Werkgroep Televisie || Bijeenkomst 1 || 04-11-2011 Cultural Studies Media en Cultuur Geesteswetenschappen

1  

< versus > < versus >

Communicatiewetenschappen Sociale wetenschappen

Cultural studies  Cultuur in brede zin van het woord (populaire cultuur als geleefde praktijk)  Communicatieproces als één geheel en onderhandeling (actief publiek)  Context: klasse, sekseverschil, etniciteit, sociale, culturele en historische context  Focus op kijkersgedrag  Engagement onderzoekers (wie je bent heeft invloed op onderzoek, door context verandert manier waarop ze onderzoek doen (subjectief))  Governmentality (hoe oefent tv macht uit?) Geesteswetenschap Cultural studies Media- en cultuurkritiek Kwalitatief Tekst/context Betekenis Actieve kijker BEGRIPPEN: Flow = Televisie presenteert zich aan de kijker als een stroom van beelden die soms wel en soms helemaal niet met elkaar te maken hebben. Televisie is niet in te delen in afgebakende programma’s, maar bestaat meer uit aaneengesloten fragmenten waar je soms het begin en eind van programma’s door elkaar heen bekijkt. (Raymond Williams, 1975) vs. vs. vs. vs. vs. vs. vs. Sociale wetenschappen Communicatiewetenschap Beleid en commercie Kwantitatief Enquêtes Aantallen Passieve kijker

Met flow bedoelde Williams dat televisie op een andere manier betekenis krijgt dan boeken of schilderijen, simpelweg omdat de ervaring van televisiekijken fundamenteel andere is. Televisiekijken is bijna nooit hetzelfde als een enkel afgebakend programma bekijken. Je kijkt programma’s maar ook naar de aankondigingen daartussendoor voor andere programma’s; je ziet aankondigingen voor hetzelfde programma de volgende week, je wisselt misschien zo nu en dan van kanaal (hoewel dat voor de introductie van de afstandsbediening wat omslachtiger was) en ziet zodoende slechts het begin van het ene en het eind van het andere programma. Televisie presenteert zich aan de kijker als een stroom van beelden die soms wel en soms helemaal niet met elkaar te maken hebben.

Gaze = Glance =

oftewel ‘blik’, is mannelijk in film (bioscoop), intense blik, mannelijk (want veel mannen hebben hoofdrol in film) terloopse blik, vrouwelijk (want vaker doelgroep van tv de huisvrouw)

Ten eerste is de gaze (of ‘blik’) in film mannelijk (de bioscoop die de kijker individualiseert en de camera die de kijker mee laat kijken met de mannelijke hoofdpersoon), terwijl televisie de blik niet monopoliseert maar vraagt om een veel meer terloops kijken (de glance). Ten tweede is er in de filmtheorie het probleem van de vrouwelijke kijker dat nooit helemaal bevredigend is opgelost, omdat het plezier van het kijken (met de ‘blik’ mee) nu eenmaal als mannelijk was gedefinieerd. Tekst = Context =

Hoe  kijk  je  naar  een  programma,  waarom  en  waar?  

>> een ‘contextuele’ benadering van televisie

 
Werkgroep  Televisie  ||  Bijeenkomst  2  ||  11-­‐11-­‐2011  
Zender Product bewust/onbewust Ontvanger Receptie bewust/onbewust !! ideologie aanwezig bij alle drie aanwezig !! Contextuele factoren hebben invloed op hoe ontvanger beelden bekijkt ‘frameworks of knowledge’ Encoding/decoding Boodschap Tekst

2  

Ontvanger:

- Etniciteit - Geslacht - Opleiding Geld Wereldbeeld Doelgroep Mensen

Productie:

Contextuele factoren hebben invloed op tekst

Dus: constante onderhandeling Volgens Stuart Hall zijn er drie kijkposities: 1) preferred reading boodschap letterlijk overnemen 2) negotional reading zelf betekenis van boodschap bepalen 3) oppostitional reading tegen boodschap ingaan  Ideologie Idee over hoe de wereld eruit ziet of eruit zou moeten zien. Oftewel; Een samenhangend systeem van ideeën waarmee (elementen van) cultuur en samenleving kunnen worden begrepen (denkbeelden). Voorbeelden van ideologie: “ kapitalisme, feminisme, patriarchaat, ‘pro-Westerse’ ideologie, socialisme, nazisme, etc. Dus: ideologie als denkbeeld Ideologische analyse – kijken naar: 1. Hoe worden deze denkbeelden overgebracht? 2. Hoe worden deze denkbeelden geneutraliseerd? 3. Hoe spelen media een rol in ondersteunen van een bepaalde ideologie?  -

(bewust of onbewust?)

Vertoog ‘Discourse’ (Foucault) Alles wat wordt gezegd en geschreven kan worden over een bepaald onderwerp. (Hermes en Reesink) Een vertoog is een manier van spreken en denken over een bepaald onderwerp op een bepaald moment in de geschiedenis, die verschijnt in teksten en de samenleving. (Desi tv BAAS ) >> Vertoog is een kleiner onderdeel van een ideologie. Governmentality

Is   een   combinatie   van   de   woorden   government   en   mentality.   Het   bepaalt   hoe   we   ons   moeten   gedragen,   het   is   een   toegepaste   vorm   van   hegemonie   (heerschappij).   Het   zorgt   ervoor   dat   wij   de   dominante  ideologie  normaal  vinden  en  het  normaal  vinden  dat  het  ons  bestuurd.  Dit  kan  de  staat   zijn,  maar  ook  veel  kleinere  organisaties  als  bijvoorbeeld  de  Bond  Tegen  het  Vloeken.

 
Werkgroep  Televisie  ||  Bijeenkomst  3  ||  18-­‐11-­‐2011  
Belangrijk: elk vertoog is ideologisch geladen Kijkposities Stuart Hall: (Leesposities) 1) Dominant hegemoniale reading: ( dominant hegemoniale lezing ) Dominante ideologie “preferred reading” overnemen 2) Negotiated reading: ( onderhandelende lezing ) Je herkent de dominante ideologie, maar neemt het niet over en gaat er ook niet tegenin. Je onderhandelt met de ideologie. 3) Oppositional reading: ( oppositionele lezing ) Je verwerpt dominant hegemoniale lezing.

3  

Onderzoek & methode van Ien Ang werden sterk bekritiseert. Zij trok conclusies op basis van 40 brieven, wetenschap vond dat destijds te weinig.  ‘Ideologie van de massacultuur’ >> Laag vermaak, geen kunst, slechte invloed IEN ANG KOPPELT HIERAAN VERTOOG ; Hoe wordt over soaps gedacht/gepraat, wat kan hier over gezegd worden? Waar bestaat dit vertoog uit? à Massacultuur (zoals soaps) • Alleen amusement, Commercieel, Voorspelbaar, Onkritisch, Oppervlakkig, Enz… Kijkposities Ien Ang: 1) Hekelende positie: 2) Ironische positie: kijkers ergeren zich, nemen dominante ideologie over Nemen dominante ideologie over of herkennen het en halen plezier uit dat gegeven; ‘misschien slecht, maar we zien dat slecht is en vinden het juist daarom leuk’ 3) Liefhebbende positie: Houden van & houden van met ironie Tegenkracht: Ideologie van populaire cultuur • Over smaak valt niet te twisten • Geen taboesfeer • Koketteren met liefde voor massacultuur • Geen oordeel over cultuurproducten los van hun nut Wat valt op? - ideologie van de populaire cultuur heeft het moeilijk - ideologie van de massacultuur is (nog steeds!) sterk aanwezig

 
Werkgroep  Televisie  ||  Bijeenkomst  4  ||  25-­‐11-­‐2011  
Belangrijke begrippen - Governmentality - Media events - Imagined community - Televisuality (H7) (H8) (H8) (H8)

4  

Visual representation: Culture is saturated with images Representation as reflection/distortion of reality (old view) er is iets à media representeert >> representation = ‘they’ stand in for us Wij voelen onszelf aanwezig in de beelden True meaning vs. Realiteit vs. klopt deze representatie? media representation weergave van de realiteit

Stuart Hall: Klopt niet, is te makkelijk. Er is niet één realiteit en één weergave New view >> Representation as constitute
• Is er wel één gebeurtenis met één betekenis waartegen je je kan afvragen of de weergave wel klopt?

>> Nee! Altijd afhankelijk van interpretatie! Er is nooit één ‘fixed meaning’! True meaning will depend of what meaning people make of it.
Vormen van representatie veranderen en daarom veranderen ook betekenissen van events.

Old view gaat er vanuit dat realiteit altijd maar één betekenis is. New view gaat er vanuit dat realiteit altijd meerdere ‘views’ heeft. Het proces van representatie is essentieel voor het geven van betekenis. Verschillende betekenissen worden gecreëerd door verschillende kanalen. Representatie staat niet los van gebeurtenis. Culture as primary (…?) Culture is the way we make sense, give meaning, to the world. Hall: Cultuur is heel belangrijk (maps of meaning). Door dit te delen, ze overlappen wat andere vinden, kunnen we samen een cultuur maken. Frameworks of intelligibility: Hoe zien wij de wereld?
Conceptual maps: classifying the world >> How do we classify the world? Waar hoort wat bij?

Shared maps of meaning : Culture is a system of representation Cultuur = shared conceptual maps Wij zijn genetisch ‘getriggered’ om te classificeren om de wereld begrijpelijk te maken. Classificaties zijn aangeleerd, doordat veel mensen dezelfde classificaties leren, kunnen we met elkaar praten. Denken is een manier van representeren, ook dingen die we nooit in het echt hebben gezien kunnen we ons voorstellen. Hoe weten we dat anderen hun ‘concepts’ delen? Door taal! Ook bodylanguage, mode, beelden, enz. Taal in de breedste zin van het woord. Discours en reality; ‘Nothing meaningful exists outside of discourse’ Je bent altijd context nodig om iets een betekenis te geven (een voetbal is alleen een voetbal in de context van het spel, zonder die regels kan je hem bijvoorbeeld ook gebruiken voor basketbal of een ander spel. Zonder discourse is het ‘gewoon’ een bal, maar door taal (discourse) krijgt het pas een betekenis. Hiervoor moeten wij onze ‘frameworks’ gebruiken)

 

5  

De wereld heeft geen betekenis, die maken wij. Door bijvoorbeeld te praten of door media. Doordat media zo dominant zijn, hebben zij macht. Welke betekenissen construeren zij? ‘Absence means something!’ (Doordat bijvoorbeeld verwachtingen niet voldaan worden) Betekenis ontstaat door datgene wat we gerepresenteerd krijgen, maar ook door wat we niet te zien krijgen. Deze afwezigheid heeft vaak een grote invloed aan wat voor betekenis wij aan een beeld geven. Power & ideology is trying to fix the meaning of language and images. Meaning can only be changed, because it cannot be fixed. Betekenissen kunnen nooit voor altijd vastgelegd worden, omdat ze constant in verandering zijn. Ideologie probeert betekenis (zo lang mogelijk) vast te leggen en te naturaliseren (dus gewoon te maken, bijvoorbeeld zwart = crimineel). Volgens Stuart Hall komt er altijd een tegenbeweging waardoor betekenis uiteindelijk toch zal veranderen.

 
Werkgroep  TV  ||  Bijeenkomst  5  ||  02-­‐12-­‐2011
Representatie (oud, Stuart Hall) - gebeurtenis wordt gerepresenteerd (één betekenis)/gebeurtenis opnieuw presenteren - persoon representeert volk/vertegenwoordigen Representatie (nieuw, Stuart Hall) - betekenis event staat niet vast Betekenis ‘The Swan’: De vrouw wordt nu pas wie ze wil zijn, ze wordt een beter mens en gelukkiger. Deze betekenis komt door: Setting; personages; cinematografie en narratieve structuur

6  

Wat doet een stereotype? - De betekenis proberen te stoppen, door ergens slechts één betekenis aan te verbinden  Governmentality Legt discipline bij jezelf (je moet er mooi uitzien, wat je moet koken enz.) Tv legt dit je sneaky/subtiel op. Bijv. strenge vader vs. governmentality vader ‘We gaan naar oma, ‘We gaan naar oma. Je jij gaat mee versus ‘ je hoeft niet mee, maar ze houdt wel erg veel van je’ (je kan eigenlijk geen nee zeggen)  Vloeibare journalistiek Vermenging van professionele journalisten en amateur (burger) journalisten. Grenzen vervagen.  Vloeibare moderniteit Een maatschappij waarin onzekerheden, conflicten, revoluties aan de orde van de dag zijn. Er is sprake van constante veranderingen, zoveel zelfs dat de maatschappij deze veranderingen bijna niet aan kan (de ene verandering is nog niet voorbij en de andere dient zich alweer aan)  Oprahification Personaliseren van maatschappelijke problemen, sociale kwesties enz. Bijv. politiek/publieke event van bijvoorbeeld 9/11 wordt ver personaliseert tot weduwe die haar man verloor bij de aanslagen.

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful