You are on page 1of 62

1

HANDELINGEN 1 - 4
Opdracht aan Theophilus, zending leerlingen door Jezus (1:1-8)

Hand. 1:1-2
Te i . i :a ei e ,ei . :etca i :.t :a iai, a O.e|t., ai ae e `Iceu , :et.t i .
sat etea cs.ti,
2
a ,t , . a, . i.ta .ie, et , a :ece et, eta :i.u ae, a ,t eu eu ,
...ae a i. |.

Het eerste verhaal heb ik [wel] gedaan over alle dingen, geachte Theophilus, die
Jezus begon te doen en te leren (of: zowel te doen als te leren) tot de dag dat Hij,
nadat Hij de apostelen die Hij (voor zichzelf) had uitgekozen, door de Heilige Geest
instructies had gegeven, werd opgenomen [in de hemel].

Opmerkingen:
Tegen de taalregels in wordt . i hier gebruikt zonder e. . We vertalen het partikel
niet, omdat het een tegenstelling benadrukt tussen het eerste verhaal en het
tweede verhaal dat nu voorligt (maar wat niet expliciet wordt benoemd). Vgl.
Thayer, . i-3; GG 252,34b; Acts, 2.
:a e, (eerste van meerdere) wordt hier volgens Blass, Debrunner en Rekopf
gebruikt i.p.v. :e .e, (eerste van twee). Vgl. BDR 62,1. Maar Culy merkt op dat
in koin-Grieks beide rangtelwoorden door elkaar worden gebruikt en dan iets
aanduiden als eerder, vroeger (Acts, 2).
Veel vertalingen maken van e e ,e, een boek. Bauer suggereert hier ook das
Buch, der geschriebene Text (Bauer, e ,e,-1a,; vgl. Louw-Nida; Barclay-
Newman). LUV en de Naardense Bijbel prefereren hier het minder
anachronistische verhaal, een optie die Thayer biedt: anything reported in
speech; a narration, narrative: of a written narrative, a continuous account of
things done (Thayer, e ,e,-5).
Sommige vertalingen maken ervan Mijn eerste verhaal (zie LV, NBG, W95 en
NBV), vaak als samentrekking met . :etca i: Mijn eerste boek, Theofilus, ging
over alles wat Jezus heeft gedaan en geleerd (W95).
Het correlatief gebruikte . (+sat ) staat vaak achter het eerste woord van de
woordgroep waar het op betrekking heeft (:et.t i . sat etea cs.ti). Zie BDR
444,3; GG 252,57.
Merk op dat Theophilus in Handelingen wordt aangesproken met een a -vokatief,
(geachte), terwijl de inleiding op Lucas sa tc. O.e|t. heeft (BDR 146,4).
ai neemt hier de vorm aan van de hyperbool :a iai, terwijl grammaticaal gezien
a meer voor de hand had gelegen (Acts, 2).
Veel vertalingen maken van de mediale aoristus ae is begonnen, alsof het
woord een duratief aspect heeft. Het is ook mogelijk om ae e `Iceu , :et.t i .
sat etea cs.ti te lezen als een coniugatio periphrastica die alleen beschrijft wat
Jezus deed en zei (Acts, 2).
Het woord `Iceu , krijgt in Handelingen, de brieven en Openbaringen zelden een
lidwoord, omdat geen sprake is van een vertelling, waarin naar een eerder
gebruik van het woord kan worden verwezen. Alleen in Hand. 1:1 wordt
nadrukkelijk naar het eerdere Lucas-evangelie gerefereerd (BDR 260,7).
2

De combinatie a ,t + relativum (genitief) + substantief ( . a,) vormt een attractio
relativi (GG 289eb). Meer voor de hand gelegen had: a ,t . a, , (zie 1:22).
Culy vermoedt dat de afwijkende zinsvolgorde zoiets beduidt als until the very
day (Acts, 3).
Het verbum finitum in vers 2 is a i. |. De zin . i.ta .ie, et , a :ece et, eta
:i.u ae, a ,t eu vormt een bijstelling via het participium coniunctum . i.ta .ie,,
waarbinnen eta :i.u ae, a ,t eu terugslaat op het deelwoord en niet op ... ae
(Acts, 3).
. i. a betekent to order, command to be done, enjoin (Thayer). Bauer geeft:
beauftragen, gebieten, befehlen. De reader maakt er instructies geven van. Het
hier gebruikte participium moet temporeel worden vertaald (Acts, 3).
eu , ...ae (indirect reflexief medium: ten behoeve van zichzelf) vertalen we met
een relatieve bijzin bij et , a :ece et, (Act, 3).

Hand. 1:3
et, sat :a. cc.i .aue i ,a ia .a e :a.t i au e i . i :eet , .st et,, et` .a i
.cc.a seia e :aie .ie, au et , sat . ,ai a :.t , act.ta, eu .eu

Aan hen toonde Hij zichzelf ook levend, nadat Hij had geleden, met (of: door) vele
tekenen (of: bewijzen), terwijl Hij gedurende 40 dagen aan hen verscheen, en terwijl
Hij hen vertelde over het Koninkrijk van God.

Opmerkingen:
Strikt genomen leidt bij de aoristus :a. cc.i de dativus objectivus et, (wat
terugverwijst naar et , a :ece et,) een relatieve bijzin in. Omwille van de
vertaalbaarheid maken we er hier een afzonderlijke hoofdzin van met :a.c cai
(voor ogen stellen, tonen, bewijzen). Vgl. Acts, 3.
.aue i ,a ia vormen allebei een accusatief bij :a. cc.i, waarbij de tweede
predicatief is gebruikt bij de eerste (Acts, 3).
e :a.t i is een gesubstantiveerde infinitief na . a, dat we vertalen met nadat.
Het is dus formeel geen AcI (hoewel au e i in de accusatief staat). De constructie
is typisch voor Lucas. Mogelijk is :a.t i hier een synecdoche, een metonymia
voor zowel de arrestatie, marteling als de terechtstelling van Jezus (BDR 402,4,
406,4; Acts, 4; Barrett, ICC, 69).
De reader wil van . i :eet , .st et, (dativus instrumentalis bij :a. cc.i) in
veel bewijstekens maken (Naardense Bijbel: in veel merktekenen). Bauer maakt
van e .s tei slechts Beweis (Ag 1,3: durch viele Beweise). Culy preciseert
dat het om onweerlegbaar en beslissend bewijs gaat (Acts, 4).
Het voorzetsel in et` .a i .cc.a seia duidt niet op continue actie, maar op een
zo nu en dan verschijnen van Jezus in een periode van 40 dagen (BDR 223,1).
Het participium e :aie .ie, (+3) komt van het intransitieve medium e :a ieat, wat
verschijnen betekent (afgeleid van het passivum e| i). We vertalen het
deelwoord met een temporele bijzin, die gelijktijdigheid uitdrukt (terwijl). Vgl.
BDR 191,3; 313,2.

Hand. 1:4-5
sat cuiat,e .ie, :a ,,.t.i au et , a :e 'I.eceu ai ,at ,.cat a a :.t. i.ti
i . :a,,.tai eu :ae , i seu ca. eu,
5
e t `Iaa ii, . i . a :tc.i u eat, u .t , e.
. i :i.u at a:tc c.c. a ,t a eu .a :ea , au a, . a,.
3

En toen Hij met hen at (of: was), beval Hij hen: Ga niet uit Jeruzalem weg, maar
wacht de belofte af van de Vader die jullie van Mij hebben gehoord: Johannes
doopte (weliswaar) met water, maar jullie zullen na niet veel dagen (of: binnenkort)
worden gedoopt met de Heilige Geest.

Opmerkingen:
Vers 4 bevat geen directe rede. Veel vertalingen maken er daarom van: Terwijl
Hij met hen at, beval Hij hun Jeruzalem niet te verlaten maar de belofte van de
Vader af te wachten (W78). Maar het vervolg van de zin levert dan een probleem
op, omdat dat plotseling in de eerste persoon staat. De SV, NBG en LV lossen dit
op door een (zeide Hij) in te lassen. W78 plaatst het slot van de zin tussen
aanhalingstekens, alsof alleen dat een citaat is. De Naardense Bijbel negeert het
probleem: Als hij met hen samen is, is zijn verkondiging aan hen: van Jeruzalem
niet wijken, maar er blijven wachten op wat de Vader heeft aangekondigd en ge
van mij hebt gehoord. De reader, net als W95 en NBV, leest de infinitief
,at ,.cat als een imperatief en laat na au et , een directe rede beginnen.
cuiat ,a betekent volgens de reader letterlijk samen zouten, wat duidt op samen
eten (nl. samen zout gebruiken). LV en W78 laten Jezus en de apostelen
daarom samen de maaltijd gebruiken. Een afgeleide betekenis van samen eten is
samenzijn (W95, NBV). Thayer (vgl. Culy) kent echter een heel andere
etymologie van het woord: cu i, and a t ,a from a ,, crowded (vgl. Acts, 5).
cuiat ,a zou dan verzamelen, bijeenkomen betekenen (SV, LUV). Bauer ziet in
beide opties bezwaren en geeft, afgaande op enkele minuskels, nog een derde
mogelijkheid: cuiaut,e .ie,, wat samen liggen of samenzijn betekent (vgl.
NBG). Hij benadrukt dat het om een Notbehelf gaat, omdat de betekenis van het
werkwoord nog altijd niet duidelijk is (vgl. Barrett, ICC, 71-72).
:.t. i.ti is transitief gebruikt (BDR 148,1).
De genitivus subjectivus eu :ae , kan ook worden vertaald met Mijn Vader
(Acts, 5; Wallace, 215).
i seu ca. eu leidt een directe rede in, die voortgaat in vers 5 (BDR 470.2; GG
274c; Acts, 5-6). Alleen W78 geeft dit expliciet weer. Merk op dat Codex Bezae
hier een semitisme heeft: i seu ca. eta eu ce ae, eu (BDR 217,8).
De dativus instrumentalis u eat betekent met water. Elders komt ook een
constructie met . i voor (Mt 3:11; Jh. 1:26,31,33). Met het oog hierop kan ook . i
:i.u at a ,t a worden vertaald met met Heilige Geest (BDR 195,7; GG 177a;
Acts, 6). Zie SV, LV, NBG, LUV, W78 en NBV. De reader maakt er met W95 van:
in Heilige Geest. Beide zien . i niet als een instrumentalis, maar als een
locativus. Vgl. Mc 1:8.
Het uiteen plaatsen van :i.u at en a ,t a dient ter benadrukking van a ,t a (en ter
vergroting van de tegenstelling tussen Jezus en Johannes). Zie Acts, 6.
De meeste vertalingen laten . i weg, maar, in tegenstelling tot vers 1, staat het
woord hier direct bij datgene waarmee een contrast wordt aangeduid. Thayer
suggereert daarom om hier het partikel wl te vertalen (vgl. SV en LV).
eu .a :ea , au a, . a, is een litotes (een negatie ter benadrukking van een
positieve stelling: binnenkort). Merk op dat au a, predikatief is gebruikt: nach
nicht vielen Tagen, von diesen Tagen an = in wenigen Tagen. Vgl. BDR 226,
290,7; 433,4; 495,9.


4

Hand. 1:6
0t . i eu i cui.e i., a ai au e i . ,ei., su t., .t . i a ,e ia eu a
a :esatca i.t, i act.tai a `Ica ,

Degenen nu die waren samengekomen vroegen Hem telkens: Heer, herstelt u in
deze tijd het Koninkrijk voor Israel?

Opmerkingen:
0t substantiveert het participium cui.e i.,. Veel vertalingen maken echter van
het deelwoord een temporele bijzin: Zij nu, toen zij waren samengekomen,
vroegen Hem telkens (vgl. Barrett, ICC, 75). Culy ziet daar geen reden voor
(Acts, 6). Blass, Debrunner en Rekopf laten beide opties open (BDR 251,3).
De combinatie . i eu i maakt van het volgende een direct gevolg van het
voorgaande. Het verwijst tegelijk vooruit naar toekomstige gebeurtenissen (Acts,
7). De discipelen reageren hier op het gebod om Jeruzalem niet te verlaten. Het
. i laat doorschemeren dat ze zich desondanks aan de opdracht hebben
gehouden (vgl. Hand. 1:12-2:1).
Het imperfectum a ai heeft een duratief aspect (vgl. Barrett, ICC, 75).
Het participium van begeleidende omstandigheid . ,ei., is hier redundant. Het
gebruik is Semitisch. Het staat in het praesens, omdat het werkwoord waarop het
betrekking heeft, in de imperfectum staat (had er a cai gestaan, dan zou het
deelwoord .t :ei., hebben geluid). Vgl. Acts, 7.
.t leidt hier slechts een directe vraagzin in en vertalen we niet (BDR 440,5; GG
269b).
,e ia kan op een tijdvak duiden, maar ook op eindelijk.
Het van t caat afgeleide werkwoord a :esatca i.t, geeft een geheel nieuwe
praesens, nl. a :esatca ia (BDR 93,2).
a `Ica is een dativus commodus (Acts, 7).

Hand. 1:7-8
.t :.i e. :e , au eu , eu , u a i . cti ,ia iat ,e ieu, sateu , eu , e :a . .e . i
t eta .eucta ,
8
a a .c. eu iati . :.e ie, eu a ,t eu :i.u ae, .|` u a , sat
. c.c. eu a u., . i . `I.euca sat [. i] :a c `Ieueata sat Laa.ta sat . a,
. c,a eu , , ,.

Maar Hij zei tegen hen: Het is niet aan jullie om tijden of gelegenheden te weten die
de Vader heeft vastgesteld op eigen gezag, maar jullie zullen kracht ontvangen nadat
de Heilige Geest over jullie wordt uitgestort en jullie zullen Mijn getuigen zijn in zowel
Jeruzalem, als in heel Judea en Samaria en tot aan het uiterste van de aarde.

Opmerkingen:
u a i duidt in combinatie met . cti op een voorrecht (Acts, 7). Vgl. Robertson,
GGNT, 497.
,ia iat kan epexegetisch zijn gebruikt (het legt uit wat niet aan de apostelen is om
te weten) of het is het subject van het verbum finitum: to know times and seasons
is not for you (Acts, 8).
Veel vertalingen maken van ,e ieu, sateu , tijden of gelegenheden (SV, NBG,
LV, Telos) en tijden of momenten (W95, Naardense Bijbel) of veranderen de
uitspraak in enkelvoud: tijd of uur, dag en uur en tijd of ogenblik (LUV, W78,
5

NBV). Moulton-Milligan merken op: The two words bring [] out respectively the
period and the occurrences by which it was marked. Vgl. 1 Thess. 5:1. Blass,
Debrunner en Rekopf zien er echter twee synoniemen in, die geen onderscheiden
betekenis hebben. Culy concludeert dan ook dat the use of both probably
emphasizes the fact that any knowledge related to the time of the restauration of
Israel is not the prerogative of the disciples (Acts, 8).
. i t eta .eucta wordt in veel vertalingen: in eigen macht, vrijmachtig, in Zijn
macht of in Zijn volmacht (op andere plaatsen wordt t t + . i ook vertaald met
leggen/ plaatsen in). Vgl. Barrett, ICC, 78. Culy is er niet gelukkig mee, omdat
t t + . i elders vaak op een locatie duidt en daar is in dit vers geen sprake van.
Hij stelt voor om te vertalen met by his own authority (Acts, 8). Thayer leest
according to his own choice.
. :.e ie, eu a ,t eu :i.u ae, .|` u a , is een genitivus absolutus (met Heilige
Geest als subject). Let op de merkwaardige positie van het participium.
Doorgaans staat het deelwoord vr het verbum finitum, hier erna (Acts, 8).
.|` u a , is redundant, gezien de praefix in . :.e ie, (Acts, 9).
Merk op dat de volgorde van eu a u., afwijkend is. eu kan hier zowel een
genitivus obiectivus als een bezitsgenitief zijn (Acts, 9).
Culy suggereert dat Lucas, gezien het enkelvoud, een specifieke plaats voor
ogen had met . a, . c,a eu , , , (Rome of Spanje). Als inderdaad Rome is
bedoeld, dan is de frase wel ironisch bedoeld. Rome gold in die dagen als het
centrum (lett. de navel) van de wereld. . a, betekent overigens extension up to or
as far as a goal (Acts, 9).


Hemelvaart Jezus, instructie door boodschappers van Godswege (1:9-11)

Hand. 1:9
Kat au a .t :a i .:e iai au a i . : sat i.|. u :. a.i au e i a :e a i e|aa i
au a i.

En nadat Hij deze dingen had gezegd, werd Hij, terwijl ze (toe)keken, opgetild en een
wolk nam Hem op en onttrok Hem aan hun ogen (lett. nam Hem op van voor hun
ogen).

Opmerkingen:
.t :a i slaat terug op Jezus, terwijl .:e iai au a i een genitivus absolutus vormt
(Acts, 9).
Bauer vertaalt dit vers: eine Wolke nahm ihn auf und entzog ihn ihren Augen
(Bauer, u :eaa ia-1). Vgl. NBG, LV, W78, Telos en W95. Thayer leest: to
prevent one from recognizing another by receiving one to withdraw him from
another's sight (vgl. KJV: and a cloud received him out of their sight). De
Naardense Bijbel heeft: een wolk nam Hem weg van hun ogen. Vgl. BDR
259,6.

Hand. 1:10-11
sat a , a .it ,ei., cai .t , e i eu aie i :e.ue. ieu au eu , sat t eeu a ie., eu e
:a.tc s.tcai au et , . i . c c.ct .usat ,,
11
et sat .t :ai a ie., latat et, t
. c sa. [. ]. :ei., .t , e i eu aie i, eue, e `Iceu , e a ia|.t , a|` u a i .t , e i
eu aie i eu a, . .u c.at e i e :ei . .a cac. au e i :e.ue .iei .t , e i eu aie i.
6

En toen zij ingespannen aan het kijken waren naar de hemel, terwijl Hij wegging, en
zie, twee mannen stonden naast hen in witte kleren, en zij (lett. die) zeiden: Mannen
van Galilea (of: Galileers), wat staan jullie naar de hemel te kijken? Deze Jezus die
van jullie werd weggenomen naar de hemel, zal zo komen, op de manier waarop
jullie Hem hebben zien weggaan naar de hemel.

Opmerkingen:
a , a .it ,ei., cai kan duiden op een temporele conjunctie (met het duratief
gebruikte imperfectum cai) als schildering van een toestand: terwijl zij
ingespannen aan het kijken waren (BDR 353,6; GG 276g; Acts, 10). Maar a ,
kan ook worden gezien als een vergelijking: zij waren als starende. Overigens
kiest geen enkele vertaling voor deze laatste optie.
:e.ue. ieu au eu is een genitivus absolutus. De reader wil echter dat de
discipelen Jezus natuurden na zijn heengaan. De meeste vertalingen maken van
:e.ue. ieu au eu terwijl Hij heenging (vgl. Acts, 10).
Het gebruik van het plusquamperfectum :a.tc s.tcai duidt erop dat de mannen
er al enige tijd stonden (Acts, 10).
au et , is een dativus sociativus (BDR 198,2), hoewel de datief hier ook volgt op
:a.tc s.tcai, een samengesteld woord met :aa waarna vrijwel altijd een derde
naamval komt (BDR 202,5).
Merk op dat de dativus meervoud van . c , in dit vers een dubbele stamuitgang
krijgt (. c c.ct i.p.v. . c ct). Vgl. BDR 47.4c. Lucas heeft hier trouwens een
singularis (Lc. 24:4).
et sat .t :ai kan ook betekenen: die ook zeiden (BDR 442,24).
Als de vocatief a ie., wordt gevolgd door een tweede vocatief (latat et), dan
kan a ie., onvertaald blijven (BDR 242,1, 262,1; Acts, 11).
Het perfectum . c sa. heeft een praesens-betekenis en functioneert ook als
zodanig (Acts, 11). Culy wil niet dat we . c sa. [. ]. :ei., lezen als een
coniugatio periphrastica en maakt ervan: Galileans, why are you standing [there]
staring at the sky? (op. cit.).
De accusatief van betrekking e i e :ei betekent op de wijze waarop (e :e,
duidt op manier, of manier van doen). In combinatie met eu a, is de betekenis
versterkt tot in the very same manner (BDR 160,2, 453,2; GG 287c; Acts,
11).
. .a cac. au e i :e.ue .iei is een dubbele accusatief (Acts, 11).


Terugkeer naar Jeruzalem (1:12-14)

Hand. 1:12
Te . u :. c.ai .t , `I.euca a :e e eu, eu saeu. ieu `Eata ie,, e . cti . ,,u ,
`I.euca caa eu . ,ei e ee i.

Toen keerden zij terug naar Jeruzalem van(af) de berg die Olijfberg wordt genoemd,
die nabij Jeruzalem is, ongeveer een sabbatsreis (er vandaan).

Opmerkingen:
Het aramisme e . drukt uit dat de gebeurtenis die wordt beschrijven nauw
aansluit bij het voorgaande (BDR 459,2; Acts, 11).
7

De genitief in e eu, eu saeu. ieu `Eata ie, heeft de functie van predicaat (Acts,
11; BDR 412,6). Merk op dat in Lc. 19:37 sprake is van eu e eu, a i . ata i,
een genitivus pluralis van . ata. Blass, Debrunner en Rekopf wijzen erop dat
hier in sommige handschriften staat: e e eu, e saeu .iei `Eata i (met e . ata i
als vocatief). Vgl. BDR 143,3.
Het betrekkelijk voornaamwoord e verwijst terug naar e e e, (Acts, 12).
Sommige vertalingen beginnen na `Eata ie, een nieuwe zin: Deze ligt dichtbij
Jeruzalem op sabbatsafstand (W78 en NBV). Lett. betekent caa eu . ,ei e ee i
[is] hebbende een sabbatsreis, for the distance is something which the distant
place has, as it were (Thayer). Het participium van . ,a is predicaat bij . cti en
e ee i is een accusativus spatii. Volgens Bauer gebruikt het NT hier normaliter het
medium van . ,a voor (vgl. Mc 1:38), terwijl Blass, Debrunner en Rekopf menen
dat eigenlijk a :. ,ei is bedoeld (Bauer, . ,a III-2; BDR 161,1.3).
Een sabbatsreis bedroeg ca. 1120 meter (Barrett, ICC, 85).

Hand. 1:13
sat e . .t c ei, .t , e u :.a ei a i. cai eu cai saa. iei.,, e . E. e, sat
`Iaa ii, sat `Ia sae, sat `Aie.a,, 1t t::e, sat Oaa ,, Paeeat e, sat \aat e,,
`Ia sae, 'A|at eu sat Lt ai e ,a , sat `Ieu ea, `Iasa eu.

En toen zij [Jeruzalem] binnenkwamen, gingen zij omhoog naar de bovenkamer,
waar zij zich ophielden, zowel Petrus als Johannes en Jacobus en Andreas, Filippus
en Thomas, Bartholomes en Matthes, Jakobus (de zoon) van Halphes en Simon
de Zeloot en Judas, (de zoon) van Jakobus.

Opmerkingen:
Jeruzalem is weggelaten na .t c ei (ellips).
eu (genitief van het betrekkelijk voornaamwoord e ,) functioneert als locatief
bijwoord ((al)waar).
saa. ia betekent blijven, verblijven of zich ophouden. In combinatie met het
imperfectum cai duidt het tegenwoordige deelwoord saa. iei., f op een
langdurig verblijf f op een gewoonte. De meeste vertalingen kiezen voor het
laatste (W95 zelfs expliciet: waar ze gewoonlijk verbleven).
Het lidwoord e voor Petrus is enclitisch, d.w.z. het neemt het accent over van .
(en moet daarom niet worden verward met een relativum). Zie Acts, 12.
. sat in lange opsommingen krijgt f een extra . f, zoals hier, een extra sat .
Het correlatief is in dit vers gebruikt om meerdere paren van discipelen te
beschrijven, die asyndetisch na elkaar zijn geplaatst (BDR 444,5).
'A|at eu en `Iasa eu zijn verwantschapsgenitieven, waarbij een vorm van u te ,
ontbreekt (BDR 162,4; Acts, 13).
Het lidwoord bij Lt ai e ,a , dient om deze Simon te onderscheiden van een
andere Simon, nl. Petrus (BDR 268, 2; GG 159c).

Hand. 1:14
euet :a i., cai :ecsa.eu i., e euaee i :ec.u, cu i ,uiatt i sat \ata
t eu `Iceu sat et , a e.|et , au eu .

