You are on page 1of 4

Slide 1 & 2

:

Vandaag gaan wij het hebben over ruimtelijkheid met betrekking tot het artikel van
Kattenbelt en ons gekozen kunstwerk ‘Relativity’ van M.C. Escher.

Slide 3:

Het schilderij ‘Relativity’ is, zoals al vermeld, van De Nederlandse graficus Maurits
Cornelis Escher die leefde van 1898 tot 1972. Hij is vooral beroemd door zijn
schilderijen waarin hij met perspectief speelt. Relativity is hier een van. In het
schilderij spelen de normale zwaartekrachtwetten geen rol. Alle figuren lopen vanuit
allerlei perspectieven trappen op en op wanden, die tegelijkertijd ook als vloeren
dienen. Wij richten ons in onze presentatie op de complexe ruimtelijkheid in het werk
Relativity van M.C. Esscher, waarin drie zwaartekrachten loodrecht op elkaar werken.

Slide 4:

• We zullen eerst wat vertellen over de ruimte en het perspectief, waarbij we de
inzichten gebruiken van Jean Paul Sartre
• vervolgens zullen we het hebben over de flexibiliteit van het kunstwerk met behulp
van McLuhan
• daarna gaan we over op de fenomenologie en trekken we een conclusie uit al onze
bevindingen
• tot slot zullen wij een discussie houden aan de hand van ons besproken onderwerpen

Ruimte & Perspectief

Slide 5:

Jean Paul Sartre:
Kattenbelt schrijft over Bazin, die de mens in relatie tot de ruimte aan de orde stelt. Hij
citeert Jean Paul Sartre: “voor theater is het de mens die de belangrijkste drijfveer van
de handeling is, voor film daarentegen zijn het de dingen dan wel is het de natuur, de
fysische werkelijkheid waardoor de mens wordt omringd” Als we ons kunstwerk van
M.C. Escher hierbij pakken kunnen we dus concluderen dat deze dichter bij de kunst
van de film staat dan van het theater. In ‘Relativity’ staat de ruimte namelijk boven de
acteur. De personages die zijn afgebeeld zijn van ondergeschikt belang. Ze dienen
enkel aan te tonen wat de mogelijkheden zijn van de ruimte en illustreren als het ware
stuk voor stuk een bepaald perspectief. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de trap
waarop de ene figuur afdaalt terwijl de ander juist naar boven wil. De personen in de
tekening zijn dus een bestandsdeel van hun eigen beeldruimte. Ze zijn slechts
modellen. Ook in film is volgens Bazin de acteur ofwel de mens van ondergeschikt
belang.
Normaliter is een ruimte één ding waarin alle acteurs/modellen functioneren. Escher
creëert meerdere ruimtes die zich allemaal op het doek bevinden. Verschillende
modellen hebben nu als het ware een eigen ruimte waarbinnen zij functioneren. Dit
komt deels overeen met het hoola-hoop idee dat McLuhan als voorbeeld geeft. De
kinderen bevinden zich niet alleen maar in een ruimte; ze creëren ook nog een eigen
ruimte binnen de gegeven ruimte, waarin zij de hoofdrol spelen/vertolken. Op die
manier ontstaat een ruimte in een ruimte. Doordat Escher met zwaartekracht speelt zou
je kunnen zeggen dat hij dit ruimte-in-ruimte idee in extreme vorm heeft doorgevoerd.

Slide 6:

Ruimte:
Waar voor theater de “dramaturgie van de mens” kenmerkend is, zegt Bazin dat de
film zich kenmerkt door middel van de “dramaturgie van de natuur”. Dit is volgens
hem een van de gevolgen van het fotografisch realisme. De film is verlost van alle
beperking van ruimte en tijd. De ruimte in film is een open ruimte die juist geen
begrenzingen kent, het filmdoek is een venster dat (uit)zicht biedt op een ruimte die
zich in alle richtingen uitstrekt. In ons kunstwerk is er in zekere zin ook sprake van
fotografisch realisme, alleen hebben we hier niet te maken met een foto, maar het
tekenen van een ‘realisme’ uit de losse hand. Om weer het voorbeeld van de trappen te
nemen die naar boven naar beneden, naar links naar rechts lopen, zien we dat hier dus
ook geen sprake is van grenzen. De ruimte op het (schilder) doek strekt zich in alle
richtingen uit. M.C. Escher maakt gebruik van drie dimensionale perspectieven die
ervoor zorgt dat we als het ware ‘in het kunstwerk’ kunnen gaan, waar bij theater dit
niet mogelijk is. We kunnen verschillende posities waarnemen (net zoals bij film dat
we vanuit verschillende oogpunten ofwel camerapunten kunnen toekijken). M.C.
Eschers werk is als het ware een soort kubus die we van positie kunnen veranderen
(het schilderij op zijn kop bekijken), waardoor we de richting van het zwaartekracht
kunnen veranderen. Er is als het ware niet eens sprake van zwaartekracht (geen
beperking van ruimte). De ruimte in de tekening is in tegenstelling tot de ruimte op het
toneel heel erg dynamisch. Escher heeft de mogelijkheden voor visuele details goed
benut.

Slide 7:

Flexibiliteit
Dat wat Escher op de tekening heeft afgebeeld houdt niet op bij de grenzen van het
papier. Het loopt als het ware door, zoals je ook die off-screen space hebt bij film. De
figuren in Relativity komen overal vandaan: van buiten, uit andere kamers, etc.
Daarnaast is de ruimte vanuit verschillende perspectieven te bekijken, afhankelijk van
het personage dat je probeert te plaatsen. Dus bijvoorbeeld de persoon die uit de kelder
komt met een zak kolen op zijn rug of de persoon die vanaf zijn balkon naar beneden
kijkt. Kortom: de gegeven ruimte is niet langer bepalend voor de ruimte in het
schilderij.

Laat Filmpje zien: http://nl.youtube.com/watch?v=0aiz7MtDfuY
Slide 8:

McLuhans idee over ruimte in combinatie met perspectief en representatie is niet van
toepassing op het schilderij. McLuhan: ,,One of the great novelties effected by printing

was the creation of a new sense of inner and outer space. We refer to it as the
discovery of perspective and the rise of representation of arts. The space of
“perspective” conditioned by an artificially fixed stance for the viewer leads to the
enclosing of objects in a pictorial space.” We menen echter dat het perspectief bij
Relativity niet vast staat; het schilderij is van velerlei kanten te bekijken, zonder dat
het onbegrijpelijk wordt (in de zin van op de kop, zijwaarts, etc.) Verder houdt de
ruimte niet op in het schilderij. Het is een dynamisch doek. Escher doet wat McLuhan
schrijver Edgar Allen Poe toeschrijft: ‘taking the audience into the creative process
itself’. Escher probeert een dynamische verbondenheid te genereren tussen enerzijds
het doek zelf en anderzijds de persoon die het schilderij bekijkt. We zijn het dan ook
niet eens met Kattenbelt die stelt dat kunst zich alleen in gefixeerde beelden uitdrukt.
De vele mogelijkheden met de perspectieven zorgen juist voor een dynamisch geheel.
Er houdt zich veel meer schuil achter het doek dan we in eerste instantie zouden
zeggen.

Slide 9:

Fenomenologie

Laat 1e 2 minuten van Filmpje zien: http://nl.youtube.com/watch?v=Fd5_SYPj9t0

Men kan zich afvragen in hoeverre het schilderij iets uit de werkelijkheid representeert
en wat het daadwerkelijk representeert. Escher wil de mogelijkheden van ruimte en
perspectief uitbeelden. De geschetste situatie is in de werkelijkheid echter niet
mogelijk. Plato zou het derhalve omschrijven als iets dat ons verder verwijdert van de
werkelijkheid. Het is mimesis gedefinieerd als nabootsing. Aristoteles beweert dat een
schilderij een imitatie van een echte situatie is. Het valt echter af te vragen in hoeverre
de imitatie een rol speelt bij het werk van Escher. We weten namelijk dat de
zwaartekracht in een gewone kamer niet van verschillende kanten werkt. Is Relativity
niet gewoon een werkelijkheid op zich; anders dan de onze? In die zin moeten we hier,
net als Merleau-Ponty af van het idee van de representatie van een ideale ruimte.
Escher geeft gewoon een andere realiteit weer. Eén waar iedereen naast elkaar en toch
in eigen ruimte met een eigen zwaartekracht kan bewegen. We hebben niet voor niets
een schilderijrand (van Alberti’s raam) aan de afbeelding van Eschers schilderij op de
tweede powerpointslide toegevoegd.
De reden dat de tekening van Escher op het eerste gezicht niet lijkt te kloppen is
gelegen in het feit dat wij altijd geneigd zijn tot reduceren (experience error), in dit
geval het recht zetten van het beeld. Als we ons over die experience error heenzetten
zien we pas dat de tekening wel degelijk kan kloppen; simpelweg niet volgens de
normaliteit die wij in ons hoofd hadden. Het gaat om de ervaring. Er is geen ideaal
beeld. We hoeven in de tekening van Escher niets recht te zetten. In die zin is het de
bedoeling dat we loskomen van certain known variables. Dat we loskomen van een
geaccepteerde normaliteit.

Slide 10:

Conclusie:
M.C. Eschers' Relativity geeft ons een nieuwe werkelijkheid waar de ruimte buiten de
lijnen van het kunstwerk valt.
De ruimte staat boven de acteur en daarom lijkt het kunstwerk meer overeen te komen
met het medium film, dan met theater...

Slide 11:

Stelling:
M.C. Eschers ‘Relativity’ is, wat betreft de ruimtelijkheid, meer vergelijkbaar met
theater dan met film

We proberen in onze discussie een beeld te schetsen van Eschers Relativity als een
dynamisch schilderij. Het doek is geen vast beeld; het is vanuit verschillende
perspectieven te bekijken. Ook lijkt de inhoud zich niet te beperken tot de ruimte van
het schilderij. Relativity toont en is een werkelijkheid op zich. We kunnen het niet
verklaren door het te zien als een representatie van de werkelijkheid.

Slide 12:

Einde presentatie