-1

-

1ste Revisie

De Affaire Rampolla - 2

Gods handelend optreden tijdens de Eerste Wereldoorlog

Duitse prentbriefkaart - Verdun 1916: ‘Abendfrieden in Feindesland’ (avondvrede in vijandelijk gebied)

In de Brandende Lamp nr. 107 van het derde kwartaal 2006 verscheen een artikel over de gebeurtenissen na het overlijden van Paus Leo XIII. Die staan bekend als de affaire Rampolla. Kardinaal Rampolla die tot zijn opvolger werd benoemd, bleek een hoge Vrijmetselaar te zijn. Maar na het uitspreken van het veto van keizer Franz-Jozef, dat bisschop Jouin bij zich droeg, moest hij terugtreden. Dat werd pas veel later publiek. Het conclaaf was immers van de buitenwereld afgezonderd. Op Giuseppe Sarto viel toen de keus, we mogen wel zeggen: een heel gelukkige. Hij ging de geschiedenis in als de Heilige Paus Pius X. Als traditionalist nam hij het op tegen de Vrijmetselarij.

1 - Ieder vredesinitiatief wordt gedwarsboomd
Zonder die door de Voorzienigheid Gods gewilde interventie, wie weet in welk een crisis de kerk terecht was gekomen op godsdienstig, politiek, sociaal, economisch, maatschappelijk en ander vlak? In ieder geval koesterden de hoge leden van de Vrijmetselarij het plan om zich op Oostenrijk te wreken. Dat brengt ons op het spoor van het ontstaan van de Eerste Wereldoorlog, waarvan ieder weet welke gebeurtenis tot de escalatie leidde, te weten de moordaanslag op de Habsburger aartshertog Franz-Ferdinand van Oostenrijk op 28 juni 1914 te Sarajewo. Deze Franz-Ferdinand was goed bevriend met Karl Franz Josef van Habsburg-Lotaringen, de achterneef van keizer Franz-Jozef. In het midden van de oorlog sterft Franz-Jozef een vrome dood na een regeerperiode van 68 jaar. Nu wordt Karl van

-2-

1ste Revisie

Habsburg keizer van Oostenrijk en apostolisch koning van Hongarije. Hij was toen pas 29 jaar oud. Hij heeft alles gedaan wat hij kon om deze verschrikkelijke oorlog te beëindigen. Maar de grote mogendheden van de ‘Entente’ waartoe Frankrijk, Groot-Brittannië, Rusland en Italië behoorden, bleven ieder vredesplan dwarsbomen, …want de Vrijmetselarij had aldus beschikt. Keizer Karl kreeg ook in eigen kring veel tegenwerking voor zijn lofwaardige initiatieven. De perscommuniqués binnen zijn rijk hebben in het voortslepen van de oorlog een kwalijke rol gespeeld, omdat deze het volk ophitsten, terwijl de waarheid omtrent de ellendige toestand in het keizerrijk werd verzwegen.

Ook de gewone geschiedschrijving verwijst naar duistere machten In gewone publicaties durft men de funeste betrokkenheid van de Vrijmetselarij bij de Eerste Wereldoorlog niet zo duidelijk te stellen. Glenn Stefanovics schrijft in zijn “Solving problems through force” - 2/02 rev. 4/05 (Oplossingen door de macht van geweld) ten aanzien van Karl von Habsburg: “Maar blijkbaar hadden dezelfde geheimzinnige krachten, die verantwoordelijk waren geweest voor het begin van de oorlog, een vastomlijnd plan voor de Katholieke dynastie. Dientengevolge werden alle pogingen die de keizer ondernam steeds weer tegengewerkt en werden zijn motieven op voorspelbare manier verkeerd uitgelegd.”

Dat de loges de macht hebben om oorlogen te bestieren, hoeft niet te verbazen. Hun invloed in de politiek is buitenproportioneel. Dat was vroeger zo en dat geldt nog steeds. Momenteel wordt in Frankrijk een kwart van de parlementaire posten door Vrijmetselaars ingenomen, terwijl ze slechts 1/500e van de bevolking uitmaken. Het is hoogtijd voor een scheiding van Vrijmetselarij en staat! Nog veel funester is hun invloed op de media en het wetenschappelijk establishment. De zogenaamde vrije pers en het onafhankelijk wetenschappelijke onderzoek is een illusie. De subsidiëring van de wetenschap is een machtig wapen. Carrière en geld, daar draait het om. Voor wat de pers betreft: vrijheid van meningsuiting bestaat, maar door de selectie van wat nieuws heet, wordt via de grote media het politieke correcte denken gevoed. Het doen negeren in de pers is buitengewoon effectief om wat goed is en moreel verantwoord te verdoezelen, dáár waar de essentiële waarden van de Vrijmetselarij in het geding dreigen te komen, en die zijn helaas weinig Christelijk en menslievend. Met zachte hand en weldoordachte adviezen worden de beleidsmakers in opportune richting gestuurd, braaf aan de hand lopend van de publieke opinie. De zachte hand volstaat meestal. Stilletjes, sluipend en achterbaks, dat is de juiste typering voor dit duistere spel. Waar is de democratie in dit alles? Ach, laten we het daar maar niet over hebben.

2 - Een voorwerp van haat en laster
Karl van Habsburg, die in 1916 keizer van Oostenrijk werd, heeft een bewogen en kortstondig leven gekend. Heldhaftig heeft hij zijn lot gedragen en de Kerk heeft dat ook erkend middels zijn zaligverklaring in 2004. Hij gaat de geschiedenis in als de veldheer die vrede wenste. Op zijn sabel stond gegraveerd: “Sub tuum præsidium confugimus, sancta Dei Genitrix”, oftewel: “Tot uw bescherming zoeken wij onze toevlucht, o heilige Moeder Gods”. Diep verontwaardigd over het gebruik van gifgassen die aan het Westfront gebruikelijk waren geworden, lukt het hem dat de strijdenden aan het Oostfront zich daar niet van zouden bedienen. Hij weigert ook de steden te laten bombarderen. Als dank wordt een voortdurende stroom laster over hem heen gegooid. Tegelijk wordt hij uitgemaakt voor een vrome kwezel. De keizer woont inderdaad iedere dag de Mis bij en bidt trouw de Rozenkrans. Alhoewel hij een uitstekend legerleider is, wordt hem incompetentie aangewreven, terwijl hij zeven talen spreekt, een hard werker is en scherpzinnig van geest. Zijn vrouw Zita steunt hem onvoorwaardelijk en zet werken van hulpverlening op touw. Ondanks de lastercampagnes zijn ze zeer populair bij het gewone volk.

-3-

1ste Revisie

Na de oorlog doet hij onder grote druk afstand van de macht, maar hij doet geen troonsafstand omdat hij zichzelf niet het recht toekent om een door God ontvangen gezag af te wijzen. Onmiddellijk wordt hij onder bewaking gesteld om enkele maanden later verbannen te worden. Door alle manipulaties rondom zijn persoon is hij ziek geworden, maar hij blijft standvastig en weigert op compromissen in te gaan die aansturen op wijziging van moreel juiste wetten (zoals het laten goedkeuren van wettelijke echtscheiding). Na een aantal verwikkelingen wordt hij gevankelijk weggevoerd naar Madeira waar hem een toelage wordt beloofd om in zijn levensonderhoud te voorzien, maar die nooit is uitgekeerd. In alles, ook in alle teleurstellingen, ziet hij Gods hand. Niet dat God onrechtvaardigheid zou kiezen, maar hij vertrouwt erop dat God ervoor zorgt dat alles ten goede werkt voor hen die Hem liefhebben. De familie kiest een voordelig heenkomen, want ze moeten zuinig zijn. Maar het is op een plaats waar het heel mistig kan zijn. Hij krijgt van de paus toestemming om een huiskapel in te richten. Hij legt zijn leven onvoorwaardelijk in handen van de Heer. Een getuige sprak: “Hij wilde nooit doorgaan voor een martelaar. Nooit heeft hij veroordeeld die hem verraden hebben. En als in zijn bijzijn kwaad over hen werd gesproken dan nam hij het voor hen op.” Door het vochtige klimaat loopt hij longontsteking op en na een ziekbed geeft hij op de eerste april 1922 de geest. Hij was toen 34 jaar oud. Hij laat zijn zoon Otto van negen jaar erbij zijn als hem het Heilig Oliesel wordt toegediend, want zegt hij: “Hij moet weten hoe iemand zichzelf op tijden zoals nu gedraagt: als een Katholiek en als keizer.” Kort voordat hij stierf, vertrouwt hij iemand toe: “Is het niet geweldig een onbeperkt vertrouwen te hebben in het Heilig Hart, anders zou mijn toestand onverdraaglijk zijn!” Zijn laatste woorden zijn: “Jezus, Maria, Jozef.” Hij werd op Madeira begraven. Na 72 jaar werd zijn graf geopend en tot ieders verbazing bleek zijn lichaam onaangetast.

3 - Een voorbeeld voor allen
Karl van Habsburg heeft een bewonderenswaardig getuigenis afgelegd van een door ongeluk en mislukking getekend leven. In dat leven heeft hij zich vol vertrouwen aan de goddelijke voorzienigheid toevertrouwd. Daarom heeft de Kerk hem als voorbeeld gesteld door zijn zaligverklaring in oktober 2004. Deze passage uit het boek der Wijsheid geeft het goed aan (3:1-5): “De zielen van de rechtvaardigen zijn in Gods hand en geen foltering zal hen deren. In de ogen van de dwazen schenen zij dood te zijn en hun heengaan werd als een onheil beschouwd, hun verdwijnen uit ons midden als een vernietiging. Zij zijn echter in vrede. Na een korte tuchtiging zullen zij een grote weldaad ontvangen, omdat God hen op de proef heeft gesteld en heeft bevonden dat zij Hem waardig zijn.” Paus Johannes Paulus II zei in zijn preek van 22 december 2003: “Vanaf het begin heeft keizer Karl zijn taak opgevat als een heilig dienstwerk aan de volkeren die onder hem stonden. Zijn voornaamste zorg was om vorm te geven aan de tot iedere Christen gerichte oproep tot heiligheid, zelfs in zijn politiek optreden. (…) Dat hij voor allen een voorbeeld mag zijn, vooral voor hen die tegenwoordig in Europa politieke verantwoordelijkheid dragen.”

4 - God laat zich verbidden
Had God niet kunnen ingrijpen zoals destijds met Jeanne d’Arc? Waarom liet Hij dit gebeuren? Met deze vragen zal ook keizer Karel hebben geworsteld. Het antwoord daarop is dat bij God alles ten goede werkt, niet alleen bij de individuele mens, maar ook in ruimer wereldverband. Omdat de mens het perspectief mist dat zich soms pas naderhand, soms veel later, ontvouwt, kan hij niet weten waar alles toe dient binnen Gods grote scheppingsplan. De schepping is pas voltooid als de volledige wilsovereenstemming zoals die bij het begin van de wereld bestond - en sindsdien is geëvolueerd - en de eindwilsovereenstemming - zoals die in Gods gedachte altijd al heeft bestaan - elkaar raken; …pas voltooid als het “Uw wil geschiede” is volbracht; …pas voltooid als het FIAT universeel is geworden. In een variatie op het thema van Melker, priester van de synagoge van Beth-

-4-

1ste Revisie

lehem, zal dan ieder lijden of jammerklacht, of glorie van Gods heiligen - ja, iedere snik van menselijk verdriet, iedere kwellende droefenis, iedere stervenszucht, iedere bittere traan die eens werd geplengd - een voorzegging zijn gebleken van het universele FIAT, waar de ganse schepping op afstevent. Zoals Abrahams offer van Isaac met dat van Jezus versmelt, zo zullen alle handelingen met elkaar versmelten, want alle handelingen en gedachten - óók ten kwade - zullen blijken te hebben meegewerkt aan het bereiken van het einddoel zoals dat van meet af aan in Gods gedachte bestond. Dan zal de genus van het kwade ontstelt beseffen dat al zijn woeden ijdel is geweest omdat God in staat is geweest om het kwade, het buitengewoon verachterlijke, het onnoembare en uitzinnige kwaad, ten goede te keren. Maar tegen welk een prijs! O, onbegrijpelijke diepte van Gods alles overtreffende LIEFDE. Alle lof en eer en glorie zij U. Elke knie zal zich buigen voor Uw grote Majesteit. Ja, want God is groot!

Slagveld van Passchendaele -1917 (foto Frank Hurley)

Het is via de gebogen lijn van Gods lankmoedigheid dat zich Zijn wil openbaart, dus langs een omweg en dat vergt geduld, geduld vaak langer dan een mensenleven. Niet dat de mens slechts toeschouwer is. God laat zich verbidden. Onze actieve betrokkenheid is gewenst. Heeft Maria niet dikwijls gezegd, zoals tijdens haar verschijningen in Fatima: “Bid de Rozenkrans!!” In 1917 is de wereld nog ondergedompeld in de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog en grote onzekerheid bestond over de uitkomst. Tijdens de derde verschijning van Maria in Fatima op 13 juli verklaart Onze-Lieve-Vrouw met nadruk: “Men moet iedere dag de Rozenkrans bidden ter ere van de Heilige Maagd om door haar bemiddeling het einde van de oorlog te bekomen want zij alleen kan ons hierin te hulp komen.” En op 13 oktober geeft ze zichzelf de naam van “Onze Lieve-Vrouw van de Rozenkrans”. Ja, God laat zich verbidden. Dat bleek ook tijdens de Eerste Wereldoorlog. De “Engelen van Mons” zijn daar een sprekend voorbeeld van, evenals tegen het eind van de oorlog de “Witte Cavalerie”.

5 - De Engelen van Mons
De grote oorlog begon in de eerste week van augustus 1914. De Duitse aanval volgde het Schlieffen Plan in een omtrekkende beweging door België heen naar Parijs, waardoor de fortificaties ten westen van de Rijn werden omzeild. De opmars was overweldigend. Een typische Blitzkrieg. Het zag ernaar uit dat grote groepen soldaten van de Belgische, Franse en Britse troepen, die in België waren gelegerd zouden worden afgeslacht. Het gebrek aan samenwerking en een volstrekte onderschatting van de kracht van moderne vuurwapens, bleek fataal. In de eerste oorlogsdagen sneuvelden meer dan 300.000 Franse soldaten waaronder 2/3e van de officieren. Parijs lag binnen handbereik. Koning George V riep

-5-

1ste Revisie

toen in Engeland een nationale dag van gebed af. Als hoofd van de anglicaanse kerk lag dat binnen zijn bereik, de titel dragend van “Verdediger van het geloof en de Hoogste Gouverneur van de Kerk van Engeland”. De beslissende confrontatie tussen de Engelse en Duitse troepen vond plaats bij de Belgische plaats Mons en vervolgens iets verder bij Le Cateau, dat net in Frankrijk ligt. Deze plaatsen liggen op een rechte lijn tussen Brussel en Parijs. Na een eerste treffen bij Soignies moest op 23 augustus een regiment van dertigduizend Britten driemaal zoveel Duitsers tegenhouden aan het kanaal van Mons, terwijl het terrein weinig natuurlijke mogelijkheden bood tot verdediging. Alhoewel in de ochtend van 23 augustus de opmars van het Duitse leger onder generaal von Kluck kon worden gestuit, moesten de Engelsen onder het bevel van Sir John French zich terugtrekken naar inderhaast opgetrokken stellingen, onderwijl geplaagd wordend door zwaar artillerie-

Loopgravenoorlog (foto’s Frank Hurley)

geschut en mitrailleurvuur, terwijl van hun kant de Engelsen veel minder geschut hadden en totaal geen mitrailleurs; op dat beslissende moment viel er een doodse stilte. Vanuit hun posities zagen de verbaasde Engelse soldaten vier of vijf wonderlijke wezens die veel groter waren dan zijzelf, die zich tussen de Engelsen en Duitsers opstelden. Ze droegen witte gewaden en waren blootshoofds. Ze leken eerder te zweven dan te staan. Hun ruggen waren naar de Engelsen toegekeerd en ze stonden met opgeheven hand alsof ze wilden zeggen: “Stop! Tot hier en niet verder.” Het was een mooie zonovergoten dag. Vervolgens zagen de Engelsen dat de Duitsers zich in grote wanorde terugtrokken. Drie dagen later vond een vergelijkbaar incident plaats bij Le Cateau. Door de onafgebroken gevechtshandelingen van de laatste dagen vielen de Britten haast om van uitputting en er waren reeds veel doden en gewonden gevallen, terwijl ze veel geschut in de steek hadden moeten laten. Een nederlaag scheen onvermijdelijk, vooral omdat er geen reservetroepen klaarstonden. Men besefte dat hun een “grote onheilsdag” wachtte (a Day of great Trouble), zoals kapitein Cecil Hayward schreef, die lid was van de generale staf. Na twaalven begon de vijand met een angstwekkende omcirkelende beweging. Zoals het officiële rapport luidt: “Smith-Dorrien was tijdens de namiddag in staat om een strategische terugtocht te organiseren in voor hem buitengewoon nadelige omstandigheden terwijl de zijflank onbeschermd bleef.” Onvermeld bleef dat op het beslissende moment de hemel openscheurde en in het felle licht lichtende wezens verschenen die zich tussen de partijen opstelden. De Duitse cavalerie was in opmars, maar de officieren en hun mannen waren toen niet meer bij machte om hun paarden voort te laten gaan. Ook nu duurde het niet lang voordat de zegevierende Duitsers zich in wanorde terugtrokken. Het vervolg is bekend. In de dagen die volgden konden de Franse, Britse en Belgische troepen zich ingraven, wat tot die verschrikkelijke loopgravenoorlog zou leiden.

6 - De Witte Cavalerie
God liet zich nog een derde maal verbidden. Men spreekt van legenden, maar het zijn wonderen van een God die nog steeds wonderen doet. Ja heus. Deze maal tijdens een kri-

-6-

1ste Revisie

tieke fase in 1918 toen duidelijk werd dat de Verenigde Staten zich met de oorlog zou gaan bemoeien. Maar dat nam tijd. Pas op 1 juni 1918 zou de eerste Amerikaanse divisie op het slagveld arriveren. Dat gebeurde bij Château-Thierry aan de Marnes tijdens een voor de geallieerden precaire situatie in een laatste alles-of-niets offensief van Ludendorff. Daarna was het pleit beslist en de oorlog in feite beëindigd. In de voorgaande periode beseften de Duitsers het strategisch belang van het forceren van een doorbraak, koste wat kost. Het Duitse Somme-offensief, gekend als de ‘Kaiserschlacht’, ving aan op 21 maart. De aanval begon met een ongelooflijk sterk gordijnvuur uit zesduizend kanonlopen, het grootste bombardement ooit. Er was geen houden aan. Met het doel een wig te slaan tussen de Franse en Engelse eenheden bleek de Duitse aanval een geweldig succes. Het concentreerde zich op de Engelse troepen, die sterker waren dan de Franse. De Engelse macht werd richting kust gedreven. De 23e maart, de derde dag van de Kaiserschlacht, beloofde een fatale dag te worden met een volledig isolatie van de Franse troepen. Opnieuw had koning George V een nationale oproep tot gebed doen uitgaan, indachtig de Engelen van Mons. De Amerikaanse president sloot zich daarbij aan. Welnu, de Duitsers stootten door tot Béthune vlakbij Arras, toen God opnieuw ingreep. Het volgende komt uit een ooggetuigenverslag dat is ontleend aan de 1982-zomereditie van “This England”: «« Het vijandelijk vuur beukte op de verlaten en verwoeste plaats Béthune in, toen schijnbaar zonder enige reden het geschut zich op een glooiende helling richtte dat aan de buitenrand lag. Dit open veld was volstrekt verlaten, zonder bomen, huizen of mensen. Toch vielen de granaten daarop met toenemende felheid, wat een extra accent kreeg van mitraileursalvo’s die over elke meter heen en weer zwiepten. Het was een ongelooflijk schouwspel. “Fritz”, zo noemden ze de Duitsers, “is gek geworden, sergeant.” Waarop hij antwoordde: “Waarom moeten ze die grond inpeperen?” “Weet ik veel.” Toen sprak de sergeant tegen mij: “Ga eens kijken wat daar beneden bij het kanaal gebeurt.” »»

Het duurde niet lang of het eens zo glorieuze en keurig gedrilde Duitse leger brak in groepen angstige mannen uiteen die van ons wegvluchtten en hun geweren, helmen en jassen wegsmeten om nog harder te kunnen gaan. Al gauw werden soldaten opgepakt en hun relaas was eensluidend, zoals van een hoge Duitse officier: «« Wij hadden opdracht gekregen om in blokformatie op te rukken. Onze troepen volgden al strijdliederen zingend omdat de overwinning nabij was. Mijn adjudant zei toen: “Herr Kapitan, kijk eens naar dat open veld achter Bhétune. Daar komt een cavaleriebrigade aan door de rookslierten die daar boven hangen. Die Engelsen zijn niet goed wijs om tegen een macht als de onze in open veld te treden. Ik denk dat het de cavalerie van een van hun koloniale eenheden is, want kijk ze zijn allen in wit uniform en rijden op witten paarden.” “Dat is vreemd”, zei ik: “Ik heb nog nooit gehoord dat de Engelsen enige witte geuniformde cavalerie hebben, of het nou koloniaal is of iets anders. De afgelopen jaren hebben ze allemaal te voet gestreden en in elk geval dragen ze khaki en geen wit.” “Wel, het is duidelijk genoeg”,

-7-

1ste Revisie

antwoordde hij. “Kijk maar, onze kanonnen zijn nu ingesteld en binnen de kortste keren zullen ze in de pan worden gehakt.” “We zagen de granaten tussen de paarden en hun rijders uiteenspatten, die allen met een rustige stap ons tegemoet kwamen, in reguliere formatie, met iedere soldaat en zijn paard op de juiste plaats. Spoedig werd een zwaar mitrailleurvuur geopend waarmee de oprukkende cavalerie op een dichte regen lood werd getracteerd. Maar ze bleven kalm voortgaan, hoewel de scherven met steeds groter geweld rondvlogen, en toch viel geen enkele soldaat of paard neer. Rustig bleven ze doorgaan, goed zichtbaar in het heldere zonlicht, en enkele stappen voorop torende hun Leider - een prachtig mansfiguur wiens haar als gesponnen goud was dat in een aura rondom zijn onbedekte hoofd scheen. Aan zijn zijde hing een groot zwaard, maar zijn handen lagen rustig neer en hielden de teugels vast, terwijl zijn enorme witte ros hem trots naar voren bracht. Ondanks de zware vuurregen en het geconcentreerde mitrailleurvuur, bleef de Witte Cavalerie doorgaan, als een onafwendbaar noodlot, als bij de stijgende vloed aan het strand. Toen werd ik door grote angst getroffen en keerde mij om om te vluchten; ja, ik, een officier van de Pruisische Wacht, vluchtte in grote paniek en rondom mij waren honderden verschrikte manschappen die als kleine kinderen jankten en hun wapens en ander tuig neergooiden om niet in hun beweging te worden gestoord – allen holden. Hun enige wens was om van die oprukkende Witte Cavalerie weg te komen; maar vooral van hun ontzagwekkende Leider. Dat is alles wat ik te zeggen heb. We zijn verslagen. Het Duitse Leger is gebroken. Er zal misschien nog worden gevochten, maar we hebben de oorlog verloren. We zijn verslagen –- door de Witte Cavalerie – ik begrijp het niet.” »»

7 - Conclusie
Ter afsluiting vestig ik uw aandacht op het achtste hoofdstuk van de pre-evangelist Jesaja, verzen 9 en 10: “Heft uw krijgsgeschreeuw maar aan: u raakt toch in paniek. Luistert aandachtig, alle uithoeken der aarde! Omgordt u maar, u raakt in paniek; omgordt u maar, u raakt toch in paniek! Smeedt maar plannen, ze worden vernietigd. Spreekt grote woorden, er komt toch niets van terecht, want God is met ons!” Deze profetie geldt des te meer voor Frankrijk. Vier maanden nadat Pius X tot paus was gekroond, sprak deze paus de volgende woorden uit naar aaleiding van de zaligverklaring van Jeanne d’Arc op 13 december 1903, waarbij hij teruggreep op een brief van paus Gregorius IX aan de heilige Lodewijk, koning van Frankrijk. “Frankrijk”, zei hij, “is het koninkrijk van God zelve; de vijanden van Frankrijk zijn de vijanden van Christus!” Moge dit stuk een tegenwicht bieden op het geschrijf over de Vrijmetselarij en het huidige politieke gekonkel. Als de goede Christen zich daar teveel op richt, kan een soort angstpsychose ontstaan. Zo ontbreekt het zicht op de God van Liefde. Jezus riep op het Kruis: Het is volbracht! Dat zou Hij nooit hebben gedaan indien ónze toekomst mét Hém niet zeker stond. God heeft ons niet gegeven een geest van angst, maar van kracht, liefde en bezonnenheid, ook in dit soort zaken. Hubert Luns
Gepubliceerd in “De Brandende Lamp” Nr. 110 – 2e kwartaal 2007

-8-

1ste Revisie

Wij die met eigen ogen

melodie: “Ik wil mij gaan vertroosten”

Wij die met eigen ogen de aarde zien verscheurd,
maar blind en onmeedogend ontkennen wat gebeurt: dat oorlog is geboden en vrede niet mag zijn, dat mensen mensen doden, dat wij die mensen zijn.

Wij die nog mogen leven van hoop en vrees vervuld,
aan machten prijsgegeven aan meer dan eigen schuld, wij die, God weet hoe verder, tot hier toe zijn gespaard: dat wij toch nooit erkennen het recht van vuur en zwaard.

Dat wij toch niet vergeten waartoe wij zijn gemaakt,
dat diep in ons geweten opnieuw het Licht ontwaakt. Dat in ons wordt herschapen de geest die overleeft, dat onze lieve aarde nog kans op redding heeft.

-9-

1ste Revisie

Cartoon van Will Dyson voor de Daily Herald op 17 mei 1919. Het kind dat huilt is het beeld van de geconcipieerde Tweede Wereldoorlog. Het toont de belangrijkste medespelers in het Versailles verdrag: Lloyd George, Orlando, Clemenceau en Wilson. Dit is wel de beste cartoon aller tijden genoemd.

In “Wotan”, een artikel uit 1936, vertelt de befaamde psycholoog Carl Jung hoe hij tot de conclusie kwam dat de Duitsers een buitengewoon verlangen koesterden naar de opkomst van een oude heidense god. Een onbewust Wodan-verlangen zou zich van het Duitse volk hebben meester gemaakt zelfs nog voordat iemand aan het Derde Rijk had gedacht. Men heeft wel naar voren gebracht dat de Duitsers totaal niet door de kater van het verdrag van Versailles werden beïnvloed maar door de god Wodan, de stuwende kracht van de onderwereld, die zich in de vorm van Hitler manifesteerde. Het zou derhalve niet meer dan logisch zijn dat de Duitsers door diezelfde stuwende kracht werden bevangen en zich willoos aan de bezeten Hitler overgaven. Maar deze verklaring houdt geen rekening met het permanente effect van de vernedering van Versailles op de gemoedstoestand van het Duitse volk. Zo bezien kunnen de twee wereldoorlogen als één grote worden beschouwd, die beide reeds lang van te voren waren gepland! Alles wat met vernedering verband houdt stimuleert het psychisch proces dat het onderbewustzijn ten diepste krenkt, en wekt het verlangen op meester te zijn (Über- und Herrenmensch), en dit geldt zeker ten aanzien van de Duitsers die volgens Jung van oudsher kampten met de zinsbegoocheling van een ernstig minderwaardigheidscomplex.
Bron: “Nach der Katastrophe” # 1945 – Gesammelte Werke Zehnter Band (pp. 232-33). In dit artikel gebruikt Jung de term hysterie, waar mijn voorkeur uitgaat naar paranoia.

- 10 -

1ste Revisie

BIDDEN VOOR DE VREDE — JA, MAAR TOT WIE?
Dit is een artikel uit het CATHOLICA tijdschrift van mei 2012 (nr. 5) Ondertekend door Joannes Ecclesiae

In psalm 95 (Vulgata-versie, gecanoniseerd door het Concilie van Trente) lezen we: “De goden van de heidenen zijn demonen.” Zij zijn het die de naties tegen elkaar ophitsen. En van de oorlogen die daaruit volgen kan soms alleen God ons verlossen. In zijn zogenaamd Sententiën-commentaar (lib 2 d. 7 q. 3 a. 2 co) stelt Thomas van Aquino: “Waarom zou het volk de ware God niet aanroepen om iets noodzakelijks te verkijgen wat boven de natuurlijke mogelijkheden ligt. Het volk zou echter zwaar zondigen moest het zich hiervoor tot een afgod of demon richten.” Inderdaad, de engel van Fatima verschijnt in mei 1916, in volle oorlog, en verklaart: “Van al wat jullie zult kunnen doen, biedt aan God een offer aan als akte van eerherstel voor de zonden waarmee Hij beledigd wordt, en als smeekbede voor de zondaars. Op die wijze zullen jullie de vrede aan je vaderland bezorgen.” Voor een volk in nood, waarbij menselijke middelen geen uitkomst bieden, toont de geschiedenis dat de hemel helpen kan, maar in dat geval zijn er telkens drie punten die moeten worden gerespecteerd: - het volk en/of zijn leiders richten zich tot de hemel; - het volk en/of de leiders beloven Gods wil te zullen eerbiedigen (de Tien Geboden van God); - de hemel staat het op God vertrouwend en biddend volk terzijde door een bijzondere tussenkomst. Te illustratie hiervan volgen hier enige mooie historische feiten: 165 voor Chr. – De Makabeeën bevrijden, God aanroepend, Judea van machtige heidense despoten; 312 na Chr. – Constantijn bekeert zich; hij beschermt de Kerk, en wordt sindsdien de onoverwinnelijke keizer; 496 – Koning Clovis aanroept de God van zijn vrouw, St Clothilde, en overwint de Alemannen; 722 – Koning Pelagius roept de Maagd Maria aan: de ‘reconquista’ begint en Spanje verdrijft tenslotte de Moren; 732 – Karel Martel verslaat na gebed voor de eerste maal de Arabieren te Poitiers; 1429 – Frankrijk wordt gered door St Jeanne d’Arc en zal nooit Anglicaans worden; 1456 – St Johannes van Capistrano dwong de Turken hun belegering van Belgrado op te geven; 1571 – De Osmaanse vloot wordt verslagen in de beroemde Slag bij Lepanto door het gebed van de Rozenkrans; 1601 – Duitsland wordt van de Turken gered dankzij de tussenkomst van St Laurentius van Brindisi; 1622 – Antwerpen driemaal gered van de Protestanten door het gebed van de zalige Anna van St Bartholomeus, een zuster Karmelietes;

- 11 -

1ste Revisie

-

-

-

1656 – In de kathedraal van Lwów (nu Lviv in de Oekraïne) zwoer koning Casimier van Polen voor het altaar van Onze Genadige Vrouwe dat hij God trouw zou blijven en Polen-Litauen aan haar koningschap zou toewijden. Kort nadien herhaalde hij zijn gelofte in het legerkamp bij Warsaw. Aldus werd het land van de oorlog bevrijd van wat bekend staat als de Zweedse Zondvloed; 1675 – Jan III Sobieski schiet Lwów te hulp dat door een overweldigende Ottomaanse legermacht wordt belegerd. Zijn 3.000 huzaren moeten het opnemen tegen 300.000 moren. De hele bevolking van Lwow smeekt in de kathedraal bij het beeld van Onze Lieve Vrouwe van Barmhartigheid om hemelse bijstand. Hun gebed wordt verhoord: aan het begin van de veldslag, toen de huzaren reeds moesten wijken, overviel plots een verschrikkelijke storm de vijand, gepaard gaande met hevige bliksems terwijl een onvoorstelbare hoeveelheid regen neerviel en de wind tot orkaankracht aanzwol – waarop de doodsbange Turken op de vlucht sloegen, op de hielen gezeten onder de strijdkreet: “Leve Jezus! Leve Maria!” Het was 25 augustus aan de vooravond van het feest van Onze Lieve Vrouwe van Czestochowa; 1683 – De Ottomanen gestopt in de Slag om Wenen. Europa van overrompeling gered; 1940 – Zwitserland niet overrompeld door Hitler na aanroeping van St Nikolaas van Fluë; 1955 – Oostenrijk van het communisme bevrijd door het rozenkransgebed van 700.000 mensen; 1960 – Een massaal rozenkransgebed in Fatima verhindert een dreigende atoomoorlog die de Russische president Chroesjtsjov van plan was. Op Baikonoer ontploft zijn gevaarlijke lange afstandsraket R16 en ook de militaire basis.

Dit is slechts een kleine bloemlezing uit de menigvuldige goddelijke ingrepen, die meestal niet in de geschiedenisboeken staan vermeld. Met toestemming van de redactie overgenomen.

-