You are on page 1of 27

Pas de museumjas!

Ga op de toppen van je tenen staan. Met rechte rug en kin omhoog. Neem 3 stappen
voorwaarts. Maak een rondje. En buig.
Welkom in de museumjas! De jas waarmee je het museum leert kennen als je broekzak.

Museum?

Een museum is een huis waar voorwerpen wonen. Mensen komen er enkel overdag.
Er komen twee soorten mensen naar een museum. De ene soort zorgt ervoor dat de
voorwerpen bewaard blijven.
De andere soort brengt de voorwerpen een bezoekje. Om ze van alle kanten te bekijken.
Om van ze te leren en te genieten.
De voorwerpen in het museum zijn speciaal. Niet elke eerste de beste kauwgumbal mag in
een museum wonen. Daarvoor moet je al een behoorlijke schat zijn. Bijvoorbeeld : het
geraamte van een mamoet, de allereerste pennenkriebels of een prachtig versierde
koffiepot.

Dit museum …

heet het Groeningemuseum. Hier vind je kunstschatten. Schilderijen, tekeningen en


beelden. Ook wel kunstwerken genoemd.
Het museum heeft verschillende kamers. Het makkelijkst begin je in kamer 1.
In kamer 2 wonen de oudste kunstwerken. Ze zijn meer dan 500 jaar oud. Vanaf dan
gaat elke kamer een stapje verder in de tijd. Een stapje dichter tot bij ons dus.
De kunstwerken op het einde van de rit zijn niet veel ouder dan je ouders.
Hoe gaan we te werk?

Zit je in het eerste, tweede of derde leerjaar? Zoek iemand die wil voorlezen.
Zit je in het vierde, vijfde of zesde leerjaar? Lees dan zelf.
Natuurlijk mag je af en toe geholpen worden.

de museumjas

De jas heeft een rode, een groene, een gele, een blauwe, een oranje, een paarse en een
doorzichtige zak. Daarin zit je gereedschap. Welk gereedschap je in welke zak vindt, zie
je op het plan op de pagina hiernaast.

De doorzichtige zak is de tentoonstellingszak. Daarin kan je de tekeningen op je


toverlei tentoonstellen. Tonen dus.
Om de toverlei uit de tentoonstellingszak te halen, vraag je best wat hulp.

Wat je niet ziet, is de geheime zak. Die moet je zoeken.

Al het gereedschap zit vast in de zakken. Met een simpele vingerknip maak je alles los.

Ook om de verrekijker uit de paarse zak te halen, vraag je best wat hulp.

Na elke opdracht zorg je dat alles weer vast zit in de juiste zak.
de museumgids

= het boek dat je nu vasthebt

1) Naast elk kunstwerk hangt een bordje.


Zie je op het bordje dit teken : …., dan neem je de museumgids.

2) Het bordje vertelt :


- wie het kunstwerk gemaakt heeft = de naam van de kunstenaar
- wat de naam is van het kunstwerk = de titel
- wanneer het kunstwerk gemaakt is = de leeftijd

3) Lees de naam van de kunstenaar. Bekijk de eerste 2 letters.

4) Die 2 letters vind je terug op één van de pagina’s in de museumgids.


Sla de museumgids open op die pagina.

5) Aan de ene kant zie je de opdracht. Aan de andere kant zie je tekeningen.
En een kunstwerk. Hetzelfde kunstwerk als in het museum? Begin dan aan
de opdracht.

6) Is het niet hetzelfde kunstwerk als in het museum? Ga dan naar de volgende
pagina. Tot je het kunstwerk vindt. Begin dan aan de opdracht.

Bij elke opdracht :


- kan je iets doen = “Handen uit de mouwen”
- kom je iets meer te weten van wat je ziet = “Knoop dit in je ogen”
- kom je nog meer te weten = “Hersenwerk”

Naast elke opdracht :


- tonen deze tekentjes : …………… welk gereedschap je nodig hebt. Hun kleur
wijst de zak aan, waarin je het gereedschap vindt.
- geven andere tekeningen wat meer uitleg bij “Handen uit de mouwen”,
“Knoop dit in je ogen” of “Hersenwerk”. De kleur wijst de weg.
- zie je een kunstwerk

Je hebt geen tijd om alle opdrachten te doen. Het best kies je één opdracht per kamer.
Rood - geel - blauw

Gereedschap Handen uit de mouwen


Ga voor één van de schilderijen zitten in deze zaal.
Haal de vormen uit de rode zak. Welke vormen herken je?
Welke vormen zie je in het schilderij?
Haal de linten uit de blauwe zak. 1) Maak er rechte lijnen mee.
2) Maak kromme lijnen.
Zie je rechte of kromme lijnen in het schilderij?
Neem de plooimeter uit de oranje zak. Maak er een groot kader van.
vormen linten plooimeter Leg het op de grond.
In dit kader past jouw kunstwerk. Gebruik dezelfde lijnen en vormen als in het
schilderij voor je. Maar doe er iets anders mee.

Knoop dit in je ogen


De kunstenaars in deze zaal schilderen het liefst :
met rechte lijnen
met eenvoudige vormen : cirkels, vierkanten, driehoeken, rechthoeken, …
met de hoofdkleuren : rood, geel en blauw
of met zwart en wit

Hersenwerk
Sommige kunstenaars vinden het niet nodig om bijvoorbeeld een appel te
schilderen of een boom of een mens. Ze willen niet nabootsen. Want al die
dingen : een appel, een boom, een mens, … die zijn er al. Die bestaan in het echt.
Kunstenaars willen nieuwe dingen maken. En in de schilderkunst doe je dat met
kleuren, lijnen en vormen. Punt. Meer heb je niet nodig.
De Leie te Astene

Handen uit de mouwen


Goed luisteren. De schilderijen in deze zaal fluisteren af en toe een zin in je oor.
Zoek de schilderijen die bij deze zinnen passen.

Iemand deed het licht uit.

Ik zie jou wel.

Ik ben jou en jij bent mij.

Pssst. Volg mij maar.

Is daar iemand?

Knoop dit in je ogen


Rond je hangen een paar landschappen. Schilderijen met veel natuur of
landschap. Mensen komen er niet vaak. En als ze er zijn, dan hoor je ze niet.
De bomen, de wind, het water of het licht vertellen hier de verhalen.
Waar hangen de landschappen in deze zaal?
Secret - Reflet

Handen uit de mouwen


Dit kunstwerk is eigenlijk … een herinnering. Sssssj … niet verklappen.
Heb jij ook een herinnering waarvan je wel een kunstwerk zou kunnen maken?
Fluister je herinnering in iemands oor.
Vraag er een herinnering voor in de plaats.

Knoop dit in je ogen


Nog een geheim over dit kunstwerk. Dit kunstwerk zit vol spiegelbeelden.
Snap je? Sssssj … .

Hersenwerk
Heb jij dat ook? Herinneringen zijn vaak mooier dan hoe het echt was?
Onderaan dit kunstwerk zie je een beroemd stukje Brugge.
De kunstenaar van dit werk woonde in Brugge toen hij klein was. Hij vond Brugge
heel mooi. Maar toen hij groter werd, is hij verhuisd. En hij wilde Brugge nooit
meer terugzien. Om zijn herinneringen niet stuk te maken. Omdat hij bang was
dat het echte Brugge niet zo mooi was als het Brugge uit zijn herinneringen.
Belisarius bij het sterfbed van zijn echtgenoot

Gereedschap Handen uit de mouwen


Kijk naar dit schilderij. Ga minstens 10 grote stappen achteruit.
Als je goed kijkt, zie je een driehoek, een rechthoek en een vierkant in dit schilderij.
Haal de driehoeken, de rechthoeken en het vierkant uit de rode zak.
Blijf op je plaats. Hou de vormen voor je. Met gestrekte arm. Eén voor één.
Bedek de driehoek, de rechthoek en het vierkant in het schilderij met de vormen
in je hand. Waar zie je het vierkant? Welke driehoek en welke rechthoek passen
in het schilderij?
vormen

Knoop dit in je ogen


Je ziet het wel. Dit is een ontzettend droevig verhaal.
Belisarius had niets verkeerd gedaan. Toch werd hij gestraft. Hij werd blind
gemaakt. Zijn vrouw was zo geschrokken. Ze stierf van verdriet.

Hersenwerk
Op het eerste gezicht bestaat dit schilderij vooral uit mensen. Maar onder die
mensen zit een geraamte. Niet het geraamte van de mensen. Wel het geraamte
van het schilderij.
Als je goed kijkt zie je een driehoek, een vierkant en een rechthoek. Die zorgen
ervoor dat de mensen mooi op hun plaats blijven. De mensen zijn het schilderij
niet zomaar komen binnenwandelen. Nee, de kunstenaar heeft heel goed
nagedacht waar hij ze zou neerzetten.
Portret van Sylvie de la Rue

Gereedschap Handen uit de mouwen


Zoek twee schilderijen waar iemand helemaal alleen op staat.
Bedenk een gesprek tussen de twee. Laat ze bij elkaar op bezoek komen.
Wie zouden ze zijn?
Ga bij één van hen staan. Doe alsof je samen op de foto moet.
Je moet daarvoor in dezelfde houding staan.
Je gezicht moet ook hetzelfde. Daarvoor gebruik je best de spiegel.
Die vind je in de blauwe zak.
spiegel
Klaar? Nu mag je opnieuw op de foto, maar jij bent iemand anders.
Een boerenjongen, een prinses, haar paard, ….
Let op je houding en je gezicht.
Fantaseer er de juiste kleren bij.

Knoop dit in je ogen


Je hebt zonet je eigen portret bedacht.
In dit museum zijn veel portretten te zien. In een portret wordt geen verhaal
verteld. Daarop staat iemand gewoon zichzelf te zijn. Alleen of met familie.
In jouw fotoalbum zitten vast ook veel portretten. Maar de portretten in dit
museum zijn gemaakt, toen foto’s nog niet bestonden. Ze zijn geschilderd.

Hersenwerk
Portretten bestaan in allerlei vormen. Mensen staan of zitten of doen iets wat ze
vaak doen. Ze zijn alleen, samen met familie of met vrienden. Ze staan er helemaal
op, voor een stuk, of enkel met hun gezicht. Je ziet de voorkant van hun gezicht,
de zijkant of een beetje van alletwee. Ze staan er deftig op met rechte rug en kin
omhoog. Met hun mooiste kleren of gewoon zoals ze zijn. Ze kijken recht in je
ogen of dromen de andere kant uit. Ze lijken verdrietig, ze lachen of houden de
lippen stijf op elkaar. Hun handen zijn gevouwen, leunen of houden iets vast.
Dat alles vertelt ons wie ze zijn of wie ze willen zijn.
Stilleven met vogels

Gereedschap Handen uit de mouwen


Kruip op de witte trap. Neem je verrekijker uit de paarse zak.
Bekijk de schilderijen voor je. Zoek de dieren.
Hiernaast zie je de schaduwen van die dieren. Geef elk dier zijn schaduw terug.

Knoop dit in je ogen


Een schaduw kan veranderen. Tot je hem bijna niet meer herkent. Alles hangt af
schaduwen verrekijker van het licht. Want zonder licht is er geen schaduw. Zonder licht is alles schaduw.
Een hoog licht geeft een kleine schaduw. Een schuin licht werpt een lange
schaduw.

Hersenwerk
Voor je hangen ook een paar stillevens. Schilderijen van bloemen of gedekte
tafels. Schilderijen waar eigenlijk helemaal niets leeft. Waar alles stil is. Enkel het
licht beweegt. Het glinstert. Het fonkelt. Of het zorgt voor schaduw. Waar zijn de
stillevens?
Drie heilige vrouwen bij het graf

Gereedschap Handen uit de mouwen


Boots de houding na van deze vrouwen.
Hoe voelen ze zich?
In de oranje zak vind je kaartjes. Welke kaartjes passen bij deze dames?

Knoop dit in je ogen


Onder deze doeken schuilen drie heilige vrouwen. Ze zijn nog nooit tevoorschijn
kaartje gekomen. Ze houden zich klein. Alsof ze bang zijn. Ze lijken in zichzelf
opgesloten.
Constructie in de bol 2

Gereedschap Handen uit de mouwen


Haal de vormen uit de rode zak.
Welke vormen herken je in dit beeldje?
Zie je er nog iets anders in?

Neem je toverlei uit de tentoonstellingszak.


Teken iemand die je kent, enkel met rechthoeken, vierkanten, driehoeken en
cirkels.
vormen toverlei

Knoop dit in je ogen


Dit is geen mens uit echte mensenvormen. Nee, deze kunstenaar vindt het niet
nodig om een echt mens te maken. Want mensen bestaan al.
Hij wil iets nieuws maken. En in de beeldhouwkunst doe je dat vooral met vormen.
Meer heb je niet nodig. Misschien is dit beeldje zelfs geen mens meer. Enkel
stap 1 stap 2 vierkanten, driehoeken, rechthoeken, … .
Maar de kunstenaar heeft wel eerst naar echte mensen gekeken.

Hersenwerk
Zie je de tekeningen op de pagina hiernaast?
Zo heeft de kunstenaar ook dit beeldje gemaakt.
Het beeldje is stap 2.
Weet jij hoe stap 1 eruit zag?
Teken het op je toverlei uit de tentoonstellingszak.
Doop van Christus

Gereedschap Handen uit de mouwen


Kies een paar schilderijen uit deze zaal.
Neem je verrekijker uit de paarse zak en zoek al wat klein is.
Pas op! Hou 1 meter tussen jezelf en het schilderij.

Knoop dit in je ogen


De kunstenaars in deze zaal schilderden heel erg fijn. Zo fijn dat je elk haartje in
verrekijker een haardos, elk draadje in een mantel, elk plantje in het grasveld kan herkennen.

Hersenwerk
De kunstenaars in deze zaal noemen we de Vlaamse Primitieven. Alles op deze
wereldbol vonden ze boeiend. Tot het allerkleinste ding.
Ze moesten dus heel precies kunnen schilderen. Daarvoor gebruikten ze olieverf.
Heel modern in die tijd.
Met die olieverf vonden ze een speciale manier van schilderen uit. Ze schilderden
in laagjes.
Bijvoorbeeld : Een eerste laagje met de omtrekken van een gezicht. Een tweede
laagje die het gezicht wat kleur geeft. Een derde laagje met schaduw. Een vierde
laagje die rimpels tekent. Enzovoort. Tot alles bijna echt lijkt.
Laatste Avondmaal

Handen uit de mouwen


Op de pagina hiernaast zie je schilderijen met enkel handen en ogen.
Welke handen en ogen vind je terug in de werken aan de muur?

Knoop dit in je ogen


Handen en ogen vertellen wat je denkt en voelt. Aan de manier waarop iemand
kijkt, zie je of iemand gelukkig is of triest. Soms zijn ogen moe of koud of schieten
ze vuur. Handen verklappen wanneer je zenuwachtig bent, wild of rustig.
handen en ogen
Soms maken je handen gebaren bij wat je zegt.
Voel jij wat de mensen op het doek voelen?

Hersenwerk
Ogen en handen zijn hier soms ontzettend groot. De kunstenaars wilden dan ook
grote gevoelens tonen. Ze overdrijven een beetje, omdat het ons niet koud zou
laten. Wat willen ze met die grote handen en ogen bedoelen, denk je?
Madonna met kannunik Joris van der Paele

Handen uit de mouwen


Jan van Eyck kon héél fijn schilderen. Je kan bijna voelen hoe warm het tapijt is,
hoe koud het harnas, hoe zacht het haar. Bijna echt, lijkt het wel. Toch is er iets
vreemds aan de hand. Lees maar.
Hieronder vind je een verhaal. Het bestaat uit verschillende stukjes. Elk stukje
past bij iemand op het schilderij.

Zondag 16 mei 1435, te Brugge


Dag dagboek,

Het was me nogal een dagje vandaag. Of was het gewoon een
droom? Zoals elke morgen haast ik mij naar mijn werk : mijn
kerk. Onderweg maak ik bijna mijn witte koorhemd vuil.
Maar gelukkig. Net op tijd ben ik aan de poort. Vreemd.
De poort is al open. Wie is mij voor geweest? Plots zie ik
mensen. Mensen? Zijn dat wel mensen? Met hun hoofd raken
ze bijna tot aan het plafond. Ik zou maar beter knielen.

Een man in harnas snelt naar me toe. “Heer Joris”, zegt hij.
“Waw … SINT Joris”, zeg ik. Ik herken hem aan zijn vlag.
“Aangenaam. Ik heb veel over u gelezen.” Hij heeft ooit een
draak vermoord om een prinses te redden.

Ik moet hem volgen. Ik kan mijn ogen niet geloven. Daar, op


een troon, zit een beeldschone vrouw met een heel lief kindje.
Jezus, Maria! Sint Joris stelt me aan hen voor. Ik kan geen
woord meer uit mijn keel krijgen. “Gegroet!”, zegt de groene
vogel.

Naast Maria staat Sint Donaas. Hij draagt een prachtige


mantel. Zijn kaarsen branden nog. Ik wilde het hem nog
vertellen. “Hei Donaas, het is al licht.” Maar toen was
iedereen al weer verdwenen.

Joris
Ontmoeting van Jacob en Esaü

Gereedschap Handen uit de mouwen


1 Dit schilderij vind je in het klein in de groene zak.
Draai aan de schijven. Totdat de twee mannen elkaar de hand schudden.
Doe ze kantelen. Laat ze bewegen. Terwijl ze een gesprekje voeren.
Wat zeggen ze?
2 Neem je meetlint uit de gele zak.
Leg je meetlint op het kleine schilderijtje :
1) Langs de hoofdjes van Jacob (links) en de vrouwen achter hem.
schilderij meetlint 2) Langs de hoofdjes van Esaü (rechts) en de soldaten achter hem.
Zie je die schuine lijnen? Al die hoofden op een rijtje?

Knoop dit in je ogen


Hier heb je Jacob en Esaü. Het zijn tweelingbroers.
Esaü is de soldaat. Jacob heeft zijn vrouwen en kinderen bij zich. Hij heeft zijn
broer verschrikkelijk gepest vroeger. Na een hele poos gaat hij Esaü weer
opzoeken. Hier zie je hoe ze elkaar ontmoeten. Zou het weer goedkomen?

Hersenwerk
Twee schuine lijnen lopen door het schilderij.
LIJN 1 : Jacob knielt. Wel heel erg diep. Probeer hem maar eens na te doen. En al
zijn vrouwen en kinderen knielen mee.
LIJN 2 : Esaü buigt zich naar zijn broer. En al de soldaten buigen mee.
Iedereen beweegt dus met elkaar mee.
Beweegt? Een schilderij staat toch stil? Wel, schuine lijnen doen een schilderij
bewegen.
Portret van Margareta van Eyck

Gereedschap Handen uit de mouwen


Dit is Margareta, de vrouw van Jan van Eyck.
Ga tegenover haar staan n speel haar spiegelbeeld.
Er klopt iets niet aan Margareta. Wat? ? Is haar neus te groot?
Zijn haar handen te klein? Heeft ze te lange armen? Of is haar hoofd te smal?

Bekijk de volgende tekeningen. Haal je meetlint erbij (gele zak) en je


toverlei (tentoolstellingszak) . En iemand die kan helpen.
meetlint toverlei 1 Strek je armen opzij.
Meet van de vinertoppen van je ene hand tot aan de vingertoppen van
je andere hand.
1
Welk getal duidt het meetlint aan? Schrijf op.
2 Meet nu van je tenen tot net boven je voorhoofd.
3 Vergelijk het getal op je meetlint met het getal op je toverlei.
1 2 3 4 Bijna hetzelfde?
5 2 Meet het stuk arm tussen je elleboog en je pols.
6 Welk getal duidt het meetlint aan? Schrijf op.
7 Meet nu je voet.
Vergelijk het getal op je meetlint met het getal op je toverlei.
Bijna hetzelfde?
3 Meet je hoofd : van je kin tot aan je haar.
Kijk hoeveel keer dit stuk meetlint in je lichaam past. Je hoofd zelf meegeteld.
Zeven keer ongeveer?

Knoop dit in je ogen


Of het hoofd van Margareta is te groot. Of haar lichaam is te klein. Het is niet
gemakkelijk om mensen te tekenen. Gelukkig bestaan er truukjes. Je hebt er net
een paar uitgevoerd.

Hersenwerk
Lukte niet alles? Dat komt, omdat jij nog aan het groeien bent. Dan verandert je
lichaam nog te veel. De truukjes lukken het best bij grote mensen. En dan nog is
iedereen altijd anders.
De uitvinding van de tekenkunst

Gereedschap Handen uit de mouwen


Liefde. Daarover gaat dit verhaal. En bij een liefdesverhaal hoort een gedichtje.
Neem je toverlei uit de tentoonstellingszak.
Schrijf wat je ziet, denkt of voelt bij dit schilderij.
Op de pagina hiernaast staan streepjes. Op elke streep past een woord.
Ziezo, je hebt een elfje. Een gedichtje uit elf woorden.

toverlei Knoop dit in je ogen


Dibutades tekent de schaduw van haar liefje op de muur. Hij moet vertrekken op
een lange reis. Zo heeft ze hem toch nog een beetje in de buurt.

Hersenwerk
Dit werk heet ‘De uitvinding van de tekenkunst’. Een schilderij die het over
tekenen heeft? Ja, de kunstenaar wil ons vertellen : “Eerst moet je goed leren
tekenen. Dan pas mag je beginnen schilderen.”
Als je goed kijkt, zie je dat de kunstenaar eerst een tekening heeft gemaakt.
Nadien heeft hij de tekening ingekleurd. Met verf dan. Maar mooi binnen de
lijntjes.
De Heilige Lucas schildert de Heilige Maagd

Gereedschap Handen uit de mouwen


Dit is een schilderij in een schilderij in een schilderij. Snap je?
Neem het boekje uit de oranje zak. Laat de blaadjes langs je duim glijden.
Niet te snel en niet te traag. Zie je het schilderij bewegen?

Knoop dit in je ogen


SCHILDERIJ 1 : Een leeg schilderij op een schildersezel.
filmboekje SCHILDERIJ 2 : Rond SCHILDERIJ 1 zien we Lucas. Hij schildert Maria en Jezus.
SCHILDERIJ 3 : Rond SCHILDERIJ 2 zit een kader. Maar dat kader is niet echt.
Het is geschilderd.
Rond SCHILDERIJ 3 zit wel een echt kader.

Hersenwerk
In dit schilderij kan je heel ver kijken. Achterin is iemand verf aan het mengen.
In dit museum vind je heel wat opvallende kaders. Echt of geschilderd. Of zo
geschilderd dat het net echt lijkt. Als een venster of een beeldhouwwerk.
In dit museum vind je nog een schilderij waarop Lucas Maria en Jezus tekent.
Zoek het.
La signature

Gereedschap Handen uit de mouwen


Haal de toverlei uit de tentoonstellingszak.
Ga op zoek naar een mooie handtekening in het museum.
Teken die op je toverlei. Werk af met je eigen handtekening. En je kunstwerk is
klaar!
Vraag aan mensen die je kent, hoeveel ze voor je kunstwerk zouden betalen.

toverlei Knoop dit in je ogen


Een handtekening is een teken waarmee je toont dat iets van jouw hand is. Dat
het van jou is of dat jij het hebt gemaakt. Een handtekening mag je zelf uitvinden.
Meestal zit er een stuk van je naam in.
Kunstenaars plaatsen een handtekening vaak onderaan hun werk.

Hersenwerk
Mensen die een kunstwerk kopen, kijken vaak naar de handtekening. Is het wel
een echte handtekening? Is het wel de handtekening van een bekende
kunstenaar? Net alsof de handtekening belangrijker is dan het kunstwerk.
Marcel Broothaers moest daar om lachen. Hij heeft zijn hele kunstwerk vol met
handtekeningen gezet, met MB. Net alsof dat genoeg is.
Le corbeaud et le renard

Gereedschap Handen uit de mouwen


Ken jij letters die op gebouwen gelijken, op een stuk fruit of op iets anders?
Neem je toverlei uit de tentoonstellingszak.
Schrijf een letter. Aan wie of wat doet de letter je denken?
Teken dat over de letter. Zodat je een letter en een tekening krijgt, in één.

Ken jij letters die klinken als de wind, de zee, of als een dier?
Spreek een letter uit.
toverlei Luister naar jezelf. Waaraan moet je denken?

Knoop dit in je ogen


Marcel Broothaers houdt van raadseltjes. Dat is wel duidelijk. De tekst die je ziet
is in het Frans. De tekst vertelt :

A
dat een t groter is dan een d

dt dat letters op gebouwen kunnen lijken


dat letters op een schreeuw kunnen lijken

LE D EST PLUS GRAND QUE LE T. TOUS LES D DOIVENT AVOIR


LA MÊME LONGUEUR. LE JAMBAGE ET L’OVALE ONT LA MÊME
PENTE COMME DANS A. MODÈLES : LE CHIEN. LE RENARD.
KOEKELBERG. LES CRIS. LES MAINS. L’ORCHIDEE.
L’ARCHITECTE. LES PATTES. LES MAINS. PARIS. LA
FOURBERIE. LES VOIX. LES CRIS. LE CARACTÈRE. L’IMPRIME.
L’IMPRIMEUR. L’AGORA. LE BLEU. LE ROUGE. LE

DE D IS GROTER DAN DE T. ALLE D’S MOETEN DEZELFDE


LENGTE HEBBEN. HET BEENTJE EN HET OVAALTJE HEBBEN
DEZELFDE HELLING ZOALS IN A. MODELLEN : DE HOND. DE
VOS. KOEKELBERG. HET GESCHREEUW. DE HANDEN. DE
ORCHIDEE. DE ARCHITECT. DE POTEN. DE HANDEN. PARIJS.
HET BEDROG. DE STEMMEN. HET GESCHREEUW. HET
KARAKTER. HET DRUKWERK. DE DRUKKER. DE AGORA.
HET BLAUW. HET ROOD. HET
Isabella van Portugal met de Heilige Elisabeth

Gereedschap Handen uit de mouwen


1 In sommige schilderijen kan je heel ver kijken. Bekijk de schilderijen in deze zaal.
Gluur doorheen de ramen en zoek het mooiste uitzicht. Wil je tekenen?
Dat kan op je toverlei, in de tentoonstellingszak.
2 Neem je meetlint uit de gele zak.
Vraag een vriend om dicht bij jou te staan. Meet je vriend van zijn tenen tot net
boven zijn voorhoofd.
Vraag dan of je vriend ver van jou wil staan.
toverlei meetlint Jij blijft op je plaats. Strek je armen. Hou het meetlint voor je. Meet zo je vriend
opnieuw. Gekrompen?

Knoop dit in je ogen


Een schilderij is plat. Er is geen vooraan en achteraan. Geen dichtbij of ver. Enkel
boven en onder.
Toch lijken sommige dingen in een schilderij dichtbij : vooraan.
Andere dingen lijken heel ver : achteraan.

Hersenwerk
Je vriend is natuurlijk niet gekrompen. Het lijkt zo. Maar dat is niet echt. Ver of
dicht, hij blijft even groot.
Toch hebben schilders het goed gezien. Wat ver is lijkt kleiner. Wat dicht is lijkt
groter.
Handig dachten de schilders. Dus als we een muis heel groot tekenen. Dan lijkt
die muis dichtbij. Als we een huis heel klein tekenen. Dan lijkt dat huis ver weg.
De drie dagen

Gereedschap Handen uit de mouwen


Haal de linten uit de blauwe zak. 1) Maak er rechte lijnen mee.
2) Maak kromme lijnen.
Welke lijnen zie je in het schilderij? Rechte of kromme?
1) Maak een rechthoek met de linten.
2) Maak vlekken met de linten.
Welke vormen zie je in het schilderij? Vormen met rechte zijden of vlekken?
Neem de plooimeter uit de oranje zak. Maak er een groot kader van. Leg het
linten plooimeter op de grond.
In dit kader past jouw kunstwerk. Gebruik dezelfde lijnen en vormen als in het
schilderij voor je. Maar doe er iets anders mee.

Knoop dit in je ogen


Deze kunstenaar schildert met kromme lijnen en vlekken.
Soms maakt hij grote bewegingen. Alsof hij reusachtige woorden aan het schrijven
is. Alsof hij de verf op het doek spat. Soms zet hij kleine kriebels op het schilderij.
Maar je kan het schilderij niet lezen. Je kan er niets in herkennen. Of toch? Soms
is het alsof er vreemde wezens tussen de vlekken leven. Zoek ze.

Hersenwerk
Deze kunstenaar vindt het niet nodig om bijvoorbeeld een appel te schilderen of
een boom of een gezicht. Hij wil niet nabootsen. Want al die dingen, een appel,
een boom, een mens, die zijn er al. Die bestaan in het echt.
Deze kunstenaar wil nieuwe dingen maken. En hij doet dat vooral met verf. Verf
die spat en vlekken maakt. Verf die uitloopt in kromme lijnen. Verf met mooie
kleuren. Meer is niet nodig.
Het Laatste Oordeel

Gereedschap Handen uit de mouwen


1 Onder dit schilderij zit een tekening verborgen. Kijk goed. Neem je verrekijker
als het moet (paarse zak).
Niet gevonden? Grijp dan naar de blauwe zak. Schuif de plastiekjes uit elkaar.
En weer op elkaar.
2 De schilder heeft niet altijd binnen de lijntjes gekleurd. Soms heeft hij iets
veranderd. Waar?
Kies iemand uit het schilderij. Ga in dezelfde houding staan. Verander iets aan
verrekijker plastiekjes jezelf. Maar heel erg traag. Zodat niemand iets merkt.

Knoop dit in je ogen


Wat je ziet, is de ondertekening = een tekening onder de verf. Eigenlijk moet de
ondertekening onzichtbaar blijven.

Hersenwerk
Voor Pieter Pourbus was schilderen een hele klus . Stap voor stap, laag per laag
ontstond dit schilderij. De kunstenaar nam een houten paneel. Smeerde daar een
wit cement op. Oefende eerst wat op papier en begon dan met de ondertekening.
Pas daarna ging hij schilderen.
Maar de verf die Pieter Pourbus gebruikte, kon niet goed tegen ouder worden.
Hij is doorzichtig geworden. En nu piept de ondertekening van onder de verf.
Huiselijke Zorgen

Gereedschap Handen uit de mouwen


Boots de houding na van deze vrouw.
Hoe voelt ze zich? Wat is ze aan het doen?
In de oranje zak vind je kaartjes. Welke kaartjes passen bij deze mevrouw?

Knoop dit in je ogen


Dit is Nel. Ze was de vrouw van Rik Wouters, de kunstenaar van dit beeld. Voor Rik
kaartje was Nel het supermodel. Hij maakte schilderijen, tekeningen en beelden van haar.
Hij toont Nel op allerlei momenten. In haar mooiste jurk. Thuis op een stoel. Als
ze bezorgd is of heel tevreden. Als ze rustig voor zich uitkijkt.
Uw wereld in mijn tuin

Handen uit de mouwen


Dit kunstwerk bestaat uit 2 delen. Kies het schilderij zonder vogelkooi.
Zie je de mensen op dit schilderij?
Ze zijn niet af.
Aan jou om ze weer heel te maken. Stap in het schilderij.
Sta helemaal in beeld, half in beeld, enkel met één been, een hand, je neus, … .
Zie je enkel jezelf?
Welk spiegelbeeld past het mooist in dit schilderij?

Knoop dit in je ogen


Er ontbreekt iets in dit schilderij. We zien een tuin, mannenbenen, vrouwenbenen.
Maar precies daar waar je wilt kijken, heeft de kunstenaar een gat gemaakt. Een
gat met een spiegel in. En elk spiegelbeeld die in dat gat past, wordt een stukje
van het schilderij : jij, een bezoeker of een stuk van de muur, … . Eigenlijk kan de
hele wereld in dat gat. Het hangt ervan af waar je het schilderij plaatst. Zo wordt
het schilderij telkens anders.

Hersenwerk
In het werk van deze kunstenaar duikt vaak een vierkant op. Meestal is het een wit
vierkant. In een van zijn kunstwerken is het een venster. Hier is het een spiegel.
Het witte vierkant doet je dromen. Het venster laat je verder kijken dan het
schilderij. De spiegel toont alles wat voor het schilderij komt.
Zo stapt een stukje van de echte wereld binnen in het schilderij.
Soms gebruikt de kunstenaar ook echte voorwerpen als een vogelkooi, om dat
stukje van de echte wereld in zijn schilderij binnen te laten.
De museumjas is een initiatief van de Stedelijke Musea Brugge.
Conceptuitwerking en realisatie gebeurde door kleinVerhaal vzw
in samenwerking met de afdeling ‘Textiele werkvormen’, middelbare
graad, van de Stedelijke Academie voor Schone Kunsten (DKO) uit
Brugge en kunstwerplaats ‘de Zandberg’ uit Harelbeke.

Voor het Groeningmuseum

Elviera Velghe

Voor kleinVerhaal vzw

Tekst, opdrachten en coördinatie : Charlotte Forrier


lay-out museumgids : Jan Forrier
materiaal in de museumjas : Els Robaey
lees- en testcomité : Dieter, Tomas, Hans, Jonas, Arend,
Fee, Camille, Emilie, Ann, Lise, Lene en Els

Voor de Stedelijke Academie voor Schone kunsten (DKO)

ontwerp van de museumjas : Marie-Jeanne Callewaert en


Inge Dezutter en hun leerlingen van de afdeling ‘Textiele
werkvormen’, middelbare graad, Heleen, Clara, Nele,
Hanne, Jasper, Philine, Marieke, Jan, Eline en Fleur

Voor kunstwerkplaats ‘de Zandberg’

Uitvoering van de museumjas : Annemie de Paepe en haar


medewerkers
Lindsy, Patrick, Julia en Saskia