Over ondernemers Hoofdstuk 1

Ondernemer: Persoon die in een tak van handel of bedrijf zelfstandig, voor eigen rekeningen risico werkt, op grond van het bezit van productiemiddelen en met vreemde arbeidskrachten: De ondernemer is in het kapitalistische stelsel organisator en leider van het productieproces. Of Een ondernemer is iemand, die mogelijkheden ziet om zich door vernieuwing een plaats in een markt te veroveren of te behouden. McClelland: Onderzoek ondernemers vs niet ondernemers Ondernemer: psychological needs, need for achievements (bewijzen), locus of control (controle van situaties), risk taking propensity (risico nemers). Doorzettingsvermogen. Dr A Kröller: Een ondernemer heeft strijd nodig, dat geeft fantasie, ondernemingsgeest en lust om risico te dragen. Shapero: Niet mens maar omgeving maken ondernemers. -Incident (breuk in levensloop) bijvoorbeeld door ontslag  pushstarter -Voorbeeld in de nabije omgeving -Goed idee voor product of dienst & financiën eventueel arbeidskrachten en goede locatie -Neiging tot zelfstandigheid Startende ondernemers maken relatief weinig uren door combinatie met andere baan. Na 2 jaar werkt meer dan de helft meer dan 40 uur. Stafmanco: ontbrekend van staf afdeling  kenmerkend verschil tussen grote en kleine ondernemingen. 2 Risico’s van het ondernemen in een klein bedrijf: -eenzijdige oriëntatie en geïsoleerde positie. Eenzijdigheid: verkoper (koopman) of techneut (vakman) -koopman, let sterk op de markt en wil inspelen op behoefte van de klant. Sterke externe oriëntatie minder gericht op interne bedrijfsprocessen. Kan hierdoor teveel orders aannemen waardoor ze minder rendabel worden (overwerk, te weinig capaciteit etc. ) -vakman, interne oriëntatie minder extern gericht. Door hoog vakmanschap kan het kwalitatief goede producten maken die soms te duur zijn voor zijn afnemers (klant wens is goedkoper). Ondernemers zijn zelden goed in beide vaardigheden. Linkerhersenhelft: goed in rekenen, streven naar zekerheid en rationaliteit Rechterhersenhelft: creatief, denken op lange termijn en deduceren (verklaren) Span of control: aantal mensen waaraan iemand kan leidinggeven, boven 20 mensen gaat leider taken delegeren (tegen zin in). Er komen staffuncties waardoor eenzijdige oriëntatie verwaterd. De succesvolle ondernemingen veranderen sneller hun organisatiestructuur. Er gaan zich procedures en taakomschrijvingen ingevoerd worden waardoor de onderneming onpersoonlijk wordt. Kleine onderneming = persoonlijk, grote onderneming = onpersoonlijk. Vaak komt er als eerst een administrateur in dienst bij een onderneming of personeelsfunctionaris. Dit zijn vaak bekende, omdat het vertrouwensfuncties zijn. Isolement: Ondernemers zijn vaak eigenwijs en luisteren niet naar goede adviezen. Raadgevers ervaren ondernemers als kritiek. -ondernemers delegeren te weinig verklaard uit psychologische kenmerken, zij kunnen het zelf beter. -goede medewerkers verlaten onderneming snel door te weinig doorgroei mogelijheden -weinig vertrouwen in medewerkers, bang dat medewerker ietfs voor zichzelf gaat beginnen. Capaciteit wordt niet maximaal benut van medewerker. Empowerment: Snel reageren op marktvragen door meer verantwoordelijkheid te leggen bij lager niveau, meer beslissingsbevoegdheid, ruimte voor zelfsturend handelen. -Hoe houdt je controle over wat niet langer beheersbaar is? -Hoe zorg je ervoor dat medewerkers zelf verantwoordelijkheid nemen? -Welke eigen stelt dit aan de structuur en inrichting vd onderneming en eisen aan ondernemers?

McGregor: participatieve managementstijl , ondernemer neemt beslissingen medewerkers adviseren. De X en Y groep mensen. Y groep levert voor MKB beste resultaten op. X-groep: 1. Hekel aan werken en proberen dit te voorkomen 2.Moeten gedwongen worden te werken en vragen om autoritair leiderschap 3.Missen vaardigheid te denken 4. Willen gedirigeerd worden, willen geen verantwoordelijkheid, zijn niet ambitieus en willen veel zekerheid. Y-groep: 1. Arbeidsethos is natuurlijk 2. Ze willen zelf controle en hebben eigen visie en missie om doelstellingen te behalen, zonder dwang. 3.genoegen door bereikte 4.Willen verantwoordelijkheid 5.presteren als zij zichzelf kunnen ontplooien 6. Willen creativiteit gebruiken op korte termijn oplossingen en vertellen ze verder onder geïnteresseerde. 16 competenties ondernemers Doorzettingsvermogen, geloofwaardigheid, overtuigingskracht, sociale vaardigheden, marktoriëntatie, probleemanalyse, netwerken, durf, rendementsbesef, lerende oriëntatie, beïnvloeden, onafhankelijkheid, plannen en organiseren, initiatief, wendbaarheid. Velu: klein schalige onderneming staat of valt met de visie en vitaliteit van 1 man of vrouw en dus sterk bepaald wordt door diens ervaringen en persoonlijke ontwikkeling. Berryman: 1 of 2 personen nemen de management beslissingen zonder interne specialisten en met specifieke kennis in 1 of 2 functionele gebieden. Criteria voor ondernemingsgrootte: balanstotaal,omzet,aantal medewerkers. 99,1% = mkb, 55% beroepsbevolking werkt in MKB (2miljoen mensen), 45% BBP is MKB 666.000 mkb bedrijven in 2006, 48% van productie is MKB, gem. 10 medewerkers per onderneming – EU is 6 medewerkers per onderneming gemiddeld. Amerikaan David Birch: kleine bedrijven zorgen voor groei werkgelegenheid bij grote bedrijven neemt die structureel af. MKB grootste werkgever en schepper van banen en vaak prettige werksfeer ook goed klant contact nadelen: lagere beloningen personeel,geen CAO, secundaire arbeidsvoorwaarden lager zoals verlof. Veel kleine bedrijven gaan concurreren met elkaar er ontstaan lagere prijzen, efficiënte opbouw economie. 75% van innovatie komt van MKB toepassing gerichte innovaties minder vaak basis innovaties. Groot bedrijf is niet beter dan klein bedrijf of omgekeerd. Per situatie is dit verschillend en vullen elkaar prima aan. Grote en kleine bedrijven zijn met elkaar verbonden. Groot besteld goederen bij middelbedrijf en middelbedrijf weer bij kleinbedrijf. Een kerstboom van ondernemingen. Bedrijven zijn vaak afhankelijk van elkaar er moet dus gedacht worden aan risico spreiding, ook voor de afnemers!. Grote bedrijven concentreren zich op de kernactiviteit en doen vaak ‘outsourcing’. Bij outsourcing ontstaat ook vaak afhankelijkheid. Doordat afnemer afhankelijk is van het specialistische werk van toeleverancier. AH hanteerde dat niet meer dan 20% van omzet geleverd mocht worden door 1 leverancier waardoor het minder afhankelijk is en indien AH lange tijd niks afneemt de leverancier geen continuïteit problemen krijgt. Onderlinge leveranties moeten op tijd plaatsvinden en van juiste kwaliteit zijn kwaliteit & kwalitijd. MKB is backbone van economie, Er zijn meer soorten producten dan vroeger, meer merken, maten, kleuren, etc. Er ontstaan niche-markets. De levenscyclus van producten wordt ook steeds korter. Schaalvoordelen: productie neemt toe, meer automatisering, betere bezetting productiecapaciteit, optimale inzet ontwikkelingsafdeling dus goedkopere producten. Schaalvoordelen worden uiteindelijk schaalnadelen door bijvoorbeeld complexe organisatie en mindere communicatie. Schaalvoordelen zijn enkel te behalen in stabiele markten. Procesindustrie kent schaalvoordelen door kapitaalintensieve productie. Timmerfabriek kent schaalvoordeel : klantcontact. Onderzoeker hebben de indicator concentratiegraad ontwikkeld om aan te geven welke branche grootschalig is en welke klein. Groot: zetmeelindustrie, vliegtuigbouw, cementindustrie, spoorwerk, stalenbuis industrie, auto Klein: smederijen, meubelindustrie, brood en banket, bouw, timmer en parketindustrie. Vanwege turbulente ontwikkelingen binnen markten is het relatieve schaalvoordeel verkleind. Kleinere bedrijven kunnen concurreren met grote door computergestuurd produceren (CAM)of ontwerpen (CAD). Concurrentiepositie is verbeterd. Grote bedrijven moeten flexibel zijn. AH weet bijvoorbeeld als eerste wat de vraag van de klant is, beter dan de kleine detaillist.

vaak is plan geschreven voor de bank. Ondernemer kan niet alles zelf en moet taken delegeren. Adhocracy: Sterk veranderende omgeving te handhaven. 4 punten van ondernemingsplan: -huidige positie –doelstelling –strategie –ontwikkelingen Totaal plan bestaat uit: doelstellingen. Ondernemingsplan geeft meer inzicht in de toekomst: zekerheden en risico’s (niet kansen en potenties). Meer kans op een financiering bij de bank doordat ondernemer zich bewust is van de toekomst (en dus meer zelfvertrouwen heeft). nauwelijks lange termijn planning. niet cruciaal formele managementstr. personeelsplan. liquiditeit en rendabiliteit.Financiele middelen 2.strategische oriëntatie van de directeur. Onbekwaamheden is niet erg dan kan er een cursus gevolgd worden of adviseur raadplegen. Men kan geen vakman en koopman tegelijk zijn. vlakke organisatiestructuur. 2e noodzakelijke verandering is dat ondernemer minder operationeel bezig is en meer strategisch (ondernemingsplanning). standaardisatie (uniforme taken. differentiatiefase. Factoren: 1. Verschillende fases voor de ondernemer. Adviseur krijgt per uur betaalt en loop weinig risico. Churchil en Lewis: Goede medewerkers en een strategisch plan bepaald succes onderneming. tussen idee en resultaat zit veel tijd.marktpositie 5. administratieve procedures en personeelsbeoordelingssystemen. Hoogte van de advieskosten is niet belangrijkste. Soms beter om directeur aan te nemen.Management in kleine ondernemingen Hoofdstuk 2 Lievegoed: Pioniersfase. Bestaansopbouw 2. Ondernemers met een ondernemingsplan zijn vaker succesvol. Oorspronkelijk gescheiden taken worden weer geïntegreerd (autonome groepen) maar dan op lager niveau. Wederzijdse aanpassing: mens en machine kunnen snel SAMEN veranderen. Coördinatie (afstemmen van taken). 1. Advies: Vaak denken ondernemers dat adviseurs hun taal niet spreken.bekwaamheden personeel 3. Denk aan fiscaal advies dat hoogste prijs heeft.delegeren 8. . 2. Financieel plan: solvabiliteit. Er is een schaarbeweging nodig indien de onderneming groeit. niet cruciaal kwaliteit ondern. Optimale verhoudingen In fase 3 is de rol van ondernemer niet cruciaal voor het succes. Innovatieve bedrijven hebben vaker een ondernemingsplan (66% tegen 46% niet innovatief). Persoon ondernemer 2. financiële onderbouwing Sterke zwakke punten van onderneming en de ondernemer. Differentiatiefase: specialisatie (splitsen van taken). Deze fase komt vooral voor bij bedrijven met een stabiele omgeving. Integratiefase: Er komen veel veranderingen in het bedrijf en er is betere afstemming nodig in het bedrijf. Vaak gaat ondernemer uit van mening van ander ondernemers van bepaalde adviseur. er komen functieomschrijvingen. Overleven 3. makkelijk over te nemen). Risico ligt vooral bij de ondernemer of het advies wel slaagt. Op papier omdat: Plannen is een leerproces. Persoon van de ondernemer: ondernemer is vaker bouwer dan manager en zijn minder geschikt op lange termijn.deelplannen. Bekwaamheid. Bezig met lange termijn en zal met gedachte wisselen met bijvoorbeeld leverancier of afnemers. Succes(stabilisatie) 4. locatie en gebouw etc. Jong bedrijf:van belang persoonlijke kwaliteiten ondernemer. Ook Velu beschrijft deze wisseling van persoonlijk naar onpersoonlijk. Ondernemingsplan omdat: minder adhoc beleid en doorbreken van isolement. integratiefase Pioniersfase: autocratisch leiderschap. Volgroeide onderneming: van belang onpersoonlijke onderneming. Ondernemers zijn vaak bezig met korte termijn ipv lange termijn. Mintzberg Simple structur: gecentraliseerd. bijna gelijk aan entrepreneurial firm. -voorbereiding –start –groei –volwassenheid –onafhankelijkheid –expansie –statusgevoeligheid -afgeleid door de toekomst –voorbereiding overdracht –verkoop Niet elke ondernemer voelt zich even goed thuis in de verschillende fases. Dit zijn meestal grote bedrijven. Expansie 5.doelstelling 6. eenvoudige onderneming met weinig verandering. Motivatie. 2. Bekwaamheid en onbekwaamheden: ondernemer is overtuigd van zijn kunnen en minder bewust van zijn slechte punten. De vijf fases: 1. Gaat vooral om kwaliteit advies die zich op termijn weer terug betaald wellicht.bekwaamheden en vaardigheden ondernemer 7. savonds als de adviseur niet meer bereikbaar is voor advies. Gebrek aan strategische planning . improviserend bedrijfsbeleid. Deelplannen zijn bijvoorbeeld productieplan. Van belang is 1.planning en besturingssystemen 4. Ondernemer heeft andere tijden.

inkoop of verkoop. zakenreis.gemotiveerde landenkeuze 4. Innoveren voor kleinen onderneming doordat ze dicht bij de markt staan. kansrijken. In Nederland is vergeleken met andere landen (afgezien van de 6 grote multinationals) weinig innovatie. Veel startende ondernemingen met verbeterde overlevingskansen door goede voorbereidingen. syntens. volgers Grootste gedeelte is volger. Eerste schil. buitenlandse afnemer nam contact op. Door informeel contact.Accountant: Vaak te weinig kennis van achtergrond onderneming. Groei wordt moeilijker door vooral: concurrentie en interne organisatie. bedrijfskenmerken. . Door 1. Belangrijke informatie kan bij collega ondernemers vandaan komen er wordt alleen nog te weinig gebruik van gemaakt. Groei door groeiende markt internet groei . Advies op basis van afgesproken prijs en niet per afspraak nota sturen. Maar een aantal procent van starters is na 7 jaar een middelgroot bedrijf. 5. Exportplan: 1. Export is een complexe keuze en een vlucht vanwege slecht handel is dan ook geen goede keuze. Knelpunten: -voldoende managementtijd –vinden van agenten –personeel met export kennis -betalingsrisico’s –kennis van markt –ervaring –wetten –adviseurs –geen export plan. stap voor stap. door werkloosheid of ontevreden over baan. Birch: Werkgelegenheid wordt veroorzaakt door groeiende ondernemingen. banken Persoonskenmeren. Pullstarter = ondernemer die start door wens of uitdaging. Groei gaat vaak samen met het samenwerken van ondernemingen in bijvoorbeeld. verantwoordelh.omgeving motiveert niet voor innovatie. branche organisaties Derde schil: Kvk. Hoe kleiner bedrijf hoe minder men exporteert. Kennis van fiscale zaken is belangrijk voor accountant. Innovaties: Kleine bedrijven zijn incrementeel aan het innoveren. Export vaak op basis van toeval en niet van tevoren geplant. De helft van de startende ondernemingen bestaat na 5 jaar niet meer. Vaak ook door doorverkoop vanwege succes. groei door stabiele markt  autoindustrie. omdat het met het inkomen te maken heeft. Wel is accountant belangrijkst adviseur voor ondernemer. Moeilijkste is de financiering bij het starten van een onderneming. Van belang is dat accountant continu op hoogte is van situatie onderneming om continuïteit te waarborgen.marktingplan inclusief levering en betalingscondities. onvoldoende branche kennis. omgevingsfactoren bepalen succes. Export: Vooral naar hoogontwikkelde landen ipv lagekostenstrategie landen. Grote projecten kunnen niet en per fase moet bekeken worden of het project financieel haalbaar is. snel kunnen aanpassen.exportdoelen formuleren 3. Ontbreken van strategische flexibiliteit 2. Innovatie dan van belang. planning. beurs.implementatie. 3 soorten ondernemers: koplopers. ondernemers organisaties Knelpunten advies: -onjuiste adviseur geraadpleegd (voorbereiding) –verschil kennisniveau –mensen werken niet mee aan advies –geen actieplan –prijs kwaliteit advies –advies bureau schakelt verkeerde adviseur in –ondernemer wil maar 1 adviseur (dus op kennis van alle aspecten) Gedwongen starters is gelijk aan vrijwillig starters.omgevingsfactoren 2. Accountant moet half jaarlijks liefst per kwartaal een analyse uitvoerengroei cq stagnatie. Tweede schil: familie en collega ondernemers. Geen planmatige innovaties voor bedrijven.

concurrentie tussen producten in zelfde productgroep.generieke concurrentie. concurrentie tussen zelfde producten. Daems en Douma: concurrentie afhankelijk van.Verzamel informatie van lokale en regionale markt over: -opleidingsniveau van huidige leiding -strategie waarmee succes is behaald -belangrijke gebeurtenissen in verleden -financiele gegevens -huidige strategie van ondernemingen -sterke zwakke punten van de concurrenten -kans op concurrentie vanuit Bunt gezien. 4 concurrentievormen.bevrediging van behoefte -invloed van massamedia -regulerende functie van de overheid -betekenis van internet -maatschappelijke overtuigingen -marktvorm van onderneming -mate van elasticiteit van vraag en van aanbod Hoe onderneming met macro en meso omgaat is afhankelijk van 4 indicatoren -de cultuur van de onderneming -structuur en de besturing -de waarden van de onderneming -de samenhang van de activiteiten Noodzaak van een concurrentieanalyse 1. om de euro -generiek concurrentie.Bunt Concurrentiekracht ook beschrijven vanuit afnemersperspectief. bepaal de concurrentie intensiteit en winstgevendheid volgens Daems en Douma.veel aangeboden producten bevinden zich in de verzadigingsfase 3. Porter heeft 3 basis strategieën onderscheiden: kostenleiderschap.import uit newly industrializing countries 5.Strategie vorming 3 tm 5 Instrument tbv strategievormingsproces Hoofdstuk 3 Macro-omgeving: DESTEP Meso-omgeving: houding van toeleveranciers en de tussenhandel -houding van afnemers vanuit 4 concurrentieniveaus.overcapaciteit in bedrijfstakken 2.behoefte concurrentie. productvorm concurrentie.Relatieve beperktheid van concurrentievoordelen. -Behoefteconcurrentie. Er zijn 2 soorten marktsignalen: intimiderende functie (geeft verkeerd beeld). 3. 2. Stel vast wie de concurrenten zijn.integratie EU 4. -merkenconcurrentie. merkenconcurrentie -concurrentie krachten van Porter .weinig concurrentie -Toetredingsdrempel -samenwerkingsbereidheid -strategische onzekerheid -mate van differentiatie Porter -procentuele aandeel vaste kosten -onderhandelingsmacht van afnemers -onderhandelingsmacht van de leverancier -substituut producten -nieuwe toetreders j.belangstelling voor Porter en Ansoff. Concurrentieanalyse 1. zelfde behoefte voorzien of zelfde probleem oplossen -product(type) concurrentie. differentiatie.gebaseerd op SWOT. -Mate van concentraties  beperkt aantal ondernemingen groot marktaandeel . 6. doel moet bekend zijn bij allen . focusstrategie Voorwaarden van doelstellingen: SMART.werkelijke functie.

blauw  blauw etc Oorzaken: imitaties. Stuck in the middle onderneming past niet in 1 van de 3 strategieën. Wie bediend de onderneming? Iedereen. KSF: uitstekende reputatie. vernieuwend. Wat wil de ondernemer? Voorzien in welke behoefte/probleem 2. overheden beschermen niet meer. Groot risico op imitatie producten waardoor de markt te vol raakt.diensten Bestaande Nieuwe . segment benaderen met huidige distributiekanalen. Er ontstaat meer macht naar toeleveranciers. geeft strategie vaag aan Ansoff model product. toegang tot grondstoffenmarkt. beschikking over exclusieve technologische kennis om kwaliteit producten/diensten te leveren. pmc heeft eigen marketingbeleid. dynamische markten. minimale kosten. meerder segementen (differentiatie) 3. hoge toetredingsdrempel voor nieuwkomers. exclusief ervaren. Focusstrategie of nichemarketing Producten of diensten voortbrengen die beter aansluiten bij de behoeften van de afnemers of de problemen van de afnemers oplossen of het geselecteerde segment tegen de laagste kosten bedienen. korte levencyclus. Differentiatiestrategie Product zo in de markt zetten dat hij uniek is dit leidt tot duurzame concurrentievoordelen. strakke kostenbeheersing. PMC voor accountant: klopt strategie met segment. doelmatig hoge investering machines etc. relatief lage verkoopprijzen.synergie.en nadelen zijn er? – Sprake van synergie? Gedachte van Abel 1. Kenmerken: eenvoudig product. moeilijk te bepalen marktaandeel en groei. Te duur voor goedkope uitstraling Te weinig onderscheidend ten opzichte van concurrenten Algemene bedrijfsformulier om niche markten te bereiken Hyperconcurrentiestrategie Er is voor de onderneming geen mogelijkheid om een concurrentievoordeel te behalen door snel opvolgende actie van de concurrent: prijs verlagen  concurrent prijs verlagen. Er ontstaat kleinere segmenten met kleinere marges. Lage integrale kostprijs gebaseerd op grote hoeveelheden.Kostenleiderschapstrategie Voor MKB meestal geen bruikbare strategie. -behoefte voorziening –geselecteerde segmenten –wijze van voorziening Product markt combinatie (PMC) wordt ook wel SBU (strategische business unit) genoemd. drang van ondernemers om te concurreren. EU vrij verkeer.slagvaardig en effectieve organisatiestructuur. eerste willen zijn. PMC bestaat uit. niet teveel pmc’s. groepeer naar homogene pmc. mag niet aan kleinschalige afnemers worden geleverd. 3 factoren vormen overlevingskans voor ondernemingen -veranderende afnemersvoorkeur -hoe concurrenten overlevingssituatie managen -competentie van eigen onderneming Definiëren van bedrijfsactiviteitenvolgende vragen… -wat zijn de afnemersvoordelen? –welke schaal voor. Functionele basisvoorwaarden zijn: eenvoudige producten en diensten met minimale service bij levering. toetredingsdrempel.1 segment (focus). denk aan concurrentiestrategie. Concurrentievoordeel wordt duurzaam: goed verzorgde producten. aansluiten bij wensen van segmenten. Op welke wijze wordt de behoefte voorzien / probleem opgelost? Dimensie 3 zorgt voor KSF van onderneming. houdt rekening met capaciteit onderneming. PMC analyse aan de hand van BCG (Boston Consultancy Group) PMC kasgenerend? Winst of desinvesteren? Stabiliteit inkomsten? Groei? Marktgroei marktaandeel Question mark hoog laag Star hoog hoog Cash Cow laag hoog Dog laag laag Nadeel BCG. huidige situatie niet toekomst. klantloyaliteit. Ondernemingen lijken op elkaar.

klantenperspectief.formuleren van KSF KBF waarin niet uniekheid van onderneming naar voren komt.doelstellingen en strategie worden in meetpunten vertaald. Deze 4 perspectieven hebben sterke onderlinge samenhang. Concentrische diversificatie Commercieel en technisch verwant aan huidige assortiment. Conglomerate diversificatie Geen enkel verwantschap met bestaande assortiment of kennis van ondernemer. Verticale diversificatie / integratie Overnemen van schakels in bedrijfskolom  slager die zelf gaat fokken Balanced scorecard (BSC) Robert S.beter toekomst inzicht . 2.innovatie perspectief laat ondernemer denk over verbeteringen 4. dan valt het onder productontwikkeling. intern bedrijfsproces perspectief. Kaplan en David P Norton Financieel perspectief.niet goed structureren van verantwoordelijkheden en taken 3.vaststellen van verkeerde prestatie indicator 5.verzamelen en verwerken van verkeerde prestatie informatie voor 1. kan ook geleverd worden aan zijn vaste afnemers . 4.onvoldoende tijd voor de medewerkers.te groot aantal indicatoren 8. 6.geen afstemming met strategie en doelstellingen 7. groei innovatie perspectief.niet toetsen van meetpunten nadat doelstelling strategie of structuur veranderd is. 5 principes -vertaal strategie in operationele termen -richt alle afdelingen op de strategie -maak strategie tot dagelijks werk van iedereen -maak strategie een doorlopend proces -mobiliseer tot verandering Valkuilen en voordelen BSC 1. 3.structuur in verzamelen prestatie informatie 2.Bestaande markten Marktpenetratie Productontwikkeling Nieuwe markten marktontwikkeling Marktdiversificatie Horizontal diversificatie / parallellisatie Zelfde voortstuwingsproces maar product uit andere bedrijfskolom.

Via de BSC worden de resultaten gemeten. Strategieoptiekeuze 7. Conclusie: formele beslissers hebben meer medewerkers. kernactiviteiten. consolidatie. Evaluatie en feedback Interne analyse: inzicht krijgen in het vermogen van de onderneming bestaande technieken. bestaan van bedrijf – de strategie – de waarden – standaarden regels Strategie vormingsproces stappen: 1. Betere spreiding van ondernemingsactiviteiten. Minder risico door spreiding.meer bekendheid. beschrijven hoe onderneming waarde creëert voor afnemer. juist inzet productiemiddelen & sanering. Maken operationeel plan. shared values. tactisch. implementeren en terugkoppelen. Visie: de visie beschrijft meestal het werkterrein van het bedrijf in termen van de producten en diensten range. diensten. strategisch bewuste ondernemers. . Strategie. staf. bevoegdheden en verantwoordelijkheden+organogram. operationele plannen. CONSOLIDATIE: Doorgroeistrategie concurrentiekracht op korte en lange termijn behouden. hoger opgeleide directie. personeelsbeleid etc). Implementatie Strategieoptiekeuze. SWOT – confrontatiematrix sterkte zwakte kans bedreiging. systeem. Visie/missie/doelstellingen. formele strategische beslissers. Efficiency strategie rationalisering. KSF zijn hierbij van belang. 4. Screenen stap 5 6. 1. Cambel missie: het doel. inkrimping GROEI: Explosiestrategie concurrentiekracht op zeer korte termijn vergroten. Voordelen voor ondernemer om bezig te zijn met strategie.bedrijf zo positioneren dat het bestand is tegen concurrentie. stijl. PMCs groeperen.durven investeren in projecten die pas na jaren winst en cashflow tonen. Dit beleid moet vertaald worden in strategisch. implementatie strategieoptiekeuze 8. 3 basis strategieën: groei.tijdig reageren op veranderende omgevingsfactoren 2.overzichtelijke van bedrijfsactiviteiten waardoor markt beter wordt bewerkt met PMC’s 3. 3 type prof. plannen en implementatie. Situatie analyse oftewel diagnose 3. consistente invulling. missie en doelstellingen vormen beleid op lange termijn. 7s model van McKinsey: Samenhang tussen verschillende bedrijfsonderdelen. INKRIMPEN: SlipstrategiePMC bevind zich in eindfase van levenscyclus. skills. PMC blijft behouden zolang marginale opbrengsten de marginale kosten overtreffen. Er is overcapaciteit in bedrijfstak. Beschrijven huidige ondernemingsactiviteiten 2. Externe analyse: ondernemer moet met strategie keuze rekening houden met kansen en bedreigingen maar ook met sterktes en zwaktes.Intern externe analyse en SWOT. Definiëren probleem vanuit kwalitatieve confronatiematrix 4.stimulans medewerkers. Zwart Nauwelijks strategische beslissers. Strategie is vooruit zien. visie. producten. Nut van interne analyse: inventariseren huidige toekomstige vaardigheden. Welke strategie optie instrumenten zijn er 5. de te bedienen afnemers en ambities in de zin van de gewenste concurrentiekracht en de na te streven winst. bedrijfsactiviteit om probleem bij afnemer op te lossen op te voorzien in de behoefte.Strategie vormingsproces Hoofdstuk 4 Strategie zorgt voor juiste afstemming tussen bedrijfsactiviteiten (sterkte zwakte) en de externe omgeving. goede of slechte functioneren. strategie opties formulieren en kiezen. structuur. Expansiestrategie concurrentiekracht op lange termijn vergroten. Frontline-functies: verschil in ogen van afnemer ten opzichte van concurrenten Ondersteunende functies: zijn nodig maar niet herkenbaar voor afnemer (magazijnbeheer bv) Voorwaardenscheppende functies: afnemer heeft er niks aan (admin. Selectieve strategie  afstoten van bepaald pmc’s of groei van pmc’s Speerpunt vernieuwingsstrategie nieuwe PMC toevoegen aan assortiment. Core marketing Systeem van leeflang: ondernemer moet attent zijn op macro en meso omgeving.

aantal afnemers. innovaties in overeenstemming met voorkeuren afnemers. Tevreden afnemers is loyale afnemer en zorgt voor goede aanbevelingen. goed interne communicatie en marketingbeleid is een dienstverlenende taak. meetbaar. te verwachten klanten. Beoordelen vestingingsplaats.elimineren gelijke kenmerken van alle segmenten 5. Tevreden afnemers motiveren ondernemer en personeel Tevreden afnemers zorgt voor klantenbinding en dus minder concurrentie Tevreden afnemers stimuleren innovatief werk Brede netwerk zorgt voor binnenhalen nieuwe afnemers Dit netwerk leidt uiteindelijk tot: uitwisselen van ervaring en informatie. afbakening markt 2. die worden aan CRM doorgegeven en die legt ze vast. agrarische goederen. De marketingafdeling krijgt signalen van afnemers . koopgewoonte klant. beschikbare financiën. organisatie kiest voor uniek product/dienst om segment te bewerken. Het opsplitsen v/d markt in segmenten op basis van dezelfde voordelen. . fysieke distributie. promotie. oplossen onverwachte problemen.verzamelen aanvullende gegevens 7. Er ontstaat een naar buiten gerichte ondernemingscultuur. gezinsgrootte.voorlopige segmentatie 4. product. Marktsegmentatie Voorwaarden: voldoende groot. sluit aan bij wensen klant. nieuwe toetreders. aantal. omliggende bedrijven. etc 3. eigenschappen of toepassingsmogelijkheden die de consument in een product ziet. afstand.inzicht krijgen in behoefte 3. marktsegmentatie. bereikbaarheid 1. strategische allianties. geen segmentatie Gedifferentieerde marktbenadering. diensten. juist tijdsplanning voor externe communicatieboodschappen. prijs. Voordelen segmentatie: meer kennis marktomgeving. Benefitssegmentatie: Het opsplitsen v/d markt in segmenten op basis van dezelfde voordelen. gunstige referenties. intermediaire goederen. 2. vervoermiddelen. Productdifferentiatie. 1.vaststellen definitieve segmenten 6. investeringsgoederen. CRM levert ook veel informatie op voor innovaties. Custumer relationship management (CRM) Centrale databaseafdeling in de organisatie die afnemersinformatie vastlegt. omzetten. meer bewust van KSF KBF. eigenschappen of toepassingsmogelijkheden die de consument in een product ziet.kwantificeren van segmenten met cijfers.personeel Plaats Is minst flexibele van de P’s Op basis van. wettelijke eisen. uitbreidingsmogelijkheden. Geachte van Abel 3 marktbenaderingsmogelijkheden Ongedifferentieerde marktbenadering vaak in MKB met kleine lokale markt. positionering. besteding etc.gem. vergroten van status. koopkracht. Plaats. bewerkbaar zijn. etc. aantal. Productdifferentiatie Kan leiden tot duurzaam concurrentievoordeel. segmentatie. tussen segment heterogeniteit.Marketingbeleid Hoofdstuk 5 Marktgericht ondernemen betekent voor de ondernemer: De bottum up benadering. homogeniteit. Strategische alliantie Samenwerking tussen 2 of meer partijen om bepaalde doelen te bereiken. bewerken van 1 segment (focusstrategie) MKB bestaat uit: consumptiegoederen. Bv toeleverancier. CRM brengt wensen in beeld zodat organisatie effectief en efficiënt de afnemer kan benaderen. presentatie. Consumentenanalyse. tijdig ontdekken van trends. technisch bereikbaar. bereikbaarheid. extra afzet Voor niet consument verzorgende ondernemingen is een strategische alliantie noodzaak vanwege concurrentie in de EU. Concurrentieanalyse. Bedrijfsdoelstellingen worden vertaald naar operationele doelen. marketingmix per segment Geconcentreerde marktbenadering.

imagodrager. gebruik. aankoop. prijsniveau tov branche. Verpakking Verpakking Merk Afnemers Koopgedrag Vestigingsplts. hergebruik New-task-buy = initiële vraag UPO Modified rebuy = vervangingsvraag BPO Straight rebuy = routine vraag RAG Presentatie Sluit het aan bij de positionering van het bedrijf.Fysieke distribute Internet? . machtsverhoudingen in bedrijfskolom? Product Nutsdrager. Consistentie = samenhang van producten Trading up en trading down = hoogte en diepte assortiment veranderd Upgrading downgrading = verhogen of verlagen van kwaliteitniveau door inzet van p’s Promotie Interpersoonlijke verkoop – tussen mensen . Personeel Prijs Kostengeoriënteerde prijsstellingmethode Prijsbodem aan de hand van de kosten Concurrentiegeoriënteerde prijsstellingmethode Prijs vaststellen adhv prijzen concurrentie. bijv. benfits voor afnemers Optimaal assortiment indien -aansluit bij strategie -beste financiële resultaten -aan belevingswereld van afnemer voldoet Breedte = artikelsoorten Diepte = diverse soorten . wat is die bereidt te betalen (prijselasticiteit) Geïntegreerde prijsstellingmethode Combinatie van 3 bovenstaande vormen Verschillen consument vs industrieel Vraagcurve Prijs Betaling Prijstranspar. 5 soorten ketchup Lengte = totale aanbod Hoogte = gem. Voorraad Kwaliteit Beslissing Media Productkennis Consument elastisch psychisch contant Weinig klein commercieel belangrijk veel emotioneel Marktgebied eindproduct stijl design kort massa weinig Industrieel inelastisch economisch financiering groot groot functioneel en commercieel minder belangrijk weinig rationeel industrie grondstof halffabrikaat inpasbaar kort en lang gespecialiseerd veel . klopt het met de belevingswereld van de afnemer. regelgeving?. persoonlijke verkoop Massacommunicatie Fases van comsumtie  oriëntatie. komt vaak voor op lokale markten Vraaggeoriënteerde prijsstellingmethode Prijs adhv vraag van de afnemers. welke kanaal?.

Deze aspecten moet de ondernemer opnemen in het ondernemingsplan. Ook als PMC worden herzien. Externe worden beschreven als KSF en intern als KBF. Stress verminderen:-eisen terugschroeven –hulpmiddelen –eisen omzetten in hulpmiddelen. uitvoerend -HRM beleid is meer dan personeelsbeleid productiviteitsbeleid. Ondernemingen kunnen zich sprongsgewijs aanpassen  adaptieparadigma Management of ondernemer hebben lot van onderneming in handen. In tijden van crisis is een goed personeelsbeleid van groot belang voor continuïteit van onderneming. Bartels 4 aandachtsvelden van HRM in MKB -verhelderen organisatiestructuur door functie. Levenscylus van een onderneming wordt bepaald door de kennis en ervaring van de ondernemer. Kerngedachten van HRM -mensen van fundamenteel belang voor organisatie -HRM strategie gelijk met algemene strategie -HRM is verantwoordelijkheid management.000 Personeel is de grootste kostenpost in meeste bedrijven. -ontwikkelen van kennis –verspreiden van kennis –benutten van kennis. Zeker aan mensen die beter zijn op bepaalde gebieden dan de ondernemer zelf.en verkoop wordt niet vaak uitbesteed door ondernemer . HRM – human resource management. Beschrijven is geen eenmalige kwestie maar net zo vaak als nodig is om duurzame concurrentievoordelen te behalen. Verandering vinden binnen en buiten de organisatie plaats. focus op kerntaken overige taken uitbesteden waardoor coördinatie kennis noodzakelijk is.ondersteunend. Mogelijk medewerkers die 1 of 2 dagen naar school gaan in dienst nemen. -een gemiddeld betere opleiding dan werknemers. Wie niet deelt krijgt niet terug. -een relatief groot zelfvertrouwen. ontwikkelen Ondernemers in MKB moeten meer aandacht besteden aan HRM.Ondernemer. beoordelen. onderneming en beleid Hoofdstuk 6 Opleiding en bekwaamheden komen onder meer tot uitdrukking in: -sterke vaktechnische oriëntatie. Of langdurig werklozen in dienst nemen  subsidie. -leiden van verandering in de organisatie -manier waarop operationele verandering verbonden is met strategische verandering -personeel -algemene samenhang Instroom van personeel in MKB is 25%  428. administratie juist wel vaak wordt dit gedaan door de partner. belonen. kennismanagement staat nog in de kinderschoenen (Peter Drucker) Waarom?> complexiteit producten neemt toe. 40 uur vakmatig 15 uur aan ondernemers taken grotendeels administratie. Kleine ondernemers werken gemiddeld 55 uur per week. Delegeren is belangrijk voor de ondernemer. plezier Kennismanagement is besturen en beheersen van kennis gericht op organisatiestrategie door middel van plannen. Sminia veranderingen organisaties moeten voldoen aan: -manier omgaan met omgeving. In. Goedkoop en meestal gesubsidieerd. bedrijfseconomische aanpak en strategische component.en taakbeschrijvingen -zorgvuldige interne communicatie -ruimte en aandacht voor persoonlijke ontwikkeling werknemers -adequate beloning voor arbeidsprestaties Hoofdactiviteiten HRM-beleid Bemensen (planning werving selectie introductie). technische veroudering treedt sneller op leerprocessen moet sneller. . reservoir relevante kennis groeit strerk. uitvoeren en evalueren. Indien ondernemer veel ervaring bezit kan hij een verklaring krijgen om bepaalde diploma’s te vervangen die hij nodig heeft om bijvoorbeeld een vestigingsvergunning te krijgen. dit is van groot nut voor de lezers. Personeel is belangrijkste factor maar moeilijkst in concurrentiestrijd.overige staf is adviserend.

Iedere vennoot is bevoegd om zich jegens derden te verbinden. Openbare maatschap of stille maatschap. Hoeft niet te worden ingeschreven in handelsregister. er is sprake van ondernemers risico. Kan zijn dat civiele rechter geen arbeidsovereenkomst is gesloten maar administratieve rechter wel een dienstbetrekking ziet. bezwaring. In het ondernemingsplan is vermeld of ondernemer getrouwd is of niet. stille niet Inbreng van : juridisch eigendom (maten mede eigenaar). Getrouwd? Ook vermogen van partner. Voortzettingsbeding: andere maat kan voortzetten (bijv na overlijden) Verblijvingsbeding: bij overlijden of uittreding verplicht vergoeding betaald worden aan verlater. genot van een goed (1 eigenaar maten betalen waarde vermindering). -voordelen van inkomersfaciliteiten in de inkomstenbelasting -stakingsfaciliteiten en voordelen geruisloze of ruisende inbreng -vader heeft nog invloed op bedrijfsuitoefening -zoon kan zich bewijzen als ondernemer -vader kan aanmerkelijk belangheffing jaren uitstellen . BTW nummer aanvragen. architecten. Als een bv verkocht wordt aan bijvoorbeeld zoon. hoofdelijke schuldenaar. Zelfde naam gebruik andere niet. ingebruikgeving of beëindiging gemeenschappelijke woning.derde sterk maakt. Faillissement lijdt tot faillissement vennoten. Art 88 zegt dat partner toestemming moet geven voor bepaalde rechtshandelingen. Maatschap: Artsen. ZZP: Iemand is ondernemer voor fiscus als hij voor eigen rekening een onderneming drijft en hij wordt verbonden met verbintenissen van de onderneming. dan kunnen de aandelen verkocht worden ook kan er een VOF gekozen worden. Vennootschap onder firma VOF Is een maatschap waarin een bedrijf wordt uitgeoefend onder gemeenschappelijke naam. Schuld kan niet op andere maten verhaalt worden dit kan wel afgesproken worden. -Zakelijk en privé zijn man en vrouw verweven. Dit is een bewijsmiddel geen bestaansvoorwaarde. Voordelen. zekerheden stelt voor schulden van derden. ZZP mag geen sprake zijn van gezagsverhouding. Indien maat zich niet aan afspraak houdt!!! Indien een partner van maat meewerkt kan er een ondermaatschap opgericht worden. Als geen toestemming is kan het niet met succes de nietigheid inroepen. Geen salaris maar honorarium of factuur. Inschrijving in handelsregister is verplicht. Gehele vermogen van ondernemer is hoofdelijk aansprakelijk. geen vaste inkomsten. Bijvoorbeeld 1 maat neemt alle verliezen. Of overeenkomsten waarbij de echtgenoot zich als borg verbindt. ZZP kan zich inschrijven in handelsregister. Iedere vennoot is hoofdelijk aansprakelijk. De bank zal dan alvast de juiste contract opstellen die ook door partner ondertekend moet worden. Meetekenen lijkt dus niet meer noodzakelijk. en gescheiden boekhouding. In maatschapcontract zinvol om onherroepelijk volmacht tot levering op te nemen met grote boete bedragen bij niet nakoming van leveringsverplichting. concurrentie. Overnemingsbeding: recht om goederen van verlater over te nemen te bepaalde prijs. mag alleen geen maat uitgesloten worden van winst. andere maten hebben hier niks mee te maken. Als geen toestemming van partner is of bank kan dit niet aantonen dan kan de partner de nietigheid inroepen. advocaten en accountants. Dus extra premies moet heffen. economisch eigendom (idem als genot van goed).Juridische Vormen Hoofdstuk 7 Eenmanszaak: De eenmanszaak is de meest voorkomende ondernemingsvorm. (art88) Toestemming is nodig bij oa: overeenkomsten tot vervreemding. Openbare maatschap alle maten hoofdelijk aansprakelijk . De echtgenoot wordt geen partij bij overeenkomst ook niet aansprakelijk. Verschil met loondienst: -inkomen. Verdeling mag zelf bepaald worden. Vermogen per vennoot moet gescheiden zijn in de jaarrekening. arbeidsvoorwaarden en zekerheden zijn niet wettelijk verplicht –inkomen kan wisselen ligt aan resultaat –vrouw kan naast arbeid ook kennis kapitaal of andere productiefactoren inbrengen. Er is een onderhandse of authentieke akte nodig.

5. Beleg familieovereenkomst 2. Ingeval van faillissement met de CV alsnog zijn opgegeven deelneming volstorten. Evalueer huidige situatie 3.Persoonsvennootschappen tussen echtgenoten/partners Om fiscale reden kan het voorkomen dat een eenmanszaak wordt omgezet naar een man-vrouw VOF of man-vrouw-maatschap. 2. oude ondernemer loopt dan nog steeds ondernemersrisico en ontvangt geen contanten. omdat geen kapitaalstorting en geen verklaring van geen bezwaar van de minister van justitie nodig zijn. Evalueer jaarlijks op familiebesprekingen en stel zo nodig bij. Commanditaire vennootschap Vennootschap met 1 of meerdere geldschieters. Stem feitelijke fiscale en juridische structuur af op het familiestatuut 6. Bij grotere BV met oudere directeur aandeelhouders worden vaak een stichting administratiekantoor in het leven geroepen. -Een dergelijke gerechtigheid mag in feite reële praktische betekenis niet missen. Als bank de CV aansprakelijk wil stellen voor financiering dan geeft hij een borgstelling af.Directeur grootaandeelhouder (DGA) staat vaak garant voor 25% van financiering. -Opvolgingsmotief  bijvoorbeeld stichting administratiekantoor. Accountant en banken wijzen daarop indien betalingscapaciteit verbetert. Belangrijk is dan om een familiestatuur op te stellen. Bespreek principes en beleidsvoornemens van familie in relatie tot bedrijf 4. Voordelen -Fiscale motieven  is tegenwoordig al stuk minder geworden -Financieringsmotieven  gemakkelijk risicodragend vermogen aantrekken. 1. Algemene vergadering van aandeelhouders wordt nu bestuur van de stichting. De aandelen worden verkocht aan de stichting in ruil voor certificaten van aandelen. BV met beperkte aansprakelijkheid Rechtspersoon met een in aandelen verdeeld maatschappelijk kapitaal. Kan er een hypotheek verleend worden voor schulden BV? Eigenaar is hoofdelijk aansprakelijk in oprichtingsfase indien: inschrijving in handelsregister niet is voltooid. De commanditaire vennoot is slecht aansprakelijk voor zijn inbreng. De opvolger wordt beherende vennoot . Meerder bv die gebruik maken van doorschuiven kapitaal(kerstboom) . Oprichting van een BV bij financiering wordt er gelet op: roerende onroerende zaken als zekerheidsobject dienen? . -Juridische motieven  niet hoofdelijk aansprakelijk.kans op misbruik van bv’s dus banken zijn erg terughoudend. Dit is vastgelegd in de contragarantie. Leg deze punten vast in het statuut. Stichting Stichting mag winst maken maar wordt nooit uitgekeerd aan bestuurders etc. Beherende vennoten vormen een VOF of een eenmanszaak indien maar 1 beherende vennoot is. Dit bespaard extra kosten die oprichters zich vaak niet kunnen veroorloven. minimumbedrag niet is gestort. De bank kan dit bedrag opvragen als niet wordt gestort kan de bank verhale op verpande tegoed. Er moet sprake zijn van een gedeeld risico van man en vrouw. Geen BV maar stichting. 2 soorten bankverklaringen A&B: A: verklaring van de bank dat het startkapitaal aanwezig is. naam en doelstelling etc. -Er is een vennootschapovereenkomst -Economische werkelijkheid weerspiegeld wat is overeengekomen. Minimum te storten kapitaal is €18. pensioenreserve in eigen beheer te vormen. Risico is echter wel dat achteraf blijkt dat bv niet helemaal leeg is en er dus schuld eisers kunnen zijn. De notaris moet een bankverklaring overleggen als het kapitaal is ingebracht en als het in natura geschiedt dan een accountantsverklaring. Problemen die zich kunnen voordoen bij het afgeven van een bankverklaring: 1. Ondernemer kan bij overgeven onderneming een CV worden. Dit lijkt op RVC bij een BV. authentieke afschrift van de akte van oprichting niet is gedeponeerd. Aandelen worden dan gekocht van een bv en de statuten worden aangepast. De overdrager kan ervoor tekenen dat bv echt leeg is en dat . B: Is een saldoverklaring van de bank dat het kapitaal aanwezig is. Dit komt vaak voor bij familievennootschappen. De cliënt beschikt niet over het vereiste startkapitaal en wil van de bank lenen. -Overschot bij einde maatschap is voor partner waarvoor die heeft deelgenomen. Het is ook mogelijk om een lege bv te kopen.000.

Tegenstrijdig belang Indien er sprake is van een bestuurder van BV met een tegenstrijdig belang moet de RvC als die er niet is de AvA de bv vertegenwoordigen. Doeloverschrijding Een rechtspersoon kan vermogensgerechtelijke rechtshandelingen verrichten (verkoop huis). bestuurservaring 51%. Geeft advies aan bestuur. Aandeelhouder behoudt stemrecht tenzij anders bepaald is bij pandrecht. Een Holding een bv voor onroerend goed. denk aan salaris toekenning van de enige aandeelhouder. . –coöptatie binnenhalen van belangrijke externe. Raad van commissarissen RVC heeft als taak toezicht houden op beleid en bestuur in de vennootschap. nee -verbondenheid financieel organisatorisch personele zin. pensioen bv. Vanwege continuïteit wordt er vaak voor gekozen een stichting te koppelen aan de holding. organisatiedeskundigheid 34%. als ze het goed doen volgt RVC. zijn identiteit wordt bekend bij derden. Waarom RVC: financiële ervaring 56%. 4 type management bv -open management bvtijdelijk aanbieden van interim-management -beheer bvbeheert en bestuurt de in concernverband tot de groep behorende ondernemingen -diensten bvvoert 1 of meerder diensten uit voor eigen rekening en risico voor bepaalde bedrag -privémanagement bvbiedt de diensten aan van persoon die voorheen natuurlijk persoon was. Geen economisch belang voor bv. Dit is ook nodig om besluiten van algemene vergadering van aandeelhouders (AVA) genomen besluiten te controleren. Als een bank wil dat bv zich verbind als schuldenaar voor verplichting moeten de statuten dit toestaan. etc. Indien bestuurder met tegenstrijdig belang transactie uitvoert zonder dat RVC of AVA dit weten kan de transactie worden afgeblazen. Pandrecht op aandelen Kan pandrecht op aandelen worden gevestigd tenzij anders vermeld in statuten. Holdingstructuur Vaak wordt er voor gekozen om meerdere bvs op te richten om risico’s te spreiden. contact op hoog niveau 31%. Door slechts 1 aandeel aan een derden te verstrekken kan een 1 persoons bv worden voorkomen. -holding stelt zich aansprakelijk voor schuld werkmaatschappij -er is geen vrees voor discontinuïteit van groepsmaatschappij. Kapitaalbescherming artikel 207C -niet in stand houden van voldoen kapitaal als verhaalsobject -uitholling van kapitaal door ontrekkingen aan vennootschap ten gunste van aandeelhouders. Van doeloverschrijding is sprake als bijvoorbeeld directeur voor een privéschuld BV als borg geeft. kennis sector 43%. Denk aan fiscus of aan grondvervuiling. Alleen de vennootschap of curator in het faillissement kan nietigheid van handeling inroepen. werkmaatschappij. 4 rollen volgens mintzberg RvC. Belang van vennootschap en de verbonden ondernemingen. Er moet sprake zijn van een economisch belang..nieuwe eigenaar niet aansprakelijk is voor vorderingen van derden. Voor kredieten een nieuwe kredietakte. Is er sprake van doeloverschrijding. Gebonden vermogen mag niet worden aangewend om transacties in eigen aandelen van eigen vennootschap te financieren.2 blz 255 Vaak komen commissarissen eerst als adviseur in dienst. Indien DGA enig aandeelhouder is van BV moet hij dit in handelsregister vermelden. Verpanding moet gebeuren onder notariële akte. -werkmaatschappij profiteert direct of indirect van financiering. Banken willen graag verpanding van activa voor extra zekerheid. leverancier maakt het niet veel uit die nemen genoegen met eigendomsbehoud. -leggen van contacten (bijvoorbeeld klanten) –status van organisatie verhogen –adviesorgaan Doorzakken van een onderneming WM-BV wordt de H-BV er wordt een nieuwe WM-BV opgericht. Lees ook tabel 7. Bank ziet het als additioneel zekerheid waarop stemrecht van belang kan zijn. Doel van rechtspersoon moet ermee te maken hebben. dit vaak vanwege de concurrentie en ze graag willen verkopen. tenzij statuten anders bepalen. Anders is de rechtshandeling vernietigbaar.

. belastinglast blijft bestaan. Ook bestaat er de wet Coördinatiewet sociale verzekeringen. BV-a richt dochter-BV op en vraagt fiscale eenheid aan voor BV a en c 2. Als gevolg van onbehoorlijk bestuur. Bestuurder zijn aansprakelijk voor goede jaarrekening 3 principes: getrouwheid. BV mag geen lening verstrekken als niet zeker is dat diegene ook terugbetaald of als liquiditeit niet goed is van BV. en akte voor omzetting herwaarderingsreserve in kapitaal. Bestuursaansprakelijkheid: bestuurders en commissarissen zijn aansprakelijk voor belasting en premieschulden zowel met faillissement als daarbuiten. 1. Activa gaan over van BV-a naar BV-b (b = bv nieuwe eigenaar) *Commerciële herwaardering Moet een notariele akte worden opgemaakt en de goedkeuring van geen bezwaar van de officier van justitie. En door publicatie weten derden ervan. Verwijtbaar gedraag van bestuur.holding BV-B neemt aandelen BV-a over BV-b gebruik geleent geld van A. Heeft te maken met oa.55%. Dit leidt tot een kapitaalsbelasting heffing ad 0. Niet uitkeerbare reserves -WR voor immateriële vaste activa -WR voor deelnemingen -ongerealiseerde herwaardering Goodwill kan fiscaal niet worden afgeschreven. Er kan niet achter deskundige geschuild worden. *Juridische fusie Samensmelten van BV-a en BV-b daarna volgt financiering. Aannemer kan verschuldigde op een G-rekening storten.omdat dit extra kosten met zich mee brengt. Geldt voor 3 jaar voor faillissement. Alleen een derden kan hem dan nog aansprakelijk stellen. *Veranderingen na de aandelentransactie Anti-misbruikwetgeving : 3 wetten -Wet ketenaansprakelijkheid –Wet bestuursaansprakelijkheid –wet Bestuursaansprakelijkheid bij faillissement Ketenaansprakelijkheid: hoofd Aannemer is aansprakelijk voor premies en loonbelasting voor onderaannemers die hij heeft ingehuurd. -activiteiten rechtspersoon –risico’s die volgen –taakverdeling bestuur –bestuurs taken Decharge – Bestuurder ontvangt na jaarrekening decharge en is niet aansprakelijk voor gemaakte fouten. Accountants of fiscalist en provisie kosten voor de bank meestal zo’n 3% van hoofdsom. 3. Geld ontvangt de verkoper hierdoor later. stelselmatigheid. BSA bij faillissement: bestuurder zijn aansprakelijk indien taak onbehoorlijk is uitgevoerd. *Herstructurering ingeval van stille reserves worden omgezet in vrij uitkeerbare reserves.passiva en activa gaan zonder fiscale gevolgen van A naar C. duidelijkheid. Geld leent C van bank. Bestuurder moeten tijdig melden dat rechtspersoon in betalingsproblemen zit anders is bestuurder aansprakelijk.Ondernemer is niet blij met wet 207c.BV-a ontvangt koopsom. vrije reserves kunnen geleend worden aan BV-b 4. *Financiering van een activatransactie na de aandelentransactie.

zelfstandig kan bank bij BKR informeren.investering voor bedrijfsopvolging. Deze maatregelen zorgen ervoor dat de onderneming niet failliet gaat voor die is begonnen. als dit niet lukt moet er een faseringsplan opgesteld worden. Er kan sprake zijn van verliesfinanciering. garantievermogen Rijpheidsfase. onderschat tijd niet voor verkrijgen financiering. onroerende zaken Ontwikkelingsfase. Vaak zijn er ook onduidelijkheden in administratie. Financiering voor oa. waardering onderneming valt of staat met rendementen.en financieringsplan Hoofdstuk 8 Banken zijn soms terug houdend met geven van financieringen. bouwbegeleiding door specialist. . geringe inbreng van EV van ondernemer. Ook kan aankoop op basis van erfpacht. Herfinanciering van leningen en kredieten onder staatsgarantie zijn verstrekt kunnen niet bij zelfde bank geregeld worden. administratieve systemen. denk in getallen. Acyclisch financieren. presentatie (eerste indruk). ongeveer 10% onvoorziene kosten is advies. goed ondernemingsplan. Besluit bijstandsverlening zelfstandingen moet worden afgelost om toegang te krijgen borg van staat.oprichtingskosten. Soms denken accountant en ondernemer een financiering rond te krijgen. intensief beheer bouwrekening (autorisatie betaling). Ondernemer moet alle vergunning in orde hebben. Startfase. maak breakeven analyse.en milieuvergunning. vorige projecten zijn wel gerealiseerd door ondernemer. Expansiefasie.meer kapitaaldebiteurenvorderingen. Huur is flexibele vorm van huisvestingskosten. Bij aankoop grond  schonegrondverklaring. reorganisatie. schriftelijk overeenkomen dat geen meerwerk wordt betaald zonder schriftelijke toestemming onderneming en bank. omdat: Inkomsten afhankelijk van uitgaven consument.opleiding personeel. hoge rente. bank met kennis van branche. reclame. Eerst financiering dan pas goederen aanschaffen. Banken willen meestal risico spreiden over sector (portofoliobeleid). herfinanciering concernverband. overschatting van het idee. OHW.en verkoop -Liquiditeitsprognose *Ondernemers moeten op de hoogte zijn van verplichtingen. voorbereid op vragen. notaris.herfinanciering. Herfinanciering van leningen die onder staatgarantie zijn verstrekt is soms zinvol. Bankgaranties moeten worden overgenomen en meestal mindering van kredietlimiet. commit de bank. specificatie van investeringsplannen. maak duidelijk dat er meer aanvragen lopen. Investeringsplan -Bestaande financiele verplichtingen -Goodwill en badwill -Werkkapitaal -Balanspost aan. vooral in de sector toerisme. Met de belastingdienst moeten afspraken schriftelijk worden vastgelegd. dit ligt meestal aan het ontbreken van een goed ondernemingsplan. accountants. Bank direct inlichten ingeval van financiële problemen. bijvoorbeeld horeca.Investerings. dit moet een bank weten ingeval van kredietverstrekking. prijs afspraak met leveranciers. Als schulden te ver zijn opgelopen zal sanering van schulden moeten plaatsvinden. Informeer bank tijdig ook bij tegenslagen. Bank maakt balans na investeringen die aansluit bij toekomstige jaarrekening. regel voor meerder jaren. regel tijdig. Belangrijk is de post onvoorziene uitgaven. kopen is dan groot risico.ontwikkelingskosten Groeifase. Soms zijn investeringen voor onroerend goed enorm duur A locatie 1000 euro per meter. Achterstanden in aflossing moeten vermeld worden.in economisch goede tijden houden banken rekening met afnemende groei Financiering krijgen: overtuigt. Deze 2 kunnen niet samen  besluit borgstelling MKB-kredieten 1997. Meer vermogen door staatsgarantie of risico dragend vermogen. onroerende goederen niet om te zetten voor ander gebruik. banken hebben hier grote moeite mee en willen hier tijdig van weten. Levenscyclus van onderneming. R&D. Aankomen van ondernemer altijd doen onder financieringsvoorbehoud. Leaseverplichtingen worden bijna nooit eerder afgelost. Overeenkomst moet accountant beoordelen en eventueel met verkoper aanpassen. Er moet tijdig aan de bank gecommuniceerd worden. Investeringsbegrotingen worden in bepaalde branches altijd overschreden. initiële kosten HRM. consistente aannames berekeningen etc. aanloopverliezen. geringe rendementen in eerste jaren.korte looptijd(niet voor kleine onderneming geschikt). tijdige aanvraag bestemmingsplanwijziging en bouw. of door accountants wissel. Ook kan accountant hier zekerheid over verschaffen door jaarrekening. Negatieve verrassingen voorkomen door: Vraag veel offertes op.uitbreiding automatisering. extra echelons. Toerisme weinig financierings mogelijkheden. voorraad.

Objectfinanciering (lease) kan niet verpand worden is eigendom van . innovatiesubsidie. Pas bij herwaardering VV/garantievermogen: Balans versterken door achtergestelde lening van bijv. Bij franchiseformules moet er voldoende werkkapitaal zijn om formule te beschermen. milieu biedt kansen Duurzame bedrijven.wind energie) .) -bedrijfswagenlease -mantellease -premielease (max investeringsaftrek voor MKB) -seizoenlease (afgestemd op schommeling inkomsten) Informal venture capital: vaak vermogende particulieren. dit wordt door fiscus beschouwt als dividend uitdeling en dat salaris te laag is voor de DGA. omdat het moet Preventieve bedrijven. groenfinanciering (zon. *Enkele balansposten aan.te duur en weinig belang bij. Financieringsplan vs investeringsplan Wijze van financiering activa. Besluit Borgstelling mkb kredieten. Bij overdracht onroerende zaken kan overdrachtsbelasting verschuldigd zijn aan fiscus. Zakelijke goodwill is de commerciële formule van het bedrijf. lange termijn.en verkoop. kostenbesparend Offensieve bedrijven. -verdiep in milieu innovaties in de markt -welke risico’s lopen ondernemers die niet milieu bewust zijn -welke regelgeving Economisch rendement. VV uit buitenland moet niet afkomstig zijn van criminaliteit. klanten etc. Leverancierskrediet door leverancier en eigendomsvoorbehoud op geleverde artikelen. Mogelijkheden milieufinanciering (isolatie).*Persoonlijke goodwill is sterk verbonden met huidige ondernemer en opvolger zal niet hoeven te betalen. Vormen van lease.off balance financiering (leaseplan voor milieu investering). *Liquiditeitsprognose. Liquiditeitsprognose wordt gezien als dwangmiddel niet als stuurmiddel Duurzaam investeren Defensieve bedrijven . Vaak onvoldoende behandeld door ondernemer. wordt weinig gebruik van gemaakt in MKB. borgstellingskrediet (BSK) is geen achtergestelde lening maar wel risicodragend kapitaal. ondernemer krijgt direct uitbetaald. bepaling van looptijd lening EV: Ondernemer moet terugvallen op EV om onafhankelijk te zijn van VV verschaffer. Badwill is negatieve goodwill veroorzaakt doordat investering nodig zijn om doelstellingen te behalen. niet in EV zichtbaar eventueel belast. weinig mee gewerkt. Vaak berekent door contante waarde van toekomstige overwinsten. energie aftrek maatregel (40% extra aftrek). Subsidies voor: exportsubsidie. *Werkkapitaal. Financier mag geen beroep doen op pensioenvoorziening in eigen beheer. beleid komt naar voren in prognose. maatschappelijke acceptatie en duurzaamheid zijn belangrijk voor investeringen. constant duurzaam bezig Succesvolle bedrijven presteren ook beter op milieu gebied. -vastgoedlease -equipmentlease (lease met koopoptie) -vendorlease -autolease (full-service tankpas etc.prijs. De RC directeur grootaandeelhouder mag niet duurzaam debet komen te staan. Factormaatschappij neemt vordering over en int deze. Dit is 1 van de beoordelingscriteria van de bank. Er kan een fictief directiesalaris worden nageheven over meerdere jaren. hoe zit de samenleving de organisatie. product. leverancier. werkgelegenheidssubsidie. door stijging aandelenkoers . Financieringsplan Belangrijk onderdeel van ondernemingsplan. Te ingewikkeld. energiebesparing subsidie. ondernemer denkt dat er genoeg werkkapitaal gegenereerd wordt. plaat. credit zijde van de balans Rekening courant verhoudingen DGA =(credit of debet) Pensioenvoorziening in eigen beheer Stamrechtverplichtingen Vorderingen en schulden die slaan op DGA of familie worden bij verkoop afgerekend. Goodwill is aftrekpost voor de berekening van bancair aansprakelijk vermogen. Instandhoudingsverklaring.

-aandelen worden verhuurd. prototype en eerste marketing van product -first stage financiering. wel opbrengsten geen belaste vervreemdingswinst -tijdelijke minderheidsbelang door venture capitalist later neemt overnemende partij aandelen over -bank verstrekt lening . reorganisatie om faillissement te voorkomen Financiering van aandelentransactie -verkoper financiert -earn out.Soorten financieringen -seed financiering. beperkt bedrag om commerciële haalbaarheid van onderneming aan te tonen -start up financiering. werkkapitaal voor voorraden en debiteuren -third stage financiering. overname van bedrijf als bank financiert met zekerhedenleverage buy out -turnaround financiering. productie de verkoop en marketing financiering -second stage financiering. overbruggen naar bancaire financiering -buy out financiering. uitbreiding van productiecapaciteit -bridge or fourth stage financiering. deel betalen rest later eventueel winst hoogte gebonden.

000 4 % rente . De accountant speelt hier een belangrijke rol in. 2. vaste activa en kern liquide middelen moet gefinancierd zijn met EV of Lang VV.4% = 80. Depotpositie DGA wordt in mindering gebracht op BAV. Geen latenties in mindering op BAV. Afwaardering van voorraden. Ook privé onroerende zaken worden gewaardeerd op onderhandse verkoopwaarde. Is er een maatschappelijke tendens te ontdekken 4. Deze hoeven dus niet getaxeerd te worden. Meestal geen herwaardering op roerend zaken mogelijk.4% 10. Rekening courant met vermelding van rente %. Herwaardering op basis van een taxatierapport van een deskundige en niet van bijvoorbeeld verzekering hier gaat de bank niet akkoord mee.Balans en resultatenrekening Hoofdstuk 9 In kleinbedrijf is relatief meer vlottende activa (60%) grootbedrijf slechts 40% Stille reserves zichtbaar door herwaarderen. Loon van ondernemer wordt jaarlijks vastgesteld door organisaties. Bancair aansprakelijk vermogen = BAV Activa op onderhandse verkoopwaarde door deskundige Rekening houdend met achterstallig onderhoud. Kijk om je heen tv. Roerende zaken worden meestal niet geherwaardeerd voor BAV. Octrooien licenties en software ontwikkeling worden kritisch bekeken op juiste waardering. Batalingscapaciteit-betaalde rente-aflossingen-investeringen = betalingscapaciteitsmarge Winst +afschrijvingen+rente. Badwill kan gepassiveerd of aftrek van immat activa.krant etc.000/12. Passiveren is beste optie.000 . vorderingen of OHW. 10 jaar aflossing 4%*40%=2.privé ontrekkingen=betalingscapaciteit Betalingscapaciteit – betaalde rente – aflossingen – vervangingsinvesteringen = betalingscapmarge Betalingscapaciteitmarge = 10. belasting 40%. dit is gelijk loon van een filiaalleider rekening houdend met aantal medewerkers en omzet.4% + 10% =12. Is het een macro ontwikkeling 5. Goudenbalansregel. Extra aandacht gaat ook naar voorraden. Herken een verandering 3. Hypotheek wordt hierop in mindering gebracht. Winst-belasing+afschrijving+rente van bijvoorbeeld RC dga. Voorzieningen en stamrechtverplichtingen kan bank om instandhoudingsverklaring vragen. Een afnemende credit saldo kan betekenen dat DGA te grote privé uitgaven heeft. Indien op actuele waarde wordt gewaardeerd ontstaan er latenties. Voorspel Betalingscapaciteit wordt ook wel leen of aflossingscapaciteit genoemd. SIGNALEREN VAN TRENDS 1. Subsidie kan gepassiveerd worden en positief EV beïnvloeden. Ongeveer 50 a 60% moet EV zijn in onderneming. vordering en OHW. arbeid voor vennootschap –laag of geen salaris. Imat activa worden per post beoordeelt op waarde. Tijdelijk verschijnsel. Een oplopende DGA debet kan inhouden dat salaris te laag is vastgesteld. Fictief loon: -aanmerkelijk belang vennootschap.

Positieve/negatieve hypotheekverklaring Negatieve verklaring. Vaak wordt hypothecaire inschrijving hoger gesteld zodat later extra geleend kan worden. Ook overnames en fusies boven bepaalde omzet worden getoetst. omdat bank zeggenschap over de organisatie wil indien deze het geld niet krijgt. Debiteuren tot ongeveer 70%. grond gebruik krijgt eigendom van bijvoorbeeld huis. geen zekerheden aan derden zonder toestemming bank Positieve verklaring. Dekkingstekorten vaak afgedekt door Besluit Borgstelling MKB-kredieten. Hypotheekregister is openbaar. direct opeisbaar door bank bij niet nakomen verplichting ondernemer Mededingingswet Geen prijsafspraken tussen organisatie. Erfpachtrecht is voor lange termijn . Vuistpandrecht Zaak wordt in macht van derden gebracht. gebruik van onroerende zaak. -extreem hoge prijzen -onredelijke leveringsvoorwaarde -afnemers uitsluiten -verschillende prijzen voor zelfde prestatie -concurrenten uit markt drukken -voorkomen van nieuwe toetreders . Derde hypotheek gever = 3e persoon die garantie verstrekt aan 1ste hypotheekgever. Oftewel registergoederen. ondernemer verplicht zich naar bank om niet te investeren. Appartementsrecht. Verpanding moet notarieel plaatsvinden. moeder staat in voor dochter Cross-defaultclausule. Stilpandrecht Zonder dat zaak in macht van derden wordt gebracht Onzekerheid . Kartels verboden. Eerst contact opnemen om te kijken of aanstaande koper volledig gebruiksrecht kan krijgen. blijft ook na aflossing bestaan. Kan bedreiging zijn voor open en vrij markt door. Bij overlijden gaat het over op de erfgenamen. Recht van opstal. Meestal is 70 a 80% basishypotheek rest vaak met staatsgarantie. schuldeiser heeft voorrang op andere schuldeiser. Minder leveren dan 908. Vaste hypotheek. Pandrecht Op roerende zaken. Voor nieuwe onroerende zaken is wel nieuwe inschrijving noodzakelijk. wel is een hoge boete. Niet investeringsverklaring. na aflossing vervalt het recht van hypotheek. Leverancier geven soms een terugkoopverklaring af voor deze goederen. Kartelverbod met 2 uitzonderingen. Covenants Additionele zekerheden zijn moraliteitsverklaringen. vrijstelling of ontheffingen. Vruchtgebruik eindigt bij dood vruchtgebruiker. Bankhypotheek. Banken verstrekken 50% financiering van waarde van oa inventaris en machines. Bankgarantie = zekerheid gegeven door de bank voor bepaald periode Borgtocht Een derden staat borg. iedereen kan nagaan of onroerende goederen beperkt is. effecten depositos tot 100%.000. op verzoek bank zekerheden verschaffen Pari-pasu-verklaring Letters of comfort. kleiner dan 4. omdat -zaak blijft in handen van pandgever -andere hebben voorrang -al eerder verpand -vordering is niet inbaar Ook is pandrecht op aandelen van BV of NV mogelijk.Regels en wetten Hoofdstuk 10 Hypotheek De hypotheek gever = klant Hypotheeknemer = bank Hypotheek op onroerende zaken. NMa Nederlands mededingingsautoriteit. beperkt recht omdat er VVE is. Bij kleine ondernemingen is het soms toegestaan. Arbeidsloon en alimentatie is bij wet verboden om te verpanden.5 miljoen.

Vaste prijzen zijn niet toegestaan . In toeristische gebieden mag gemeente soepeler optreden en altijd winkels open houden. Er moet aan gestelde eisen worden voldaan. Electro -kennis van technische voorschriften -kennis van natuurkundige wetten Slagersbedrijf -hygiëne -verpakken bewaren etc. Bezwaar hebben kleine ondernemingen omdat deze niet continu open kunnen zijn. Bij drankverkoop diploma sociale hygiëne. Bakkersbedrijf -veilig en hygiëne werken met machines etc. Vestigingbesluit bedrijven 1. Levensmiddelen bedrijf Vergunningseisen Verboden om 2 tm 5 zonder vergunning uit te oefenen. Basisbedrijf 2. Vervoermiddelenbedrijf 5. Ook al is geen vergunning vereist voor een bepaalde onderneming wel is inschrijving Kvk verplicht. loonkosten zijn te hoog om iemand in te huren en het levert weinig extra omzet op. Op zondag mag gemeente 12 x per jaar winkels open houden. Bouwbedrijf 3. Altijd iemand aanwezig zijn. Alleen supermarkten zijn langer open. Winkels in stations of benzinestations hebben deze beperking niet. Installatiebedrijf 4. Winkeltijdenwet Versoepeling van de wet heeft nog niet voor veel verandering gezorgd. Kennis over milieu. advies prijzen wel. . veiligheid en gezondheid.

. kosten van reoganisatie -overleg met leidinggevende. loyaliteit vrienden/familie. Tegen gaan van uitlekken. -bewustzijn –sociale controle –ontwikkelen discipline –bewaken en afsluiten –goede voorbeeld geven –beveiligen van kopieerapparaat –huiszoeking bij verdenking Signalen van discontinuïteit **Omgevingsfactoren voor mkb – terug gang van de economie **Tegenvallende gang van zaken – bijvoorbeeld door overname (overgewaardeerd). Signalen -omzetten stagneren -personeelsbestand inkrimpen -kosten moeten afnemen -gezocht naar omzet vergroting -ondernemer handelt niet daadkrachtig Verandering vind plaats door -liquiditeitsoverschotten worden aangewend -kredietruimte wordt gebruikt -kosten worden teruggedrongen -investeringen worden beperkt -extra bankleningen -eigen vermogen uitgebreid -productie inkrimpen -activa worden verkocht **Faalfactoren van persoonlijke aard 1. Een turn around manager is ook een mogelijkheid.Continuïteit en discontinuïteit Hoofdstuk 11 Verzamelen van informatie Deskresearch. Strategic risk – strategische risico’s in de organisatie Business risk – gericht op een deel van de organisatie. Impulsiviteit. voor de reorganisatie -overleg met OR. Maar niet ten koste van personeel.etc. normen en waarden van mensen . risico’s en kansen van invoering van ict etc. sociaal en bedrijfseconomisch afwegingen -zorgvuldige uitvoering. Proces risk – risico’s van bedrijfsprocessen Verandermanagement Als verandering door management niet lukt na overleg met personeel dan is meestal inschakeling nodig van een derden.observatie Uitlekken van informatie Naïviteit. stoer doen. Die doet onder andere -opstellen draaiboek. het idee verkoopt zich wel 9. Arrogantie . groepsdiscussie. Ondernemer valt terug in oude gewoonte 2. Te weinig tijd steekt in onderneming 8. Wet melding collectief ontslag -opstellen van een sociaal plan. Wil te weinig veranderen 6. competenties etc. Persoonlijke risico’s 4. wraak. heeft een superieur nodig om te presteren 11. die neemt bepaalde beslissingen in het bedrijf die noodzakelijk zijn. personeel herplaatsen of uitvloeien. Bijvoorbeeld een interim manager. voor oa OR. heeft adviesbevoegdheid voor reorganisatie -overleg met vakbondorganisaties. geen onderzoek maar direct handelen 10. communicatieonderzoek. Die zijn te belangrijk. Niet goed met geld omgaan 12. interview/enquete. corruptie. sociaal plan. Niet bewust van sterke kanten van onderneming 7. Zelfkritiek 3. Geen planmatig aanpak 5. wie wat wanneer uitvoer inclusief deadlines -opstellen van een basisdocument reorganisatie . Ondernemer komt alleen familie verplichtingen na Risicomanagement Prof. verlaten van onderneming. spionage. Dassen Culture risk – cultuur . Pessimisme.

Als minnelijke traject mislukt dan wordt het wettelijke traject doorlopen. Schuldenaar krijgt bewindvoerder toegewezen. Dit gaat via de rechter. Eerst 3 jaar en kan verlengt worden tot max 5. Persoon heeft recht op 90% van bijstandsnorm. Een verzoekschrift + verklaring (met crediteurenlijst) naar rechtbank. . -geen cultuur verandering maar mensen vragen om betere resultaten -middenmanagement is motor voor verandering Gebruik maken van reizigersmodel  van A naar B. meestal advocaat. geen vertrouwen door de bank onder andere. Toch gebeurd het niet vaak. Emoties van ondernemers -zelfbewustzijn -zelfregulering -motivatie -empathie -sociale vaardigheden Wet schuldsanering natuurlijke personen = minnelijk traject  gemeentelijke kredietbank voor afkopen crediteuren. Empire builder – te snelle groei Management escapist – vluchtgedrag voor het echte management werk Omstandigheden de schuld gever – speelt niet in op veranderingen Sprookjes verteller – kort voor faillissement vertelt hij dat alles goed komt. Ook kan er een doorstart gemaakt worden mbhv. ondernemingsklankbord  vaak is dit al te laat doordat ondernemer te lang heeft gewacht. Ondernemer moet zijn onderneming hebben gestaakt. goede mensen lopen weg.Mislukken van een reorganisatie -traag of niet reageren op klanten -gebrekkige coördinatie -verspilling van materialen -hoog % afkeur producten -leverancier houden zich niet aan afspraken -precaire verhoudingen in teams -hobbyisme -fricties op grensvlakken -slechte communicatie Interne organisatie verbeteren door -verbeteren werkrelaties -geen verandering via stuurgroepen maar via werkorganisaties -persoonlijke communicatie . niet via memo intranet etc. Ook postblokade. Kan afgewezen als rechter denkt dat ondernemer schuldeisers wil benadelen. Slechte managers Overdominante manager – laat weinig kritiek toe. Publicatie vind plaats in Staatscourant en regionaal dagblad. Bank kan krediet opzeggen is dit terecht ? -voldoende onderpand -bank heeft onderneming gewaarschuwd voor financiele positie -heeft ondernemer wanprestatie geleverd -zou bank eigenlijk doorgaan met krediet -zijn er voldoende schriftelijke waarschuwingen gezonden -is er voldoende ruimte gegevens om andere bank te zoeken (3 maanden ongeveer) Herstarters hebben meer overlevingskans dan starters.

succesfactoren 10. Omschrijving van object 7. management . Bedrijfsmatige of commerciële voordelen van overname -cashflow –onderhandelingen –toekomst –waarde activa passiva –winst –kwalitatieve aspecten – situatie koper –alternatieven –potentieel –structuur van transactie Waarde door deskundig derde bepalen (billijke prijs voor arbitrage) Intrinsieke waarde = waarde bezittingen min schulden Taxatierapport bestaat uit 1. Fasering investeringsplannen 12. Toekomst verwachting bedrijf 2.waarde (methode. kapitalisatiefactor. Motieven voor een overname -concurrentiemotief -besparings of efficiency motief -persoonlijke motieven . Schaarste op overname markt 4. etc. Waardebepaling van aandelen 1. roerende zaken erbij?. Exploitatieresultaten 14. Routing in bedrijf 9. Wijze rapporteren . Kwaliteit verkoop en onderhandelingproces 3. overdracht Hfdst 12. berekening.Bedrijfsopvolging . volledig of beknopt 3. Kadastraal onderzoek 6. Achterstallig onderhoud 11. Kwaliteit van locatie 8. Stukken als bijlagen 5. -speculatiemotief 3 gehanteerde methode van overdracht -activa-passiva transactie -aandelentransactie -oneigenlijke bedrijfsfusieregeling Activapassiva transactie (Fiscus claimt stille reserves) Voordelen koper -afschrijven op werkelijke prijs -neemt geen VPB claims over -activa aanwenden als zekerheden financiering -geen beperkingen artk 207c -neemt geen verplichting over van bv -alle activa over een deel overnemen Nadelen -6% overdrachtsbelasting -hoger investeringsbedrag -alles waarderen (extra kosten) Voordelen verkoper -verkoop van onroerende zaken met herwaardering -duidelijke beschrijving verkopen activa Nadelen -VPB verschuldigd over herwaardering -fiscus behoudt inkomstenbelasting claim op winstreserve -afrekenen fiscus over liquide middelen Aandelen transactie (geen claim stille reserve) Voordelen koper -geen 6% overdrachtsbelasting (alleen bij onroerend bV) -lager te investeren bedrag -geen nieuwe oprichting bv -1 leveringshandeling (notariële overdrachtsakte) Nadelen -geen afschrijving actuele waarde -belastinglatentie van verkoper naar koper -belemmering art 207C -verplichtingen blijven in stand Voordeel verkoper -vervreemdingwinst 25% belasting (natuurlijk persoon) Nadelen -geen afstel mogelijkheid aanmerkelijk belang heffing -hij kan geen activa bewaren (onroerende zaken etc) -pensioenrechten op andere wijze regelen Oneigenlijke bedrijfsfusieregeling Overgaan in een vaak nieuwe bv. macht etc. overname. Opdrachtgever en doel 2. 13. Gebruikte informatie materiaal 4.

marketing.in het bedrijf. etc. door investeerder met oog op verkrijgen zeggenschap of deel ervan.  leveraged buy-out. start. financiën.aandelen over naar werknemer vaak stichting erbij voor belangen werknemers Investors buy-out. Of na herfinancieringsproblemen. Afnemers kunnen gaan twijfelen aan leverbetrouwbaarheid . MBI – externe kopen zich in. Risico voor het management. Vaak gaat een bedrijf er wel op vooruit naar een MBO. kwaliteit etc. . Vaak familie bedrijf zonder opvolger. Bedrijven die bijvoorbeeld vinden dat bepaalde tak niet bij onderneming hoort kan hier voor kiezen. Employee buy-out. Ondernemingsbeurs  door Kvk opgericht helpt om bedrijf te verkopen Stichting ondernemersklankbord Helpt ondernemers met divers vraagstukken Overname.Management buy out of buy in Buy out – huidig management kan eigenaar worden van onderneming.

Routing in bedrijf 9. overdracht Hfdst 12. Schaarste op overname markt 4. volledig of beknopt 3.Bedrijfsopvolging . roerende . Wijze rapporteren . berekening. Kadastraal onderzoek 8. macht etc. Toekomst verwachting bedrijf 2. -speculatiemotief 3 gehanteerde methode van overdracht -activa-passiva transactie -aandelentransactie -oneigenlijke bedrijfsfusieregeling Activapassiva transactie (Fiscus claimt stille reserves) Voordelen koper -afschrijven op werkelijke prijs -neemt geen VPB claims over -activa aanwenden als zekerheden financiering -geen beperkingen artk 207c -neemt geen verplichting over van bv -alle activa over een deel overnemen Nadelen -6% overdrachtsbelasting -hoger investeringsbedrag -alles waarderen (extra kosten) Voordelen verkoper -verkoop van onroerende zaken met herwaardering -duidelijke beschrijving verkopen activa Nadelen -VPB verschuldigd over herwaardering -fiscus behoudt inkomstenbelasting claim op winstreserve -afrekenen fiscus over liquide middelen Aandelen transactie (geen claim stille reserve) Voordelen koper -geen 6% overdrachtsbelasting (alleen bij onroerend bV) -lager te investeren bedrag -geen nieuwe oprichting bv -1 leveringshandeling (notariële overdrachtsakte) Nadelen -geen afschrijving actuele waarde -belastinglatentie van verkoper naar koper -belemmering art 207C -verplichtingen blijven in stand Voordeel verkoper -vervreemdingwinst 25% belasting (natuurlijk persoon) Nadelen -geen afstel mogelijkheid aanmerkelijk belang heffing -hij kan geen activa bewaren (onroerende zaken etc) -pensioenrechten op andere wijze regelen Oneigenlijke bedrijfsfusieregeling Overgaan in een vaak nieuwe bv. Motieven voor een overname -concurrentiemotief -besparings of efficiency motief -persoonlijke motieven . Fasering investeringsplannen 12. Stukken als bijlagen 5. Opdrachtgever en doel 2. overname. Achterstallig onderhoud 11. Waardebepaling van aandelen 1. Gebruikte informatie materiaal 4.waarde (methode.succesfactoren 10. Bedrijfsmatige of commerciële voordelen van overname -cashflow –onderhandelingen –toekomst –waarde activa passiva –winst –kwalitatieve aspecten – situatie koper –alternatieven –potentieel –structuur van transactie Waarde door deskundig derde bepalen (billijke prijs voor arbitrage) Intrinsieke waarde = waarde bezittingen min schulden Taxatierapport bestaat uit 1. Kwaliteit verkoop en onderhandelingproces 3.

marketing. Employee buy-out.aandelen over naar werknemer vaak stichting erbij voor belangen werknemers Investors buy-out. Risico voor het management.  leveraged buy-out. . Omschrijving van object 7. 13. start. Vaak familie bedrijf zonder opvolger. etc. Ondernemingsbeurs  door Kvk opgericht helpt om bedrijf te verkopen Stichting ondernemersklankbord Helpt ondernemers met divers vraagstukken Overname. kwaliteit etc. Bedrijven die bijvoorbeeld vinden dat bepaalde tak niet bij onderneming hoort kan hier voor kiezen. kapitalisatiefactor.6. etc. Exploitatieresultaten 14. Of na herfinancieringsproblemen. financiën. Kwaliteit van locatie zaken erbij?. door investeerder met oog op verkrijgen zeggenschap of deel ervan. MBI – externe kopen zich in. management Management buy out of buy in Buy out – huidig management kan eigenaar worden van onderneming. Afnemers kunnen gaan twijfelen aan leverbetrouwbaarheid .in het bedrijf. Vaak gaat een bedrijf er wel op vooruit naar een MBO.

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful