep 1893 in Buitenzorg, Nederlands Oost Indië. Geg. Jan Soeterik: Foto Hierboven: De drie jongens met feest-blouses zijn de drie jongste kinderen van Ida-laura !!! Muhlnickel en de drie kleintjes zijn Deissjes Dela is het zevende kind van Ida-Laura en ze staat er zelf bij !!! 52 jaar oud scheiding in het midden. Oma Marie Deiss en haar man staan er ook bij !! Ik herkende haar aan de haarval, (overgrootmoeder Ida Laura) Tante Sophie 26 jaar staat helemaal links En nu de kinderen !!! Zeker weet ik nu dat Joes 4 jaar Emmy 6 jaar Pien 8 jaar Julius 10 jaar Dolf 12 jaar en Otto 13 jaar en ze hebben allemaal dezelfde feest-blouses aan !!!! Dee was pas 19 jaar toen ze trouwde met Guus. Niet te geloven dat ze na 6 kinderen zo rond als een tonnetje was !!!!

7. Anna Magdalena MÜHLNICKEL was born on 26 Apr 1873 in Batavia, Nederlands Oost Indie and died on 8 Nov 1873 in Batavia, Weltevreden, Nederlands Oost Indië. Birth Notes: [RA 1874, 211]. Death Notes: [RA 1875, 272

8. Johanna Adelie Magdalena (oma Dela) MÜHLNICKEL was born on 26
Sep 1874 in Batavia, Nederlands Oost Indië and died on 17 Aug 1964 in Utrecht, Nederland at age 89. Johanna married Güstav Ferdinand SCHRÖDER, son of Carl Joachim Michaël Lodewijk SCHRÖDER and Wilhelmina Caroline Louise BRAUN, on 26 Sep 1893 in Buitenzorg, Nederlands Oost Indië. Güstav was born on 31 May 1868 in Tabukan, Nederlands Oost Indië and died on 5 Jul 1927 in Barmen, Duitsland at age 59.

Na het jappenkamp op Java. Toen was ze 74 jaar oud.

General Notes: G.F. Schröder was vlgs. adresboek 1903 en 1910 zendeling op de Sangiren Talaudeilanden, in 1920 Hulppredikant te Sonder, Menado. Uitgestuurd door de Rheinische Mission Gesellschaft te Barmen.

Sangihe (G.F.Schröder) (ook Talaud)

1894-1914

De Hulpprediker-Opleider G.F. Schröder, De Opleiding van Inl. leeraars. ( Niet gedateerd, maar hij meldt zelf een missive van hem aan het kerkbestuur dd. 8 mei 1916 samen te vatten in deze notitie. aangetroffen in een bundel ingekomen stukken 1916, KAB 381. . De predikant van Ambon, L.J. Wesseldijk, aan de predikant Banda, G.C.A.A. van den Wijngaard, d.d. Ambon, 23 maart 1917, nr 207; KAB 382. 1 Onder beleefde verwijzing naar bijgaand afschrift van het Gouvernements-besluit dd. 27 Februari j.l. no. 56, dat ik het genoegen heb UWEW. hierbij aan te bieden, bericht ik U, dat wij in onze laatstgehouden bestuursvergadering, dd. 14 dezer, besloten hebben zoo spoedig mogelijk stappen te doen om te komen tot de benoeming van een geschikt Hoofd voor onze op te richten school, teneinde die eerlang te kunnen openen, voorloopig op kleine schaal, in eene gehuurde woning of ander gebouw. Met de eergisteren vertrokken boot verzond ik dientengevolge een uitvoerig schrijven aan het hoofd der Chr. Holl.-Inl. school te Bandoeng, den heer L. Bergsma, teneinde diens raad en medewerking ten dezen in te roepen. Gaarne zouden wij zoo mogelijk met Juli e.k., bij het begin van den nieuwen cursus onze school willen openen. Intusschen zullen het bestek, de teekening en de begrooting van het op te

trekken nieuwe schoolgebouw met bekwamen spoed in bewerking worden genomen. In gemelde vergadering werd de heer Van der Bijl benoemd tot tweede secretaris in de plaats van den heer De Haan. De heer Schröder bedankte voor eene benoeming als zoodanig, wegens gezondheidsredenen. ZEerw. heeft zich helaas genoodzaakt gezien overplaatsing te vragen naar een koel klimaat op advies van den dokter. Bijlage: Uittreksel uit het Register der Besluiten van den Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië. Buitenzorg, den 27sten Februari 1917, nr 56.

De predikant Ambon L.J. Wesseldijk aan predikant Banda G.C.A.A. van den Wijngaard, d.d. Ambon, 18 november 1916, nr 782; KAB 381. 1 Hiermede ben ik zoo vrij UWEW. in het kort een paar mededeelingen ten beste te geven aangaande den stand van zaken, wat betreft de stichting van eene Christelijk HollandschInlandsche school alhier. Op Vrijdag den 10 November hebben wij voor den prijs van ƒ 9.000,- een stuk grond voor bouwterrein gekocht. De oppervlakte van dat stuk grond is in het geheel ongeveer 6.000 vierkante meter. Het is uiterst geschikt gelegen, n.l. aan de Urimessingstraat, niet heel ver van de woning van den Resident. Op het terrein bevinden zich een paar eenvoudige woningen die wij er bij hebben gekocht en die, naar wij meenen voorloopig kunnen blijven staan, daar er voor een schoolgebouw voldoende ruimte overblijft. Bedoelde woningen brengen samen ƒ 45,- huur per maand op, d.i. per jaar ƒ 540,-. Onze Schoolvereeniging sloot eene leening van ƒ 10.000 a 4% bij de kerkelijke fondsen alhier. Uit gemelde huishuur kunnen wij de rentebetaling ad ƒ 400,- per jaar voorloopig bestrijden. Is ƒ 9.000,- een heel bedrag, wij zijn volgens het algemeen oordeel niet al te duur uit, maar bovendien wij konden nergens in de stad een zoo groot en zoo geschikt terrein krijgen, en ons met zoo bekwamen spoed in het bezit daarvan stellen. Omdat dit terrein voor het grootste gedeelte op hetzelfde niveau ligt als de straat, zullen wij voor de ophooging van den grond nagenoeg niets hebben uit te geven. Op Woensdag 14 November j.l. vergaderde het Bestuur der Schoolvereeniging ten mijnen kantore. Besloten werd, nadat de voorzitter den stand van zaken had uiteengezet, met inspanning van alle krachten op het naaste doel aan te sturen, n.l. de oprichting van eene Chr. Holl.-Inl. school. Daarbij werd geenszins de zaak van de oprichting van een pensionaat (kinderhuis) uit het oog verloren. Verder besloten wij het Bestuur aan te vullen met de heeren Van der Bijl en G.F. Schröder, opdat van de drie vacatures in het Bestuur er ten minste een paar voorloopig weer bezet zullen zijn. Wij hopen, dat U zich met deze keuze zal kunnen vereenigen en dat de heeren er toe zullen kunnen besluiten hunne benoeming aan te nemen. Eindelijk namen wij nog het besluit om ten spoedigste een rekest aan den GouverneurGeneraal te verzenden, teneinde zooals de desbetreffende bepalingen dat voorschrijven toestemming te erlangen voor de oprichting van onze school. De Resident, zoowel als de Assistent-Resident van Amboina, hebben hunne medewerking toegezegd en zullen ons rekest met een gunstig advies en nadere gegevens, waaruit de behoefte aan de school blijkt, doorzenden. Hierbij heb ik het genoegen U het rekest toe te zenden, met het dringend verzoek, het wel mede te willen onderteekenen, als Secretaris onzer Vereeniging, door Uw naam onder den mijnen te plaatsen en het rekest nog met de keerende boot aan mij te willen retourneeren. Ontvang intusschen onzen dank voor Uwe moeite in dezen. 2

Alsnog kan ik hier de mededeeling aan toevoegen, dat dezer dagen voor onze nieuwe wijkkerken de eerste spade in den grond gestoken is. Weldra zullen de fundamenten worden gelegd.

] Schröder, G.F.; 1914 te Ratahan (N.-Celebes), 1915 te Langoan (N.-Celebes); 1916 te Ambon, t.b.v. Stovil; 1917 te Sonder (N.-Celebes); 1923 verlof; 1923 te Sonder (N.Celebes); 1924 te Tomohon (N.-Celebes) +) Schröder, C.W.L.M. -1885 Batavia, taalstudie 1855-1857 Tabukan (Sa, ST), z.werkm. 1857-1877 verlof 1877-1878? Tabukan (Sa,ST) 1878?-1885 OA Schröder, G.F. Beo (Kar, ST) 1894-1896 Tabukan (Sa, ST) > hp 1896-1915 OA Sangihe (C.W.L.M.Schröder, zend.werkman, onderwijs) Artikel titel : In memoriam G.F. Schröder tijdschrift : De Opwekker jaargang : (1927) pagina : 506-508 auteur : Steller,K.F.G. 1 trefw.: Schröder 1862-1866

Dorcas,

Willy,

Opa ,

Oma,

Bets,

Carl?

Marie Deiss

Grootmoeder Ida Laura Herrman Geg. Dolf: Van het grut vooraan weet ik de namen wel. Degene op de stoel is mijn vader Hans (J.E.). Voor hem op de grond zit Ot, de vader van Gretel. Het meisje midden vooraan weet ik niet, geen idee. De meest rechtse voor Lau is Paul (P.F.A.). Ongelooflijk hoe weinig die broers en zus op elkaar lijken.

Openb. 14:13 Luk. 12:43 Luk. 18:16 Hier rusten onze geliefde vader, moeder en stiefmoeder C.J.M.L. Schröder geb. 15 Febr. 1831 overl. 30 Juni 1885 in leven zendeling-leeraar van Taboekan Juni 1857 tot Juni 1885 W.C.L. Schröder-Braun geb. 26 Juli 1838 overl. 28 Juni 1876 H. Schröder geb. Stolzenberg geb. 27 Oct. 1834 overl. 5 Mei 1885 benevens onze nog op zeer jeugdigen leeftijd overleden ..... Gert en Julius Hunne kinderen, broers en zusters

Geg. H.E. Steller: De inscriptie op de grafsteen in Tabukan heb ik ter plaatse letterlijk
overgenomen, voorzover leesbaar te maken was (we hebben de steen met as ingesmeerd om de versleten letters duidelijker zichtbaar te maken). Deze transcriptie heb ik onder de foto geplaatst, alleen heb ik de voorletters gemakshalve overgenomen uit het boek van D.

Brilman, "De Zending op de Sangi- en Talaud- eilanden",1938. Deze Brilman heeft zelf als zendeling gewerkt op de Talaud-eilanden, vanaf 1927. Straks uit zijn boek een paar citaten, maar eerst nog eens de inscriptie op het graf, die naar ik aanneem door de kinderen is geplaatst: Uit de sterfdata blijkt toch duidelijk, dat W. Braun de eerste echtgenote is geweest en H. Stolzenberg de tweede. Brilman schrijft (blz. 145): Hoe verlangden deze eenzame werkers naar een levensgezellin! Ds Heldring, met dit verlangen in kennis gesteld, was hun gaarne ter wille, maar moest, na lang zoeken in Duitschland, hun als resultaat van zijn bemoeiingen melden, dat het hem niet gelukt was een bruid voor hen te vinden. Nu, dat was maar gelukkig ook, want Ds Heldrings bemiddeling was geenszins ingeroepen om a.s. Zendelingsvrouwen te zoeken, doch slechts om de reis te betalen van Duitschland naar Indië voor die dames, welke de zendelingen reeds lang tot hun levensgezellin hadden verkoren. Zoodra Ds Heldring dit goed had begrepen, heeft hij gaarne opnieuw zijn medewerking verleend, met het gevolg, dat de dames A.P. Schröder en W. Braun, als bruid, resp. van Zendeling Steller en Schröder van Duitschland - via Holland - naar Indië konden vertrekken, waar ze 7 April 1859 te Manado aankwamen. Steller huwde 11 Mei 1859; Schröder, wiens papieren niet in orde waren, moest wachten tot 11 Oct. 1860. (Brilman vermeldt niet waar deze huwelijken plaatsvonden; Steller en Schröder waren al op "20 Juni 1857 van Manado, in gezelschap van den Radja van Manganitoe, naar hun toekomstig arbeidsveld, het eiland Groot-Sangi" vertrokken.) en op blz. 147/8: Van al de Zendeling-werklieden op deze eilanden is Zendeling Schröder de eenigste geweest, die het vaderland heeft weergezien. 't Was in 1877, toen hij, een jaar na het overlijden van zijn echtgenoote, zijn vier kinderen, met nog vijf van Zendeling Steller ter verdere opvoedig naar Holland bracht. In 1870 had hij reeds zijn twee oudste jongens naar Java gebracht, vanwaar deze de reis naar Europa alléén voortzetten. Hij liet thans zijn beide jongste kinderen achter bij zijn zwager Steller, die ook zijn werk tijdens zijn afwezigheid waarnam. In zijn verlof is Schröder hertrouwd met Mej.Hermine Stolzenburg; hij keerde met haar naar Sangi terug om zijn werk met nieuwen moed en ijver voort te zetten. Lang is dit niet meer geweest; 30 Juni 1885 is hij overleden, nadat nog geen twee maanden te voren, op 5 Mei, zijn tweede echtgenoote hem door den dood was ontnomen. In Brilman's boek wordt ook een zoon G.F. Schröder vermeld, o.a. als zendeling op Karakelang (Talaud), vanaf 14 Mei 1894, vanwaar hij twee jaar later naar Groot-Sangi vertrok om daar na Taufmanns overlijden, het werk van zijn vader voort te zetten. Hoe lang hij daar gebleven is, wordt niet duidelijk uit Brilman's boek; aangezien hij in 1915 overgegaan is in dienst der Indische Kerk, wordt hij kennelijk niet meer als zendeling behandeld door de auteur. Maar het is ook mogelijk, dat hij in dat nieuwe dienstverband overgeplaatst is; mijn grootvader was ook dominee in de Indische Kerk en heeft eerst op Banda gestaan, daarna in Manado (daar is mijn vader in 1904 geboren), en tenslotte in Oost-Java op een plaats die zo riskant was (Madoereese rovers en malaria) dat hij zijn gezin niet mocht menemen; hij is daar ook in 1908 overleden. (Dat was de opzet van Colijn, toen secretaris van de G.G., later minister-president, met wie mijn grootvader in conflict was geraakt.) Ik zie dat Brilman de naam Stolzenburg noemt; op de grafsteen heb ik Stolzenberg gelezen, maar dat kan aan de slijtage van de steen gelegen hebben. De vier voorletters van de oude Schröder zijn wel duidelijk te lezen, zelfs op de foto.

Op de transcriptie die onder de foto staat (even naar beneden scrollen, bij "comment"), heb ik de ö door oe moeten vervangen, omdat daar geen letters met accenten e.d. kunnen worden gebruikt. Het verhaal over het eerste huwelijk komt bij Brilman overeen met dat van Coolsma, en zo ken ik het ook uit de schaarse overlevering in de eigen familie. Uit Brilman kom ik op acht kinderen Schröder, twee eerst naar Java, dan vier met pa mee naar Europa, en twee bij Steller achtergelaten; daar komen nog twee jonggestorven zoons bij (zie grafsteen). Een elfde kind kan ik niet vinden; het zou dan een kind van de tweede vrouw moeten zijn - maar dat huwelijk was toch kinderloos?! Het boek van Brilman heb ik antiquarisch verkregen; bijna iedereen in de familie heeft een exemplaar, en op Sangire zijn veel exemplaren in omloop van een Indonesische vertaling ervan. Hoe eraan te komen is, weet ik helaas niet.

Groeten, Hans-Ernst Steller

Sierk COOLSMA, geboren op 26-01-1840 te Leeuwarden (aktenummer: 65), overleden op 20-03-1926 te Apeldoorn op 86-jarige leeftijd (aktenummer: 159), zoon van Foppe COOLSMA (zie 25758) en Maaike NAUTA (zie 25759). Gehuwd op 26-jarige leeftijd op 05-04-1866 te Batavia (NI) met Maria Johanna GERRETSON, 19 jaar oud

Dan de beloofde gegevens uit Coolsma, Zendingseeuw, over Schröder. Ik geef ze zoals ze er staan, maar met hier en daar wat aanvullingen. C. Schröder. Coolsma 633-639. Op 15 juni 1857 van Menado vertrokken naar Sangir. Daar enthousiast ontvangen door de bevolking, die immers in de 17e eeuw al gekerstend was en blijkens het verslag van vdVvC ondanks de verwaarlozing sinds 2e helft 18e eeuw onder leiding van haar eigen schoolmeesters kerkdiensten en school op gang had gehouden. Coolsma geeft dan informatie betreffende aantallen christenen. Schröder huwt enige tijd na aankomst met W. Braun uit Dld, die hij reeds voor zijn vertrek had leren kennen; ze was dus niet een van die bruiden die door de organisatie in Europa werden aangezocht en uitgezonden ten behoeve van een huwelijk met zendelingen. Voor haar vertrek bracht mej. Braun enige maanden in Nederland door, waar men zeer met haar ingenomen was. In de Berichten van de Utrechtsche Zendingsvereeniging dato 1862 (geen nadere gegevens, zie noot in Coolsma 636) is een brief van haar afgedrukt. Op p. 636v geeft Coolsma een beeld van de (moeilijke) materiële omstandigheden waarin de zendelingen leefden. C.Ch.J. Schr. Coolsma blz. 683, 689. Ik neem aan dat hij een zoon was van C.

Hulpprediker in de Molukken, auteur van de bundel Mazmoer dan Tahlil (Psalmen en Gezangen), een bewerking van de Nederlandse berijmde Psalmen en de bundel Evangelische Gezangen, beide in de 19e eeuw in gebruik in de NHK. G.F. Schr. Coolsma 646, 647, 671. Jongste zoon van C.C. Gehuwd met een dochter van Adolf Mühlnickel. Van deze vrouw is in de Nederlandsche Zendingsbode, september 1898, het verhaal gepubliceerd: "Een Kerstfeestviering te Taboekan". +) Correctie: de vrouw die met G.F. getrouwd is, is dochter van Wilhelm Julius Mühlnickel (oudere broer van Adolf )en Ida Laura Herrmann. (geg, van den End, zendingshistoricus) Oma Dela voor de familie. Schröder, G.F. (z.?) Ratahan, tijd.hp. 1914 Ratahan, hp. 1915 Langoan, hp. 1915 Amboina, opl.inl.leraren 1916 Sonder, hp. 1917 verlof 1923 Sonder, hp. 1923 Tomohon, hp. 1924 R/

Nederlandsche Zendingsbode, september 1898, het verhaal gepubliceerd: "Een Kerstfeestviering te Taboekan".

Moeder en dochter, Oma Dela en tante Lau

Carl, Hans en Paul

Children from this marriage were:

21 M

i.

Carl Joachim Michael Ludwig SCHRÖDER was born on 23 Oct 1894 in Beo ( Sangir en Talaud eilanden) Nederlands Oost Indië and died on 19 Nov 1971 in Zaltbommel, Nederland at age 77.

+) “Opa Zaltbommel”.

Carl married Maria Susanna Wilhelmina PICHEL, daughter of Julius Johannes Wilhelm(us) PICHEL and Clara Elisabeth Constance DE CRAY, on 17 Dec 1921 in Poerwakarta, Nederlands Oost Indie. The marriage ended in divorce on 18 Mar 1961. Maria was born on 5 Jun 1904 in Tangerang, Nederlands Oost Indie and died on 13 Jan 1975 in Maastricht, Limburg, Nederland at age 70.

22 M ii. Wilhelm Julius (Willy) SCHRÖDER was born on 30 Oct 1898 in Talengen, Nederlands Oost Indië and died on 26 Jul 1974 in Enschede, Nederland at age 75. Wilhelm married Emma Auguste (Emmy) EBELING (b. 10 Oct 1899). General Notes: geïnterneerd in Si Rengo Rengo (Sumatra)

23 F iii. Ida Laura Marie (tante Lau) SCHRÖDER was born on 28 Feb 1901 in Talengen, Taboekan, Sangir, Nederlands Oost Indië and died on 4 Jan 1990 in Zeist, Nederland at age 88.

Paul Ferdinand Adolf (Paul) SCHRÖDER was born on 8 Jan 1903 in Talengen, Nederlands Oost Indië and died on 5 Jan 1978 in Utrecht, Nederland at age 74. Paul married Laura Clara Mühlnickel on 25 Jun 1937 in Bandung, Nederlands Oost Indië.

24 M iv.

De Radja van Groot – Sangir, gezeten op een stoel en zijn volgelingen, ca. 1900

Baai van / bij de Sangihe-eilanden , ca. 1890

Dorp aan het strand op één van de Sangihe-eilanden, vermoedelijk Tahoena., 1902-04-00

Woning van een radja op één van de Sangihe-eilanden, vermoedelijk te Tahoena.

Groepsportret met de raja van Manganitoe, 1905 – 1914

Groepsportret voor de Christelijke kerk in Manganitoe, 1905-1914

G.F. Schröder met echtgenote en kinderen.

Groepsportret voor de Christelijke Kerk in Manganitoe, 1905-1914

Een schip van de KPM, bij de aanlegplaats bij Thagoelandang. 1905-1914

Taroena. Strandgezicht. Controleurswoning." 1895 / 1910.

Jeugdherinneringen van Oom Willy
Mijn vader was zendeling op Sangir (groot Sangir) en had als standplaats Talengen. Gelegen aan een mooie baai en ruim 2 uur roeien langs de kust van Manganitoe waar Oom Ferdi Steller en Tante Liesbeth woonden. Pa zelf was van de andere kant van het eiland in het zogenaamde Mohammedaanse deel geboren waar Opa Schröder als zendeling was heen gezonden.

Mijn herinneringen begonnen op m’n vierde jaar. Ik had toen een broer van acht, een zusje van twee en een heel klein broertje.

==== Ik en m’n zusje Lau en broertje Paul bleven nog twee jaar op Sangir waarna we met Pa en Ma, Dorcas ons kindermeisje en Wim Serapil onze pleegbroer, de oudste zoon van de Radja van Taboekan naar Java gingen. ===== +) de radja van Taboekan (Sangi-eilanden) is er zelfs toe overgegaan zijn zoon , die eerst te Batavia school ging, ter voltooiing van zijne opvoeding naar Nederland te zenden.

KOLONIAAL VERSLAG l9IO.
Een zoon van den waarnemenden radja van Kandhar (Sangi-eilanden) keerde in 1909 van de landbouwschool te Buiten-zorg terug en een zoon van den radja van Taboekan (Willem Alexander Sarapil) bezoekt in Nederland een gymnasium. =====

Zo kwamen we met pak en zak in Varsseveld. Daar wisten de dorpsbewoners al dat er mensen uit Indië zouden komen. De arme mensen dachten, dat ieder die uit Indië kwam bruin moest zijn en waren verbaasd dat er van de acht maar twee bruin waren. (Dorcas en Wim Sarapil) “Net aangekleedde apen” hoorden we zeggen. De eerste tijd op school was niet leuk, vooral voor Wim Serapil, die z’n Hollands met sterk Indisch accent sprak, daar hij pas sinds hij op Sangir bij ons als pleegzoon was opgenomen Hollands had geleerd. Maar als we een geheimpje hadden spraken we lekker Sangirees met elkaar. Dat was onze moedertaal waarmee we waren begonnen te praten. Opa en Oma Mooy en hun vele zoons en dochters deden hun best om ons thuis te doen voelen.

Olde Wehme” 1910. Op school leerden Wim, Carl en ik natuurlijk ook achterhoeks praten. Veel te vlug was het jaar van Pa’s verlof om en in de herfst moesten ze weer terug naar Sangir met Lau, Paul en Dorcas.

Oma Dela.

Trouwe bediende. Het nieuws van den dag voor Nederlandsch-Indië 27-01-1927, Dag-editie

Dorcas heeft ook op Toemanina in Soekaboemi gewoond. Zie bovenaan de trap.

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful