1

Geschiedenis van het theater.
Inleiding :
De oorsprong van het theater ligt in een ver verleden, in de religieuze riten van de vroegste samenlevingen. Gedurende de hele geschiedenis van de mensheid kan men sporen vinden van liederen en dansen ter ere van een god, vertolkt door priesters en gelovigen in dierenvellen, en van de uitbeelding van zijn geboorte, dood en verrijzenis. (ook nu nog soortelijke erediensten bij primitieve volkeren)

Heden ten dage verstaan wij onder theater : (drie dingen zijn noodzakelijk) 1. acteurs die onafhankelijk van het oorspronkelijk in unisono = gelijkluidend, dwz met dezelfde toon in verschillende stemmen, optredende koor spreken of zingen. 2. een conflictelement dat overgedragen wordt door middel van dialoog. 3. een publiek dat emotioneel bij de handeling betrokken is. Zonder deze drie elementen kan er wel sprake zijn van religieuze of sociale ceremonieën, maar niet van theater! Beweerd wordt dat de vroegste nog bestaande Egyptische teksten voor begrafenissen en kroningen – waarvan sommige zelfs van 3000 voor Christus dateren – eigenlijk toneelstukken zijn. Maar een protocol voor de kroning is nog lang geen toneeltekst! De gebeurtenis maakt immers deel uit van de werkelijkheid. En volgens Aristoteles (Grieks wijsgeer en wetenschapper 384-322 v. Chr.) is een toneelstuk ‘een nabootsing van een handeling en niet de handeling zelf’. Voordat er van theater sprake kan zijn, moeten we wachten op iets dat wat meer afstand neemt van de werkelijkheid. Op grond hiervan is het eerste grote theatertijdperk in de geschiedenis van de Westerse beschaving dat van Griekenland in de 5de eeuw vr. Chr.

=========================

2

Vooraf : Het ontstaan van de wereld.
Aan het begin aller dingen was de grenzeloze wereldruimte, die de dichters der Oudheid de Chaos noemden. Deze was zonder maat, zonder aanvang en zonder einde; als een gapende leegte strekte hij zich uit in het onmetelijke. Toch bevatte de chaos reeds de grondbestanddelen van al wat bestaat : aarde, water, lucht en vuur. Uit die vormeloze leegte ontstonden Gaea, de aarde en de donkere Tartarus, de afgrond onder de aarde; naast deze beiden ontwikkelde zich Eros, de liefde die werkzaam is in het eeuwig Heelal. Gaea, de aarde, bracht zee en hemel voort. Ook de Titanen, de drie Cyclopen en de drie honderdarmige reuzen zijn kinderen van oermoeder Aarde, want Eros, de albeheersende liefde, bewoog haar om zich met de zee en de hemel te verbinden. Vreselijke dingen worden van die oertijden verhaald. Uranus, de hemel, voelde zich in de wereldheerschappij bedreigd door zijn eigen zonen, de reusachtige Cyclopen, en verbande hen in de diepte van de duistere Tartaros. Tevergeefs trachtte Gaea haar kinderen tegen de haat van de vader te beschermen. Zij riep de Titanen op om hun broeders te redden. Alleen Cronos, de jongste (die de Romeinen Saturnus noemden) waagde het voor zijn broeders op te komen. Het was een vreselijke strijd, waarin Cronos zich stortte. Met zijn scherp wapen, verminkte hij zijn eigen vader, ontrukte hem de heerschappij en maakte zichzelf tot koning. Met deze handeling kwam de misdadigheid in de wereld. Uranus riep zijn zoon toe: ‘eens zal ook één van jouw zonen je van de troon stoten, zoals jij met mij hebt gedaan.’ En inderdaad, jaren later voerde Cronos een verschrikkelijke strijd met zijn zoon Zeus, waarin uiteindelijk Zeus zich de sterkste toonde. Zo kwamen de wraakwoorden van Uranus in vervulling. Zeus troont hoog op de top van de Olympus als Opperste in de kring der goden. Daar valt sneeuw noch regen, geen zuchtje wind wordt er gevoeld. Nectar en ambrozijn is het voedsel der goden en schenkt aan alle hemelingen eeuwige jeugd en onsterfelijkheid. Aldus was de wereld geschapen. Hemel en aarde vormden daarin een welgevoegd gebouw en aan de zee waren haar oevers toegewezen. Lustig krioelend bevolkte allerlei gedierte het aardrijk; in de golven speelden de vissen, in het luchtruim de vogels, en met gezwinde tred bewogen dieren van allerlei soort zich over de aardbodem. Toen kwam de kleinzoon van Uranus, Prometeus op de aarde. Hij was bekend met het goddelijke zaad, dat in de aardbodem sluimert. Van het leem dat hij daaruit nam, vormde hij naar het evenbeeld van de goden een gestalte. Goede, doch ook boze eigenschappen, sloot hij de inborst ervan in. De godin Pallas Athene, die zijn werk met bewondering gadesloeg, blies de bezielde klomp aarde haar adem in en schonk aan het schepsel daarmee de geest, het schepsel dat geroepen was met zijn geest de wijde wereld te beheersen. Aldus ontstonden de eerste mensen. (Fragment uit ‘Griekse mythen & Sagen’ Gustav Schwab = interessante lectuur) (Nog interessant = ‘Griekse mythen’ Imme Dros) Nota: In het primitieve theater ontdekken we de auteur als de meest volledige theatermaker, de absoluut autonome creatieve kunstenaar, alleen gebonden aan de rituele voorschriften, voor wat de rituele toepassing betreft, maar volledig vrij in de ontspanningstoepassing. Hij herwerkt (adapteert – dramaturg) de mythe naar zijn eigen uitdrukkingsmogelijkheden en de bevattingsmogelijkheden van zijn publiek, hij belichaamt zelf het verhaal (brengt het tot leven = acteur) met zijn instrument (lichaam en stem), hij bepaalt het speldispositief en de speelruimte (scenograaf), hij gebruikt technische hulpmiddelen (kostuum/masker = kostuumontwerper) om zijn personages meer karakter te geven en zal lichtinval (zon/vuur = belichter) hanteren om in het masker bijvoorbeeld andere uitdrukkingen te realiseren of om via schaduwen tegenspelers te creëren.

3

Vooraf : Het Grieks-Latijnse erfgoed.
In de 8ste eeuw voor Christus zorgt de invoering van het alfabetisch schrift in Griekenland voor een gemakkelijkere en betrouwbaardere verspreiding van de literatuur. Zo ontstaat een omvangrijke lyrische (literaire vorm die gestalte geeft aan het innerlijke) en epische (wordt gebruikt als verzamelnaam voor alle verhalende literaire werken). Belangrijke namen in het preklassieke Griekenland : Homeros (ca 800 - ? ca 750 v. Chr) schreef de twee grote heldendichten ‘Ilias’ en ‘Odyssee’, waarin legendarische feiten worden verhaald die teruggaan tot de Myceense tijd. (ca. 13de-12de eeuw v. Chr.) Inhoud : Na de val van Troje keert de Griekse held Odyssee terug naar zijn vaderland, het eiland Ithaka. De terugreis zit vol avonturen en tegenslagen, waardoor Odyssee al zijn vrienden en gezellen verliest. Met de hulp van de goden bereikt hij uiteindelijk zijn vaderland. Hij is nog net op tijd om zijn trouwe echtgenote Penelope te bevrijden van een bende opdringerige vrijers. ‘ De Odyssee zou wel eens het meest gelezen gedicht aller tijden kunnen zijn. Zelfs wie het nooit in zijn geheel gelezen heeft, kent wel een van de fantastische avonturen van de listige Odysseus, de gekwelde Griekse held die jaren na de val van Troje moest rondzwerven voor hij zijn vrouw, zoon en vaderland zou terugzien. Wie heeft niet gehoord van de nimf Kalypso, die Odysseus zeven jaren in haar grot vasthield, van het meisje Nausikaä, dat hem uitgeput op het strand van de Phaiaken vond, de Lotoseters, de cycloop Polyphemos, wiens enige oog op gruwelijke wijze door Odysseus werd uitgebrand, van de tovenares Circe, die al zijn makkers in zwijnen veranderde, de blinde ziener Teiresias in de onderwereld, de Sirenen, die hem tevergeefs proberen te verlokken, van Skylla en Charybdis… En natuurlijk van zijn vrouw Penelope en haar opdringerige vrijers, en zijn zoon Telemachos, die knarsetandend wacht tot hij samen met zijn vader wraak kan nemen, met een gruwelijk bloedbad.’ ‘De Ilias: het verhaal over de meest beroemde oorlog uit de Griekse mythologie. Homeros beschrijft ons de laatste dagen van de lange strijd om Troje, niet als het verslag van een reeks gebeurtenissen, maar als dramatisch epos, waarin de gevechten als achtergrond dienen voor het eigenlijke themo: de wrok van Achilles en zijn keuze tussen leven en roem.’

Oorsprong en ontstaan: Theater.
De oorsprong van het moderne theater kan teruggevoerd worden op de ‘dithyramben’ ( dit waren gedanste koorliederen) die gezongen werden (door een koor van 50 mannen) rond het altaar van Dionysus, de god van de wijn. De cultus van Dionysus, en de feesten die te zijner ere werden gehouden, worden beschouwd als de oorsprong van de Griekse tragedie. Het proces waardoor deze ‘godsdienstoefening’ evolueerde tot de volledige Griekse tragedie moet traag zijn geweest. In de ‘eerste toneelstukken’ vinden we steeds de vijftig koorleden terug en altijd staat in het midden van het toneel het altaar van Dionysus.

De prologen geven echter meestal inzicht in de situatie. culturele en sportieve manifestaties. Hij stapte uit het koor (aanvankelijk bestond dit uit vijftig leden geleid door een priester) en maakte van de dienst een vraagen antwoordspel. halfgoden of helden uit het verleden die na een lange mondelinge overlevering hun neerslag vonden in diverse literaire genres) vaak een voorwaarde. Nadien zijn er (Zo werden belangrijke ideeën doorgegeven aan het nageslacht. over het individu en de staat) Het publiek kende de verhalen van alle Griekse toneelstukken bij voorbaat. Chr. en een daaruit voortvloeiende welstand zorgde . de eeuw van Pericles = 5de eeuw vr. maar ook de Panatheneeën invoerde = een feest met wedstrijden. over recht en orde. Als voorbereiding tot de grote boeitijd onder Pericles (500 – 429 v. Het Griekse toneel bereikte een hoogtepunt in de Gouden Eeuw. ook verhalen over halfgoden en helden. legendarische voorouders van de Grieken en de met hen verbonden volkeren terug te vinden. Er was ook nood aan ontspanning! De komedie kwam binnensluipen in de vorm van feestelijkheden die plaatsvonden in de dorpen wanneer de oogst veilig was binnengehaald. Er werd een hele dag gespeeld : drie tragedies.4 Vorm: De lyrische vorm van de dithyrambe verklaart de gezongen koorpartijen en de dichterlijke inhoud in de eerste stukken.) die niet alleen voor een bloeiende handel. huwelijken en overspel en het lot van hun kinderen die zo vaak boetten voor de zonden van hun ouders. Ze werden opgesierd door de grollen van satyrs (half mens. De eer van het inluiden van het theater wordt toegeschreven aan Thespis. De goede of slechte daden van de helden. in de waardering van de acteerprestaties. . de opdracht de grootse zes dagen durende Dionysos-feesten te organiseren. Die kreeg in 535 v. Om de stukken te kunnen begrijpen is kennis van de mythologie (verhalen over goden. Het interessante lag voor de toeschouwer niet in de onbekendheid met het verhaal. zijn een bron van dramatische spanning en dragen het conflictelement aan : tussen mens en god tussen goed en kwaad tussen kind en ouders tussen plicht en passie. Deze conflictelementen resulteerden uiteindelijk in begrip en verzoening tussen de botsende partijen of in onbegrip en chaos. Chr. Ze maakten deel uit van hun religieuze en culturele erfgoed (velen gingen terug tot de tijd van Homeros). Chr. Chr. Inhoud: Oorspronkelijk stonden alleen het leven en de verering van Dionysus centraal. Onder meer over de verhouding van de mens tot het noodlot. gevolgd door een satyrspel --) ontstaan komedie. Uit hun grappenmakerij en uit het ruwe vermaak van andere dorpsfestivals ontstonden de eerste echte komedies in het theater. hun oorlogen. In de gedaante van de god of held wiens daden gevierd werden ging hij in dialoog met het koor. Het Griekse drama bleef niet beperkt tot de tragedie. half geit) die de dienaren van Dionyus waren.) vermelden we de regering van de Atheense ‘tiran’ Peisistratos (600 – 527 v. maar in het kijken hoe de toneelschrijver ermee omging. in de verrichtingen van het koor tijdens het zingen en dansen. vetes.

Zo ontstond de nieuwe kunstvorm : de tragodia waarbij tegenover het koor (als bokken uitgedoste zangers) een tegenspeler werd geplaatst: de hypokriteis = ‘hij die doet alsof. (van 1 = protagonist nr. . 2 = deuteragonist nr. die uit hoofde van hun functie al half goddelijk waren) Thespis’ naam is synoniem geworden met o. De ‘koilon’ = de zitbanken tegen de heuvelflank. dat nog ieder jaar gebruikt wordt voor een toneelfestival in de zomer) Publiek stond aanvankelijk rond deze orchestra. Verschenen ze van links dan werden ze geacht van ver te komen. vlak naast de publieksruimte.5 (Dit was een revolutionaire stap omdat hij de eerste niet-gewijde was die de gedaante van een god aan durfde te nemen. waren afkomstig vanuit de stad of de haven. Langs deze doorgangen kwamen het koor en de ‘spelers die van buiten’ kwamen. De ‘parodos’ = links en rechts van de skène. naar de ‘orchestra’ gebracht : een cirkelvormige plek van aangestampte aarde. wat letterlijk ‘hut’ betekent.a. Tot dan toe was dat het voorrecht geweest van priesters of koningen. waarbinnen het koor zou optreden. de speler’ Later werd het aantal acteurs uitgebreid. (in Athene zuidflank van de Acropolis) Daags voor de spelen. de publieksruimte. Nadien tegen de glooiing van een heuvel. ‘acteren’ = ‘de kunst van Thespis’ en het ‘toneelkostuum’ = ‘thespiskleed’. werd het beeld van de god door de priesters. omringd door een stoet van saters en bokken. (véél later amfitheater) Het oude Griekse ‘theatergebouw’ bestaat uit: De ‘orchestra’ : zie boven De ‘skène’ = tent of houten gebouwtje. 2 = antagonist) (van 1 = protagonist nr. waarin de acteurs zich konden omkleden en van waaruit ook de rekwisieten werden aangevoerd. (prima bewaard in het theater van Epidaurus. 3 = tritagonist) Plaats van actie : Aanvankelijk werd gespeeld op een open plek in het bos of rond een ‘heilige boom’. Deze waren duidelijke gecodeerd: de acteurs die van rechts kwamen. waren twee ingangen voorzien: de ‘parodoi’.

Mannelijke personages (er waren enkel mannelijke acteurs) droegen een donker.6 Hulpmiddelen : Verplaatsbare podia of ekkyklema : soort toneelwagen die naar voor kon worden gerold. om de verstaanbaarheid van de acteur te bevorderen. De mond was wijd geopend. De acteur. licht hout of kurk. in functie van het te spelen karakter. maatschappelijke positie en geslacht van het personage aan. wordt in de 5de eeuw vastgesteld. vrouwelijke personages een helder masker. moest voor de meeste effecten vertrouwen op het bereik en de expressie van zijn stem. die het middel van de gelaatsuitdrukking niet kon gebruiken. woede. en onderaardse gangen (voor de verschijningen) Maskers en kostuums : Wellicht waren bij de oorspronkelijke Dyonisusfeesten de gezichten van de deelnemers beschilderd. (over de evolutie van dit masker is weinig met zekerheid te vertellen) De eerste maskers waren van linnen. een treurend personage is donker. Elk masker gaf niet alleen leeftijd. vaak in trechtervorm en fel geprononceerd. De kleur van het masker en van de haardos. of waren zij bedekt met primitieve maskers. Vernuftige getimmerde decors en periakten = rechtopstaande prisma’s die zich om hun as konden draaien en waarvan elke zijde een eigen beschildering had. een valsaard is ros…… . Een overwinnaar heeft helblonde haren. en waarop de scènes werden vertoond die zich binnenshuis afspeelden. wanhoop. maar ook de dominante emotie: vrees. Machineriën als zweeftoestellen (voor deus ex machina). haat.

Chr. rode. een vleeskleurige maillot. . een grote. Sophocles (Sofocles) en Euripides. Acteurs: Zoals reeds vermeld zijn er enkel mannelijke acteurs de protagonist = hoofdrolspeler de deuteragonist en de tritagonist = tegenspelers Koor : Zong aanvankelijk het verhaal dat de acteurs demonstreerden – nadien leverde het commentaar op de gebeurtenissen. Alle drie hebben zij – op hun manier – een stempel gedrukt op het toneelleven van de ‘gouden eeuw’ = 5de eeuw vr. een korte tuniek die op groteske wijze was opgevuld.7 De kostuums waren lange gewaden. en in de komedies uit Aristofanes’ tijd (ca. 450-380 v. leren fallus. Hij droeg meestal zachte slippers (socci). vaak in felle kleuren (behalve voor rouwenden = donker en voor vorsten = purper) die het lichaam volledig bedekten en hoge schoenen (cothurni) Later werden hun gewaden opgevuld en nam hun lengte toe door een hoofdtooi (onkos) en door dikke zolen onder de schoenen. De dienaren van Dionysus in het satyrspel droegen wollige korte broeken waaraan een staart en een fallus vastzaten.Chr. De drie grote Griekse tragediedichters : Aeschylus (Aischylos).). Het kostuum van de komische acteur moest meer bewegingsvrijheid verschaffen (was een halve acrobaat).

Chr. was een minder krachtig. Agamemnon 2. succesvol en hooggeacht door zijn tijdgenoten. charmant. (ca.525 – 456 v.Oresteia is het enige voorbeeld van een dramatische trilogie die is overgebleven. Hij hield zich meer bezig met de verwikkelingen van de intermenselijke verhoudingen dan die met de relatie godenmensen. maar menselijker schrijver dan Aeschylus. Oidipous’ zoon. . bestaat uit 1. handhaafde hij de traditionele godenwereld. Chr. In de vroegste telt het koor nog vijftig leden en is er maar één acteur. Samen met zijn broers vecht hij mee in de oorlogen tegen de Perzen in de slag bij Marathon (490 vr. Sophocles. Diep religieus van natuur.. Boven Zeus troon de Moira. zeg me….De Perzen = de enige tragedie met een historisch onderwerp die bewaard gebleven is. . Er zijn zeven stukken bewaard: (heeft ongeveer tachtig à negentig stukken geschreven) . Was in zijn jeugdjaren een gevierd toneelspeler. Eumeniden . die met zes andere helden optrekt tegen Thebe. die een serene en weloverwogen aard had. De beide broers en ook de andere zes komen om.8 Aeschylus : (ca. Chr. Bij hem staan het noodlot en de goddelijke macht centraal. door Zeus op de Kaukasus vast gesmeed. een voorstad van Athene. 15/19 ‘Muze. aards en toch grootste weerklank van het verhevene. Zwaar.) Werd geboren in Kolonos bij Athene. Later wordt het koor tot twaalf man teruggebracht en wordt er een tweede acteur ingevoerd en zelfs een derde.) Wordt geboren te Eleusis.Prometheus geboeid = hierin wordt Prometheus. tussen de goddelijke macht en de mens.) Op 25. (Extra info: ‘Nu ben ik alleen’ p. de Titanenzoon.496 – 406 v. Bij Aeschylus overheersen nog traditie en gebondenheid. Al zijn stukken zijn krachtig en majestueus en in prachtige verzen geschreven. Hij was de zoon van een rijke wapenfabrikant. Hij wil deze stad aan zijn broer Eteocles ontrukken. omdat hij voor de mens het vuur van de goden roofde. .101/106) Sophocles.Zeven tegen Thebe = met het vooral uit ‘Antigone’ bekende motief van Polyneikes. waarbij de laatste het onderspit delft. de alvader van goden en mensen en van de door Zeus ingestelde wereldorde. Als dichter van de kracht van het noodlot en van de goddelijke gerechtigheid beschreef hij de conflicten tussen goddelijke en menselijke verplichtingen. De eerste prijs verwerft hij nochtans slechts op 40-jarige leeftijd. Dodenoffer of De Offerplengsters 3. Hierin wordt de slag bij Salamis en zijn uitwerking op de Perzen in de hoofdstad Susa beschreven. de eeuwige rechtvaardigheid. Onwrikbaar is zijn geloof in Zeus.jarige leeftijd nam hij voor het eerst deel aan de jaarlijkse tragediewedstrijd. In zijn stukken kunnen we de ontwikkeling van het Griekse theater volgen. ‘= bloemlezing Griekse literatuur) p. maar moest afhaken omwille van een te zwakke stem.

starheid en ongedurigheid. In al zijn stukken wijst hij er op dat het van belang is maat te houden.Antigone (zij is de dochter van koning Oidipous) . . Het dramatisch conflict wordt een innerlijk conflict tussen verstand en passie. Sophocles zei : Ik toon de mensen zoals ze zouden moeten zijn . was een beetje teruggetrokken en veel individualistischer dan zijn twee voorgangers. modern psychologische. (ca. krijgt een meer ondersteunende functie. Introduceert de tritagonist (derde acteur) --) brengt het dramatisch conflict op gang of lost het op).2de 3de prijs . Sophocles zoekt de synthese van de voor de mens tastbare en grijpbare werkelijkheid met het bewustzijn van de onderwerping aan de hogere transcendentale machten. 19/26 ‘Muze. Het koor komt los van de handeling te staan Euripides staat uiterlijk nog geheel onder de ban van de overlevering en roept soms de ‘deus ex machina’. op.De vrouwen van Trachis. maar is tegelijk de meest realistische.Oidipous in Kolonos.’ p.Electra : Het onderwerp is hetzelfde als van ‘de Offerplengsters’ van Aeschylus en de ‘Electra’ van Euripides. allen bekroond met 1ste. Hij waarschuwt tegen de hoogmoed die de goden tart. Er zijn zeven stukken bewaard : (op zijn naam staan meer dan 120 stukken.9 Verschoof het noodlot meer naar de achtergrond. Euripides zoals ze zijn. en drie stukken over het koningshuis van Thebe : . De centrale figuur is hier Electra en er wordt minder aandacht besteed aan de zending van Orestes door het orakel. modern van visie en naarmate hij ouder werd steeds genadelozer en in zijn tijd duidelijk minder populair dan Aeschylus en Sophocles : hij won de prijs maar vijf keer.Ajax (Aiax) : Het thema is de waanzin en de zelfmoord van Ajax . Chr. . volgens de legende in het jaar van de grote zeeslag. Het Koor is minder in de handeling betrokken. de mens zelf bepaalt in hoge mate zijn lot. de god als ontknoper. (Extra info : ‘Nu ben ik alleen’ p. Hij kwam uit een gegoede familie.480 – 406 v. zeg me….) Werd op het eiland Salamis geboren.Koning Oidipous (onwetend doodt hij zijn vader en huwt zijn moeder ) . Hij weet een zekere harmonie te vinden tussen traditie en twijfel. Twijfelzucht en individualisme treden bij hem naar voren. 107/120) Euripides.Philoktetes . Naast de goddelijke macht hanteerde hij ook menselijke wil en hartstocht als dramatische drijfveren: de rol van de goden wordt minder belangrijk. Hij was sceptsich.

edele. 27/34 ‘ Muze. na drie tragedies.) Als we over de Griekse komedie spreken. Van hen is er nochtans maar één spel bewaard.Andromache .Hecuba . . bewaard: (achttien van de mogelijk tweeënnegentig zijn bewaard) . Van Euripides bleven o. diepe gevoelens. (Ook de grote tragediedichters schreven satyrspelen. Het Satyrspel. Tot zijn vernieuwen behoorde het gebruik van een proloog in de moderne betekenis van het woord. Deze hadden met het daaropvolgende saterspel de thematiek of zelfs de personages gemeen. de nieuwe en de middenkomedie.Bacchanten. maar dan in het zotte) heeft in Griekenland lang stand gehouden. waarbij de spelers vele dierlijke trekken vertoonden: een masker met een korte. wel om de meer primitieve aspecten van de mens. Werd gespeeld door de volgelingen van de god Dyonsus. Het saterspel onderscheidde zich van de komedie doordat het nooit afzonderlijk werd opgevoerd. zelfs melodrama’s. Een aantal ervan zijn studies van abnormale gemoedstoestanden en hij was geïnteresseerd in de psychologie van de vrouw. een satyrspel werd opgevoerd (waarin dikwijls eenzelfde geschiedenis werd vertoond. horentjes…. Vaak schildert hij hen af als zeer gepassioneerd en tamelijk gewelddadig. Dit bezorgt hem de reputatie van een vrouwenhater (Aristofanes laat in zijn Thesmoforiazousai de vrouwen Euripides om deze houding lynchen).Medea . Chr.De Cycloop (satyrspel) (Extra info : ‘Nu ben ik alleen’ p. stompe neus.Trojaanse vrouwen . De spelers waren gewoonlijk gehuld in dierenvellen (bokken). maar enkel een toemaatje was bij een reeks tragedies. zodat er toch een zekere eenheid bewaard bleef. zeg me…’ p. grove wenkbrauwen.) De Griekse Komedie.Iphigeneia in Taurus . . niet langer pure tragedie maar tragi-komedie. Hieruit ontstond de komedie (ca. wordt er meestal onderscheid gemaakt tussen de oude.Hippolytos .a. om de situatie aan het begin van het stuk samen te vatten. In het satyrspel gaat het niet om hogere. 121/126.Electra . 500 – 400 v. Kyklops van Euripides) De traditie dat er op de Dionysosfeesten.10 Zijn stukken zijn nu nog populair : ongewoon realistisch. nl.

via de mond van het koor. De kleding en de maskers zijn natuurgetrouwer. Deze waren echter niet heel rechtlijnig uitgeschreven. in de nieuwe komedie krijgen ze een reëel karakter mee. . grillige fantasie.en zedenkomedie toe.phallus De personages in de oude komedie zijn nog geen waarachtige karakters. In de komedie zijn ze veeleer het product van een vrije. Door zijn opbouw en door zijn inhoud staat naar onze begrippen de oude komedie dichter bij een ‘revue’ dan bij een blijspel. De kleding is schaars en de acteurs zijn wanstaltig (bv. Bijna volledig overgebleven zijn : Het Meisje van Samos Het Scheidsgerecht. De structuur is volledig nieuw. De komedie krijgt bij hem een meer universele waarde. (343 – 293 v. naar de karakter. terwijl de oude komedie hoofdzakelijk uit het aaneenrijgen van losse tafereeltjes en kleine sketches bestond. dat hen tot individuen maakt. Er is geen optreden meer van het koor.) Een aristocraat. Daarnaast krijgen we in de nieuwe komedie voor het eerst een waarachtige intrige.11 De oude komedie geeft meestal kritiek op eigentijdse toestanden in de vorm van een klucht. Wel is het zo. Chr. Ook in het spel wil men de realiteit zo goed mogelijk weergeven. en een aanhanger van de verfijnde levenswijze van het Hellenisme. waarbij de auteur zich. omdat het behandelde onderwerp de grenzen van tijd en ruimte overschrijdt. Onder de belangrijkste auteurs (er blijven geen werken bewaard) citeren we Antiphanes en Alexis. rechtstreeks tot het publiek wendt. De aankleding bij de komedie is grotesk. subtiele beschrijving van de personages. of in revuestijl. zoals dat bij de tragedie het geval was. Eigenheid van de komedie was de parabase: een moraliserende passage. Hierover weten we maar weinig. van de klucht. dikke buiken). Dikwijls dragen ze een grote –al dan niet geërecteerde. De nieuwe komedie Waren de personages bij de oude komedie te veel ‘types’. De maskers tonen ons grijnzende afstotelijke gezichten. Zijn werken werden gewaardeerd om de intelligente. die te onderscheiden zijn van hun soortgenoten. dat tussen 406 (Peloponesische Oorlog) en 336 (de vestiging van het rijk van Alexander de Grote) zich een hele evolutie heeft voltrokken. (maskers werden dan afgenomen) De auteur ging dikwijls over tot het hekelen van personen of politieke toestanden. Was op dezelfde manier opgebouwd als de tragedie: dezelfde afwisseling van koorzangen en epeisodia. De middenkomedie vormt de overgang tussen de oude en de nieuwe komedie. Belangrijke figuur in dit verband is Menandros.

conservatief zelfs. Was verre van progressist. met een hoog politiek en moreel doel. de Attische komedie verheven tot een kunstwerk. (Aristofanes) (ca. Chr. later drogredenaar) Naam gegeven aan rondtrekkende en elkaar beconcurrerende leraren in de Gr. maar hun hoofdbekommernis was in het algemeen het aanleren van retorische technieken en allerlei argumentatiestrategieën nodig voor een succesvolle carrière in het publieke leven. Was veeleer behoudsgezind. Was een fel tegenstander van nieuwe denkrichtingen en filosofische strekkingen. maar ook van een verfijning en een kunstenaarschap die zich slecht laten verenigen met de obscene elementen die men in het algemeen in de komedie aantreft. Geeft blijk van een grote vitaliteit op het gebied van de komedie. In een context van groeiende nood aan verstandelijke ontwikkeling verschaften zij tegen forse betaling een vorm van hoger onderwijs aan bemiddelde en ambitieuze jongeren. een meedogenloze satire op de kwalen van onze staat en zijn machthebbers. van Gorp e. die hen verweet alleen in de kunst van het overtuigen en niet in de waarheid te zijn geïnteresseerd. Hun slechte reputatie (vgl. wijze.) . Chr.a.) Zegt over zichzelf : ‘Van een louter vermakelijk en grof kluchtspel heb ik. In zijn komedies trok hij dan ook fel van leer tegen ondermeer de Sofisten*. tegen scepticisme. (Uit ‘Lexicon van literaire termen’ : H. tegen de filosoof Socrates en tegen de tragediedichter Euripides. *Sofisten : (Griekse geleerde. Steden van de 5de en vroege 4de eeuw v. Ze hadden een ruime interessesfeer. 450 – 380 vr. schijnredenering) hebben ze vooral aan Plato te danken. sofisme = drogreden.12 De belangrijkste figuur is echter Aristophanes.

Zij zorgen ervoor dat het volk besluit het bestuur van de staat aan de vrouwen over te dragen. Op dat moment zijn Euripides en Aischylos aan het twisten in de Hades over het recht op de troon van het treurspel. (Extra info : ‘Muze. (is dus een satire op Euripides) De Rijkdom (Ploutos) = over de onbillijke verdeling van de rijkdom en het vraagstuk van het communisme. overleggen de vrouwen hoe ze Euripides onschadelijk kunnen maken. Thesmoforiazousai of Vrouwenfeest = jaarlijks vierden de vrouwen in oktober een vruchtbaarheidsfeest. waarvan er elf zijn bewaard: De Wolken = een satire op de sofistenwijsheid. als deze geen vrede sluiten. Aischylos is dus de grootste tragedieschrijver.13 Aristophanes schreef veertig blijspelen. Ekklesiazousai of Vrouwenparlement= De vrouwen van Athene hebben het plan opgevat om hun stad te redden. communistische ideeën. ontvouwt haar revolutionaire. De tragediedichter heeft de vrouwen een slechte naam bezorgd door in zijn treurspelen al hun listen te verklappen. die door Oorlog in een spelonk in het godenland is opgesloten. ten hemel stijgt om Vrede te halen. 127/135 =========================== . die. De Vogels = een utopia = de fantastische vlucht uit het dagelijkse leven in Athene vol burgertwisten en Oorlogsdreigingen naar de wonderstad Wolkenkoekoeksheim. Aischylos keert terug met Dionysos. In mannenkleren gehuld en met aangeplakte baarden gaan zij naar de volksvergadering. Een aanval op de ‘moderne opvoeding’ van de sofisten en rethoren en de ‘denkrommel’ van Socrates. die voor vrouwen normaal streng verboden is. Praxagora. zeg me…. Het feest heette de Thesmoforia. De Wespen = spot met de manie voor processen en het dienstdoen als jurylid. op een reusachtige mestkever rijdend. hun leidster. in Socrates verpersoonlijkt. Hij wil Euripides halen om de Atheners raad te geven. vredelievend aan de mannen alle amoureuze toenadering weigeren. (orde op zaken stellen) Profiterend van het feit dat ze op dit feest onder elkaar zijn.’ p. Verder schreef hij drie vrouwenkomedies: Lysistrata of Vrouwenstaking = het spel waarin de Atheense vrouwen. terwijl hij Sophocles als zijn zaakwaarnemer achterlaat. Euripides mag het vervolgens opnemen tegen Sophocles. De Kikkers = Dionysus gaat naar Hades en waadt door de Styx onder het gekwaak van kikkers. De Vrede = met een boer als hoofdpersoon.

jong en oud.14 Om ons overzicht volledig te maken noteren we nog : (ter info) Socrates (468-399 v Chr. d.z. Het geweten vertelt wat juist is! Hij die weet wat goed is. de eerbied voor het leven en de plicht van de geheimhouding zijn de pijlers van de plichtenleer. Plato (428-347 v. terecht te wijzen. Chr. Chr.) = Filosoof : Beschouwde het als zijn taak. in 404 v Chr. De leer van Socrates kennen wij door een andere filosoof. tot het uiterste doorgevoerd. met ieder van u. Hij trachtte hen in gesprekken zelf het antwoord te doen vinden op de echte levensvragen. die ik op mijn weg aantref. nl. waarin hij Socrates laat optreden als belangrijkste gesprekspartner.w. Hij liet zijn grondbezittingen na aan de Academia.) Deze schreef al zijn weken in de vorm van dialogen. wat hij aanziet als doel van de filosofie: En zolang ik adem en daartoe in staat ben. Was tegelijkertijd een fascinerende persoonlijkheid en een geniale filosoof. uitgevraagd en uitgehoord zal hebben. kreeg hij veel tegenstanders: men noemde hem ‘de wesp’. ik zal niet weggaan voordat ik hem ondervraagd. Mijn enige taak is: rondgaan van straat tot straat om u ervan te overtuigen. ge zijt een Athener. maar eerst en vooral om uw ziele-welzijn. Op grond van valse beschuldigingen werd hij veroordeeld tot het drinken van de gifbeker. Plato’s geschriften laten ons iets zien van zijn desillusie over de democratie die. niet in de eerste plaats bekommerd te zijn om lijf en goed. Ik zal u zeggen zoals ik het gewoon was : ‘Waarde vriend. En gij schaamt u niet u in te spannen om zoveel mogelijk geld bijeen te schrapen en roem en eer ! Maar om inzicht en waarheid en om de volmaking van uw ziel bekommert ge u niet ! Daar kijkt ge niet eens naar om !’ En mocht iemand van u dit betwisten en beweren dat hij er wèl zorg voor draagt. neen. met u aan te sporen. tot de ondergang van Athene leidde. opdat er een school voor filosofie zou worden gesticht.) Was er op gericht de geneeskunde aan de magisch-religieuze sfeer te onttrekken en haar een wetenschappelijke basis te geven. Het welzijn van de zieke. zijn medeburgers op te roepen tot een ‘goed zedelijk leven’. vlak bij Athene. dan zal ik hem niet gemakkelijk loslaten. zal ik nimmer ophouden met filosoferen. een burger van de grootste en om haar macht en wetenschap meest vermaarde stad. (eed van Hippocrates) . Hippocrates (ca 460-370 v. (In onderstaand fragment laat Plato Socrates zeggen. zal ook het goede doen! Omdat Socrates zijn stadsgenoten steeds op de tenen trapte door vragen te stellen naar hun diepste gedachten. Andere werken vermelden abstracte filosofische doctrines (leerstellingen) ----) in het bijzonder zijn ‘Ideeënwereld’.

) Demosthenes (384 – 322 v Chr. goochelaar en grappenmaker. De mimekunstenaar (niet de verwarren met de pantomimespeler) was naast woordkunstenaar.15 Aristoteles ( 384. de bluffer. blijven de mannelijke personages een karikaturale phallus dragen!) De personages zijn veelal dezelfde: de snul. (= catharsis). De mimespelen werden niet in een theater opgevoerd. Ook vrouwelijke mimespelers kwamen voor! (mimespelers stonden –in vergelijking met tragedie. Chr. Een echt decor was er niet aanwezig. enz… . muzikant. de bedrogen echtgenoot. Schreef een verhandeling: De Poëtica. Chr.) was de theoreticus van het Griekse toneel.niet hoog in aanzien) Het mimespel werd geïmproviseerd. Aan de hand van ‘Oidipous’ van Sophocles stelde hij een lijst op met kenmerken van de tragedie zowel wat vorm als inhoud betreft. Volgens hem was het doel van een tragedie vrees en medelijden bij de toeschouwer opwekken. zodat hij gelouterd. maar wel op een houten staketsel of platform: vier houten palen en een plankenvloer. (zie Regie-theorie : Aristotelisch drama) Twee belangrijke Redenaars : Isocrates (436 – 338 v Chr. het twistend echtpaar. (tot in de 5de eeuw na Chr. en triviaal. maar toen moet de mime al eeuwen oud geweest zijn. is er in Griekenland voor het eerst sprake van mime.en komediespelers.322 v. (Mimus) Is waarschijnlijk zo oud als de mens zelf. De aankleding is grotesk. ook nog verteller. Mime komt van het Griekse ‘mimos’: hij die nabootst. ironische nabootsing van de medemens. Nochtans werden de teksten niet opgeschreven. volgens een vooraf bepaald en vastgesteld schema. gezuiverd naar huis kon. zanger.) ========================== De Mime. Het is de primaire. acrobaat. In de 5de eeuw v. de lichtekooi. waarin hij probeerde het wezen van de tragedie te vatten.

eventueel uitgebreid met een exodium in de vorm van een mimus of Atellana. Hiervoor vertaalde hij o. De zeldzame nog overblijvende tragediedichters schrijven hun stukken als LEESDRAMA’S. De Romeinse tragedie / De Romeinse komedie : Op het einde van de 3de eeuw worden enkele uit het Grieks vertaalde tragedies in Rome opgevoerd.m. en nam hij bepaalde machtige Romeinse families op de korrel. drama’s deel aan de Romeinse Spelen. maar slechts één werd opgevoerd. naar het platvloerse toe. Chr. In zijn toneelstukken verwees hij echter direct naar actuele politieke toestanden. In de vroege Romeinse samenleving werd de ‘Fabula Atellana’ verkozen boven de Griekse toneelkunst. Buiten theater worden er ook mimespelen. dan de klassieke Griekse tragedie. een oude seniele gierigaard. Gnaeus Naevius : Maakte als soldaat de Punische oorlog mee. De spelers zijn steeds weerkerende archetypes: De ‘Maccus’. nam hij met zijn . waar hij leermeester van de kinderen werd. In 235 v.16 De situaties en de gebruikte taal zijn gewaagd. losbandige vaak gebochelde dwaas De ‘Pappas’. maar met veel ruimte voor improvisatie. Chr. Daar evolueerde ze tot Fabula Atellana naar het stadje ‘Atella’. De mime is waarschijnlijk nauwer verwant met de primitieve vruchtbaarheidsfeesten ter ere van Dionysus. Het principe van ‘Panem et circenses’ (brood en spelen) viert hoogtij De tragedie is op sterven na. (theater als politieke volkskritiek) Uiteindelijk werd hij verbannen. die in 272 v. de Odyssee van Homeros in het Latijn. zonder vaste plot.en leeuwengevechten ten tonele gevoerd. precies omdat ze in Romeinse ogen iets ‘van eigen bodem’ was. De voorstellingen evolueren echter meer en meer tot ‘shows’. kwam de Griekse mime via Sicilië naar Midden-Italië. dood. een vraatzuchtige. in handen viel van de Romeinse patriciërsfamilie der Livii. kaalhoofdig maar met een lange baard en een geweldige buik. (Dit had belangrijke gevolgen: de auteurs dienden geen rekening te houden met de speelbaarheid!) In vergelijking met de Griekse drama festivals stellen we vast dat in Rome niet drie stukken. In 240 v. of spektakels zoals gladiatoren. In de 3de eeuw vr. Chr. We hebben hier te maken met een kluchtig spel van boerse humor. Chr. Figuren uit de Romeinse tragedie zijn : Livius Andronicus : Een Griekse slaaf. De mimespelers werden daar histriones genoemd. liet hij op de ‘Ludi Romani’ Griekse drama’s in een Latijnse vertaling opvoeren. Vandaar het succes van de komedies. Het publiek komt naar het theater om zich te amuseren.

Tot in de 19de eeuw zouden de West-Europese toneelschrijvers zich streng houden aan de indeling die Seneca aan zijn drama’s gaf : 5 bedrijven (waarbij de proloog in het eerste bedrijf was opgenomen). en benoemt hem tot leermeester van haar zoon. de latere keizer Nero. Nochtans heeft hij als toneelauteur een grote invloed uitgeoefend op het latere West-Europese theater. maar diens vrouw Agrippina slaagt erin hem te doen terugroepen in 49. maar waarschijnlijk ook doordat hij niet gebonden was aan bepaalde beperkingen die een voorstelling met zich meebrengt. Chr. en hij bepaalde dingen wel kon neerschrijven. Misschien ook omdat hij in een bepaald gruwelijke tijd leefde (Keizer Nero). en een koor. Zijn navolgingen van Griekse tragedies zijn overdreven en zelfs grotesk. bombastisch en retorisch. Geen enkel stuk werd tijdens zijn leven opgevoerd. bewerkt door H . doordat zijn drama’s leesdrama’s waren. In eerste instantie natuurlijk. Verder is het gruwelijke een essentieel bestanddeel van zijn werk. Onder Nero krijgt Seneca zeer veel macht. maar toch wijken zijn stukken in belangrijke mate af van het werk van zijn Griekse voorganger. (door keizer Claudius wordt hij negen jaar verbannen naar Corsica. Niet zelden klinken hun ontboezemingen dan ook hol en vals. en hij dus alles veel plastischer en realistischer kon voorstellen. Claus ) (Extra info : Fragment uit ‘‘Phaedra’ in een bewerking van H. zowel in gevoelens als in de stijl.) Afkomstig uit Cordoba. maar in 65 in ongenade gevallen pleegt hij zelfmoord) Schreef zijn stukken al leesdrama’s. dat buiten de eigenlijke actie van het stuk wordt gehouden. Hij was filosoof. ook leermeester en later raadsman van Nero. en dat enkel een beschouwende rol speelt. kwam Seneca in Rome terecht. Ook zijn zijn stukken doorweven met een overdreven pathos : de personages drukken zich overdreven geladen uit. Deze is kunstmatig.m. Liet zich inspireren door de tragedies van Euripides. die Euripides niet kon laten spelen. moord niet door een bode te laten vertellen…) In zijn karaktertekening vervalt hij in grote wit-zwart tegenstellingen: de misdadigers kunnen inderdaad niet boos genoeg zijn. Claus. toneelauteur en staatsman. (in een leesdrama diende hij de gruwel van bv. – 65 n. Enkele van zijn werken die bewaard zijn gebleven : Medea – Phaedra – Oidipous – Agamemnon – Thyestes (o.) .17 De belangrijkste figuur uit de Romeinse tragedie is : Lucius Annaeus Seneca : (4 v. Chr.

waarbij hij soms twee Gr. Ondanks het wat stereotiepe karakter van de personages (onbesuisde jongelieden. die in het Romeinse rijk een actieve bloei kenden.en plaatsnamen. Chr. krijgen zijn blijspelen waarde voor het Latijnse publiek. en uit ongeschreven mimespelen. Ook door bepaalde toespelingen. Hij bewerkte o. wel integendeel… De belangrijkste figuur uit de Romeinse komedie is : Titus Maccius Plautus : (245 – 184 v. Mist de extravagantie en de inkleuring van Plautus---) vandaar minder populair bij het grote publiek. de ‘nieuwe komedies’ van de Athener Menandros. en valt uiteen in een aantal tafereeltjes.a.18 Wat de komedie betreft toonden de Romeinen zich eveneens trouwe navolgers van de Grieken. Zij beschouwden echter dit ‘plagiaat’ niet als een oneer. herinnert aan de elegantie van de originele Griekse stukken. hun zuivere taalgebruik en de knappe intrige-opbouw hebben ze altijd bijval van de aristocraten gekregen. maakte hij zeer vrij gebruik van de tekst. Plautus opvolger als schrijver van blijspelen is : Terentius : (190-159 v.a. Om hun charme. opschepperige soldaten. Wel houdt Plautus de Griekse persoons. Geschreven voor een eenvoudig.) Het raffinement dat in zijn zes komedies zichtbaar wordt. komedies tot één verwerkte. inhalige koppelaarsters…) worden ze altijd op ongedwongen en op levendige wijze gepresenteerd. Zijn stukken krijgen een klassieke status bij de lezers van de goede smaak. Hij blinkt uit in fantastische situaties en extravagant taalgebruik. zowel in de intrige als op de personages. van de Athener Menandros). . maar hij geeft alles een Romeins tintje.) Zijn stof haalde Plautus uit de nieuwe Griekse komedies (o. De intrige wordt losser. wat ongecompliceerd publiek. Chr.

‘De natura rerum’ = Over de aard van de dingen. dat men bij het begin van de voorstelling naar beneden kon laten zakken. De vorm van de Romeinse orchestra bestaat nog slechts uit een halve cirkel en sluit aan bij de zeer hoge en brede skene.en stierengevechten.) wordt beschouwd als een lyrisch dichter in de moderne betekenis van het woord. geheel of gedeeltelijk. maar midden in de stad. die even hoog is als de buitenmuren van het theater. Voor het proskenion bevond zich een gordijn. Boven het amfitheater werd soms. en is doorgaans rijkelijk versierd met beeldhouwwerk. De Romeinen namen de vorm van de Gr.of straatgezichten. Hij maakte deel uit van een groep jonge avantgarde. Zijn vroegtijdige dood betekende een groot verlies voor de literatuur. of wat er van overbleef diende op het proskenion te evolueren. Zijn gedichten bezingen zijn liefde en vervolgens zijn haat jegens de vrouw die hij ‘Lesbia’ noemt.Chr). Periakten werden achter de poorten opgesteld. =============================== De Romeinse theaterbouw. een velum gespannen. en waren beschilderd met bos. in een kleine gracht. =============================== . Catallus (ca 85 – 45 v.dichters. Soms kon ze zelfs onder water gezet worden. Chr. die stierf na voltooiing van zijn grote commentaar op de filosofie van Epicurus. Hier bevinden zich de voorbehouden plaatsen voor de senatoren en de patriciërs. Zo werd het theater niet meer gebouwd tegen een heuvel of bergrug aan. De halfcirkelvormige orchestra is niet meer bedoeld als speelplaats voor de acteurs. Ook zijn vriendschappen en vijandschappen komen aan bod. Ook kon er eventueel ’s nachts worden gespeeld! Het theater was dan verlicht met ontelbare fakkels. openluchttheaters over. doortrokken van bekeringsijver. De skene heeft verdiepingen. Het koor. maar brachten toch enkele ingrijpende wijzigingen aan. om het publiek te beschermen tegen de al te felle zonnestralen. De orchestra kon in bepaalde theaters afgesloten worden.19 Nog twee dichters die mee het einde van deze periode markeren : Lucretius (ca 94 – 55 v. om als speelplaats te dienen voor gladiatoren.

Wij kennen zijn kwaliteiten en gebreken gedetailleerder dan van welke andere schrijver uit de Oudheid ook! Hij beschikte over een evenwichtige en beheerste stijl. dat hij aanvaardt met de moed een Romein waardig. beschouwd als het uiteindelijk doel van de dwaaltocht van Aeneas. Chr. Ze hebben een losse vorm en een plezierige achteloosheid. Voor alles gaat het om een dichterlijke kunstuiting en niet om een agrarisch handboek. evenals een uitgebreide correspondentie over openbare en privé-aangelegenheden. waarbij men er naar streeft iedere omstandigheid ten voordele van zich of van zijn partij aan te wenden) in ogenschouw neemt en zijn voorkeur voor uitvluchten waarvan hij als politicus blijk gaf.) Is een man van zijn tijd en geen ziener. Zijn ijdelheid is een van zijn andere zwakheden en zijn liefde voor de vergane glorie van de Romeinse senaat maakt hem blind. maakt hij net als Demosthenes de zaak van de verliezers tot de zijne. Zijn persoonlijkheid is aantrekkelijk vanwege zijn liefde voor de literatuur en de filosofie. heeft dit lofdicht op Rome de latere generaties gefascineerd. Horatius : (65 – 8 v.-14 n. In een reeks vreselijke aanklachten tegen Marcus Antonius tekent hij eigenlijk zijn doodvonnis. filosofische en retorische verhandelingen. essays. Zijn Oden.20 (interessant om te weten!) Het ‘Gouden tijdperk ‘ in Rome komt er aan met : Cicero (106 – 43 v. geschreven in harmonieuze verzen. dat Rome verbindt met de Griekse mythologische wereld. helder en expressief. Grote namen zijn Vergilius : (70 – 19 v. Chr. rijk en ontroerend en met oneindige mogelijkheden. de maatschappij en de literatuur weergeven. Zijn Satiren en Epistolae (brieven) zijn geïnspireerd op zijn Latijnse voorganger Lucilius. Chr. Hij schreef een leerdicht over de landbouw = Georgica : Het zijn fijnbewerkte.) = achterneef van Julius Caesar werd een gunstig klimaat geschapen voor de dichtkunst. die nauwelijks innemend is.Chr.) Tot zijn werk behoren openbare en privé redevoeringen. veroorzaakt door burgeroorlogen. Met Caesar Augustus (31 v. zijn vervaardigd met groot vakmanschap. Hij maakt gebruik van zijn voorgangers.Chr. van Homerus tot Lucretius. Komen daar nog bij zijn gehechtheid aan vrijzinnige en menselijke waarden. die de Griekse lyrische gedichten navolgen. naar de eisen van het ogenblik. Door zijn symbolen. De overwinning van Augustus maakte een eind aan een eeuw vol barbaarse onrust en wreedheden. om zijn werk te verrijken met literaire toespelingen. Ze is het minder als men zijn opportunisme ( het handelen zonder bepaald beginsel. profetieën en voorspellingen heeft het dichtwerk betrekking op Augustus en zijn heldendaden. harmonieus in het ritme. Gedurende de crisistijd. dichterlijke beschrijvingen. Zijn belangrijkste werk is zijn heldendicht : Aeneis.) Hij verheerlijkte de terugkeer van de vrede en het aanzien van Rome. Ondanks de held. en in het Latijnse Westen heeft het tot in zeer recente tijd een gelijkwaardige plaats ingenomen als Homerus in het Griekse Oosten. voorbeelden. . terwijl ze met een lichtvoetige humor en rustige wijsheid de opvattingen van de schrijver over het leven.

Chr. Hij kruidt zijn teksten met spitsvondigheden en soms ook met harde opmerkingen. Deze compilatie wordt vooral beschouwd als een lofdicht op Rome. door de dood geobsedeerd temperament. Het is geen kritische geschiedschrijving. Chr. neurotisch.).) heeft een complexere persoonlijkheid met een droefgeestig.) = Ab urbe condita = De geschiedenis van Rome. zowel in de inhoud als in de vorm.Chr. en dankzij zijn virtuoze taal kan hij ongedwongen. De voornaamste prozageschriften uit de tijd van Augustus zijn de boeken die ons nog resten van Titus Livius (59 v. van de wat kwetsbare elegantie van een man van de wereld. ================================= . maar de opeenstapeling van legenden en. Zijn gedichten weerspiegelen zijn hevige stemmingswisselingen. historische onderwerpen zijn een voorbeeld van vertelkunst. Het blijft plezierig om te lezen en is soms meeslepend. in alle mogelijke vormen. – ca 18 n.) geeft in zijn elegieën over zijn jeugdliefdes blijk. Chr. Dit enorme boekwerk verhaalt de geschiedenis van de stad vanaf de stichting tot de tijd waarin de auteur schrijft. Hij kent de menselijke natuur. spreekt over twee liefdesgeschiedenissen die slecht aflopen. melancholisch en ingehouden.Chr. Ovidius (43 v.21 Verder nog drie dichters waarvan elegische dichtwerken voor ons bewaard zijn gebleven zijn: Tibullus (60-19 v. – 17 n. Zijn belangrijkste werk: de Metamorfosen = een bundel mythologische verhalen.Chr. het altijd populaire thema van de liefde analyseren. Propertius (ca 50-16 v. soms verdraaide.

22

HET MIDDELEEUWSE THEATER.

Wat voorafging + Inleiding. Voor Aristoteles (384-322 v.Chr., in de 4de eeuw vr. Chr. de eerste grote theoreticus van het genre, was het drama het summum van alle literatuur. In zijn eigen tijd werd hij in Griekenland dan ook geconfronteerd met een ongeëvenaarde bloei van de dramatische kunst in de tragedies van Euripides (Medea), Sophocles (Koning Oedipus, Antigone), en de komedies van Aristofanes (De vogels) . In hun spoor ontstonden ook in het Antieke Rome belangrijke dramatische werken. In de 3de tot 2de eeuw v. Chr. was Plautus (Aulularia) werkzaam als dichter van komedies en in de 1ste eeuw n. Chr. volgde Seneca (Phaedra) vooral de Griekse tragedies na. Tijdens de laatste eeuwen van het Romeinse keizerrijk geraakte de dramatische kunst in vergetelheid en toen de Germanen in de 5de eeuw n. Chr. het Westen onder de voet liepen, waren de grote theaterdichters nog enkel als leerstof op retorenscholen of als private lectuur bekend. En omdat ook de Germanen zelf het dramatisch genre niet kenden, ging het in de vroege Middelleeuwen uiteindelijk nagenoeg helemaal verloren. Alleen rondreizende histriones of beroepsacteurs hielden met hun triviale kluchten of pantomimes de notie van toneel of theaterspel enigszins levend. Na eeuwen van vergetelheid werd in de 10de eeuw het dramatische genre opnieuw ontdekt en ontwikkelde er zich een nieuwe theatertraditie in West-Europa. Met West-Europa bedoelen we meer specifiek onze eigen regio (Noordelijke en vooral Zuidelijke Nederlanden) en onze buurlanden (Frankrijk, Duitsland en Engeland), waar het dramatische genre zich het eerst en het omvangrijkst ontwikkelde. Wat de tijd betreft, gaat het om een periode vanaf het midden van de 10de tot en met de eerste decennia van de 16de eeuw. In die ruim zes eeuwen omvattende tijdsspanne is het dramatische genre, haast toevallig ontstaan binnen de Latijnse liturgie van de christelijke Kerk, uitgegroeid tot een indrukwekkend geheel van religieuze spelen in de verschillende volkstalen. Onder andere door religieuze omwentelingen aan het begin van de 16de eeuw, ontwikkelde zich vanaf de 15de eeuw op zijn beurt een profaan toneel dat tenslotte de Middeleeuwen zou overleven, in de zedenkomedies van het humanisme en de Renaissance. Het dramatisch genre onder de loep. Volgens Aristoteles is een drama in wezen de uitbeelding van een verhaal. Het drama is bijgevolg een multimediaal genre dat niet enkel gebruikmaakt van woorden maar ook van visuele en akoestische middelen. Dat gebeurt door acteurs op een beperkte plaats (het toneel) gedurende een beperkte tijdsspanne (eenheid van tijd en ruimte). De handeling zelf is gestructureerd volgens de spanningscurve van ontstaan, climax en ontknoping van één intrige (eenheid van handeling).

23

Thematisch gaat het bij een drama in de grond altijd om de voorstelling van een confrontatie van de mens met de werkelijkheid in en rond zichzelf. Dat conflict weerspiegelt uiteindelijk (nog steeds volgens Aristoteles) de oerstrijd tussen de mythische machten van goed en kwaad, die aan de basis liggen van de werkelijkheid en de geschiedenis van de mensheid. Belangrijk is tenslotte nog Aristoteles’ bewering dat een drama door zijn opvoering bij het publiek gevoelens van angst en medelijden met een held wil opwekken, om de toeschouwer een heilzame catharsis of innerlijke bekering te laten ervaren. Hoewel het middeleeuwse theater beslist enkele kenmerken gemeen heeft met de definitie van Aristoteles, vallen bij een benadering toch eerder de verschillen dan de gelijkenissen op! Het toneel beperkte zich meestal niet tot één enkele locatie maar kon symbolisch tegelijk hemel, hel én aarde voorstellen. Het uitgebeelde verhaal kon een tijdspanne van meerdere jaren tot eeuwen omvatten. De handeling vertoonde vaak nogal wat epische karakteristieken, zoals het optreden van een commentator. Een rechtlijnige opbouw van de intrige tot aan de climax én de ontknoping van een dragend conflict blijft evenmin een vaste regel. Overigens kende het middeleeuwse drama niet de expliciete opdeling in aktes en scènes, maar verliep het spel in één grote, aanhoudende beweging. Meer dan drama was met name het religieus theater hoofdzakelijk Schauspiel, schouwtoneel. De neergeschreven tekst van een toneelstuk bezat niet meteen een eigen waarde maar gold slechts als de ‘partituur’ voor de opvoering, die het drama pas echt creëerde. Tenslotte beoogde het middeleeuwse toneel ook niet in de eerste plaats een catharsis op te wekken bij het publiek, maar wel de toeschouwer te beleren. Drama in de Middeleeuwen gold niet wezenlijk als ‘schone kunst’, maar had –naast vanzelfsprekend een ontspannende- vooral een nuttige, didactische functie.

Hergeboorte van het drama in de liturgie.
1. Van de vroege tot de hoge Middeleeuwen. (10de – 12de eeuw) De hergeboorte van het drama in West-Europa vindt plaats tijdens de 10de tot 12de eeuw; Achtergrond : Bij het begin van die tijdsspanne bevond het Frankische keizerrijk –door Karel de Grote in de voorgaande eeuw gesticht- zich in volle crisis. Na Karels dood werd het door zijn erfgenamen opgedeeld in een Oost-Francië (Duitsland) en een West-Francië (Frankrijk), met tussenin nog een derde deel, Lotharingen, dat echter vrij vlug door de beide andere geannexeerd werd. Alle gebieden werden in de 9de en de 10de eeuw zonder uitzondering geteisterd door invallen en plundertochten van buitenlandse bendes. Duitsland had voornamelijk te lijden onder plundertochten van de Slaven die vanuit Hongarije opereerden. In Frankrijk waren het de Noormannen tegen wie het zwakke centrale koningschap maar weinig kon uitrichten. Engeland vormde in de tweede helft van de 10de eeuw het strijdtoneel van legers uit Noorwegen en Denemarken. Chaos en ellende werden echter evenzeer veroorzaakt door de onophoudelijke oorlogen van de machtigen onder elkaar. De cultuur werd tijdens de 10de en 11de eeuw in West-Europa nog volledig bepaald door de christelijke Kerk. Alle onderwijs vond plaats aan abdij- of bisschopsscholen, de wetenschap bestond hoofdzakelijk uit de studie van de bijbel waaraan alle andere wetenschappelijke disciplines onderworpen waren. Ook de architectuur (Romaanse bouwkunst) en de plastische kunsten (o.m. boekverluchting met miniaturen, glasramen, beelden) werden nagenoeg uitsluitend in abdijen en andere religieuze centra beoefend en stonden in dienst van Kerk en eredienst. Dat gold eveneens voor de muziek, en in de literatuur overheersten haast exclusief het Latijn en religieuze genres (bijbelvertaling, hagiografie).

24

Belangrijk in dit verband is de Duitse non Roswitha (Hrotswitha) van Ganderheim (ca 930-1000), geboren uit een adellijk geslacht, die in de 10de eeuw ten behoeve van haar medezusters christelijke legenden in het Latijn schreef. Ze inspireerde zich daarvoor op de toneelwerken van de antieke Romeinse dichter Terentius, die op de kloosterscholen als leerboeken voor de studie van het Latijn werden gebruikt. Roswitha nam van Terentius de dialoogvorm over.

Eigenlijk kende Roswitha het dramatische genre niet en waren haar teksten bedoeld om (voor)gelezen te worden. Overigens had ook de Kerk onder de desastreuze politieke en maatschappelijke situatie te lijden en was het cultureel-, moreel en religieuze peil zowel bij de clerus als onder de bevolking in West-Europa over het algemeen bedroevend laag. 2. De liturgie als geboorteplaats van het drama. Voor de grote feesten van het kerkelijke jaar werden soms specifieke composities vervaardigd. Dat was het geval met de trope, in oorsprong een zin die aan de tekstloze melodie van een melisma werd toegevoegd om het zingen te vergemakkelijken. Vaak ging het om een dialogische tekst gebaseerd op een citaat uit de bijbel. Later werd de trope een nieuwe muzikale compositie die op verschillende plaatsen van de eredienst kon worden ingevoegd. Het zou een dergelijke trope zijn waaruit het vroegste liturgisch drama zich zou ontwikkelen. Dat het damatisch genre binnen de liturgische erediensten opnieuw kon ontstaan is mede te verklaren door het feit dat de liturgie, naast dialogisch opgebouwde zangen, nog heel wat andere spel-achtige elementen bevatte. Zo hulden de bedienaars van de eredienst zich in speciale gewaden (albe, kazuifel, dalamtiek, koorkap) en gebruikten ze specifieke attributen zoals een wierookvat en andere liturgische voorwerpen (kaarsen, kelk…) Ze traden op in een eigen ruimte (het koor van het kerkgebouw) met eigen meubilair (altaar,bisschopstroon, lessenaar) en bewogen zich op een niet-alledaagse manier (het voortschrijden in processievorm, maar ook het uitvoeren van rituele gebaren als kniebuigingen, het heffen van de armen ….). Nog andere ‘theatrale’ ‘spelmatige’ elementen zijn: Aan het slot van de viering op Goede Vrijdag werd het kruisbeeld van het altaar verwijderd en onder een doek ‘begraven’ – en op paaszaterdag ten teken van de verrijzenis plechtig teruggeplaatst (= kruisafname en kruisverheffing). Bij de kerkwijding was het sinds de 9de eeuw gebruikelijk dat de bisschop driemaal in processie rond het kerkgebouw trok. Driemaal klopte hij op de kerkpoort onder het zingen van een vers uit psalm 24 : ‘Open de poorten, gij vorsten, opdat de Koning der Glorie binnentrede’. Als antwoord op het gezang moest een geestelijke, die zich in de kerk verborgen had, in naam van de boze geest de vraag stellen: ‘Wie is die Koning der Glorie?’*. Bij de derde keer werd de poort geopend, de processie betrad de kerk en de geestelijke verwijderde zich quasi fugiens (‘als op de vlucht’).

de offergang naar zijn intocht in Jeruzalem. dompteurs met beren of apen. Deze rondtrekkende potsenmakers. maar ze werd wel in die zin uitgelegd = effening weg voor het echt liturgisch drama. merkwaardig genoeg op dezelfde manier is ontstaan als het Griekse theater: uit de religie. zo ontwikkelde het middeleeuwse liturgische drama zich uit de christelijke liturgie en met name uit de viering van het Paasfeest. dans. maar de ‘duiding’ ervan! In het kader van de missionering. Vermits de Kerk niet alleen het monopolie bezat op het gebied van het spirituele. Pasen) en onder de vorm van een vraag.en antwoordspel. gezongen prozatekst over het thema van de feestdag (vb. en was de enige instelling die systematisch archiveerde) betekende voor het theater de integratie enerzijds een officieel erkenning. dansers. werd (mede door de theoloog Amalar van Metz omstreeks 830) besloten om de vieringen als een nabootsing van bijbelse gebeurtenissen op te vatten.verder zetten.) Mis werd op die manier niet zelf een toneelspel. Ontstaan en ontwikkeling van het liturgisch paasdrama. minstrelen (troubadours) en vertellers. via koorzang naar de trope.25 Nog belangrijk tot het ontstaan van het drama binnen de christelijke liturgie is de niet de viering zelf. het altaar werd geïnterpreteerd als avondmaalsdis. veel meer dan de Geboorte. Door middel rememoratieve allegorese werden allerlei handelingen. Aan de bedienaars van de eredienst werden afwisselend de ‘rollen’ van Christus. en gespeelde tafereeltjes. poëzie. Die eerste trope hoorde thuis in de liturgie van Pasen. worstelaars. Kerst. De literaire productie die zij hebben voortgebracht (en waarvan maar heel weinig tot ons is gekomen) heeft trouwens als wieg gediend voor de verschillende literaire tradities in de volkstaal in West-Europa. aangezien de Verrijzenis. als calvarieberg of als het Heilig graf! (Kerk veroordeelde die verklarende methode van Amalar omdat ze het sacramentele karakter van de mis verwaarloosde. dé absolute hoogdag van het kerkelijk jaar. mime-spelers. . maar anderzijds ook een ernstige beknotting van zijn vrijheid. De wieg van het middeleeuwse theater staat in de kerk. De consecratie verbeeldde de kruisiging én de graflegging en het einde van de mis werd als Christus’ Hemelvaart geduid.. muziek. klaar om onder gunstige omstandigheden wortel te schieten. Onder hen bevonden zich acrobaten. maar bleef de hele Middeleeuwen uiterst populair. de apostelen of de heilige vrouwen onder het kruis toegeschreven. Dit is een korte. de kern van het christelijk jaar vormde. bleven daarbij tamelijk ‘verdacht’ en de kerk vond het blijkbaar niet de moeite om hun productie te archiveren. (intrede celebrant = begin van de mis / verwees naar de meswording van Chr. (*zie boven) Want net zoals het Griekse drama zich ontwikkelde uit de verering van Dionysus. Zij trokken van de ene hofstede naar de andere burcht om daar de lange winteravonden op te vrolijken met zang. jongleurs.. 3. die de traditie van de mime – soms op hoog niveau. Het waren all-round artiesten. die minder gemakkelijk in de greep van de Kerk konden gehouden worden. maar ook van het culturele leven (de Kerk oordeelde immers over wat mocht en niet mocht. (zo onthouden we de Troubadourslyriek in Zuid-Frankrijk) Ze droegen de kiemcel van het theater met zich mee. Alleen of in kleine groepen. bewegingen en woorden van het misgebeuren als herinnerende uitbeelding van de woorden en daden van Christus op aarde uitgelegd. De oudste bekende trope komt uit de abdij Saint-Martrial in Limoges waar ze omstreeks 930 ontstaan is. Besluit : We kunnen dus stellen dat de manier waarop theater opnieuw verschijnt. Ondertussen zwierven ‘vermaakartiesten’ door Europa.

Liturgische stukken worden door heel Europa aangetroffen. Interrogatio: Quem quaeritis in sepulchro. Haar literair werk neemt een aanvang met een verhaal over de geboorte van de H. alleluia. En toen de Bijbel uitgeput was. Jonas en de walvis. Hij gaat u voor naar Galilea. de autos sacrementales in Spanje. ze bestonden uit een dialogisch gezang van twee koorhelften. maar een engel die hen toespreekt. Met name HORTWITHA. tot literair-dramatische creaties werden uitgeroepen. nam men de dramatische verhalen. Het zouden ‘gewone’ liturgische composities geweest zijn die pas naderhand. de Geistspiele in Duitssprekende landen. 5de eeuw). Zoals boven vermeld werd ze fel . Antiphona: Surrexit enim. de mystères in Frankrijk. de sacre rappresentazioni in Italië.26 De gezongen tekst komt niet rechtstreeks uit de bijbel maar parafraseert het bezoek van de vrouwen aan het graf. o coelicolae. 800) schreef de abt ANGELBERT toneel. Het geestelijk toneel in het Latijn. Zo vermelden voor wat de 5de eeuw betreft E. Maagd. BASILLIOS en GREGORIOS. Christicolae? Vraag: Wien zoekt gij in het graf. dominus. ite nuntiate quia surrexit de sepulchro. christenen? Responsio: Jesum Nazarenum crucifixum. Zie. Alleluja. Item: Non est hic. vielen de schrijvers terug op verhalen over heiligen en martelaren. Verder is er de figuur van een kloosterzuster uit de abdij van Gandersheim (Brunswijk). Samson en Delilah…. Verspreiding + ‘stof’: Het is onmogelijk om de voortgang van het theater precies in kaart te brengen of om exact de plaatsen aan te wijzen waar ontwikkelingen plaatsvonden. De Misantroop : Menandros en Plautus) Ten tijde van Karel de Grote (ca. waar ze niet de Heiland vinden.en Oost Europa hebben alle hetzelfde thema en gaan uit van de devotie en gelovigheid van hun publiek. ecce precedet vos in Galileam. alleluja! De eerste tropen onderscheidden zich noch muzikaal noch op enige andere wijze van de overige liturgie. Danïel en de leeuwenkuil. Daar zal u Hem zien. maar ook de verspreide voorbeelden uit Midden. sicut dixit. In een stuk van een onbekende schrijver (ca. door latere gebruikers en vooral door literatuurwetenschappers. alleluia. De Mystery plays in Engeland. ibi eum videbitis. Opnieuw: Hij is niet hier. Antifoon: De Heer is opgestaan zoals Hij voorspeld heeft. Antwoord : Jezus van Nazareth die gekruisigd werd. Lange tijd werd er (door geestelijken) in het Latijn toneel geschreven. Weldra hield ze zich haast uitsluitend bezig met het schrijven van dramatisch werk. 4. APOLLINARIOS. (zie hergeboorte van het drama in de liturgie). o hemelbewoners. getiteld Querolus. Hij is verrezen zoals hij voorspeld had. surrexit sicut praedixerat. zoals die van de ark van Noach. Deze stukken hadden uiteraard een educatieve strekking. Ga daarom verkondigen dat Hij uit het graf is opgestaan. Uit de grote literatuur-voorraadkamer die de Bijbel is. wordt een mensenhater uigebeeld (cfr.

In de Nederlanden ontstond ‘het mysteriespel’ uit een samensmelting van de Kerst. . Toneelwerken: 1.) in de St. Het handschrift breekt echter af bij het verraad van Judas. ligt waarschijnlijk in het liturgisch Paasgebeuren: de dood en de verrijzenis van Christus.De auteurs ontlenen hun stof bij voorkeur aan het leven van Christus. 5.Het Maastrichter Paasspel dateert uit de eerste helft van de 14de eeuw. Het begint met de schepping van de wereld en dan worden in verschillende episoden de hele geschiedenis doorlopen. Het vroegste document dat wij terzake bezitten. maar dit is volgens haar noodzakelijk om de triomf van de deugd op de heidense toestanden beter te laten uitkomen. 6. is de Concordia Regularis van de Benedictijn Etherlworld. 4.de gehele geschiedenis van de mensheid omvat. . Ook het leven van Maria was erg in trek. We spreken van de Paascyclus en de Kerstcyclus. . zoals rekeningen. Callimachus: hartstocht van de heidense Callimachus voor de christenvrouw Brusiana. zich aan haar lijk vergrijpen. bisschop van Winchester (opgesteld tussen 959 en 979). . 2. 3. alhoewel ze – naar haar eigen zeggen. Gallicanus: een Romeins veldheer.Mysteriespelen bieden de dramatisering van geloofsgeheimen. of misschien beter gezegd: de aanleiding tot het geestelijk toneel in de volkstaal. door de dialoog door verschillende diakens te laten ‘spelen’. Indirecte bronnen.en de Paascycli. Sommige mysteriespelen worden nog steeds opgevoerd zoals dat van Elche (Alicante) in Spanje. zoals de passages over zijn lijden en de verrijzenis (passiespelen). Paphnutius. Waarschijnlijk werden haar stukken niet opgevoerd en dienden zij als leesdrama’s tot stichting van de gelovigen. Chiomia en Irene. Pietersabdij te Gent plastisch uit te beelden. die zich tot het Christendom bekeert. Voor een kloosterzuster beschrijft ze tamelijke gewaagde toestanden. In deze semi-liturgische drama’s komen nog wel Latijnse zangen voor.de heidense ontuchtige inhoud van zijn werk verafschuwde. Niet enkel het Paasgebeuren. Sapientia: een Griekse vorstin verzet zich tegen de pogingen van keizer Hadranus. om haar het nieuwe geloof te laten afzweren. maar toch kunnen we reeds spreken van een dramatische kunst in de volkstaal. Abraham: een heremiet haalt zijn nichtje Maria uit een ontuchthuis. maar wordt door een slang gedood. De oorsprong.In het midden van de 15de eeuw werden op de Grote Markt te Brussel de Zeven Bliscappen van Maria Het geestelijk toneel in de Volkstaal. Het liturgische spel evolueerde logisch over het semi-liturgische spel naar Het mysteriespel. maar ook het Kerstfeest gaf aanleiding tot zulke uitbeeldingen van een liturgische tekst. geven aan dat ongeveer elke stad zijn passiespel had (dat bovendien verschillende dagen kon duren: het werd een prestige zaak). Dulcitius: een martelaarschap van de zusters Agape. en de marteldood sterft. zijn dedramatiseringen van heiligenlegenden. Het gaat om een passiespel dat –zoals vaak. De zes toneelwerken die ze naliet.27 beïnvloed door het werk van Terentius. Hierin verwijst hij naar het gebruik om de Introitus-tropus van Pasen (= Wie zoekt gij…. Na haar afsterven wil C. .

Voor de calvinisten was het toneel verderfelijk.In Frankrijk was Le jeu d’Adam en d’Eve (einde 12de eeuw) zeer bekend. begin 16de eeuw) Hierin wordt een bekend. voor veel protestanten een uiting van het “paapse geloof”. . . . tot de geboorte van Christus. Het is een Kerstcyclus.of mirakelspel noteren we Marieken van Niemeghen.In Duitsland waren er ‘Osserspiele’ en ‘Weihnachtspiele’. dus bestaand verhaal behandeld dat samenvalt met een heiligenleven of met een mirakel dat zou hebben afgespeeld en waarbij Maria of een Heilige een rol zou hebben gespeeld. Oberammergau.) In het overwegend katholiek gebleven Zuid-Duitsland bleef de traditie van de passiepselen tot op heden bewaard.28 opgevoerd. (In de 16de eeuw speelde het toneel hier een rol bij de reformatie.Le miracle de Théophile van Rutebeuf (13de eeuw) handelt over een monnik die zijn ziel aan de duivel verkoopt maar die door Onze-Lieve-Vrouw wordt gered. Als heiligen. . (eind 15de . (slechts de 1ste en de 7de zijn bewaard gebleven). cfr. die de bijbel uitbeeldt vanaf het scheppingsverhaal. Pas in de 14de eeuw werd het Latijn hier volledig door de volkstaal verdrongen.

En wat we als hoofs theater kunnen beschouwen.en Coventry. Dit genre zou standhouden tot in de 18de eeuw. Deze sacre rappresenta zioni of gewijde spelen werden bij feestelijke gebeurtenissen op openbare pleinen opgevoerd.en mirakelspelen. zichzelf tot een hoofs wezen te ontwikkelen. Dat laatste geldt met name voor de producten van Duitse bodem. werden ook de zinnelijke geneugten van de liefde verheerlijkt en werd de onmogelijke liefde tussen de adel en de boerenstand geproblematiseerd. loyaliteit. trouw en gematigdheid na te streven. Het ernstig profane toneel kunnen we opsplitsen in spelen die tot het domein van de hoofse literatuur en cultuur behoren. Het profaan theater.In Italië heeft de invloed van de ‘landi’ (lofzangen. dat over het Kerstgebeuren handelde. Als minne golden in de eerste plaats de nooit aflatende inspanningen van de man om.29 . De middeleeuwen kenden immers geen duidelijke grenzen tussen de verschillende genres en types zodat de classicistische begrippen als tragedie en komedie met enig voorbehoud dienen te worden hanteert. In de Hoge minnezang werden vooral de kwaliteiten van de vrouw bezongen en betuigde de man zijn onwrikbare trouw aan haar. Naast het kerkelijke drama. dapperheid. Een scherp onderscheid tussen beide categorieën is niet steeds te maken. Wellicht was de voornaamste reden dat. Toneel in de hoofse sfeer. trouw) en een eigen hoofse cultuur. meer realistische genres zoals de pastorale. maar in de kunst en de literatuur.Ook in Engeland bestond er een traditie van mysterie. en andere die eerder burgerlijk of niet-standgebonden zijn. In andere. juridische en bestuurlijke taken die ze van de vorsten ontvingen. waarin het H. Het profane theater was wel zwakker vertegenwoordigd dan zijn religieuze tegenhanger.Na 1264 ontstonden in Spanje de ‘auto’s’. ter wille van een als volmaakt beschouwde geliefde dame. Later de auto natcial. . De 12de en het begin van de 13de eeuw was de periode waarin de eerste grote emancipatie van de leken. Edellieden vormden op grond van hun afkomst een eigen bevoorrechte klasse en klommen op –door de militaire. Die ontwikkeling ontstond in Frankrijk. het drama zozeer met zijn liturgische en religieusdidactische functies werd geïdentificeerd dat het niet echt als een literair genre werd opgevat. Gewoonlijk worden ze locaal gerangschikt als: Chester-. sinds zijn ontstaan binnen in de christelijke eredienst. Voor haar diende hij zowel galante omgangsvormen als een zekere geestelijke vorming te verwerven en bepaalde waarden of deugden als eer. Ook ontwikkelden ze een eigen standsbewijstzijn met een eigen wereldse ridderethiek (verwerving van typische ridderdeugden als moed. of althans van de adel onder hen plaatsvond. gedialogeerd door rondtrekkende ‘giullaire di Dio’: Jongleurs van God) meegespeeld. Vooreerst de auto sacramental. De ridderepiek beschreef van haar kant de weg die de adellijke man moest afleggen om door aventiure (wapenfeiten) en minne in het huwelijk de ridderlijke volmaaktheid te bereiken. . York. Centraal in dat concept stond de idee van de minne. evenmin overigens als tussen het ernstige en het komische. Het hoofse ideaal vond zijn voornaamste realisatie niet in de dagdagelijkse werkelijkheid. Het dramatisch genre is in de hoofse literatuur grotendeels afwezig. Op enkele uitzonderingen na blijken ridders weinig behoefte te hebben gevoeld om door middel van dramatische uitbeeldingen concreet gestalte te geven aan hun wensen en idealen. Wakefiel-. bestonden er ook profane drama’s. Een ander belangrijk thema was de minneklacht omdat de diepste verlangens van de minnaar noodzakelijkerwijs onvervuld moesten blijven. terwijl we in de .tot de eerste stand in de maatschappij. bij de ontwikkeling van het drama in de volkstaal.spelen. maar verspreide zich vrij vlug over Duitsland en de andere landen van West-Europa. Sacrament werd verheerlijkt. komt dan nog vaak voor onder de reeds vertekende vorm van burgerlijke satires of parodieën.

Profane spelen in de volkstaal zijn pas vanaf de 13de eeuw overgeleverd. maar behoort het sowieso tot de vroegste drama’s. misschien niet als hoofs. Daardoor is dit spel niet enkel het oudste profaan theaterstuk uit de Middeleeuwen dat we kennen. De profane spelen die nog het best aan de definitie van hoofs toneel beantwoorden stammen alle uit de Nederlanden en wel uit één enkele bron. Een van de vroegste is het Oudfranse Li Jeu de Robins et Marions van de hand van Adam de la Halle. en daarom een ridder een blauwtje laat lopen. Inhoudelijk is het een bonte verzameling van meer . Aan het begin van de geschiedenis van het profane theater staat een Latijns drama dat.30 Franse en vooral de Nederlandse literatuur wel degelijk enkele opmerkelijke spelen vinden die we als hoofs kunnen bestempelen. Het Ludus de Antichristo is een handschrift uit het Beierse klooster Tegernsee overgeleverd (ca. Dit vroeg 15de eeuwse manuscript wordt genoemd naar een Gentse notabele (Charles Hulthem) die het in de 19de eeuw op een veiling kocht en het zo van de ondergang redde. 1200) en vermoedelijk omstreeks 1160 ontstaan. dan toch als adellijk toneel kan gelden. het Hulthemse handschrift. Het gaat om een gedramatiseerde pastorale waarin een herderinnetje smoorverliefd is op een boerenjongen.

hoe hi wert minnende des Roedelioens dochter van Abelang (Een voornaam spel en een nobele geschiedenis over de Hertog van Brunswijk. Hoe hij verliefd werd op een hofdame van zijn moeder). tussen deugd en zonde. . wat de naamgeving al uitdrukt: Mankind of ‘Mensheid’. 4. In het Spel vanden Winter ende vanden Somer gaat het om een allegorisch drama waarin de personificaties van de Winter en de Zomer met elkaar redetwisten. Het thema van deze spelen was in wezen het leven van de aardse mens die zichzelf wil realiseren. telkens gevolgd door een klucht of sotternie en tenslotte nog twee extra kluchten. 3.31 dan tweehonderd teksten: proza.). Hulthemse handschrift Lanseloet van Denemarken Esmoreit 1. Elckerlijc of ‘Iedereen’.’ (Een voornaam spel over Lanseloet van Denemarken. maar allegorische personificaties van menselijke deugden en ondeugden. Een abel spel ende een edel dinc van de hertoghe van Bruuyswijc. Het gaat om de strijd tussen goed en kwaad. met als uiteindelijke inzet het hemels heil of de eeuwige verdoemenis in de hel. voornaam) spelen. hoe hi wert minnende ene joncvrou.en tegenspelers van het centrale personage evenmin individuen waren.. prins van Sicilië. van gebreken en zonden of van abstracte begrippen en generalisaties als Waarheid. Specifiek en wezenlijk voor de moraliteiten was vooral het feit dat de mede. sconincs sone van Ceciliën (Een voornaam spel over Esmoreit. die met sijnder moeder diende. Een abel spel van Lanseloet van Denemarken. 15de en 16de eeuwse Moraliteiten. Spiegel der zaligheid van Elckerlijc wordt door de eeuwen heen (dus nu nog) beschouwd als een soort universeel drama van de mens en zijn geestelijk bestaan. wat steeds met vallen en opstaan gepaard gaat. Wil. Het abel spel van Esmoreit. Tenslotte verbeeldde de handeling van dergelijke spelen in de regels een psychische crisis waarin de mens verzeild geraakt in extreme situaties. Goede Werken of Gezelschap. zoals het ogenblik van de dood. Wat de toneelstukken betreft gaat het om vier ernstige (abele = mooi. 2. Het hoofdpersonage gold in eerste instantie als een representant van de menselijke soort als zodanig. poëzie en ook tien toneelstukken. Dit abel spel is van enigszins andere aard. Hoe hij verliefd werd op de dochter van Roedelioen van Abelant) of beter bekend als Gloriant.

In dit verband vermelden we nog als ‘wereldse tegenhanger’ in de 14de eeuw : Fête des Sots We onthouden ook carnaval (grote festiviteit voor de vasten) Schriftelijke fixaties van komisch toneel zijn in Frankrijk vanaf de 13de eeuw. maar vooral tot een soort parodiërende eredienst waarbij een ‘gekkenbisschop’ een satirische preek hield. subdiakens en dergelijke. In Frankrijk kende men het dit. acolieten. de oude hoorndrager en pantoffeltheld. . Het Duits komisch toneel bestond nagenoeg uitsluitend uit Fastnachtspiele (vastenavondspelen). De uitgebeelde figuren waren vaste types. de dorpsidioot …. maar ook naar inhoud en opzet. Een andere bron van herkomst waren de merkwaardige tradities die naar aanleiding van bepaalde kerkelijke feesten bestonden. monoloog en dialoog. Het alledaagse leven. de leugenachtige koopman-bedrieger. Vooral ter gelegenheid van markt. die als opening van een toneelsessie gold. meester Pathelin. Eén van de bronnen van het komisch theater van de Middeleeuwen was ongetwijfeld de traditie van de laatantieke mimi of histriones. de manzieke deerne. echtelijke ruzies wegens bedrog of overspel.of feestdagen debiteerden kleine reizende gezelschappen korte kluchtspelen die een mengeling waren van pantomime. Zo kende Frankrijk sinds de vroege Middeleeuwen het Fête de Fous (Feest van de gekken) waarop de lagere clerus. zoals de soldaat-opschepper. poppenkast. Werken. Vormen en genres waren erg verschillend naar land en gelegenheid. zang. Voorts werden allerlei standen gehekeld en vooral werd een ontnuchterend beeld opgehangen van de maatschappij waar de wet van de sterkste en het recht van de sluwste ongehinderd geprezen werden.32 De kluchten of sotternieën. maar die zelf door een sluwe herder op zijn beurt bedrogen wordt. Er zijn weinig voorbeelden overgebleven omdat het vaak om louter orale teksten ging die grotendeels op improvisatie berustten en dus niet werden neergeschreven. het seksuele leven…. Voorts onderscheidde men er de sotie. die een koopman om de tuin leidt. vaak onbetamelijke processies. vechtpartijen. In Frankrijk wordt La farce du Maître Pathelin (1564) als een meesterwerk in zijn genre beschouwd. Naar inhoud en thematisch behandelen ze de meest uiteenlopende materies. gaf aanleiding tot luidruchtige. Het gebruik. De dialogen teerden vooral op schunnige moppen en scatologische praatjes. De auteur is niet gekend. voor één dag de heerschappij in kerk en klooster mochten overnemen. en de farce die de voorstelling afsloot. een monoloog waarin een komisch type zichzelf voorstelt. in de andere landen vanaf de 14de eeuw overgeleverd. rondreizende beroepsacteurs die in de periode van het Romeinse rijk in steden en dorpen allerlei kluchtspelen opvoerden. Het handelt over een arme advocaat. In de Nederlanden werd het komische aanhangsel bij een abel spel sotternie genoemd. Veruit de meeste teksten stammen echter uit de 15de en het begin van de 16de eeuw. terwijl de intriges steevast op handtastelijkheden uitliepen. duidelijk bedoelt als een psychische uitlaatklep.

Het religieuze drama was verhalend. Drie daghe Here: Deze sotternie vertelt het verhaal van een man. Sommige liederen waren gedialogeerd en konden gespeeld worden: bijvoorbeeld Het daghet in den Oosten. die thuis onder de ‘sloef’ ligt. zal hij weer jong worden… Maar het buisje is gevuld met roet en wanneer de man zich pikzwart aan zijn vrouw vertoont. of een centraal conflict was er in deze religieuze drama’s niet te vinden: de gebeurtenissen werden gewoon op een rijtje geteld. Lippijn: Hier betrapt een man zijn vrouw op overspel. De man geniet hiervan zo dat hij zijn buren uitnodigt en bij deze gelegenheid zijn vrouw rond-commandeert. een deal sluit met zijn vrouw. (Noord-Nederlandse sprooksprekers waren bijvoorbeeld Dirc Potter en Willem Van Hillegaertsbergh). Vervolgens zal hij zijn rivaal met stokslagen verdrijven. maar een buurvrouw maakt hem wijs dat de elfen hem betoverd hebben. Het had als doel: de aanschouwelijke uitbeelding van wat er in het evangelie stond geschreven. krijgt goede raad van zijn buurman. onderscheiden van de sotternieën. Nu Noch: Een man die zwaar onder de pantoffel van zijn vrouw ligt. die een meer satirische inslag kenden. De cluyte van Playerwater . en een tamelijk goedkope humor hadden. boerden en spoken. hadden een Oud-Germaanse of zelfs Indo-Europese oorsprong. Een climax.33 In de Nederlanden was het genre erg populair. Vele liederen die lange tijd voortleefden via mondelinge overlevering. De man zit verstopt in de mand van een marskramer. oogst hij uiteraard niets dan hoongelach.In dit toneelstuk is te zien hoe een man zijn vrouw betrapt in de armen van een priester. (kluchten). episch. die erg boers waren. Ook voor de uiterlijke . In ruil voor een dure pels laat ze hem drie dagen de baas zijn in huis. Boerden waren realistisch-komische verhalen uit het volksleven en hadden dikwijls dezelfde onderwerpen als de cluyten. De enscenering + voorstellingsruimte. Hier werden cluyten. Ze werden voorgedragen door sprooksprekers: beroepsvoordragers die in dienst waren van de adel of de rijke burgerij. Liederen. Die Buskenblaser: Hier wil een oude man zijn jonge vrouw niet verliezen en hij laat zich door een kwakzalver een wonderbuisje aansmeren: telkens hij daarop blaast. In de spoken was er meestal een moraliserende strekking te vinden.

Aanvankelijk was de plaatsaanduiding in de kerk tamelijk symbolisch. bevond zich een gekleurde tekening van het podium: uiterst links was de hemel. gewoonlijk door leden van de gilden. met bovenop de speelruimte. voor de verschillende plaatsen van de handeling. uiterst rechts de hel. Vertolking en aankleding. waarop de verscheidene plaatsen naast elkaar waren uitgebeeld (simultaantoneel). en besteedden hieraan doorgaans bijzonder veel aandacht. ofwel op een laag plateau. die o. Maar tezelfdertijd met de ontwikkeling van de gedramatiseerde liturgie naar het liturgische drama. de Tempel. werd er zelfs druk gebruik gemaakt van machinerieën. en het Meer van Tiberias. wel waren ze geïnspireerd op de kledij van het ogenblik. rolde men een andere toneelwagen voor. De schilderijen van de Vlaamse Primitieven). werden mansio’s of huzekens of ‘huizen’ genoemd. voorstelden : Nazareth. (cfr. Bij het simultaantoneel van mysterie. Later werd er gespeeld op het marktplein: op verschillende plateaus in de diverse hoeken. en van allerlei trucages. Een harmonie of logische samenhang was hierbij uiteraard niet te vinden. voor de opvoering van een passiespel. Nochtans speelden soms ook edellieden of voorname burgers mee. Naargelang het religieuze drama vorderde. In het handschrift dat van het spel bewaard bleef. het paleis van Herodes. Jeruzalem. voorgesteld als een drakenmuil. m. In 1547 werd er te Valenciennes (Frankrijk) een merkwaardig simultaantoneel opgebouwd. ofwel op wagens. . ging men een ander plateau bespelen. Het bevatte niet minder dan 11 afdelingen. of ging men naar een ander gedeelte van het simultaantoneel. Het optreden van vrouwen was veeleer zeldzaam. tussen hemel en hel in. Daartussen lagen er vele poorten en gebouwen. werd deze plaatsaanduiding (decor) ook realistischer en ingewikkelder. die men achtereenvolgens voor de toeschouwers kon rijden (in Engeland de ‘pageant cars’.en mirakelspelen. en onderaan de kleedruimte voor de acteurs). De kostuums waren ook niet historisch.34 presentatie werd alles naast elkaar geplaatst: in de kerk gebeurde dit op verschillende plateaus. De verscheidene speelplaatsen. De spelers dienden zelf voor hun kostuums in te staan. De spelen werden vertolkt door burgers uit de stad.

broeken voor de mannen en handschoenen voor God. die voor een publiek van duizenden mensen speelden. Er wordt fundamenteel een bekend verhaal verteld. Maar zijn ook bepalend : de verspreiding van het Christendom in Europa nieuwe handelsmissies naar o. Deze duivels mochten ook in allerlei scènes optreden waar ze niets te maken hadden.(deze is eerder toevallig) De kunst moet voor iedereen toegankelijk zijn. die openging om rookwolken uit te stoten en dichtging om de verdoemden te verzwelgen. De vorm is vaak episch/episodisch. gewoon om te voldoen aan de vraag van het publiek naar komische nevenscènes. (er wordt gesproken over 50 tot 60.a. ===================== Extra info Middeleeuwen! De basis van de ME wordt zeker nog bepaald door de Griekse en Romeinse cultuur. impliceert uiteraard het bestaan van een verteller of vertelfunctie Te oordelen naar de toneelaanwijzingen in de nog bestaande teksten moeten de voorstellingen uiterst gecompliceerd zijn geweest en waren er een aantal rekwisieten en toneelmachinerieën voor nodig. Alles draait rond God. De komische acteurs werden gerekruteerd uit de rij van rondtrekkende vermaaksartiesten. Het was geen zeldzaamheid dat er bij een spel 100 tot 250 spelers optraden. er waren takels waarmee God en zijn engelen uit de hemel konden afdalen. Er waren mooie rollen weggelegd voor levende goederen – konijnen. Dit alles tezamen leverde een bewegelijke. De hele stad werkte ofwel mee. Satan zelf was de grootste komische figuur. Uit leer werden soepele pakken voor de duivels gemaakt. De theatertechnici draaiden hun hand niet om voor overstromingen. Ze droegen maskers die angstaanjagend waren. Sacndinavië de kruistochten het belang van astrologie. het leven van een heilige …. zo gecompliceerd dat er zeventien man nodig waren om het te bedienen. haast alle werken zijn anoniem. Het is de Kerk die de kunst doorgeeft (bij de klassiekers gebeurde dat door de staat) De kunst moet mensen beter maken. er was het mechanisme van de hellemond. Er wordt niet echt gestreefd naar schoonheid.35 Geleidelijk aan groeiden de Spelen ook uit tot echte massaspelen. Er zit dikwijls moraal in het verhaal. een offerram en ezels voor Bileam en de tocht naar Egypte. samen met zijn gevolg van duivels die na de scène van het Laatste Oordeel vrolijk de verloren zielen de hellemond in schoven. of behoorde tot het talrijke enthousiaste publiek. gesteund door de kerk. Men eiste realistische terechtstellingen. In Frankfurt waren er bij een passiespel dat 8 dagen duurde in 1498 niet minder dan 265 spelers! Zowel in het Paasspel als in het Kerstspel werden komische personages geïntroduceerd. schapen. . kunst om de kunst bestaat niet. instrumentaal of gezongen. De kostuums waren vol details en soms prachtig bestikt. Het feit dat er een verhaal verteld wordt. Er was een overvloed aan sieraden. kleurrijk spektakel. Bij nader inzicht blijkt ook dat de stukken ‘geregisseerd’ werden. branden en aardebevingen. Er waren vergulde stralenkransen en maskers voor God en de aartsengelen. met bloedende wonden en afgehakte hoofden en ledematen. Kenmerken: Gemeenschapskunst: kunst is bestemd voor iedereen. Telkens gaat het om bestaande verhaalstof uit Genesis.000 toeschouwers. In het verhoogde houten toneel waren luiken verborgen. Er was ook muziek. uitgevoerd door bont uitgedoste groepen.

36 Verschillende periodes: In de voorhoofse periode draait alles rond het thema trouw/ontrouw, loyaliteit en verraad. Voorbeelden: Het Roelantslied, Karel ende Elegast, Heer Halewijn. De hoofse liefde werd ‘uitgevonden’ door de troubadours in het zuidwesten van Fankrijk. De modelmens wordt de ‘hoofse’ mens. De ridder moet alles op spel durven zetten om het kwaad in de wereld te bestrijden. Hij moet zich onderscheiden door bijzondere verfijnde omgangsvormen en leefgewoonten en hij moet zich overgeven aan de minne, de liefde voor de vrouw, die duidelijk ver boven de ridder verheven is. Voorbeelden: een lied van Bernard de Ventadour en van Willem IX van Aquitanië. De Arthurromans rond de ridders van de ‘ronde tafel’ met als aanvoerder Koning Arthur. De ridders probeerden een nieuw evenwicht te vinden tussen het hoofse ideaal en hun plicht als ridder. Voorbeeld: Walewein ( = van twee auteurs Penninc en Pieter Vostaert), Ferguut en Parsifal van de Noordfranse dichter Chrétien de Troyes (ca 1138-1183) We onthouden nog het Dierenepos: Van den vos Reinaerde. De Beatrijslegende Heynric van Veldeke (ca. 1140-1200) Zijn geschriften zijn de oudste ons bekende Middelnederlandse teksten. Nog belangrijke figuren: Chrétien de Troyes. (ca 1138 – ca 1183) Is de beroemdste Franse dichter uit de Middeleeuwen. Perre Abélard. (1079 – 1142) Frans Filosoof. Walther von der Vogelweide. (ca 1170 – 1230) Wellicht de meest complexe lyrische auteur van de Middeleeuwen, niet alleen in Duitsland, maar in heel Europa. De heilige Thomas van Aquino. (ca 1224 – 1274) Geboren bij Aquino in Italië, dominicaan en professor in de theologie. Hadewych (ca. 1200 – ca. 1269) en Jan van Ruusbroec (1293-1381) Belangrijke figuren in verband met “Mystieke literatuur’.(tijdens de mystieke ervaring komt het tot een eenwording tussen de mens (de ziel) en God. François Villon. ( 1431-1463) Frans auteur en schepper van een dichtoeuvre met een grote pathetische kracht en ontroerende oprechtheid. (Auteur van de Lais en van het Testament) In een beeldende interpretatie en op een spottende en ironische toon behandelt hij thema’s als het lot, de dwaasheid, de ijdelheid, het kwaad en vooral de dood, die dikwijls in zijn verzen terugkomt. Ik erken dat armen en rijken, Wijzen en dwazen, priesters en leken, Edelen, schurken, dik en dun, Klein en groot, en mooi en lelijk, Dames met enorme kragen, Van welke klasse men maar wil, Met vetrollen en rijke tooi, Geen van al de dood ontlopen.

37 Dante Alighieri. (1265 – 1321) Italiaans dichter. Auteur van La Divina Commedia. (De Goddelijke Komedie) Is een allegorisch gedicht – geschreven in drie delen en honderd zangen – dat de dichter, en via hem de mensheid, van de Hel naarde Louteringsberg voert, om uiteindelijk het Paradijs te bereiken.

Francesco Petrarca. (1304- 1374) Italiaans dichter.De ontdekker van de klassieken en voorloper van het humanisme is voor alles de voortreffelijke lyrische dichter van de Canzoniere,waarvan de invloed op de westerse poëzie enorm groot was. Bestaat uit 365 gedichten, een voor elke dag van het jaar. Het is een niet aflatend liefesgebed en verlangen naar Laura.

Giovanni Boccaccio. (1313-1375) Is bekend als auteur van Il Decamerone. Een tekst die men in de herinnering bewaart als een erotisch en antiklerikaal werk. Zijn Decamerone (Tien dagen) ontstaat kort nadat de pest in 1348 in Florence dood en verderf heeft gezaaid ; het is overigens een antwoord op het burgerlijke en maatschappelijk verval dat de epidemie had veroorzaakt. Als kader voor zijn verhalen (tien per dag, dus honderd in totaal), bedenkt hij dat zeven jonge vrouwen en drie jongemannen de stad hebben verlaten en hun toevlucht hebben gezocht in een in de heuvels van Toscane gelegen villa, waar ze hun vrije mondaine leven kunnen hervatten. Ze wisselen hun verhalen af met zang en dans, en herscheppen naar tijd en ruimte hun comfortabele sociale leven, dat opgevrolijkt wordt door heerlijke maaltijden en kostelijke spijzen.

38

Geoffry Chaucer. (1340 of 1345 – 1400) De vader van Engelse dichtkunst. Auteur van The Canterbury Tales, verhalen in versvorm. Het is zijn laatste en grootste werk, hoewel onvoltooid. De Tales bieden een vrijwel volmaakte synthese tussen aan die tijd gebonden conventies en een realistische schildering van de mensheid.

Jan Hus. (ca 1371 – 1415) Tsjechisch schrijver. Werd als ‘ketter’ levend verbrand omwille van zijn volledige inzet voor de hervorming van de zeden van zijn Kerk, waardoor hij in conflict kwam met haar hoge vertegenwoordigers, waaronder de Paus. Hij handelde in naam van de waarheid. Hij beriep zich op het recht van het verstand om de heilige teksten (van het heilige Schrift) te onderzoeken en vrijelijk te interpreteren. Hij eiste dus ook het recht op om een interpretatie van een autoriteit af te wijzen, en het recht op ongehoorzaamheid.

==========================

gezel en meester. Een van de voornaamste argumenten om het midden van de 15de eeuw te zien als de grens tussen twee literaire tijdvakken is de uitvinding van de boekdrukkunst. Hun beschermheer noemde ze ‘Prince’. Situering en algemene kenmerken. uit analfabeten bestond. Daarenboven moeten ze vooral gezien worden als een schakel tussen de middeleeuwen en de renaissance. werd beschouwd als een navolgenswaardig voorbeeld op creatief gebied. door oefening en kritiek scholen en door duurzame inspanningen vervolmaken. Maar de term retorica verwijst eveneens naar de retoricale dichtvorm en de techniek van het dichten zelf. De Camers van Rhetorycke droegen de naam van een bloem (Antwerpen : De Violier.en mirakelspelen. die stilaan “Camers van Rhetorijcke” werden genoemd. De nadruk ligt op drie ascpecten: de collectiviteit. de competitie. Ofschoon de bevolking van heel West-Europa nog vnl. De naam ‘rederijker’ is ontstaan uit het Franse woord ‘rhétoricien’ en verwijst vooral naar een onderdeel van welsprekendheid. maar er ontstaat ook aandacht voor de mens en het aardse. Ze beschouwen zichzelf ook als scheppers van schoonheid. Deze hiërarchische structuur van ambachtsgilden met hun drie trappen van leerling. de vertoning. een opengeslagen boek. Godsdienst blijft een belangrijke rol spelen.39 De Rederijkers. Den Boeck uit Brussel werd aan het begin van de vijftiende eeuw opgericht en is waarschijnlijk de oudste rederijkerskamer. Het waren een soort gilden op letterkundig gebied. Mechelen : De Pioene…) of van een heilige (Kortrijk: Ste Barbara) en hadden een blazoen en een kernspreuk. Het embleem. was het voor de stedelijke burgerij in toenemende mate nodig te kunnen lezen en schrijven. Een belangrijk man was ‘de factor’: de schrijver. In de loop van de 15de eeuw ontstaan her en der allerlei gilden en genootschappen. Dit hield in dat men de kunstenaar allereerst zag als een vakman die zijn vaardigheid door regels en voorschriften moest ontwikkelen. De ‘Camers’ werden geleid door een hoofdman of door een deken. en de spreuk van de kamer zijn daarin afgebeeld. Ze beperken zich vooral tot de lyriek (refrein – rondeel) en de dramatiek (mysterie. . Het Godsbeeld maakt stilaan plaats voor het mensbeeld. De rederijkers hebben een belangrijke betekenis omdat ze de taaleenheid bevorderen en het aanzien van de kunst optillen. moraliteiten) en hebben een sterke voorkeur voor ingewikkelde versvormen. In de zestiende eeuw lieten de leden van deze kamer een mooi boek maken met daarin alle reglementen.

(Gent) Activiteiten: De rederijkers speelden zowel mysterie. omstreeks 1500]. de bouwkunst en de muziek. Ieper en Brugge in de marge. Govaert Bac.40 Wapenschilden van de rederijkerskamers die deelnamen aan de rederijkerswedstrijd te Gent in 1539. Centraal staat het schild van de Nieuwkerkse rederijkerskamer ' Goet willich'. Het centrale thema was 'Welc den mensche stervende meesten troost es'. De bloeitijd van de Rederijkers viel in een periode van grote welvaart voor onze gewesten: het “Boergondische Tijdvak” (cfr. .en beeldhouwkunst. Ook de grote bloei van schilder.. Gent. Het belangrijkste voorbeeld is ‘Elckerlyc’ (ca. 1495 van Petrus Dorlandus) Den spieghel der salicheit van Elckerlijc [Antwerpen. kwam in 1540 op de lijst van verboden boeken staan. Meteen grepen de rederijkerskamers dit thema aan om kritiek te formuleren op de aflaten en 'pardoenen'.) Mettertijd verwierven deze rederijkerskamers zulk een macht en invloed dat de Boergondsche hertogen pogingen ondernamen om ze aan hun invloed te onderwerpen door ze te organiseren. specifiek genre: de moraliteit.en mirakelspelen als sotternieën en abele spelen. Doordat ze didactisch waren ingesteld creëerden ze ook een nieuw.De gedrukte uitgave van de opgevoerde stukken. Zo maakte Filips de Schone ‘Jhesus metter Balsemblomme’ (1492) tot soeverein kamer..

Meestal bleven de auteurs in de bloeiperiode van de Rederijkers anoniem. Rijkdom. Zo schreef hij een 80-stal stukken in dit genre. ‘Meistersänger’. Hans Sachs (1494-1576) is wel de meest bekende en belangrijkste. In Duitsland deed zich een gelijkaardig verschijnsel. Hierin treden allerlei abstracte begrippen op als Deugd. Evolutie Rederijkers: Zijn verzand in woordspelen. met de Ook zij hadden belangstelling voor het toneel. Mathys de Castelein (factor te Oudenaarde). Maar toch is het vooral in de Nederlanden tot hoge bloei gekomen. Hij was schoenmaker die echter Latijn en Grieks had gestudeerd. Zijn grote verdienste is dat hij het genre van de Fastnachtspiele uit de platte kluchtigheid heeft opgetild en veredeld. Berouw… Het doel van deze allegorische drama’s was: de toeschouwers een ‘stichtend’ aanschouwelijk voorbeeld te geven. Ook in Frankrijk (moralité). Het zijn de ‘Meistersinger’ geweest die in Duitsland de eerste theaters hebben gebouwd: de (openlucht-)theaters van Nürnberg en Augsburg. Anthonis de Roovere schreef in 1456 een lofdicht dat op verschillende plaatsen in kerken werd opgehangen. als dat van de Rederijkers voor. en die in zijn jeugd doorheen heel Duitsland had gereisd. Cornelis Erveraert (factor te Brugge). Zijn echter van groot belang geweest voor het in stand houden van onze taal. Toch zijn er enkele bekend. Hadden zij niet bestaan dan waren we compleet verfranst. Boete.41 Dit is een allegorisch drama dat zich uit de mysterie. in Engeland (morality plays) en in andere West-Europese landen werd dit genre beoefend. Colyn Van Ryssele. Het gedicht werd daarvoor op een groot vel perkament geschreven en mooi geïllustreerd. . en muntten vooral uit in het genre van de ‘Fastnachtspiele’’ : stukken die in de vasten werden opgevoerd door rondtrekkende jongelui. In Brugge is nog een van die bladen bewaard.en mirakelspelen heeft ontwikkeld. Met name : Anthonis De Roovere.

Hier ziet men duidelijk hoe de middelopeningen. waarmee zij in de poëzie werd vergeleken. in 1562 te Antwerpen gedrukt. opgericht bij het beroemde Antwerpsche landjuweel van 1561. 'Tooneel. Als toppunt van hun activiteit.42 'Blazoen van de Antwerpsche Rederijkerskamer 'De Goudbloeme'.werd ontleend aan de bundel 'Spelen van sinne'. richtten ze wedstrijden in. beneden en boven. De meest beroemde van de reeks is het landjuweel van 1561 te Antwerpen. ghespeelt op de Lant Juweel binnen Andtwerpen'. ======================== . gedrukt in 1562. misschien een klein soort zonnebloem. Sint-Barbara Aalst. ontleend aan 'Spelen van Sinne. die in Brabant de naam van Landjuweel kregen. de zot van Antwerpen. door gordijnen afgesloten werden De zot van een rederijkersgezelschap zorgde voor grappen en grollen tijdens officiële wedstrijden Hier zien we Juerken. Maria draagt de zinnebeeldige goudbloem.

zich mede baserend op antieke denkbeelden. is de enorme vlucht die de vrije steden (de emancipatie van de stedelijke burgerij) nemen en de groeiende rijkdom van de handeldrijvende burgerij (ook de kruistochten veroorzaakten een economische opleving). De universiteiten: hun aantal wordt uitgebreid (Praag. Er ontstaat echter een nieuw wereldbeeld waarin de mens centraal staat: de mens is de maat van alle dingen.. secretaris. in dienst van een heer of een soeverein vorst. Perpignan. De koninklijke en vorstelijke hoven in Frankrijk.43 De Renaissance. Keulen. Engeland…. Humanisten droegen de bouwstenen aan van dit wereldbeeld. officieel geschiedschrijver of hofdichter. Vanaf het laatste kwart van de 15de eeuw neemt de boekdrukkunst een grote vlucht en verovert Europa. een geslacht van legeraanvoerder) Venetië werd geregeerd door vooraanstaande koopmansfamilies.) en 1453. als notaris. Francesco Petrarca (1303/1374) en Giovanni Boccaccio (1313/1375) --) Italië. Poitiers. Engeland met zijn ‘guildes’ en de noordelijke Nederlanden met hun ‘rederijkerskamers’. het pausdom en het keizerrijk. Leuven (1425) 2. Van de Middeleeuwen tot de Italiaanse renaissance. Ferrara. Het voornaamste verschijnsel van die tijd dat de bloei van de kunst bevordert. Verder onthouden we nog Rome. De steden. 3. De graafschappen Holland en Vlaanderen De Italiaanse heerlijkheden: (ontwikkeling van de stad-staten) Florence ( de ondernemers-bankiers waren de stuwende groep achter de vroege renaissance macht van deze stad was in handen van de familie de Medici) Milaan (hier hadden de Sforza’s het heft in handen. Ferrara. ondanks de crisis waardoor de autoriteit van de katholieke kerk wordt aangetast en de voortekenen van de Hervorming. (eerste drukwerk : de Bijbel / rond 1453) Belangrijke figuren uit deze periode zijn : Dante Alighieri (1265/1321). (1300-1450) Achtergronden. die voorrang geven aan de landstaal en aan een groter realisme. kanselier. De literatuur wordt persoonlijker: vroeger werd er gepraat over ‘werken’.Guillaume De Machaut (ca 1300-1377). voortaan hebben we het over ‘auteurs’. met name de architectuur. Mantua Het pauselijke ‘hof’ van Avignon. en Christine de Pisan (1363-ca 1430) --) Frankrijk . Die ontwikkeling wordt in gang gezet door de uitvinding van J. Tussen 1300 (het eerste. Steeds minder is kennis het privilege van de geestelijkheid. (waar de geest van de renaissance zich weerspiegelde in het beleid van de pausen) . zien we het geleidelijke verval van wat tot die tijd de twee grote instituties waren. Een van de belangrijkste kenmerken van de cultuur van deze periode is de secularisering (verwereldlijking). die hun eigen cultuurpatroon hebben: Frankrijk met ‘puys’ (landjuwelen) en ‘confrèries’ (gilden). In de steden komen de beeldende kunsten tot ontwikkeling. (de inneming van Constantinopel door de Turken). 1. Heidelberg. Gutenberg in Mainz. door paus Bonifacius VIII in de katholieke kerk ingestelde jubeljaar. De steden hebben ook het monopolie van de toneelopvoeringen bij de voornaamste religieuze jaarfeesten. Vrijwel overal in Europa zijn drie soorten cultuurhaarden te onderscheiden. Het Christelijk geloof blijft sterk. In tal van landen wordt cultuur beroepsmatig bedreven.

. In dit laatste werk wijdt hij (behalve aandacht aan wereldgeschiedenis) zijn aandacht aan het functioneren van de maatschappij. 1400) Duitsland: Ottokar von Steiermark. aan de hofetiquette. Ook al spelen legenden en voorzienigheid nog steeds een niet te verwaarlozen rol in de verklaring van de feiten. (ca 1260 – ca 1320) De Middelnederlandse geschiedschrijving wordt beheerst door de kronieken die ontstonden aan de hoven van Holland en van de hertogen van Brabant of binnen de grote aristocratische families. Voortaan is er een grotere belangstelling voor de nationale geschiedenis en voor de gebeurtenissen uit de eigen tijd. natuurlijk. (ca. Natuurlijk wordt alles een stuk subjectiever doordat de auteur vaak getuige is geweest van de weergegeven gebeurtenissen. die voltooid is door de Brabantse priester Lodewijk van Velthem. aan de moraal. Jacob van Maerlandt (ca 1220 – eind 13de eeuw) : Spieghel historiael . Het boek bevat de eerste poëtica in de volkstaal wat Europa betreft: ‘hoe dichters dichten sullen ende wat si hantieren sullen’. en de berijmde kroniek maakt dikwijls plaats voor de kroniek in proza.ca. Jan van Boendale (1279 – ca 1350) is de auteur van Brabantsche Yeesten en van Der leken Spieghel .44 Dante Alighieri Fancesco Petrarca Guillaume De Machaut Christine de Pisan Wat de geschiedschrijving betreft : In verhouding tot de voorgaande periode is de geschiedschrijving wellicht het terrein waar we de grootste veranderingen waarnemen en waarbinnen een onmiskenbaar vernieuwende geest heerst: de hoeveelheid geschriften wordt indrukwekkend. aan de liefde en. 1333. de volkstaal vervangt over het algemeen het Latijn. Belangrijke geschiedschrijvers : Frankrijk: Jean Froissart. er wordt vooruitgang geboekt: de geschiedschrijver verifieert zijn bronnen en verzekert zich van de authenticiteit van de documenten.

De nieuwe ideeën beïnvloeden alle aspecten van de samenleving: maatschappelijke verhoudingen en politieke opvattingen. zijn rede en zijn wil. voor de natuur. In hun ogen is de mens vrij. De term wordt voornamelijk in de cultuurgeschiedenis gebruikt) Kenmerken : Herontdekking van de klassieke oudheid (Grieken en Romeinen) gekenmerkt door een ongelooflijke sprong voorwaarts waar het de cultuur betreft – de beeldende kunsten. ondernemend. De levenshouding is meer gericht om de mens en de wereld waar vroeger het goddelijke en het hiernamaals bepalend was: Niet God is langer het middelpunt van heelal. De Renaissance is dus in de eerste plaatse een geestesbeweging. verifieerbare gegevens wordt gestaafd. maar de mens. eerst verwezenlijkt hij zichzelf in de loop van zijn leven op aarde. het eerst en het duidelijkst in Italië. Kortom. Hij accepteert slechts wat door vaststaande. (In engere zin is de renaissance beperkt tot de 15de en 16de eeuw. (volkstaal moet weer wijken) Aan hun herontdekking van de Oudheid ontlenen de humanisten een nieuw mensbeeld. renaissance. bij uitstek de taal van de wijsheid en de elegantie. of ze nu door goddelijke openbaring zijn gedicteerd of door het orakel van een of andere ‘autoriteit’. De kunstenaar heeft aandacht voor de mens. Vanuit strikt literair oogpunt betekent humanisme : de studie van de Griekse en Latijnse taal en letteren : de ‘studia humanitatis’ De humanist aanvaardt a priori geen waarheden meer. Voor hem is Latijn. en bovenal het Latijn van Cicero. waar de nieuwe geest zich. en uitlopers in de rest van Europa nog tot in de 17de eeuw. naar mooie vormgeving. sterkt verbreidde en de inspiratiebron werd van een ongekende culturele bloei. voor het aardse leven en de heerlijkheid daarvan. Over het begin van de renaissance bestaan uiteenlopende opvattingen: doorgaans traceert men de voorboden in Italië al in de 13de en 14de eeuw. Ook al staat hij niet onverschillig tegenover zijn heil in het hiernamaals. Aandacht voor de persoonlijkheid van de mens : individualisme. Het gevolg hiervan? Steeds meer afbreuk aan de autoriteit van de traditie en van de liturgische riten. Humanisme (in de periode van de vroeg-renaissance) = de wetenschappelijke kant van de . architectuur en beeldende kunsten. Op opvoedkundig gebied worden er grote sprongen gemaakt! De onderwijsmethoden wijzigen. in staat zich te doen gelden dankzij zijn intelligentie. een cultuurstroming in de breedste zin van het woord. hij onderwerpt alles (en dat is nieuw) aan een kritisch onderzoek. theologie en filosofie. ondanks de sterke politieke verdeeldheid en vele oorlogen. letteren en wetenschappen. Bewust streven naar schoonheid. De terugkeer naar de bronnen houdt in dat de Bijbel in de oorspronkelijke versie gelezen wordt. Het is de benaming van een brede cultuurbeweging die rond 1400 in Italië ontstond en daarna langzamerhand heel West-Europa ging beheersen.45 Renaissance : Wat? Staat in het teken van de vernieuwing: ‘ri-nasicita’ – re-naissance = wedergeboorte. letteren.

46 Grote namen in verband met het Humanisme: Desiderius Erasmus (1469-1536) (Lof der Zotheid – Klacht van de Vrede) Thomas More (1478-1535) (Utopia) Michel de Montaigne (1533-1592) : geest gericht op de wereld. Vele kunstenaars waren dan ook zowel schilder als beeldhouwer als architect. Tegelijkertijd eiste de heksenvervolging ook in Italië slachtoffers onder het volk. Het streven naar veelzijdigheid leidde ook tot dilettantisme (van het Italiaanse ‘diletto’ = verlustiging) : het beoefenen van de kunsten uit vreugde en niet om in het levensonderhoud te voorzien. met uitzondering van de republiek Venetië De beoefenaars van architectuur en beeldende kunst emancipeerden uit de middeleeuwse positie van anonieme handwerklieden. sceptisch.) Als prototype van de ‘uomo universale’ onthouden we Leonardo da Vinci (1452-1519) (kunstenaar. (Leon Battista Alberti was de eerste dilettant-architect. kritisch. hij was ook dichter. kunsthistoricus en atleet. mens als middelpunt van het denken. Desiderius Erasmus Thomas More Michel de Montaigne De kunstenaars + grote figuren: De vrouw kreeg een nieuwe positie : talrijker werden de vrouwen die een sociale rol speelden (Isabella d’Este) of als dichteres optraden (Vittoria Colonna). technicus. geleerde. vrij van vooroordelen. Zij streefden naar de maatschappelijke status van geleerde (beoefenaar van de artes liberales of de vrije kunsten) door het opstellen en toepassen van ‘natuurwetten’: de schilders zochten naar de wetten van het ‘perspectief’. de architecten naar die van de ‘proporties’. De uomo universale (= universele mens) werd hun ideaal. dichter en uitvinder) (tevens belangrijkste figuur Hoog-Renaissance) .

en niet waarom (zoals Aristoteles). i. experimenten met vallende lichamen. het gaat om meetbare factoren ‘natuurwet’ : beschrijving.p. fijne modellering van de figuren en een karakteristiek landschap. daar is wiskunde’ en ‘het boek van de natuur is in wiskunde geschreven’ kwantitatieve benadering van de natuur. het geopenbaarde woord van God: evangelistisch. David (marmer).v. Verder onthouden we nog: Michelangelo Buonarroti (1475-1564) In hem komen de grootsheid en de dramatiek van de Renaissance tot uiting. in plaats daarvan een ‘algemeen priesterschap’. ieder individu komt voor zichzelf te staan: Verlossing van schuld d. Johannes Keppler (1571-1630) : ‘Waar materie is. niet verklaring van een fenomeen d.m. beeldhouwkunst en architectuur vormt een samenhangend oeuvre met als middelpunt de menselijke figuur met zijn kracht en lijden.a. maar hoe vallen lichamen. Galileo Galilei (1564-1642) : Grondlegger van de moderne natuurwetenschap: o. . geloof in het ‘Schrift’. Zijn werk op het gebied van schilderkunst. Stansa di Rafaello = Raffaël (1483-1520) zijn werk wordt gekenmerkt door een evenwichtige compositie..m. Wat de reformatie betreft : Maarten Luther (1483-1546) : Lutherse bijbel van 1534 95 stellingen van Maarten Luther Bestrijdt de pretentie dat de kerk de enige bemiddelaar is tussen God en de mensen (protest op aflatenstelsel).v. een mathematische formule.47 Nicolaus Copernicus Johannes Keppler Galileo Galilei Op het vlak van de natuurwetenschap is Nicolaus Copernicus (1473-1543) baanbrekend : Aarde draait om de zon en om eigen as. Madonna met kind (roodkrijttekening) – De Sixtijnse kapel – Schepping van Adam.v. kwalitatief (zoals de Grieken) In 1600 ontdekt hij wetten in de beweging van de planeten.

Rogier van der Weyden (1399/1400 ) – 1464) Vlaams schilder die met zijn plastisch weegegeven figuren en veelzeggende portretten veel invloed had op de Duitse en Noord-Franse schilderkunst.48 Tiziano Vercelllio Titiaan (ca 1488-1579) werk munt uit in het gebruik van kleur Giovanni Bellini (ca 1430-1516) ging als eerste over tot het schilderen in olieverf. en Hans Holbein d. Zijn invloed reikte tot aan het surrealisme. 1390-1441) scherp observerende schilder die de techniek van het olieverfschilderen verfijnde en door zijn realisme de kunst een impuls gaf. Oudnederlandse schilderkunst 1420-1580. 1450-1516) schilder van groteske apocalyptisch-fantastische visioenen met moraliserende bedoelingen.J. Pieter Breugel (1525/1530 – 1569) bekend schilder van zedenschilderijen met spreekwoordkarakter en moralistische bedoelingen.o. Jeroen Bosch (ca. ================ . Nog enkele namen uit de Renaissance in Duitsland van 1490-1540 : Albrecht Dürer – Hans Baldung Grien – Alber Altdorfer – Mathias Grünewald – Lucas Cranach d. Jan van Eyck (ca.

Italiaanse dramaturgie heeft zich ontwikkeld uit de korte tussenspelen of interludia. in het geheim gehuwd met Alessandra Benucci. die tussen de klassieke werken door gespeeld werden. (1474-1533) Italiaans episch dichter en een van de hoofdfiguren van de renaissance. daarna in rijmloze verzen. In 1503 trad hij als secretaris in dienst van kardinaal Ippolito d’Este. De klassieke stukken werden voor een select publiek opgevoerd. De eigen. was spreekwoordelijk en bezorgde hem de titel Ludovico della tranquillità (Lodewijk van de Rust) .die hij met zijn negen broers en zussen opvoerde. De Renaissance ging dus gepaard met een vernieuwde studie van de klassieke (Griekse en Romeinse) auteurs. De belangstelling die Plautus hierbij genoot is van groot belang geweest bij de verdere ontwikkeling van het Italiaanse toneel. Hij studeerde rechten te Ferrara. in 1486 aan het hof te Ferrare in de volkstaal gespeeld). (dit om de paar kerkelijke privileges die hij genoot niet te verliezen) Ariosto’s goedig karakter. Ariosto leidde de theateropvoeringen aan het hof en schreef hiervoor blijspelen. Ludovico ARIOSTO. stonden nog erg onder de invloed van hun ‘klassieke’ voorgangers. waar hij aan het hof van Ercole vertoefde en een schitterende humanistische scholing genoot. Als kind al schreef hij treurspelen. zowel de tragediedichters als de blijspelauteurs.m. eerst in proza.Oudste zoon van Niccolo Ariosto. Hij verbleef een poos in Rome. Hij bleef te Ferrara wonen waar hij een vrij huisvaderlijk leven leidt. Na een conflict met de kardinaal (hij weigerde hem te vergezellen naar zijn bisdom in Hongarije) trad hij in 1518 in dienst van hertog Alfonso van Ferrara.49 De Renaissance in Italië. De eerste Italiaanse toneelauteurs (die in de volkstaal schreven). (zijn werken werden o. De Komedie. en werden commedia erudita en tragedia erudita genoemd. waar hij zich op de studie der oude letteren toelegde In 1502 was hij kapitein van de burcht van Canossa. wars van alle eerzucht en in hoge mate gesteld op rust en vrede. vol beminnelijkheid. Zijn eerste latijnse verzen doen in hem reeds een groot dichter vermoeden.

Elk van hen volgt de weg van zijn eigen avontuur die. De WAANZIN is het absoluut nieuwe dat Ariosto bijdraagt aan de literaire traditie. de pure vreugde aan de volmaakte vorm (men spreekt van Ariosto’s “gouden stanzen”!(= strofen/in het bijzonder een 8 regelige strofevorm) zonder voelbaar didactisch oogmerk. afgebakend door drie uitgaven (1516. de bekoorlijke fijnheid van de schildering. de grondleggers van het huis van Este (Itiaans vorstenhuis. uit een soort revanche voeren ze hen met een zeer grote vrijheid van beweging en vindingrijkheid van het ene punt van de aardbol naar de andere. welke hem tot waanzin drijft. de goedmoedige ironie die zich nooit aan haar onderwerp verliest. Het bewerkstelligt een subtiel evenwicht tussen verhaalstramien en ritmische harmonie.) Hij legt echter véél meer nadruk op het liefdeselement dan zijn voorganger. De cultus van de tot in het heroïsche doorgedreven vriendschap. Ariosto neemt de draad op. Het uiterst ongedwongen mechanisme van onderbrekingen en hernemingen maakt het mogelijk de lezer te blijven boeien. Orlando furioso kent talrijke personages. (Dit werk knoopt aan bij Orlando innamorato (Roeland verliefd). Hij behandelt de ongelukkige liefde van Roeland voor Angelica. die van het hoofdpersonage kruist. (geografische ontdekkingen vormen de aanleiding) De kunstige ineenvlechting van de episodes. maken dit werk tot de duidelijkste expressie van het kunstideaal van de Renaissance. van het komische naar het weemoedige. daar waar Boiardo hem heeft afgebroken. Het is een romantisch heldendicht. Werken : Als zijn belangrijkste werk dient beschouwd: Orlando furioso (Razende Roeland). op de een of ander manier. de overwinning op de heidenen door de ridders van Keizer Karel en de verbintenis van Ruggiero en Bradamente. De tot zelfopoffering doorgevoerde liefdestrouw. door hem gekentekend in het gevelopschrift ‘Parva sed apta mihi” ( Klein. een ander episch riddergedicht in achtlettergrepige verzen van de hand van Boiardo en gepubliceerd in 1495. Het schrijven van het dichtwerk heeft meer dan dertig jaar geduurd. is nu Ariostomuseum. van het wonderbaarlijke naar het alledaagse. maar echt voor mij geschikt). de harmonie en de soepelheid te bereiken van proza en een ongestoorde maar niet uniforme vertelling. . De hartstocht die in waanzin ontaardt. genoemd naar gelijknamig stadje. Geen van hen is echter te verwaarlozen. gemakkelijk te lezen en te begrijpen. beurtelings overgaand van het heldhaftige naar het prozaïsche.1532) Hij stelde zich tot doel de sporen van dialect binnen de literaire taal te verwijderen en een dichtwerk te scheppen dat in staat zou zijn in de breedte van zijn strofen het ritme. Het wonderbaarlijke dat overgaat in het fantastische. Thema’s van het werk zijn: De onrustige zwerftocht van de mens die achter zijn illusies aanloopt. ten zuid-westen van Padua) De avonturen van zijn helden kennen geen grenzen. Belangrijk is ook dat hij het gedrag van zijn helden en tovenaars terug brengt tot ‘menselijke maat’.50 Zijn in 1527 aangekocht huis.1521. Om dit resultaat te bereiken aarzelt hij niet een episode te onderbreken om een andere te hernemen of een nieuwe te introduceren. Ariosto wisselt de tonen van het verhaal af.

de smaak van slachtpartijen en bloed. in hechtenis genomen en in de gevangenis geworpen. Hij werd slechts vier jaar voor Copernicus geboren. diplomaat en schrijver. die niet alleen ligt in het veroveren van de meest verheven waarden van alle poëzie. net als de natuurwetenschappers dat op hun vakgebied deden. Hij voerde opdrachten uit voor de republiek bij de paus. Na kerker en marteling te hebben doorstaan. de keizer. administratieve aard aan de werkelijkheid toetsen. de ontrouw der vrouwen. Hij begon zijn diplomatieke loopbaan te Florence in 1494. toch hebben fijnzinnige critici hem niet ten onrechte de “glimlach van Italië” genoemd. Orlando furioso is voor de renaissance. werd nadien secretaris en in 1499 kanselier belast met oorlogszaken en interne aangelegenheden. Tegelijk was hij ook getuige van een voor Italië’s toekomst beslissende tijd: de verscheurdheid van het land. Hij trekt zich terug met zijn gezin op een klein landgoed bij San Casciano. de koning van Frankrijk en kon aldus overal de problemen van politieke. En. 1502) en I Supposite (De Ondergeschovenen) zijn geïnspireerd op het werk van Plautus en Terentius. tussen gevoel en rede. Machiavelli wordt ontheven uit zijn functie.E. Dante belichaamt de strenge tijd van sterk geloof. In 1512 keren de Medici terug. Dat edel-speelse mag door sommigen als zijn zwak bestempeld worden.51 Ook komen er negatieve. Ariosto spiegelt een tijdvak waarin cultuur de levendigste interesse heeft bij de politiek geïnteresseerde klasse. een thema dat alle andere verenigt en omvat: dat van hun HARMONIE. Een van de stichters van de politieke wetenschappen. Macchiavelli wilde korte metten maken met het gebruikelijke politieke denken van zijn tijd. (1469 – 1527) Italiaans politicus. hoewel reële thema’s aan bod: het verraad. wordt hij onschuldig bevonden en vrijgelaten. wat de Devina Comedia van Dante was voor de M. die het model voor zijn Principe zal worden. en de feiten beschouwen zoals ze waren. Het gedicht is vrijwel in alle Europese talen vertaald en meer dan 500 maal herdrukt. de intrede van de Franse troepen. de verbanning van de Medici. de Italiaanse vorsten. bovenal. Nog andere werken : Zijn toneelwerkjes Cassaria (De Kastjes. grote hartstochten en episch politieke strijd. maar ook –historisch gezien – in het beeld dat men zich tijdens de renaissance maakte van de harmonie tussen mens en natuur. In 1502 ontmoet Machiavelli te Urbino Casare Borgia. Niccolo MACHIAVELLI. . Waarbij gedachte en fantasie vergetelheid moeten bieden voor de zorgen en ellende van het heden.

’ . met slinkse streken streven naar posities en macht. Maar nooit hadden deze theoretici het over de praktijk van de politiek) Met grote waarheidszin en inzicht beschrijft hij wat de mensen doen om macht te krijgen en te behouden. Hij geeft alleen maar een prachtig geschreven en op waarneming gebaseerd beeld van wat er in feite gebeurt. ja zelfs in de kerken en verenigingen. bereid moet zijn inbreuk te doen op dit of dat morele principe. inzagen dat hij een einde maakte aan de huichelarij van eeuwen. Machiavelli verwierf snel internationale roem. die beschrijven wat mensen doen en niet wat ze zouden moeten doen. aan welke eisen hij moest voldoen en wat de beste staatsvorm was. welke listen kans van slagen hebben en welke niet. Hij zegt bijvoorbeeld dat een heerser de staat moet redden of zijn eigen positie moet zien te handhaven. of een politicus zijn woord mag breken. en de uiteenlopende manieren waarop ze die verliezen. en de beroemde Engelse kanselier Francis Bacon zei : ‘We zijn veel verplicht aan Machavelli en anderen. Maar toch is het niet terecht hem ervan te beschuldigen een voorstander van dergelijke verwerpelijke praktijken te zijn. dat je ze telkens bevestigd ziet als mensen in de politiek. (En niet alleen zij die de carrières van een Hitler of een Stalin bestuderen. Maar zelfs op zulke plaatsen stelt hij alleen een onaangename waarheid vast die in elk geval gold voor zijn tijd en plaats: de Renaissance in Italië. Zijn onverbloemde beschrijvingen van de politieke praktijk zijn natuurlijk schokkend. Werken : In zijn meest beroemde boek Il Principe (een belangrijk politiek essay) = De Heerser van 1513 zegt hij : ‘Omdat het mijn bedoeling is iets te zeggen dat van praktisch nut voor de onderzoeker is. Machiavelli schreef de Discorsi in dezelfde tijd als Il Principe en daar vergelijkt hij met dezelfde scherpzinnigheid voor. weert men hem uit elke openbare functie. Zijn inzichten zijn zo universeel geldig. begonnen voor ‘De Heerser’ en later geëindigd. gouverneur van Modena. (1513-1521). Maar als in 1527 de Medici voor de tweede maal worden verbannen. compromisloze politiek) Een van de hoofdstukken heet: ‘Over hen die aan de macht kwamen door middel van misdaad’. (dat woord staat voor ‘reële. Hij wil zich op de verdediging van Florence toeleggen. waardeerden zijn inzichten meteen. In 1520 ontmoet hij Franecsco Guicciardini. Il Principe wordt de bijbel van de Realpolitik genoemd. en zo ja. of op christelijke of bijbelse aansporingen.52 Hier rijpen zijn gedachten en schrijft hij Discorsi sulla pruma deca di Tito Livio. Hij behandelt de rol van geweld of dreiging daarmee in de politiek. en niet zoals ze in de verbeelding bestaan’. Shakespeare verwijst in een van zijn toneelstukken naar hem. zien Machiavelli’s inzichten bevestigd. (Voor hem hadden politieke theoretici beschreven welke plichten de ideale heerser had. Verbitterd en in armoede sterft hij nog hetzelfde jaar. Machavelli baseert zijn redeneringen nooit op wat men behoort te doen. leek het me juist de dingen voor te stellen zoals ze in werkelijkheid zijn. In dit werk zet hij het uitvoerigst zijn gedachte en zijn politiek systeem uiteen. terecht.en nadelen van verschillende staatsvormen en concludeert hij dat een door het volk gesteunde republiek de beste en meest stabiele is. wanneer. Degenen die. maar ook in het bedrijfsleven. (= Verhandelingen over de eerste Decade van Titus Livius) Dit is het werk waaraan hij het langst gewerkt heeft. het belang van de schijn en dus van ‘image-building’. Geleidelijk tracht hij weer in het actieve leven te komen en schaart zich voorzichtig aan de kant van de Medici. die zijn meest vertrouwde vriend wordt.

Jonson) De tragedie. (Vergelijk ook met het thema van ‘Volpone’ van B.m. die beweert uit het sap van een Mandragora een toverdrank te kunnen bereiden. ZULT U MERKEN HOE ONWAARDIG DE FORTUIN MIJ MET NIET AFLATENDE KRACHT HAAR KWAADAARDIGHEID LAAT ONDERVINDEN’ (Met deze verongelijkte woorden droeg Machiavelli in 1513 Il principe op aan Lorenzo de’Medici. . die hem na een coup in 1512 had ontslagen uit de kanselarij van de Toscaanse stad. en vooral manipulatief.” ‘EN ALS U VAN DE TOP VAN UW VERHEVEN POSITIE ZO NU EN DAN UW OGEN ZULT RICHTEN NAAR DEZE PLAATSEN HIER BENEDEN. Hij wordt om de tuin geleid door de gewiekste jongeling Callimacho. die in de volkstaal werden geschreven. In 1561 gaat hij te Padua studeren. Bij de tragedies. van de Contra-reformatie. speelde de invloed van Seneca een zeer grote rol. Torquato TASSO : (1544-1595) Italiaans dichter en prozaïst. Torquanto’s overgevoelig temperament maakte hem in zijn jeugd vatbaar voor sterke indrukken: Het verblijf in de benediktijnerabdij van Cava de’Tirreni. immoreel.a.Een duidelijke verwijzing naar ‘Il Principe’. “HET IS VOOR EEN HEERSER VEILIGER TE WORDEN GEVREESD DAN TE WORDEN BEMIND. opportunistisch. Mandragora : een satirische komedie.’ Ook op toneelgebied heeft hij nieuwe paden betreden met o. dan wijsbegeerte en letteren. EN DE KRACHT VAN EEN LEEUW OM DE WOLVEN VAN ZICH AF TE HOUDEN. Hij doet hier zijn eerste kennis op van het hofleven en de etiquette en van de culturele stromingen van de tijd o. Er zal echter wel een man de nacht in de kamer van Lucretia moeten doorbrengen… Volgens de biechtvader zijn ‘alle middelen goed om het doel te bereiken’. de geheimzinnige dood van zijn moeder en de aanval van de Turken op Sorrento (zijn geboorteplaats) in 1558.53 Nog steeds vinden velen zijn boek zo schokkend dat het woord ‘machiavellistisch’ synoniem is geworden met sluw. Hij studeert aan het hof van Urbino waar zijn vader (zelf dichter) in dienst is. eerst rechten. De vrekkige Nicia kan bij zijn mooie jonge vrouw Lucretia geen kinderen krijgen.) ‘EEN HEERSER MOET BESCHIKKEN OVER DE SLUWHEID VAN EEN VOS OM DE VALSTRIKKEN TE DOORZIEN. Hij probeerde in het gevlij te komen bij de nieuwe machthebber van Florence.

een loflied op de liefde. krijgt woede-aanvallen. Op Gonzaga’s verzoek mag Tasso in 1586 Ferrara verlaten en aan het hof te Mantua verblijven. berust op een gedurfde moraal. Montaigne en Vincenzo Gonzaga. Uit deze periode dateert Aminta (een herdersspel) . noch een sterke bouw. Daar hij ook te Mantua geen rust vindt. maar de allegorie laat vele allusies toe op eigentijdse toestanden. Schäferspiel…) op een romantische en geïdealiseerde manier werd verbeeld. het epos Gerusalemme liberata ( Jeruzalem verlost). werd ook de belangstelling groter voor het leven op het platteland.54 Ondertussen verschijnt te Venetië zijn eerste grote gedicht: Rinaldo. Aan het einde van elk bedrijf worden de gevoelens door een koor samengevat. en werden in allerlei sentimentele geschiedenissen verwikkeld. probleemloze mensen. Werken : Aminta: is een herdersspel. Hierdoor werkt hij zich geregeld in een netelig parket. (1562) In 1565 treedt hij als dichter in dienst bij kardinaal Luigi d’ Este te Ferrara. maar hij voelt zich onbegrepen. Tijdens zijn opsluiting krijgt hij bezoek van o. zwerft hij van stad tot stad en belandt tenslotte in Rome waar Paus Clemens VIII hem onder zijn bescherming neemt. Het wordt beschouwd als het hoogtepunt van de pastorale uit de literaire Renaissance. In 1574 krijgt hij de eerste aanvallen van de malariakoortsen. dat in herdersspelen (pastoral. ondanks de kwellingen die zijn onstuimige liefdesaffaires met de prinsessen aan het hof van Ferrara hem bezorgen. vlucht. Ook zijn geestvermogens gaan achteruit. Hij sterft op de vooravond van de dag dat men hem op het Compidoglio met de dichterslauweren zou kronen. Herders en herderinnetjes werden op de planken voorgesteld als gelukkige. Hoewel de invloed van . brengt Tasso de gelukkigste jaren van zijn leven door. Aan het hof van hertog Alfonso II (de laatste grote hertog van de Este’s) waar een geest van zinnelijke verfijning heerst en het hervormingsdenken zijn sporen heeft nagelaten. Zij waren omringd door idyllische nimfen en viriele saters. Er is een grote invloed van de antieke dichters aanwezig. Hij wordt gevangen genomen. che in amor non si spende = verloren al de tijd die niet aan liefde werd gewijd. en in de steden de welvaart steeg. Iedereen stelt hem gerust. Het is een christelijk ridderepos bestaande uit twintig canto’s. Aminta biedt noch sterke karakters. Ondertussen was Tasso al geruime tijd bezig aan een groots opgezet dichtwerk waaraan hij vrijwel zijn hele leven zal werken. Tasso doet een poging om het sacrale met het profane te verbinden. 9 jaar ziekte. Gerusalemme Liberata : (Jeruzalem bevrijd) is het levenswerk van Tasso. Het grondmotief van het stuk is een antwoord van Dafne aan Silvia : perduto è tutto il tempo. Als rusteloze gebroken man vat hij in een brief zijn lot samen dat hem tot dan toe beschoren was: 7 jaar gevangenis. (Naarmate in Europa aan de hoven de luxe. erfgenaam van de hertog van Mantua. Hierin wordt beschreven hoe Jeruzalem door de kruisvaarders onder bevel van Godfried van Bouillon aan de Saracenen wordt ontrukt. (Tasso geldt ook als de laatste grote vertegenwoordiger van de renaissanceliteratuur van zijn land) Het herdersspel “Aminta” bestaat uit vijf korte bedrijven. die nog een ongerepte ziel bezaten. Hij meent zelf dat de Gerusalemme strijdig is met het geloof.) In ‘Aminta’ komt het voorbijgaan van de tijd tot uitdrukking. 32 verbanning. wordt opgesloten. noch boeiende gebeurtenissen. Het onderwerp is zeer eenvoudig : de herder Aminta bemint de nimf Silvia die hem eerst verstoot en tenslotte zijn liefde beantwoordt.a. Maar het is een levendige verjonging van de antieke idylle. die ver afstaat van de starre voorschriften van de Contrareformatie.

maar gezongen. en staat zo mede aan het begin van een ontwikkeling. Giraldi CINZIO: (1504-1572) Wordt de schepper genoemd van het romantisch drama. Vergillius en Ariosto op vele plaatsen doorklinkt. Tegen het einde van de 16de eeuw evolueren deze intermezzi naar het melodrama. Batista GUARINI: (1573-1612) Hij schreef Il pastor fido (De trouwe herder). naar de opera. Hij was daarmee ook de eerste om de tot dan toe naamloze geliefde van Orpheus de naam Eurydice te geven. Hoewel ‘Jeruzalem bevrijd’ vaak wordt aangevallen. dans en muziek zijn bedoeld als verstrooiing voor de toeschouwers. Hij schreef de geschiedenis van Orpheus omstreeks 26 voor Christus als onderdeel van zijn Georgica. met name door Galileï. 25 jaar later nam Ovidius hen beiden op in de Metamorphosen) zijn opwachting maakt is Eurydice van Jacopo PERI (1561-1633). 1592-1593) Invloed : Zijn ongewone. De eerste opera waarin Orpheus (de eerste versie van de Opheus-mythe die we kennen is van Vergillius. (Euridice is van historisch belang. omdat hij de stof voor zijn toneelstukken niet meer bij de auteurs van de klassieke oudheid ging zoeken maar wel bij de Italiaanse novellisten. Intermezzi: Deze ‘tussenstukjes’ met zang. Het ‘zangspel’: voorloper van de Opera! Volgens de dramaturg uit de 16de eeuw werden de drama’s in de Griekse oudheid niet gesproken. Vandaar dat men een eenheid tracht te bereiken tussen woord en muziek door de toneeluitvoeringen te onderbreken door intermezzi.55 Homerus. omdat het de eerste opera is waarvan de muziek bewaard is gebleven) . is het een van de populairste werken uit de Italiaanse literatuur. Dit muziekdrama werd in 1600 voor het eerst opgevoerd in Florence. Het stuk bevatte vele muzikale gedeelten. Het is dus vanzelfsprekend dat de eerste opera’s een thema uit de klassieke oudheid als onderwerp hebben. sensitieve persoonlijkheid inspireerde Goethe tot de tragedie Torquanto Tasso Byron tot zijn The lament of Tasso. Als oudjezuëtenleerling stelt hij zich vragen over zijn geloof: is het werk niet te profaan? Heeft hij het niet te sensueel gemaakt? Door twijfel gekweld en verontrust schrijft hij een nieuwe versie van ‘Jeruzalem’. wordt de nieuwe versie een didactisch werk van puur stichtelijke aard : La Gerusalemme conquistata (Jeruzalem veroverd. die uiteindelijk naar het opera-genre zou leiden. Ontdaan van zijn romantische episodes. zijn de mildheid van toon en de verfijndheid der gevoelens karakteristiek voor het zachtaardige en melancholische karakter van Tasso. Toch bestormen hem al snel de twijfels.

Het eind werd echter ‘aangepast’. aangezien men weliswaar ziet dat het een echt vuur is. Naargelang van het affect laat men de melodie stijgen of dalen. ‘Voor de uitbeelding van een hel kan men. Zijn Orfeo is gebaseerd op het libretto van Striggio. positief. De uitdrukking van de gevoelswaarde van de tekst is van groot belang: er worden regels toegepast om gevoelens in de tekst tot uitdrukking te brengen in de muziek.’ (aldus Nicola Sabattini. het een tegenover de opening van het voornoemde plaatsje. een decorontwerper en tijdgenoot van Monteverdi in zijn boek Practica di fabricare Scene. De tekst moet verstaanbaar zijn. In vergelijking met de oorspronkelijke versie kiest Rinuccini voor een ‘happy end’! (Pluto laat Eurydice zonder voorwaarden vrij) Nog belangrijk in dit verband is Claudio MONTEVERDI (1561-1633). De muziek overstijgt op deze manier de menselijke passie en wordt goddelijk. waarbij ook rekening gehouden is met de instrumentatie met betrekking tot de tekst: de onderwereld wordt anders geinstrumenteerd dan het koor van de herders en de nimfen. De gevoelens worden ingedeeld in 4 effecten (hevig positief. negatief en hevig negatief). Het koor levert commentaar op de actie. Na het erbarmelijke verlies nodigt Orpheus’vader Apollo zijn zoon namelijk uit om voor eeuwig op de Olympusberg te komen wonen. koren. zonder gevaar hier tussendoor kunnen lopen of dansen. . De begeleidende instrumenten worden in deze opera verdeeld in ‘fundament-‘ en ‘ornament-‘ instrumenten. Zo zal het lijken alsof ze midden in de vlammen staan. De begeleiding dient daarom de tekst te versterken. recitatieven. Men ontsteekt twee vuren. Het koor heeft dezelfde functie als het koor in het Griekse drama: een band tussen het podium en het publiek. 1638) De opera bestaat uit een ouverture. maar vanwege de afstand niet kan inschatten hoe het effect wordt verkregen. (Pluto stelt de voorwaarden en Orpheus verliest Eurydice. het tempo en de dynamiek wordt aangepast….56 Peri laat de zangers nog wel lichtelijk ‘sprekend zingen’ . de samenklank al of niet dissoneren. Document: Het recept voor de onderwereld. en het andere zo ver van het eerste verwijderd dat de personen die hier moeten optreden. want hun samenzang is het eerste operaduet ooit. balletten. als volgt te werk gaan.) Monteverdi geeft echter zijn eigen draai aan het verhaal. Het libretto van deze opera is van Ottavio RINUCCINI (1562-1621) die het drama Orfeo van Polizano uit 1472 als basis heeft genomen. aria’s. als zich achter de middelste achterwand een ruimte of een open binnenplaatsje bevindt. Hij componeert de Renaissanceopera waarin Orpheus centraal staat. Ook schrijven Apollo en Opheus muziekgeschiedenis.

In het paleis van Versailles werd zelfs een speciaal theater ingericht waar wekelijks nieuwe balletten werden uitgevoerd door Lodewijk en zijn hovelingen. optochten van praalwagens (met thema’s als ‘de triomf der dromen’). de intocht van keizer Karel V in 1536. die allemaal op kosten van Cosimo I plaatsvonden. In 1681 traden ook vrouwen op. choreograaf.57 De eerste aanzetten tot de Danskunst. de opstelling van een veldslag om een burcht van papier-marché op de Piazza Santa Maria Novella met honderden paarden en zo’n duizend mensen: het was het grootste schouwspel dat een heersersfamilie ooit in de stad op touw had gezet. die bij belangrijke gebeurtenissen plaatsvonden: het bezoek van de paus LEO X in 1515. Bij al deze gelegenheden werd de stad ‘gemaskeerd’. Self-portrait by Giorgio Vasari Ter gelegenheid van het huwelijk van de jonge hertog Francesco met Johanna van Oostenrijk overtrof Vasari zichzelf. De dansers droegen kleine dansmaskers. (feestelijkheden begonnen op 16 december 1565 en eindigden op 23 maart 1566) Theatervoorstellingen. Deze academie moet gezien worden als een ‘genootschap’ van deskundigen die de richtlijnen voor de danstheaterpraktijk vastlegden en de op dat moment gangbare danstechniek beschreven. gips en papier-marché gebruikte. Evenals zijn voorganger Lodewijk XIII was hij een fervent liefhebber van dergelijke opvoeringen. en werden steeds groter.1715) sprak men al over ‘ballet-comedie’ en ‘ballet-opera’. De plaatsing van de hoveling in de choreografie was een weergave van zijn status aan het hof. Voor Giorgio Vasari. geschiedschrijver en technicus van de Florentijnse maskeraden van de tweede helft van de vijftiende eeuw. impresario. triomfbogen en reuzen. betekende dit een nieuwe loopbaan als regisseur. De grote Maskerades. toen al een bekende kunstenaar. . waarvoor men hout. werden in recordtijd neergezet. de rouwplechtigheden na de dood van Michelangelo Buonarroti in 1564. De belangrijkste verworvenheden vanuit dit genootschap zijn de nu nog altijd kenmerkende aspecten van ‘en dehors’ (uitdraai van de benen) en de 5 posities van waaruit alle klassieke balletpassen beginnen en eindigen. bezighielden met poëzie). Met de Medici’s aan het begin van de 16de eeuw brak de tijd aan van de grote maskerades. Aanvankelijk werden de belangrijke dansrollen enkel door mannelijke hovelingen uitgevoerd (net zoals bij de Griekse tragedie). Onder Lodewijk XIV (1637. Men noemt deze uitvoeringspraktijk ’ballet de cour’. religieuze opvoeringen. Men construeerde fraaie gevels en gebouwen. vuurwerk. het huwelijk van Johanna van Oostenrijk en Francesco de Medici in 1565. In 1661 richt Lodewijk XIV een Académie Royale de la Danse op (in navolging van andere instellingen die zich bv. De grootste kunstenaars van de stad waren hierbij betrokken en de werken. en men maakte beelden uit de Oudheid na.

de gierige koopman Pantalone was steeds in de handelsstad Venetië geboren. dat hij doorgaans zijn hele leven lang bleef doorspelen. was de geboorteplaats van de knechten Brighella. wanneer je weet dat de vrouwenrollen in Shakespeare’s tijd (1564-1616) nog steeds door jonge knapen werden gespeeld) De personages belichamen universele en onveranderlijke karakters. Als het gezelschap toekwam. maar toch uiterst vindingrijk. De acteurs (het rondreizend gezelschap) trokken van dorp tot dorp (van stad tot stad) en stuurden iemand vooruit om plaatselijke verhalen en vertellingen te sprokkelen. en die een taal hanteert die één woordspeling is. dans en pantomime. (dit is niet zo vanzelfsprekend. Dit wil niet zegen dat de ‘improvisaties’ niet gerepeteerd werden. die soms een beetje onnozel is. het ‘geschiedenisje’ van zo’n ‘commedia dell’arte’-stuk had gewoonlijk weinig om het lijf. Het was een echt volkse theatervorm. . “Commedia dell’arte’ (‘komedianten van de kunst’) . die de toeschouwer met behulp van hun masker en kostuum kon herkennen. Zo komt de verwaande arts (of rechtsgeleerde) Il Dottore altijd uit de universiteitsstad Bologna. terwijl Napels–dat onder Spaanse heerschappij leefde. Bergamo (de stad van de lastdragers). Er werd enkel van een ‘scenario’ vertrokken. zo wordt het geïmproviseerde ‘typentoneel’ genoemd dat in Italië van de 16de tot in de 18de eeuw werd gespeeld.de opgeblazen Capitano leverde. aangevuld met muziek. Elke acteur had dan ook zijn vast personage. speelden zij een basisverhaal waarin de plaatselijke gebeurtenissen door improvisatie verwerkt waren. Spreekt vanzelf dat bij zulke ‘improvisatie’ de acteurs goed op elkaar dienden ingespeeld te zijn. die listig en doortrapt is. die vanaf ongeveer 1550 door beroepsacteurs werd beoefend. en van Arlecchino. dat in de scholen en aan de Italiaanse hoven werd gespeeld door gelegenheidsacteurs. die in kleine troepen de markten en kermissen afreisden. Inhoud: De inhoud. waren traditioneel in een wel bepaalde Italiaanse stad geboren. Tussen de scènes werden er visuele grappen gemaakt in de vorm van zorgvuldig voorbereide tirades en acrobatische capriolen. waarin de hoofdlijnen van de intrige waren vermeld. door een vrouw gespeeld. De stukken werden trouwens niet echt opgeschreven. Als beroepstheater stond de ‘Commedia dell’arte’ tegenover de ‘Commedia Erudita’ of het ‘geleerde’ theater. Personages: De vaste personages die het publiek in elk stuk te zien kreeg.58 DE COMMEDIA DELL’ARTE. Het kamermeisje Columbina was van Napels en werd – evenals de andere vrouwenrollen.van het ontstaan van de ‘commedia dell’ arte’ af.

59 Il Dottore Pantalone Capitano Brighella Arlecchino Colombina Pulcinella Isabella Arlecchina .

De Zanni zijn de ziel van het stuk! De eerste Zanne (clown) –afkomstig uit Bergamo. (Ook nu nog zijn voor oefening en training deze uitgewerkte personages een dankbaar gegeven. Voorbeelden: . Hij is altijd listig. De universaliteit van de gebarentaal bezorgt haar een bekendheid die ver over de grenzen van Italië heen reikt. blaaskaak). . staat een tweede Zanne: soms zot en dom en onhandig.De geliefden: (Gli innamorati) Meestal ernstige types. . zeker vraatzuchtig.is de figuur die de touwtjes van de intrige aan elkaar knopen. rond wie het stuk was opgebouwd. nimmer ‘met de waarheid gehuwd’. Pulcinella. vol zotternij. soms goedhartig. Zij speelden meestal zonder masker. maar een andere keer weer ineens vol listigheden is.a.) . de onbevangen kijk op het leven en vooral door de spelkwaliteiten van de acteurs. spotters en intriganten. De personages staan vast.Er werd gebruik gemaakt van halfmaskers. en Il Dottore (geeft zich graag uit voor intelligent. steeds geestig. 3. Naast hem en soms in levendig contrast. Pedrolino. O. En ongedeerd uit alle gevaren tevoorschijn springend. (beetje te vergelijken met Laurel en Hardy) Zeer snel verdringt de commedia dell’arte het gewone blijspel. komische figuren. De voorstellingen waren grotendeels improvisaties. hoogst amusant. hebben in belangrijke mate bijgedragen tot de opbloei van het Spaanse volkstoneel.De knechten: (Gli zanni) zijn altijd komisch.60 Pagliaccio – Paljas Pulcinella baart een kind Alle types zijn ontstaan uit het knechtentype en ondergingen langzaam een evolutie. De commedia dell’artespelers die naar Spanje zijn gegaan om daar te spelen. het ene zonderlinge avontuur na het andere belevend. Arlecchino. een figuur die zijn linkerhand niet van de rechter weet te onderscheiden. werd gewerkt met een beperkt aantal vaste types. Om de improvisatie zo vlot mogelijk te laten verlopen. 2. plots naïef.De oude mannen: Pantalone (vrekkig hypernerveus type met huwbare zoon en dochter) prachtige vertolking van dat type door Louis de Funès in de film ‘De Vrek’ van Molière. 1. De voornaamste kenmerken op een rij. bijzonder levendig. Dit succes kan worden verklaard door het belang dat gehecht wordt aan het improvisatievermogen. Improvisatie.

Een personage ziet een (denkbeeldige) vlieg. die naargelang de behoeften in een pauze (intermezzi) werd gebruikt om –net als nu. Zij konden a la carte een bepaald type neerzetten. o.de beurs te spekken van de omstaande handelaars. Het vierde punt: per scène een aantal plaatsaanduidingen. probeert haar te vangen. Per scène wordt vastgelegd wat ze zeker moeten zeggen/spelen opdat het handelingsverloop zonder problemen zou kunnen doorgaan. Een lijst met mogelijke plaatsen waar een lazzi moet plaatsvinden. te vervangen door een Christen slaaf. als ze maar terugkwamen op een punt waar het scenario weer opgenomen kon worden. de beweegredenen van hun personage. Het tweede punt is ‘het scèneverloop’. Bijvoorbeeld de schielijke opkomst van een personage. Ook was er de drang tot er. dat dienstig was voor de improvisatie van dat ogenblik.en herkenning van de kunstenaar. (Nota: Maskers vinden we ook terug bij de Griekse tragedies/komedies. Hierin werden een aantal elementen opgenomen die we nu nog steeds terug vinden in de hedendaagse scenario’s. Voorbeeld: Wel uit latere periode : graaf Carlo Gozzi (1720-1806) die in een voorwoord op het ‘conavaccio’ voor het ‘stuk’ Contratti Rotti (Verbroken Contracten). Hierin wordt een fictieve voorgeschiedenis bedacht die het handelingsverloop in het stuk mogelijk maakt. door een gemaskerde speler. zanger. enz… Het orkest bewees hierbij natuurlijk ook goede diensten. De rekwisietenlijst is het derde punt. Gebaren en gesticulatie waren uitgesproken en goed uitgedokterd. De acteurs kunnen er steeds op terugvallen wn. de houding. Daardoor verwierven de groepen zich stilaan een vaste stek op markten en waren zij graag geziene gasten. maar waar liefst de aandacht niet op gevestigd werd.61 Daardoor moesten de spelers niet meer zoeken naar de figuur. Hierbij wordt een korte beschrijving gegeven van elke scène afzonderlijk. Soms werden ze ook misbruikt. De maskers waren hierbij zeker een hulp. laat haar terug ontsnappen. Later echter dwong de ‘herkenbare waarschijnlijkheid’ (theater is doen alsof/spelen rol!) van de personages het masker tot een marginaal bestaan. bijgevolg keerde de kerk zich tegen deze kunstvorm en beschouwde ze als decadent en verdorven) Volgens de traditie mochten de Zanni tijdens de voorstelling van de basissituatie van het stuk afwijken van de voorgeschreven gang van zaken. vangt haar. die op het einde van het stuk moest vermoord worden. De praktijk van het improviseren werd ongetwijfeld gestimuleerd doordat het gezelschap bestond uit acteurs die altijd dezelfde rol speelden. Door de maskers konden zij de expressie van hun gezicht immers niet gebruiken. ze problemen hebben met hun personage of handelingen. Het draaiboek (il canovaccio) Alles werd in grote lijnen vastgelegd in een draaiboek. Alles wijst erop dat de ‘spelers’ hun weerga in het theater niet kenden en de eigenschappen van de danser.a. Zo wordt er begonnen met ‘de voorgeschiedenis’ = ‘aromento’. vertelt wat de tien of twaalf spelers in de gaten moeten houden om het publiek bijna drie uur lang bezig te houden… . volgt haar. Alle spelers waren bedreven in een of andere variétéachtige techniek. Belangrijk voor de ‘toneelmeester’. acrobaat. Een andere techniek die ook nu nog in variaties gebruikt wordt is de “lazzi’ (kort komisch stukje) Een lazzi diende om de aandacht van het publiek gevangen te houden terwijl er zich ergens anders op de scène iets afspeelde dat weliswaar moest gebeuren. Dit om de spelers een houvast te geven. Dat vereiste natuurlijk een grote vaardigheid en gevatheid. bekkentrekker en (pantomime)spelers combineerden met een ongelofelijke lichamelijke en geestelijke vlugheid. in de Romeinse tijd werden ook maskers gebruikt om vaste types neer te zetten. of het snel omkleden van een acteur… (Een oeroud voorbeeld van een lazzi is ‘het vangen van een vlieg’.

(…. half en half ‘geleerde’ kluchtfiguur. Het zou veel te lang worden. Brighella wil de dienst verlaten enz. Wil een regisseur heden ten dage gebruik maken van ingrediënten eigen aan de ‘Commedia dell’arte’. . dan moet hij goed kunnen inschatten welk effect bepaalde elementen op het publiek kunnen hebben. eveneens een slimme dienaar. bekwaam genoeg om eeuwig iets nieuws van deze thema’s te maken…. Tartaglia op straat. Truffaldino. die voortdurend nieuwe variaties opleveren èn in de scènes èn in de dialoog. dat de dochter van Tartaglia met de zoon van Pantalone zal trouwen. Op dat ogenblik: Truffaldino scene dat hij betaald wil worden. Op dat ogenblik: Tartaglia luistert aan het raam. Na dit drie keer gedaan te hebben. Tenslotte komen zij overeen.a.62 De personages zijn o. Hij klopt. en tenslotte het minnende paar: Florindo en Rosauro. Brighella (de dienaar komt binnen. de dikke. Brighella laat zich vermurwen en belooft zijn hulp. zijn. Brighella vindt een middel om hem weg te sturen. hij mimeert dat Pantalone geweldig rijk is. Pantolone bezweert hem dit niet te doen.) Carlo Gozzi zegt verder over dit scenario: ‘Uit dit tekstblaadje ontstaat het blijspel ‘Il contratti rotti’ en uit meer dan vierhonderd andere korte samenvattingen van hetzelfde soort komen onze blijspelen der commedia dell’arte voort. speelt dat hij een aalmoes van Pantalone wil. Brighella ziet dit. Tartaglia. enz. ziet niemand en roept. Florindo (de jonge minnaar) spreekt over zijn liefde voor Rosaura en over zijn honger. Brighella stelt hem gerust. verwant aan de Arlechinno. Op dat ogenblik: Tartaglia zegt dat hij geld wil. Brighelle (sluwe dienaar). De handige acteurs die zelf weer opvolgers zijn van uitstekende spelers die kwamen te sterven. Pantolone. Pantolone zegt dat de schuldeisers betaald willen worden. Rosaura wil hem op de proef stellen en vraagt een cadeau. de dwaze oude man.’ Gedurende bijna twee eeuwen leefde de ‘commedia dell’arte’ in haar traditionele vorm voort. de vierhonderd of meer thema’s alle op te noemen. Brighella doet alsof Pantalone het hem geeft. Pantalone (angstig) komt binnen. allen af. speciaal Truffaldino en dat juist die dag het uitstel afloopt.

De toeschouwersruimte was als amfitheater gebouwd. Werd de commedia dell’arte door de rondreizende toneelgroepen op enkele schragen (tonnen) en planken gespeeld. die na de voorstellingen opnieuw werden afgebroken. . In 1580 werd te Vincenza door Palladio het Teatro Olimpico gebouwd (werd door Scamozzi voltooid): een stenen gebouw waarin ca 3000 toeschouwers konden plaatsnemen. dan werden voor de commedia erudita speciale speelruimten gebouwd. Door zijn inrichting deed de toneelruimte nog denken aan de Middeleeuwse mansio’s. in casus de theaterbouw. was er ook een grote interesse ontstaan voor de Griekse en Latijnse bouwkunst.63 Theaterbouw in Italië. Samen met de vernieuwde belangstelling voor de toneelauteurs uit de Griekse en Romeinse oudheid. In de eerste helft van de 16de eeuw werden er speciale zalen in hout opgetrokken.

Dit theater is samen met dan van Scamozzi in Sabbioneta. . de voorloper van het latere Europese operatheater.p. het Theatro Farnese. zoals bv.v. het Teatro San Cassiano dat in 1630 in Venetië werd gebouwd. in het slot van de hertog van Parma: een langwerpige constructie met een parterre in hoefijzervorm. of anders zijn leerling Giacomo Torelli. rustte het uit met coulissen en een achterdoek i. de vaste bogen van de eerdere theaters.64 In 1620 bouwde Aleotti het eerste galerijen-theater. (De ontwerper.) Uit dit “galerijentheater” kwam het “bogentheater” voort.

Scapin Pierrot (Gilles) Polichinelle =================================== . Ook Shakespeare moet ‘de magere Pantalone op z’n sloffen’ gezien hebben om hem zo nauwkeurig te kunnen beschrijven. Vele andere personages uit de commedia dell’arte zijn bewaard gebleven in het Franse klassieke theater. Scaramouches en Mezzetins. Uit Pulchinella ontstond de Franse Polichinelle. want toen ze in Italië uit de gunst raakten. Ze leidde haar eigen acteurs op. soms met verplaatsbare podia. de beroemde in zalen bij de adel en in koninklijke paleizen. De Franse komedie is vol van Scapins. Deze beweging had alles aan de acteur te danken en weinig aan de toneelschrijfkunst of literatuur. Overal in het theater zijn sporen van de Commedia dell’arte. Een gezelschap kon uit slechts vijf acteurs bestaan. Colombina en Pantalone ontstonden Harlequin. de Engelse Punchinello en uiteindelijk de pop Punch (Jan Klaassen) met zijn Engelse vrouw Judy (Katrijn). De minder getalenteerde groepen traden in dorpen en stadjes op. kunnen ze herleid worden tot hun voorbeelden. schiep haar eigen voorwaarden. Zelfs wanneer de personages onherkenbaar veranderd zijn. evenals hun invloed op Molière. gezellige Pierrot van het Engelse badplaatstheater. Dit gedeelte van hun geschiedenis hoort bij Frankrijk. maar ook uit vijfentwintig. eenzame Pierrot van het 19de eeuwse Parijs.65 Besluit: Waarschijnlijk is er nooit zo’n intens theatrale beweging geweest als de Commedia dell’arte in zijn hoogtijdagen. Uit Arlecchino. Pedrolino onderging een nog vreemdere metamorfose: eerst werd hij de elegante Pierrot van Watteau. en uiteindelijk de vrolijke. daarna de in liefde kwijnende. begonnen ze een nieuwe loopbaan in Parijs. reisde met eigen kostuums en rekwisieten. Columbine en Pantaloon van de 19de eeuwst Engelese pantomime. De invloed van de Commedia dell’arte op het Europese theater is onschatbaar.

Hij schreef vier komedies . De centrale figuur is echter de koppelaarster.en marktpleinen door rondreizende groepen succesrijk. Het belangrijkste werk is La Celestina (1499). (Egloga de Fileno= Herdersdicht van Fileno). In ‘Las Aceitunas’ (= De Olijven) twisten een man en een vrouw over de prijs van olijven terwijl ze de boom waarvan de vruchten moeten komen nog maar pas gepland hebben. die opvallen door natuurlijkheid van stijl en gedacht. Lope De Rueda (1510-1567) Een juwelier uit Sevilla werd acteur. die auto’s en egloga’s (korte stukjes) liet opvoeren in het paleis van de eerste Hertog van Alva.66 De Renaissance in Spanje. Het is een dialoog in proza die bestaat uit 21 tonelen. die we leren kennen als een incarnatie van het kwaad. waarvan er een groot aantal technisch niet speelbaar zijn. Weliswaar is zij een springlevende figuur. en later leider van zo’n rondreizend gezelschap. Het gehele werk is doortrokken van een noodlotsatmosfeer die de liefde van de twee hoofdpersonages beheerst. Het toneel in de Spaanse taal ontstaat pas rond 1500. die studeerde in Salamanca. Een voorloper van het eigenlijke renaissance-toneel is Juan del Encina (1469-1539). als enkele meer moderne drama’s die de invloed van de renaissance verraden. Claus in het Nederlands tot toneelstuk bewerkt: De Spaanse hoer) Waarover gaat het? Over een koppelaarster (la Celestina) die twee jonge mensen met elkaar in contact brengt. toegeschreven aan Fernando de Rojas (1475-1541). Naar de vorm is dit werk een soort leesdrama. In Spanje waren vooral de opvoeringen op dorps. . Het is een rauw realistisch werk dat echter uitmunt door de psychologische diepte van de karakters. (werd door H. Zijn toneelwerk bevat zowel eenvoudige volkse stukken die nog middeleeuws geïnspireerd zijn.Hij was een geestelijke. en tien ‘pasos’ – eenakters – met levendige en snelle dialogen die ontzettend gesmaakt werden.

Dit werk heeft onmiddellijk succes. Hij stierf op 23 april 1616. en de hoofse roman van Chrétein de Troyes waarvan het avontuur de drijvende kracht is. Voor wat het liefdes.40 en 41 van Don Quijote beslaat. . een volgeling van Erasmus en begint te schrijven… Later ontdekt Cervantes de wereld buiten Spanje. Hij beleeft er avonturen en oorlogen. Dit en het vrije leven in Italië vormen het raamwerk voor zijn leven als jonge volwassene. Don Quijote de la Mancha of El Quijote (DonQuijote). die zijn knecht wordt. zijn de romaneske verwikkelingen. In Algiers leidde hij het bestaan van slaaf. Vanaf dit moment houdt hij zich voornamelijk bezig met ambtelijke werkzaamheden en het schrijversschap. De avonturen die ze meemaken worden door de twee helden verschillend geïnterpreteerd: waar de ridder reuzen ontwaart. maar ook aan de middeleeuwse literatuur : Roeland. Het mechanisme dat hen uit mekaar houdt en tegelijkertijd verbindt. Werken : o. Alles wijst echter op een twijfelachtig bestaan dat dag voor dag geleefd wordt en waaruit een voortdurende sfeer van illegaliteit spreekt. de dag waarop ook Shakespeare stierf. Twee tegengestelde werelden ontmoeten elkaar: de fictieve wereld van de ridderroman en de werkelijke wereld van het dagelijkse leven. De tweede keer leidt tot de ontmoeting met Sancho.een herdersroman in zes boeken. Dat gebeurt dertig jaar later. Hoewel de parodie nauw verbonden is met het geparodieerde genre en dus eigenlijk met de verdwijning van de ridderromans had moeten verdwijnen. Op school ontmoet hij Lopez de Hoyos. Zoals elke dolende ridder trekt de hidalgo (edelman van lagere rang in Spanje) er driemaal op uit: De eerste keer maakt hij zich als ridder klaar voor vertrek. dat in de 16de eeuw een beroemde universiteitsstad was. La Galatea(1585) is zijn eerste werk . een element dat ontleend is aan Ariosto met zijn Orlando Furioso. zowel het eerste deel (1605) als het tweede deel (1615). Dit genre. nadat Cervantes het heeft verdicht in de novelle die in het eerste deel van zijn meesterwerk is opgenomen: het levendige verhaal van de gevangene dat de hoofdstukken 39. de decors en de dynamiek nog grootster dan in het boek van 1605. Het verhaal van zijn gevangenschap krijgt een schriftelijke neerslag.en gezinsleven betreft zijn er geen autobiografische gegevens voor handen. In Spanje teruggekeerd.67 Miguel de Cervantes Saavedra (1547-1616) Is geboren in Alcalà de Henares. dat in de 16de eeuw nog zeer populair was en gold als belangrijkste ontspanningslectuur. het spel. De laatste keer dat de held en zijn schildknecht erop uit trekken. overleeft hij deze. werd hij door Filips II met verscheidene opdrachten belast. de archetypische held. is de waanzin van Don Quijote.a. werd door Cervantes op de hak genomen. ziet zijn schildknecht slechts windmolens. deed diverse ontsnappingspogingen en werd ten slotte in 1580 vrijgekocht. Het voorop gezette doel van de schrijver was een parodie te maken op de ridderroman.

processen met schuldeisers. en een interessant leesdrama dat zijn autobiografie vertelt. een mengsel van wild avontuur en vroomheid. Zijn leven was een roman. echtscheidingen. maar ook dan heeft hij nog ettelijke avontuurtjes. de paradoxale tegenstelling van idealisme en realisme leeft in zijn werk. 4. Hij leidde een turbulent leven. Cervantes geeft de doodsteek aan het reeds kwijnende ridderverhaal.m. en ca. De Spaanse volksziel wordt in het boek weerspiegeld. tegen de ‘wet van de drie eenheden’. De drang naar uitersten. Het boek relativeert elk absoluut ophemelen van één van beide polen. 5. De betekenis van het verhaal is veelzijdig : 1. het verval van de Spaanse macht worden over de hekel gehaald. Cervantes is een van de eerste schrijvers die zijn eigen frustraties en levensontgoocheling van zich afschrijft in een zelfgeschapen droomwereld. De menselijkheid. pastoraleromans. o. Hij schreef lyriek. Juan de la Cueva (1543-1610) was naast dichter en prozaschrijver ook toneelauteur. Op 52 jaar wordt hij priester. Hij was de voorloper van Lope de Vega. 470 bewaard zijn gebleven. Zijn toneelwerk is haast onoverzichtelijk: ca 400auto’s. Don Quijote is buitengewoon eerlijk en zegt zeer juiste dingen. Het verbeeldingsspel. Hij schreef voornamelijk historische drama’s. De confrontatie don Quijote – Sancho Panza leeft in elke mens.68 De moraal van het verhaal komt daarin ook duidelijker naar voren: weet dat het leven alleen maar uit schaduwen en dromen bestaat. ascetisch proza. . zette hij zich af tegen de klassieke regels. Hij bezat een geniale improvisatie. Cervantes tracht de mensen te begrijpen. Wij beleven de polaire spanning tussen idealisme en realisme zeer concreet in ons bestaan. De satire.en een fabelachtige werkkracht. Ook Keizer Karel V. 2. 1 800 comedia’s waarvan er ca. maar beleef het alsof het niet zo was. (In zijn ‘Ejemplar Poético’ (16106) een soort (ars poetica’. een epos. was voortdurend verwikkeld in liefdesavonturen. (1562-1635) (of Lope Felix de Vega Carpio) Geboren te Madrid uit arme ouders. Ook Sancho Panza evolueert naar een gezonde volksfilosofie. en eiste de vrijheid van verbeelding en uitwerking op) Lope De Vega. de katholieke Kerk. Op alle gebieden van de letterkunde heeft hij een uitgebreid oeuvre nagelaten. in het schrijven van historischrealistische komedies op nationale onderwerpen. 3. maar ook in de nationale geschiedenis. waarvoor hij zijn stof vond in de Griekse en Romeinse -.

epische en folkloristische traditie. hem beveelt Elvira te laten gaan. Nog te onthouden is dat Lope de Vega de schepper van het romantische drama genoemd wordt. Sancho richt zich weer tot de koning. Waar het in de kronieken gaat om de roof van een stuk land. na een klacht van Sancho. Het kasteel wordt bestormd en de tiran vermoord. Wanneer er een strafexpeditie arriveert. Belangrijk is ook dat zijn werk vaak een “happy ending” krijgt. Werken : El mejor alcalde. In Spanje mocht 1 actrice meespelen. maakt Lope de Vega er de schaking van een bruid (liefdesmotief) van en kan zo de intrige boeiender en menselijker maken. Intussen heeft Don Tello Elvira reeds verkracht. De compositie van het stuk wordt gebouwd rond een zeer complexe handeling. Er komen dus verschillende thema’s uit de religieuze. Het voornaamste beginsel van.1609) formuleert hij de soepele en open benaderingswijze van de nieuwe Spaanse komedie. en vervolgens ter dood gebracht. Hij zocht dus in de geschiedenis van zijn land personages en feiten die nuttig konden zijn om zijn artistiek doel te bereiken. staat op tegen zijn militaire commandant. Lope de Vega ontleende het motief aan de Cronica General. Fuente Ovejuna. de eigen nationale geschiedenis. In verband hiermee staat zijn opvatting: ‘Het toneelstuk moet genot verschaffen. Het vonnis van de koning luidt: Don Tello wordt gevangen gezet. Hij voorziet ook elk personage van een typisch Spaans temperament. Een dorp. Arte nuevo de hacer comedias komt neer op het volgende: een toneelstuk moet de natuur en vervolgens het hedendaagse leven imiteren. de bijbel. maar hij heeft één historisch feit veranderd. Y quén es Fuenta Overjuna? . el Rey (= De koning is de beste burgemeester of De beste rechter is de Koning) Een stuk tegen tirannie. christelijke legenden. Hierin speelt het volk de hoofdrol. ook wanneer de koning.Fuente Ovejuna. Maar er is er één dat overheerst: het eergevoel van de man of vrouw uit het volk. die besluit zelf te komen om Don Tello te straffen.Todos a una (= allen samen) .’ De stof voor zijn stukken haalde hij uit de klassieke oudheid. Don Tello neemt de uitnodiging aan. Daarom moet de toneelschrijver rekening houden met zijn eigen tijd. Wat hij op vele anderen voor heeft is zijn mooie serie van vrouwenkarakters. die hen verdrukt en hun vrouwen misbruikt. Fuente Ovejuna is ontleend aan een historische gebeurtenis uit 1476. de intrige of de ontwikkeling en de ontknoping) Er is een samengaan van komische en tragische elementen. de Moorse traditie.69 Toneelwerk. Deze vraagt de grote landheer Don Tello getuige te zijn bij de bruiloft. maar wanneer hij Elvira ziet wordt hij zelf verliefd op haar. Een jonge boerin uit Galicïe. Zo gaat hij uit van drie bedrijven (expositie of uiteenzetting. Señor. wordt verplicht Elvira te huwen en haar de helft van zijn bezit als bruidschat te geven. antwoorden de dorpelingen op de vraag wie de commandant heeft vermoord: Quién mato al comendador? . de Italiaanse novellen…. Elvira trouwt met een jonge boer Sancho. geschreven met een sterk rechtsgevoel. Hij schaakt haar en houdt het meisje vast. In zijn Arte nuevo de hacer comedias ( de nieuwe kunst om komedies te schrijven v.

planken. Het aardse leven biedt slechts oppervlakkige en leugenachtige schittering. Calderon werd opgevoed door de Jezuïeten en studeerde vanaf zijn 15de rechten en theologie. Vanaf zijn twintigste wijdde hij zich volledig aan het schrijven. maar demonstreren liefde. en na korte tijd hofkapelaan. haat of jaloezie bezeten. een soort operettes. Zijn vader was secretaris aan het hof.70 ‘El Perro del Hortelano’ (De hond van de tuinman) waarin een edelvrouw verliefd wordt op haar knecht (een voorloper van het burgerlijk drama) ‘Amar sin sabar quien’ (Beminnen zonder te weten wie). Hij was zo populair in Spanje. ‘El nuevo mondo de Colon’ (De nieuwe wereld door Columbus ontdekt) ‘El Cerco de Santa Fe’ (De belegering van Sabnta Fe. wist hij de universele traditie te versmelten met de eigen nationale volkscultuur waarmee hij organisch verbonden was. (1600-1681) Was de laatste grote toneelschrijver van het 17de eeuwse Spanje. haat en jaloezie. Hij wil deze principes langs zijn toneelstukken om inhameren. Al het overige is betrekkelijk. (In menig opzicht kunnen we Calderon de la Barca vergelijken met Vondel (1587-1679) Zijn personages zijn niet door liefde. Zo verzet hij zich ook tegen de zinnelijke en relativerende Italiaanse renaissance. dat de uitdrukking ontstond “es de Lope”: het is buitengewoon! Don Pedro Calderon de la Barca. Naar de geest staat zijn werk in het teken van het absolute. trouw aan de koning en trouw aan de persoonlijke eer. waaronder zarzuelas. Op 51 jarige leeftijd echter werd hij monnik. Aangrijpend zijn zijn grootse visie op hemel en aarde. Bovendien overweegt in zijn stukken de allegorie en de symboliek. De trouw aan het geloof voert met Spaanse strakheid tot het radicale extreem. Hij biedt spektakel dat wil verbluffen. het weelderige symbolisme en de barokke taal. 2 acteurs en 1 hartstocht…) In zijn geweldige veelzijdigheid. Werken : Calderon schreef verschillende genres. Naar de vorm tovert hij zijn toeschouwers de praal en de schittering van de wereld voor. Hij wordt beschouwd als de machtigste vertegenwoordiger van de religieuze barok van zijn tijd. . De absolute idealen moeten gerespecteerd worden: trouw aan God. met verbluffende ensceneringen en een prachtig retorische taal. Aanvankelijk leidde hij een tumultueus leven. waarop beloning of straf zal volgen. komedies en meer ernstige stukken zoals ‘El principe constante’ (De standvastige vorst) Dit werk voert een historische gebeurtenis op het toneel. Lope De Vega was een toneelscheppend genie: iemand die van alles toneel kon maken (schragen. waarmee hij het bovennatuurlijke wil uitdrukken.

maar staat sinds enkele tijd weer op gelijke hoogte met Lope de Vega en Calderon. In de werkelijke wereld. een landbouwer wordt door een Spaanse kapitein geschaakt en misbruikt. de Wet van de genade…… ‘El Alcalde de Zalamea’ (De Rechter van Zalamea) De dochter van Crespo. de Koning. Een orakel waarschuwt de Poolse koning Basilio. dat zijn zoon Segismondo hem ooit van de troon zal stoten. In het stuk treden naast typen als de Rijke.71 ‘La devocion de la cruz’ (de godsvrucht tot het kruis of de verering van het kruis) Is een soort mirakelspel. en bedrijft hij tal van euveldaden. Daarom laat hij hem in een toren opsluiten. de Wijsheid. Hij wordt opnieuw slapend naar zijn toren gebracht. (1584-1648) Pseudoniem van Gabriel Téllez. Crespo laat de kapitein in de gevangenis werpen en wordt om deze moedige daad tot Alcalde uitgeroepen. Crespo wordt uiteindelijk tot Alcalde voor het leven benoemd. (prachtige poëtische passages!!) Tirso de Molina. laat de koning hem op een keer slapend naar het hof brengen. En kijk: door zijn opgedane ervaring heeft S. Tirso de Molina was een vriend van Lope en is ook door zijn werk nauw met hem verwant. Het volk roept op de opvolger van Basilio. waar men hem bij zijn ontwaken vertelt dat alles maar een droom was. zal hij nu een weldoende rol spelen. Een van zijn indrukwekkendste en algemeen menselijke werken over de vergankelijkheid van al het aardse. waardoor hij van zijn heerszucht genezen is. komen zijn lage instincten boven. die zo lang voor hem een droom was. Hij schreef ook het allegorische auto sacramental (een soort moraliteit) ‘El gran theatro del mundo’ (de wereld is een schouwtoneel). de Schoonheid. ook allegorische personages op. Waneer Segismondo wakker wordt. Werd gedurende lange tijd ondergewaardeerd. en merkt dat hij als een koning leeft met een prachtig hof. Heel de wereld is slechts schijn. en gaat Segismondo bevrijden. Naast romans en auto’s. 400 komedies. Om zijn reacties te kennen. God roept elke speler op voor een door hem bepaalde rol. studeerde aan de universiteit van Alcala. schreef hij ca. Daarop wil hij de kapitein dwingen zijn dochter te huwen. werd kloosterling en missionaris op San Domingo. . de Boer. een soort van zuivering doorgemaakt. Hierin zet Calderon zijn grondvisie uiteen. Filips II komt ten slotte in hoogsteigen persoon opdagen om de zaak te klaren. Werd geboren te Madrid. ‘La vida es sueno’ (Het leven is een droom) uit 1635 staat een beetje apart. onder de hoede van Clotaldo.

) Hij is een meester van het Spaanse realisme. zinnelijke egoïst die zich wil uitleven zonder morele rem. (De verleider van Sevilla) Don Juan vlucht uit Napels omdat hij gravin Isabella verleid heeft. Waarschijnlijk is hij ook de auteur van ‘El condenado por desconfiado’ dat door critici aangeschreven staat als één van de prachtigste religieuze stukken. Toen de Madrileense theaters later herbouwd werden naar Italiaanse mode. Hij gaat weer op de vlucht maar keert na een aantal jaren terug naar Sevilla. Ondanks al zijn zwakheden heeft Don Juan toch een aantal deugden.(Don Gil met de groene broek. De achterwand van het toneel was voorzien van deuren en ramen en er was een binnentoneel dat zichtbaar gemaakt kon worden door een gordijn weg te trekken. Het standbeeld grijpt hem bij de hand en onmiddellijk stijgt er een hels rookvuur op. Merkwaardig is ook de snelle. Kenmerkend voor zijn werk zijn : de buitengewone levendigheid. ‘Don Gil de las calzas verdes’. kan men slechts speculeren. maar laat haar in de steek. kant en klare speelplaatsen en toen de eerste professionele theaters werden gebouwd. Hij leidt schipbreuk en vindt onderdak bij een herderin in Tarragona. Ondanks de raad van enkele vrienden gaat de roekeloze Don Juan op het voorstel in. Er ontstaat een gesprek tussen Don Juan en het standbeeld dat hem uitdaagt om de volgende nacht in de kerk te komen. tronen of goddelijke verschijningen van bovenaf te laten zakken.72 Werken: Tirso de Molina geniet zijn grootste reputatie als de schepper van de legendarische Don Juan-figuur. beide in Madrid. die hij als geestig en intelligente wezens op de planken zet. In Sevilla doodt hij de vader van een meisje dat hij wil verleiden. Over het feit dat juist een geestelijke zoveel stukken schreef waarin de verovering van de vrouw aan de orde is. Verder vermelden we nog: Alarcon Y Mendoza (1581-1639) en Don Guillen de Castro (1569-1631) De Spaanse toneelinrichting. Het publiek stond op het binnenhof (patio) of zat op de galerijen en in de loges daar omheen. bevond zich een balkon dat via een trap bereikbaar was. De karakters van zijn personages zijn buitengewoon goed getekend. Blinkt ook uit in het portretteren van vrouwen. sprankelende dialoog: ironisch. Ook waren er luiken in de toneelvloer en machinerieën om wolken. geestig. Don Gonzalo. Hij belooft haar te zullen huwen. In een kerk ziet hij een standbeeld ter ere van de man die hij vermoordde. De bedoeling van Tirso de Molina is trouwens moraliserend. Don Juan is een roekeloze. bevatten zij veel kenmerken van de corral. Er was een speciale galerij voor vrouwen en achter het toneel dat tussen het publiek naar voren stak. Dat gebeurde in ‘El Burlador de Sevilla. pikant. net als de binnenhoven van herbergen in Engeland (zie Elisabethaans theater). behield het belangrijkste van de twee een weerklank van voorbije dagen in zijn naam: Teatro del Principe. De hoofdgedachte van het werk is dat wie weerstand biedt aan de genade onherroepelijk verdoemd wordt. De handeling verloopt steeds spontaan en natuurlijk. Men speelde in zalen bij de adel en op binnenhoven of corrales omringd door gebouwen. . u concidado de piedra’. gracieus en met een ernstige achtergrond. Deze boden. Vruchteloos vraagt hij nog om te mogen biechten. De twee belangrijkste theaters waren de Corral de la Cruz (1579) en de Corral del Principe (1582). maar hij wordt met lichaam en ziel naar de hel gesleept.

Paret. ========================== . Madrid 1766.73 Corral de la Cruz (1579) Corral del Principé (1582) Een gemaskerd bal in het Teatre del Principe. Toont duidelijk de Italiaanse invloed op de Spaanse theaterbouw. schilderij van L.

Hoewel de ontwikkeling van het Engelse theater gelijk opliep met die van het Spaanse en hun theaters in bouwwijze veel overeenkomsten vertonen. Dowland en Morley). gedurende een jaarlijks feest dat 12 dagen duurt. dochter van Hendrik VIII en Anna Boleyn. Hij bedient zich van een taal die reeds in zijn tijd nogal archaïsch aandoet. Vele verfijnde en liefelijke petrarkistische verzen zijn slechts bewaard gebleven omdat zij op muziek werden gezet. Het is een schitterend mengproduct van middeleeuwse traditie. Zij verheerlijken de liefde en het natuurgenot. Toch wordt het werk beheerst door de oorspronkelijke verbeeldingskracht en het zangerig talent van Spenser. Het is een rijk geschakeerde allegorie. Het werk dankt zijn inspiratie aan Ariosto’s ‘Orlando Furioso’ en werd in Spenser’s tijd veel gelezen. Maar de Engelse toneelschrijvers waren waarschijnlijk net zo onbekend voor de Spanjaarden als omgekeerd. de graaf van Leicester) een ‘feeënkoningin’ Gloriana (Elisabeth) zoekt die. Zijn eerste verzen waren vertalingen van Petrarca en du Bellay. Er is sprake van Engelse acrobaten die slechts enkele jaren na de opening van The Theatre in Londen in 1576 door Spanje trokken en misschien hebben zij nieuws meegenomen voor Burbage en Henslowe over de nieuwe gebouwen in Madrid. maar waarin ook de volmaakte ridder Arthur (vertegenwoordigt de grootmoedigheid en staat vr. meestal sterk allegorisch gericht en vol mythologische zinspelingen zit.74 De Renaissance in Engeland . iedere dag één van haar ridders op avontuur uitzendt om één van de 12 Ariostoliaanse deugden te verwezenlijken. (1552.1599) “Poets’Corner” in Westminster Abbey. maar laten ook af en toe puriteinse sympathieën doorschemeren. bereikte Engeland een grote economische en culturele bloei. (werd begraven in de Werken : Zijn eerste belangrijk werk is een pastoraal-lyrische gedichtenreeks The Shepeardes Calendar (‘de kalender van de herder(s)’) die bestaat uit 12 pastoralen (herdersgedichten). is er als gevolg van de politieke situatie waarschijnlijk geen onderling contact geweest. Daarom wordt de renaissance in Engeland met haar naam verbonden. Dit op ‘muziek-zetten ‘ gebeurde door grootmeesters van het madrigaal en het lied. The Feary Queen is een buitengewoon fijn lyrisch epos.) Hij is een overgangsfiguur in die zin dat zijn poëzie. renaissancegeest en puriteinse ethiek. De hele zinnelijke . Onder de bijna een halve eeuw durende regering van Elisabeth I (1558-1603). gewijd aan een bepaalde maand en geïnspireerd door zijn liefde tot Rosalind. De auteurs bleven vaak anoniem. (Byrd. waarin deugden worden gepersonifieerd. De invloed van Vergillius en de Pléiade is duidelijk. De letterkunde werd druk beoefend. Dichters van de Elisabethaanse renaissance zijn: Edmund SPENSER.

Het is een schitterend taalkunstwerk.en stijlbeheersing hebben ze een zeer hoge literaire waarde.75 betovering van de renaissance is in dit werk aanwezig. bestaat zijn lyrisch werk slechts uit één bundel ‘Sonnets’. Behalve een aantal losse verzen die in zijn toneelstukken gereciteerd worden. Verder is er de bundel Amoretti en Four Hymns (Of Love. Het hoofdthema is de onbestendigheid van de menselijke gevoelsrelatie. Hun beeldenwereld is rijk en gevuld met woorden die een fysische eigenschap aanduiden. Of Heavenly Beauty) William Shakespeare . Of Heavenly Love. (1564-1616) Is vooral beroemd als toneelauteur (hierover later meer). en meteen naar verwikkeling van de stijl. Hij wil in Engeland een zedelijk en humanistisch hoogstaande elite helpen vormen van ‘gentlemen’.en natuurkundige termen. Aan het einde van de 16de eeuw komt er een reactie tegen de ‘al te gracieus oppervlakkige vormkunst’. hoofs en cultureel verfijnd zijn. Spenser bezit een feilloze schoonheidszin en een grote taalvaardigheid. filosofische of psychische gegevens) te vermengen met fysische gegevens) Zo worden geestelijke ervaringen vaak uitgedrukt in wis. Dit barok-maniëristische streven vinden we ook in andere Europese landen. Het is geschreven in metrische ingewikkelde stanzen die herinneren aan de Italiaanse canzonen en aan de bruiloftspoëzie van Catallus. Epithalamion (Het huwelijksbed) is een groots huwelijksgedicht dat behoort tot de fijnste werken uit de wereldlyriek. Zij stijl is prachtig en muzikaal. Opvallend is vooral hun neiging om in hun beelden de onzichtbare wereld (godsdienstige. stralend van vurige maar kuise zinnelijkheid. en vaak ook een hevige vrees om de uitverkorene te verliezen. en een laatste tot de “dark lady”. Als uitdrukking van Shakespeare’s diepbewogen gemoed en uitzonderlijk taal. De Spenserstanza (achtregelige strofe) behoort tot de lieflijkste. . Deugd en lieflijkheid moeten samengaan. Er is een neiging tot buitensporige verbeelding en duisterheid. De gedichten zijn dramatisch. Een groot aantal van de 154 sonnetten zijn gericht tot een jonge man. In Engeland echter gaat ze gepaard met een merkwaardige geestelijke verdieping in de poëzie van een groep dichters die men. warmste. Of Beauty. Ze zijn ook op de meest uiteenlopende wijzen interpreteerbaar. een kleine reeks tot een dichter-rivaal. rijkste poëzie uit de Engelse en de Europese letterkunde. de Metaphysicals noemt. er steekt een grote onrust in. De taal en beeldspraak zijn vrij conventioneel. die deugdzaam. een glanzende versmelting van geestesverrukking en sensualiteit. een wonder van beeldenpracht en muziek. maar nooit onpersoonlijk. Toch is zijn dichtwerk vermeldenswaard. Hierin speelt de tijd een belangrijke rol.

metrische verscheidenheid. Verder Satires. toegewijde en edele in de vrouwelijke ziel.B. werden door hem beïnvloed. Schrijft hier in de traditie van Ovidius: zijn lyriek is vol pikante details. Na de dood van zijn vrouw werd Donne in diepe wanhooop gedompeld. een mengsel van pure passie en arrogant cynisme. die vol verrassingen. komt een reactie van de dichter toneelschrijver . geestigheid en fijne ironie. ritmische structuur. Weer is de liefde het centrale thema. vijf in aantal en Verse – Letters zijn brieven in de vorm van verzen. Elegies zijn twintig gedichten in coupletten. speels cynisme. (1573-1631) Hij reageert tegen het afgelikt formalisme en het suikerzoete liefdesgevlei van het Petrarkisme. Donne zal steeds een omstreden dichter blijven wegens zijn intellectuele bewustheid en zijn gecompliceerde dichtkunst. De bekendste zijn The Storm en The Calm. ook een filosofische diepte. Zijn verbeelding is subtiel raadselachtig en extravagant. tegenstellingen en moeilijke associaties steekt. Er is in de poëzie van Donne naast brutaal paganisme. De belangrijkste dichter van deze school is John DONNE. Songs and Sonnets omvat 55 wereldse liefdesgedichten die uitmunten door vindingrijkheid in de beeldspraak. Even wild en getormenteerd als zijn gemoed is zijn vorm. Yeats. soms zeer vernuftig geformuleerd. Deze ervaring heeft hij verwerkt in het zeer mooie Nocturnal upon St. Grote dichters als T. waarin hij zijn metafysica van de liefde ontwikkelt. De inhoud van hun gedichten wordt verder getypeerd door een psychologische complexiteit: intellect en passie werken samen of bestrijden elkaar. Hij heeft een zeer oprechte geestelijke opvatting van de vrouw: een tedere affectie voor het goede. Lucies Day. soms vol vrees en wanhoop. maar tenslotte vol godsdienstige vrede. Dan keert zijn ziel zich tot God en schrijft hij zijn boeiende en oprechte Holy Sonnets : hartstochtelijke religieuze poëzie. Meer dan eens vinden we een versmelting van erotiek en mystiek in hun werk. Tegen de ingewikkelde barokstijl van Donne die algemeen nagevolgd wordt.76 Donne bijvoorbeeld noemt de liefde een distilleertoestel dat gevoelens vermengt en verfijnt. Zijn liefdeslyriek is realistisch direct. zelfkwelling en scepticisme. geleerdheid en wemelt van geestige zetten. Bekend is vooral The Ecstasy.S Eliot en W.

Shakespeare. Als jong aristocraat schreef hij zijn Eupheus or the Anatomy of Wit. die op een natuurlijker wijze dan de maniëristen de schoonheid van de natuur en de zinnelijke levensvreugden bezingen. later euphuïsme – met alliteraties. Wordt na Shakespeare gezien als de grootste Engelse dichter. (1572-1637) (buiten dichter ook toneelauteur!) Hij verwerpt de stijlcomplexiteit. In zijn spoor ontwikkelen zich enkele dichters. heeft grote invloed gehad op het Engels proza. Eigenlijk zijn zij voorboden van het Classicisme dat in de 17de eeuw zijn hoogtepunt zal bereiken.77 Ben JONSON. meestal edelen en hovelingen.) Engels dichter en pamfletschrijver. Hymn tot Diana. Vooral de gekunstelde taal en de precieuze levensstijl wekken veel navolging. (die er echter later de draak mee John MILTON. maar mist vaak lyrische spontaneïteit. ook op W. Hij beschrijft hierin het leven van een jong Athener door de natuur goed begaafd. Zij stonden niet zo afzijdig tegenover de dichtkunst van de Metaphysicals. die naar Napels gaat (Londen). . De stijl waarin hij het leven en de manieren van de toenmalige aristocratie bekritiseert. John LILY. en keert terug naar een klassieke eenvoud. maar daar door het wulpse hofleven erg ontgoocheld wordt. Richard Lovelace en John Suckling. De taal en de stijl zijn spitsvondig. assonanties. parallellisme. (1554-1606) Is de schepper van de eerste Engelse renaissance-roman. klaarheid en orde. Een paar mooie gedichten van hem zijn: to Celia. (1608-1674) stak in ‘Twelfth night’ en ‘Love’s labour’s lost’. (Oxford) Het verhaal is een bedekte satire op de Engelse maatschappij en maakt furore aan het hof. Zijn poëzie is knap. keert zich ook tegen het maniërisme van de Petrarkisten en navolgers van de Pléiade. mythologische en biologische toespelingen. de zogenaamde Cavaliers. maar maakten gebruik van hun dichterlijke verworvenheden. De belangrijkste Cavaliers zijn Robert Herrick. Hij verlaat Napels en keert weer naar zijn boeken en zijn studie in Athene. Epitaph on the Countesse of Pembroke. verkettert het werk van Spenser.

een man die het zich door zijn hoffunctie kon veroorloven op een soort van studiereizen naar Italië te trekken. De masque begon met een proloog in verzen (presentation). en het demasqué. puritanisme en klassiek. een man van buitengewone geleerdheid en bezonnenheid van geest. In 1635 paste hij bij zijn eigen decors ook meer en meer het (uit Italië afkomstige) coulissensysteem toe. classicistische helderheid was zijn invloed op de verdere ontwikkeling van de Engelse architectuur van eminent belang. met als hoogtepunt de main dance. een drietal pamfletten over echtscheiding. Integendeel. gericht tegen het bisschoppelijk gezag. Belangrijk waren hier meer bepaald de elementen uit de Italiaanse theater. Zij hebben zich echter niet laten verleiden tot slaafse navolging. Paradise Lost. Daarna volgden de lofreden. gericht op het gewone volk. waarin de toeschouwers werden betrokken. Hij is begiftigd met een zeer sterke persoonlijkheid en altijd overtuigd van zijn gelijk. dialogen. de kapel van Marlbough House in Londen en de restauratie van St. wat inhoud en vormgeving betreft. politieke pamfletten Schrijft een groots religieus epos.en decorbouw die werden geïntroduceerd door beeldend kunstenaar-architect Inigo Jones (1573-1652). zeer verfijnd. meer nog was hij beroemd als een van de grootste humanisten van zijn tijd. koren. verwijderd bleef van de richtlijnen van Aristoteles. Engels-nationaal toneel te scheppen. (1478-1535) Engels humanist en staatsman en ‘heilige’. dansen. van Seneca en Plautus. Paul’s Chathedral in Londen. als de inhoud. het Banqueting House in Whitehall. Bij de masque ‘Salmacida Spolia’ werd een coulissensysteem over het volledige toneel toegepast. Het toneel had een achterdoek en aan de zijkanten vier coulissen met telkens vier panelen die terzijde konden geschoven worden. Zijn bekendste werken zijn het Queen’s House in Greenwich. Bv. Nog te onthouden: Thomas More.78 Is een geboren rebel die gekant is tegen elk systeem. Van een niet te onderschatten waarde voor de ontwikkeling van het Engelse theater waren de ‘maspues’ of maskerspelen aan het hof in het begin van de zeventiende eeuw. waarin de handeling (device) werd uitgelegd. Wel staat vast dat de Engelse toneelauteurs invloeden ondergingen van de “klassieke toneelschrijvers”. waarin de opstand en de val van de engelen. het leven in het paradijs en de val van de mens worden beschreven. Ze maken geen onderscheid tussen tragedie en komedie. In 1652 wordt hij blind en trekt zich in eenzaamheid terug. De Court Masques. (was bevriend met Erasmus) Niet alleen behoorde More tot de eerste vooraanstaande politici van Europa.) Het Elisabethaanse theater in Engeland. Het Engelse toneel was van volkse oorsprong. Boven waren er friesen die tezelfdertijd met de coulissen konden worden verwisseld. Londen. Publiceerde een aantal pamfletten. Het is een machtige synthese van renaissance. Hij werd beroemd door zijn Utopia waarin hij het economische en politieke bestel van het Engeland van zijn tijd hekelt en een heilstaat met socialistische en communistische trekken schetst. Hij verlangt (zoals in zijn beginperiode) opnieuw naar klassieke rust en zuiverheid. Keert zich af van de profane thema’s van de renaissance en het maniërisme van de barok. of van de evenwichtige orde van de renaissance. . zij zijn er in geslaagd om een eigen. Hij geldt als de eerste theaterontwerper die per scène de decoratie wisselde. en bleef dan ook hoofdzakelijk. humaan en geestig. dat zowel naar de vorm. het pamflet ‘Areopagitica’ (waarin hij zich tegen iedere vorm van censuur en tegen iedere beknotting van persvrijheid verzet). (Door zijn koele.

Vorm en stijl. In 1576 werd het eerste vaste theatergebouw opgericht : The Theatre. Ook kindergezelschappen bestonden. The Rose. zijn wreedheden. op de rechteroever van de Thames). Wat de dramatische middelen betreft. (Bij de beoordeling van de werken van Shakespeare en anderen mag men nooit vergeten dat deze stukken ontstonden en groeiden op het toneel en niet in de schrijfkamer. Hierdoor kregen de groepen sociale erkenning (daar waar zij vroeger vaak als onruststokers of als vagebonden werden aanzien) bij het meer beschaafde publiek. het sensationele. jongens. met twee doorgangen en als enig vast decor een balkon. opgejaagd.) De groepen werden gevormd door straatzangers. Vanaf 1571 werden de “companies” verplicht zich onder de bescherming te stellen van een patroon – een adellijke – naar wie ze zich noemden. Aanvankelijk werd het theater slechts geduld om het volk te verstrooien. clowns en universiteitsstudenten. en door zijn verbondenheid met het volkse. welke na zijn dood de groep van Lord Chamberlain werd genoemd. De grote opbloei in het Engelse toneelleven is vooral te wijten aan de enorme populariteit. is het Elisabethaanse toneel erg verwant met het Spaanse toneel van die tijd.79 De stukken hebben vijf bedrijven. Men speelde toneel op binnenplaatsen van herbergen. op openbare pleinen…. De verbeelding van de toeschouwers moest dan maar verdere decors aanvullen. Door zijn hartstochten. zo bepaalde de staat en de adel. Een der eerste groepen was die van de graaf van Leicester. Ook de verbeelding is onbeheerst. Al het overige wordt gesuggereerd met zeer eenvoudige middelen (zo kan men een kasteel aanduiden met een ton). Het theater werd aanvankelijk niet beschouwd als letterkundig genre en stond ook niet in hoog aanzien. figuren en thema’s zijn gegroeid uit de noodzakelijkheid van het spel en berekend op de mogelijkheden van het spelersmateriaal van een bepaalde groep. of mondeling meegedeeld in de loop van de dialogen. gespeeld tot 8 december 1660. Alle vrouwenrollen werden door “boy actors”. Het hele levensbeeld dat in het Engelse toneel wordt opgeroepen is typisch barok. heerst er de grootste vrijheid (moorden en gruweldaden worden op het toneel vertoond) We vinden ook soms een afwisseling van verzen en proza. met een voorliefde voor het gruwelijke. Op deze binnenplaats staat een rechthoekig podium. Richard Burbage (tragediespeler) en William Kempe (komediespeler). gebouwd door de timmerman en amateur-acteur James Burbage (buiten de stadsgrens van Londen. declamators. The Swan. In 1603 kwam deze company onder bescherming van James of Jacobus I en werd vanaf dan ‘The Kings Men’ genoemd. Overigens werden de toneelgroepen dikwijls buiten de stadsmuren gesloten omdat de opvoeringen met “te veel herrie” gepaard gingen. maar binnen de bedrijven is het aantal tonelen onbeperkt. toen voor het eerst een vrouw op het toneel verscheen. weldra gevolgd door andere schouwburgen:The Curtain. Tot deze “company” behoorden Shakespeare. . het excentrieke. Het gebouw is cirkelvormig en heeft overdekte zitplaatsen rondom een open binnenplaats. De gevoelens zijn grillig. The Globe. De toneelschrijver beschouwt zich niet als een letterkundige maar wel als een “playmaker” die zorgt voor het amusement van de massa. verward en dikwijls overdreven.

was een der populairste stukken bij het Elisabethaanse publiek. dat Shakespeare zou geïnspireerd hebben) Chrisopher MARLOWE. In 1594 voor het eerst gepubliceerd. Het speelt zich af tegen de achtergrond van de Spaans-Portugese oorlog. Ook aan de hof stonden de toneelgroepen in aanzien. Omwille van de sterke karaktertekening. . de verschijning van geesten. en tot een geëerd beroep. (1564-1593) Dichter en toneelschrijver. Voorlopers van Shakespeare : Thomas KYD. Het is het eerste zogenaamde “revenge-play” : Hieronimo wil de moord op zijn zoon Horatio wreken. (Sommigen menen zelfs dat Kyd de auteur is van een verloren gegaan Hamlet-stuk. De belangrijkste vóór Shakespeare. Zoon van een vaak in armoe verkerende schoenmaker. Hij werd opgeleid op de beroemde King’s School in Canterbury (zijn geboorteplaats). de heftige hartstochten. (het thema van de wraak. Heel wat elementen van zijn werk doen denken aan de latere Hamlet van Shakespeare. de retorische taal en de lange pathetische monologen) Deze tragedie krioelt van de gruweldaden. de knappe opbouw en de pakkende momenten is dit stuk beslist waardevol. Het stuk verraadt naar vorm en inhoud zeer sterke invloed van Seneca. Dit thema wordt verstrengeld met de liefdesgeschiedenis van Horatio met de zuster van zijn latere moordenaar.80 Na vele jaren van miskenning en misprijzen had de toneelspeelkunst en het schrijven van toneelstukken zich in Shakespeare’s tijd kunnen opwerken tot een lonend bedrijf. maar gaat zelf ten onder bij het uitvoeren van deze wraak. (1558 – 1594) Zijn huidige plaats in de Engelse literatuurgeschiedenis wordt bepaald door zijn treurspel:The Spanish Tragedy (ontstaan tussen 1587 en 1590). de gespannen actie. die echter organisch groeien uit de karakters en de verwikkelingen.

Zijn ‘mighty verse’ zou alle volgende toneelschrijvers. Het sterven van Zenocrate. o. aartsrebel tegen elk ‘establisment’ en hartstochtelijk romanticus avant-la-lettre. waar hij zich aansluit bij de toneelspelersgroep van de Graaf van Pembroke en de Lord Chamberlain. Zijn Tamberlaine staat aan het begin van een nieuwe ontwikkeling van het Engelse theater. Hij was een groter dichter dan toneelauteur. Reims en Utrecht) Vestigt zich ca 1587 te Londen. maakte hij de weg vrij voor Shakespeare. sterft hij zonder meer als verdwaasde naïeveling. wegens zijn uitgesproken atheïstische denkbeelden. (waaraan Marlowe een grotere soepelheid en tegelijk een grotere zeggingskracht wist te geven. De barbaarse schaapsherder die als een Attila de volkeren en koningen die hem op zijn veroveringstocht in de weg staan of afslacht of aan zijn zegekar klinkt. Door de invoering van het “blanke vers”. wijsbegeerte en natuurwetenschappen van zijn 17de tot zijn 23ste jaar. dat veel minder stroef was. (onderbroken door enkele missies als geheim agent naar het vasteland. Het is de levensgeschiedenis van de mongoolse potentaat die Indië overrompelde en de Turken versloeg in de 14de eeuw. Alleen de dood stoot deze schijnbare ‘superman’ terug tot het niveau van gewone mens. drijft hem tot het uiterste en alles moet voor zijn gesel wijken. Als vrijdenker. Met dat vers werd de tragedie tot een kunstvorm gemaakt die zowel populair was als serieus. Woont een tijdlang samen met Thomas Kyd. Voor het Elisabethaanse drama is hij de Mozes die de weg wijst naar het beloofde land zonder zelf de triomfale intocht te mogen beleven. (eerste opvoering dateert waarschijnlijk van 1587) Deel II in tijd 20 jaar later.en karakterdrama in ‘blanke verzen’. Marlowe is de eerste Engelse toneeldichter die zich van de poëzie bedient met inzet van alle intellectuele energie die hij in zich heeft. als in de meest verdachte kroegen te vinden was. Leidde een wild en losbandig leven tot een dubieuze herbergtwist hem op 29jarige leeftijd het leven kost. maar hij liep ook constant gevaar om gearresteerd te worden.81 Studeert theologie. is een herculische held met een onbegrensd zelfvertrouwen dat hem in staat stelt zich boven mens en fortuin te plaatsen. wiens leven hij ter wille van haar spaart. die hem drie zonen heeft geschonken. Deel I schildert Taburlaine’s opkomst via de meedogenloze onderwerping van het ene rijk na het andere. dochter van de sultan van Egypte. Marlowe is een eigenaardige en boeiende figuur : iemand die zowel in de hogere kringen verkeerde. Hij was de aangever van het nieuwe instrument dat de aard van het dramatische vers in Engeland voorgoed zou veranderen. Hij werd geacht als dichter en als wetenschapsman. .a. kende evenveel succes en moet Shakespeare beïnvloed hebben. Het stuk eindigt met Tamburlaine’s apotheose aan haar zijde. Hierin zet hij zijn veroveringen verder die zich nu uitstrekken tot Babylon en Jeruzalem. met name ook Shakespeare inspireren). origineelste en willicht ook meest innemende dichter onder de Engelse toneelschrijvers voor Shakespeare. de grootste. (hoewel hij ook in dit laatste niet te onderschatten is. Zijn sadistische machtswellust kwelt en vernedert de hoog geplaatsten het wreedst. Op het moment dat hij op het punt staat zich op China te storten aan het hoofd van een immens leger. totdat dit brute en toch op zijn wijze poëtische roofdier-in-mensengedaante geconfronteerd wordt met de beeldschone Zenocrate. nr.) Werken : Tamburlaine the Great : Het is een breedsprakerig en verbeeldingrijk gruwel.

tot aan de sluiting van de Londense theaters in 1642. waar hij o. (1573-1637) Toneelschrijver. Technisch is dit stuk zijn beste toneelspel. Hij bouwt zijn satire op door personages te creëren. The Jew of Malta is een Machiavellistisch stuk. Faustus die een pact met de duivel sluit in de illusie zo een rationeel antwoord op alle vragen en de vervulling van alle wensen te kunnen verkrijgen. Het is een bewerking van het oude Germaanse volksverhaal. Het is een fantastisch melodrama van verraad op verraad. acteur en dichter. Dit stuk lijkt het meest succesvolle te zijn geweest en zou Shakespeare geïnspireerd hebben voor zijn Shylock uit ‘the Marchant of Venice’. Hij schreef zijn stukken in de stijl van de Italiaanse renaissanceschrijvers als Macchiavelli.Tenslotte wordt Edward door Isabella’s minnaar Mortimer. Hij keerde zich tegen de ‘vormeloze’ romantische stukken die toen hoogtij vierden. (naar hen wordt in de tekst ook vaak verwezen. Het inspireerde onder meer Goethe voor zijn “Faust”. ziet zijn bezittingen geconfisceerd. De intrige is gebaseerd op de schatting die Malta aan de Turken moet betalen en die de Italiaanse gouverneur de joodse inwoners wil doen opbrengen. o. ter wille van zijn scherpe satirische pen. geschreven en opgevoerd tussen 1589 en 1592. (omwille van de pest of ‘The Plague’) The tragical History of Dr. en kwam hij ook. de rijkste.(ook Shakespeare -die hij bewonderde – ontkwam niet aan zijn kritiek) Jonson verdedigde de wederinvoering van de drie klassieke eenheden van plaats. Edward II is een nationaal historisch drama (is een van de eerste historische drama’s in de Engelse literatuur). kwam hij in de theaterwereld terecht. wil zich wreken maar wordt naar het einde toe slachtoffer van zijn eigen intriges. is een zwakkeling die zijn Franse gunsteling Galveston een tegennatuurlijke liefde toedraagt en geheel van hem afhankelijk is. die zozeer beheerst worden door één ‘humour’. verkoos hij het avontuur. gevangen genomen en op weerzinwekkende perverse wijze ter dood gebracht. speelt het belegerde Malta de Turken in handen. Zijn voornaamste tegenspeelster is koningin Isabelle. Barabbas.m.82 Jaar na jaar verschenen deze twee delen van Tamburlaine opnieuw op de affiche. verzet zich. geconcipieerd rondom de figuur van de grote Renaissance-koopman. Tasso en Ariosto. die zich door haar gemaal verwaarloosd weet. Meerdere malen geraakte hij in schandaaltjes verwikkeld. Tijdgenoten van Shakespeare. Als toneelhervormer genoot hij een groot aanzien. koning van Engeland. Ben JONSON. Hier werd hij een collega van Shakespeare bij de “Lord Chamberlains Men”.) Hij stelde zich tot doel de mensen te verbeteren door hun eigen zwakheden te tonen en deze belachelijk te maken. . Rond 1595 in Londen teruggekeerd. Kreeg een zeer verzorgde opvoeding in Westminster School. die tot allerlei absurde gedragingen leidt. wat soms een beetje pedant aandoet. De kern van het stuk is Edward’s homoseksualiteit en de daaruit voortkomende gefrustreerdheid die zijn innerlijk verscheurt tussen de uitersten van diepste zwaarmoedigheid en zorgloze uitgelatenheid. die tevens de ontevreden adel aanvoert. dat een obsessie het gevolg is. Hij trok naar het Europese vasteland. in Vlaanderen als vrijwilliger tegen de Spaanse troepen streed. in de gevangenis terecht. tijd en handeling.m. Dit stuk werd tot in de 18de eeuw regelmatig opgevoerd. Inhoudelijk wortelt het nog sterk in de traditie van de Middeleeuwe “morality plays’. die in het Globe-theater speelde. wordt gouverneur.De titelheld. Maar liever dan bij zijn stiefvader (een meester-metselaar) in de zaak te gaan.

Shakespeare zelf speelde de hoofdrol. en pretenties uitbeelden. Er werden opvoeringen gegeven in openlucht. Zijn tweede stuk Everyman out of his Humour kende minder succes. Verder nog John Fletcher (1579-1625). als ze de Theems afvoeren) krijgen we een beeld van de burgerlijke kringen in het Londen van zijn tijd. obsessies. Cyril Turner (ca. Thomas Middleton (1580-1627) In sommige aspecten van de theaters zien we nog de invloed van de ‘inn courts’. zoals vechtlust. de ruimte voor en opzij van het podium. Nooit echter is er in zijn hekeling plaats voor medelevend begrip. In Eastward Ho! (de roep van de matrozen. Als vertrouweling van James I. op gang gebracht door samenzweringen en vermommingen. Hier wordt de handeling opgebouwd rondom een aantal figuren die bepaalde dwaasheden. Werken : Behalve politiek getinte satiren (die hem veel last bezorgden) schreef hij enkele klassieke tragedies. organiseerde en schreef hij vele Masques : kleurrijke en feestelijke spelen. wat vooral opvalt in vergelijking met Shakespeare. Bartholomew Fair is een zedenspel.83 Zijn voornaamste thema is de hekeling van het ongebreidelde verlangen. Zijn eerste stuk Everyman in his Humour werd in 1598 door de troep van Shakespeare gespeeld. en Stephen. waarvan vooral Volpone or The Fox bekend is gebleven. naar macht. met zang. Deze diversiteit van toeschouwers was een gegeven waarmee de auteurs rekening dienden te houden. Verder mochten een aantal toeschouwers ook op de scène zelf plaatsnemen. Alle drie beschouwde hij als gevolgen van het opkomende economische individualisme. om tenslotte te eindigen in algehele verzoening en vrolijkheid. jaloezie … Door deze sterk te overtrekken meende hij te kunnen bijdragen tot de verbetering van de mensen. voor een publiek dat samengesteld was uit alle lagen van de bevolking. 1580ca. publieke openluchttheaters. ontstonden er na enige tijd met kaarsen verlichte overdekte theaters. Francis Beaumont (1584-1616). . Afgezien van enkele rijmloze versgedeelten is het stuk geschreven in een luchtig en gemeenzaam proza. Hij overleed te Londen op 6 augustus 1637. de militaire snoever. de eerzuchtige maar onnozele ‘Streber’.1625 of 1638). John Webster ca. Als voornaamste doel van het blijspel zag hij de ridicularisering van menselijke zwakheden die tot een obsessie uitgroeien. Ook in de stukken van Shakespeare is dit merkbaar. gierigheid. Naast deze grote. waarin Jonson op een realistische wijze het Londense volksleven schildert. met bonte maskerades. In zijn blijspelen. 1575-1626). muziek en dans. Hoofdfiguren zijn Bobadill. was Jonson succesvoller dan in zijn tragedies. waarvoor hij door de universiteiten van Oxford en Cambridge met “honoris causa” –titels werd gehonoreerd. naar geld of naar zingenot. Het publiek zat rondom in de galerijen of stond recht in de ‘pit’.

.84 The Swan Theatre The stage of The Globe Theatre The Globe Theatre.

genaamd ‘The Theatre’. Dit zou dan meteen zijn uitstekende kennis van de klassieken verklaren. De traditie beschouwt 23 april als zijn geboortedag. Dit is echter niet altijd zo geweest. Tussen 1585 en 1592 weten we niets met zekerheid over W. ergens op het platteland. (1564 – 1616) Algemeen wordt W. dochter van koning Hendrik VIII en Anna Boleyn. was zij acht jaar ouder dan William. Op 26 april wordt William Shakespeare in de Holy Trinity Church te Stratford-upon-Avon gedoopt. een welgestelde handelaar. vermits 1583 op 26 mei in het doopregister van Stratford de naam ingeschreven staat van “Suzanna. Bought with a Million of Repentance” waarschuwt de auteur Robert Green (die tot de groep van ‘schooldramaturgen’ behoorde) tegen een opkomend jong auteur. 1533 1559 1564 Geboorte van Elisabeth. als derde kind en eerste zoon van John Shakespeare. de gegevens correct zijn. die van kleine landadel afstamde. Shakespeare. Waarom deze speciale vergunning werd verleend wordt duidelijk wanneer we weten dat in die tijd niet tijdens de advent mocht gehuwd worden. 1576 In een satirisch pamflet “A Groatswoth of Witte. Shakespeare met Anne Whateley (een verkeerde schrijfwijze voor Hath(a)way). een timmerman. Op 15 januari wordt Elisabeth tot koningin van Engeland gekroond. een zoon en een dochter. (wellicht volgde hij in Stratford de plaatselijke “Grammar School”. tot na het octaaf van Driekoningen. Shakespeare leefde in een tijd waarin toneelspelers niet als erg respectabel werden gezien. daughter to William Shakespeare. Shakespeare. Deze jaren worden dan ook “the missing years” genoemd. (ook St George’s Day. 1582 Op 27 november vinden we in het register van de bisschop van Worcester dat een speciale vergunning werd verleend voor het huwelijk van W. En Anne Hathaway was blijkbaar in gezegende toestand. de feestdag van Engelands patroonheilige) Over Williams jeugd weten we zogoed als niets. Het was trouwens meer dan honderd jaar na zijn dood. gedoopt. bouwt te Shoreditch nabij London het eerste theater. Hij bedoelt ongetwijfeld W.85 William Shakespeare. Shakespeare beschouwd als de grootste toneelauteur van het West-Europese theater. James Burbage.” 1585 Op 2 februari wordt de tweeling Hamnet en Judith. 1592 Er is een legende die zegt dat hij werkzaam was als schoolmeester. Wn. dat zijn naam stilaan een begrip zou worden! Zijn leven: de feiten. . en Mary Arden.

’s dood. De King’s Men betrekken een zaal in Blackfriars. John Shakespeare. Sh. sterft hij in zijn geboorteplaats. waarin ook ’s winters kan gespeeld worden. koopt Sh. De nieuwe koning neemt de Lord Chamberlain’s Men onder zijn persoonlijke bescherming. had er immers geen enkel belang bij dat zijn successtukken in druk verschenen: het kwam er voor zijn toneelgroep op aan.’s werk. Dood van William’s vader. een oud Dominikanenklooster.86 Hoewel ons op dat moment geen enkele publicatie van Sh. 1593 1594 Publicatie van Venus and Adonis. een herenhuis in Stratford: ‘New Place’ in Chapel street. Bij een ‘bad Quarto’ staat het zo goed als vast dat het niet Sh. Sh. terwijl de “verzamelde werken” op het grotere folio-formaat werden uitgegeven. Hij wordt begraven in de Holy Trinity Church.’s dochter Suzanna huwt met John Hall. de acteurs John Hemminge en Henry Condell. geneesheer te Stratford. naargelang het formaat van het bedrukte papier. William Shakespeares Comedies. Zoals hierboven vermeld: de eerste Folio (F1) verscheen na Sh. met uitzondering van Pericles. koopt een woning in Blackfriars. bekend is.’s dochter Judith huwt te Stratford met Thomas Quiney. De auteur en acteur Sh. Afzonderlijke werken verschenen op quarto-formaat. 1623 De uitgaven van Sh. Publicatie van Shakespeares’ sonnets. Sh. beiden opgedragen aan de graaf van Southampton. Zij wordt opgevolgd door James I. Twee collega’s van W. Zij nemen de titel aan van “King’s Men”. Heropening van de theaters in de zomer. een verhaal in verzen. en de tekst ver buiten het bereik van de . Wegens de pest zijn de theaters in London van juni 1592 tot april 1594 gesloten. Het is een overdekte zaal. Publicatie van The Rape of Lucrece. met een stuk de massa zo lang mogelijk naar het theater te lokken. Deze zijn vermoedelijk tussen 1592 en 1598 geschreven. The Globe theatre gaat in vlammen op. op 23 april. Ongeveer een maand later. Sh. Sh. zijn opgenomen. Op 25 maart tekent hij zijn testament. Stratford-upon-Avon. Hoewel in London verblijvend. publiceren de zogenoemde ‘First Folio’. was die de tekst naar de drukker bracht. heeft waarschijnlijk London verlaten. waarin alle toneelwerken van Sh. De Lord Chamberlain’s Men installeren zich in een nieuw theater: The Globe. maar wel een of andere piraat. dient een onderscheid gemaakt tussen Quarto’s en Folio’s. is een van de aandeelhouders. Hij blijft wel met London in contact. 1596 1597 1599 1601 1603 1607 1608 1609 1610 1613 1616 Dood van Hamnet Shakespeare. Op 20 maart overlijdt Koningin Elisabeth. Histories and Tragedies’.. Onder de Quarto’s vinden wij de zogenaamde ‘good Quarto’s’ en ‘bad Quarto’s’: goede en slechte uitgaven. is duidelijk dat hij als toneelauteur reeds een zekere bekendheid heeft verworven. Voor de eerste uitgaven van Shakespeare’s werken. om in Stratford te gaan wonen. De titel luidt: ‘Mr. Sh.

met een eigen taal. maar ook door de vele fouten en weglatingen die bij het kopiëren en het drukken haast niet te vermijden waren. Wanneer een auteur een tekst klaar had. en strenge sancties werden voorzien tegen een inbreuk op dit recht. Beslist werden er ook door derden wijzigingen aan de teksten aangebracht.’s werk. Deze schreef het hele stuk niet over: enkel maar de afzonderlijke rollen. geluk en cynisme. De Londense drukkers en boekhandelaars (deze laatste waren eveneens uitgevers) waren hecht aaneengesloten in een Company of Stationers. orde en chaos. zijn en niet-zijn – en dit alles bij telkens anders geschudde kaarten in het spel van leven. waarop zijn land zich voor het eerst van een eigen identiteit bewust begint te worden. alle passages van Theseus. Werk. vrijheid en afhankelijkheid. en gaf daarna het handschrift aan de kopyïst. geen systeembouwer. Hierdoor verwierf de uitgever een uitsluitend recht op de publicatie van het ingeschreven werk. De tekstoverlevering van Sh. In het eerste verband moet hij gezien worden als Engelsman op dat moment in de geschiedenis. Een “auteursrecht” bestond nog niet: wel een soort van copyright. Deze liet bepaalde gedeelten omwerken. Enkel wanneer een stuk uitgespeeld was. of wanneer de troep in geldnood verkeerde. bracht zelf verbeteringen aan. ° Zo leverde hij het optimistische blijspelverhaal in zijn ‘golden comedies’. en niet van de auteurs. bv. Shakespeare was geen filosoof.’s werk is heel onzeker. rekening houdend met de wensen van zijn publiek. zal dus waarschijnlijk nooit kunnen worden afgesloten. alle scènes van Puck… Er diende één volledig manuscript in het theater aanwezig te zijn: dat van de promptor (de regisseursouffleur-toneelmeester…) Voor de concurrentie stonden nu meerdere wegen open. dat met al zijn onwaarschijnlijkheden de overtuiging gaf dat gevangenen bevrijd werden en gescheiden geliefden verenigd. liefde en dood.87 concurrerende gezelschappen te houden. Snelschrijvers werden naar een voorstelling gestuurd om de voorstelling heimelijk in snelschrift op te nemen. die zijn even sociaal als politiek bewogen oeuvre als zodanig herkenbaar maakt. enz…. maar juist ook qua beeldenrijkdom en zeggingskracht. die in zijn werken tot het einde toe balanceerde tussen hoop en wanhoop. Als alle zeer groten keert Sh. Al heel vlug had hij zich bevrijd van de geaffecteerdheid van de conventionele retorica en de slaafse navolging van de klassieken. Shakespeares ‘blank verse’ bereikt een in het Engels tot dan toe ongekende suggestiviteit. ging hij met het manuscript naar de leider van de troep. Stationers Register. In het tweede verband is het zijn uitgesproken sympathie voor de jeugd en iedere bedreigde individualiteit. niet alleen qua taal en resonantie. Hij was evenzeer het product van zijn situatie in plaats en tijd als de kunstenaar die daar geheel bovenuit kon stijgen en van het begin af aan universeel wist aan te spreken. een eigen cultuur en een eigen rol in Europa. bracht men de tekst naar de drukker. of andere fragmenten ingelast. coupeerde passages. bedrog en zelfbedrog. laste er andere in. maar steeds theaterman bleef. passie en beheersing. in gezin en staat. Het hoofdstuk over de tekstkritiek van Sh. telkens terug tot dezelfde thema’s – in zijn geval begripsparen zoals: schijn en wezen. vreugde en melancholie. Deze beroepsvereniging hield een register bij. . rede en waanzin. waarin de titels van de uitgegeven of uit te geven werken werden ingeschreven. acteurs werden omgekocht……. niet alleen door de ‘bad Quarto’s’. maar een in de menselijke gemeenschap diep geïnteresseerde. maar dan ten bate van de uitgevers.

dat de ironie van het tragische in zijn komische kern bestond – en omgekeerd.psychologisch (zo niet sociaal) emanciperende jonge vrouw. zijn treurspelen zijn de tragedies van een versplinterde geest.1594 Titus Andronicus Taming of the shrew. ° Hij stond op de bres voor de zich – tegen alle ‘aristocratische’ druk in . (Naar het U lijkt) Twelfth Night (Driekoningenavond) b.1591 Henry VI (deel 2) Henry VI (deel 3) 1591 . (nr. 1604 – 1605 Measure for Measure Othello 1605 – 1606 King Lear Macbeth (Vrolijke vrouwtjes van Windsor) (Eind goed. al goed) (Maat voor Maat) .1593 Richard III Comedy of errors (Komedie der vergissingen) 1593 . ° In zijn tragedies gaf hij waardigheid en innerlijke bevrijding aan de geruïneerden. 1600 – 1601 Hamlet Merry Wives of Windsor 1601 – 1602 Troilus and Cressida 1602 – 1603 All’s well that ends well. (De getemde feeks) 1594 – 1595 Two gentlemen of Verona (Twee heren uit Verona) Love’s labours lost (Liefdes loze lessen) Romeo and Juliet 1595 -1596 Richard II Midsummer Night’s Dream (Midzomernachtsdroom) 1596 – 1597 King John Merchant of Venice (De Koopman van Venetië) 1597 – 1598 Henry IV (deel 1). Toch een poging tot…. terwijl hij alle medegevoel deed uitgaan naar wie geweld was aangedaan. En bij dit alles bleef hij bewust telkens onderstrepen dat zijn kunst toch maar ‘kunst’ was. Waren zijn historiestukken de tragedies van een versplinterde staat. 1930) a. De hoogbloei. Henry IV (deel 2) 1598 – 1599 Much ado about nothing.1592 Henry VI (deel 1) 1592 . Het is moeilijk om zijn werk te dateren.88 ° Hij schiep met zijn historiestukken (uit de meedogenloze machtsstrijd om de Engelse koningskroon tussen Lancaster en York in de Rozenoorlogen) een nationaal imago voor de Engelsen. de chronologische volgorde opgesteld door Sir Edmund Chambers in zijn werk William Shakespeare: A Study of Facts and Problems Oxford University Press. (Veel drukte om niets) Henry V 1599 – 1600 Julias Caesar As You like it. in welke zin ook. ° Ook stelde hij in zijn satirische werk de onderdrukker aan de kaak. waarin met een aanvaardbare schijn van redelijkheid het goede uiteindelijk het kwaad wist te beteugelen. 1590 . Shakespeares rijpingsperiode. De chronologische volgorde waarin Shakespeare zijn stukken heeft geschreven kan niet met absolute zekerheid worden vastgesteld.

en een fantasie kent. Van ‘auteursrecht’ was nog geen sprake. We gaan dieper in op zijn theaterwerk. dat een groot belang hecht aan de uiterlijke (en ingewikkelde) vorm. het schrijven ‘zoals’. maar wel bij zijn manier van verwerking van en bestaande stof. 1565) Wat de Franse literatuur betreft: zo kende hij beslist het werk van Montaigne. Het genie van Sh. (Vooreerst Matteo Bandello. Hij heeft ook enkele bestaande historische stukken herschreven of herwerkt.89 1606 – 1607 1607 – 1608 c. staat Shakespeare nog sterk onder de invloed van het “eufuïsme”. Ook van de Spaanse literatuur zou hij invloeden hebben ondergaan (de novellen. De nabloei. die in 1579 (uit het Frans) in het Engels was vertaald door Sir Thomas North. Van de Latijnse letterkunde kende hij blijkbaar zeer goed Seneca en Ovidius. 1577). Ook de Engelse renaissance-literatuur had invloed op Sh. (Het wintersprookje) (De storm) (Twee edele verwanten) Zijn bronnen. was nog onbekend. en (zij het in mindere mate) ook Plautus en Vergillius. Hierover ontleende hij gegevens uit de levensbeschrijvingen van Plutarchus. 1542) en Holinshed (‘Chronicles of England and Schotland. 1608 – 1609 1609 – 1610 1610 – 1611 1611 – 1612 1612 – 1613 Anthony and Cleopatra Coriolanus Timon of Athens Pericles Cymbeline Winter’s Tale Tempest Henry VIII Two noble kinsmen. KOMEDIES. zoals wij het verstaan. stond in hoog aanzien. 1. die tamelijk wereldvreemd is. Historische bronnen: Voor de Engelse geschiedenis baseerde hij zich vooral op de kroniekschrijvers Eduard Hall (‘The Union of the Noble and Illutre Families of Lancaster and York. Het begrip ‘plagiaat’. met zijn verhalenbundel ‘Hecatommithi’. De klassieke oudheid was een bron van inspiratie. (1978 met Judi Dench en Francesca Annis door Philip Casson and Trevor Nunn) . Een vernuftig opgebouwde klucht. Comedy of Errors. via het Frans. (Het spel der vergissingen) Gebaseerd op ‘De Tweelingbroeders’ van Plautus. Literatuur en de literaire traditie van zijn tijd. Rijpingsperiode (1590-1600) A. vertaald in het Engels door Geoffy Fenton (1567) en door William Paysiter in de authologie ‘The Palace of Pleasure’ opgenomen. de ‘imitatio’. De kunst van het nabootsen. Ook Giraldi Cinthio. waarin Autipholus en Dromio van Efese worden aanzien als Autipholus en Dromio van Syrakuse. ligt dus niet zozeer bij zijn inventiviteit wat de onderwerpen betreft. zowel wat zijn thema’s betreft. Van de Italiaanse literatuur waren het voornamelijk de novellisten die hem inspireerden. en de schelmenromans) Besluit: Slechts weinige van zijn onderwerpen zijn totaal oorspronkelijk. als zijn stijl (sonnetten).. Bij zijn eerste stukken.

ook door Ariosto in Gli Suppositi werd behandeld. De Capulets willen Julia met Paris laten trouwen. weer met vermommingen en vergissingen. Toch neemt deze ‘tragedie’ nergens de vorm van een échte tragedie aan. vrij bewerkt naar) (’10 Things I hate about you’ : 1999 gebaseerd op door Gil Junger met Julia Stiles en Heather Ledge) Two gentlemen of Verona. die van krankzinnigheid werd genezen. het feit dat Romeo iets vlugger dan Broeder Lorenzo bij het graf is. Romeo (Montaque) en Julia (Capulet) worden op elkaar verliefd. (Film : Samuel Taylor maakte in 1929 The taming of the shrew met acteurspaar Mary Pickford en Douglas Fairbanks sr. Masuccio.. maar door een toevallige samenloop van omstandigheden: een broeder die een brief niet kan afgeven. Tot een dienaar de prinses de dood van haar vader komt melden. Daarvoor wordt hij nog te zeer heen en weer geslingerd tussen de heerlijkste spontaniteit en de meest vervelende conventie. (De twee Veronezen) Eveneens een komedie over verwisselingen en vergissingen. een knecht die Romeo het bericht van Julia’s dood brengt. en sterft aan Julia’s zijde. (Veel gemin. door Franco Zeffirelli in 1968. Salerintano. Hiervoor putte Shakespeare uit de Italiaans novellisten (Bandello. Shakespeare vond hiervoor zijn inspiratie in ‘Diana Enamorada’ van Jorge de Montemayor. Een pater zegent in het geheim hun huwelijk in. dat haar schijndood moet maken. De brief gaat echter verloren.a.m. Love’s Labour Lost. Romeo wordt verbannen. veel minder esthetiserend als de vorige. vergeten ze al hun voornemens. die door verscheidene vrijers het hof wordt gemaakt. Paris en Romeo treuren aan Julia’s graf. geen gewin) Gebouwd op parallellisme en verwisselingen. R & J gaan niet ten onder door hun eigen fout of tekortkoming. ( De getemde feeks) Een oeroud onderwerp. De pater geeft Julia een drankje. en dat Julia net iets te laat wakker wordt om te beletten dat Romeo zijn wanhoopsdaad zou voltrekken. de zuster van Katharina. en doorsteekt zichzelf met zijn dolk.) ( 1938 Balletbewerking van choreograaf Serge Prokofjev) ( 1961 Musical ‘Westside story’ door Leonard Bernstein ontleend aan) Samen met ‘Hamlet’. De twee families verzoenen zich aan het graf. De dronken ketellapper Christopher Sly. Julia ontwaakt. Rome doodt Paris. (Film: 2000 door Kenneth Branagh) Romeo and Juliet. is ‘Romeo en Julia’ waarschijnlijk het meest populaire stuk van Shakespeare. wordt door een Lord opgepakt. ziet haar dode geliefde. Er wordt voor hem een spel opgevoerd met twee intriges: Petruchio die de ‘feeks’ Katharina temt. In R & J is Shakespeare nochtans nog niet tot zijn dramatische volwassenheid gekomen. en leven ze allen in een amoureuze euforie. maar met een spijtige afloop! .…) In 1554 had Arthur Brooke het verhaal van Bandello in het Engels vertaald. De koning van Navarra en drie van zijn edellieden besluiten zich drie jaar lang voor de studie af te zonderen. Vanessa Redgrave en Ben Kingsley en in 1997 door Baz Luhrman met Leonardo Di Caprio en Claire Danes…. en schrijft dit aan Romeo. (Is meermalen verfilmd: o. en de twee volgende. Maar bij een bezoek van de prinses van Frankrijk en drie van haar hofdames.90 Taming of the Shrew. Te Verona bestaat er een hardnekkige en bloederige vete tussen de families Capulet en Montaque. dat o. en Bianca. in 1967 gevolgd door de versie van Franco Zeffirelli met Elisabeth Taylor en Richard Burton) (Musical ‘Kiss me Kate’ van 1953 door Cole Porter. Deze doet hem geloven dat hij een edelman is. in 1990 door Armando Acosta II met Francesca Annis. Het is in feiten een komedie. nadat hij in een straatgevecht Tybalt heeft gedood. Een komedie met een realistische inslag. neemt vergif in.

De hertog is verliefd op Olivia. Uitspraak : Shylock heeft recht op zijn vlees. op straffe des doods! Omdat hij het leven van een christen in gevaar wilde brengen wordt hij daarbij beboet en vernederd. naar een probleemloze wereld. Much Ado About Nothing. Benedick wil vrijgezel blijven en Beatrice wil van geen mannen weten. maar doet het. wellicht bij Plutarchus (voor Theseus). Het stuk eindigt na een kleine twist. die de liefdesbrieven van de hertog brengt. Zijn inspiratie vond Sh. Zij zal trouwen met de man die kan raden in welk kistje haar portret verborgen is. Hij aarzelt. en in een novellenverzameling van Bernabe Rich) . die het op zijn beurt leende van de Jood Shylock. die zijn liefde niet beantwoordt en die verliefd wordt op Cesario. (Driekoningenavond) Bij een schipbreuk heeft Viola haar tweelingbroer Sebastian verloren. Uiteindelijk komt alles voor de twee paren terecht. aanleiding van een of ander voornaam huwelijksfeest… In het laatste gedeelte ridiculiseert Sh. Benedick en Beatrice) en met scherp getekende karakters) (Film: 1993 door Kenneth Branagh) As you Like It.91 Midsummer Night’s Dream. bestaande uit vier in elkaar verstrengelde intriges. maar mag daarbij geen druppel bloed laten vloeien. Intussen is (Het onderwerp komt voor bij Bandello. met als voorwaarde dat deze recht heeft op één pond vlees van de schuldenaar als die niet tijdig betaalt. De zaak komt voor de rechtbank. (Elk wat wils) Een “pastoraal” stuk dat al in 1590 door Thomas Logde werd behandeld. Als honorarium vraagt Portia aan Bassanio de ring. De volgende drie komedies worden soms de ‘golden comedies’ genoemd omdat ze alle drie uit de werkelijkheid vluchten. Wellicht is het stuk geschreven nr. Inhoud: literatuurlijst! (Film: Max Reinhardt regisseerde in 1935 met James Cagney en Mackey Rooney en Michael Hoffman in 1999 met Michelle Pfeiffer en Calista Flockhart) (Opera 1960 van Benjamin Britten) (Ballet 1962 van George Balanchine) Merchant of Venice. Shylock eist zijn pond vlees en weigert de betaling van de schuld door Bassio. Het is een levendig stuk vol sprankelende en geestige dialogen (vooral ts. Zij vermomt zich als jongen en neemt als Cesario dienst bij Orsino. (1992 door Christine Edzard) Twelfth Night. maar door de laster van Don John. hertog van Illyrië. Antonio kan niet betalen en wordt gevangen gezet. die ze hem vroeger gaf. (Een midzomernachtsdroom) Een ingewikkelde en vernuftig uitgewerkte komedie. (De koopman van Venetië) De stof vond Shakespeare bij de Italiaanse novellisten. waar de vermomde Portia pleit. Bassamio raadt juist en trouwt Portia. Claudio wil trouwen met Hero. Ariosto (Orlando) en Spencer (Fayrie Queen). met een verzoening. Bassamio heeft echter geld geleend van Antonio. wordt hun verloving verbroken. (Veel leven om niets) De stof vinden we al bij Bandello. vol liefde en geluk. De intrige is weer een van parallellisme tussen liefdesparen met vergissingen en bedriegerijen. Or What You Will. Aan beiden wordt wijsgemaakt dat de andere stapelverliefd is. die met een “happy end” worden afgesloten. bij Ovidius (voor Pyramus en Thisbie) terwijl elfen en bosgeesten tot de Engelse volksverbeelding behoorde. –als beroepstonelist – het amateurtoneel. Een rijke dame Portia heeft drie kistjes.

en worden zijn intriges beter opgebouwd. aan het hof van koningin Elisabeth.92 Viola op de hertog verliefd geraakt. en zijn veeleer weinig gestructureerde intriges. met twee gelukkige paren. en pleegt volgens Sh. Richard is een zwakke figuur. daardoor verraad tegenover zijn volk. Voor het eerst slaagt Sh. Het laatste stuk.’s tijd heel populair. beschouwd) Richard II Voornamelijk nr. De titel “Twelfth Night” of “Driekoningenavond” dankt het stuk aan de opvoering op die dag. Stilaan groeit echter zijn vakmanschap. heeft zich hierin nog niet kunnen losmaken van de kronieken waaruit hij zijn stof putte. Sebastian. er in. (door sommigen wordt dit drama als niet van Sh. graaf van Richmond (Lancaster) met Elisabeth van York. en in de trant van Christopher Marlowe en Thomas Kyd. Zijn eerste historische drama’s zijn veeleer episodische stukken: Sh. Dit genre was in Sh. (1996 door Trevor Nunn met Helena Bonham Carter. Uiteindelijk volgt een happy end. die Falstaff ook eens een keertje verliefd wilde zien… (1982 BBC-TV door David Hugh Jones met Ben Kingsley) (1849 Opera ‘Die lustigen Weiber von Windsor’ van Otto Nicolas) B. komt in de stad en wordt door Olivia voor Cesario aanzien. Imogen Stubbs en Mel Smith) (Film : ‘Shakespeare in Love’ van 1998 door John Madden. Hij verwaarloost zijn taak als koning. neemt Richard II gevangen en bestijgt zelf de troon als Henry IV. die in volle opgang was. Hierdoor wordt de opstand een verantwoorde daad. dat van Richard III. Hendrik VI Deze drie stukken met elk vijf bedrijven. Bolingbroke komt terug. HISTORISCHE DRAMA’S. niet opgewassen tegen het koningsschap. op geniale manier een veelzijdig karakter uit te tekenen. hij laat Henry Bolingbroke hertog van Hereford uit het land zetten.en gruweltragedie. de kronieken van Holinshed. (De vrolijke vrouwtjes van Windsor) Een legende vertelt dat Shakespeare zijn ‘Merry Wives’ schreef op verzoek van koningin Elisabeth. en neemt zijn bezittingen in. Richard III Voornamelijk nr. erg beïnvloed door de tragedies van Seneca. De stukken bevatten nog weinig intrige. Ben Kingsley. (Film : 1955 door Lawrence Olivier en 1996 ‘Looking for Richard’ door Al Pacino) Titus Andronicus Een wraak. In het derde deel maken we reeds kennis met Richard. waarin het huis van Lancaster en het huis van York een bloedige vete uitvochten. Or what you will en Romeo en Juliet. en zijn karakters beter uitgetekend. handelen over de ‘Rozenoorlog’. dat handelt over de ‘Rozenoorlog’ welke beëindigd wordt door het huwelijk van Hendrik Tudor.) Merry Wives of Windsor. De laatste regeringsjaren van Richard II. die niet verdronken is. . Nigel Hamthorne. geschreven door Marc Norman en Tom Stoppard geïnspireerd op Cesario/Viola uit ‘Twelfth Night. de kronieken van Hall en Holinshed. Zij wortelden in een sterk nationaal bewustzijn van een natie. hertog van Gloucester.

die echter als grote triomfator en als nationale held wordt uitgebeeld. de kronieken van Holinshed. Richard III (1955) en Othello (1966) 2.1600-1608) Vooral in zijn tragedies peilt Sh. In het tweede deel maken we de innerlijke ondergang mee van Henrik IV. een opschepper. Stuart Burg deed hetzelfde in 1969) (Film :De Brit Sir Laurence Olivier regisseerde en acteerde in Henry V (1944).a. met elk vijf bedrijven. dat reeds voordien voor het toneel werd bewerkt. Mankiewicz. Een bewerking van een bestaand thema. en gevolgd door zijn verloving met de Franse koningsdochter. maar een listige en veeleer achterbakse politicus. moppentapper en vrouwenloper. vooral de bevrijding en de zelfstandigheid van Engeland. die we in de komedies van zijn eerste periode voorkomen. TRAGEDIES Hamlet. die een onuitputtelijke bron van komische taferelen blijkt te zijn. met weinig sympathieke trekken. Hij is een barbaarse figuur. en de overwinning van Antonius op Brutus en zijn aanhangers. en die samen met Pistol.93 King John Naar gegevens uit de kronieken van Holinshed. met aan het hoofd Henry Percy. Prince of Denmark BBC-TV door Rodney Bennet met Patrick Stewart) . Het eigenlijke hoofdpersonage is de figuur van Brutus. uitlopend op de slag van Agincourt. die niet meer de rechtvaardige Bolingbroke is uit Richard II. Henry IV Nr. Inhoud: literatuurlijst! (1948 door Lawrence Olivier) (1964 door bill Colleran en John Gielgud met Richard Burton) (1980: Hamlet. (Film: 1989 door Kenneth Branagh) Julius Caesar Behandelt de moord op Julius Caesar. In dit stuk verheerlijkt Sh. Poins e. Peto. bijgenaamd Hotspur. (ca. A. Henry V Het stuk behandelt de strijd van Henry V tegen Frankrijk. Ook in dit deel komt Falstaff voor. Twee delen. Hoogtebloei. John laat zich uitroepen tot koning van Engeland. (Film: in 1953 door Joseph L. die geplaagd wordt door de herinnering aan de moord op Richard II. De blije. De Fransen willen Engeland met de wapens veroveren. maar na allerlei gebeurtenissen wint John het pleit. In dit stuk treedt voor het eerst de komische figuur van Falstaff op: een 60-jarige gezellige dikkerd. Na de dood van Hendrik IV bestijgt zijn zoon als Hendrik V de troon. zonnige levensopvatting. Het huis van Percy is tegen hem opgestaan. in deze periode naar de diepste gronden van de menselijke ziel. dat niet bewaard is gebleven) De eerste bekende opvoering vond plaats in juli 1602. Hij is de verpersoonlijking van de levenslust. (Ook Thomas Kyd zou een Hamlet-stuk geschreven hebben. Daarom wordt deze periode ook zijn ‘donkere’ periode genoemd. In het eerste deel zien we een Henry IV. Zijn neef Arthur was ook kroonpretendent en sluit een overeenkomst met de Fransen om John te onttronen. Eerste publicatie: 1603. Hamlet (1948). de lol er in houden. is verdwenen. Deze heeft plaats gemaakt voor een meer zwaarmoedige levensbeschouwing.

wordt samen met haar man. Richard Attenborough. zijn stof uit Plutarchus. en brengt hij de Volsci ertoe vrede te sluiten. o. Structureel is het één van de best gebouwde stukken uit heel Sh.’s oeuvre. Timon of Athens Het thema van de ‘mensenhater’ vinden we terug bij Aristofanes. Plutarchus e. (Film: 1974 door Trevor Nunn en John Schoffield met Patrick Stewart en Ben Kingsley) Coriolanus Ook voor dit stuk putte Sh. Leraar. en verschijnt met een leger voor de muren van Rome. Dit stuk wordt het dieptepunt van Sh’s pessimistische periode genoemd. Als niemand hem dan wil helpen. die zoveel van bezittingen aan vrienden en kennissen uitdeelt.is Antonius een edele en ascetische figuur. Anthony and Cleopatra Voor deze “tragedie van de erotiek” putte Sh.) Othello De stof voor dit ‘drama van de jaloersheid’ vond Sh. De verbitterde Coriolanus sluit een verbond met de Volsci. hij na een overwinning op een leger van Noren en Schotse rebellen naar huis keert.m. om zijn antidemocratische houding uit de stad verbannen. dat Macbeth koning van Schotland zou worden. Cordelia. Cleopatra is het symbool van de zinnelijkheid. Een merkwaardig thema in dit stuk is: het conflict tussen het absolutistische individu. De trotse Marcius Coriolanus staat als patriciër afwijzend tegenover het gewone volk. en de democratische gemeenschap. Macbeth is een generaal van Duncan. . de hertog van Kent. ontmoeten hij en generaal Banquo drie heksen. Uiteindelijk zwicht hij voor de smeekbeden van zijn moeder en zijn zuster. die voorspellingen doen. (1970 door Peter Brook – 1970 door Grigori Kozintsev – 1987 door Jean-Luc Godard) (1985 ‘Ran’ gebaseerd op door Akira Kurosawa) Macbeth (kronieken van Holinshed) Het is –samen met ‘The Comedy of Errors’ en ‘The Tempest’ – een van zijn kortste stukken. verbannen. Wn. Later wordt hij. in een novelle uit de ‘Hecatommithi’ van de Italiaan Giraldi Cinthio (1565). wordt hij tot consul benoemd. Hij verlangt van hen een publieke verklaring van hun genegenheid ten opzichte van hem. koning van Britannië is oud en wil zijn koninkrijk verdelen onder zijn drie dochters: Goneril.1972 door Roman Polanski (Bitter Moon) (Operabewerkingen van Giuseppe Verdi : Macbeth (1847-1865). Timon is een rijk en vrijgevig man. tot ze uiteindelijk de waarachtige liefde ontdekt. dat hij zich ruïneert. zijn gegevens uit Plutarchus. Othello (1887) en Falstaff (1893). (Film: 1952 door Orson Welles – 1956 door Sergei Jutkevish – 1995 door Oliver Parker) King Lear De geschiedenis van dit stuk is beschreven in de ‘Chronicles’ van Holinshed. Door samenzweerders wordt hij neergestoken. billy Crystal and Kate Winslet. die echter door de verblinding van de passie in de afgrond wordt gestort. koning van Schotland.94 (1991: Film door Franco Zeffirelli) (1996 door Kenneth Branagh met Kenneth Branagh. (1948 door Orson Welles . keert hij zich van de wereld af. Regan en Cordelia. In tegenstelling tot Octavius –die voorgesteld wordt als een boosaardige intrigant. ‘Fairie Queen’ en ‘The Mirrour for Magistrates’ van Spenser en in een anoniem stuk getiteld ‘King Lear’. die beweert niet in staat te zijn haar gevoelens op een passende manier te verwoorden. Nadat hij zich in de strijd tegen de Volsci als een held heeft gedragen. en vervloekt de wereld en de mensen in een bitter grafschrift. Judi Dench.a.

als monnik vermomd. als Isabelle hem terwille zal zijn. In plaats van een komedie kunnen we het beter een boertige satire noemen. De hertog. veroordeelt Angelo de jonge Claudio ter dood. en haar nooit meer wil terugzien. worden deze komedies de ‘dark comedies’ genoemd. Als Troilus getuige is van haar ontrouw. Angelo wordt verplicht met Mariana te trouwen. Ajax. wil zich een tijdje terugtrekken. die tegen zijn zin de wil van de Koning opvolgt. . komt bij Angelo om genade smeken. Toch geeft Angelo het bevel Claudio terecht te stellen. Chaucer’s ‘Troilus and Cresside’. heeft alles gevolgd en organiseert een nachtelijke bijeenkomst. Bij die gelegenheid geeft Bertram haar een ring. dat een beetje apart staat. Wanneer zij aan het Franse hof erin slaagt de Koning te genezen. Helena is hem echter nagereisd. Haar oom Pandarus speelt voor koppelaar en brengt de geliefden samen. en komt met Diana overeen om haar plaats in te nemen bij een nachtelijke bijeenkomst. laat haar uitwisselen tegen een Trojaanse krijgsgevangene. naar een novelle uit de “Hecatommithi” van Giraldi Cinthio. die reeds door William Painter in ‘Palace of Pleasure’ was gepubliceerd. maar niet omgekeerd. Eens in het Griekse kamp. een zoon van Koning Priamos van Troja. omdat ze een pessimistische ondertoon hebben. Bij zijn terugkeer in Frankrijk zal hij de zwangere Helena die zijn ring draagt.’s oeuvre. In tegenstelling tot zijn vroegere. Vincentio. De Griese helden (Paris. zuster van Claudio. is verliefd op Bertram.95 (Film: Orson Welles maakte Macbeth (1948). All’s well that ends well Naar een novelle uit de ‘Decomerone’ van Boccacio.a. en de hertog zelf neemt Isabella tot vrouw. mag zij van hem zelf een echtgenoot kiezen. waarin Sh. jammert hij “O beauty! where is thy faith!” Een tweegevecht tussen Diomedes en Troilus blijft onbeslist. maar wellicht is het slot niet het oorspronkelijke. Claudio wordt vrijgesproken. Maar haar vader Calchas. Opnieuw een satirisch en dikwijls grimmig stuk. vergeet een trouweloze Cressida haar geliefde en stort zich in de armen van de Griekse Diomedes. Op grond van een oude wet. maar dadelijk naar Florence vertrekt. Zij kiest Bertram. ook het recht aan zijn zijde heeft. Isabella. Troilus and Cressida Gebaseerd op de laat-Middeleeuwse versies van Homerus. Measure for Measure George Whetstone had in 1578 al een stuk ‘Promos and Cassandra’ geschreven. hertog van Wenen. Cressida wordt bemind door de jonge Troilus. dochter van een geneesheer en wees. Een stuk. Achilleus) zijn een stelletje schurken en de mooie Cressida is een egoïstische en ontrouwe vrouw. De hertog verhindert dit en keert officieel weer in de stad. Helena. schijnt aan te tonen dat wie de macht heeft. wegens overspel met zijn verloofde. Othello (1952) en Chimes at midnight (1966) rondom de Falstaff-figuur) B. o. als vrouw moeten erkennen. Daar maakt hij de mooie Diana het hof. die naar de Grieken is overgelopen. Maar in plaats van Isabella zal Mariana. een door Angelo in de steek gelaten meisje op het rendez-vous zijn. en draagt zijn macht over aan de gestrenge maar rechtschapen Angelo. in het geheel van Sh. Deze is bereid Claudio te sparen. KOMEDIES.

Thaïsa. Hij heeft een dochter. The Tempest De stof voor dit stuk vond Sh. Cymbeline is intussen hertrouwd met een boosaardige weduwe. Happy ending. Hij wordt door zijn broer Antonio onterfd. Hij schreef het samen met John Fletcher. de hertog van Milaan houdt zich bezig met de toverkunst. Door de storm spoelen ze op een eilandje aan.1991 ‘Prospero’s Books’ gebaseerd op door Peter Greeneway) Hendrik VIII Is slechts ten dele van Sh. Hij verdenkt haar van overspel met zijn vriend en gast Polixenes. die een zoon met name Cloten heeft. Perdita (‘de verlorene’) groeit op in Bohemen. in ‘Confessio Amantis’ van John Powers (1393) beschreven. en in de bergen als een soort natuurmensen opgevoed. Pericles.werden door een ten onrechte verstoten generaal Belarius geschaakt.m. is geschreven) Cymbeline Naar de ‘Decamerone’ van Boccacio en de ‘Chronicles’ van Holinshed. barokke vertoning. (er wordt getwijfeld of dit stuk in zijn geheel door Sh. Het is een ongelooflijke ingewikkelde intrige. Het eindigt met de geboorte van Elisabeth. Na allerlei avonturen belanden ze aan het hof van de koning van Scicilië. koning van Bohemen. Na allerlei belevenissen (als zeestorm en schipbreuk) vindt Pericles zijn dood gewaande vrouw. (1609-1612) Het donkere pessimisme is verdwenen en maakt plaats voor een nieuwe harmonie met een getemperde maar rustige vreugde. (1960 TV door George Schaefer met Richard Burton . Prospero onderwerpt met zijn toverstaf twee geesten die op het eiland wonen: Ariël (geest van lucht en vuur) en Caliban (het monster van aarde en water). Ook Shakespeare heeft zich hieraan niet kunnen onttrekken. en daarbij wordt de toekomstige grootheid van Engeland voorspeld. in diverse verhalen over schipbreuken. Prince of Tyre Het verhaal van Apollonius van Tyrus. Leontes. zoon van Polixenes. is getrouwd met Hermione. De nabloei. en begraaft zijn toverstaf. Het stuk gaat over de regering van Henry VIII. en zijn door piraten geroofde dochter Marina terug. Prospero. The Winter’s Tale Naar de roman van Robert Greene: ‘Pandosto or the Triumph of Time’ (1588). Zij wordt verliefd op Florizel. Na allerlei gebeurtenissen en complicaties loopt alles goed af. De geschiedenis: een geheel van onwaarschijnlijke avonturen en dramatische verwikkelingen (te ingewikkeld om na te vertellen) is een typische romantische en barokke tragi-komedie. in 1607 herdrukt als “Dorastus and Fawnia”. Als een schip met Antoniem en de koning van Napels komt langsgevaren.1982 door Paul Mazursky . koning van Sicilië. waar blijkt dat zij de verloren dochter is van Leontes.. Prospero vergeeft zijn vijanden.96 3. . werd o. Imogen. Zijn twee zoons – die hij dood waant. in een pastoraal milieu. Cymbeline is koning van Britannië ten tijde van keizer Augustus. Het dochtertje dat zij ter wereld brengt laat hij daarom verloren leggen. die alle reizigers op het eiland werpt. ontketent Prospero een storm. en met zijn dochtertje Miranda op een gammel scheepje op zee gejaagd. Het Engelse toneel evolueerde na Elisabeth (+ 1603) naar een meer pralerige.

zelfs al bood de Globe volgens berekeningen plaats aan tweeduizend mensen. Gordijnen en decors ontbraken en alle acteurs kwam op via de achterkant van het toneel. gepersonifieerde manier. (Het oprichten van goed georganiseerde toneelgezelschappen had in 1572 een belangrijke stimulans gekregen door een koninklijk decreet. Als uitvloeisel hiervan werd het eerste officiële gezelschap van acteurs gevormd in 1574 en het eerste permanente theater in 1576 in Londen gebouwd). aangemerkt moesten worden als schurken en landlopers en zodoende moesten worden gestraft. de Lord Chamberlain’s Men. Gedurende het grootste deel van zijn werkzame leven was Shakespeare bezig met toneelstukken schrijven die bestemd waren om in het ‘Globe Theatre’ te worden opgevoerd. vanwege hun associaties met de ‘Oude Religie’. ° elke toeschouwer in de zaal is. de toneelspelers bevinden zich als het ware tussen het publiek. Shakespeare werkte (zoals hoger vermeld) voor één bepaald gezelschap. Boven de balkons was een dak en boven het toneel was een verhemelte. heel dicht bij de acteurs. Het ‘Genre’. ° De moraliteiten toonden het conflict van abstracte deugden en ondeugden op een beeldende. De voornaamste eigenschappen: ° geen overgordijnen en geen decor. een groot publiek had van mensen die waren getraind in het appreciëren . maakten ook zij dezelfde intieme indruk. Omdat het publiek in de overdekte en particuliere theaters klein was. in een cyclus van levendige scènes waarin het heilige en het komische probleemloos hand in hand gingen.dat bij de troonsbestijging van Koning Jacobus I in 1603 omgedoopt werd tot de King’s Men. die stipuleerde dat alle toneelspelers die niet de bescherming genoten van het koninklijk huis of de adel. relatief gesproken. Winter’s Tale en The Tempest – zijn duidelijk merkbaar. Het toneel stak naar voren uit tot in de centrale arena en besloeg een ruimte van ruwweg dertien bij acht meter. toch was het een intiem theater. Onder koningin Elisabeth werd krachtdadig tegen het opvoeren van mysteriespelen en moraliteiten opgetreden. Theatergezelschappen. Anders dan de Globe was het ‘Blackfriars Theatre’ een geheel overdekt gebouw waarvan de vorm eerder langwerpig dan veelhoekig was Maar desondanks was er niet zo erg veel verschil. en dus geen afwisseling van korte scènes en geen externe aanduidingen van de plaats van de handeling: rekwisieten en decors moesten voor de ogen van het publiek op toneel gezet en weer weggehaald worden en daarom tot een minimum worden beperkt. Het was een (zie boven) een veelhoekig. ° De mysteriestukken werden op straat opgevoerd door de middeleeuwse gilden en beelden de heilsgeschiedenis uit van Adam en Eva tot aan het laatste oordeel. Maar deze middeleeuwse toneeltraditie zorgde ervoor dat Sh. houten gebouw met drie balkons.97 De theaterpraktijk. De mensen in de zaal voelen zich hierdoor meer medespelers dan toeschouwers. maar in het middengedeelte hadden zon en regen vrij spel. Het toneel vóór Shakespeares tijd bestond voornamelijk uit mysteriestukken en moraliteiten. Het Blackfriars Theatre moet veel geleken hebben op de eetzalen van de particuliere gebouwen waarin het gezelschap van Shakespeare ook gespeeld heeft. De toegangsrijzen lagen echter hoger en er werd een grotere hoeveelheid machinerieën gebruikt om het toneeleffect te creëren: de consequenties daarvan voor de stukken die Shakespeare na 1608 schreef – Cymbeline. een ‘Wet ter bestraffing van de landlopers’. ° de acteurs kunnen niet van de zijkant opkomen: ze komen allemaal via achter.

dragen alle anderen heldere kleuren. zelfs toen tijdens het bewind van Koning Jacobus I de toegangsprijzen voor de schouwburgen omhoog gingen en andere toneelschrijvers zich meer en meer gingen rechten op het welgestelde deel van het publiek. ‘de moordenaar die voortschrijdt als een geest’. De ‘Acteerstijl’. maar zijn kunst bleef geworteld in het volkse. Ten tijde van Shakespeare deed men geen enkele poging om tot fotografisch realisme te komen. De acteur ontwikkelde immers de kunst van het ‘voortglijden’ het zich zeer snel bewegen zonder te rennen. Het voornaamste verschil tussen de Elisabethaanse manier van acteren en de huidige moet ‘vaart’ geweest zijn. Macbeth zat met het probleem hoe hij met zo min mogelijk drukte van de voorkant van het toneel naar de uitgang aan de achterkant kon komen: zijn beschrijving van zichzelf. verwoordt hij ongetwijfeld de visie van Shakespeare op deze materie) ‘Regie. Met andere woorden. maar toch is onze aandacht vanaf het begin van de scène op hem gefixeerd vanwege de kleur van zijn kleren) Behalve het gebruik van kleurrijke kostuums werd ook de symbolische werking. Rivaliserende legers – en zelfs rivaliserende families. was alert op symbolische analogieën en contrasten en op de personificatie van abstracties. moest hij een afstand van dertien meter zó snel overbruggen dat niemand er erg in had. laten we zeggen. (Als Hamlet de toneelspelers opdraagt ‘de toespraak…. Zijn volledig zwart pak springt echter zó in het oog dat zelfs een blind paard het niet kan missen – het duurt drieënzestig regels voor Hamlet zijn mond open doet. is precies wat hij op het punt staat te doen.) ° In de derde plaats de vaart waarmee de tekst werd gesproken: in een intiem theater zonder een strakke afscheiding tussen acteur en publiek was ‘declameren’ van tekst. Sh. Sh.en productie-aspect’. die wat ze zagen op zijn waarde wisten te schatten: het zijn géén passieve toeschouwers. Sh. ° In de tweede plaats de vaart waarmee men zich over het toneel bewoog: als een toneelspeler van achteren moest komen om ogenblikkelijk een monoloog vooraan op het toneel te houden. die kan uitgaan van het groeperen van sommige acteurs of het op toneel tegenover elkaar plaatsen van anderen. kon rekenen op een publiek dat getraind was om toneelstukken op een bepaalde manier te bekijken en in tegenstelling met.98 van volksdrama. Het publiek van Sh. ========================= . (Wn. ° Het kwam voor dat de kostuums volledig anachronistisch waren – met Grieken en Romeinen die er als Elisabethanen uitzagen – maar er werd druk gebruik gemaakt van de mogelijkheid om kostuums een symbolische betekenis mee te geven. taboe. was zich bewust van de mogelijkheden die het klassieke (het Latijnse) schooltoneel van de Renaissance bood. was altijd in staat om tegelijkertijd de hovelingen en het volk aan te spreken. (Als Machete op het punt staat het toneel af te gaan om Duncun te vermoorden spreekt hij over ‘de moord die zich met verwoestende schreden voortbeweegt als een geest’. Hamlet voor de eerste keer opkomt tijdens de raadsvergadering. lichtvoetig over de tong te laten dansen’. volledig uitgebuit. het Franse klassieke toneel steunde het unieke karakter van het Elisabethaanse toneel op een lange traditie van volkstheater. Er werd trouwens ook veel geëist van de fantasie van het publiek. en hun oren waren afgestemd op subtiele nuances van toon en tempo in de manier waarop de tekst werd gesproken. ° In de eerste plaats de vaart waarmee het stuk werd opgevoerd: er hoefde geen doek op en neer te gaan en er waren geen uitgebreide decorwisselingen – de overgang van de ene naar de andere scène werd eenvoudigweg aangeduid doordat er een moment lang geen acteurs op het toneel waren. zoals in Romeo en Juliet – gingen gekleed in duidelijk van elkaar verschillende kleuren.

99 De Renaissance in Frankrijk. haar vurige passie. maar van slaafse navolging is geen sprake. In dit manifest wordt het Frans als literaire taal verdedigd. slordig en onbeschaafd. Zij schreef slechts 24 sonnetten en 3 elegieën. Hij tracht door zijn innerlijk leven. Zijn verzen zijn tegelijkertijd zeer intiem en tevens zeer beheerst. prachtige tuinen werden aangelegd. dat werd opgesteld door Joachim DU BELLAY (1522-1560). beknopt en rijk aan inhoud. Het werk van Maurice SCEVE (1500-1560) vormt de overgang van de rederijkerij naar de renaissancekunst van de Pléiade. Door contact met de . De dichteres staat sterk onder de invloed van Petrarca. wetenschap en liefde. In zijn werk vinden we het losse levens-genieten. maken deze sonnetten tot hoogtepunten van de Franse Renaissancelyriek. Frankrijk had reeds vroeg de uiterlijke pracht en praal van de Italiaanse Renaissance overgenomen. erudiet en vol passie. het epigram…… Onder zijn invloed ontstaan er enkele belangrijke humanistische centra: Parijs en Lyon. Nog te onthouden is het zeer kleine literaire werk van Louise LABE (1524-1566). zijn denkwereld. Om godsdienstige redenen vluchtte een der belangrijkste rederijkers m. beschaafde spot en Franse “esprit”. Rond 1547 verenigen een aantal jongeren zich omwille van hun gezamenlijk humanistische belangstelling. Het vertrekpunt van hun beweging (die aanvankelijk ‘La Brigade’ noemde) was het manifest ‘Défence et illustration de la langue francaise’ (1549). Zijn bundel Délie. het zoeken naar zuiverheid en eenzaamheid in zijn verzen uit te drukken. Bembo) en de voornaamste levensstijl aan het hof leerde kennen. Het hoofdthema van deze gedichten is de liefde. LA PLEIADE: We beleven de volle bloei van de Franse Reanaissance-poëzie met de opkomst van de Pléiade. objet de la plus haulte vertu geeft een synthese van zijn uiteenlopende interesse: petrarkisme. Prachtige paleizen werden gebouwd. platonisme. Haar grote spontaniteit in het bekennen van haar gevoelens. haar vrouwelijke intuïtie en oprechtheid. alles werd met beeldhouwwerk versierd. wandtapijten en schilderijen. maar deze taal moet eerst gezuiverd en veredeld worden. Clément MAROT (1496-1554) naar Italië waar hij het klassieke humanisme (Petrarca. Hij maakt ook de Italiaanse genres in Frankrijk bekend: het sonnet. In de letterkunde bleven echter de laat-middeleeuwse Rhétoriqeurs de toon aangeven. Hiermee is hij de eerste Franse Renaissancedichter.n. Het middeleeuwse Frans is pover.

die de zorg voor hem op zich genomen had. ô mon ame au plus hault ciel guidée : Tu y pouras recongnoistre l’Idée De la beauté. groeide op aan het hof en werd secretaris van de ambassadeur in de Elzas (1540). In 1547 ontmoette hij Ronsard. In de omgang deed hij zich voor als een verfijnde edelman die verliefd was op verfijnde contacten. De Pléiade ijverde ook voor het invoeren van de beelden en symbolen uit de klassieke mythologie. Hij besloot zich aan de studie en de dichtkunst te wijden. waardoor het gebruik van antieke goden en helden soms voor een bloedeloos spektakel zorgde. In 1549 publiceerde hij het manifest Défence et illustration de la langue francaise. waarin hij zijn liefde voor de courtisane Faustine bezingt. Dit betekent een radicale breuk met de middeleeuwen. Divers jeux rustique en de Poemata. de Pléiade vormen. In 1545 ging hij rechten studeren in Poitiers. dans en spel. Alexandrijnse sonnetten waarin de dichter op zeer persoonlijke wijze uiting geeft aan zijn teleurgesteld verblijf in Rome en het heimwee naar zijn geboorteland.100 klassieke talen kan men het Frans zijn volle waardigheid en schoonheid geven. Belangrijk in dit verband is het het 93ste sonnet waarin de Platonische gedachte op poëtische wijze wordt uitgedrukt: ‘Si notre vie est moins qu’une journée / En éternel… La. bezingen de lichamelijke en zedelijke schoonheid van de vrouw. (werd begraven in een kapel van de Notre Dame) Schreef verder nog : De dichtbundel “l’Olive” (1558). in 1560 uitgebreid tot een geheel van 115 sonnetten. en volgde Ronsard naar Parijs. Dikwijls werd de geest van de literatuur uit de Oudheid onvoldoende begrepen. Zijn denken was meer gericht op de Latijnse dan op de Griekse cultuur. Zijn opleiding werd verwaarloosd door zijn veel oudere broer. Hij is hier de spreekbuis van de groep dichters. Rome overweldigde hem terstond door de grootsheid en de verhevenheid van zijn ruïnes. Du Bellay verloor op zeer jeugdige leeftijd zijn ouders. in verzen die hem een ereplaats hebben bezorgd onder de neo-Latijnse dichters van zijn tijd. Zijn indrukken en dromerijen over het grote verleden. qu ‘en ce monde j’adore. liet zijn studies varen. Maar eigenlijk voelde hij zich erg eenzaam en door het leven teleurgesteld. mooie vrouwen. Les Regrets is een bundel. (1524-1584) Frans dichter. Maar doofheid als gevolg van een ernstige ziekte (1542) dwong hem een andere loopbaan te kiezen. die onder leiding van Ronsard de nieuwe dichtschool. liefdespoëzie in navolging van Petrarca. Les antiquitez de Rome (1558) is een poëtische reisgids met meditaties. . Het is geestdriftig pleidooi voor de eigen taal. waaraan de ruïnes herinneren vinden we terug in dit werk. Deze 15 sonnetten. Pierre RONSARD. zoon van een hoveling van koning Frans I. hoofse omgang.

Horatius en Petrarca waren hier zijn meesters. Ronsard wil de Pindarische Ode in Frankrijk invoeren. Dit komt ook tot uiting in zijn fijne en bekoorlijke natuurbeelden. ze is diepmenselijk. Marie Dupin. Zij schreef bijvoorbeeld een allegorisch gedicht Les Prisons. Het mengsel van zielsverfijning. Van jongs af heeft zij hem vele aangename uren en troost bezorgd. Centraal staat de figuur van de Muze. Het is een vrije navolging van Boccaccio waarin echter een aantal vulgaire en triviale verhalen opgenomen werden. die steeds bekoort door gratie en fijne tact. waarin hij de ellende van de godsdienstoorlogen aantoont en het katholieke standpunt verdedigt. dat pas veel later verschijnt (1578) Sonnets pour Hélène. die de dichter inspireert tot verheerlijking van aardse en hemelse vreugden. . Belangrijk zijn nog zijn tijdsgedichten die hij als hofdichter schreef. Hij publiceerde drie “discours” in alexandrijnen. maar zij zijn glanzend voornaam van vorm en doordrongen van erotische zinnelijkheid. en het hunkeren naar geborgenheid en vrede. ook in de Nederlanden volgden de renaissancedichters hem na (Jan van der Noot e.a. die zijn dichtkunst fris en helder maken. Haar hofhouding stond sterk onder de invloed van Italië. publiceerde hij zijn ‘Quatre premiers livres des Odes’ 1550. is ontstaan uit de liefde van de oudere dichter voor een jongere vrouw (Hélène de Surères. De vorm is zeer ingewikkeld en het thema is meestal een heroïsche gebeurtenis. Meer dan andere dichters van zijn tijd beschikte Ronsard over een fijn gevoel voor ritme en stijl. Het was een cultureel verfijnd milieu. Deze poëzie legt minder het accent op het zinnelijke. Maar tot op vandaag blijft hij een aristocraat van de poëzie! Marguretie DE NAVARRE Margaretha van NAVARRA : (1492-1549) Zij geldt als de voornaamste renaissanceprinses. vol verbittering. die hij tijdens een jachtpartij toevallig ontmoet. religiositeit en grove boertigheid bij deze vrouw zijn merkwaardig. in een klooster bij Tours. in 1952 gevolgd door een vijfde boek. Soms geven deze gedichten een conventionele indruk. Het derde deel. gezochte duisternis en cerebraal pathos om effecten te bereiken. Eerste bundel van zijn Amours: Les amours de Cassandra (1552) zijn 181 sonnetten geïnspireerd door zijn liefde voor een meisje dat hij in Touranie ontmoette. waarin het Platoonse en het christelijke denken vermengd worden. Het tweede deel : Les amours de Marie (ca. Vaak vervalt hij echter in koele hoofsheid. Zijn invloed reikte tot ver over de grenzen van Frankrijk. Zijn poëzie was bestemd voor de literaire elite. Betekenis en Invloed : De voornaamste betekenis van Ronsard ligt in zijn vormkunstenaarschap. Het is trouwens typerend voor deze eeuw die zweert bij het evangelie én de Decamerone. een eredame van Catharina de Medici). Zijn “Discours sur les misères de ce temps” behoort tot zijn beste werk. Deze bundel overtreft de vorige. doordrongen van geestelijke nostalgie.) In eigen kringen raakte hij steeds meer op de achtergrond en trok zich uiteindelijk terug. 1555) is gewijd aan zijn liefde tot een eenvoudig dorpsmeisje. Zij schreef ook een uitvoerige theologische discussie: Le Miroir de ‘l âme pécheresse Haar meest bekende werk is echter haar onvoltooid gebleven verzameling Heptaméron. Ronsard heeft veel aandacht voor de natuur. waar ook een platoons-mystieke en religieuze beweging merkbaar was.101 Werken : Geïnspireerd door Horatius en Pindarus.

en als de eerste van de grote Franse prozaïsten. In dit boek spot Rabelais met de maatschappij van zijn tijd. dat aanvankelijk Les grandes et inestimables chroniques du grand et énorme géant Gargantu noemde. Het interessantst is de karakterisering en de observatie van de menselijke driften. soms realistisch tot het obscene toe. Hij werd franciscaan.102 Vijf dames en vijf heren vertellen elkaar 72 verhalen. Zijn groteske verhalen schreef hij om zijn tijdgenoten te vermaken. Werken : Zijn voornaamste werk is het verzamelwerk Gargantua et Pantagruel. Studeerde medicijnen eerst te Parijs – waar hij een relatie aangaat met een weduwe die hem twee kinderen schenkt. In zijn proza verwerkte hij de volkstaal van de sotternijen en mysteriespelen. maar ook om er iets uit te leren. François RABELAIS : (1490-1553) Frans geneesheer. herschreef hij met toevoeging van een zeer scherpe satire. onder schuilnaam. en noemde het La vie inestimable du grand Gargantua. Rabelais is een overgangsfiguur: hij geldt zowel als laatste in de rij van de Franse en Italiaanse verhalenschrijvers uit de ME. (de authenticiteit van het vijfde boek wordt betwist) Het eerste boek. personen uit haar eigen hofkring. dat eigenlijk bestaat uit vijf boeken. père de Pantagruel. leidde een losbandig leven en keerde naar het einde toe terug in zijn geestelijke staat. Zijn verbluffende woordenschat putte hij uit alle dialecten van Frankrijk en vulde deze aan met talrijke zelfgemaakte woorden en uitdrukkingen. met de opvoeding. soms ernstig moraliserend. het zinloze van de oorlog en het losbandige leven in sommige abdijen. later benedictijn (1524). waarna hij de monnikspij aflegt en wereldlijk priester wordt – nadien te Montpellier. . (zo is ‘Parlemente’ Margueritte zelf) De verhalen zijn soms hoofs. Hij stierf als pastoor te Meudon. Was lijfarts van kardinaal De Bellay. De vertellers zijn. humanist en schrijver. Tot op vandaag wordt hij gewaardeerd als subliem woordkunstenaar.

die tevens voor de komische noot zorgt. Nat. spot Rabelais met de scholastiek. In het derde boek Le Tiers livre des faits et dits héroïques du bon Pantagruel. De schrijver maakt van de gelegenheid gebruik om zijn opvattingen over het huwelijk en de vrouw uiteen te zetten. maar is uiterst zwak. Dit antwoord is slechts duidelijk voor diegenen die reeds op voorhand klaar zien. De zoon van Gargantua krijgt een dienaar. L’Isle Sonnante beschrijft de aankomst van Pantagruel.) . illustratie uit ‘Pantagruel’ (Parijs. In dit boek wordt reeds duidelijker dat Rabelais zich verzet tegen elke beknotting van de vrijheid. Het antwoord van het orakel op de vraag van Panurge luidt. Het vierde boek Le Quart Livre is een reisverhaal van Pantagruel en zijn knecht Panurge op zoek naar het bevrijdende orakel dat hen de zin van het leven zal mededelen. De visie van Rabelais is hier heel wat pessimistischer: de mens heeft hoge idealen. een schurk eerste klas. La Dive Bacbuc. Het vijfde boek. Panurge en hun makkers op het eiland waar de goddelijke fles :De Dive Bouteille. Ook de vrouw heeft recht op vrijheid. Geniet van het leven en zoek niet naar de oplossing van grote problemen. dat postuum werd uitgegeven. is ondergebracht. heel kort : “Drink”. Bibl.103 Het tweede boek Les faits et dits héroîque du bon Pantagruel. fils de Gangantua.De vraag of Panurge zal trouwen of niet is blijkbaar niet te beantwoorden. Panurge. handelt over de « heldendaden » van Pantagruel.

Hij genoot een bijzonder verfijnde renaissance-opvoeding.104 Michel MONTAIGNE: (1533 – 1592) Frans filosoof. Ze hebben in belangrijke mate aandacht gewekt voor de menselijke psychologie. Zijn voornaamste devies is ‘maat houden. burgemeester van Bordeaux. Middenin de godsdienstoorlogen verdedigt hij een ruime tolerantie. (toren staat nog overeind) Over zijn werk : Zijn gedachten legde hij vast in zijn Essays. Duitsland en Italië. zijn hebbelijkheid. hartstochten die op verkeerde objecten worden gericht. In het eerste boek gaat het voornamelijk over menselijke aandoeningen als droefheid. Maakt enkele grote reizen door Zwitserland. is later verbonden aan het parlement van Bordeaux. De laatste jaren bracht hij door op zijn kasteel. Hij was een overtuigd katholiek die in de absolute waarheid geloofde. aandoeningen van het gemoed en ondeugden. Hij bezint zich voortdurend over zijn gedragingen en motivatie. Maakt in 1558 kennis met Etienne de la Boéthie. Het goede voorbeeld. Boek twee behandelt de menselijke activiteit. magistraat. Wordt raadsheer. Er wordt uitvoerig stilgestaan bij: de wreedheid. het doel in het oog houden en de natuur volgen. Zoon van Pierre Equem. Het ontwikkelde zich van verzamelingen citaten van klassieke schrijvers met aantekeningen tot zelfstandige filosofische verhandelingen. Zijn leven was voornamelijk geconcentreerd rond de studie en het nadenken over allerlei filosofische en godsdienstige vragen. die hem reeds vroeg in de klassieke letteren en de filosofie onderwijst. meer dan het voorschrift speelt hier een belangrijke rol. Het zijn losse aantekeningen. Hiermee heeft hij de basis gelegd voor de psychologische ontleding die in de latere Franse letterkunde een enorme betekenis zal krijgen. essayist. zonder vaste lijn genoteerd. met als motto: “Que sais-je?” De werkelijkheid is voortdurend veranderend en men moet vermijden zich al te zeer te engageren. dichter van sonnetten. In boek drie wordt ons een soort moraal gegeven. Hij maakt zich los van alle systemen en evolueert naar een scepticisme. Van 1581 tot 1583 burgemeester van Bordeaux. maar hij wilde dit geloof aan niemand opdringen. van wie hij er later 29 in zijn Essais zal citeren onder het pseudoniem van ‘Monsieur de Foix’. overpeinzingen en fragmenten. alle mogelijke ondeugden en hebbelijkheden en gewoonten.Zo werd hij elke morgen gewekt met muziek en had hij een Duitse huisleraar met wie hij enkel Latijn mocht spreken. Zijn werk vertrekt uit een streven naar de grootst mogelijke levensvrijheid. De Essays van Montaigne vormen een nieuw literair genre.’ ==================================== . Hij was de belangrijkste essayist van de Renaissance. Een aantal van zijn bedenkingen zijn autobiografisch.

1595) Nederlands. een bundel van sonnetten. (1535. gevolgd door een Nederlandse vertaling van de psalmen die Marot enkele jaren daarvoor in het Frans had vertaald. de Franse versie is ouder dan de Nederlandse.a. majestueus en aandoenlijk tegelijkertijd. van hooggeplaatste personen aan wie hij door zijn lofdichten onsterfelijkheid geeft. Was ook geïnteresseerd in alles wat met geleerdheid en cultuur verband hield. had veel gelezen. bezingt hij. De Frans-Nederlandse editie telt 1044 verzen. De schrijvers die in de Nederlanden het gezicht van de vroeg-renaissance bepalen zijn.(B) dichter. Na in Parijs de dichters van deze groep ontmoet te hebben. een heldendicht van meer dan tweeduizend verzen.105 De Renaissance in de Nederlanden. Jonker Jan van der Noot. zelfverzekerd en levendig. Carel van Mander. Rond 1570 verschijnt in Londen Het bosken. van zijn geliefde. een edelman uit Brecht in de buurt van Antwerpen. die het goede en het schone belichaamt. Dicht o. zoals Ronsard in diens Hymnes. Dirk Volckersz. In Londen publiceert hij zeer vernieuwende boeken. het eerste grote werk in het Duits in renaissancestijl. Spiegel en Roemer Visscher.ca. Jonker Jan van der Noot. Opmerkelijk is Het Theatre oft toon-neel (Londen 1568). Belangrijk is Das Buch Extasis (1576). geestig. In dit heldendicht wordt de overwinning bezongen die de dichter behaalt op de machten van de hel. Het gedicht is helder en verheven van aard. gevolgd door een soms heftig anti rooms katholiek prozabetoog. . sprak en schreef verscheidene talen. Coornhert. Zijn calvinistisch geloof dwong hem Antwerpen te verlaten en naar Engeland te vluchten. Gedichten naar het voorbeeld van Petrarca en Du Bellay. Bij elk gedicht hoort een gravure van Marcus Gheeraerts . evenals later in Keulen. Kunstzinnig. sonnetten en oden. van Brabant en van de Brabantse taal. de ‘razernij’ en het bezeten karakter van de inspiratie. Hij is een echt renaissance-dichter: verheerlijker van het dichterschap. Van der Noot neemt de ideeën en de stijl van de Pléiade over en past ze aan de Nederlandse omstandigheden aan. die beschouwd wordt als Van der Noots meesterwerk. treurdichten en epigrammen. Hierin bezingt hij de vergankelijkheid van het aardse en de zekerheid van de Goddelijke liefde. H. zijn kroning en zijn huwelijk met zijn beminde Olympia.L.

‘Die nacht’ en dagh’ my soo virigh doen blaken Deur een godlijck en seer eerlijck ver-maken’ Dat mynen geest. en myn hert heur ont-stellen Deur dezen brandt. graveur.) Coornherts poëtisch talent werd duidelijk met de uitgave van de Dolinghe van Ulysse : De eerste 12 boeken van Homerus’Odyssea (later met 6 vermeerderd). Hij vond slechts rust bij zijn stoïcijnse levenshouding die met een zelfde gemoedsrust geluk en tegenslag accepteert.106 Io! Peam! Ik ghevuel in myn sinnen Al-sulken vreugdt en yver heet van binnen.Boccaccio’s ‘Decamerone (voor de helft : Vijftig Lustighe Historien. Ontving als zoon van een welgesteld Amsterdams lakenkoopman wel een goede opvoeding (inbegrepen een reis naar Spanje en Portugal). maar zonder Latijns-humanistische vorming. en yver die my quellen O welken vreugdt! O wat gheluc en eere. spiritualistisch theoloog en moralistische wijsgeer. door reformisten én contrareformisten. O.Seneca’s ‘De Beneficiis’. . Coornherts werken zijn veelomvattend. .Cicero’s ‘De Officiis’ (met een taalkundige en puristische inleiding die de ‘Twe-spraack’ aankondigde. Het gevolg was dat hij zijn hele leven vervolgd werd. die de wreedheden en de onrechtvaardigheden evenzeer bij reformist als contra-reformist aanvalt. Nederlands (N) dichter. prozaschrijver. wat een genot! Wat een koninklijk goed als God afdaalt in het hart van een arme sterveling. ik voel een vuur oplaaien in mijn geest. in het diepst van mijn gedachten dat mij dag en nacht met zulk een zachte en bekoorlijke razernij vervult dat mijn gemoed en geest geheel van slag raken door de gloeiende ijver die zich met verdubbelde kracht in mij baan breekt. als in ons neer daeldt ons Godt en Heere! (Jan van der Noot. verleende hem toegang tot de humanistische en theologische wijsheid. klankvolle en plastische Nederlandse verzen. Zijn studie van het Latijn en de Latijnse letteren. . polemist. overgezet in vloeiende. (1522-1590) O. Latijn leerde hij pas op latere leeftijd. Hij was een merkwaardig figuur! Hij is de man die hartstochtelijk kiest voor het niet kiezen. Ist. Olympiade) Dirck Volckertszoon Coornhert. Zijn vooruitstrevende geest en humanistische sympathieën kwamen aan het licht door de uitgaven van de drukkerij die hij samen met Jan van Zuren te Haarlem bestuurde : .

Rogier van der Weyden. Met de Dolinge van Ulysse is de “Zedenkunst dat is Wellevenskunste” Coornherts belangrijkste literaire prestatie. Allegorie en moralisatie bleven echter gehandhaafd. waarvan de Comedie van Lief en Leedt (in 1567 in de Gevangenpoort geschreven) en de Comdie van de Blinde voor Jericho (na 1575) de bekendste zijn. Beroemd blijft hij vooral van Het Schilder-Boeck dat in 1604 in Haarlem verscheen. naar naakt model werd gewerkt. Het was een gedeeltelijke vertaling van Vasari’s boek. Het Schilder-Boeck werd voorafgegaan door een leerdicht.Spiegel. In die ‘Zedenkunst’ (1585). ook de vaak levendige en beeldende stijl springt in het oog. vertrok in 1573 naar Italië. geschreven in vijfvoetige jamben: Den Grondt der Edel Vry Schilderconst. Bij zijn terugkomst drie jaar later kwam hij niet alleen terug met een verrijkt inzicht in de klassieke beeldende kunst. . Die deugd valt in vier deugden uiteen: Wijsheid. schilder en schrijver over kunst 1511-1574) geschreven had over antieke en Italiaanse schilders. Ze vertonen een typische ontwikkelingsgang van rederijkersdrama tot een reeds enigszins klassiek blijspel. Hij had veel invloed op de jongeren. de vijf delen krijgen een compositorische functie. Carel van Mander. maar ook met.de ‘hebbelijkheid’van de deugd kan bereiken. ook gaan er ‘koren’ optreden. En niet alleen inhoudelijk is het boek belangrijk. Rechtvaardigheid.107 Tot Coornherts belangrijkste werken behoren : Zijn ‘Comedies’. Jeroen Bosch. (1548-1606) Schilder. Hans Holbein. maar aangevuld met biografietjes van en beschouwingen over eigentijdse en eigenlandse schilders als de gebroeders Van Eyck. Kracht en Matigheid. een innovatie in het noorden. waar o. beeldend proza de levens beschrijft van de schilders van de oudheid en die van de Italiaanse.a. het boek dat Giorgio Vasari (Italiaans architect. Hierin ziet men de kunsttheoretische opvattingen van zijn generatie weerspiegeld. Pieter Breughel. opgedragen aan zijn vriend H. In Haarlem vestigde hij een soort academie. Albrecht Dürer. wordt de weg behandeld waarlangs de mens de ‘habitus’. Nederlandse en Duitse schilders. schrijver en dichter van Zuid-Nederlandse afkomst. in zijn reistas.L. Het boek is van onschatbare waarde voor de kunstgeschiedenis. vooral door zijn geschriften. Sinds 1583 gevestigd in Haarlem. en waarin hij –naar voorbeeld van Giogio Vasari – in levendig.

Spaanse en Franse taal. waarin het ritme van de M. nog nawerkt. de rooms-katholieke zedenleer en het Erasmiaans humanisme. koopman. een verheerlijking van Holland en de Hollanders en een pleidooi voor de ouderdom en de rijkdom van de moedertaal. In deze werken bepleit hij de betekenis van het Nederlands als cultuurtaal. en beter als dichter dan als schilder. Als bezwaar kan genoemd worden dat Spiegel in zijn versleer nog teveel op het rederijkersstandpunt staat en dat hij temidden van de veelheid van dialecten nog geen norm weet te vinden voor de beste uitspraak van het Nederlands. beveelt taalzuivering aan en de toepassing ervan in de praktijk. Hoezeer hij renaissancist is. de klankleer. Alle vier werken verschenen anoniem. de leer der woordsoorten. Het werk is geschreven in dialoogvorm. Ze geven blijk van een sterke beïnvloeding van Valerius en andere humanisten.a. dat in 1614 postuum verschenen is. Als dichter was hij een overgangsfiguur: zijn jambische verzen zijn een op het tellen der lettergrepen berustende klankenreeks. Doel van dit werk is de Nederlandse taal te verheffen tot het peil van de Italiaanse. . de prosodie. een groot onvoltooid gedicht over de deugdzaamheid. Hij was sterk verwant met Coornhert. enkele syntactische problemen en de woordvorming.108 Van Mander was beter als schrijver dan als dichter. en dringt er op aan de colleges aan dat de Leidse hogeschool in de landstaal worden gegeven. de uitspraak. (1549-1612) Noord-Nederlands humanistisch schrijver. behoorde tot de eerste renaissancisten in NoordNederland. Zijn devies ‘dueghd verhueght’ typeert hem: wars van partijschap en tweedracht had hij hoge ethische opvattingen geënt op de klassieke ethica. dialectica en retorica uit. door haar te versieren en te verrijken. Op naam van de Amsterdamse rederijkerskamer ‘De Eglantier’ gaf Spiegel vier werken over grammatica. Behandeld worden o. Spiegel. de buiging. Zij hebben nog niet de gladheid en zoetvloeiendheid van de onmiddellijk na hem komende renaissancedichters. blijkt uit zijn ethisch-wijsgerig werk Hertspiegel. °Twe-spraack vande Nederduitsche Letterkunst / ofte Vant spellen ende eygenscap des Nederduitschen taals. De wat dorre stof wordt omrankt door een fel rekwisitoor tegen de bastaardwoorden. (1584-1587). de Twe-spraack° met een voorwoord van zijn vriend Coornhert.E. Hendrick Laurensz.

In het begin van de 17de eeuw werd het Roemerhuis een vrolijk ontmoetingscentrum van . maar blind). Materialisme en naam-christendom bestreed hij. maar de praktische. Hij was lid van de rederijkerskamer De Eglantier en rekende o. de ethische opvattingen zijn verwant aan die van Coornhert’s Wellevenskunste. maar de veelal gedrongen zinsconstructies en gekunstelde neologismen maken het tot een ‘moeilijk’. met de jongere zoon Pieter. Poot. Uitgangspunt is voor hem : de volstrekt vrije wil. deden aan glas graveren (dochter Anna verwierf hier grote naam in) en andere vormen van kunst. acht liederen. Spiegel tot zijn vrienden. maar ook als een idealist : het niet bedorven verstand kiest vanzelf het goede en het schone. Man kan hem typeren als een rationalistische optimist. Hierin heeft hij zijn godsdienstige en ethische denkbeelden samengevat aan de hand van de aanhef en de eerste bede van het onzevader. grote invloed uitgeoefend op Hooft. dat de eerste twee moet leiden. hij bewonderde Erasmus en Montaigne. geschreven in alexandrijnen. De drie zielekrachten die de Natuur geeft zijn : de geneigdheid (de ziel is van nature goed. Cebes en Epictetus. Het hoogtepunt in zijn dichterlijk oeuvre wordt gevormd door zijn Lieden op ’t Vader ons. elk van negen korte verzen met drie accenten per regel. en ook na zijn dood. niet de speculatieve. bespeelden allerlei muziekinstrumenten. tekenden. De kerngedachte kan weergegeven worden met zijn zinspreuk. bestaande uit zeven zangen van ca. Zijn drie dochters Anna. soms tot een ‘hermetisch’ werk.109 Hart-spiegel is Spiegel’s hoofdwerk. De christelijke en antieke gedachtewereld vermengde hij: Christus stond voor hem op één lijn met Sacrates. Spiegel heeft als leider van ‘De Eglantier’ . Maar er zitten ook zaken uit de ideeënwereld van de late M. Bredero. ook blind) en het vernuft (de rede. Hendrik Laurensz. Verloor vroeg zijn beide ouders.m. tezamen 77 strofen. in zijn werk. de moed (de levensdrift. Het is een zedenkundig dichtwerk. Beroepshalve was hij ook graanhandelaar. Spiegel voelde zich sterk aangetrokken tot de filosofie. zijn devies ‘Dueghd verhuecht’. Roemer Visscher.E. Er komen fraaie natuurbeschrijvingen in voor. 500 regels elk. Kerktwisten verfoeide hij. werden voor die tijd hoogst ‘modern’ opgevoed : zij leerden Frans en Italiaans. Geertruy en Maria Tesselschade. het oog der ziel). (1547-1620) Nederlands dichter. Vondel. maar kreeg een verzorgde opvoeding: hij las Frans en Latijn en enig Italiaans.

mag men deze boekjes. Zij vertaalde ook Les cent emblèmes chrestiens van de hugenootse dichteres Gerogette de Montenay. In 1620 gaf ze een gewijzigde en vermeerderde herdruk uit van haar vaders Sinnepoppen. beschouwen als een opmerkelijke literaire uiting van de Hollandse burgerij omstreeks 1600. een aantal jammertjes (= elegieën) en enkele grotere gedichten zijn opgenomen. een aantal tuyters (= sonnetten. door haar o. Visscher de emblematabundel voorzien van tweeregelige versjes en het proza van haar vader soms door een eigen tekst vervangen. Anna Roemers Visscher (1583/1584 – 1651) Oudste dochter van. een tiende Muze. In de latere edities van Sinnepoppen heeft Anna Roemersd. de moraal kan men zien als gemengd christelijk. doet haar naam als ‘wijse Anna’ eer aan: moralistisch en stoïcijns christelijk. waarin zijn dochters Anna en Maria (ook dichteressen) de meest gevierde vrouwen waren.110 schilders. er is meer openhartigheid dan verfijning. Dichteres. Bij haar leven is slechts een klein deel van haar literaire productie verschenen. maar dit gebeurde vooral omdat zij de eerste Nederlandse dichteres was die haar bewonderaars kende. dichters en geleerden. Huygens. voorzien van puntige disticha :Roemer Visschers Zinne-poppen. waarin tientallen quicken (= puntdichten). In 1612 verscheen zijn eerste bundel T’loff vande Mutse. deels vertaald naar Ronsard). Cats en vele anderen werd haar werk hemelhoog geprezen: zij was een tweede Sappho. Op haar naam staan ook veel gelegenheidsgedichten. Haar poëzie. waaronder lofdichten op vele poëten. mede op grond van de herdrukken.m. Door Vondel. In de stijl worden de rederijkerstrekken in evenwicht gehouden door een krachtig purisme. Schreef onder de zinspreuk ‘Ghenoeg is meer’ vooral in stichtelijke en didactische trant. ende van een blaewe scheen. Met noch andere ghenoeghelicke boerten ende quicken.. als Brabbeling. Alle verciert met Rijmen en sommige met Proze. epicuristisch en stoïcijns. De toon is vrolijk. Zij was bevriend met vrijwel alle belangrijke dichters van die tijd. maar voelde zich het meest aangetrokken door Cats (die in 1618 zijn Maechdenplicht aan haar opdroeg). . een vierde Gratie. over het algemeen middelmatig. Zonder de literaire betekenis te overschatten. Werken : In 1599 werd buiten zijn toedoen een boekje gedrukt met 85 epigrammen. meer koddig dan geestig. In 1614 verscheen zowel de emblemata-bundel Sinnepoppen : plaatjes met spreuken in verschillende talen en korte bijschriften in proza. enz….

Dit blijkt uit een aantal Brieven en een klein aantal Gedichten die we nog van haar bezitten. Vooral door haar werd het Muiderslot het vroege Nederlandse voorbeeld van een ‘literaire salon’. Als weduwe was zij van de Muiderkring. Bredero.a. het gevierde middelpunt. maar daarvan is slechts een strofe bewaard gebleven. naast de gastheer Hooft. Het bekendst van haar is Onderscheyt tusschen een wilde en een tamme zangster. Hield zich een aantal jaren bezig met de vertaling van Tasso’s Gerusalemme Liberata. de gedurfde beeldspraak. (o.111 Maria Tesselschade Visscher (1594-1649) Jongste dochter van. de gezochte paradoxen en antithesen bekoorden haar. Dichteres (haar tweede naam ontving ze van haar vader ter herinnering aan het zware verlies aan schepen dat hij bij Tessel geleden had) Voor haar huwelijk had zij in ’t Saligh Roemers huys’ vele kunstenaars door haar schoonheid en veelzijdige begaafdheid bekoord. (1540-1598) . Nog een figuur uit de Nederlanden die zeker niet mag ontbreken is : Philips van Marnix van Sint Aldegonde. Hooft staat zij onder invloed van het Maniërisme: het precieuze woordspel. die haar in 1616 zijn Lucelle opdroeg. Evenals Huygens.

Dit wordt zijn belangrijkste werk! Het is een sterk satirisch calvinistisch propaganda geschrift. =========================== . Slechts een viertal ‘vrije verzen’ zijn van hem bekend. Roomsche Kerck (1569). Studeerde theologie in Leuven.112 Latijns. Zijn lijfspreuk was : ‘Repos ailleurs’ (rust elders) Literaire roem verdient hij om zijn fraaie vertaling van de psalmen en vooral om zijn felle satire Biënkrof der H. De Biënkorf was enorm populair: tot 1761 telt men minstens 23 drukken. waarvan niet helemaal vast staat of hij wel degelijk de auteur is. waarin hij de inrichting en de opbouw van deze Kerk vergelijkt met die van een bijenkorf. Behalve theoloog was hij ook staatsman. Hij was vooral ‘de penvoerder van de Opstand’. In 1580 verschijnt te Antwerpen Het Boeck der Psalmen Davids. Als verdediger van Antwerpen (hij was hier in 1583 burgemeester) moest hij deze stad in 1585 overgeven aan de Spanjaarden. Hij werkt dit werk achteraf grondig om. Frans en Nederlands schrijver. in het Duits zijn er vier verschillende vertalingen van. Hij vertaalt de bijbelse tekst eerst letterlijk uit het Hebreeuws en sluit zich in de berijming zo nauw mogelijk daarbij aan. Als dichter ontleent hij zijn betekenis aan zijn berijming van de psalmen en andere lyrische bijbelgedeelten. Marnix maakte er zelf een zeer uitgebreid Franse bewerking van:Tableau des differens de la religion. evenals in het Engels. bevriend met Willem van Oranje. De betekenis van Marnix is groot geweest op allerlei terreinen. de geestelijke vader en de propagandist van de Nederlandse calvinisten. waaronder het Wilhelmus. waarna hij zich uit het openbare leven terugtrok. Parijs en Genève. en daar kwam hij in aanraking met de leer van Calvin.

Zowel Caroso als Negri vangen hun traktaat aan met ‘de manier waarop men staat of wandelt’. In 1602 krijgen we ‘Le Gratie d’Amore’ te lezen. Een maniërisme. dansboek geschreven door Fabrito Caroso. De Europese vorsten zijn verwoede kunstliefhebbers. De danskunst ontkomt er niet aan. armen hangend naast het lichaam. een dansboek geschreven door Cesare Negri (een dansmeester uit Milaan). Het begrip ‘decadent’ is hier vaak op zijn plaats. In 1581 verschijnt ‘Il Ballarrino’. Fabritio Caroso ‘Il Ballarino’ Cesare Negri ‘Le Gratie d’Amore De dansboeken zijn gedrukt. De verspreiding in Italië en de rest van Europa wordt een feit. De natuurlijke houding. is de houding waaruit de 16de eeuwse danser vertrekt. De 16de eeuwse Italiaanse Sociale dans. mooi rechtop.113 Randinfo : De eerste sporen van ‘Ballet’. Een belangrijke evolutie is de ontwikkeling van de sprong. Dit boek bevat een lijst van de meest bekende Italiaanse dansmeesters die toen werkzaam waren en die ons een beeld geven hoe sterk de Italiaanse danskunst verspreid was over het toenmalige Europa. De zucht naar luxe en praal bereikt een hoogtepunt. . Het collectioneren van schilderijen en wandtapijten of kostbare curiosa is in de 16de eeuw een tijdverdrijf aan de hoven. een gekunsteldheid zal op het einde van deze eeuw het esthetisch denken bepalen. knieën gestrekt. rechte rug. in al zijn vormen.

(ze krijgen namen als ‘Celeste Giglio’ = Hemelse Lelie OF ‘Chiara Stella’ = Heldere Ster) Naast de balleto staat de cascarda. tot de capriola cinque. met een regelmatig terugkerend refrein. haar bij de hand te vatten. Ze komen hoofdzakelijk uit klerikale hoek. (niet dansbaar : te Gezelschapsdansen uit latere periodes (17de en 18de eeuw) hebben vaste danspatronen die steeds terugkomen en dus gemakkelijk te onthouden zijn. Elk koppel danst om beurt de rij naar beneden. Maar ook burgerlijke partijen vinden de vrije omgang tussen de seksen verwerpelijk. ======================== . een dans in vlugge driekwartsmaat. zullen er hoogstwaarschijnlijk wel geweest zijn. De dans eindigt met een gagliarda-figuur waarbij de heren elkaars dame proberen te roven. De sprong is het domein van de man. energiek en virtuoos te noemen. (genoteerd door Negri). een combinatie die snelle kettingen mogelijk maakt. na heel wat heen en weer geren. Echter helemaal achteraan gekomen rukt de dame zich los en tracht de heer. (Om te ‘capriola’ te oefenen adviseert Negri zijn studenten om tussen een stoel en een tafel te gaan staan. waarin iedereen kon meedansen. minder gesprongen maar niet wars van enige virtuoze techniek. Na een eenvoudige inleiding met buigingen en symmetrische plaatswissels begint de echte jacht der liefde. beëindigt het koppel de jacht op elkaar met een Riverenza. Men drukt zich op zodat de voeten van de grond komen. een soort entrechat cinq met parallelle voeten. Hij wordt dikwijls bedacht voor een trio. Daarnaast vinden we een aantal gezelschapsdansen voor vier tot acht dansers. In solopartijen zijn haar variaties meer glijdend. Met of zonder hulp van de mededansers. De dansstijl is krachtig. een dans voor verscheidene koppels. Er ontstaat een heen en weer geschrijf over de morele waarde van de dans. Het balleto is de meest voorkomende dansvorm in de Italiaanse traktaten. Elk balleto was opgedragen aan een vooraanstaande dame uit de Italiaanse hoofse kringen. Misschien namen Caroso en Negri niet te moeite om ze te noteren. Dat dit soort dansen niet door iedereen werd geapprecieerd. (bij Caroso en Negri valt er echter hard te oefenen) Eenvoudige dansen. wordt duidelijke door de gedrukte pamfletten of boekjes tegen de dans die in de 16de eeuw over geheel Europa opduiken. zacht bewegen. officiële karakter van een dansavond werd doorbroken wanneer de dans ‘la Caggia d’Amore begon. (ronkende namen als ‘Bella Giosa’ = de mooie opgewekte OD ‘Leggiadra d’Amore’ = de lichtvoetige liefde).114 Gaande van de kleine zoppetto (hopje) in de trage pavana-dansen. Men kan het zien als een afgeronde kleine choreografie waarin met ritme en tempo wordt gespeeld. De dame tempert dit beeld door een gracieus. iets wat de hoge adellijke kringen wellicht negeerden. moeilijk) Het deftige. In deze positie probeert men de benen en de kuiten flink heen en weer te bewegen).

115 .

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful