You are on page 1of 9

Voorstellen.

PowerPoint presentatie
Van:Froukje,Nino en Nicholas
Inhoudsopgave.
• H1:wat is biologische landbouw.
• H2:wat wordt er verbouwt.
• H3:veehouderij.
H4:wat voor machines woorden er gebruikt.
• H5:hoe wordt het eigenlijk gedaan op het land.
• H6:bemesting.
• H7: veeteelt
• H8: EKO-keurmerk
• H9:plaatjes
Wat is biologische landbouw
• Vooral na de Tweede Wereldoorlog is
er veel veranderd in de landbouw.
• Dat kwam onder andere omdat de
hongersnood tijdens de oorlog de
bevolking bang had gemaakt.
Wat wordt er verbouwt.
• Akker- en tuinbouw
• In de biologische landbouw worden akker-
en tuinbouw vaak gecombineerd.
• Om echt veel ziektes en ongedierte te
voorkomen moet je een gewas minstens
zes jaar niet op een stuk land verbouwen.
veehouderij
• Een biologische veehouder houdt rekening met de natuurlijke leefwijze van het dier.
• Dat betekent afwisselend voer, een droge en natuurlijk geventileerde stal, voldoende
daglicht, de mogelijkheid om naar buiten te gaan wanneer hij zelf wil en voldoende
leefruimte.
• Diergeneesmiddelen worden niet vooraf gegeven, maar pas als het dier ziek is. Het
antibioticumgebruik is minimaal. De biologische veehouder gaat er van uit dat een
dier dat op een natuurlijke manier behandeld wordt langer gezond blijft en goede
melk, vlees en/of eieren produceert.
• Het ruwvoer moet volledig biologisch zijn. Gewasbescherming, naturen

bodembewerking.
De bemesting
• Bij biologische landbouw mag er geen kunstmest worden gebruikt.
• Maar het land moet toch bemest worden om te zorgen dat de grond vruchtbaar blijft
en dat de planten goed groeien, dus wordt er organische mest gebruikt.
• Om dat toch genoeg te krijgen worden er, nadat de oogst van het land af is,
groenbemesters gezaaid. Dit zijn dan vlinderbloemigen, want de stikstofbindende
bacteriën bij die wortels zorgen ervoor dat stikstofverbindingen omgezet worden in de
vaste stof stikstof.

• Deze groenbemesters worden in het voorjaar mee omgeploegd.
veeteelt
• Bij veeteelt verbouwt de boer geen producten, maar houdt de boer
dieren. De boer kan een soort dieren of verschillende dieren houden.
Niet iedere boer heeft evenveel dieren, hij kan weinig of heel veel
dieren houden.
• Veeteelt kan bestaan uit bv:
• koeien
• schapen
• varkens
• Geiten Toegevoegd aan Videolijstje1-16
• kippen
• paarden
• konijnen
EKO-keurmerk
• Tegenwoordig zie je in de winkels steeds meer producten liggen met
het EKO-keurmerk. Als het EKO-keurmerk op je product staat,
betekent dit dat bv je krop sla, biologisch gekweekt is.

Het EKO-keurmerk staat alleen maar op landbouw-producten zoals;
• vlees
• groente
• fruit
• zuivel
• katoen
• brood
• De eko-producten in de winkels zijn wel duurder dan andere
producten, Het is voor de boer een stuk duurder om zijn gewassen te
kweken en de dieren op deze manier te houden.
• Biologische producten zijn wel lekkerder en gezonder dan andere
producten.
plaatjes

Plaatjes over veeteelt en over de alphen zo!