Techniek

Christoph Gerritsen, Shahrokh Daneshpour, Mustafa Koçak, Stefan Riekehr

Weerstand- versus las
Van oudsher wordt in de automobielindustrie het koetswerk met weerstandpuntlassen in elkaar gelast. De laatste jaren nemen ook andere, moderne verbindingstechnieken in belang toe, zoals laserpuntlassen. Dit artikel beschrijft een onderzoek dat de twee lasprocessen met elkaar vergelijkt bij het lassen van 2 mm dik DC04-dieptrekstaal en DP780hogesterktestaal.
DC04 is een dieptrekstaal dat een grote vervormbaarheid koppelt aan een behoorlijke sterkte. Het is laaggelegeerd met meestal minder dan 0,1% koolstof en minder dan 0,5% mangaan. DP780 is een tweefasenstaal, waarvan de microstructuur bestaat uit eilandjes van bainiet of martensiet in een ferritische matrix. Hierdoor heeft het staal een hoge sterkte, maar is het daarnaast nog behoorlijk vervormbaar. DP780 is voornamelijk gelegeerd met maximaal 0,15% koolstof, maximaal 2,2% mangaan en maximaal 0,4% silicium. De DP780 in deze studie was elektro-verzinkt, met op beide zijden zo’n 7,5 μm zink. Lasexperimenten De puntlassen zijn gemaakt op 1 m lange panelen met een overlap van 40 mm breed en een afstand tussen de lassen van 42 mm. De weerstandpuntlassen zijn gemaakt op een Schlatter 50 Hz AC-puntlasmachine bij OCAS/ArcelorMittal Global R&D Gent. De instellingen zijn zo gekozen dat een laslens werd gecreëerd met een diameter van zo’n 7 mm (zijnde de gebruikelijke diameter van 5√t, met t de dikte van de plaat, in dit geval 2 mm). De laserlassen zijn gemaakt met een lampgepompte Nd:YAG-laser bij GKSS. Er werd gestreefd naar een diameter die vergelijkbaar is met die bij het weerstandpuntlassen en zonder volledige doorlassing door de onderste plaat. De locatie van start- en eindposities van de lassen
Tabel 1 – Mechanische eigenschappen van de gebruikte stalen Figuur 2 - Representatieve doorsnedes van de weerstandpuntlassen in DP780 aan DP780 (boven) en DC04 aan DP780 (onder) Figuur 1 – Afmetingen van de monsters voor de trek- en vermoeiingsproeven

Staalsoort Type DC04 DP780 Plaatdikte [mm] 2.0 2.0

Trekproeven volgens EN 10002 Vloeigrens [MPa] L 173 552 T 181 508 Treksterkte [MPa] L 301 790 T 297 796 Breukrek [%] L 43.1 19.4 T 42.2 16.5

L = in de walsrichting; T= loodrecht op de walsrichting

18

die niet boven de 200 HV uitkwamen. Het uittrekken van de laslens wordt over het algemeen gezien als een indicatie van een goede las. in het DC-materiaal. mm Figuur 4a . KN was vergelijkbaar voor beide processen met een 19 . het falen van de las langs het contactvlak van de beide platen. Om een vermoeiingscurve op te kunnen stellen. Figuur 2 en 3 laten voorbeelden zien van representatieve doorsnedes voor de verschillende processen en configuraties. Mechanische beproeving Uit de gelaste panelen zijn proefstaven genomen voor trek.1 mm aangehouden om de zinkdamp te laten ontsnappen. Vermoeiingsproeven werden uitgevoerd op een krachtgestuurde.1. Trekproeven Figuur 4a en figuur 4b tonen de trekkrommes van de geteste monsters en foto’s van representatieve gefaalde monsters. Trekproeven zijn uitgevoerd om de faalmechanismen te verifiëren. De trekVerplaatsing. De scheur breidde zich transversaal uit over de breedte van het monster.en vermoeiingsproeven in afschuiforiëntatie met afmetingen zoals te zien in figuur 1. De voornaamste bij weerstandpuntlassen zijn het uittrekken van de laslens uit een van beide platen.01 mm/s. Bij de weerstandpuntlassen in DC-DC was de hardheid met waarden rond 260 HV hoger dan die van de laserpuntlassen. Bij de verbindingen met DP780 is tussen de beide platen een spleet van 0. Elke proefstaaf bevatte één puntlas. Bij DPDC ontstond de scheuring verder weg van de laslens. Daarnaast zijn de hardheden bepaald. De microhardheid in de verbinding DP-DP maximum rond 400 HV. Bij de weerstandpuntlassen trad bij de combinaties DP-DC en DC-DC falen op door het uittrekken van de laslens. De puntlassen werden beproefd op een trekbank bij een reksnelheid van 0.Representatieve doorsnedes van de laserpuntlassen DC04DC04 (boven).Trekkrommes van drie weerstandpuntlassen per combinatie met foto’s van representatieve gefaalde monsters Figuur 3 . of een combinatie van beide. werden verschillende belastingniveaus getest. Bij de combinatie DCDC ontstonden scheuren rondom de laslens.Techniek serpuntlassen werd zo gekozen dat deze niet in de hoogst belaste zones van de lassen lagen. in het midden gelegen. servo-hydraulische machine bij een frequentie van 20 Hz en een belastingquotiënt R van 0. DP780-DP780 (midden) en DP780-DC04 (onder) Lastechniek februari 2011 Kracht. Daarnaast zijn voor de mengverbindingen zowel gesloten als open ringen gebruikt en zijn beide oriëntaties getest – DP boven of onder.

Bij hoge belasting echter. met het voorbehoud dat de breukspanning en -rek wat lager lagen. Bij de combinatie DP-DP trad in enkele gevallen het uittrekken van de laslens op. die dan verder transversaal uitgroeide. Hierbij valt nog wel op te merken dat de combinatie DP-DC een iets hogere treksterkte haalde. Vermoeiingsproeven Figuur 5 toont de vermoeiingskrommes en foto’s van gefaalde monsters van weerstandpuntlassen. gevolgd door de combinatie DP-DC en vervolgens de combinatie DC-DC. met een ietwat lagere treksterkte bij het falen aan het contactvlak. gevolgd door de combinatie DP-DC en vervolgens DP-DP. Bij de combinatie DC-DC leidde de vergelijkbare diameter van 7 mm tot een veel zwakkere puntlas dan bij de weerstandpuntlas. namelijk het uittrekken van de laslens uit het DCmateriaal. Het gedrag van de laserpuntlassen in DP-DP was vergelijkbaar met dat van de weerstandpuntlassen.Techniek Figuur 4b . trad dit alleen op bij de combinatie DP-DP en lieten de combinaties DP-DC en DC-DC een gedrag zien dat vergelijkbaar is met dat bij de trekproeven. De trekkromme was echter in beide gevallen vergelijkbaar. KN kon echter voor een groot deel verholpen worden door de diameter te vergroten tot 9 mm (figuur 4b).Trekkrommes van drie laserpuntlassen voor elke combinatie met een foto van een representatief gefaald monster lassen echter goed genoeg om representatief te zijn voor industriële lassen. Daaruit blijkt dat de combinatie DP-DP bij hoge belasting Verplaatsing. Daardoor trad falen op aan het contactvlak tussen beide platen. mm de hoogste vermoeiingssterkte heeft. De reden daarvan is dat het sterkere DP-materiaal waarschijnlijk de buiging van deze combinatie tijdens de trekproef beperkte.Resultaten van de vermoeiingsproeven op de weerstandpuntlassen: vermoeiingskrommes van de verschillende combinaties (links) en foto’s van representatieve gefaalde monsters bij lage en hoge belasting (rechts) 20 . Hierbij is een gelijke Belastingniveaus vermoeiingsproef lage belasting hoge belasting krommes van beide combinaties zijn eveneens vergelijkbaar. Bij lage belasting is het echter precies andersom: de combinatie DC-DC haalt het hoogste aantal vermoeiingscycli. Verdere studie op laserpuntlassen met een diameter van 9 mm viel echter buiten het bestek van deze studie. aangezien het DC-materiaal als zwakste de sterkte van de hele verbinding bepaalt. In alle combinaties waren de weerstandpunt- Afschuiftrekmonster Belastingbereik Aantal cycli tot falen Figuur 5 . Tevens waren er wederom verschillen te zien in de faalmechanismen: bij lage belasting trad in alle gevallen scheurvorming op aan de laslens. waarbij ook het faalmechanisme veranderde naar het uittrekken van de laslens. Figuur 6 toont de resultaten van de vermoeiingsproeven op laserpuntlassen. terwijl in een ander geval meer falen van de laslens optrad aan het contactvlak tussen beide platen. Dit Kracht.

vermoedelijk doordat het sterkere DP780 de buiging beperkt.en buigspanning. gevolgd door transversaal groeien van de ge proefstukken voor hoge belastingwaarden trad ook wel falen op aan het contactvlak. en kunnen de resultaten in één vermoeiingsgrafiek worden samengebracht (zie figuur 8. De combinatie DC04-DC04 toonde bij een diameter van 7 mm . laslens De trekproeven op de weerstandpuntlassen wezen uit dat treksterkte en verlenging grotendeels werden bepaald door die van het zwakkere DC04. Hierin wordt de over de dikte niet-lineaire.Het structural stress-concept waarin de daadwerkelijke spanningstoestand aan de las (boven) vereenvoudigd beschreven wordt door een lineaire combinatie van membraan. In het laatste geval was de treksterkte iets hoger. met voor de weerstandpuntlassen alleen de DP-DP resultaten die werden gezien als representatief voor de weerstandpuntlassen). De structural stress als gevolg van de opgelegde belasting in de vermoeiingsproeven is voor beide lastypen bepaald door middel van eindige-elementensimulatie voor de kritieke locatie.een lagere treksterkte en breukrek. Conclusies < < Bij de laserpuntlassen werd voor de combinatie DP780-DP780 een vergelijkbaar gedrag geconstateerd als voor de weerstandpuntlassen. laslens Figuur 7 . onder): σs = σm + σb < Belastingbereik scheur over de breedte van het monster. Dit geldt zowel voor de combinaties DC-DC als DC-DP. Falen van de verbinding vond plaats door het uittrekken van de laslens uit het DC04materiaal. Daardoor kan de daadwerkelijke spanning voor de verschillende lassen worden berekend. Bij sommi- Aantal cycli tot falen Figuur 6 . elastische spanningsverdeling. alhoewel minder uitgesproken. gevormd door het optellen van de membraanspanning σm en de spanning resulterend van het buigmoment σb. Hieruit valt af te leiden dat de laserpuntlassen tenminste zo goed als of beter dan de weerstandpuntlassen zijn. Dit gaf echter slechts een klein verschil in treksterkte en breukrek. die bestaat uit een normaalspanning σx en afschuifspanning τ rond een vermoeiingskritieke locatie (figuur 7. waarbij voor de weerstandpuntlassen in sommige gevallen uittrekken van de laslens plaatsvond en in andere falen aan het contactvlak. Hierbij veranderde ook het faalmechanisme van falen aan het contactvlak tot uittrekken van de laslens.Resultaten van de vermoeiingsproeven op de laserpuntlassen (met ook de weerstandpuntlassen op DP-DP voor vergelijking) De trekproeven op DP780 gaven een veel hogere treksterkte en een lagere rek. In de meeste gevallen trad het falen op via scheurinitiatie aan de laslens.is gebruikgemaakt van het structural stress-concept van de Europese fitness-for-service FITNET-procedure [1].vergelijkbaar met die van de weerstandpuntlassen . Deze waarden konden worden verbeterd tot waarden hoger dan die van de weerstandpuntlassen door de diameter van de laserpuntlassen te vergroten tot 9 mm. Dit geldt zelfs voor de laserlassen van 7 mm diameter in DC-DC. Het buigmoment is in dit geval geïnduceerd als gevolg van het testen van een overlapnaad waarbij de belastingen niet in hetzelfde vlak liggen. op basis van de aangelegde belasting en de lasafmetingen. vereenvoudigd beschreven door middel van een lineaire spanningsverdeling (figuur 7.Techniek trend waar te nemen wat betreft het verschillend presteren van de combinaties bij hoge en lage belasting. boven). respectievelijk σm en σb (onder) Lastechniek februari 2011 21 . die bij de trekproeven nog een onvoldoende sterkte lieten zien. Om de vermoeiingsresultaten van de twee processen echt met elkaar te kunnen vergelijken . zij het met een ietwat lagere treksterkte en breukrek.de weerstanden de laserpuntlassen waren verschillend van vorm en afmeting .

22 . Aantal cycli tot falen Christoph Gerritsen is werkzaam als onderzoeksingeFiguur 8 . GKSS Research Centre Geesthacht. Janosch J. < Referentie [1] Koçak M. 1.Vermoeiingskrommes voor de laserpuntlassen van de verschillende combinaties alsook voor de weerstandpuntlassen in de combinatie DP-DP nieur lassen bij OCAS/ArcelorMittal Global R&D Gent. January 2008. Germany.Techniek terwijl bij een lage belasting dit het geval was bij DC04-DC04.. Daaruit bleek dat wanneer wordt gekeken naar de daadwerkelijke spanning. Ainsworth R. Shahrokh Daneshpour en Stefan Riekehr zijn werkzaam bij GKSS Research Centre Geesthacht (Duitsland) en Mustafa Koçak is verbonden aan Gedik in Turkije < De vermoeiingsproeven op de weerstandpuntlassen wezen uit dat bij een hoge belasting de combinatie DP780-DP780 de meeste cycli kon weerstaan.. Webster S. de laserlassen beter presteerden dan de DP780-DP780-weerstandpuntlassen. De laserlassen zijn dus een geldig alternatief. and Koers R.: FITNET Fitness-for-service-procedure. De mengverbinding lag in beide gevallen tussen de beide.-J. Spanningsbereik < Bij de structural stress-aanpak volgens de FITNETprocedure werden de aanwezige verschillen in grootte in ogenschouw genomen.A.. vol. Voor de laserpuntlassen was dit gedrag niet zo duidelijk.

Master your semester with Scribd & The New York Times

Special offer for students: Only $4.99/month.

Master your semester with Scribd & The New York Times

Cancel anytime.