Ze bleven allen eensgezind volharden in het gebed, samen met (de) vrouwen en
Maria de moeder van Jezus en Zijn broers.
8

Opmerkingen:
:ecsa.. a betekent zowel volharden en trouw blijven als voortdurend
aanwezig zijn. Het tegenwoordige deelwoord, in combinatie met het imperfectum
cai, heeft een duratief aspect. De reader mixt de betekenissen: Dezen waren
allen samen terwijl zij eensgezind volhardden in het gebed.
e euaee i komt 11 keer in het NT voor, waarvan 10 keer in Handelingen. Barrett
meent dat het woord gewoon samen betekent (Barrett, ICC, 88-89). Culy is het
daar niet mee eens en suggereert that Luke was focusing on unity of purpose
(Acts, 13).
De datief :ec.u, is een aanvulling op :ecsa.eu i.,.
Culy meent dat ,uiatt i duidt op echtgenotes. Hij wijst erop dat Codex Bezae
heeft: ,uiatt i sat . siet,. Maar het kan ook zijn, gezien de inleidende functie van
de perikoop, dat de vrouwen zijn bedoeld die al zijn genoemd in Lc. 9:22, 23:55
en 24:1). Zie Acts, 13; Barrett, ICC, 89.
\ata is hier een datief van \ata. Ook \ata komt voor (N01 A02 C04 D05
Chr
9,27
), terwijl \ata ook voorkomt als nominatief (Mt. 13:55; Lc. 1). Vgl. BDR
53,12; Tisch. crit. app.
a e.|et , heeft hier mogelijk een ruimere betekenis dan broeders. Bauer stelt
voor om te vertalen met Geschwister (Bauer, a e.|e ,-1; vgl. Barrett, ICC, 90)


Hergroepering apostelen (1:15-26)

Hand. 1:15
Kat . i at , . at, au at, a iaca , E. e, . i . ca a i a e.|a i .t :.i i . e ,e,
e iea ai . :t e au e a c.t . sae i .t sect

En in die dagen stond Petrus op in het midden van de broeders en zei er was
[daar] een schare bijeen (lett. op zichzelf) (van) ongeveer 120 personen:

Opmerkingen:
De bijwoordelijk gebruikte voorzetselbepaling . i at , . at, au at, leidt een
nieuwe vertelling in (BDR 291,5; GG 183c).
Het vers telt twee keer een dubbele punt. Na de eerste volgt een tussenvoegsel
(parenthese), dat door sommige vertalingen tussen haken wordt geplaatst (SV),
cursief wordt geschreven (LUV) of van gedachtestreepjes wordt voorzien (NBG,
LV, W78, W95, NBV). Vgl. BDR 465,3.
a iaca , moet hier worden vertaald met een bijzin van omstandigheid
(circumstantial clause) en niet met een temporele bijzin. Het verschil tussen beide
is dat een bijzin van omstandigheid nieuwe gegevens biedt (vgl. met een
cordinerend werkwoord met sat ), terwijl bij het temporele participium de geboden
informatie bekend is (het deelwoord zegt alleen iets over de tijdrelatie met het
verbum finitum). Greenlee vult aan dat [the aorist circumstantial participle]
normally precedes the leading verb in word order [and] describes an action
coordinate with, prior to, and of the same mood semantically as the leading verb
[] It gives new information. (Greenlee, A concise exegetical grammar of New
Testament Greek, 58; Burton 450-451).
a i a e.|a i duidt hier op medegelovigen, niet op bloedverwanten (Acts, 14).
Het gebruik van . i.p.v. e. is ongebruikelijk (Acts, 15).
9

Het meervoud e iea ai is afgeleid van het Hebreeuws -:: en duidt hier op
personen of Leute (zie ook Openbaringen 3:4 en 11:13). Vgl. Bauer, e iea III.
De meeste vertalingen maken van . :t e au e zoiets als bijeen (Bauer:
zusammen, an demselben Ort (au e ,-4b); vgl Thayer, au e ,-III1). Blass,
Debrunner en Rekopf geven ook nog beisammen (BDR 233,2).

Hand. 1:16-17
a ie., a e.|et , . e.t :a iat i ,a| i i :e.t :.i e :i.u a e a ,tei eta ce ae,
^aut e :.t `Ieu ea eu ,.ie. ieu e e,eu et , cuaeu cti `Iceu i,
17
e t sat. ie,
i . i t i sat . a,.i e i s ei , etaseita, au ,.

(Mannen) broeders, het Schriftwoord moest worden vervuld dat de Heilige Geest had
voorzegd door de mond van David, aangaande Judas, die de gids is geworden van
hen die Jezus hebben gevangengenomen, want Hij was meegerekend onder ons en
hij lootte (of: verkreeg) het lot van die bediening.

Opmerkingen:
a e.|et , heeft hier mogelijk een ruimere betekenis dan broeders (zie vers 14 en
15). De NBV vertaalt met Broeders en zusters. De vocatief volgt op a ie.,, als
gevolg waarvan we a ie., niet hoeven te vertalen (vgl. vers 11). Zie BDR 242,1.
. e.t is het imperfectum van de onpersoonlijke uitdrukking e.t en wordt gevolgd
door een AcI (Acts, 15).
De accusatief singularis i ,a| i (wat we in dit vers vertalen als subject) duidt
op een enkel Schriftwoord, het meervoud at ,a|at betekent de Schrift
(Haenchen, KEK, 124).
eta ce ae, ^aut e vervangt een dativus instrumentalis en is een hebrastische
omschrijving voor het spreken Gods (BDR 217,7).
Merk op dat Judas hier wordt geschreven als Juda (`Ieu ea), iets wat in de
evangelin ook gebeurt in Mc. 6:3; Lc. 3:30 (en 33); Lc. 22:48; Joh. 13:26
(Matthes heeft alleen `Ieu ea,; vgl. Mc. 14:10,43; Joh. 12:4; 13:2,29; 14:22;
18:2,3,5). Zie BDR 55,2.
eu ,.ie. ieu e e,eu is attributief gebruikt bij `Ieu ea (en is dus geen genitivus
absolutus). Vgl. Acts, 15.
et , cuaeu cti is een dativus commodis.
e t kan een directe rede inleiden (nl. dat wat de Heilige Geest had voorzegd),
maar het is waarschijnlijker dat die voorzegging pas in de psalmgedeelten in vers
20 wordt aangehaald. Het voegwoord legt hier veeleer uit waarom een vacature
was ontstaan (Barrett, ICC, 97).
De plusquamperfectum-constructie sat. ie, i . i t i (imperf. van .t t ,
gevolgd door een participium van het perfectum) komt uit Lc. 22:3.
. a,.i e i s ei , etaseita, au , betekent letterlijk: hij lootte het lot (in
klassiek Grieks zou dit een genitief zijn geweest) van die bediening en vormt een
vooruitwijzing naar de verkiezing van Matthias (Haenchen, KEK, 125). Maar
weinig vertalingen handhaven de toespeling op het lot: [hij] had het lot dezer
bediening verkregen (SV) en: [hij] heeft dit dienstwerk, hem toegewezen door het
lot, aangenomen (Naardense Bijbel). De NBG leest: [hij] had aandeel aan deze
bediening gekregen. Vgl. BDR 171,5.
, etaseita, au , is een genitivus partitivus (Acts, 16).
10

Hand. 1:18
eue, . i eu i . s cae ,at ei . s tceu , a etsta, sat :i , ,.ie .ie, . a sc.i
. ce, sat ..,u :a ia a c:a ,,ia au eu

Deze dan nu verwierf (voor zichzelf) een akker van het loon voor de ongerechtigheid
en nadat hij voorover was gevallen (lett. geworden), is hij (in het) midden (of: zijn
middel) opengebarsten en al zijn ingewanden stroomden naar buiten.

Opmerkingen:
Voor . i eu i, zie vers 6 (vgl. BDR 290,3, 451,3).
. s geeft hier weer waarvan Judas de akker verwierf (Barrett, ICC, 98).
. s tceu is een genitivus pretii (BDR 179,2).
, a etsta, is een genitivus attributivus (Acts, 16) of een genitivus qualitatis (BDR
165,2).
Het temporele deelwoord ,.ie .ie, betekent hier, in combinatie met :i ,
(languit en voorover) volgens de meeste woordenboeken gevallen. Maar er
gaan ook stemmen op om :i , te lezen als een medische term voor
opgezwollen (afgeleid van de stam :- voor branden). Bauer meent dat hier
onvoldoende bewijs voor is (Bauer, :i ,; vgl. Moulton-Milligan 3540). Vgl.
BDR 29,4; TCGNT 247,248.
Culy vertaalt . a sc.i . ce, met the middle burst open, waarbij het adjectief . ce,
dus dient als subject (Acts, 16). Voor asa a, zie BDR 101,45.
Merk op dat ..,u (enkelvoud) een onderwerp heeft dat in het meervoud staat
(Acts, 16).
a c:a ,,ia au eu duidt op Judas eigen ingewanden (BDR 286,4).

Hand. 1:19
sat ,iace i . ,. i.e :a ct et , saetseu cti `I.euca , a c. s iat e ,at ei . s.t ie
t eta eta. sa au a i 'As.eaa ,, eu ` . cti ,at ei at ae,.

en het werd bekend aan allen die in Jeruzalem wonen, zodat die akker wordt
genoemd (of: heet) in hun eigen taal Hakeldama, dat is Bloedakker (lett. akker van
bloed).

Opmerkingen:
:a ct is een hyperbool (Acts, 17), die een dativus krijgt bij ,iace i (BDR 191,5).
s iat e ,at ei . s.t ie is een AcI na a c. (Acts, 17).
au a i is een genitivus subjectivus (geen bezitsgenitief, omdat een taal niet kan
worden bezeten). Vgl. Acts, 17.
'As.eaa , heeft in het Grieks de keelklank chi als uitgang, maar deze staat voor
de s. Er zijn bovendien variante lezingen met 'As.eaa (TCGNT, 248,249; BDR
39,4; Dalman, p. 137, 202).
,at ei at ae, is een genitivus materiae (akker van bloed) of een genitivus
attributivus (bloed(er)ige akker). Vgl. Acts, 17.


Hand. 1:20
,. ,a:at ,a . i t a aa i ,.i a . :aut, au eu . e, sat . ca e
saetsa i . i au , sat i . :tcse: i au eu a. a . .e,.
11

Want het staat geschreven in het boek der psalmen: Laat zijn hoeve verlaten worden
en laat er niemand zijn die daar woont (lett. en laat er geen bewoner in haar zijn),
en: Laat een ander zijn opzicht(ersambt) nemen.

Opmerkingen:
. :aut, is een hoeve of boerderij (Bauer: d. Gehft, d. Landhaus). Haenchen
oppert dat Judas niet alleen een stuk land had gekocht van zijn verradersloon,
maar ook een boerderijtje. Daar zouden de geciteerde verzen uit psalm 69:26 en
109:8 naar verwijzen (Haenchen, KEK, 124, 126). Louw-Nida verbreedt de
betekenis van . :aut, echter naar huis: property in which a person was expected
to reside, either as the result of ownership or legal contract - homestead, house,
residence (LN, 7.4).
Het cordinerend voegwoord sat smeedt hier twee citaten aaneen (BDR 442,1).
. :tcse: i duidt hier volgens Bauer (. :tcse: -3) niet zozeer het opzicht aan, maar
het ambt dat daaruit bestaat (Thayer: After the analogy of the Hebrew : e.
(Num. 4:16; 1 Chr. 24:19 (here the Septuagint . :t cs.t,), etc.), oversight i.e.
overseership, office, charge). Louw-Nida wil echter vermijden dat een verband
wordt gelegd met latere kerkelijke ambten (vgl. bisschop) en stelt voor: The
position of one who has responsibility for the care of someone (LN, 35.40).
Merk op dat de LXX in Ps 108:8 de optativus a et heeft i.p.v. de imperatief
a. a (BDR 384,1).

Hand. 1:21-22
e.t eu i a i cui.e iai t i a iea i . i :ait ,e ia a .t c .i sat . .i .|` a , e
su te, `Iceu ,,
22
a a .ie, a :e eu a:t cae, `Iaa iieu . a, , . a, , a i. |
a|` a i, a ua , a iaca c.a, au eu cu i t i ,.i. cat . ia eu ai.

Dus moet van de mannen die met ons samen waren (of: kwamen) al die tijd waarop
de Heer Jezus bij ons in- en uitging (of: met ons rondtrok), te beginnen van de doop
(of: het optreden) van Johannes tot de dag waarop Hij van ons werd weggenomen,
n (van hen) samen met ons getuige worden van Zijn opstanding.

Opmerkingen:
De infinitief die hoort bij het onpersoonlijk werkwoord e.t staat pas aan het eind
van vers 22 (,.i. cat).
a i hoort bij de genitivus partitivus a iea i (Acts, 18).
cui.e iai is attributief gebruikt bij a iea i (Acts, 18) en betekent hier to come,
go or travel with (Gingrich). Er is geen sprake van een genitivus absolutus,
aangezien het participium deel uit maakt van een zelfstandig naamwoord. Merk
op dat op samengestelde werkwoorden met cui- vaak een derde naamval volgt,
zoals hier t i (BDR 202,8).
Het betrekkelijk voornaamwoord a is hier een dativus onder invloed van ,e ia
(Acts, 18). In klassiek Grieks zou het voorzetsel . i zijn herhaald (. i :ait ,e ia
. i a). Vgl. BDR 293.3.
De uitdrukking .t c .i sat . .i (vgl. Num. 27:17; 2 Kon. 1:10; Joh. 10:9)
betekent volgens Louw-Nida to go about with (LN 83,9) of rondgaan/ -trekken.
Het is ook een zeugma (een overspannen samentrekking van twee werkwoorden,
die op een object worden betrokken terwijl er maar n grammaticaal past). Er
had moeten staan: .t c .i .|` a , sat . .i :a` a i (BDR 479,5).
12

.|` a , duidt hier een associatie aan. Sommige uitleggers willen er subordinatie
in zien (de Heer ging over ons in en uit). Vgl. Acts, 18.
a a .ie, [] . a, is hier pleonastisch gebruikt (BDR 419,3).
eu a:t cae, `Iaa iieu duidt volgens de meeste vertalingen op de doop van
Jezus door Johannes (genitivus auctoris). Culy suggereert echter een metonymia
(deel voor geheel) voor heel Johannes optreden (Acts, 19).
, in , . a, , a i. | had eigenlijk i moeten luiden (BDR 294.3).
De accusatief a ua (van e a u,) is predikaat bij ,.i. cat en correspondeert
met het subject . ia dat onderdeel is van de AcI na e.t (Acts, 19).
eu ai is een genitivus partitivus (Acts, 19).

Hand. 1:23
Kat . ccai eu e, `Iac| e i saeu .iei Pacaa i e , . :.s `Ieu ce,, sat \at ai.

En zij stelden er twee voor: Jozef, die Barsabbas werd genoemd, die de bijnaam
Justus was gegeven, en Matthias.

Opmerkingen:
t ct betekent hier to propose or put forward a particular selection of to select,
to choose (Louw-Nida). Bauer leest hier aufstellen [] zu bestimmtem Zweck:
die Kandidaten der Ersatzwahl (Bauer, t ct-I1b). Merk op dat Codex Bezae
. cc.i heeft, waardoor Petrus beide kandidaten nomineert (TCGNT, 249).
saeu .iei mag worden vertaald met genaamd. Merk op dat `Iac| e i
saeu .iei Pacaa i is een accusatief van het uitwendig object (Wallace, 191).
. :tsa. a betekent hier een bijnaam geven (Bauer, . :tsa. a).
`Ieu ce, is een Romeinse naam (Acts, 20; Haenchen, KEK, 127 nt 4).

Hand. 1:24-25
sat :ec.ua .iet .t :ai cu su t. saete,ia ca :a iai, a ia e.tei e i ...a . s eu ai
a i eu e . ia
25
a.t i e i e :ei , etaseita, au , sat a :ece , a|` , :a.
`Ieu ea, :e.u iat .t , e i e :ei e i t etei.

En terwijl ze baden, zeiden ze: Heer, kenner van alle harten, maakt U (ons) die ene
bekend, die U uit deze twee hebt gekozen om de plaats in te nemen van deze dienst
en (of: van het) apostel(ambt) waarvan Judas afstand heeft gedaan om te vertrekken
naar zijn eigen plaats.

Opmerkingen:
De werkwoorden :ec.ua .iet .t :ai vormen geen tautologie zoals bv. a :est.t ,
.t :.i, maar drukken een gelijktijdigheid uit: sie sagten betend/ im Gebet (BDR
420,4; GG 206i).
cu kan zowel vocatief zijn (U, Heer) als een persoonlijk voornaamwoord dat dient
ter benadrukking (U Heer). Vgl. Acts, 20.
saete,ia ca is een vocatief. De uitdrukking komt veel voor in vroeg-christelijke
literatuur (Haenchen, KEK, 127 nt 8).
a iae.t siut betekent laten zien, bekend maken, openbaren. Wat volgt is een
ingewikkelde syntaxis. Zo kan . ia volgens Culy drie betekenissen hebben: (a) een
lijdend voorwerp bij a ia e.tei (toon de ene die U hebt gekozen uit deze twee);
13

(b) een accusatief als tegenstelling tot de betrekkelijke bijzin (toon hem die U
hebt gekozen, de ene van deze twee); (c) een verschuiving van woordvolgorde
om extra nadruk te leggen (toon precies de ene (the very/ precise one) die U hebt
gekozen van deze twee). De eerste twee lezingen zijn grammaticaal niet
helemaal in de haak, waardoor Culy pleit voor de derde optie. Haenchen kiest
overigens voor de eerste variant (Haenchen, KEK, 123).
a.t i na ...a is een tamelijk losse verbinding tussen het werkwoord van
beweging en de finale infinitief (BDR 390,5). Het verband kan aanvullend zijn
of uitleggend. In dit laatste geval zou er staan: show he whom you have chosen
from these two, the one who will take the place [] (Acts, 21).
:aaat ia is afstand doen van of zur Seite treten, abtreten (Bauer).
a :ece betekent het apostelambt.
Het sat in , etaseita, au , sat a :ece , duidt niet op en, maar op een
cordinatie tussen twee afhankelijk begrippen (hendiadys). Vgl. BDR 442,29;
Barrett, ICC, 103). Culy twijfelt hieraan, gezien de positie van au ,, en ziet sat
als epexegetisch (deze dienst, zelfs het apostelambt). Vgl. Acts, 21.
e i e :ei e i t etei duidt op de hel (Haenchen, KEK, 127 nt 11) en vormt, als
tegenstelling met e i e :ei , etaseita, au , sat a :ece ,, een scherpe
veroordeling van Judas (Acts, 21).

Hand. 1:26
sat . easai s eu, au et , sat . :.c.i e s e, . :t \atai sat cu,sa.|t c .a
a i . ie.sa a :ece ai.

En zij gaven hen loten (of: wierpen het lot voor hen) en het lot viel op Matthias en hij
werd met de elf apostelen gerekend (of: bij de elf apostelen gevoegd).

Opmerkingen:
. easai s eu, is een wat ongebruikelijke uitdrukking voor . aei s eu,, maar
duidt op hetzelfde: loten werpen (met als au et , dativus commodis i.p.v.
obiectivus). Zie voor het gebruik Lev. 16:8; Richt. 20:9; Spreuken 16:33, 18:18
(Acts, 21-22).
cu,saa|t ,a betekent iemand onder een bepaalde groep rekenen. Thayer
preciseert dat dit gebeurt na een loting: to assign one a place among (cu i), to
vote one a place among (Thayer, cu,saa|t ,a). Bauer: dazu gewhlt werden,
dann abgeschwcht hinzugestellt werden (Bauer, cu,saa|t ,eat).


Uitstorting van de Geest (Pinksteren) (2:1-13)

Hand. 2:1
Kat . i a cu:eu cat i . ai , :.isec , cai :a i., e eu . :t e au e .

En toen de dag van Pinksteren was aangebroken (lett. vervuld) waren allen op
dezelfde plaats bijeen.

Opmerkingen:
. i + infinitief betekent terwijl, tijdens, toen (BDR 404,2; Wallace, 595).
14

:.isec is afgeleid van :.i seia (vijftig) en duidt op het Wekenfeest of
sjavoeot dat op de vijftigste dag (7 weken) na het Pascha werd gehouden. ,
:.isec , is hier een genitivus explicativus (Acts, 23). Merk op dat voorafgaand
aan het wekenfeest de leernacht of leel sjavoeot werd gehouden, waarin de wet
werd bestudeerd. Aangezien de discipelen bij het aanbreken van de Pinksterdag
al bijeen waren, zouden ze heel goed een leernacht gehouden kunnen hebben
(hoewel niet duidelijk is hoe oud dit gebruik is (vgl. Cohen Stuart, 122)).
Alleen de Statenvertaling heeft nog vervuld voor cu:eu cat, wat problemen
geeft, gezien de afwezigheid van een agency (vgl. Wallace, 436). Bedoeld is de
vervulling van een tijdsperiode (ThWNT VI 307,18-25).
Het onderwerp bij cai, nl. :a i.,, slaat op de apostelen en grijpt terug op Hand.
1:14. De verzen 15-26 geven alleen achtergrondinformatie en onderbreken de
verhaallijn (Acts, 23). Haenchen en Zahn denken echter dat de 120 mensen uit
Hand. 1:15 zijn bedoeld (Haenchen, KEK, 131; Zahn, 78).
e eu . :t e au e wordt door veel vertalingen gezien als een tautologie (immers
e eu betekent net als . :t e au e op dezelfde plaats, samen, bijeen). Culy
spreekt van een complex predicate expression en leest, in combinatie met het
subject :a i.,: They were all together in one place (Acts, 23). Nederlandse
Bijbelvertalingen geven de constructie weer met: [zij waren] allen tesamen bijeen
(NBG), allen eendrachtig bij elkander (LUV) allen bijeen op dezelfde plaats
(W78) en allen gemeenschappelijk bijeen (Telos). Vgl. BDR 233,2; Haenchen,
KEK, 131.

Hand. 2:2-4
sat . ,. i.e a|ia . s eu eu aieu ,e, a c:. |.e. i, :ie , tata, sat . : ac.i e ei
e i et sei eu cai sa .iet
3
sat a|cai au et , eta.t,e .iat ,a ccat a c.t :ue ,
sat . sa tc.i .|` . ia . sacei au a i,
4
sat . : ccai :a i., :i.u ae, a ,t eu sat
aie a.t i . . at, ,a ccat, saa , e :i.u a . et eeu a :e|. ,,.cat au et ,.

En plotseling kwam er uit de hemel een gedruis als van een aanstormende hevige
wind en deze vulde het hele huis, waar zij zaten (lett. waren gezeten) en hen
verschenen tongen als vuur die zich verspreidden en het ging zitten op een ieder van
hen en allen werden vervuld van Heilige Geest en begonnen te spreken in andere
talen zoals de Geest hen gaf te spreken.

Opmerkingen:
e ,e, duidt op klank, gedruis, gedreun, galm, echo, geluid. Het woord is hier
predikaat bij . ,. i.e en onderwerp bij . : ac.i. Vgl. BDR 50,3; Robertson,
GGNT, 261.
Culy meent dat . ,. i.e onpersoonlijk is bedoeld. Vgl. En er geschiedde haastelijk
uit den hemel een geluid (SV); En er geschiedde plotseling een geruis van den
hemel (LUV). Alle andere vertalingen lezen ,t ieat hier als komen. Acts, 24.
a c:. betekent precies zoals. Vgl. BDR 425,5; Robertson, GGNT, 966, 969,
1140.
Een imperfectum van .t t met een praesens-participium geeft een verleden tijd
met een duratief aspect ( cai sa .iet). Vgl. Wallace, 648; Robertson, GGNT,
376.
Het deelwoord |.e. i, is attributief gebruikt (Robertson, GGNT, 1105).
15

Veel vertalingen maken van a c:. |.e. i, :ie , tata, (gn genitivus
absolutus): alsof er een hevige wind opstak. |. eat betekent zowel
meegevoerd worden als aanstormen, razen. Friberg heeft: as what is borne
along by natural forces, as the wind, rush, sweep (Friberg Lexicon, |. a-5a).
Zahn vertaalt met ein Sausen und Brausen (Zahn, 77).
:ie , is een genitivus auctoris (het geluid geproduceerd door een hevige wind).
Vgl. Acts, 24.
Het passivum a|cai heeft een praesens-betekenis (verschijnen), hoewel SV
er werden gezien van maakt. Vgl. BDR 191,3; Wallace, 165 nt 72. Mogelijk is
a|cai een goddelijk passivum (God toonde hen []). Vgl. G. Menzies, Pre-
Lucan occurences of the phrase tongue(s) of fire, in: Pneuma 22 (2000), p. 56.
Het participium eta.t,e .iat is attributief gebruikt bij . sa tc.i. Merk op dat het
enkelvoud . sa tc.i het meervoud ,a ccat als subject heeft (N* en D maken er
. sa tcai van). Dit heeft te maken met de distributieve betekenis van het
werkwoord in combinatie met . ia, denkt Culy: a tongue sat on each one of them
(Acts, 24; Barrett, ICC, 114).
,a ccat a c.t :ue , is mogelijk een verwijzing naar Jes. 5:24, 30:27-28; 1 Henoch
14:8-15; 1 Henoch 71:5-8 en 1Q29, waarin ook sprake is van vurige tongen.
Barrett merkt verder op dat in Rabbijnse teksten staat dat er vuur op de hoofden
van rabbis verschijnt die de Thora bestuderen of bediscussiren (Ruth Rabba
6:4). Maar de directe bron van de passage zoekt hij in de profetie van Johannes
de Doper in Lc. 3:16 (Barrett, ICC, 114). Haenchen signaleert dat in de genoemde
voorbeelden de tongen wel een goddelijk element representeren, maar niet met
spreken zijn verbonden (KEK, 131).
,a ccat (tongen) is volgens Menzies een metonymia voor talen (Menzies,
tongue(s) of fire, 56). Ook Haenchen voelt daar wel voor (KEK, 131). Zie ook
vers 4 en 11. Merk op dat ,a cca naast tong en taal ook woord kan betekenen.
Barrett ziet echter in de beeldspraak een verwijzing naar de vorm van de tong
(Barrett, ICC, 114).
Merk op dat er in Handelingen ,a ccat a c.t :ue , staat en niet ,a ccat :ue ,. Is
a cat ingevoegd onder invloed van een semitisme (vgl. Ex. 24:17)?
au a i is een genitivus partitivus.
:i.u ae, is een genitivus materiae.
,a ccat, is een dativus instrumentalis.
Het imperfectum . et eeu maakt deel uit van een causatieve constructie met
a :e|. ,,.cat en duidt op X liet Y Z doen (Acts, 25).
a :e|. ,,.cat betekent ronduit zeggen of met bezieling spreken. Vrijwel geen
enkele vertaling doet hier iets mee (ze houden het bij spreken), behalve de NBV,
die ervan maakt: en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals
hun door de Geest werd ingegeven (eigen cursivering).

Hand. 2:5
'Hcai e. .t , `I.euca saetseu i., `Ieueat et, a ie., .u a.t , a :e :aie , . ieu, a i
u :e e i eu aie i.

Nu woonden (er) in Jeruzalem Joden (lett. waren woonachtig), vrome mannen
(van)uit alle volken die onder de hemel zijn.


16

Opmerkingen:
e. introduceert hier, zoals vaak in Handelingen, een nieuwe ontwikkeling. Het is
opvallend dat Lucas het woord pas hier op deze manier inzet. Daardoor wordt de
Hemelvaart direct gekoppeld aan het Lucasevangelie en start het verhaal van
Handelingen eigenlijk pas in Hand. 2:5 (Acts, 25).
cai saetseu i., is een perifrastisch imperfectum, met een duratief aspect. Zie
voor meer details Haenchen, KEK, 116 nt 7.
Merk op dat .t , hier eigenlijk . i had moeten zijn, hoewel in klassiek Grieks
saets. a ook met .t , voorkomt (BDR 205,4).
Er zijn handschriften die `Ieueat et weglaten. Het is immers logisch dat er joden in
Jeruzalem wonen. En hoe valt dat te rijmen met a :e :aie , . ieu, a i u :e e i
eu aie i? Weer andere manuscripten plaatsen het woord na a ie.,. Gaat het om
een latere redactie? Maar waarom zou een kopiist een ogenschijnlijk redundant
woord invoegen? Metzger denkt dat het problematische `Ieueat et daarom wel in
de tekst thuishoort (TCGNT, 251). Anderen pleiten voor weglating, zodat er ook
gelovige heidenen bij Pinksteren betrokken waren (vgl. Lake, Beginnings, V, 111-
121).
a :e :aie , . ieu, a i u :e e i eu aie i beschrijft, als voorzetselzin bij saetseu i.,
vanwaar de joden afkomstig waren die naar Jeruzalem waren gemigreerd
(waarbij i.p.v. a :e eigenlijk . s had moeten staan, vgl. BDR 209,5). Daarbinnen
vormt a i u :e e i eu aie i weer een adjectief bij . ieu, (vgl. Deut. 2:25). Merk op
dat het lidwoord a i, dat de bijvoegelijke bijzin inleidt, meervoud is en . ieu,
enkelvoud (wat echter in essentie wel op een meervoud duidt). Zie Acts, 26.

Hand. 2:6
,.ie. i, e. , |ai , au , cui .i e : e, sat cui.,u , e t seuei .t, . sace,
t eta eta. sa aeu iai au a i.

Toen dit geluid was gekomen, kwam de menigte samen en stond versteld, want een
ieder hoorde (Eng. was hearing) hen spreken in de eigen taal.

Opmerkingen:
,.ie. i, e. , |ai , au , is een genitivus absolutus (Acts, 26; GG 231d).
Vertalingen maken van ,.ie. i, geschiedde, ontstond, (op)kwam of
weerklonk. Culy (Acts, 26) adviseert to occur (zich voordoen, plaatsvinden,
gebeuren). KJV heeft: Now when this was noised abroad.
Refereert , |ai , aan het geluid van de wind of van het spreken in andere
talen?
De meeste vertalingen (behalve NAS) maken van seuei een enkelvoud. Het
Grieks heeft hier een meervoud vanwege het distributieve karakter van het
subject .t, . sace, (Acts, 26; vgl. BDR 305,3; TCGNT, 252).
t eta eta. sa is een dativus instrumentalis (Acts, 26).
aeu iai is een genitivus cum participio bij het imperfectum seuei, terwijl au a i
een genitief object is bij hetzelfde werkwoord (merk op dat D hier aeu ia, heeft),
wat duidt op het eenvoudig aanhoren van de taal (een accusatief duidt ook op
een verstaan). Culy ziet hier een dubbele genitief en waarschuwt ervoor het
zinsdeel niet te lezen als een genitivus absolutus (Acts, 27). Vgl. BDR 173,2,
416,5; Robertson, GGNT, 1042; Wallace, 133, 134, 544, 553 nt 31; TCGNT,
252).
17

Hand. 2:7
.t caie e. sat . au a,ei . ,ei., eu , t eeu a :ai., euet .t cti et aeu i.,
latat et,

En zij raakten buiten zichzelf en verbaasden zich, terwijl zij zeiden: zie, zijn deze niet
allen Galileers die spreken?

Opmerkingen:
Het doublet .t caie en . au a,ei versterkt de verbazing (Acts, 27).
Sommige grammaticas zien het voegwoord e. hier als een uiting van verbazing
(dan of nu), omdat het onderwerp in dit vers wordt voortgezet en er daarom sat
was te verwachten. Maar Culy denkt dat Lucas voor e. heeft gekozen gezien het
doublet waar ook al sat tussen staat (Acts, 27).
. ,ei., is redundant. De reader raadt aan om het te vertalen met een recitativum
(dubbele punt). Vgl. Acts, 7,27.
Directe vragen die met eu beginnen verwachten een positief antwoord. W95
vertaalt dan ook: Maar dat zijn toch allemaal Galileers die daar spreken!
Het participium aeu i., kan hier worden beschouwd als een gesubstantiveerd
deelwoord, horend bij a :ai., euet wat in dat geval dient ter versterking. Maar
het kan ook worden gelezen als attributief, behorend bij alleen euet (Acts, 27).
latat et is het naamwoordelijk deel van het gezegde na het koppelwerkwoord
.t cti (Acts, 27).

Hand. 2:8
sat :a , .t , a seu e.i . sace, t eta eta. sa a i . i . ,.ii .i,

En hoe horen wij (Eng: are we hearing) een ieder in onze eigen taal, waarin wij
werden geboren (lett. verwekt)?

Opmerkingen:
Het vers is een dubitativus zonder conjunctief.
De praesens a seu e.i heeft een duratief aspect (Wallace, 519).
t eta eta. sa a i . i . ,.ii .i is een omschrijving voor moedertaal (zie:
Acts, 28).
eta. sa is een dativus instrumentalis (Acts, 28).
Culy stelt voor om te vertalen met our very own language, gezien het
pleonastische gebruik van a i bij t eta (Acts, 28; BDR 286,4).

Hand. 2:9-11
Ea et sat \ eet sat `Eat at sat et saetseu i., i \.ce:eatai, `Ieueatai . sat
Ka::aeestai, Ee iei sat i `Actai,
10
1u,tai . sat Ea|utai, At ,u:ei sat a
. , Atu, , saa Ku ii, sat et . :teeu i., 'Paat et,
11
`Ieueat et . sat
:ec uet, K ., sat Aa.,, a seu e.i aeu iai au a i at , .. at, ,a ccat, a
.,a.ta eu .eu .

Parthen en Meden en Elamieten en zij die wonen in Mesopotami, Judea en
Kappadoci, Pontus en Azi, Phrygi en Pamphili, Egypte en delen van Libi dat bij
Cyrene is (of: Libi bij Cyrene) en Romeinen die in het land zijn (of: die hier zijn
gevestigd), zowel Joden als proselieten, Kretenzers en Arabieren; wij horen hen in
onze eigen talen spreken van de grote daden van God.

18

Opmerkingen:
De opsomming van volkeren staat in de nominatief. Toch heeft de lijst hier niet de
functie van subject (het verbum finitum is a seu e.i in vers 11). Culy ziet er
daarom een nominativus pendens (nominativus absolutus) in (Acts, 28). Zie BDR
111,3 voor de uitgangen op -t , (zie ook BDR 262,4.7).
i \.ce:eatai, `Ieueatai . sat Ka::aeestai, Ee iei sat i `Actai, 1u,t ai .
sat Ea|utai, At ,u:ei sat a . , Atu, [] vormt een reeks accusatieven
van locatie bij het gesubstantiveerde participium et saetseu i., (Acts, 28; vgl.
BDR 261,4; GG 132b).
De voortdurende afwisseling van . sat en sat zorgt voor verbinding tussen
afzonderlijke begrippen (BDR 444,3).
, Atu, is een genitivus partitivus (Acts, 28), of een genitivus epexegeticus
(Wallace, 100).
.:te. a betekent in het land zijn of zich ergens als vreemde ophouden.
aeu iai is een genitivus cum participio bij a seu e.i, terwijl au a i het genitief-
object bij hetzelfde werkwoord vormt (Acts, 29; BDR 416,5; GG 233b; vgl.
Hand. 2:6).
,a ccat, is een dativus instrumentalis (Acts, 29).
Het gesubstantiveerde adjectief a .,a.ta eu .eu staat voor de grote daden
van God (vgl. Bauer). Louw-Nida suggereert: the great things which God has
done (76.8). Thayer heeft: magnalia dei, i.e. the glorious perfections of God and
his marvellous doings (-: . , Ps. 70:19 (Ps. 71:19), Sir. 33:10 (Sir. 36:10), 42:21).
Merk op dat a .,a.ta hier zowel een accusativus obiectivus bij aeu iai kan
zijn als een accusativus respectivus (Acts, 29).

Hand. 2:12
.t caie e. :a i., sat et:e eui, a e, :e , a ei . ,ei., t . .t eu e .t iat,

En allen waren buiten zichzelf en in grote onzekerheid (of: verlegenheid), terwijl de
ene tegen de ander zei (of: ze tot elkaar zeiden): Wat mag (lett. wil) dit zijn?

Opmerkingen:
Het doublet .t caie en et:e eui versterkt de verbazing (Acts, 29).
Voor et:e eui (in onzekerheid zijn), zie BDR 101,8.
a e, :e , a ei betekent hetzelfde als het pronomen reciprocum :e , a eu,
(BDR 287).
. a duidt volgens Thayer op things that tend or point to some conclusion
(Thayer, . a-1). Gingrich, Barclay-Newman en Louw-Nida vertalen de vraag t
. .t eu e .t iat, met What does this mean? Bauer heeft: Was mag das wohl
sein? (Bauer, . a-3).
Het aanwijzend voornaamwoord eu e is het onderwerp van de vraagzin (t is het
predikaat bij .t iat). Vgl. Wallace, 195 nt 71; Acts, 29.

Hand. 2:13
. .et e. eta,.ua ,ei., . .,ei e t ,.u seu, ..ca. iet .t ct i.

Maar anderen zeiden spottend: Ze zijn vol (lett. vervuld) met most.

19

Opmerkingen:
. .et doet wat vreemd aan na het :a i., uit het vorige vers. Haenchen meent dat
het gaat om de joden uit Jeruzalem, die de vreemde talen niet konden volgen.
Culy denkt echter dat moet worden gezien als een hyperbool (Haenchen, KEK,
135; Acts, 29).
Het deelwoord van eta,.ua ,a (bespotten) beschrijft hoe men zei dat de
apostelen vol met most zaten (Wallace, 628).
Blass, Debrunner en Rekopf zien in . .,ei geen duratief aspect, maar denken dat
hier evengoed een aoristus had kunnen staan (BDR 329,3).
De genitivus materiae ,.u seu, betekent letterlijk met most. Most (in Engelse
vertalingen: new wine) is druivensap dat nog niet geheel is gegist. Echter, in het
jaargetijde van het Wekenfeest was er nog helemaal geen most voorhanden,
reden waarom de meeste vertalingen denken dat wijn is bedoeld die met honing
is gezoet (ze hebben teveel zoete wijn gehad). Vgl. Haenchen, KEK, 135 nt 3.
NBV laat de betekenis in het midden en leest: Ze zullen wel dronken zijn.
..ca. iet .t ct i is een omschrijvend perfectum van .ce a (vol maken of
vervullen). Het is geen plusquamperfectum, gezien het gebruik van de praesens
.t ct i).


Preek van Petrus (2:14-40)

Hand. 2:14
La.t , e. e E. e, cu i et , . ie.sa . : .i i |ai i au eu sat a :.|. ,ae au et ,
a ie., `Ieueat et sat et saetseu i., `I.euca :a i.,, eu e u t i ,iace i . ca sat
. iat cac. a aa eu.

Petrus nu stond (op) met de elf (anderen) en verhief zijn stem en sprak met bezieling
tot hen: Joden en alle inwoners van Jeruzalem, laat dit jullie bekend zijn en hoor mijn
woorden.

Opmerkingen:
Het passieve deelwoord ca.t , moet hier worden vertaald met een bijzin van
omstandigheid (circumstantial clause) en niet met een temporele bijzin, zoals bv.
Terwijl Petrus nu met de elf stond, verhief hij zijn stem [] (vgl. echter Codex
Bezae). Het verschil tussen beide is dat een bijzin van omstandigheid nieuwe
gegevens biedt (vgl. met een cordinerend werkwoord met sat ), terwijl bij het
temporele participium de geboden informatie bekend is (het deelwoord zegt
alleen iets over de tijdrelatie met het verbum finitum). Greenlee vult aan dat [the
aorist circumstantial participle] normally precedes the leading verb in word order
[and] describes an action coordinate with, prior to, and of the same mood
semantically as the leading verb [] It gives new information. (Greenlee, A
concise exegetical grammar of New Testament Greek, 58; Burton 450-451).
. :at a betekent verheffen (van de stem). Het gebruik van het werkwoord is
typisch voor Lucas (vgl. Lc. 11:27 & Hnd. 14:11, 22:22). Zie Acts, 32. Merk op dat
in deze zin het enkelvoud is gebruikt, vanwege het gebruik van cu i i.p.v. sat
(waardoor het onderwerp enkelvoudig wordt).
In de constructie e E. e, cu i et , . ie.sa ontbreekt a e,, waar het woord wel zou
kunnen worden verwacht (BDR 306,11; 480,2; GG 293c).
20

Het verbum a :e|. ,,eat (Thayer: to speak out, speak forth, pronounce) komt in
het NT alleen in Handelingen voor (zie ook 2:4 en 26:25). In de LXX heeft het
woord de connotatie van Goddelijk genspireerd spreken (vgl. Mi. 5:1, Zach. 10:2
en Ez. 13:9), reden waarom Bauer voor dit vers vertaalt: jmdn. begeistert
anreden (Bauer, a :e|. ,,eat).
Deelwoorden die verbonden zijn met een persoonlijk voornaamwoord (of waar
een pronomen personale had kunnen staan) krijgen een lidwoord: a ie., `Ieueat et
sat [u .t ,] et saetseu i., `I.euca :a i., (waarmee maar n groep wordt
aangeduid). Vgl. BDR 412,10.
`I.euca is een accusativus locativus (Acts, 32).
De imperatieven in de derde persoon enkelvoud ,iace i . ca sat . iat cac. zijn
sterker dan een vertaling met Laat []. Eigenlijk staat er Ik beveel dat [].
Wallace benadrukt dat The Greek is stronger than a mere option, engaging the
volition and placing a requirement on the individual (Wallace, 486, nt. 97).
. iat ,eat betekent horen, vernemen, ter ore nemen. Blass, Debrunner en
Rekopf spreken van een hypostasering, d.w.z. een tot zelfstandigheid verheven
abstractie, geleend van Gen. 4:23 (BDR 123,5, vgl. Thack, p. 207, 267).

Hand. 2:15-16
eu ,a a , u .t , u :eaa i.. euet .u eucti, . cti ,a a a t , . a,,
16
a a
eu e . cti e .t . iei eta eu :e| eu `Ia

Want deze zijn niet dronken zoals jullie denken, want het is het derde uur van de
dag; maar dit is wat is gesproken door de profeet Jol:

Opmerkingen:
Culy ziet in ,a a statement that provides loose support for Peters plea for
attention (Acts, 32).
a , u .t , u :eaa i.. is een bijzin van vergelijking die hier echter voorafgaat aan
het onderwerp van de vergelijking (Acts, 32).
u :eaa ia betekent aannemen, denken, geloven.
euet slaat volgens Culy niet alleen op de elf, maar op allen die in de kamer
aanwezig waren ten tijde van de uitstorting van de Geest (Acts, 33).
.u a betekent dronken zijn.
Bij tijdsaanduidingen met a a of . a (a a t , . a,) ontbreekt vaak het
lidwoord bij rangtelwoorden (BDR 256,4; Wallace, 248). In dit vers is a a
predikaat bij . cti (het is). Vgl. Wallace, 43.
a a leidt een directe tegenstelling in. Vgl. Acts, 33.
e .t . iei is een gesubstantiveerd deelwoord van het perfectum van . ,a
(Acts, 33).
eta eu :e| eu `Ia is een genitivus auctoris of instrumentalis (Acts, 33).

Hand. 2:17-18
sat . cat . i at , . c,a at, . at,, . ,.t e .e ,, . s,.a a :e eu :i.u ae , eu . :t :a cai
ca sa, sat :e|.u ceucti et ut et u a i sat at u,a. ., u a i sat et i.ait cset u a i
e a c.t, e eiat sat et :.cu .et u a i . iu:it et, . iu:itac ceiat
18
sat ,. . :t eu ,
eeu eu, eu sat . :t a , eeu a, eu . i at , . at, . s.t iat, . s,.a a :e eu :i.u ae , eu,
sat :e|.u ceucti.

21

En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God: Ik zal van Mijn Geest uitstorten op alle
vlees en jullie zonen en jullie dochters zullen profeteren en jullie jongeren zullen
visioenen zien en jullie oudsten zullen dromen dromen, ja (zelfs) op mijn dienaren en
dienaressen zal Ik in die dagen van Mijn Geest uitstorten en zij zullen profeteren.

Opmerkingen:
Veel vertalingen maken van vers 17 een indirecte rede om de zin beter te laten
lopen. Vgl. LV: En het zal geschieden in de laatste dagen, zegt God, dat Ik van
mijn geest zal uitstorten over alle vlees.
De constructie sat . cat . s,.a is een perifrastisch futurum. Culy ziet er een
hebrasme in (Acts, 33; vgl. BDR 74,7).
Het bijwoord . c,a at, heeft de vorm van een comparativus, die echter als een
superlativus moet worden opgevat (Wallace, 298 nt. 13, 303).
a :e eu :i.u ae , bij . s,. a is een genitivus partitivus (Culy: you pour out some of
something) of een genitivus separationis (you pour out something from
something). Zie Acts, 34.
Culy ziet in eu (bij eu :i.u ae , eu) een verwantschapsgenitief (Acts, 34).
e a c.t, e eiat en . iu:it et, . iu:itac ceiat zijn resp. een accusativus en een
dativus van het inwendig object. Het verschil tussen beide is dat de dativus-
variant bijvoeglijk is gebruikt om de handeling in het werkwoord te benadrukken
(vgl. Wallace, 169, 190). Daardoor kan de datief in dit vers ook worden gezien als
een dativus modi (GG 180c) of een dativus sociativus (BDR 198,9).
,. is een Modalpartikel dat vaak samen met andere voegwoorden staat (sat ,.)
en dient zur Hervorhebung eben dieses Wortes, so da es hufig nicht bersetzt
werden kann, sondern nur d. Wortstellung beeinflut (Bauer, ,.). Thayer
suggereert voor dit vers: and truly, yea indeed of yea and (Thayer, ,.-3) en het
Friberg Lexicon houdt het op even (vgl. BDR 439,2).

Hand. 2:19
sat ea ca . aa . i a eu aia a ia sat c.ta . :t , , , sa a, ata sat :u sat
a t ea sa:ieu .

En Ik zal wonderen verrichten in de hemel boven en tekenen op de aarde beneden,
bloed en vuur en rookwalm (lett. damp van rook of rokende damp).

Opmerkingen:
Het vers vormt met het volgende een chiasme: (a) wonderen in hemel en tekenen
op aarde, en (b) bloed, vuur en rookwalm (op aarde) en verandering van zon en
maan (aan de hemel). Zie Acts, 35.
De betekenissen van a t ea ( a t , = damp, stoom, geur) en sa:ieu (e sa:ie , =
rook, damp) liggen in elkaars verlengde. NBV ziet er een tautologie in en leest
alleen rook. Culy ziet in sa:ieu een genitivus attributivus. Hij leest: smoky
vapors. W95 en de Naardse Bijbel komen daar het dichtst bij met walmende
rook. NBG geeft rookdamp (zie ook LUV), terwijl LV en GNB96 rookwalm
hebben. Merk op dat in Codex Bezae de woorden ata sat :u sat a t ea sa:ieu
ontbreken. Barrett vermoedt dat dit wel eens correct kan zijn, omdat kopiisten hier
de omissie van Lucas gewoon uit Jol hebben kunnen aanvullen (Barrett, ICC,
137; vgl. echter TCGNT, 255).


22

Hand. 2:20
e te, .aca| c.at .t , cse e, sat c. i .t , ata, :t i . .t i . ai sut eu i
.,a i sat . :t|ai .

De zon zal veranderen in duisternis en de maan in bloed, voordat de grote en
stralende dag van de Heer komt.

Opmerkingen:
Het Goddelijk passivum .aca| c.at (lett.: zal worden veranderd) is te
vertalen als een deponens: veranderen.
:t i + infinitief (AcI) benadrukt dat het verbum finitum voorafgaat aan de infinitief
(BDR 395,1.3; GG 276h; Wallace, 596).
De accusatief . ai sut eu is onderdeel van de AcI na :t i en wordt vertaald als
subject. Merk op dat het lidwoord voor . ai ontbreekt onder invloed van de
status constructus, terwijl de toegevoegde bestemming wel een artikel krijgt ( i
.,a i). Vgl. BDR 259.1; Wallace, 307.
Het adjectief . :t|ai betekent aufleuchtend, prchtig of glanzvoll (Bauer,
. :t|ai ,).

Hand. 2:21
sat . cat :a , e , a i . :tsa. cat e e iea sut eu ca c.at.

En het zal zijn dat een ieder die de naam van de Heer aanroept, zal worden gered.

Opmerkingen:
Culy ziet in . cat . :tsa. cat een perifrastisch futurum, onder invloed van het
Hebreeuws (Acts, 35). Vgl. Hand. 2,17 (. cat . s,.a ).
:a , e , is een pleonasme (BDR 293,6; Acts, 35).
e , a i . :tsa. cat is een coniunctivus generalis (Acts, 35; Wallace, 479). De
Statenvertaling leest er een futuralis in.
ca c.at is een goddelijk passivum.

Hand. 2:22-24
Aie., `Icat at, a seu ca. eu , e ,eu, eu eu, `Iceu i e i Na,aat ei, a iea
a :ee.e.t,. iei a :e eu .eu .t , u a , euia .ct sat . act sat c.t et, et, . :etc.i et`
au eu e .e , . i . ca u a i saa , au et et ea.,
23
eu ei a tc. i eu sat
:e,ia c.t eu .eu . seeei eta ,.te , a ie ai :ec:ai., a i.t a.,
24
e i e .e ,
a i. cc.i u ca, a , a et ia, eu aia eu, sae t eu s i euiae i sa.t cat au e i u :`
au eu .

Isralieten, luister naar deze woorden: Jezus de Nazoreer, een man die u van
Godswege is aangewezen door machtige daden en wonderen en tekenen, die God
door Hem in jullie midden heeft gedaan, zoals jullie zelf ook weten, deze, die door
een vaststaand raadsbesluit en voorkennis van God is uitgeleverd, hebben jullie met
behulp van wettelozen vastgenageld (aan het kruis) en gedood; die God heeft
opgewekt door de banden van de dood los te maken, omdat het onmogelijk was dat
hij door hem werd vastgehouden.

Opmerkingen:
Het aanwijzend voornaamwoord in a seu ca. eu , e ,eu, eu eu, verwijst niet terug,
maar vooruit: luister naar deze (volgende) woorden (GG 141c).
23

De toespraak begint met een vierde naamval, die wordt bepaald door a i.t a. in
vers 23. Culy legt uit dat het in vers 22-23 gaat om een topic construction: In a
topic construction, the referent that is in focus is placed at the beginning of the
sentence. If the topic has a syntactic relationsship to the clause that follows, it is
placed in the case it would bear in that clause, even though it is typically picked
up with a demonstrative pronoun within the clause. Door het naar voren halen
krijgt het centrale onderwerp extra nadruk (Acts, 36). Pervo ontwaart in deze
verzen bovendien een fraai staaltje mooi-schrijverij van Lucas. Hij wijst op de
zesvoudige eu-klankrijm (a seu ca. eu , e ,eu, eu eu, `Iceu i), gevolgd door een
a-alliteratie (a iea a :ee.e.t,. iei a :e ) en een e(t)-assonantie (c.t et, et, . :et c.i
[] . ca u a i saa , au et et ea.). Vgl. Pervo, Hermeneia, 80.
De accusatief e i Na,aat ei is, gezien het gebruik van dezelfde naamval, een
bijstelling bij `Iceu i (het wordt door de eerste accusatief op de schouder
genomen (zie Wallace, 199)). Vertaal dus hier niet met Jezus van Nazareth.
Dan had er eu Na,aat eu (genitivus attributivus) gestaan, of e a :e Na,a. (vgl.
Barrett, ICC, 183).
In klassiek Grieks zou de constructie met a :e in a :ee.e.t,. iei a :e eu .eu zijn
weergegeven met u :e (BDR 210.2; GG 191a; Wallace, 433; Barrett, ICC, 141).
.t , u a , heeft hier de functie van indirect object (Acts, 36).
Het relativum et, verwijst terug naar euia .ct sat . act sat c.t et, en neemt
daarvan de naamval over (attractie). Eigenlijk zou het betrekkelijk
voornaamwoord in de accusatief moeten staan (Acts, 36; Wallace, 339).
euia .ct sat . act sat c.t et, zijn dativi instrumentalis (Acts, 36).
et` au eu is een genitivus auctoris (of een genitivus instrumentalis). Vgl. Acts, 36.
Het relativum eu ei is hier hernemend (resumptive) gebruikt en wijst terug naar
`Iceu i e i Na,aat ei. Net als zn antecedent staat eu ei als topic vooraan de
zin: this is the man who (Acts, 36; Barrett, ICC, 140).
e t ,eat betekent voor zich bepalen.
Het adjectief . seee, betekent uitgeleverd, verraden.
eu betekent wil, raadsbesluit of plan. Samen met :e,ia c.t kan eu
worden gezien als een dativus instrumentalis, hoewel Culy en Wallace er een
dative of rule in lezen (in conformity with). Wallace denkt dat :e,ia c.t
afhankelijk is van a tc. i eu (Thus, foreknowledge is a part of the
predetermined plan). Als beide begrippen gelijkwaardig zouden zijn geweest,
dan zou de tweede term de eerste verduidelijken en uitwerken, maar hier is, door
het participium, het omgekeerde het geval (hoe, zo vraagt Wallace zich af, moet
anders e t ,a worden gelinkt aan :e ,iact,). Vgl. Acts, 37; Wallace, 158, 735.
Culy leest eu .eu als een genitivus subjectivus (Acts, 37).
De semitische omschrijving eta ,.te , (of cu i ,.tt ) betekent met behulp van of
door middel van (Thayer). De uitdrukking kan als genitivus instrumentalis (of
auctoris) vooruitgrijpen op :ec:ai., (wat alle vertalingen lezen) of terugslaan
op . seeei (Acts, 37; BDR 140,4, 217,6; vgl. echter Barrett, ICC, 142).
eta ,.te , a ie ai betekent hetzelfde als eta a ie ai (BDR 259,6). a ie ai is een
ellipsis waarin a ia:ai is weggelaten (Louw-Nida vertaalt met lawless men
(88.140)).
:ec:,iu t betekent vastnagelen (aan het kruis). Vgl. BDR 101,67. Het
aoristus-participium :ec:ai., is hier volgens Wallace een deelwoord van
attendant circumstance (Wallace, 644).
24

e i in vers 24 wijst terug naar eu ei . seeei (Acts, 37).
u ca, kan zowel modaal worden vertaald, d.w.z. met een bijzin van middel (zie
bovenstaande vertaling) als temporeel (nadat ). Vgl. Acts, 37.
a , a et ia, eu aia eu betekent letterlijk de ween van de dood (vgl. NBG, W95
en de Naardense Bijbel), alsof de dood vanaf nu geen kinderen meer voortbrengt.
Thielen stelt echter voor de banden van de dood, waar ook Blass, Debrunner en
Rekopf aan denken, gezien de relatie met Ps. 17 (18),6 en 114 (116),3 (BDR
4,3; zie ook Barrett, ICC, 143). SV, LV en LUV lezen de smarten des doods
(afgeleid van de barenspijn uit de vergelijking) en de NBV maakt er de last van
de dood van.
sae t betekent in zoverre, daarom, dan (BDR 456,9).
euiae i is predicaat bij i (Acts, 37).
sa.a betekent macht hebben (+2), macht krijgen of overwinnen. Het infinitief
sa.t cat kan zowel worden beschouwd als complementair bij i euiae i of als
onderwerp bij i (Acts, 37; vgl. BDR 393,3).
au eu slaat terug op eu aia eu (Acts, 37).

Hand. 2:25
^aut e ,a . ,.t .t , au e i :eea i e i su tei . ia :te i eu eta :aie ,, e t . s e.ta i
eu . cti t ia ca.ua .

Want David zei over Hem: Ik heb de Heer altijd voor ogen, want Hij is aan mijn
rechterhand opdat ik niet wankel (lett. tot wankelen wordt gebracht).

Opmerkingen:
. ,a .t , tia betekent sprechen mit Bezug auf jmnd (Bauer, .t ,-5). The
prepositional phrase denotes reference (Acts, 37; GG 184g). .t , staat hier in
plaats van :.t (BDR 207,3).
:eea a betekent zowel zien aankomen, voorzien en voorzien in. In de
uidrukking in dit vers moet het imperfectum :eea i onder invloed van het
hebreeuws als een voltooide (confectieve) praesens worden gelezen (BDR
333,6). Hier staat het hebrasme :eea i e i su tei . ia :te i eu eta :aie ,
voor gehoorzaamheid aan de wet van God (Acts, 38). Zie ook BDR 66,4.
eta :aie , betekent altijd en komt van eta :aie , iuse , sat . a,.
ca.u a betekent tot wankelen brengen. Het passief kan ook kortweg worden
weergegeven met wankelen. Bauer vertaalt t ia ca.ua met damit ich nicht
ins Wanken gerate (Bauer, ca.u a-2). Wallace meent echter dat hier sprake is
van een passivum met een impliciete algemene agent, waardoor vertaald kan
worden met opdat ik niet door wie dan ook tot wankelen wordt gebracht
(Wallace, 436 nt 92).

Hand. 2:26-27
eta eu e u|a i saeta eu sat ,ata cae ,a cca eu, . t e. sat ca eu
saacsia c.t . :` . :t et,
27
e t eu s . ,saa.t .t, i u, i eu .t , a ei eu e. ea c.t,
e i e cte i ceu t e.t i eta|ea i.

Daarom verheugt mijn hart zich en jubelt mijn tong, ja ook zal mijn vlees rusten
vanwege de hoop, dat U mijn ziel niet zult overlaten aan de Hades, noch zult U
toelaten dat Uw heilige verderf (of: ontbinding) ziet.
25

Opmerkingen:
.u|at ia betekent verheugen (pass. zich verheugen). Zie BDR 67,2; GG 71f.
saeta eu, ,a cca eu, ca eu en i u, i eu zijn metonymia
(synecdoche).
. t e. sat staat voor bovendien ook nog, moreover, besides (Acts, 39).
saacsia a betekent letterlijk zijn tent opslaan en kan worden vertaald met
wonen, rusten. De hele uitdrukking sat ca eu saacsia c.t . :` . :t et kan
worden uitgelegd als [and I] will continue to have hope, or perhaps will remain
save (Acts, 39).
. :t in . :` . :t et drukt een reden uit: auf grund der Hoffnung (BDR 235,3).
. ,saa.t :a staat voor nalaten, in de steek laten, prijsgeven.
In plaats van .t , a ei had er eigenlijk moeten staan . i a e (BDR 205,4).
et eat vormt hier een causatieve constructie met een infinitief (AcI) en betekent
dan toelaten (BDR 392,6). Vgl. du wirst nicht zulassen, da dein Heiliger
verwese (Bauer, et eat-1b).
Het bijvoeglijk naamwoord e cte, betekent vroom of heilig. Het is hier
gesubstantiveerd en vormt het object van het infinitief t e.t i. Het persoonlijk
voornaamwoord ceu is hier een genitive of relationship (Acts, 39).
Het gezegde t e.t i eta|ea i betekent to experience death en komt uit Ps. 16:10
(LXX).

Hand. 2:28
. ,ia tca , et e eeu , ,a ,, :a c.t, . .u|ecu i, .a eu :eca :eu ceu.

U hebt mij wegen ten leven bekend gemaakt. U zult me vullen met vrolijkheid met uw
aangezicht.

Opmerkingen:
et is een dativus obiectivus (BDR 191,5).
,a , is een genitivus attributivus (Acts, 40; GG 164).
.u|ecu i, is een genitivus materiae bij :e a (Acts, 40; BDR 172,3).
Alle vertalingen geven een ander voorzetsel voor .a . Volgens Culy drukt het
voorzetsel hier associatie uit (Acts, 40). NBG en LUV hebben voor uw
aangezicht, W95 maakt ervan: in uw nabijheid. SV leest echter: door uw
aangezicht. Bauer sluit zich bij deze laatste aan (Bauer, .a -AIIcg). Het betreft
een citaat uit Ps. 15:11.

Hand. 2:29
Aie., a e.|et , .e i .t :.t i .a :acta, :e , u a , :.t eu :ata ,eu ^aut e e t
sat . ..u c.i sat . a|, sat e i a au eu . cti . i t i a ,t , . a, au ,.

Broeders, het is toegestaan om met vrijmoedigheid te spreken (of: men mag vrijuit
spreken) tot jullie over aartsvader David, dat hij zowel is gestorven als (werd)
begraven en zijn graf is (voortdurend) onder ons tot deze dag.

Opmerkingen:
Het participium .e i (praes. A. neut. nom. van ..tt) is synoniem met het
onpersoonlijke ..cti en betekent het is toegestaan, men mag (BDR 127,3;
Acts, 40).
26

.a :acta, is een dativus modi (BDR 191,5).
e t introduceert hier een indirecte rede (Acts, 40).
e i a betekent zowel aandenken, graf(teken) en herinnering.

Hand. 2:30-31
:e| , eu i u :a ,ai sat .t ea , e t e sa a ec.i au a e .e , . s sa:eu , e c|u e,
au eu sat cat . :t e i e iei au eu ,
31
:et ea i . a c.i :.t , a iaca c.a, eu
Xtceu e t eu . . ,sa..t| .t , a ei eu . ca au eu .t e.i eta|ea i.

Dus, omdat hij een profeet was en hij wist dat God hem een eed had gezworen n
uit de vrucht van zijn lendenen te doen zitten op zijn troon, heeft hij vooruitgezien en
gesproken over de opstanding van Christus, dat Hij niet aan de Hades is
overgelaten, noch dat zijn vlees verderf (of: ontbinding) heeft gezien.

Opmerkingen:
:e| , is hier predicaat.
Het participium van u :a,a is synoniem voor .t t en is hier net als .t ea , causaal
gebruikt (vgl. Acts, 40; Wallace, 631 nt 47, 632).
e sa is een dativus instrumentalis of als een hebrastisch complement bij a ec.i
(BDR 198,9; Acts, 40; Wallace, 205 nt. 97; vgl. Ex. 13:19 (LXX)).
. s sa:eu , e c|u e, au eu is een hebrasme (2 Sam. 7:12) en functioneert als een
substantief. Het zegt iets van een weggelaten object bij de infinitief sat cat (AcI)
dat door de meeste vertalingen wordt weergegeven met n (Acts, 40; vgl.
TCGNT, 259).
sat cat is de infinitief van de aoristus van sat ,a, die hoort bij de gebruikte
indirecte rede na e iu at (of die epexegetisch is gebruikt bij e sa ). Vgl. BDR
350,3, 397,7; Acts, 40. Het werkwoord is in dit vers transitief en betekent doen
zitten i.p.v. het intransitieve zitten (Thayer, sat ,a-1).
Het participium :et ea i duidt op een omstandigheid bij het verbum finitum
. a c.i (en moet dus niet met een temporele bijzin worden vertaald!).
In plaats van .t , a ei had er eigenlijk moeten staan . i a e (BDR 162.8; 205,4).

Hand. 2:32
eu ei e i `Iceu i a i. cc.i e .e ,, eu :a i., .t , . c.i a u.,

Deze Jezus heeft God opgewekt, waarvan (of: van Wie) wij allen getuigen zijn.

Opmerkingen:
De hele zin is een betrekkelijke bijzin bij een andere zin (GG 298b).
eu ei e i `Iceu i brengt Jezus terug in de herinnering en dient ter benadrukking
van de naam (Acts, 41).
Het betrekkelijk voornaamwoord eu is een genitive of reference welke f verwijst
naar de voorgaande uitspraak (neutrum) f naar Jezus (masculien). Vgl. Acts, 41.

Hand. 2:33
e.ta eu i eu .eu u a.t ,, i . . :a,,.tai eu :i.u ae, eu a ,t eu aa i :aa
eu :ae ,, .. ,..i eu e e u .t , [sat ] . :.. sat a seu...

27

Nadat Hij dan is verhoogd (of: in ere is verhoogd) aan (of: door) de rechterhand van
God en Hij de belofte van de Heilige Geest ontving van de Vader, heeft Hij deze
uitgestort, wat jullie zien en horen.

Opmerkingen:
e.ta is volgens Culy een dativus locativus (aan de rechterhand), die verwijst
naar de ereplaats naast God (Acts, 42). Zie ook Hand. 2,34. Barrett leest het
woord echter als een dativus instrumentalis (ook SV, NBG en LUV hebben door
de rechterhand van God). Blass, Debrunner en Rekopf laten beide
mogelijkheden open. Vgl. Barrett, ICC, 149; BDR 199.
Bij het adjectief e.ta ontbreekt ,.tt (elipsis). Vgl. Wallace, 295.
De deelwoorden u a.t , en aa i vertalen we met een temporele bijzin (Acts, 42).
eu :i.u ae, is een genitivus epexegeticus. Lett. staat er: de belofte, welke is de
Heilige Geest (Acts, 42; Wallace, 99).
Als het eerste sat wordt mee vertaald staat er: zowel zien als horen.

Hand. 2:34-35
eu ,a ^aut e a i. .t , eu , eu aieu ,, . ,.t e. au e , .t :.i [e ] su te, a sut a eu
sa eu . s e.ta i eu,
35
. a, a i a eu , . ,eu , ceu u :e:e etei a i :eea i ceu.

Want David is niet opgevaren naar de hemelen, maar hij zegt (zelf): De Heer heeft
gezegd tot mijn heer, ga zitten aan mijn rechterhand totdat ik je vijanden heb gelegd
als een (voeten)bank voor je voeten.

Opmerkingen:
Het meervoud eu , eu aieu , is een hebrasme (BDR 141,4).
au e , is hier gebruikt ter benadrukking (Acts, 42). Sommige vertalingen lezen er
echter zelf in (vgl. BDR 288).
De imperatief sa eu komt van sa at (dus niet imp. aor. M. van satt!) en
betekent gaan zitten.
De uitdrukking . s e.ta i eu is een genitivus locativus (Acts, 42).
De conjunctief a (t t) volgt op . a, a i (totdat) en vormt een temporele bijzin
(Acts, 42; Wallace, 480).
Het gezegde a eu , . ,eu , ceu u :e:e etei a i :eea i ceu betekent to put
someone under ones control (Acts, 42).
. ,eu , en u :e:e etei vormen een dubbele accusatief (Acts, 42).

Hand. 2:36
a c|aa , eu i ,tiacs. a :a , et se, `Ica e t sat su tei au e i sat ,tce i . :etc.i e
.e ,, eu ei e i `Iceu i e i u .t , . caua ca..

Laat dan heel het huis van Isral zeker weten dat God Hem zowel tot Heer als tot
Christus heeft gemaakt, dze Jezus die jllie hebben gekruisigd.

Opmerkingen:
a c|aa , betekent stevig, vast, zeker en betrouwbaar.
Het hebrasme :a , et se, `Ica (met de volksnaam `Ica als genitief) krijgt
geen lidwoord (BDR 262,2, 275,4; Wallace, 252).
:et. a met een dubbele accusatief betekent X maken tot Y.
28

Het vers staat vol stijlbloempjes, zoals het naar voren gehaalde sat su tei au e i
sat ,tce i en het nadrukkelijke eu ei en u .t , (Acts, 43).
eu ei e i `Iceu i betekent this very Jesus (Acts, 43).

Hand. 2:37
`Aseu cai., e. sa.iu ,cai i saetai .t :e i . :e , e i E. ei sat eu , et:eu ,
a :ece eu, t :et ca.i, a ie., a e.|et ,

En nadat zij (dit) hadden gehoord, werden zij doorstoken in het hart (of: diep in het
hart geraakt) en dus zeiden ze tegen Petrus en de overige apostelen: Wat moeten
wij doen, broeders?

Opmerkingen:
saaiu cceat betekent doorstoken worden (vgl. Acts, 43). Bauer wil het passief
hier vertalen met: sie empfanden qulenden Schmerz im Herzen. Thayer leest:
they were smitten in heart with poignant sorrow. Blass, Debrunner en Rekopf
hebben: sie empfanden bohrenden Schmerz (BDR 76,1; vgl. 109,4).
i saetai is een accusativus respectivus (Wallace, 204). Vgl. Ps. 108:16 (LXX)
waar een dativus respectivus is gebruikt (Acts, 43).
. geeft een nauwe betrekking tussen twee zinnen aan (dus). Vgl. BDR 443,4.
:et ca.i is een coniunctivus dubitativus (GG 269f). Culy tekent aan dat een
dubitativus eigenlijk een adhortativus is die in een vraag is veranderd (Acts, 43).
Vgl. Exodus 24:7.
Merk op dat in dit vers een vocatief een zin afsluit waarin de aangesprokenen zijn
ingesloten (BDR 474.6).

Hand. 2:38
E. e, e. :e , au eu , .aie ca., [|ct i,] sat a:tc a . sace, u a i . :t a
e ie at `Iceu Xtceu .t , a|.cti a i a ata i u a i sat .c. i ea.a i eu
a ,t eu :i.u ae,.

Petrus [zei] tot hen: Kom tot inkeer en laat een ieder van jullie zich dopen onder (of:
bij) het noemen van de naam van Jezus Christus tot (of: voor) vergeving van jullie
zonden en jullie zullen de gave van de Heilige Geest ontvangen.

Opmerkingen:
Het werkwoord .t :.i of |ct i (ind. praes. A. 3e pers. sing. van |t ) is in E. e, e.
:e , au eu , impliciet (Acts, 44). Veel handschriften hebben daarom een van beide
werkwoorden ingevoegd. Aangezien de verba in de handschriften op meerdere
plekken in de zin opduiken en Lucas het werkwoord zeggen elders ook wel eens
weglaat, houdt Metzger het erop dat |ct i of .t :.i secundair is (TCGNT, 261).
Het passief a:tc a moet hier causatief worden vertaald (laat [u] dopen). Vgl.
GG 191h; Wallace, 441.
Dit vers is het enige in het NT waar het werkwoord a:t ,a wordt gevolgd door
. :t . Waarom Lucas hier juist dit voorzetsel gebruikt, is onduidelijk (Acts, 44).
Elders in Handelingen komen . i en .t , voor in combinatie met dopen (zie 8:16,
10:48, 19:5; vgl. BDR 206,4). Barrett concludeert dat het voorzetsel er bij Lucas
blijkbaar niet toe doet. Hij maakt er in the name of Jesus Christ van (Barrett, ICC,
128, 153). Veel vertalingen maken dezelfde keuze. Bauer meent echter dat . :t
29

vertaald moet worden met bei of unter bzw. durch Verwendung, d.i. Nennung,
Aus- bzw. Anrufung des Namens (Bauer, . :t -II3; vgl. GG 184j). Zie o.a. ook
Hand. 5:28. De NBG leest daarom: op de naam van Jezus Christus (vgl. op
grond van (Telos), op de belijdenis van (Bakels) en op gezag van (Brouwer)).
De Naardense Bijbel heeft: bij de naam van Jezus Christus, terwijl de NBV geeft:
onder aanroeping van Jezus Christus.
.t , in .t , a|.cti a i a ata i u a i kan worden vertaald met vanwege, als
gevolg van of tot. Wallace breekt een lans voor een betekenis die geen causale
relatie suggereert tussen dopen en vergeving van zonden: Water baptism is not
a cause of salvation, but a picture; and as such it serves both as a public
acknowledgment (by those present) and a public confession (by the convert) that
one has been Spirit-bapitized (Wallace, 369-371).
eu a ,t eu :i.u ae, is een genitivus epexegeticus (GG 165b; Acts, 44).

Hand. 2:39
u t i ,a . cti . :a,,.ta sat et , . siet, u a i sat :a cti et , .t , asa i, e ceu, a i
:ecsa. cat su te, e .e , a i.

Want de belofte is aan (of: voor) jullie, jullie kinderen en alle verdere geslachten (lett.
allen die ver zijn), zovelen als de Heere, onze God, tot zich roept.

Opmerkingen:
u t i [] et , . siet, [] :a cti et , .t , asa i zijn dativi commodi, hoewel Culy
zich ook kan voorstellen dat het bezitsdativi zijn (Acts, 44; BDR 189,2).
asa i betekent ver, zowel van tijd als van plaats. Bauer refereert aan tijd als hij
voor dit vers denkt an die ferneren Geschlechter (asa i-b). Thayer denkt echter
aan een geografische afstand: those that are afar off, the inhabitants of remote
regions, i.e. the Gentiles (Thayer, asa i). Barrett voelt het meest voor deze
laatste optie. Hij wijst erop dat . siet, van zichzelf al op meerdere generaties kan
wijzen (Barrett, ICC, 155).
In plaats van .t , asa i had er . i moeten staan (BDR 205,4; 266,2).
De conjunctief in e ceu, a i :ecsa. cat su te, e .e , a i is een generalis met
een iteratief aspect (BDR 380,2).
Merk op dat :ecsa. a ook aanklagen, voor het gerecht dagen betekent.

Hand. 2:40
. . et, . e ,et, :.t ecti et.au ae sat :a.sa .t au eu , . ,ai ca . a :e ,
,.i.a , , cseta , au ,.

En met nog meer andere woorden getuigde hij en hij riep hen voortdurend op: Laat u
redden van dit dwarse geslacht.

Opmerkingen:
. zorgt voor een sterkere verbinding tussen zinnen dan sat (BDR 443,4).
Hoffmann & Von Siebenthal maken ervan: Und ebenso mit vielen anderen
Worten beschwor er sie (GG 252,57).
e ,et, :.t ecti is een dativus instrumentalis (Acts, 44).
:.t ai betekent meer, groter. Blass c.s. vertalen het comparatief in . . et,
e ,et, :.t ecti met: mit weiteren anderen Worten (BDR 244,5).
30

etaau eat betekent in eigen zaak als getuige aanroepen en getuigen, maar
ook smeken. Vgl. Thayer: to testify, i.e. earnestly, religiously to charge. Friberg
geeft nog strongly urge en insist.
:aasa. a staat voor zowel erbij roepen, uitnodigen, troosten als voor
aansporen, oproepen, smeken en vermanen. Veel vertalingen kiezen voor
vermanen, terwijl Haenchen en Hoffmann & Von Siebenthal beschwren
(smeken en oproepen) hebben. Het imperfectum heeft overigens een duratief
aspect (Haenchen, KEK, 147).
ca . kan reflexief worden vertaald (red jezelf), maar dat strookt niet met het
evangelie. Barrett prefereert accept your salvation! (Barrett, ICC, 156).

Hand. 2:41
et . i eu i a :ee.a .iet e i e ,ei au eu . a:t ccai sat :ec.. cai . i . a
. s.t i u,at a c.t tc,t tat.

Zij nu die zijn woord aannamen, lieten zich dopen en zon 3000 zielen sloten zich op
die dag aan.

Opmerkingen:
et . i eu i betekent zij nu (BDR 251,2; 451,3).
Het gesubstantiveerd participium et a :ee.a .iet is afgeleid van a :ee. ,eat
(aannemen, geloven en accepteren).
u,at a c.t tc,t tat is in zijn geheel subject bij de passieve aoristus
:ec.. cai (:ect t), wat we vertalen met zich aansluiten bij i.p.v. met
worden toegevoegd. Zie Acts, 45.
u,at is een metonymia (synecdoche). Vgl. Acts, 45.

Hand. 2:42
'Hcai e. :ecsa.eu i., etea, a i a :ece ai sat setiaita , sa c.t eu
a eu sat at , :ec.u,at ,.

En zij bleven volharden in (of: bleven trouw aan) het onderricht van de apostelen en
de gemeenschap, het breken van het brood en de gebeden.

Opmerkingen:
:ecsa.. a betekent volharden, aan iets vasthouden, trouw blijven of steeds
aanwezig zijn. Het participium :ecsa.eu i., vormt hier met cai een
omschrijvend imperfectum (met duratief aspect). Vgl. Acts, 45.
etea, [] setiaita [] sa c.t [] at , :ec.u,at , zijn dativi objectivi bij
:ecsa.eu i., (Acts, 45; Barrett, ICC, 162). Merk op dat al deze substantieven
van een lidwoord zijn voorzien: het gaat f om overbekende liturgische woorden
voor de gemeente f om een uitdrukking to convey that each element of the
worship was the only one deserving of the name (par excellence) (Wallace, 225).
a i a :ece ai is een genitivus subjectivus (Acts, 46; Wallace, 119).
setiaita staat voor gemeenschap (Thayer: used of the intimate bond of
fellowship which unites Christians). Gingrich heeft: association, communion,
fellowship, close relationship. Thielen geeft met het oog op dit vers nog
broederschap, hoewel volgens Louw-Nida de gemeenschap uitgebreider was
dan alleen de gelovigen en ook de armen die aalmoezen kregen kon omvatten
(LN 57.98).
31

Het is onduidelijk of sa c.t eu a eu moet worden opgevat als een hebrasme
voor samen eten (vgl. Lapide, Goed vertaald?, 85) of avondmaal vieren (zie ook
2:46). Vgl. Barrett, ICC, 164-5, die geen keuze maakt.


Beschrijving gemeente in Jeruzalem (2:41-47)

Hand. 2:43
. ,t i.e e. :a c u, |e e,, :ea . . aa sat c.ta eta a i a :ece ai . ,t i.e.

Alle zielen (of: allen) kregen ontzag (lett. ontzag kwam over elke ziel) en er
gebeurden veel wonderen en tekenen door de apostelen.

Opmerkingen:
. aa sat c.ta vormen een doublet (twee synoniemen die hetzelfde idee
uitdrukken) bij een enkelvoudig werkwoord. Vgl. Acts, 46; GG 205; Wallace, 400.
,t ieat (of .t t ), gevolgd door een datief drukt bezitten of hebben uit: alle
bekamen (immer mehr) Furcht (BDR 189,1).
:a c u, vormt het naamwoordelijk gezegde bij het koppelwerkwoord ,t ieat.
Daarom mag de dativus worden gelezen als een nominativus, terwijl de eigenlijke
nominatief (|e e,) in een predicaat veranderd. Wallace maakt derhalve van and
fear came upon every soul: every soul became afraid (Wallace, 149; Acts, 46).
De synecdoche u, (metonymia) is een dativus locativus (vgl. de letterlijke
lezing). Wallace ziet er een dativus possessivus in (die het bezit benadrukt en niet
de bezitter, zoals de bezitsgenitief). Culy meent echter dat ontzag niet kan
worden bezeten (Acts, 46; Wallace, 149; BDR 495,4).
. drukt een sterk verband tussen zinnen of zinsdelen uit (BDR 443,4). Maar in
Handelingen is het partikel ook een alternatief voor e. . Zie BDR 443,1.
eta a i a :ece ai is een genitivus instrumentalis (Acts, 46).
Veel handschriften voegen nog . i 'I.euca , |e e, . i . ,a, . :t :a ia, toe
(TCGNT, 262). Haenchen ziet er een begin van vers 44 in (Haenchen, KEK, 154
nt 3).

Hand. 2:44-45
:a i., e. et :tc.u ei., cai . :t e au e sat .t ,ei a :aia setia
45
sat a s aa sat
a , u :a .t, . :t :acsei sat et.. t,ei au a :a cti sae t a i t, ,.tai .t ,.i

En allen die geloofden waren bijeen (lett. in dezelfde plaats) en hadden (ook) alles
gemeenschappelijk en ze verkochten (gewoonlijk) zowel hun bezittingen als
goederen (of: have en goed) en verdeelden dat (telkens) onder allen naarmate
iemand behoefte had.

Opmerkingen:
e. [] sat betekent aber [] auch, maar dit vers mag niet zo worden vertaald,
vinden Blass, Debrunner en Rekopf (BDR 447,6).
. :t e au e betekent hier vermoedelijk in the same (place), hoewel de uitdrukking
volgens Culy wat ambiguous is. (Acts, 47).
De hyperbool a :aia is lijdend voorwerp bij .t ,ei (Acts, 47).
setia is een accusativus modi (accusative of manner). Vgl. Acts, 47.
32

a s aa zijn onroerende goederen, terwijl a , u :a .t, staan voor roerende
goederen (Acts, 47). Beide zijn verbonden door een sat [] sat -constructie (BDR
444.3), waar codex D heeft (BDR 446,2).
:t:a csa betekent verkopen (BDR 101,71).
De imperfecti . :t :acsei sat et.. t,ei hebben een iteratief aspect (BDR 325,2;
GG 198c).
De betrekkelijke bijzin sae t a i t, ,.tai .t ,.i (imperfectum) heeft een iteratief
aspect (BDR 367,3).
sae t betekent gem dem, wie, je nachdem of deshalb, weil, denn (BDR
457,9).

Hand. 2:46-47
sa` . ai . :ecsa.eu i., e euaee i . i a t.a , sa i. , . sa` et sei a ei,
..a aiei e| , . i a ,ata c.t sat a|.e t saeta,
47
at ieu i., e i .e i sat
. ,ei., ,a ti :e , e ei e i ae i. e e. su te, :ec.t .t eu , ca ,e. ieu, sa` . ai
. :t e au e .

En dagelijks waren ze eendrachtig bijeen in de tempel en braken in ieder huis het
brood en samen namen ze voedsel tot zich in blijdschap (lett. jubel) en eenvoud van
hart, terwijl zij God loofden en bij heel het volk in de gunst stonden. En de Heer bleef
(er) dagelijks bijeenvoegen die behouden werden.

Opmerkingen:
sa` . ai heeft een distributieve betekenis (dagelijks), net als sa` et sei. Vgl.
Acts, 47,48.
Blass, Debrunner en Rekopf waarschuwen er voor om . . in vers 46 niet te
vertalen met zowel als (BDR 444,1).
De deelwoorden :ecsa.eu i., (wat naast volharden ook voortdurend
aanwezig zijn betekent) en sa i. , geven hier een begeleidende omstandigheid
weer bij het hoofdwerkwoord ..a aiei en kunnen niet met een temporele
bijzin worden vertaald (Acts, 47).
sa i. , a ei duidt mogelijk op meer dan het vieren van het avondmaal, gezien
de toevoeging ..a aiei e| , (Acts, 47). Zie ook vers 42.
.aaa ia betekent to receive a share in, to have a share of (LN 57.129) of
seinen Anteil erhalten (Bauer). Samen met e| , betekent het Speise zu sich
nehmen (Bauer, .aaa ia-1) of to partake of food (Thayer, .aaa ia).
De bijzin . i a ,ata c.t sat a|.e t saeta, geeft aan op welke manier het
voedsel wordt gebruikt (Acts, 48).
Het woord a|.e , komt in de hele bijbel alleen hier voor (de Grieken gebruikten
a|..ta). Vgl. BDR 110,1. Is het woord afgeleid van a :e , (eenvoud) of, zoals
de meeste commentatoren denken, van a|. , (zonder gebreken, glad,
eenvoudig)? Vgl. Barrett, ICC, 171; Haenchen, KEK, 154 nt. 8.
at ieu i., en . ,ei., vormen deelwoorden van begeleidende omstandigheid bij
.aaa ia (Acts, 48).
Sommige vario lectio voegen . sscta toe na :ec.t .t (BDR 202,7). Merk op
dat :ec.t .t iteratief is (every day the Lord was continuously adding [to the
believers] those who were being saved). Vgl. Wallace, 547.
33

Het . :t e au e aan het eind van het vers wordt in veel Bijbels anders vertaald.
NBG en W95 lezen kring (waaraan dagelijks mensen werden toegevoegd), SV
en LUV: gemeente, NBV: hun aantal, terwijl de LV een geheel eigen weg kiest:
Dag aan dag bracht de Heer hen die gered werden tot hetzelfde leven. Barrett
sluit aan bij de SV en meent dat . :t e au e synoniem is aan . i . sscta (zie 1
Cor. 11:18,20). De uitdrukking duidt volgens hem op de eenheid van het lichaam
van Christus (Barrett, ICC, 172-3). Anderen voelen meer voor de vertaling van
NBG en W95. Bauer leest :ec.t .t . :t e au e als fgte d. Vereinigung bei
(Bauer, . :t -III1,). Gingrich heeft: to the total (vgl. Moulton-Milligan: was daily
heaping up the total of ). Telos maakt ervan: En de Heer voegde dagelijks
bijeen die behouden werden (vgl. W78).


Genezing door Petrus en Johannes (3:1-10)

Hand. 3:1
E. e, e. sat `Iaa ii, a i. atiei .t , e t.e i . :t i a ai , :ec.u, , i . ia i.

Petrus nu en Johannes gingen (zoals gewoonlijk) op naar de tempel op het uur van
het gebed, [dat is] het negende [uur].

Opmerkingen:
e. markeert het begin van een nieuwe perikoop (Acts, 49).
Het verbum finitum a i. atiei komt na het meervoudige onderwerp (E. e, sat
`Iaa ii,) en staat derhalve in de pluralis (BDR 135,2). Het imperfectum duidt op
een gewoonte (Haenchen, KEK, 158 nt 3), die de omstandigheden weergeeft
waarbinnen het gebeuren zich gaat afspelen (Barrett, ICC, 177).
. :t i a ai is een accusativus temporis, die het moment aanduidt waarop een
tijd en een handeling samenkomen (in plaats van de tijdsduur, die doorgaans met
een accusatief wordt aangegeven). Vgl. BDR 161,3; 233.3. Het lidwoord bij het
tijdstip dient ter inpassing van de nadere bestemming ( i a ai , :ec.u, , i
. ia i). Zie BDR 256,4; Barrett, ICC, 178.

Hand. 3:2-3
sat t, a i ,ae , . s setta, e , au eu u :a ,ai . aca ,.e, e i . t eui sa` . ai
:e , i u ai eu t.eu i .,e. ii '.atai eu at .t i . .ecu ii :aa a i
.t c:e.ue. iai .t , e t.e i
3
e , t ea i E. ei sat `Iaa iii . eia, .t ct. iat .t , e
t.e i, a a . .ecu ii a.t i.

En een (zekere) man werd (aan)gedragen, die verlamd was vanaf de schoot van zijn
moeder, die zij dagelijks legden (of: die men dagelijks legde) bij de tempelpoort die
de Mooie wordt genoemd, om een aalmoes te vragen van hen die de tempel
binnengingen; toen hij (lett. deze) zag dat Petrus en Johannes de tempel wilden
binnengaan, vroeg hij om een aalmoes te ontvangen.

Opmerkingen:
Het adjectief t, volgt in het NT even zo vaak voor als na het substantief waar het
bij hoort, hoewel Lucas een voorkeur voor nachstellung heeft (BDR 301;
Wallace, 347).
34

u :a ,ai is een participium (nom. masc. sing.) van het praesens u :a ,ai en
betekent hier zijn (NB. Lucas gebruikt u :a ,.ti 25 keer i.p.v. .t iat; vgl.
Haenchen, KEK, 159 nt. 6). Het is in dit vers ook een koppelwerkwoord, behorend
bij c| , met y. , als predicaat (Acts, 49).
. s setta, e , au eu is een metafoor voor vanaf zijn geboorte (Acts, 49). Merk
op dat het persoonlijk voornaamwoord redundant is (Haenchen, KEK, 159 nt 4).
Het imperfectum . aca ,.e kan duiden op een gewoonte (Acts, 50; GG 198c;
Barrett, ICC, 179) of op een handeling die op dat moment aan de gang was
(Wallace, 544): werd aangedragen. Beide opties leveren exegetische problemen
op. Immers, als de man daar zoals gewoonlijk was gebracht en neergezet, dan is
het lastig uit te leggen waarom Petrus en Johannes, die ook zoals gewoonlijk
naar de tempel gingen, hem niet eerder hebben opgemerkt. En als de man op het
moment van de ontmoeting werd aangedragen, dan had hij maar heel kort de tijd
om te bedelen (Haenchen, KEK, 159 nt. 7; vgl. echter Barrett, ICC, 179). Het is
echter ook mogelijk om . eia, te lezen als een praesens de conatu, waardoor
het participium een poging uitdrukt. Petrus en Johannes stonden dan op het punt
om de tempel binnen te gaan.
Het imperfectum . t eui geeft een gewoonte weer, ook gezien de toevoeging sa`
. ai (Wallace, 548; vgl. BDR 94,5). Het gebruik van de derde persoon
meervoud duidt op een onpersoonlijk men (er kan et a ia:et voor worden
ingevuld). Zie BDR 130,5.
:e , (+ accusatief) geeft een nadere plaatsbepaling bij t t (Acts, 50; Barrett,
ICC, 179).
i u ai i .,e. ii '.atai is een accusativus van het uitwendige object
(waarbij de tweede accusatief predicatief is bij de eerste). Vgl. Wallace, 191.
a at e, betekent angenehm, lieblich, anmutig en schngestaltet (Bauer,
a at e,-2). Uit contemporaine geschriften is de poort niet bekend (Haenchen, KEK,
159 nt 8). Barrett neemt aan dat het de Nicanorpoort is (Barrett, ICC, 180).
:aa a i .t c:e.ue. iai .t , e t.e i komt in de plaats van een dubbele accusatief
na at . a (BDR 155,2).
e t.e i duidt meestal op het gehele tempelcomplex (Haenchen, KEK, 160 nt 2).
eu at .t i is een finale infinitief, die in het NT vrijwel alleen voorkomt in Matthes,
Lucas en Handelingen (BDR 400,7; GG 225b; Wallace, 591 nt 4, 592). Voor
at . a zie ook BDR 316,3.
Het relativum e , (vers 3) wijst terug naar t, a i (Acts, 50). Hier had ook een
pronomen personale kunnen staan of eue, (BDR 293,12; Barrett, ICC, 181).
Merk op dat Petrus hier telkens zonder lidwoord wordt opgevoerd. Hij is in deze
perikoop de sprekende persoon naar wie de aandacht uitgaat (Acts, 51).
E. ei sat `Iaa iii . eia, vormen een AcP na t ea i (Acts, 51; GG 233b).
.t ct. iat komt van .t c.t t, wat vermoedelijk weer een afgeleide is van .t ct t
(binnenlaten). Vgl. BDR 99,1. In combinatie met . a is overigens sprake van
een infinitieve futur (BDR 305,1).
a a is een noodzakelijk imperfectum (van . aa a), gezien de onvoltooide aard
van het werkwoord (weil die bezeichnete Handlung ihr wirkliches Ziel erst im Tun
eines anderen findet, ohne welches sie unvollstndig und ergebnislos bleibt). Vgl.
BDR 328,2.
35

De infinitief . .ecu ii a.t i geeft een indirecte vraagzin weer (Acts, 51;
Wallace, 605; Haenchen, KEK, 160 nt. 3), waarbij degene die wat wordt gevraagd
het onderwerp van de infinitief is (BDR 409,7).

Hand. 3:4
a .it ca, e. E. e, .t , au e i cu i a `Iaa ii .t :.i . ei .t , a ,.

En Petrus nam hem samen met Johannes goed op (lett. richtte een kritische blik op
hem) en zei: Kijk naar ons.

Opmerkingen:
a .it ca, moet hier worden vertaald met een bijzin van omstandigheid
(circumstantial clause) en niet met een temporele bijzin (bv. Toen Petrus samen
met Johannes hem goed opnam). Het verschil tussen beide is dat een bijzin van
omstandigheid nieuwe gegevens biedt, terwijl bij het temporele participium de
geboden informatie bekend is (het deelwoord zegt alleen iets over de tijdrelatie
met het verbum finitum). Greenlee vult aan dat [the aorist circumstantial
participle] normally precedes the leading verb in word order [and] describes an
action coordinate with, prior to, and of the same mood semantically as the leading
verb [] It gives new information. (Greenlee, A concise exegetical grammar of
New Testament Greek, 58; Burton 450-451). Zie voor a .it ,a (Thayer: to fix the
eyes on, gaze upon) ook Hand. 13:9 (Haenchen, KEK, 160 nt. 4). Barrett meent
dat het werkwoord moet worden opgevat als . . :a, aangezien beide verba in de
handschriften door elkaar worden gebruikt (Barrett, ICC, 181).
cu i (+3) betekent samen met (GG 184q).
Het verbum finitum .t :.i is enkelvoud, hoewel het subject uit twee mannen
bestaat. Dat komt door het gebruik van cu i i.p.v. sat (Acts, 32,51).
De aoristus-imperatief .| drukt een bevel uit, waarbij, in tegenstelling tot de
imperatief van het praesens, in het midden blijft of het bevel al dan niet
onmiddellijk moet worden uitgevoerd (vgl. Hensels, Nieuwtestamentisch Grieks,
130).

Hand. 3:5
e e. . :.t ,.i au et , :eceesa i t :a` au a i a.t i.

En hij richtte zijn blik op hen, omdat hij hoopte wat van hen te (gaan) ontvangen.

Opmerkingen:
Het lidwoord e , gevolgd door e. , markeert een verandering van subject (van
Petrus met Johannes naar de verlamde man). Zie Acts, 51; Wallace, 212.
. :. ,a betekent zowel reiken, talmen, wachten, tegenhouden, opletten als
acht slaan op. In dit vers, met een dativus voor de persoon die het indirect object
vormt, is laatstgenoemde betekenis bedoeld (Bauer: er gab auf sie acht (Bauer,
. :. ,a-2)). Moulton-Milligan maken ervan: to fix attention to one (Moulton-Milligan
1563; vgl. Gingrich). Haenchen en Barrett denken dat echter de schrijver eu ,
e|aeu , heeft weggelaten. Zij zien een verwantschap met a .it ,a uit vers 4
(Barrett, ICC, 181). Codex D heeft ook a .it ca, i.p.v. . :.t ,.i. Merk op dat . :.t ,.i
een imperfectum is dat een Schilderung der Handlung uitdrukt (Haenchen, KEK,
160 nt. 6).
Het deelwoord :eceesa i kan worden vertaald met een causale bijzin (Acts, 51).
36

Op :eceesa a volgt een infinitief die een soort futurum (futurischen Zeitstufe)
uitdrukt (BDR 350,3; 397,5).

Hand. 3:6
.t :.i e. E. e, a ,u tei sat ,uct ei eu , u :a ,.t et, e e. . ,a eu e cet et eat . i a
e ie at `Iceu Xtceu eu Na,aat eu [. ,.t. sat ] :.t:a .t.

Maar Petrus zei: Zilver en goud staan mij niet ter beschikking (of: bezit ik niet), maar
wat ik heb, dat geef ik je: in de naam van Jezus Christus van Nazareth, sta op en
loop (rond).

Opmerkingen:
u :a,a, gevolgd door een dativus, betekent ter beschikking staan of bezitten
(BDR 189,1; 202,9). Merk op dat a ,u tei sat ,uct ei het subject zijn, terwijl
het werkwoord in het enkelvoud staat. Oussoren vertaalt daarom: Zilver en goud
behoort mij niet toe.
et is een dativus possessivus (GG 176b).
Het relativum is enkelvoud, maar verwijst naar a ,u tei sat ,uct ei (Acts, 52).
. i a e ie at is een metonymia voor het gezag van Jezus Christus (Acts, 52;
Haenchen, KEK, 160-1; Barrett, ICC, 182; ThWNT V, 242-281, m.n. 277).
De meeste vertalingen lezen eu Na,aat eu als een bijstelling bij Jezus Christus
(Jezus Christus, de Nazoreer/ Nazarener), hoewel sommigen (Luther, KJV,
NBV) er een genitivus attributivus in zien (van Nazareth). Barrett geeft aan dit
laatste de voorkeur, omdat Lucas geen onderscheid lijkt te maken tussen e a :e
Na,a. , Na,aie , en Na,aat e, (Barrett, ICC, 183).

Hand. 3:7-8
sat :ta ca, au e i , e.ta , ,.te , ,.t.i au e i :aa, a e. . c..a cai at a c.t,
au eu sat a c|uea ,
8
sat .ae .ie, . c sat :.t.:a .t sat .t c .i cu i au et , .t ,
e t.e i :.t:aa i sat a e .ie, sat at ia i e i .e i.

En hij vatte hem bij de rechterhand en richtte hem op (lett. deed hem opstaan). En op
hetzelfde ogenblik werden zijn voeten en enkels gezond en hij sprong op, ging staan
(of: ging staan met een sprong) en begon rond te lopen en hij ging met hen de
tempel binnen, terwijl hij rondliep en sprong en God loofde.

Opmerkingen:
:ta ca, is een deelwoord van begeleidende omstandigheden en moet dus niet
worden vertaald met een temporele bijzin.
Na werkwoorden van grijpen (vgl. :ta ,a) volgt een genitief die uitdrukt welk deel
wordt gegrepen (BDR 170.2; Wallace, 131): bij de rechterhand (Acts, 52). Merk
op dat het bijbehorende object au e i is (Barrett, ICC, 183).
Het imperfectum :.t.:a .t heeft een ingressief aspect (Wallace, 545).
a ct, wordt in het NT alleen hier gebruikt voor voet (Barrett, ICC, 183).
e c|uee i is eigenlijk e c|ue i (BDR 34,16; Haenchen, KEK, 161 nt. 5).
Het deelwoord .ae .ie, drukt een hoe uit bij . c (Acts, 53).
De deelwoorden :.t:aa i sat a e .ie, sat at ia i drukken een hoe uit bij
.t c .i (Acts, 53).
37

a .cat en .a .cat betekenen beide springen, waarbij deze laatste
opspringen betekent en de eerste luchtsprongen maken (BDR 101,6;
Haenchen, KEK, 161). Vgl. Jes. 35:6.

Hand. 3:9
sat .t e.i :a , e ae , au e i :.t:aeu ia sat at ieu ia e i .e i

En heel het volk zag hem rondlopen en God loven.

Opmerkingen:
Het werkwoord .t e.i staat in het enkelvoud bij een collectief subject (Acts, 53).
:a , e ae , is een hyperbool (Acts, 53).
:.t:aeu ia en at ieu ia zijn AcPs bij .t e.i.

Hand. 3:10
. :.,t iacsei e. au e i e t au e , i e :e , i . .ecu ii sa .ie, . :t a ata :u
eu t.eu sat . : ccai a eu, sat . sca c.a, . :t a cu.se t au a .

En ze herkenden hem, dat hij het was (geweest), die om een aalmoes zat bij de
Mooie Poort van de tempel en zij werden met verwondering en verwarring vervuld
om wat hem was overkomen.

Opmerkingen:
Culy stelt voor om . :.,t iacsei e. au e i te vertalen als Then it dawned on them
that he was [] (Acts, 53). Merk op dat na . :.,t iacsei ook een AcI had kunnen
volgen (BDR 408,2).
Sommige handschriften hebben eue, i.p.v. au e , (BDR 277,5).
:e , drukt het doel uit van (with a view to) het verblijf van de man bij de Mooie
Poort (BDR 239,7; Barrett, ICC, 185).
sa .ie, is predikaat na i (Acts, 54). Voor i als uitdrukking van relatieve
Zeitstufe (drukt de tijd uit voorafgaand aan die van de waarneming), zie BDR
330,2; Wallace, 553.
. :.,t iacsei en . : ccai (aoristus passivum derde persoon pluralis van
:t :t) hebben een onbepaald subject. De derde persoon meervoud duidt op
men (er kan . c|-.. voor worden ingevuld), wat hier terugwijst naar c ,
c , uit vers 9.
Het doublet a eu, sat . sca c.a, bestaat uit inhoudsgenitieven na :t :t (BDR
51,3; Wallace, 94). Merk op dat a eu, op die heilige Scheu duidt (ThWNT, III,
5-7).
. :t is causaal gebruikt (Acts, 54).


Preek van Petrus (3:11-26)

Hand. 3:11
Kaeu ie, e. au eu e i E. ei sat e i `Iaa iii cui. ea.i :a , e ae , :e , au eu , . :t
cea saeu. i Leea ie, . saet.

38

En terwijl hij Petrus en Johannes vasthield, liep heel het volk verbaasd naar hen toe
bij de zuilengalerij die de zuilengalerij van Salomo wordt genoemd.

Opmerkingen:
Er bestaan nogal wat varianten van dit vers. Zo heeft de Textus Receptus
Kaeu ie, e. eu ta. ie, ,aeu e i E. ei sat `Iaa iii [], wat volgens
Metzger een secundaire tekst is die invulling wil geven aan au eu uit de oudere
bronnen. De tekst van de Codex Bezea zorgt voor meer problemen: . s:e.ue. ieu
e. eu E. eu sat Iaa ieu cui..:e.u.e saa i au eu ,, et e. a. i., . ccai . i
cea , saeu. i Leea ie,, . saet. Naast het verschil in bewoordingen en
grammaticale constructies, wijkt ook de locatie af van Salomos zuilengang. De
hoofdtekst positioneert de zuilengang in de tempel, de Westerse tekst (D)
erbuiten (TCGNT, 268).
Kaeu ie, e. au eu is een genitivus absolutus, die we temporeel vertalen (Acts,
54). Voor het gebruik van de accusativus (e i E. ei sat e i `Iaa iii) zie
Wallace, 132.
Vertalers gaan verschillend om met cea saeu. i Leea ie, (genitief van
e Leea i, vgl. BDR 55,9). De meeste herhalen het zelfstandig naamwoord
cea , dat is weggelaten na het herhaalde lidwoord (BDR 412.2): het voorhof,
hetwelk Salomo's voorhof genaamd wordt (SV), de gaanderij die de gaanderij
van Salomo heet (LV), de galerij, dewelke Salomos galerij genaamd wordt
(Bakels) en den zuilengang, die Salomo's Zuilengang genoemd wordt (LUV). De
NBG leest: de zogenaamde zuilengang van Salomo (vgl. Brouwer en Naardense
Bijbel), terwijl veel andere vertalingen er de zuilengang van Salomo van maken
(W78, W95 en NBV).
. sae, betekent ganz erstaunt (Bauer) of verdoofd van schrik. Merk op het
meervoud . saet terugslaat op het enkelvoud e ae , (constructio ad sensum).
Beide delen wel de nominatief. Vgl. BDR 134,3; 243,1; Acts, 54.

Hand. 3:12
t ea i e. e E. e, a :.st iae :e , e i ae i a ie., `Icat at, t aua ,.. . :t eu a
t i t a .it ,.. a , t eta euia .t .u c..ta :.:etse cti eu :.t:a.t i au e i,

Toen Petrus dat zag, richtte hij het woord tot het volk: Israelieten! Waarom
verwonderen jullie je hierover (lett. over dit) of waarom staren jullie ons aan alsof wij
door (onze) eigen kracht of geloof hebben bewerkstelligd dat hij rondloopt?

Opmerkingen:
Bauer vertaalt a :est ieat voor dit vers met antwoorden (Bauer, a :est ieat-1;
vgl. NBG), terwijl Thayer hier het verbum leest als een hebrasme voor het woord
(her)nemen (vgl. : r ), wat hier logischer lijkt, omdat Petrus niet op een vraag
reageert, maar op de volksoploop, en vervolgens een soort apologie ten beste
geeft (Thayer, a :est ieat-2). Dit wordt versterkt door de gebruikte mediale vorm
a :.st iae (meestal staat er in het NT a :.st ), die is gereserveerd voor een
solemn or legal utterance. Vgl. Wallace, 421; BDR 78,3.
De twee retorische vragen t , hebben de kracht van een berisping (Acts, 54).
W78 voegt daarom toch toe: waarom verwondert gij u toch hierover. De NBG
en de Naardense Bijbel maken ervan: wat verwondert gij u hierover. Wallace
echter ziet hier niet zomaar een vragend voornaamwoord (wat), maar een
accusativus adverbialis (waarom). Vgl. Wallace, 346.
39

a .it ,a vertalen we vaak met aandachtig/kritisch kijken naar (vgl. vers 4), maar
het betekent ook aanstaren (Thayer: to fix the eyes on, gaze upon; Louw-Nida,
Barclay-Newman: to stare). Het praesens is hier progressief gebruikt (why are
you staring at us?). Vgl. Wallace, 519.
t ete, betekent hier eigentmlich (tegenover a e te,) i.p.v. eigen (als synoniem
voor .aueu ). Vgl. BDR 286,3.
euia .t .u c..ta zijn beide een dativus modi (Acts, 54).
:et. a gevolgd door een finale infinitief (of AcI) betekent bewerkstelligen dat of to
cause one to (Thayer, :et. a-3; BDR 392,6; 400,9). Merk op dat het participium
van het perfectum :.:etse cti bijwoordelijk is gebruikt en letterlijk staat voor
those who have made. Het gaat om een participium coniunctum, d.w.z. een
zinsdeel dat door eenzelfde casus is verbonden met het woord waar het naar
verwijst. In dit vers slaat de datief van :.:etse cti via a , terug op t i: t i t
a .it ,.. a , :.:etse cti (als htten wir getan). Vgl. GG 230c; BDR 425,3;
476,3; Acts, 56.

Hand. 3:13
e .e , `Aaa sat [e .e ,] `Icaa s sat [e .e ,] `Iasa , e .e , a i :a. ai a i, . ee ac.i
e i :at ea au eu `Iceu i e i u .t , . i :a.ea sa. sat i cac. saa :e ca:ei Eta eu,
st iaie, . s.t ieu a :eu.ti

De God van Abraham en de God van Izak en de God van Jacob, de God van onze
vaderen, heeft zijn knecht Jezus verheerlijkt die jullie (echter) hebben uitgeleverd en
verloochend voor (het aangezicht van) Pilatus toen die voornam om Hem vrij te laten.

Opmerkingen:
De aoristus . eeac.i is een historische aoristus, die een eenmalig heilsfeit uitdrukt
(zie ook ,.t.i in vers 15). Vgl. GG 199b.
De Statenvertaling maakt van de accusatieve bijstelling e i :at ea au eu Zijn
kind, i.p.v. Zijn knecht. Culy meent dat beide opties hier kunnen (Acts, 56;
Wallace, 199).
u .t , is gebruikt ter benadrukking, terwijl . i de tegenstelling aanzet (BDR
447,15).
Het hebrasme saa :e ca:ei is een voorzetsel-omschrijving voor voor (BDR
217,3).
st iaie, is een genitivus absolutus, die we temporeel vertalen. Culy waarschuwt
ervoor om het participium niet te zien als een attributief bij Eta eu het gebruik
van het subject . s.t ieu duidt op een genitivus absolutus-constructie (Acts, 56).
Het aanwijzend voornaamwoord . s.t ie, duidt op Abwesenden als solche, die
aber irgendwie vorher erwhnt sind (BDR 291,2).
De infinitief a :eu.ti na een werkwoord van willen (st ia = zich voornemen om)
drukt een indirecte rede uit (Acts, 56; BDR 392,2a; Wallace, 605).

Hand. 3:14-15
u .t , e. e i a ,tei sat et satei i cac. sat cac. a iea |ei.a ,atc iat u t i,
15

e i e. a ,,e i , ,a , a :.s.t ia. e i e .e , ,.t.i . s i.sa i, eu .t , a u. ,
. c.i.

40

Maar jllie hebben de Heilige en Rechtvaardige verloochend en gevraagd om jullie
een moordenaar (lett. moordende man) te schenken en jullie hebben de Levensvorst
gedood, die God heeft opgewekt uit de dood, waarvan wij getuigen zijn.

Opmerkingen:
Het naamwoordelijk deel van het gezegde e i a ,tei sat et satei is vooraan de zin
geplaatst om het verschil te benadrukken met a iea |ei.a (Acts, 56). De woorden
verwijzen naar Henoch 38:2 en 53:6. Vgl. Haenchen, KEK, 166 nt. 2.
Het lidwoord e i bij de adjectieven a ,tei sat et satei duidt op een unieke naam.
Wallace spreekt in navolging van Granville Sharp van een TSKS-constructie
(lidwoord-substantief-sat -substantief), waarin beide zelfstandige naamwoorden op
dezelfde persoon terugslaan, doordat er maar 1 lidwoord is gebruikt, in dit geval
op Jezus (BDR 263,1; Wallace, 233, 270-275).
SV en NBG maken van a iea |ei.a dat u een man, die een moordenaar (SV:
doodslager) was, geschonken zou worden. De Naardense Bijbel heeft een
vergelijkbare constructie: dat voor u een man die een mrdenaar was werd
begenadigd. Thayer wijst er echter op dat a i soms in combinatie met een
ander zelfstandig naamwoord (hier: e |ei.u ,) een soortnaam oplevert (Thayer,
a i -3; vgl. BDR 242,1). Alle overige vertalingen hebben daarom alleen
moordenaar. Vgl. Lc. 23:19,25; Lc. 5:8 en 24:19.
,at ,eat betekent zowel iemand iets (bij wijze van gunst) schenken, uitleveren,
als vergeven, kwijtschelden. W95 maakt er gratie verlenen van. In het vers is de
infinitief ,atc iat (aoristus passivum) gebruikt als indirecte rede (Acts, 57).
e i a ,,e i staat voor lett. voor eerste oorzaak. In dit vers dient volgens Bauer
te worden vertaald met d. Fhrer, d. Herrscher, d. Frst (Bauer, a ,,e ,). Thayer
suggereert author (dader, aanstichter, ontwerper) en Moulton-Milligan
founder of leader (vgl. auctor in Latijnse versies = ontwerper, leidsman).
Nederlandse vertalingen hebben afwisselend leidsman of vorst. Alleen de NBV
maakt ervan: Hem die de weg naar het leven wijst.
De aoristus ,.t.i is een historische aoristus, die een eenmalig heilsfeit uitdrukt
(zie ook . eeac.i in vers 13). Vgl. GG 199b.
eu kan zowel mannelijk zijn (verwijzend naar e i a ,,e i , ,a ,) als onzijdig. In
dit laatste geval heeft het relativum betrekking op al het voorgaande (Acts, 57).
a u. , is predicaat bij . c.i.

Hand. 3:16
sat . :t :t c.t eu e ie ae, au eu eu ei e i .a.t . sat et ea., . c.. ac.i e e iea
au eu , sat :t ct, et` au eu . eas.i au a i e estai au i a :. iait :a iai
u a i.

En ter wille van het geloof in Zijn naam heeft Zijn naam deze, die jullie zien en
kennen, sterk gemaakt en het geloof, dat door Hem is, heeft Hem dit volkomen
herstel gegeven in tegenwoordigheid van jullie allen.

Opmerkingen:
Culy meent dat het voorzetsel . :t hier vermoedelijk niet instrumenteel is bedoeld
(door, met; vgl. SV). Hij denkt dat het moet worden vertaald met in response to
(Culy, 57). W78 heeft omwille, W95 op grond van (zie ook Naardense Bijbel).
41

eu e ie ae, au eu (genitivus obiectivus of epexegeticus) is een metonymia voor
Jezus. Zie ook Hand. 2:24.
e e iea au eu is subject bij . c.. ac.i (c.. ea = sterk, gezond maken), terwijl het
object ervoor staat: eu ei e i .a.t . sat et ea. (Acts, 58).
Het voorzetsel eta in :t ct, et` au eu moet worden gelezen als the means of
the faith(fulness) (Acts, 58; vgl. Wallace, 116, nt 121).
Het tweede artikel in :t ct, et` au eu heeft de functie van betrekkelijk
voornaamwoord (Wallace, 215).
e estai betekent letterlijk in alle delen gaaf/ gezond.
a :. iait is een oneigenlijk voorzetsel voor voor en betekent tegenover of ten
aanschouwen van (BDR 214,6).

Hand. 3:17
Kat iu i, a e.|et , et ea e t saa a ,ietai . :aa. a c:. sat et a ,ei., u a i

En nu, broeders, ik weet dat jullie onwetend hebben gehandeld, evenals ook jullie
leiders.

Opmerkingen:
Voor sat iu i zie BDR 442,26.
saa is hier modaal gebruikt (beantwoordt de vraag hoe, op welke wijze). Vgl.
GG 184k.
a ,ieta betekent onwetend, gebrek aan inzicht en dwaling. Oussoren vertaalt
letterlijk met on-kennis.
:a cca staat voor voltooien, volbrengen en veroorzaken en kan hier volgens
Thayer worden vertaald met: to perform of to accomplish (a criminal deed)
(Thayer, :a cca-2). Louw-Nida heeft: carry out some activity (with possible focus
upon the procedures involved) to do, to carry out, to perform, deed. (42.8).


Hand. 3:18
e e. .e ,, a :esa ,,.t.i eta ce ae, :a iai a i :e|a i :a.t i e i ,tce i
au eu , . : ac.i eu a,.

Maar God heeft aldus vervuld dat wat Hij van te voren had aangekondigd door de
mond van alle profeten, [namelijk] dat Zijn Gezalfde zou lijden (lett: maar God, wat Hij
door de mond van alle profeten van te voren had aangekondigd, dat Zijn Gezalfde
moest lijden, heeft dit aldus vervuld).

Opmerkingen:
Het betrekkelijk voornaamwoord a is lijdend voorwerp bij . : ac.i (Acts, 58).
:esaa,,. a betekent van te voren aankondigen. Op dit werkwoord van
zeggen, vragen, smeken en bevelen volgt een AcI (:a.t i e i ,tce i).
:a.t i is een aoristus-infinitief van :a c,a (lijden) en is volgens Blass, Debrunner
en Rekopf epexegetisch gebruikt: er kan namelijk voor worden ingevuld (BDR
394,2). Wallace prefereert de term appositional: the appositional infinitive
typically refers to a specific example that falls within the broad category named by
the head noun. Volgens hem dient de term epexegetisch beperkt te blijven tot
woorden die macht (om), kunde (om), verlangen (dat), vrijheid (om), hoop
(dat), behoefte (om), verplichting (om) of bereidheid (om) uitdrukken (Wallace,
606-7).
42

Hand. 3:19-21
.aie ca. eu i sat . :tc. a. .t , e .a.t| iat u a i a , a ata,,
20
e :a, a i
. acti satet a iau.a, a :e :eca :eu eu sut eu sat a :ec.t e i :es.,.ttc. iei
u t i ,tce i `Iceu i,
21
e i e.t eu aie i . i e.acat a ,t ,e iai a :esaaca c.a,
:a iai ai . a c.i e .e , eta ce ae, a i a ,t ai a :` at a ie, au eu :e|a i.

Kom dan tot inkeer en bekeer jullie opdat jullie zonden worden uitgewist, opdat (of:
en) er zo tijden van verademing komen van (het aangezicht van) de Heer en Hij
Jezus zendt, de Christus die voor jullie van te voren was bestemd, die de hemel
moest ontvangen tot de tijden van het herstel van alle dingen die God heeft genoemd
door de mond van Zijn heilige profeten van oudsher (lett. sedert eeuwen).

Opmerkingen:
De zin in deze drie verzen is getrapt en bevat 3 onderling afhankelijke bijzinnen,
so dass man von einer Rangordnung im Satzgefge mit Nebensttzen
verschiedenen Grades sprechen kann (GG 270b). De hoofdzin luidt immers
Darum kehrt um [] (v. 19), gevolgd door bijzin 1 (finale bijzin bij de hoofdzin):
damit Erquickunszeiten kommen [] und er den Messias, Jesus, sende. Bijzin 2
is attributief bij Jezus: den der Himmel aufnemen muss bis zu den
Wiederherstellungszeiten aller Dinge, terwijl bijzin 3 weer attributief is bij :a iai:
von denen Gott [] gesprochen hat (zie schema in GG, p. 510).
De uitdrukking .aie ca. eu i sat . :tc. a. kan een doublet zijn (Barrett, ICC,
203). Culy meent echter dat de eerste imperatief staat voor wegdraaien van
zonden en de tweede voor naar God toedraaien (Acts, 59).
.t , e + AcI (hier: .a.t| iat) drukt een doel uit (vgl. :e , e ). Zie BDR 402,5.
De meeste vertalingen maken er een constructie met opdat van. De NBV kiest
voor om te: om vergeving te krijgen voor uw zonden.
a , a ata, is subject bij .a.t| iat (Acts, 59).
Thayer vertaalt e :a, hier met that so, that, if what I have just said shall come to
pass (Thayer, e :a,-1). In feite geeft het voegwoord een tweede en derde doel of
motivering weer voor de imperatieven uit vers 19 (Acts, 59). De Leidse Vertaling
laat het daarom weg: opdat uw zonden mogen worden uitgewist en tijden van
verademing komen (LV). De meest recente vertalingen negeren het helemaal en
maken een nieuwe zin: Dan komen er van Godswege tijden van verademing
(vgl. W95 en NBV).
Merk op dat e :a, a i een LXX-citaat inluidt (Amos 9:12); vgl. Lc. 2:35 en Hand.
15:16 (BDR 369,11).
satet a iau.a, staat lett. voor verfrissende tijden.
De Hebrastische uitdrukking a :e :eca :eu staat voor a :e of :aa (BDR 217,1;
259,6).
:es.,.ttc. iei is een participium van het perfectum van :e,.tt ,eat (ter hand
nemen, in orde brengen en van te voren kiezen).
Culy houdt ,tce i `Iceu i bij elkaar in de uitdrukking e i :es.,.ttc. iei u t i
,tce i `Iceu i: The one who was chosen for you, Christ Jesus. Hij beschouwt
kortom het participium als een gesubstantiveerd deelwoord, met ,tce i `Iceu i
als bijstelling (zie ook SV, LUV). Maar je kunt het lidwoord ook bij ,tce i nemen,
waardoor het deelwoord een attributief is bij datzelfde substantief en `Iceu i een
bijstelling wordt bij ,tce i (LV, NBG, W78, W95, Naardense Bijbel en NBV).
u t i is een dativus commodis.
43

e i e.t eu aie i . i e.acat betekent letterlijk whom it is necessary for heaven to
welcome (Acts, 59). De constructie bevat een AcI na de onpersoonlijke
uitdrukking e.t (vgl. Wallace, 196). NB. . i vertalen we hier niet (BDR 447,15).
e. ,eat met a ,t betekent to remain where one is received (Barrett, ICC, 205).
Merk op dat in de tekst e.acat staat, een aoristus, maar samen met a ,t heeft
het werkwoord toch een progressieve connotatie (Wallace, 568 nt 4).
,e iai a :esaaca c.a, :a iai betekent letterlijk times of the restauration of all
things (Acts, 60).
De uitdrukking . a c.i e .e , eta ce ae, a i a ,t ai a :` at a ie, au eu :e|a i
komt ook voor in Lc. 1:70 en Oden 9:70, wat mogelijk de afwijkende
woordvolgorde verklaart. Vgl. BDR 259,6; 269,9.
a :` at a ie, betekent von Urzeiten her (Bauer, at a i-1).

Hand. 3:22
\au c , . i .t :.i e t :e| i u t i a iac c.t su te, e .e , u a i . s a i a e.|a i u a i
a , . . au eu a seu c.c. saa :a ia e ca a i a c :e , u a ,.

Mozes heeft immers gezegd: De Heer jullie God zal u uit jullie broeders een profeet
doen opstaan zoals ik. Jullie moeten naar hem luisteren, naar al wat Hij tot jullie
spreekt (of: zal spreken).

Opmerkingen:
u a i is een dativus commodi.
De bijstelling a , . . (NB. zelfde casus als :e| i) betekent een profeet zoals ik
(er een ben). Vgl. Deut. 18:15, waar dit vers en citaat uit is: :e| i . s a i
a e.|a i ceu a , . . a iac c.t cet su te, e .e , ceu (GG 260i).
Het mediale futurum a seu c.c. functioneert als een imperatief (GG 202f).
Het futurum van a seu a in het NT wordt dan weer actief en dan weer mediaal
weergegeven. In dit vers is de mediale vorm ontleend aan de LXX (BDR 77,2).
a seu a gevolgd door een genitief duidt op het begrijpen van een boodschap
(Wallace, 133).
saa :a ia betekent in jeder Hinsicht, maar aangezien :a ia hier n uitdrukking
vormt met e ca is saa slechts een verwijzend voorzetsel (naar). Vgl. Acts, 61.
e ca a i a c :e , u a , is een voorwaardelijke bijzin, die een algemene uitspraak
doet. De coniunctivus is iteratief gebruikt (wat Hij herhaaldelijk tot jullie spreekt),
hoewel er ook een futurisch gebruik in kan worden gelezen (wat Hij tot jullie zal
spreken). Zie BDR 380,2.

Hand. 3:23
. cat e. :a ca u, t, .a i a seu c eu :e| eu . s.t ieu .e..u c.at . s eu
aeu .

En het zal zijn dat elke ziel (iedereen) die naar deze profeet niet luistert, zal worden
uitgeroeid uit het volk.

Opmerkingen:
De combinatie van . cat met een futurum (hier: .e..u c.at) is een
hebrastische omschrijving van een toekomende tijd (Acts, 61). Veel vertalingen
laten daarom weg: en ieder die niet naar die profeet luistert, zal uit het volk
worden uitgeroeid (W78, vgl. W95 en NBV).
44

De combinatie van :a ca met het relativum t, (een ieder die) legt extra nadruk
op het feit dat absolute gehoorzaamheid is vereist (Acts, 61). De combinatie met
a i vergroot de onbepaaldheid (BDR 293,5).
De conjunctief in onbepaalde betrekkelijke bijzinnen (a seu c ) vertalen we als een
indicatief (Wallace, 478-9).
a seu a gevolgd door een genitief duidt op het begrijpen van een boodschap
(Wallace, 133).
.ee,. a betekent uitroeien (hier mogelijk een soort uitbanning of doodverklaring).
Het woord is een hebrasme en ontleend aan de LXX (Deut. 18:15,19; Lev.
23:29). Zie BDR 32,1; 108,8; ThWNT IV 862-4.

Hand. 3:24
sat :a i., e. et :e| at a :e Laeu sat a i sa. , e cet . a cai sat sa ,,.tai
a , . a, au a,.

En ook alle profeten sedert Samuel en zij die daarna hebben gesproken, hebben ook
die dagen aangekondigd.

Opmerkingen:
sat e. betekent en ook. De profeten vullen derhalve Mozes aan (BDR 447,6).
sa. , (synoniem van .|. ,) betekent op een rij, na elkaar, in volgorde,
achtereenvolgens, daaraan volgend. Culy stelt met Barrett voor om het
gesubstantiveerde bijwoord te vertalen met opvolgers (Acts, 61; Barrett, ICC,
211).
a i sa. , is een genitief vanwege a :e (Acts, 61). Het vers wringt ietwat, alsof
twee versies ineen zijn gevlochten: alle profeten vanaf Samuel en alle profeten,
(nl.) Samuel en zijn opvolgers (Barrett, ICC, 211; Haenchen, KEK, 169).
De verbinding tussen de twee meervouds-aoristi . a cai sat sa ,,.tai is
onduidelijk. Wanneer we ze met en ertussen vertalen, houden we een zin zonder
verbum finitum over (en ook alle profeten sedert Samuel en zijn opvolgers die
hebben gesproken en aangekondigd). Barrett stelt voor om vers 24 te koppelen
aan vers 22 (Mozes zei net zoals alle profeten vanaf Samuel die hebben
gesproken en voorspeld). Een andere oplossing is: En ook alle profeten sedert
Samuel en zijn opvolgers, die hebben gesproken, hebben die dagen ook
aangekondigd. Beide opties zijn niet geheel bevredigend (Barrett, ICC, 211).
a , . a, au a, verwijst terug naar vers 21 (Barrett, ICC, 210).

Hand. 3:25
u .t , . c. et ut et a i :e|a i sat , eta s, , et. .e e .e , :e , eu , :a. a,
u a i . ,ai :e , `Aaa sat . i a c:. at ceu [. i].ue, ceiat :a cat at :atat
, , ,.

Jullie zijn de zonen van de profeten en van het verbond dat God met jullie vaders
heeft gesloten toen hij tegen Abraham zei: En door uw zaad zullen alle volken op
aarde worden gezegend.

Opmerkingen:
u .t , (gebruikt als anafoor, bij wijze van terugkeer naar het begin van de
toespraak) legt extra nadruk op het subject van . c. (BDR 491,1).
45

De genitieven a i :e|a i sat , eta s, hebben beide een andere functie bij
ut et : de eerste drukt een relatie uit en de tweede is beschrijvend.
Het relativum , krijgt een genitief onder invloed van , eta s, (attractio),
terwijl het een lijdend voorwerp is bij et. .e. Zie GG 289e.
etat t betekent verdelen. Het medium duidt op: regelen, beschikken, ter
beschikking stellen, maar ook op een verdrag of contract sluiten (Thielen).
`Aaa is hier een accusatief, ondanks het feit dat het substantief indeclinabel is
(BDR 260,12).
. i is instrumenteel (Acts, 62).
:ata betekent geslacht of volk.

Hand. 3:26
u t i :a ei a iac ca, e .e , e i :at ea au eu a :. c.t.i au e i .u e,eu ia u a , . i a
a :ec.|.ti . sacei a :e a i :eita i u a i.

Allereerst voor jullie heeft God zijn knecht opgewekt en Hem toegezonden om jullie
te zegenen, wanneer (of: doordat) een ieder van jullie zich bekeert van zn
slechtheden (of: slechte daden).

Opmerkingen:
u t i is een dativus commodi, gebruikt in contrast met :a cat at :atat , , , uit
vers 25. Het pronomen kan grammaticaal ook worden gezien als een
meewerkend voorwerp bij a :. c.t.i (zie SV), maar Barrett heeft daar
exegetische moeilijkheden mee (Barrett, ICC, 213).
Het deelwoord a iac ca, dient niet temporeel te worden vertaald. Het beschrijft
hier de omstandigheden en voorwaarden waaronder de handeling in de hoofdzin
plaatsvindt. Barrett wijst erop dat het bijzonder is dat de opwekking voorafgaat
aan de zending. Is hier wel de opstanding van Jezus bedoeld? Barrett leest erin
that God brought him on to the stage of history (Barrett, ICC, 213; vgl.
Haenchen, KEK, 169).
Het participium .u e,eu ia is attributief gebruikt bij au e i en moet worden vertaald
met een bijwoordelijke bepaling: er hat ihn gesandt, damit dieser euch segne
(GG 149a; 206i; 230c). Vgl. Wallace, 637.
a :ec.|.ti is hier volgens Blass, Debrunner en Rekopf intransitief gebruikt (BDR
308,3). Barrett sluit zich hierbij aan (Barrett, ICC, 214).
De infinitief a :ec.|.ti na . i kan duiden op een vorm van gelijktijdigheid (terwijl,
als, tijdens). Maar het kan ook een doel uitdrukken van het predicaat (doordat,
door te), iets waar zowel Barrett, Hoffmann & Von Siebenthal als Blass,
Debrunner en Rekopf voor kiezen (Barrett, ICC, 214; BDR 404,6; GG 226a):
dadurch, dass sich ein jeder []. Wallace meent echter dat de constructie . i a
+ infinitief de manier uitdrukt waarop de handeling wordt uitgevoerd van het
werkwoord waar het bij staat (.u e,eu ia). Hij vertaalt: God [] sent him to bless
you by turning each [one of you] from your wicked ways. Merk op dat Wallace
dus transitief vertaalt (Wallace, 598, 664). Culy vult de gedachtegang van Wallace
aan door ook een intransitieve vertaling voor te stellen, die hij echter minder
waarschijnlijk acht: God [] sent him to bless you by each of you turning from
your wicked ways (Acts, 63).


46

Petrus en Johannes gevangen genomen (4:1-4)

Hand. 4:1-4
Aaeu iai e. au a i :e , e i ae i . :. ccai au et , et t..t , sat e ca,e , eu t .eu
sat et Laeeeusat et,
2
eta:eieu .iet eta e etea cs.ti au eu , e i ae i sat saa,,. .ti
. i a `Iceu i a ia cacti i . s i.sa i,
3
sat . :. aei au et , a , ,.t a, sat . .ie
.t , cti .t , i au tei i ,a . c:. a e.
4
:eet e. a i a seuca iai e i e ,ei
. :t c.ucai sat . ,.i [e ] a te , a i a iea i [a ,] ,tta e., :. i..

En terwijl zij (nog) tot het volk spraken, traden tot hen toe de priesters en de
bevelhebber van de tempel en de Sadduceen, die hevig ontstemd waren, omdat zij
het volk onderwezen en aangaande (of: in) Jezus de opstanding uit de doden
verkondigden en zij arresteerden hen (lett. zij sloegen de handen aan hen) en
stelden hen in bewaring tot de volgende morgen, want het was reeds avond, maar
velen van hen die het woord hadden gehoord, kwamen tot geloof en het aantal
mannen werd (of: was) zon 5000.

Opmerkingen:
Aaeu iai e. au a i is een genitivus absolutus, die temporeel moet worden
vertaald (met au a i als subject). Zie BDR 423,7; GG 231d.
. :t ct betekent verschijnen, optreden, toetreden of naderen.
au et , is een dativus sociativus.
eta:eieu .iet komt van eta:ei. eat en staat voor zich grondig inspannen, hard
werken of iets met inspanning doen. Liddell-Scott geven daarnaast: to be worn
out of to be troubled, met als enige verwijzing Hand. 4:2, 16:18 en POxy 743.22.
Hun Intermediate Greek-English Lexicon vermeldt nog: to be much grieved.
Bauer en Thayer nemen deze betekenis over: aufgebracht sein (= boos zijn of
kwaad gemaakt zijn) of to be troubled, displeased, offended, pained. Culy voegt
toe dat het participium een causal modifier is bij . :. ccai (Acts, 64).
De gesubstantiveerde infinitieven (AcI) eta e etea cs.ti en saa,,. .ti geven
een oorzaak weer (omdat). De accusatief au eu , is daarbinnen het subject. Vgl.
BDR 402,1; Wallace, 597.
Vertalingen gaan verschillend om met . i a `Iceu . NBG heeft: [omdat zij het volk
leerden] en in Jezus [de opstanding uit de doden verkondigden] (vgl. SV,
Brouwer, Bakels, Telos, W78 en de Naardense Bijbel). Vgl. Gloag, ICC, 142;
Robertson, GGNT, 587 (die leest: in the case of/ in the person of Jesus). W95
maakt er een dativus instrumentalis van: en met een beroep op Jezus [de
opstanding uit de doden verkondigden] (vgl. GNB96; Barrett, ICC, 220), terwijl de
NBV er een soort dativus respectus in leest: [en de opstanding uit de dood
verkondigden] op grond van wat er met Jezus was gebeurd (Acts, 64).
Het lidwoord maakt van i . s i.sa i een adjectief bij i a ia cacti (Acts, 64;
BDR 254,8).
De uitdrukking sat . :. aei au et , a , ,.t a, betekent arresteren (Louw-Nida
37.110), used of seizing one to lead him off as a prisoner (Thayer, . :ta a-1).
Barrett leest er elders aanvallen in (Barrett, ICC, 574; maar vgl. 215).
. .ie (indic. aor. M. 3e pers. plur van t t) .t , cti staat letterlijk voor: in
bewaring stellen of, meer vrij vertaald: gevangen zetten (activum komt ook voor:
BDR 316,2). Barrett heeft een voorkeur voor gevangen nemen, omdat ct,
een nomen actionis is (Barrett, ICC, 221).
47

au tei is een bijwoord (volgende), dat hier is gesubstantiveerd. Het is vrouwelijk
omdat er eigenlijk . a bij moet worden gedacht (de volgende dag). Zie
Wallace, 232.
a i a seuca iai is een genitivus partitivus (Acts, 65; GG 260e; Wallace, 621).
e i e ,ei kan grammaticaal gezien ook bij . :t c.ucai horen (zij geloofden het
woord). De woordvolgorde pleit er echter voor om e i e ,ei te zien als direct
object bij a seuca iai (Acts, 65).
De aoristus . :t c.ucai vertalen we ingressief (kwamen tot geloof in plaats van
geloofden). Zie GG 194i.
Het is door het gebruik van het werkwoord . ,.i (synoniem voor . ,. i.e, zie
BDR 78,2) niet goed uit te maken of er die dag 5000 gelovigen bij kwamen, of
dat het totaal aantal gelovigen sinds die dag 5000 was (nadat er met Pinksteren
al 3000 bij waren gekomen). Vgl. Barrett, ICC, 221. Merk op dat in sommige
handschriften a , ontbreekt (later toegevoegd, of later juist weggelaten?). Zie
TCGNT, 275.


Petrus en Johannes ondervraagd (4:5-12)

Hand. 4:5-7
`E,. i.e e. . :t i au tei cuia, iat au a i eu , a ,eia, sat eu , :.cu. eu, sat
eu , ,aa.t , . i `I.euca ,
6
sat Aiia, e a ,t..u , sat Kata|a, sat `Iaa ii, sat
`A.aiee, sat e cet cai . s ,. ieu, a ,t.atseu ,
7
sat c cai., au eu , . i a . ca
. :uia ieie . i :eta euia .t . i :et a e ie at . :et ca. eu e u .t ,,

En het geschiedde dat (op) de volgende dag hun leiders en de oudsten en de
schriftgeleerden bijeenkwamen in Jeruzalem en Annas de hogepriester en Kajafas
en Johannes en Alexander en zovelen als er waren uit het geslacht van de
hogepriester, en nadat zij hen in het midden hadden gesteld vroegen zij
(herhaaldelijk): Door wat voor macht of door wat voor naam hebben jullie dit gedaan?

Opmerkingen:
. :t i au tei betekent am folgenden Tag (Bauer, au tei-1) of auf den
folgenden Tag (BDR 233,5). Vgl. Wallace, 232.
cuia, iat is een AcI (pass. aor) na . ,. i.e met eu , a ,eia, sat eu ,
:.cu. eu, sat eu , ,aa.t , als subject (Acts, 65; BDR 408,4). Merk op dat
het lidwoord steeds wordt herhaald om aan te geven dat het om onderscheiden
personen gaat (BDR 276,2). Voor Barrett is de opsomming (ook in vers 6) een
wat omslachtige manier om te vertellen dat het Sanhedrin bijeenkwam (Barrett,
ICC, 224).
au a i is ongespecificeerd, maar duidt op de joden als groep (Acts, 66).
De hele trits sat Aiia, e a ,t..u , sat Kata|a, sat `Iaa ii, sat `A.aiee, sat
e cet cai . s ,. ieu, a ,t.atseu vormt het subject bij . :uia ieie (Acts, 66). Het
lijkt erop alsof Lucas de AcI uit vers 5 alweer is vergeten (Barrett, ICC, 224).
Het participium c cai., kan zowel de omstandigheden en voorwaarden
beschrijven waaronder de handeling in de hoofdzin (. :uia ieie) plaatsvindt als
temporeel zijn bedoeld (Acts, 66).
au eu , verwijst naar Petrus en Johannes.
48

Voor . i a . ca zie BDR 264,6.
Het imperfectum . :uia ieie heeft wellicht een duratief aspect (ze blven
vragen, of ze vroegen herhaaldelijk). Volgens Blass, Debrunner en Rekopf
krijgen werkwoorden van bevelen of vragen vaak een imperfectum (BDR 328,3).
. i in . i :eta euia .t . i :et a e ie at is instrumenteel (door). Zie Acts, 66.
Merk op dat :et e, hier hetzelfde betekent als t , (BDR 298,3).
. i :et a e ie at kan ook betekenen by whose authority (Acts, 66).
eu e betekent dit, een algemene verwijzing naar een gehele zin of bijzin
(Wallace, 334).
u .t , is gebruikt als nadruk. De Naardense Bijbel heeft: , uit kracht van wat of in
naam van wie hebt u dit gedaan?

Hand. 4:8-10
Te . E. e, :c.t , :i.u ae, a ,t eu .t :.i :e , au eu , a ,ei., eu aeu sat
:.cu .et,
9
.t .t , c .ei a iastie .a . :t .u.,.cta a ia :eu a c.ieu , . i t it
eue, c. caat,
10
,iace i . ca :a cti u t i sat :ait a aa `Ica e t . i a e ie at
`Iceu Xtceu eu Na,aat eu e i u .t , . caua ca., e i e .e , ,.t.i . s i.sa i, . i
eu a eue, :a. cs.i . ia :tei u a i u ,t ,.

Toen zei Petrus, vol van de Heilige Geest tot hen (of: Toen werd Petrus vervuld van
de Heilige Geest en zei tot hen): Leiders van het volk en oudsten! Als (of: aangezien)
wij vandaag vanwege een weldaad aan een ziek mens worden verhoord over hoe
deze is genezen, laat (dan) aan jullie allen en heel het volk Israel bekend zijn dat
door de naam van Jezus Christus de Nazerener (of: van Nazareth) die jullie hebben
gekruisigd, en die God heeft opgewekt uit de doden, dat door deze [naam] hij gezond
voor jullie staat.

Opmerkingen:
Te . drukt uit dat Petrus in zijn antwoord direct ter zake komt (Acts, 66). Zie voor
e . als voegwoord BDR 459,2.
Het passieve deelwoord :c.t , (van :t :t) kan temporeel worden vertaald
(Toen, nadat Petrus was vervuld met de Heilige Geest, zei hij tot hen:), met een
bijzin van omstandigheden (Toen werd Petrus vervuld van de Heilige Geest en
zei tot hen:) of attributief (Toen zei Petrus, vol van de Heilige Geest, tot hen). Zie
Acts, 66.
:i.u ae, a ,t eu is een inhoudsgenitief (Wallace, 94).
a ,ei., sat :.cu .et zijn vocatieven (Acts, 67).
Culy noemt eu aeu een genitive of subordination (Acts, 67). Is daarmee een
genitivus separationis bedoeld?
.t wordt in sommige vertalingen weergegeven met als (NBG, W95), maar Culy
prefereert since (vgl. SV alzo; LUV daar). Zie Acts, 67.
a iast ia betekent ondervragen, bevragen, tot verhoor overgaan met opgaaf
van reden. Voor het passief ervan zie Wallace, 440.
. :t in . :t .u.,.cta is causaal bedoeld (vanwege een weldaad).
a ia :eu is een genitivus obiectivus onder invloed van .u.,.cta (BDR 163,4;
vgl. Wallace, 117). Vervolgens is a c.ieu , een genitief in overeenstemming met
a ia :eu (Acts, 67).
. i t it betekent hoe, door middel waarvan of door wie (Acts, 67).
49

Het mediale perfectum c. caat of c. ca at betekent hier to make well, heal,
restore to health (Thayer, zie ook BDR 26,4).
Het adjectief ,iace i is predicaat bij . ca (Acts, 67).
. i a e ie at is instrumenteel bedoeld (Acts, 67).
De meeste vertalingen lezen eu Na,aat eu als een bijstelling bij Jezus Christus
(de Nazoreer/ Nazarener). De NBV ziet er een genitivus attributivus in (van
Nazareth). Vgl. Hand. 3:6. Barrett meent dat Lucas geen onderscheid maakt
tussen e a :e Na,a. , Na,aie , en Na,aat e, (vgl. Barrett, ICC, 183).
De woorden . i eu a nemen de draad weer op en brengen de aandacht terug
naar Jezus (SV, LUV) of Zijn naam (NBG, W78). Sommige vertalingen laten het
weg: zo zij bekendgemaakt [] dat door den naam van Jezus Christus den
Nazoreer, dien gij gekruisigd hebt en God uit de doden heeft opgewekt, deze man
gezond voor uw ogen staat (LV). Hoffmann & Von Siebenthal adviseren ook om
door de zin heen te lezen: Es sei euch allen kund, dass dieser durch den
Namen Jesu Christi gesund vor euch steht (GG 271c).
u ,t , is predicaat en verwijst naar eue, (ook nominatief). Zie GG 147a; 259n.

Hand. 4:11
eue , . cti e t e,, e .eu.i.t , u|` u a i a i et seee ai, e ,.ie .ie, .t , s.|a i
,aita,.

Deze is de steen die door jullie, de bouwmeesters, met verachtig is afgewezen, die is
hoeksteen (lett. hoofd (of voltooiing) van de hoek) geworden.

Opmerkingen:
eue , verwijst naar Jezus Christus (vers 10), hoewel e .e , het laatstgenoemde
naamwoord is (Wallace, 326; vgl. Winer-Moulton, 195). Veel vertalingen maken er
Hij van (NBG, LV, LUV, W78 en W95). De NBV leest: Jezus.
e t e, is predicaat (Acts, 68).
.eu.i. a betekent geringschatten, verachten of met verachting afwijzen. Het
deelwoord ervan kan zijn bedoeld als bijvoeglijke bepaling of als bijstelling (als
gesubtantiveerd participium) bij e t e,. NA
27
heeft een voorkeur voor de laatste
optie, gezien de komma die in de tekst is geplaatst (Acts, 68).
u|` (+2) introduceert de handelende persoon na het deelwoord .eu.i.t ,.
e et seee e, betekent bouwmeester. De genitiefvorm geeft aan dat het om een
bijstelling bij u a i gaat (Acts, 68).
Veel vertalingen voegen nog maar in om de tegenstelling tussen beide zinsdelen
te benadrukken. De LUV heeft: Hij is de steen, door u, bouwlieden, verworpen,
die tot een hoeksteen geworden is.
e ,.ie .ie, kan zijn bedoeld als bijvoeglijke bepaling of als bijstelling (als
gesubtantiveerd participium) bij e t e,.
Het voorzetsel .t , in .t , s.|a i ,aita, drukt na het koppelwerkwoord ,t ieat een
vergelijking uit. In de constructie, die het predicaat vervangt, vertalen we .t , niet
(Wallace, 47).

Hand. 4:12
sat eu s . cti . i a a eu e.it cata, eu e. ,a e iea . cti . .ei u :e e i eu aie i e
e.ee. iei . i a ia :et, . i a e.t ca iat a ,.

50

En in (of: door) geen ander is redding, want er is onder de hemel geen andere naam
die onder de mensen is gegeven waarin (of: waardoor) wij moeten worden gered.

Opmerkingen:
De ontkenningen eu s [] eu e.it versterken elkaar (BDR 431,3; GG 248a).
eu e.it kan zowel mannelijk zijn (en verwijzen naar Jezus) als onzijdig (en
verwijzen naar e e iea). In het eerste geval drukt . i een handelende persoon uit
(door geen ander) en in het tweede geval een hoe (instrumenteel). In vertalingen
komen we in, door en bij tegen.
Merk op dat we het lidwoord bij een abstract zelfstandig naamwoord zelden
vertalen ( cata). Toch staat dat lidwoord er niet voor niets: het gaat om de
enige redding die er toe doet (en die zo bekend is dat er geen nadere uitleg van
hoef te volgen). Vgl. Wallace, 226-7.
e iea is predicaat bij . cti.
De uitdrukking u :e e i eu aie i betekent zoiets als onder de zon (Barrett, ICC,
232).
Het participium van het perfectum e e.ee. iei is attributief (als bijwoordelijke
bepaling) gebruikt (BDR 412.4; Acts, 69).
. i a ia :et, kan zowel worden opgevat als dativus locativus (Culy: among
humankind, vgl. onder de mensen) of als dativus obiectivus (BDR: aan de
mensen), maar in dat geval had het voorzetsel net zo goed achterwege kunnen
blijven (BDR 220,1; vgl. Codex Bezae). Culy wijst nog op een derde
mogelijkheid, n.l. de uitdrukking et eat . i, wat zoiets zou betekenen als
distribueren, toebedelen of uitdelen (vgl. LXX Gen. 49:21; 2 Kon. 19:7; 2 Kron.
11:11; Jes. 46:13; Ez. 23:46 en Sir. 47:10). Zie Acts, 69.
. i a is instrumenteel (Acts, 69).
e.t ca iat a , is een AcI (Acts, 69; vgl. Wallace, 452).


Petrus en Johannes vrijgelaten (4:13-22)

Hand. 4:13-14
O.aeu i., e. i eu E. eu :actai sat `Iaa iieu sat saaae .iet e t a ia:et
a ,a aet .t cti sat t eta at, . au a,ei . :.,t iacse i . au eu , e t cu i a `Iceu cai,
14
e i . a ia:ei . :ei., cu i au et , . ca a e i ..a:.u. iei eu e. i .t ,ei
a i.t:.t i.

En toen zij de vrijmoedigheid van Petrus en Johannes zagen en hadden begrepen
dat zij ongeletterde mensen waren en leken, verwonderden zij zich, en zij herkenden
hen dat zij met Jezus waren geweest en omdat ze de man die was genezen bij hen
zagen staan hadden ze er niets tegen in te brengen.

Opmerkingen:
Het participium van .a. a (zien, inspecteren, beoordelen) vertalen we met
een temporele bijzin. Vaak volgt er een AcI na, maar hier treffen we een e t-bijzin
aan (BDR 397,3).
saaaa ieat betekent erfassen, begreifen of verstehen (Bauer, saaaa ia-
2; BDR 316,2). Ook het participium van dit werkwoord is hier temporeel gebruikt
en leidt een nogal harde tussenzin in wie sie kaum ein sorgfltiger Stilist zulassen
wrde (BDR 465,3).
51

a ,a ae, betekent ongeletterd, pertaining to one who has not acquired a
formal education (Louw-Nida 27.23; eigen cursivering).
Let op de tegenwoordige tijd van .t cti (Acts, 70). Volgens Wallace behoudt het
Grieks in een declaratieve e t-bijzin de oorspronkelijke tijd van het gezegde. Er
zal dus tegen het Sanhedrin zijn gezegd: Het zijn ongeletterde en eenvoudige
mensen (Wallace, 458, 539).
t eta , wordt telkens gedefinieerd door zijn tegenstellingen. Dus tegenover
bestuurders is een t eta , een gewone burger, tegenover de legerleiding een
gewone soldaat, tegenover de vakman een ondeskundige en tegenover de
priester een leek. Als algemeen adjectief duidt het op onontwikkeld,
onbekwaam, of a person who has not acquired systemic information or expertise
in some field or knowledge or activity (Louw-Nida 27.26).
. au a,ei en . :.,t iacse i zijn imperfecti.
au eu , dient ter benadrukking (Barrett, ICC, 234).
Het imperfectum cai, gebruikt in een indirecte rede (na e t), kan een afgesloten
verleden tijd uitdrukken (wat uit de context kan worden afgeleid). In dit vers moet
daarom worden vertaald met waren geweest (GG 198f). Wallace heeft nog een
andere verklaring (zie ook hierboven). Volgens hem behoudt het Grieks in een
declaratieve e t-bijzin de oorspronkelijke tijd van het gezegde. Er zal dus tegen
het Sanhedrin zijn gezegd: Zij waren met Jezus. In een Nederlandstalige
indirecte zin wordt de tijd daarom: dat zij met Jezus waren geweest (Wallace,
458, 539, 553).
. :ei., kan zowel temporeel als causaal worden vertaald (Acts, 70).
. ca a is een participium (acc. masc. sing.) van het perfectum van t ct en heeft
een praesens-betekenis (staande). Het vormt een AcP bij . :ei., (BDR 416,2).
e i ..a:.u. iei is een bepaling bij e i a ia:ei. De man krijgt door de voorop-
plaatsing extra nadruk (Acts, 70; BDR 270,2).

Hand. 4:15-16
s..u cai., e. au eu , .a eu cui.et eu a :..t i cui. aei :e , a eu,
16
. ,ei.,
t :et ca.i et , a ia :et, eu et,, e t . i ,a ,iace i c.t ei ,. ,ei.i et` au a i
:a cti et , saetseu cti `I.euca |ai.e i sat eu euia .a a i.t cat

En nadat ze hadden bevolen dat zij uit het Sanhedrin moesten weggaan, spraken (of:
beraadslaagden) ze met elkaar en zeiden: Wat zullen we met die mensen doen?
Want dat een opmerkelijk teken door hen is verricht, is duidelijk zichtbaar geworden
aan alle inwoners van Jeruzalem en wij kunnen het niet ontkennen.

Opmerkingen:
s..u cai., is een deelwoord (temporeel) van s..u a (bevelen), een werkwoord
waarop een AcI volgt. Culy waarschuwt dan ook dat au eu , geen lijdend voorwerp
is bij s..u cai.,, hoezeer alle vertalingen ook hebben: Nadat zij hun gelast
hadden het Sanhedrin te verlaten (W78). Zie Acts, 71.
a :..t i drukt een indirecte rede uit (geen epexegetische infinitief). Vgl. Acts,71.
cua a (lett. samen gooien) betekent sich unterreden (Bauer, cua a-1), to
confer (Louw-Nida 33.159), to discuss (Moulton-Milligan 4065) of converse
(Gingrich). Merk op dat hier een imperfectum is gebruikt.
t :et ca.i is een dubitativus.
52

et , a ia :et, is een dativus respectus (Acts, 71).
e t opent een bijzin, die in zn geheel onderwerp is van een impliciet werkwoord
(. cti): want het is bekend dat [] (Acts, 71; Haenchen, KEK, 177 nt 8).
,iace i is een bepaling bij c.t ei en betekent extraordinary, unusual of well-
known, remarkable (Louw-Nida 58.55; 28.32). Het is door Lucas overgenomen uit
de LXX (Haenchen, KEK, 177 nt 9).
c.t ei is het subject van ,. ,ei.i (perf. 3e pers. sing van ,t ieat: [of miracles] to
be performed, wrought (Thayer, ,t ieat-4)).
et` au a i geeft de handelende persoon weer (Acts, 71).
De constructie met het participium et , saetseu cti `I.euca betekent letterlijk:
zij die Jeruzalem bewonen.

Hand. 4:17
a ` t ia . :t :.t ei etai. .t , e i ae i a :.tca .a au et , s. t a.t i . :t a
e ie at eu a e.it a ia :ai.

Maar opdat het niet nog meer wordt verspreid onder het volk, laten we hen verbieden
om met enig mens ooit nog te spreken over deze naam.

Opmerkingen:
a ` volgt uit . i (vers 16). Zie Haenchen, KEK, 178 nt 2.
etai. a betekent zich verspreiden. Het werkwoord staat hier in de conjunctief
vanwege de finale bijzin met t ia (Wallace, 472).
De adhortativus a :.tca .a betekent dreigen of verbieden (Wallace, 464).
Vertalingen die voor verbieden opteren, moeten alle negaties in de zin weglaten.
In het geval van een keuze voor dreigen, kan de zin luiden: laat ons hen
scherpelijk dreigen, dat zij niet meer tot enig mens in dezen Naam spreken (SV).
au et , is een dativus sociativus (BDR 198,9).
a.t i volgt op a :.tca .a (werkwoord van bevelen). Vgl. BDR 392,5a.
Culy meent dat Lucas met . :t a e ie at hetzelfde bedoeld als met . i a e ie at,
hoewel het voorzetsel volgens hem hier ook zoiets kan betekenen als over (Acts,
72). Haenchen denkt dat unter Nennung dieses Names is bedoeld. Immers,
specifiek de naam mag niet meer worden gebruikt (Haenchen, KEK, 178 nt 7).
Thayer houdt het op upon the name of Christ (Thayer, . :t -2) en Bauer leest
jmdn. nach d. Namen jmds. benennen (Bauer, . :t -II3). In vertalingen komen we
eveneens verschillende constructies tegen: in dezen Naam (SV; vgl. LUV,
Telos), op gezag van deze naam (NBG, Naardense Bijbel), met gebruikmaking
van deze naam (LV) en met een beroep op die naam (GNB, W78/ W95).
e.it a ia :ai is een dativus van het indirecte object (waarbij a ia :ai een
genitivus partitivus is). Zie Acts, 72. Merk op dat de ontkenning nog door een
voorgaand wordt versterkt (BDR 431,4).

Hand. 4:18
Kat sa. cai., au eu , :a ,,.tai e sae eu |. ,,.cat e. etea cs.ti . :t a
e ie at eu `Iceu .

En nadat ze hen bij zich hadden geroepen, bevalen ze om op geen enkele manier te
spreken of te onderrichten over de naam van Jezus.

53

Opmerkingen:
Het deelwoord sa. cai., kan zowel worden vertaald met een temporele bijzin als
met een bepaling van bijkomende omstandigheid (vgl. Zij lieten hen dan weer
binnenkomen en verboden hun (LV)).
e sae eu (eig. sa e eu) is een accusativus adverbialis en betekent in het
algemeen en met een negatie in het geheel niet (Friberg, Gingrich; vgl. BDR
12,3; 160,3; 399,5).
|.,,e at betekent de mond openen, spreken of verkondigen (LV: met een
woord reppen van. Hier is een infinitief gebruikt (zie ook etea cs.ti) vanwege de
indirecte rede na :a ,,.tai (Acts, 72).
Voor . :t a e ie at, zie het vorige vers.

Hand. 4:19
e e. E. e, sat `Iaa ii, a :est. i., .t :ei :e , au eu , .t et sate i . cti . ia :tei eu
.eu u a i a seu.ti a ei eu .eu , st ia.

Maar Petrus en Johannes namen het woord en zeiden tegen hen: Oordeel (zelf) of
het recht(vaardig) is voor God om jullie meer te gehoorzamen dan God (of: Is het
rechtvaardig voor God om jullie meer te gehoorzamen dan God? Oordeel zelf!).

Opmerkingen:
a :est. i., als een bepaling van bijkomende omstandigheid bij een vorm van
. ,a is een hebrasme (Acts, 72; BDR 420,3).
.t kan een directe vraag introduceren. In dat geval vertalen we het partikel niet.
Vgl. Kunnen wij het tegenover God verantwoorden om wel naar u te luisteren en
niet naar hem? Oordeelt u zelf! (NBV). Maar het woordje kan ook wijzen op een
indirecte vraagzin na a seu.ti, waardoor de zin een epexegetisch karakter krijgt:
Oordeelt zelf, of het voor God te rechtvaardigen zou zijn als wij meer naar u
luisterden dan naar God (W78). Vgl. GG 273a. Vgl. Plato Apologie 29 D.
et sate i is predicaat van . cti (Acts, 73).
u a i en eu .eu zijn beide lijdend voorwerp bij a seu.ti (hier: luisteren naar of
gehoorzamen). Door het gebruik van de genitief na a seu a kon in dit vers de
genitivus comparativus niet worden gebruikt en staat er de analytische Ausdruck
, nog versterkt door a ei (BDR 185.2; 246.2; GG 242a).

Hand. 4:20
eu euia .a ,a .t , a .t ea.i sat seu ca.i a.t i.

Want wij kunnen onmogelijk zwijgen (lett. kunnen onmogelijk niet spreken) over wat
wij hebben gezien en gehoord.

Opmerkingen:
eu euia .a [] a.t i is een litotes (met twee verschillende ontkenningen),
die een versterking van het tegenovergestelde uitdrukt: wir mssen unbedingt
reden (BDR 431,1), we moeten immers wel spreken (NBV) of het is ons
onmogelijk te zwijgen (LV; vgl. GG 248a).
a is het lijdend voorwerp van .t ea.i sat seu ca.i, niet van a.t i (Acts, 73).
Merk op dat bij .t ea.i sprake is van een aoristus type I, terwijl deze is afgeleid
van een aoristus II (.t eei). Zie BDR 81,3.
54

De infinitief a.t i volgt op eu iaat (Acts, 73).

Hand. 4:21
et e. :eca:.tca .iet a :. ucai au eu ,, e. i .u t csei., e :a , sea caiat au eu ,,
eta e i ae i, e t :a i., . eea,ei e i .e i . :t a ,.,eie t

Maar nadat ze nog meer hadden gedreigd, lieten ze hen los, omdat zij niet inzagen
hoe ze hen zouden straffen, vanwege het volk, want allen verheerlijkten God
(voortdurend) vanwege dat wat was gebeurd.

Opmerkingen:
Het deelwoord van :eca:.t. a (nog bovendien dreigen) kan zowel temporeel
worden vertaald als met een bepaling van begeleidende omstandigheid: Maar zij
dreigden nog meer, doch lieten hen vrij (NBG). Culy suggereert echter dat
:eca:.tca .iet ook nog kan worden gelezen als een gesubstantiveerd
deelwoord: en de bedreigers lieten hen los (Acts, 73). Wallace ziet het lidwoord
gewoon als een persoonlijk voornaamwoord (Wallace, 212).
Het onbepaalde voornaamwoord e. i hoort bij e :a , sea caiat au eu , en niet
als accusativus respectus bij .u t csei., (Acts, 74; vgl. Barrett, ICC, 238).
.u t csa betekent naast vinden ook ontdekken (Bauer, .u t csa-2). Thayer heeft:
to find by inquiry, thought, examination, scrutiny, observation, hearing; to find out
by practice and experience, i.e. to see, learn, discover, understand (Thayer,
.u t csa-2). Sommige vertalingen maken er hier weten van (W78/ NBV).
Het participium .u t csei., moet worden vertaald met een causale bijzin (Acts,
74; BDR 418,1).
e :a , sea caiat au eu , is een afhankelijke vraagzin (let op het accent op :a ,),
die met een lidwoord tot een substantief is gemaakt dat dient als lijdend voorwerp
bij .u t csei., (Acts, 74; BDR 267,3; 368,4; GG 273b).
sea ,a betekent in bedwang houden, bestraffen. De coniunctivus van het
werkwoord duidt hier op een mogelijkheid (generalis).
e t in e t :a i., . eea,ei e i .e i . :t a ,.,eie t drukt een causale bijzin uit
(Wallace, 461).
Het imperfectum . eea,ei heeft een duratief aspect (Wallace, 544, 553).
. :t +3 drukt een reden uit (wegens, vanwege (BDR 235,3).
a ,.,eie t is een gesubstantiveerd participium van het perfectum (,t ieat).

Hand. 4:22
. a i ,a i :.te iai .cc.a seia e a ia:e, .|` e i ,.,e i.t e c.t ei eu e ,
ta c.a,.

Want (gedurende) meer dan 40 jaar was de mens [verlamd] geweest aan wie dit
teken van genezing was gebeurd.

Opmerkingen:
Veruit de meeste vertalingen lezen in het vers een leeftijdaanduiding: Want de
mens was meer dan veertig jaren oud, aan welken dit teken der genezing
geschied was (SV). Merk op dat bij comparatieven het partikel wegblijft (GG
252,26). Vgl. Barrett, ICC, 239. Culy vertaalt echter: For the man [] had been
that way over the course of more than forty years. Hij ziet, kortom, . a i :.te iai
55

.cc.a seia niet als een genitivus comparativus (BDR 185.4) of genitivus
qualitatis (BDR 165,5), maar als een genitivus temporis (vgl. BDR 186). Alleen
zo kan volgens Culy worden verklaard, waarom de zin met ,a begint (wat heeft
de leeftijd van die man met het wonder te maken) en waarom is . a i
vooropgesteld (Acts, 74). Alleen de NBV gaat in deze redenatie mee: De man die
zo wonderbaarlijk was genezen, was namelijk meer dan veertig jaar verlamd
geweest.
,a introduceert het motief voor de wijdverbreide reactie op het wonder (Acts, 74).
.|` e i betekent aan wie en is hier gebruikt i.p.v. .t , e i of :.t e i (vgl. BDR
233.2).
,.,e i.t is het plusquamperfectum van ,t ieat en drukt een toestand uit die in het
verleden ligt en is afgerond (Wallace, 586). Het augment blijft achterwege (BDR
66,2; 347,2).
, ta c.a, is een genitivus epexegeticus (Acts, 74).


Petrus en Johannes terug bij de apostelen (4:23-31)

Hand. 4:23
`A:eu. i., e. ei :e , eu , t et eu, sat a : ,,.tai e ca :e , au eu , et a ,t..t , sat
et :.cu .et .t :ai.

Nadat ze waren vrijgelaten, gingen ze naar de hunnen en vertelden wat de
opperpriesters (of: het Sanhedrin) en de oudsten hadden gezegd.

Opmerkingen:
Het deelwoord a :eu. i., vertalen we met een temporele bijzin (Acts, 75).
et t etet betekent letterlijk de hunnen en staat in klassieke literatuur voor het
huispersoneel of voor vrienden. Haenchen meent dat den Mitgliedern der als
versammelt vorgestellten Gemeinde zijn bedoeld (Haenchen, KEK, 184). Barrett
neemt het begrip ruimer en ziet er the Christian community as a whole in en
Bauer stelt voor: Glaubensgenossen (Bauer, t ete,-3). W78 vertaalt :e , eu ,
t et eu, met naar hun eigen mensen (zie ook de Naardense Bijbel), GNB maakt
ervan: naar hun vrienden, W95 heeft: in eigen kring en de NBV leest: naar de
leerlingen.
et a ,t..t , duidt op het Sanhedrin (Bauer, a ,t..u ,-1; vgl. Barrett, ICC, 455).

Hand. 4:24-25
et e. a seu cai., e euaee i ai |ai i :e , e i .e i sat .t :ai e. c:ea, cu e :et ca,
e i eu aie i sat i , i sat i a accai sat :a ia a . i au et ,,
25
e eu :ae , a i
eta :i.u ae, a ,t eu ce ae, ^aut e :atee , ceu .t :a i t iat .|uaai . i sat aet
. .. cai s.ia ,

En zij die het hadden gehoord verhieven hun stem eensgezind tot God en zeiden:
Heer, U bent de maker (of: schepper) van de hemel en de aarde en de zee en al wat
daarin leeft (of: is), die bij monde van onze vader David, uw knecht, door de Heilige
Geest heeft gezegd: Waarom stampvoetten de heidenen (of: gedragen de heidenen
zich trots) en houden de volken zich bezig met vruchteloze plannen?

56

Opmerkingen:
et a seu cai., kan twee dingen betekenen: zij die het hadden gehoord
(gesubstantiveerd participium) of zij, toen ze het hadden gehoord, [] (het
lidwoord wordt een persoonlijk voornaamwoord, terwijl het participium wordt
vertaald met een temporele bijzin). Culy kiest voor de eerste variant, de meeste
vertalingen voor de tweede (Acts, 75-76).
Om de vocatief e. c:ea niet te verwarren met sut . kiezen W95 en de Naardense
Bijbel voor de vertaling meester. De rest houdt het op Heer.
cu e :et ca, kan in zijn geheel worden gezien als vocatief (waarbinnen het
participium een bijstelling vormt bij het persoonlijk naamwoord: U, de Schepper
van []), of als een naamwoordelijk gezegde (met weglating van het
koppelwerkwoord .t t ). Zie Acts, 76.
De woordvolgorde binnen e eu :ae , a i eta :i.u ae, a ,t eu ce ae, ^aut e
:atee , ceu .t :a i (een zin met 9 genitieven!) verschilt in nogal wat handschriften.
Metzger heeft dan ook ruim twee paginas nodig om variante lezingen te
bespreken (TCGNT, 279-281).
Het lidwoord e vooraan vers 25 hoort bij .t :a i. De hele bijzin is een bijstelling bij
de voorgaande bijzin (e :et ca, e i eu aie i sat i , i sat i a accai sat
:a ia a . i au et ,) en vormt dus een nadere bepaling bij cu (Acts, 76).
eu :ae , is een genitivus auctoris of een possessivus bij ce ae, (Acts, 77).
a i is een verwantschapsgenitief
eta :i.u ae, a ,t eu drukt een handelende persoon uit (Acts, 77).
ce ae, is een genitive of means. Het kan ook een bijstelling zijn bij eu :ae ,:
(You) who, by the Holy Spirit, through our ancestor that is, through the mouth of
David your servant said (Acts, 77).
^aut e is een verwantschapsgenitief (Acts, 77).
:atee , is een bijstelling bij ^aut e (Acts, 77).
ceu is een verwantschapsgenitief (Acts, 77).
t iat is een vorm van crasis (t ia en t ) en betekent waarom (BDR 299,3).
|ua cceat betekent briesen, stampvoeten, ongeduldig zijn, to show insolent
anger, to rave, to be incensed (Louw-Nida 88.185), to be tumultuous (Thayer)
of to rage (Liddell-Scott). SV, NBG en LV maken er daarom woeden van, LUV
leest: razen, W78: tieren, GNB: in opstand komen en de Naardense Bijbel: in
beroering raken. Bauer meent echter dat er bermtig sein staat of sich stolz
gebrden, sich brsten (vgl. Barrett, ICC, 246: it suggests a haughty, insolent,
abusive attitude). W95 en NBV vertalen daarom met snoeven. Friberg houdt
beide opties open: literally, of the actions of a high-spirited horse snort and neigh,
stomp; figuratively be arrogant, be insolent, rave angrily.
. i (derde declinatie, samentrekking van . i.ca) kan worden gevolgd door een
enkelvoud, maar hier niet (BDR 133,3). Het woord heeft in de betekenis van
heidenen zelden een lidwoord (BDR 254,9).
..a a staat voor zich toeleggen op, zich voorbereiden op, plannen maken
voor, zich bezig houden met, to think seriously about a particular course of
action, to plan to act, to plot (Louw-Nida 30.60).
s.ie , is leeg, ijdel, vruchteloos. Het gesubstantiveerde meervoud duidt op
worthless things (Friberg), things that will not succeed (Thayer).


57

Hand. 4:26
:a. ccai et act.t , , , , sat et a ,ei., cui ,cai . :t e au e saa eu sut eu
sat saa eu ,tceu au eu .

De koningen der aarde sluiten zich aaneen (lett. stellen zich naast elkaar op) en de
heersers komen bijeen tegen de Heer en tegen Zijn Gezalfde.

Opmerkingen:
:at ct betekent zich naast elkaar opstellen of to be at hand, stand ready
(Thayer, :at ct-2). Maar Louw-Nida waarschuwen: To indicate merely that the
kings of the earth were present may not be sufficient to communicate satisfactorily
the hostile intent implied by the context (Louw-Nida 17.3). Bauer heeft daarom
feindseligem Auftreten (Bauer, :at ct-2). GNB heeft zich aaneensluiten,
LUV en de Naardense Bijbel hebben opstaan (met connotatie van in opstand
komen).
Wallace leest in , , , een genitive of subordination, een categorie die niet
grammaticaal maar alleen lexicologisch kan worden afgeleid (Wallace, 103).
cuia ,a betekent, passief gebruikt: zich verzamelen, samenkomen (Thayer: to
be gathered, i.e. come together, gather, meet), wat met het voorzetsel saa
duidelijk tegen iemand is bedoeld (vgl. Bauer, cuia ,a-2). Enkele vertalingen
maken er daarom van: samenspannen tegen (LV, W78, W95, GNB, NBV).
. :t e au e is redundant met cui in cuia, a (Acts, 77).

Hand. 4:27-28
cui ,cai ,a . :` a .ta, . i :e .t au . :t e i a ,tei :at ea ceu `Iceu i e i
. ,tca,, 'Ha e, . sat Ee ite, Eta e, cu i . i.cti sat aet , `Ica ,
28
:et cat e ca
,.t ceu sat eu [ceu] :ea tc.i ,.i. cat.

Want in deze stad zijn zowel Herodes als Pontius Pilates met heidenen en de volken
van Israel zich daadwerkelijk bijeengekomen tegen Uw heilige knecht, Jezus, die u
hebt gezalfd, om te doen, al wat uw hand en uw wil vooraf hebben bepaald dat er
zou gebeuren.

Opmerkingen:
Het voegwoord ,a maakt de verzen 27 en 28 tot een tussenzin (Acts, 77).
. :` a .ta, betekent gem der Wahrheit (BDR 234,7), of a truth, in reality, in
fact, certainly (Thayer). Louw-Nida schrijven: literally: in truth, upon truth, and
according to truth, pertaining to being a real or actual event or state actually,
really (Louw-Nida 70.4). Veel vertalingen hebben inderdaad (vgl. Naardense
Bijbel: Want het is wr, []) of Ja [waarlijk] (GNB, LUV).
Merk op dat in vers 26 nog het voorzetsel saa volgt op cuia ,a (citaat uit Ps. 2:2)
terwijl hier . :t wordt gebruikt. Culy weet niet zeker of het om een synoniem gaat,
of dat er een andersoort handeling mee wordt uitgedrukt (Acts, 78). Volgens
Louw-Nida kan . :t dienen als a marker of opposition in a judicial or quasijudicial
context (Louw-Nida 90.34), wat cuia ,a meer zou toespitsen op de situatie zoals
beschreven in Hand. 4:1-22. Vgl. GG 184j.
:at ea wordt in vertalingen soms met kind (SV en Naardense Bijbel), dan weer
met knecht (NBG, LUV, Telos en W95) of dienaar (LV, W78, GNB en NBV)
weergegeven.
58

`Iceu i is een bijstelling bij :at ea (Acts, 78).
De aoristus (2e pers. sing) . ,tca, drukt volgens Haenchen uit: den du zum
Messias gemacht hast (Haenchen, KEK, 185 nt 2).
De correlatieven . sat (zowel als) verbinden begrippen (BDR 444,3).
De datieven . i.cti en aet , worden geregeerd door cu i (Acts, 78). Ook hier
treffen we . i.cti, in de betekenis van heidenen, zonder lidwoord aan (BDR
254,9).
`Ica in aet , `Ica is een genitief zonder lidwoord (BDR 262,2; vgl. Wallace,
247 nt 80).
:et cat is een finale infinitief van de aoristus (Acts, 78).
,.t ceu en eu ceu zijn metonymia (synedoche) voor U (God). Vgl. Acts,
78.
:eet ,a betekent vooraf bepalen. In dit vers is een aoristus singularis gebruikt
voor een samengesteld onderwerp (hier bestaande uit twee substantieven die
beide uitdrukkingen zijn van hetzelfde, nl. God). Vgl. Acts, 78.
,.i. cat is complementair bij :ea tc.i (Acts, 78).

Hand. 4:29-30
sat a iu i, su t., . :te. . :t a , a :.ta , au a i sat ee , et , eeu et, ceu .a :acta,
:a c, a.t i e i e ,ei ceu,
30
. i a i ,.t a [ceu] . s.t i.ti c. .t , tacti sat c.t a
sat . aa ,t i.cat eta eu e ie ae, eu a ,t eu :atee , ceu `Iceu .

En nu (lett: aangaande de huidige stand van zaken) Heer, zie op hun dreigingen en
geef (het) uw dienaren om uw woord te spreken met alle vrijmoedigheid, door uw
hand uit te strekken tot genezing en om tekenen en wonderen te verrichten door de
naam van Uw heilige knecht, Jezus.

Opmerkingen:
sat a iu i (en wat betreft het nu) is een accusativus respectus (BDR 160,3). Er
wordt mee aangegeven dat de spreker bij zijn punt aankomt (Acts, 78). Het
meervoud a iu i (gesubstantiveerd bijwoord) duidt op dat was den
gegenwrtigen Stand der Dinge anbetrifft (Bauer, iu i-3c).
su t. is een vocatief (Acts, 78).
. :te. is de imperatief van . :.t eei (en niet van . :te. a => . :te.t ), wat de aoristus is
van .|ea a (aanzien, mitansehen). . :.t eei staat apart opgenomen in Bauer en
betekent sein Augenmerk richten auf, sehen auf of sich kmmern um. Friberg
merkt op dat het werkwoord letterlijk betekent strictly fix one's gaze on, look at
en dat de afgeleide betekenis luidt: regard, concern oneself with. Louw-Nida
beschouwen het woord als een synoniem van . :t. :a (to take notice of). Thayer
vult aan: to look upon (for the purpose of punishing, cf. Latin animadvertere).
Nederlandse vertalingen maken ervan: zien op (SV, Telos), letten op (NBG,
W95), aanzien (LUV), neerzien op (LV, Naardense Bijbel), aandacht schenken
aan (W78), zien (GNB) en achtslaan op (NBV).
ee , et , eeu et, [] a.t i vormt een causatieve constructie, met de infinitief als
direct object: geef [] te spreken (Acts, 78).
.a :acta, :a c, is een dativus modi, die de manier weergeeft waarop de
apostelen wensten te spreken (BDR 198,5; GG 180a; Acts, 78).
59

:a , drukt bij een substantief zonder lidwoord uit dat ieder willekeurig [X] is
bedoeld. .a :acta, :a c, betekent dan ook zoiets als mit vollem Freimut
(BDR 2785,2).
. i a + infinitief betekent hier door en vormt een bijwoordelijke bepaling bij ee ,
(door [] te geven). Zie BDR 404,6; 406,4; Wallace, 598.
i ,.t a [ceu] . s.t i.ti is een uitdrukking voor zn macht laten zien (Acts, 79).
NBV maakt ervan: door ons bij te staan.
c. is het subject en vormt met . s.t i.ti een AcI (Acts, 79).
Sommige vertalingen nemen .t , tacti sat c.ta sat . aa ,t i.cat als n
samengevoegde nominale constituent (zelfstandignaamwoordgroep): laat []
genezingen en tekenen en wonderen geschieden (W95; vgl. LV, W78, GNB).
Maar Culy maakt daar bezwaar tegen. Op het voorzetsel .t , volgt immers geen e
(om van ,t i.cat een gesubstantiveerde infinitief te maken) waardoor het rijtje
zelfstandige naamwoorden geen bepaling kan vormen bij ,t i.cat. In plaats
daarvan geeft .t , tacti het doel aan van de eerst vermelde infinitief (. s.t i.ti) en
de andere twee substantieven het doel van de tweede infinitief (,t i.cat): strek
uwe hand uit tot genezing, en dat er tekenen en wonderen geschieden (LUV).
Vgl. Acts, 79.
`Iceu is een bijstelling bij eu a ,t eu :atee , (Acts, 79).

Hand. 4:31
sat e.. iai au a i . ca.u e e :e, . i a cai cui,. iet, sat . : ccai a :ai., eu
a ,t eu :i.u ae, sat . a eui e i e ,ei eu .eu .a :acta,.

En nadat zij hadden gebeden, schudde de plaats waar zij samengekomen waren en
allen werden vervuld van de Heilige Geest en zij spraken (voortdurend) het woord
van God met vrijmoedigheid.

Opmerkingen:
e.. iai au a i is een genitivus absolutus, die we vertalen met een temporele
bijzin. Sommige vertalingen laten de plaats van samenkomst nog tijdens het
gebed schudden (NBG, Naardense Bijbel), andere na afloop (o.a. SV, LV, W95
en NBV). Een voortijdige vertaling heeft de voorkeur gezien het gebruik van de
aoristus (GG 231d). Haenchen heeft nog een reden om voor nadat te kiezen.
Hij wijst erop dat in antieke teksten het schudden van een plaats als verhoor van
een gebed werd beschouwd (Haenchen, KEK, 186 nt 2; vgl. Gloag, ICC, 161).
Wellicht is daarom ook omdat ze hadden gebeden mogelijk (vgl. Een nieuwe
basis, hfd. 17).
Het passief . ca.u betekent wankelen, heen en weer schudden (NB ca.u a =
shake, cause to move to and fro, cause to waver or totter, disturb (Gingrich)).
Bauer vertaalt het werkwoord voor dit vers met d. Platz bebte (Bauer, ca.u a-1).
cui,. iet is een participium van het perfectum, die door cai tot een
periphrastische plusquamperfectum is gemaakt (Acts, 79).
eu a ,t eu :i.u ae, is een genitivus partitivus bij het passief . : ccai (GG
167c; Wallace, 94).
.a :acta, is een dativus modi, die de manier weergeeft waarop de apostelen
wensten te spreken (BDR 198,5; GG 180a; Acts, 80).


60

Alle dingen gezamenlijk (4:32-36)

Hand. 4:32
Teu e. : eu, a i :tc.uca iai i saeta sat u, ta, sat eu e. .t, t a i
u :a,e iai au a . .,.i t etei .t iat a ` i au et , a :aia setia .

Van de menigte nu van hen die tot geloof waren gekomen, was hart en ziel n en
niemand zei dat iets van de bezittingen hem eigen was, maar alles was hen
gemeenschappelijk.

Opmerkingen:
De genitief eu e. : eu, a i :tc.uca iai kan op twee manieren worden
vertaald. Allereerst kan de constructie worden beschouwd als een bepaling bij
saeta sat u, . De vertaling luidt dan: Hart en ziel van de menigte die tot geloof
waren gekomen, was n. Maar er kan ook sprake zijn van een genitivus
attributivus: Met betrekking tot de menigte die tot geloof waren gekomen, was het
hart en ziel n. Culy voelt het meest voor de tweede variant, omdat het
werkwoord i de bepaling in tween snijdt, waardoor van n constituent geen
sprake lijkt (Acts, 80).
e. leidt hier een nieuw verhaal in (Acts, 80).
Het meervoud : eu, betekent menigte of schare. Gingrich leest voor dit vers:
community, church.
a i :tc.uca iai is een genitive of identification (Acts, 80) of een genitivus
explicativus (waaruit bestaande?).
saeta sat u, moeten samen worden genomen als een doublet, wat ook de
singularis i verklaart (Acts, 81).
t is volgens Culy een accusativus respectus, en dus niet het accusatieve subject
bij .t iat (Acts, 81). Vrijwel geen van de vertalingen ziet het zo. Alleen de LUV
heeft: ook zeide niemand van zijne goederen, dat zij de zijne waren. Vgl. Wycliff:
nether ony man seide ony thingis of tho thingis that he weldide to be his owne.
au a en au et , zijn bezitsdatieven (Acts, 81).
t etei .t iat is een AcI (indirecte rede) na . .,.i (Acts, 81; GG 206c).
t etei is een antoniem voor setia (BDR 286,2).

Hand. 4:33
sat euia .t .,a a :.et eeui e au tei et a :e ceet , a iaca c.a, eu sut eu
`Iceu , ,a t, . .,a i . :t :a ia, au eu ,.

En met grote kracht gaven de apostelen het getuigenis van de opstanding van de
Heer Jezus en grote genade was op hen allen.

Opmerkingen:
euia .t .,a is een dativus modi (Acts, 81).
a :eet eat betekent letterlijk het verschuldigde (af)geven, maar in combinatie met
e au tei is het synoniem aan au. a (Acts, 81; vgl. BDR 94,3).
, a iaca c.a, is een genitivus obiectivus.
De zin wijkt volgens Blass, Debrunner en Rekopf af van de gebruikelijke Griekse
woordvolgorde. Zij stellen dat er eigenlijk had moeten staan: euia .t .,a
a :.et eeui e au tei et a :e ceet eu sut eu `Iceu , a iaca c.a, (BDR 473,4).
61

Hand. 4:34-35
eu e. ,a . ie. , t, i . i au et , e cet ,a s e., ,at ai et sta i u : ,ei, :aeu i.,
.|.ei a , ta , a i :t:acse. iai
35
sat . t eui :aa eu , :e ea, a i a :ece ai,
et.et e.e e. . sa ca sae t a i t, ,.tai .t ,.i.

Want niemand onder hen was arm, want al wie bezitters waren (lett. zoveel als er
zich bezitters bevonden) van landgoederen of huizen, verkochten die en brachten
(steeds) de prijs van wat was verkocht en legden die aan de voeten van de apostelen
en het werd aan een ieder uitgedeeld, naarmate iemand behoefte had.

Opmerkingen:
Het voegwoord ,a verklaart de ,a t, . .,a uit vers 33 (Acts, 82).
Het predicaat . ie. , betekent arm, in behoefte omstandigheden.
s a (van sa eat) betekent eigenaar of bezitter (komt alleen hier in het NT
voor). Vgl. Acts, 82.
u :a ,a betekent naast beginnen en bezitten ook bestaan en zijn (lett. zoveel
als zij bezitters waren van []). Bauer houdt het voor dit vers op sich befinden
(vgl. Gingrich: exist, be present, be at one's disposal).
Het participium :aeu i., moet worden vertaald met een bepaling van
bijkomende omstandigheid (en dus niet: nadat ze die hadden verkocht []).
Eigenlijk staat er . :a eui sat .|.ei. Vgl. BDR 339.2; Acts, 82.
Het imperfectum .|.ei heeft een duratief aspect (drukt een gewoonte uit). Zie
BDR 325,2; GG 194c.
a i :t:acse. iai is een genitivus pretii (part. M. neut. gen. plur. van :t:a csa
(verkopen)). Voor :t:a csa zie ook BDR 101,71.
Het imperfectum . t eui heeft een iteratief aspect (BDR 94,5; 325).
et.et e.e is een imperfectum van etaet eat (verdelen), met een iteratief aspect
(BDR 94,2; 325,2; GG 117).
. sa ca is een dativus obiectivus.
sae t betekent naarmate, in hoeverre (BDR 456,9).
Het onbepaalde voornaamwoord t, is hier zelfstandig gebruikt (dus niet als
adjectief). Zie Wallace, 347.
Merk op dat er na a i geen conjunctief volgt maar .t ,.i, een imperfectum met een
iteratief aspect (BDR 367,3). Er staat geen .t in de zin, dus er is geen sprake
van een irrealis van het heden.

Hand. 4:36-37
`Iac| e. e . :ts.t , Paiaa , a :e a i a :ece ai, e . cti ..i.ue .iei ut e ,
:aas c.a,, A.ut ,, Ku :te, a ,. i.t,
37
u :a ,eie, au a a ,eu :a ca, i.,s.i e
, a sat . s.i :e , eu , :e ea, a i a :ece ai.

Jozef, die door de apostelen Barnabas werd genoemd, wat vertaald betekent zoon
van troost (of: vermaning), een Leviet, Cyprioot van geboorte (of: afkomst), verkocht
een akker die hem toebehoorde en bracht het geld en legde het voor de voeten van
de apostelen.

Opmerkingen:
`Iac| en Paiaa , zijn beide nominatieven, verbonden door het attributief
gebruikte participium . :ts.t ,. Het lidwoord hoort bij de naam Paiaa , (Acts,
83; BDR 412,4).
62

a :e drukt de handelende persoon uit bij het passief . :ts.t , (u :e komt vaker
voor). In handschriften duiken beide voorzetsels op. Vgl. BDR 210,2; GG 191a.
Het onzijdige relativum e drukt vaak een interpretatie of vertaling uit (dat is) Vgl.
Acts, 83.
. cti ..i.ue .iei is een coniugatio periphrastica, gevolgd door opnieuw een
nominatief: ut e , (Acts, 84; Wallace, 648).
:aas c.a, is een genitivus attributus. Het kan zowel duiden op troost als op
vermaning. Alleen de Leidse Vertaling kiest voor deze laatste optie.
De nominatieven A.ut , en Ku :te, zijn een bijstelling bij `Iac| (Acts, 84).
a ,. i.t is een dativus respectus (BDR 197,2; GG 178a; Acts, 84), die volgens
Haenchen het beste met afkomst kan worden weergegeven (Haenchen, KEK,
189 nt 4).
u :a ,eie, is een genitivus absolutus met a ,eu als subject. Vrijwel geen enkele
vertaling neemt dit over (vgl. die eigenaar was van een akker, verkocht die en
bracht het geld (NBG)). Uitzondering is de Naardense Bijbel: Zo verkoopt Jozef,
door de apostelen bijgenaamd 'Barnabas',- vertaald is dat 'zoon van vertroosting',
een Leviet, Cypriotisch van geboorte, een akker die hem toebehoort. Hij brengt
het geld mee en legt het aan de voeten van de apostelen.
De datief au a drukt het bezit uit bij een werkwoord van zijn (hier u :a ,a). Vgl.
BDR 189,1.
Het deelwoord :a ca, moet worden vertaald met een bepaling van begeleidende
omstandigheid (Acts, 84).
Merk op dat t t hier :e , als voorzetsel heeft en in vers 35 :aa . Volgens Culy
is er geen verschil tussen de vormen (beide voorzetsels komen voor in de
manuscripten). Vgl. Acts, 84.